|
Traditiegetrouw zorgde de Hengelose HaMoVe
ervoor dat motorsportliefhebbers hun paasei op de Varsselring kwijt
konden. Door de nieuwe formule van de KNMV, waarin de Nederlandse
kampioenschappen binnen grote internationale races verreden moeten
worden, verschijnen alle nationale toppers dubbel gemotiveerd aan de
start. Zij moeten niet alleen punten zien te scoren, maar ook nog
proberen een aantal internationale kanonnen achter zich te houden. En
wat voor kanonnen.... Wereldkampioen Jon Ekerold, Kawasaki-piloot Jean
Francois Baldé en het Australische wonderkind Graeme Geddes waren gecontracteerd
om het de Nederlanders in de diverse klassen lastig te maken.
Ook Takazumi Katayama was in Hengelo van de
partij. In de training leek het erop dat hij ook in staat zou zijn met
zijn nieuw ontwikkelde Honda-viertaktracer voorin mee te blazen,
maar dat pakte in de race opnieuw teleurstellend
uit. De Honda "Never Ready" kwam weer niet aan de finish,
ondanks zes Japanse technici. De pechduivel was overigens toch bijzonder
actief op het 4848 meter lange circuit: maar liefst twintig vastlopers
in de training, waaronder ook de Suzuki van Wil Hartog en de nieuwe RG-6 van
Henk de Vries. Martin van Soest kwam in de training door een mechanisch defect
van een ander ongelukkig ten val en brak daarbij zijn teen en scheurde zijn pols. Op eerste Paasdag werd door velen keihard
gesleuteld
om de vastgelopen machines weer startklaar te krijgen.
Het wedstrijdprogramma werd
geopend door de nationale halveliterklasse. Richard Glas vertrok als eerste, maar kwam achterop
het circuit lelijk ten val, waardoor Klaas de Graaf als eerste voor
start en finish opdoemde. In de tweede ronde nam Fred Peerdeman de
leiding over en stuurde zeer beheerst op de
overwinning af. De Graaf werd tweede; Leo Steenks wist van een achtste plaats op te klimmen naar de
laagste trede op het ereschavot.
Zoals gebruikelijk
Het deelnemersveld van de 50 cc kende geen
buitenlandse grootheden, desondanks was de race van de eerste tot en met
de laatste meter bijzonder spannend. George Looijesteijn kwam als eerste voor de tribune langs met in zijn kielzog
Theo Timmer, Floor Maasland en Paul Rimmelzwaan. De tweede en derde
ronde waren voor Timmer, terwijl Maasland het leidende trio moest
laten gaan. Ondanks verschrikkelijk laat remmen van Timmer ging
Rimmelzwaan als eerste de laatste ronde in. Maar zoals het al jaren
gebruikelijk is geworden, wordt een race op de Varsselring in de
Molenbocht voor start en finish beslist. Met ruime voorsprong kwam
Rimmelzwaan
op de beruchte bocht aan. Helaas ging het iets te hard, waardoor Timmer
de zege cadeau kreeg. Voordat Rimmelzwaan weer overeind gekrabbeld
was waren Looijesteijn en Maasland de finishvlag al gepasseerd.
"Ik dacht dat ze vlak achter mij zaten", was het commentaar van Rimmelzwaan.
Boet lachende derde
Het spreekwoord "Waar twee vechten om
een been"
zou
de samenvatting van de eerste manche in de 500
cc race kunnen zijn. Slechts een tiende van een seconde was het
verschil tussen Jack en Wil na de training. Hartog stond zijn eerste
startplaats desondanks aan Middelburg af. Jack vertrouwt zijn
rechterbeen nog niet helemaal. "Het is voor mij plezieriger als ik
aan de buitenkant sta. Als
de start dan mislukt, loop ik niemand in
de weg", lichtte Jack toe. De start verliep overigens
uitstekend voor Jack, maar tegen de
bliksemstart van Wil is zelfs geen gezond been opgewassen.
Wil en Jack kwamen als aan een touwtje voor de
eerste maal op de Molenbocht af. Jack ging als laatste in de ankers en
stak Hartog binnendoor voorbij. Hartog probeerde bij het
uitaccelereren onmiddellijk terug te slaan, maar trok bij deze poging zijn
machine onderuit. Een zweefduik deed hem op het asfalt belanden,
waar hij ternauwernood aan de aanstormende Van Dulmen en Jon Ekerold wist
te ontsnappen.
Jack dus aan de leiding maar niet voor lang.
In de tweede ronde ging ook hij onderuit, maar in tegenstelling tot
Hartog kon hij zijn race vervolgen. Inmiddels waren hem wel zestien
rijders onder aanvoering van Boet van
Dulmen gepasseerd. De Nieuw-Zeelander Stu Avant bezette de tweede
plaats, gevolgd door Ekerold, die echter in het verdere verloop van de
race de tweede plaats wist over te nemen.
Naarmate de race vorderde, zorgde Middelburg
op niet te volgen wijze voor het nodige vuurwerk. Van een zeventiende
plaats af moest hij opnieuw beginnen. Via een fantastische inhaalrace
greep hij in de laatste ronde toch nog de derde plaats voor de bijzonder
sterk rijdende Dick Alblas en Wim ten Klooster. Wim ten Klooster lijkt
de verrassing van dit seizoen te worden. Ondanks het feit dat hij op
het rechte eind duidelijk snelheid tekort komt, weet hij zich door
fantastisch stuurwerk steeds weer in de voorste gelederen te handhaven.
