|
Int. wegraces Hengelo
12-04-1982
|
|
'WITTE PASEN' OP VARSSELRING
|
|
Voordat
er op Tweede Paasdag in Hengelo naar eieren gezocht kon worden, moest
eerst zo'n beetje de sneeuw worden geruimd. Dat was, kort samengevat,
het weersbeeld waaronder de eerste internationale wegrace van het
seizoen haar beslag moest krijgen en helaas kwam daar weinig verandering
in. De tweede manche van de 500 cc moest zelfs worden geschrapt omdat
hagelbuien en windstoten de piste levensgevaarlijk maakten. Mede door
het koude wegdek waren de valpartijen legio en onder de grootste slachtoffers
bevonden zich Straver en Van Erp. Graeme Crosby continueerde zijn
voorjaarsuccessen opnieuw met een zege, Hansi Müller won twee klassen
(125 en 250) terwijl Mar Schouten in de 350 cc categorie een sterk
visitekaartje af gaf.

Een
grote teleurstelling kreeg Anton Straver - en natuurlijk allen die zijn
opmerkelijke carrière volgen - al tijdens de trainingen op zaterdag te
verwerken. De man uit
Waardhuizen raakte met zijn 250 cc Yamaha
van de baan,
sloeg vele malen over de kop en vloog zeker veertig meter door de lucht
voor hij tot stilstand kwam. Het resultaat: een bovenarmbreuk plus een
zware sleutelbeen-
en schouderblessure. Erg triest voor de innemende veertiger, die er een
gewoonte van had gemaakt om keer op keer de jonge garde een lesje te
leren. Nu zal Straver daar voorlopig mee moeten wachten, want het zal vele
maanden duren voor hij weer op de been is. Veel sterkte vanaf deze zijde,
Anton! Natuurlijk waren er ook prettige zaken te melden, zoals de komst
van het imposante Marlboro/Agostini team met Graeme Crosby en Graziano
Rossi als coureurs. De Italiaan had wat moeite om zich op de piste van de
HAMOVE aan te passen,
doch zijn
teamgenoot, niet voor niets tweevoudig wereldkampioen Formule-l, voelde
zich als een vis in het water, hoewel hij het circuit wat aan de korte
kant vond. (Tja, als je de Nederlandse pistes met het Eiland Man gaat
vergelijken . . .). Hoe het ook moge zijn, Croz maakt zich het hele jaar
al waar en zijn veelzijdigheid als rijder, zowel op stratencircuits als
permanente pistes en zowel op tweetakt- als viertaktmachines, staat buiten
kijf. Over
viertakten gesproken, Cees Cornwal opende met zijn
Kawa vierpitter op treffende wijze het programma in Hengelo, door de
sportklasse-S op zijn naam te schrijven voor Arie Verstoep en Jan
Eikelenboom. Daarna was het de beurt aan de lichtste categorie, die
opnieuw een prooi werd voor Hans Spaan. George Looijesteijn bleef in de
opwarmronde al met een vastloper staan, terwijl Theo Timmer met een niet
geheel gezonde Sultaco de man uit Castricum moest laten gaan. Jos van
Dongen, goed gecoached door Pa Cees, werd netjes derde voor Henk van
Kessel, Paul Rimmelzwaan en Rini Vrijdag. De grillen van de weergoden
begonnen zich langzaam maar zeker te openbaren met zo links en rechts
korte regenbuien en een venijnig opkomende wind, die de (toch nog) 12.000
toeschouwers wat
dichter op elkaar deed kruipen, terwijl flessen met drank (uit Schiedam en
omgeving) voor inwendige warmte moesten zorgen. De kwartlitercoureurs
hadden in de meeste gevallen voor intermediate banden gekozen, behalve Mar
Schouten, één van de favorieten. De MBA-coureur wist het veld twee
ronden aan te voeren, maar moest toen buigen voor de uiterst snelle Hansi Müller.
De Zwitser kende geen mededogen en liet snelle tijden voor zich afdrukken,
Schouten vertrouwde zijn banden niet en moest Eero Hyvärinen ook laten
passeren, zodat hij als eerste Nederlander op een derde plaats terecht
kwam. Een uitstekende klassering ging naar Boy van Erp, die zich nu ook in
een iets zwaardere klasse in de kijker had gereden, nog onwetend van de
pech die hem boven het hoofd hing. Graeme McGregor stopte met machinepech
en Martin Wimmer maakte een uiterst spectaculaire koprol bij de Molenbocht.
