|
Ruim achtduizend wegrace-enthousiasten maakten
op Tweede Paasdag de trip naar Ammerzoden, om daar getuige te kunnen
zijn van de eerste confrontatie tussen Jack en Boet op vaderlandse
bodem. Het weer werkte aanvankelijk goed mee en de kassa's 'rinkelden'
dan ook voldoende voor de lange tijd op losse schroeven staande
seizoensopener. De ton waarop dit evenement begroot was kwam er in ieder
geval uit. De KNMV kan de kampioensrace van 10 juli op Zandvoort gewoon
door laten gaan, en van de overwinst zullen de crediteuren
percentagegewijs elk hun deel krijgen. Gaan zij daar mee akkoord, dan
zal volgens de curator de MC Den Boet van een officieel faillissement
behoed kunnen worden en wellicht ook voor volgend jaar weer op de
kalender kunnen staan. Komt men met de schuldeisers niet tot
overeenstemming, dan is het over! Jammer voor het publiek was echter dat Boet
vanwege een scheurtje in een meniscus verstek moest laten gaan en dat de
regen bijna onophoudelijk na het vallen van de eerste startvlag uit de
lucht kwam vallen. Nadat de Le Mans-gangers nog even een aantal
trainingsrondjes hadden kunnen rijden was voor 't eerst in de
Nederlandse racehistorie de beurt aan de 80 cc klasse. Nadat Wim de Jong
met z'n snelste trainingstijd de sloot bij de snelle linkse achter op
het circuit had opgezocht en Wiebe Rispens op het gladde smalle stuk 'De
Heusd' onderuitging en in de voortuin van een aangrenzende boerderij
zijn enkel zwaar kneusde werd de wedstrijd na de eerste ronde al
afgevlagd. Het leek geen goed voorteken, maar na de herstart verging het
een ieder verder zonder kleerscheuren. Johan Teunissen pakte evenals de
eerste keer de kop en sloeg een gat van zo'n 50 meter, met de na pech op Le Mans scherp staande Spaan op zijn hielen. Samen met Bertus Grinwis zette
hij de achtervolging in, en in de allerlaatste ronde moest Johan met z'n
zuigergestuurde Honda toch nog de eer aan Hans Spaan op z'n 50 cc laten.
Bertus Grinwis schakelde met zijn andersom werkende Yamaha
versnellingsbak in de laatste ronde in z'n zes i.p.v. één en moest met
een derde plaats genoegen nemen voor
Anton Gevers en Eico Rispens. Paul Rimmelzwaan en de nog in een natte
overall van Le Mans rijdende Hans Koopman vielen beide met 'klemmers'
uit.
De
eerste 500 cc manche werd zoals verwacht een overwinning voor Jack
Middelburg. Achter hem hadden Hennie Boerman en de eindelijk zonder
problemen rondkomende Maarten Duyzers het aardig met elkaar aan de stok.
Terwijl Peter Smetsers met ontstekingsproblemen op een vierde plek
uitviel nam Peter Lemstra zijn plek over, op geringe afstand gevolg door
Johnny Willemsen. Verschuivingen deden zich daarna niet meer voor
Mar Schouten leek aanvankelijk
de kwartliterrace op zak te hebben, maar nadat de veren van z'n uitlaat
braken moest hij evenals de met versnellingsbak problemen kampende Pekka
Nurmi opgeven. Jan van Disseldorp nam de kop over, maar schoof onderuit.
Vervolgens raakte ook Gerard van de Wal in de sloot, waarna Jan van
Iwaarden de zware last van kopman op zijn schouders kreeg. Ook Jan
maakte een schuiver en wel in de allerlaatste ronde en het was de van
een negende plaats opgeklommen Ruud van der Dussen die met de
overwinning naar huis ging. Koen Ebert werd nu beheerst tweede voor
Peter Tromp en Quentin Serrels. De race in de Veteranenklasse werd een
prooi voor Jan Korevaar, die knap BMW-rijder Groenedijk en snelste
trainer Dirk Kraaikamp naar de andere ereplaatsen verwees.
De nationale 250 cc klasse kent een hele snelle
man, te weten Andre Stamsnijder. Van start tot finish leidde hij,
en wist maar liefst in 8 ronden tijd 30 seconden voorsprong te nemen op
de tweede man, Roel Rosier. Kopstarter Swolfs nam de derde plaats voor
z'n rekening, nadat Johan Holtrigter onderuit gegaan was op de gladde
houten pitsstraat. De 350 cc kende een heel
verrassend verloop. Respectievelijk namen Schouten, Van der Dussen en
Beck de kop, maar Ruud maakte zijn snelste trainingstijd waar door de
laatste twee ronden op kop te gaan en de race heel knap te winnen.
Gerard Beck werd sterk tweede vlak voor Mar, die op zijn beurt Pekka
Nurmi, Van Schijndel en Sup achter zich wist te houden.
Na de laatste manche voor de halve liters vertelde
Jack dat hij het gas van z'n Honda niet open durfde te doen. 'De machine
is licht en van die smalle baan waai je dan zo af.' Wel had hij deze
manche ook weten te winnen, wederom voor de opvallend goed rijdende
Hennie Boerman. Nadat Smetsers weer met dezelfde problemen uitviel en
Maarten Duyzers en Johnny Willemsen het asfalt opzochten werd Martin
Rasch derde, evenals in de totaaleindstand.
Twaalf valpartijen in Ammerzoden op een natte
baan en zonder ernstige gewonden, dat valt mee. Maar als de MC Den Boet
volgend jaar toch weer zal willen organiseren, dan zal de burgervader
ook op de ideeën van de club in moeten gaan. De Heusd (het smalle stuk
naar de haakse voor start en finish) moet zeker aangepast worden, om
over de pitsstraat maar niet te praten.
|