|
Met
een ongelofelijke inzet had de stichting circuit van Tubbergen getracht
het nieuwe stratencircuit, gelegen tussen Tubbergen en Geesteren, aan de
eisen des tijds aan te passen. Obstakels blijven echter obstakels, ook
al worden ze bekleed met grote hoeveelheden stro. Kuilen en hobbels
maakten de situatie alleen nog maar hachelijker. Geruggensteund door
secundaire veiligheidsmaatregelen, zoals een gesloten tv-circuit, de
mobiele kliniek en een calamiteitenplan, durfde de KNMV het aan om de
coureurs van start te laten gaan. Sterker nog, er moest gestreden worden
om kampioenschappunten, zodat de coureurs min of meer verplicht waren om
van start te gaan. Een gemist resultaat zou immers kunnen leiden tot een
tweederangspositie op een EK of GP gradings list. Met de gedachte dat
naast de baan geen overlevingskansen lagen, reden de coureurs hun
ronden. Echt racen was onmogelijk, terwijl toch een kampioensrace tot
topsport zou moeten leiden. Alleen de angst voor een fatale crash heeft
er toe geleid dat de motorsport niet wederom negatief
in de publiciteit is gekomen en dat de KNMV zich niet opnieuw bij
de overheid zou moeten verantwoorden.
Kees
vd Endt was de eerste coureur die werd gehuldigd werd. Alvorens zover te
komen had de Suzuki-rijder uit Goes in de sportklasse 600 moeten
afrekenen met Co Looijesteijn. Hans Spaan reed in de 80cc race voor de
eerste maal op een Casal. ,,Ik heb het blok nog maar tien dagen, dus
helemaal gezond loopt het nog niet. Vooral bij het accelereren is deze
machine nog te traag. Tijdens de trainingen voor de GP van Spanje hoop
ik de juiste afstelling te vinden, maar voor alle zekerheid neem ik mijn
Kreidler ook mee”, vertelde
Hans na zijn overwinning. Spaan rijdt erg sterk en zal in de toekomst de
Nederlandse troef op internationaal niveau moeten worden. Theo Timmer
liet ons weten in de toekomst al zijn ervaring in dienst te zullen stellen van de man uit
Castricum. Bertus Grinwis en Aad Wijsman gingen van start tot finish
schouder aan schouder rond. Achter dit duo werd Jos van Dongen tot zijn
eigen verbazing vierde: ,, Eindelijk rijd ik een race uit, maar tien
meter na de finish viel de machine opnieuw stil. Ik ben benieuwd wat er
nu weer kapot is gegaan”.
Weinig
strijd
Normaal
staat de kwartliterklasse bol van de pakkende duels en het betere
stuurwerk. De omstandigheden waren, zoals al eerder opgemerkt, niet
best, zodat de coureurs plichtmatig hun rondjes afwerkten.
Positiewisselingen deden zich nauwelijks voor. Peter Looijesteijn won op
zijn snelle Rotax en nam hiermee de leiding in de tussenstand van het
kampioenschap van Cees Doorakkers over. Doorakkers manifesteerde zich
opnieuw erg sterk, door heel beheerst naar de tweede plaats te rijden.
John van Veldhoven bleef Mar Schouten de gehele race een wiellengte voor
en pakte daardoor de derde plaats. Op een Rotax finishte de laatste
Honda-kampioen Peter van Dijk als vijfde. Een slechte beurt maakte
Gerard vd Wal. De Tukker leverde zijn machine bij zijn begeleider Gerrit
Filart in met de woorden ,,een vastloper”. Filart constateerde echter
geheel gave zuigers en cilinders.
Duke
Wille won de 350cc klasse. Plaatselijk favoriet
Hans Breukers werd achter Piet vd Wal derde. Nadat oud-winnaars Wil Hartog, Marcel Ankoné, Theo Bult, Cees
van Dongen, Ernst Hiller en Jan Huberts een wedstrijd hadden gereden,
ging de 125cc van start. Al na enkele ronden waren meerdere kanshebbers
uit de strijd verdwenen. Martin van Soest ging samen met Jan Eggens in
de chicane onderuit en liep daarbij een sleutelbeenbreuk op. Henk van
Kessel moest met een uitgelopen big-end naar de kant en Anton Straver
moest met een vastgelopen versnellingsbak de strijd staken. Boy van Erp
won de race, op afstand gevolgd door Hein Vink. Ton Spek kwam 8 sec.
later als derde over de streep.
Van
Dulmen draaide samen met zijn teammaat Rob Punt zijn rondjes. Rob mocht
winnen. ,,Ik rij toch niet voor het kampioenschap”, verklaarde Boet na
afloop. Ron Punt reed in de trainingen met een 16 inch voorwiel, maar
dat beviel nog niet. ,,Ik kan nog niet uit de voeten met zo’n
voorwiel. Hopelijk lukt het in Spanje wel.” ,,Toch zal hij het moeten
leren, want de ontwikkeling is niet anders meer dan 16 inch. Op het
circuit van Jarama is deze maat een voorwaarde om mee te kunnen
komen”, lichtte Boet nog toe. Hennie Boerman leek een derde plaats te
pakken, maar een vastloper wierp hem uit de race. Totaal
gedesillusioneerd vertelde de coureur uit Almelo later: ,,Het blok zit
helemaal vast. Na de pech in Hengelo kunnen we het nu wel vergeten. We
hebben geen geld meer om het blok opnieuw op te bouwen. Ook de EK races
zijn geen haalbare kaart meer voor ons. Peter Lemstra, ook al weken
achtervolgd door vastlopers, werd me een vinger aan de koppeling derde.
Maarten Duijzers, Theo Louwes en Albert Bosch gingen na Lemstra over de
streep. Nadat de veteranen waren afgevlagd haalden vele opgelucht adem.
|