De Duitser kwam er niet heelhuids vanaf, want hij brak een pols. Het valt
allemaal nogal mee. Ik rij zeker in Nogaro weer, sprak hij hoopvol. Het
internationale tintje werd benadrukt door Pekka Nurmi en Alan North, die
als vijfde en zesde over de finish gingen. De Zuid-Afrikaan maakte daarmee
veel indruk, want na een ronde lag hij pas zeventiende.
Laatste
bocht, laatste ronde
Zonneschijn
(hoe was het mogelijk) begeleidde de 500 cc coureurs tijdens hun race,
zodat de meesten hunner gewoon op slicks konden starten. Het spektakel
begon al bij de eerste haakse bocht toen kopstarter Jack Middelburg met
een te koude voorband onderuit ging. De wit-blauwe combinatie was snel
weer ter been, maar een hoofdrol zat er uiteraard niet meer in, want
daarvoor ligt het tempo bij de zware kanonnen veel te hoog. Dat tempo werd
aanvankelijk gemaakt door Jon Ekerold met zijn privé-Suzuki. Hij hield
het even vol, maar moest toen Crosby op zijn fabrieks-Yamaha laten gaan
terwijl ook Den Boet hem voorbij stevende. 'Als Middelburg het hier laat
afweten moet ik maar gassen', dacht de man uit Ammerzoden en zijn manier
van rijden maakte niet alleen de toeschouwers warm, het bracht hem
ook aan de leiding, terwijl zijn fabrieks-opponent hem bleef volgen.
Gustav Reiner en Henk de Vries, die zijn Suzuki net uit het krat had
getild, reden constant op de vierde respectievelijk vijfde plaats, terwijl
Bobo van Eijk, Dick Alblas en Stu Avant om de zesde plaats knokten, die
tenslotte door Dick dik werd verdiend. Maarten Duyzers maakte een
schuivertje, Rossi viel uit na een slechte start en ook Jack Middelburg zette
zijn machine
na een inhaalrace stil. De
laatste ronde moest de beslissing brengen en terwijl
Crosby het surplus aan snelheid t.o.v. Boet had uitgebuit, moest V.
Dulmen het in de laatste bocht met een alles-of-niets rempoging forceren.
Het lukte niet want hij werd naar buiten gedreven en finishte als tweede.
Toch een geweldige sensationele ontknoping!
Pieter
Blaauwboer ging Gerard Flameling en Gerrie van Rooyen in de Formule-klasse
vooraf en draaide ook de snelste ronde met zijn Bakker-Suzuki. Daarna was
het de beurt aan Mar Schouten om na kopwerk van Graeme McGregor en
'Kamikaze Gustl', zoals Reiner wordt genoemd, het hoofd koel te houden en
de 350 cc klasse te winnen. Als je in zo'n vorm steekt als Mar valt er nog
flink wat te verwachten dit seizoen! Alan North opereerde wederom erg
sterk. Nu werd een tweede plaats zijn deel voor McGregor, Eskelinen,
Looijesteyn, Nurmi en V. Enthoven in misschien wel de mooiste race van de
dag.
De
125 cc klasse werd een eenvoudige prooi voor, alweer, Hans Müller, voor
Henk van Kessel en Matti Kinnunen. Spaan verloor zijn aansluiting met Henk
door een schuiver en werd nu achter Wilem Heijkoop zesde. Helaas werd deze
race door een valpartij overschaduwd waarbij Boy v. Erp, Theo Timmer en
Peter v. Niel betrokken waren. Boy moest het bekopen met een beenfractuur
en kan, net als Anton, het seizoen grotendeels als verloren beschouwen.
Bijzonder sneu.
Nadat
de 500 cc matadoren voor hun tweede manche waren gestart, werden ze er
door kamprechter Frans Vos met de rode vlag na een ronde weer uitgehaald,
omdat fikse windstoten en een spontane sneeuwstorm rijden
levensgevaarlijk maakte. Ondanks een tweede poging kon men het verder
vergeten, want toen de coureurs weer netjes stonden opgesteld brak er
wederom een bui los, zodat het evenement toen definitief werd gestopt om
erger te voorkomen. Jammer voor alle partijen en juist voor de veteranen,
die voor niets naar Hengelo waren gekomen. Volgend jaar beter.
|
|
Raceverslag
door Hans van Loozenoord (bron weekblad Motor) |
|
Int. wegraces Raalte
13-06-1982
|
|
Het
weer en de wereldtoppers onberekenbaar
Jack
Middelburg troefde de weergoden en de concurrentie af!
|
|
Het
verhaal is bekend. Lucchinelli bleef gewoon thuis. Jammer voor hem, want
de eerste manche van de 500 cc was een race van wereldklasse.