En de Honda dan? Na een
slechte start moest Katayama met een
opgeblazen blok al snel
de race als toeschouwer volgen. "Maar er
is nog een tweede manche", was zijn commentaar.
Winnend debuut
Na de raceshow van Jack Middelburg kreeg het
25.000-koppige publiek in de kwartliterrace opnieuw een prachtige show
te zien. Klaas Hernamdt ging de eerste drie ronden met zijn
Wilddam-Rotax
aan de leiding, maar moest in de vierde ronde de snelste man uit de
training Graeme Geddes voor laten gaan. Daar bleef het voor Klaas niet
bij. Als gevolg van een vastloper ging hij in de vijfde ronde in de
haakse bocht na start en finish hard onderuit. Gelukkig viel de schade
zowel aan Klaas als aan zijn machine mee. Ondanks het feit dat de Australiër
Graeme Geddes nog nimmer op een
stratencircuit had gereden, draaide het
20-jarige talent de snelste ronde en reed in een fantastische stijl naar
een onbedreigde zege. Peter Looijesteijn leek zonder problemen op de
tweede plaats af te gaan, maar in de laatste ronde draaide Jean Francois
Baldé even het gas van zijn Kawasaki open. Daar was de Rotax van
Looijesteijn niet tegen opgewassen.
Na de race in de Honda-klasse, die bijzonder
gemakkelijk gewonnen werd door Kees Bouwmeester, maakte iedereen
zich op voor de strijd in de 350 cc tussen Baldé
en wereldkampioen Ekerold. Het leek ook zo te worden, maar na de tweede
ronde reed een woedende Ekerold zijn machine met een defecte koppeling
de pits in. Achter Baldé moest Klaas Hernamdt de Nederlandse eer hoog
houden, maar hierbij werd hij fel op zijn huid gezeten door de Finnen Pekka
Nurmi en Eero Hyvärinen en Zuid-Afrikaan Alan North. Door een afgesleten tandwiel moest
Hernamdt de buitenlanders laten gaan en het was de grote vraag of hij
de eindstreep zou halen. Dat lukte nog wel, maar verder dan een zesde
plaats wist hij niet te komen. Rinus van Kasteren werd met een vijfde
plaats de beste Nederlander. Alan North finishte vlak achter Baldé
als
tweede en Pekka Nurmi kreeg als derde de finishvlag.
Na de 125 cc kon het Wilhelmus weer gespeeld
worden. Anton Straver pakte na het vallen van de start de leiding. Hansi
Müller en Bam Carlson zagen hem pas op het erepodium weer.
Revanche
voor Jack
Als voorlaatste race van het programma werd
de tweede manche van de 500 cc verreden.
Jon Ekerold ging een ronde aan de leiding, maar
met een verbeten trek om zijn mond moest hij met machinepech in de
tweede ronde al de pits in. Jack zat toen al ver voor de rest van het
veld.
In de derde ronde stelde Boet orde op zaken
ten koste van Stu Avant, die tegen het einde van de race nog werd
gepasseerd door de bijzonder sterk rijdende Dick Alblas. Wim ten
Klooster werd van een goede klassering afgehouden door een fout van
Philippe Coulon. Coulon nam op een van de vier haakse bochten te veel
risico en reed daardoor achterop de machine van Ten Klooster.
Jack nam met een overwinning en het ronderecord
overduidelijk revanche in die tweede manche. Ook Hartog
had dergelijke plannen, maar moest al achteraan van start gaan. Juist
op het moment dat Wil Dick Alblas voorbij wilde steken, liep zijn
machine vast. "Nu niet bepaald een lekkere opsteker zo vlak voor de
start van het Grand Prix-seizoen. Twee keer een vastloper en een keer
onderuit. Ik heb mijn portie wel gehad, dacht ik zo", was het commentaar
van de aangeslagen Hartog.
Een tevreden Boet van Dulmen werd als
totaalwinnaar gehuldigd, met Middelburg als tweede. Dick Alblas werd
ten onrechte als derde gehuldigd. Stu Avant bleek later als derde te
zijn geëindigd en Alblas als vierde. Katayama zagen we de tweede
manche niet meer terug. De Japanse technici waren toen al op weg naar
Engeland.
De race in de zijspanklasse werd gewonnen
door Jos Modder en Erik de Groot. Lange tijd reden Cor en Carla van
Reeuwijk op een tweede plaats, maar in de laatste fase van de strijd
werden zij door Van der Veen gepasseerd. Jaap Kleve zorgde in de
voorlaatste ronde nog voor paniek. Zijn passagier Reinhout van Ommen
vloog na start en finish uit de bak, waardoor Kleve met een noodgang
het weiland in vloog. Gelukkig kwam hij geen obstakels tegen, waardoor de
schade beperkt bleef tot een verhoogde polsslag.
Grote afwezige was dit weekeinde Egbert
Streuer, die nog herstellende is van een maagoperatie. Ook Willem
Zoet en Hans Spaan konden als gevolg van blessures niet aan de start
verschijnen
van de goed verlopen Paasraces op de Varsselring.
|