Middelburg, De Vries, Uncini en Van Dulmen waren de hoofdrolspelers in
een wereldact, die zelden op een circuit wordt opgevoerd. Daar tegenover
staken de prestaties van Mang, Fernandez, Salde en Dörflinger zeer pover
af. Zij stelden met hun geëxperimenteer voor de komende GP's zeer
teleur.
500cc
1e manche: Een natte droom
Nadat
Jan van Iwaarden als winnaar in de nationale kwartliterklasse was
gehuldigd, kon het grote spel beginnen. Het was gelijk raak. Henk de
Vries en Franco Uncini lieten vlak voor het vertrek van de opwarmronde
hun slicks vervangen door intermediates. Boet stond al op dit schoeisel
en maakte zijn concurrenten nog zenuwachtiger dan zij al waren, door
links en rechts op banden te wijzen. Jack Middelburg keek nog eens naar
de lucht gelijk Jan Pelleboer en gaf zijn monteurs op het laatste moment
opdracht regenbanden te monteren. Na dit pokerspel, waarvan de uitslag
pas na vijftien ronden bekend gemaakt zou worden, nam Jack met een bliksemstart
de leiding. Toen het hele veld al uit het zicht was verdwenen, duwde Boet
zich nog te pletter om zijn machine aan de praat te krijgen.
"Gerrit is in het rennerskwartier met de motor gevallen. In de
opwarmronde ontdekte ik dat de eerste versnelling door een krom
schakelpedaal niet te gebruiken was. Dan maar even langer duwen om de
machine door de tweede versnelling te krijgen", verklaarde Boet
later lachend, na een onvoorstelbare inhaalrace. Als een scheermes vloog
hij door het deelnemersveld. Middelburg had na drie ronden al een
voorsprong van ruim dertien seconden op Henk de Vries en Guido Paci.
Naarmate de ideale lijn droger werd verloor Middelburg snel terrein. Met
drie seconden per rondje stormde De Vries op Middelburg af. Halverwege
de race was het met Jack gedaan. Hij zakte zelfs terug naar een vierde
plaats. Franco Uncini kreeg aansluiting bij De Vries en Boet probeerde
op zijn beurt weer aansluiting te krijgen met de koplopers. Toen niemand
meer in de kansen van Jack geloofde, trokken donkere wolken zich boven
het circuit samen. Met een brede grijns verwelkomde Middelburg de eerste
dikke regendruppels. De Vries dacht er anders over: "Mijn vizier
besloeg prompt toen de eerste druppels vielen. Ik kon nog net zien dat Uncini
en Boet mij voorbij gingen, maar waar ze bleven kon ik echt niet zien.
Op dit circuit heb je erg weinig gelegenheid om wat anders te doen dan
sturen. Toen Jack mij voorbij ging kreeg ik het vizier los, zodat het
weer helder werd. Toen kon ik weer voluit gaan", was de verklaring
van Henk de Vries voor zijn plotselinge terugval naar de vierde plaats,
Van Dulmen was inmiddels Uncini gepasseerd, maar zelfs de
regenspecialist bij uitstek was niet tegen de weerkundige Middelburg
opgewassen. Toen het water met bakken uit de lucht kwam vloog hij weer
naar de kop van het veld. In de voorlaatste ronde stuurde Henk de Vries
koel Uncini en Van Dulmen voorbij en pakte daarmee de tweede plaats.
Prachtig, wat een race. Het leek wel een droom, alleen wel een erg
natte.
Een
tegenvaller
Terwijl
de regendruppels nog zeer gestaag naar beneden vielen en de toeschouwers
alle moeite deden om niet helemaal kletsnat te worden, vertrokken de
rijders in de 50 cc klasse voor hun race. Stefan Dörflinger was al na
een ronde van het circuit verdwenen. Kees Besseling voerde even het veld
aan, waarna Paul Rimmelzwaan het initiatief naar zich toe trok. Een
schuiver op het spekgladde nieuwe gedeelte van het circuit wierp hem
terug naar de vierde plaats. Henk van Kessel nam de leiding over voor
Theo Timmer en Hans Spaan. Na de training had het er alle schijn van dat
de race in de kwartliterklasse bijzonder spannend zou worden. Temeer
daar Jean-Francois Baldé zich had laten ontvallen: "Na Nogaro
(staking door diverse fabriekscoureurs i.v.m. slecht wegdek GP
Frankrijk) is de sfeer tussen Mang, Fernandez en mijn persoontje zeer
koel. Ik wil hen hier graag wat laten zien." Het duel Mang-Baldé
bleef echter totaal achterwege. Onopvallend, ergens middenin het veld
draaiden zij hun rondjes. Baldé verklaarde waarom: "Wij stonden
beiden op zojuist nieuw ontwikkelde Dunlops. Helaas konden we er niet
voluit mee rijden." Mang had helemaal geen commentaar, al liet hij
wel merken dat de snelheid van de Kawasaki nog geen reden tot juichen
gaf. Fernandez had helemaal niets te vertellen, omdat hij gewoon te laat
in het parcfermé verscheen voor de opwarmronde. Mar Schouten moest
voor de overwinning in de slag met Pekka Nurmi. Tegen het eind van de
race kon Mar het tempo van de Fin niet meer volgen. "Ik had voor
een te zachte band gekozen. Jammer, want mijn MBA liep prima." Voor
de elfde achtereenvolgende maal weer geen Nederlandse overwinning dus op
de Luttenbergring. Hans Müller wist de aanvallen van Alan North af te
slaan en pakte een derde plaats. Achter Yasuaki Fugimoto werd Dick van
Logchem met een zesde plaats als tweede Nederlander afgevlagd.
De
laatste bocht
Na
het rustige viertakt gesnor van de Honda 400N, waarin Peter van Dijk
opnieuw Kees Bouwmeester voor wist te blijven, keken de toeschouwers
tevergeefs uit naar het duel Mang-Baldé. Baldé deed niet mee, omdat
hij zich niet had gekwalificeerd. Baldé: "De eerste training stond
ik op regenbanden, maar de baan was droog. De tweede training regende
het keihard. Er was nog wel een Nederlandse coureur die zijn plaats af
wilde staan, maar ik was helaas tweede reserve. Ik heb die coureur toch
maar twee banden cadeau gedaan voor zijn sportieve houding." Mar
Schouten heeft er werkelijk alles aan gedaan om de 350cc op zijn naam te
brengen, maar de bijzonder sterk rijdende Alan North was te snel voor
hem. In een schitterend gereden race reed de sympathieke Zuid-Afrikaan
naar de eerste plaats. De laatste ronden werden de coureurs vergezeld
door een regenbui. Het leek erop dat Mar Schouten de wereldkampioen Toni
Mang achter zich kon houden. "Toen ik voor de laatste keer de Monumentenbocht
doorging sprak ik met mijzelf af om in de laatste bocht geen foutje meer
te maken. Ik was de bocht nog niet door of het voorwiel brak plotseling
weg. Onbegrijpelijk", was de reactie van Schouten, nadat hij weer
snel opgekrabbeld was en nog net voor Fernandez als vierde de geblokte
vlag had gepasseerd. Mang en Pekka Nurmi profiteerden van zijn
schuiver. Geen bloemen dus voor Schouten, maar wel prolongatie van zijn
nationale titel in de 350 cc.
500cc
2e manche: Een
optocht
Zo spannend als de eerste manche was, zo saai
werd de tweede manche van de 500. Nadat Henk de Vries en Johan van Eijk
in de derde ronde onderuit waren gegaan, gebeurde er voorin eigenlijk
niets meer. "Ik remde onder deze omstandigheden net even te hard.
Stom, maar het is niet anders. Jammer dat mijn motor Van Eijk raakte,
maar ik ging niet voor de lol plat", was het commentaar van De
Vries. Even drong Middelburg nog bij Uncini aan. "Mijn achterband
liet niet toe echt voluit in de aanval te gaan. Met een derde plaats ben
ik toch totaal winnaar en heb ik het publiek gegeven waarvoor ze gekomen
waren", was het commentaar van Jack Middelburg.
Het verregende publiek verlangde blijkbaar naar
een warme douche, want de tribunes stroomden leeg bij de start van de
125 cc klasse. Hans Müller won de race gemakkelijk, voor zijn landgenoot
Bruno Kneubühler. Bruno was overigens in 1973 al winnaar in de 50 cc op
de Luttenbergring. Hulde dus voor zijn tiende start op dit circuit. Henk
van Kessel en Hans Spaan knokten om de derde plaats. "Ik schakelde
naar de derde versnelling, leg mijn machine in de bocht en op dat moment
vliegt hij weer uit de derde versnelling. Wat een rotklap zeg", was
de verklaring van Spaan na z'n schuiver. Henk van Kessel pakte dus de
derde plaats en voor het eerst in zijn lange carrière de Nederlandse
titel in de 125 cc klasse. Theo Timmer kreeg zijn machine bij de start
niet aan de loop. De massakabel was van het frame losgeraakt.
|
|
Raceverslag
door Toon Kannekens (bron Moto 73) |
 |
| Zo
ziet programma er uit na een daggie regen |
|
|

|
|
|
Raalte
500cc, 2e. Franco Uncini, 1e. Jack Middelburg 3e. Boet van Dulmen. |
|
©opyright 2005 Gerard van der
Pot.
|