|
De 51e TT van Assen werd de TT van de tranen.
Weinigen van de 128.000 bezoekers zullen ze echter
gezien hebben. Alleen in het rennerskwartier zagen
enkelen de hete tranen van geluk bij Marco Lucchinelli,
die door een verrassende zege de nieuwe koploper
werd in het 500 cc wereldkampioenschap.

Weinigen zagen
ook de tranen van woede op de wangen van
chef-mecanicien Kel Carruthers toen hij samen met
zijn zoontje diep ontgoocheld terugliep naar het
Roberts-kamp. Zelden
ook zal winst en verlies schrijnender geweest
zijn dan in deze 51e TT, waarin de drama's hoog opgestapeld
lagen. Drama's voor Stefan Dörflinger,
Henk de Vries, Klaas
Hernamdt, Takazumi Katayama, Randy Mamola,
Graeme Crosby, Kenny Roberts, Barry Sheene en
Egbert Streuer-Bernard Schnieders. En jubel
bij Marco Lucchinelli, Boet van Dulmen,
Willem Zoet, Jack Middelburg, Dick Alblas, Mar
Schouten, Peter Looijesteijn, natuurlijk Anton Mang
(de toekomstige dubbelwereldkampioen), Angel
Nieto (die zijn 69e GP-zege scoorde en zijn tiende
wereldtitel binnen handbereik heeft), Ricardo Tormo,
Henk van Kessel, Theo Timmer en Jos van Dongenl Zie
daar, de 51e Dutch TT in een notedop.
 |
|
Jack
tijdens de trainingen voor Guido Paci.
|
Dol
gedraaid
In geen enkele GP worden rijders en monteurs zo
dol gedraaid als in de Dutch TT. Zelfs Kenny Roberts slaakte de
verzuchting dat hij de dag zal zegenen dat het Asser
rennerskwartier bevrijd zal zijn van allerlei mensen die daar
duidelijk niets te zoeken hebben. Hoe profetisch die woorden -
geslaakt tijdens de trainingen - zouden zijn, bleek
zaterdagmiddag 27 juni om goed drie uur. Nog tijdens de laatste
ronde van de 350 cc race kwamen de eerste druppels uit de
inktzwarte hemel. En enkele minuten later viel de regen met
bakken naar beneden. Opnieuw zou de TT beslist gaan worden door
de juiste bandenkeus. Tijdens de 10 minuten dat de start
uitgesteld werd voor het wisselen van banden, sloeg het drama in
alle hevigheid toe. Assen bracht wereldkampioen Kenny Roberts
tot dusver weinig geluk. En ook ditmaal werd de 3voudige
wereldkampioen weer door de pechduivel achtervolgd. Het anders
zo koelbloedige Roberts-team (Kel Carruthers, Nobby Clark en
Trevor Tilbury) maakte in de haast een dramatische fout bij het
monteren van de remblokken. Tijdens de opwarmronde merkte
Roberts al dat er iets fout zat. Koortsachtig sleutelen voor de
start mocht niet baten. Luttele seconden voordat het startlicht
op groen sprong, schoof Kenny zijn OW-54 met blokkerende voorrem
aan de kant.

 |
|
Kenny
Roberts druipt, teleurgesteld en boos, af.
|
 |
|
Barry
Sheene krijgt zijn Yamaha niet aan de praat
|
Boet van Dulmen, die zijn merkgenoot nog
trachtte te helpen door zijn OW-53 dwars op de startplaats te
zetten om zo de start op te houden, werd bijna zelf het
slachtoffer. Toen het licht op groen sprong stond zijn machine
nog dwars en vertrok hij pas in het middenveld. Het drama voor
Yamaha zou nog erger worden, want Barry Sheene verprutste zijn
start hopeloos. Hoe wanhopig Barry ook duwde, zijn OW-54 sloeg
niet aan, maar verzoop. Na aangeduwd te zijn waarmee hij
zichzelf automatisch diskwalificeerde - reed
Barry nog een langzaam rondje, onderweg zijn teleurstelling
wegslikkend. Weg unieke kans om aansluiting bij de koplopers van
het WKklassement te krijgen.... De aanvankelijk woedend
weggebeende Kenny Roberts zou echter in de tweede ronde al opgelucht
kunnen ademhalen, want zijn belangrijkste rivaal, Randy Mamola,
probeerde in de eerste ronden, toen de
baan nog kletsnat was, te hard te gaan op de gemonteerde
"intermediate" banden (een tussenvorm van slick- en
regenband) en kwam in de tweede ronde in de Ramshoek hard ten
val toen hij de bocht uitliep en op het gras belandde. Zijn
teamgenoot Graeme Crosby deed in de zevende ronde min of meer
hetzelfde toen hij zijn Suzuki Gamma vlak voor De Bult onderuit
remde en de heide indook. Beiden raakten niet gewond, Crosby
reed zelfs door naar de pits, maar hun kansen op een gunstiger
aanzien van de WK-stand waren verkeken.
Sleutelpositie
De
TT van Assen neemt elk jaar weer een sleutelpositie in. De Dutch
TT zit traditioneel halfweg het seizoen en ook in het verleden
kreeg de WK-stand in Assen een totaal ander aanzien. De
spanningen liepen bij veel deelnemers hoog op. Te hoog bij
sommigen, mede onder druk van de wisselvallige
weersomstandigheden op woensdagmiddag en de slechte
weersvooruitzichten voor donderdag en vrijdag. Veel rijders
probeerden te snel een goede tijd te zetten om zeker te zijn van
kwalificatie. Het aantal valpartijen tijdens de training was dan
ook enorm hoog. De rij werd geopend door Jacques Cornu, die in
de S-bocht na start en finish bij een passeerpoging de berm
inging en een gecompliceerde bovenbeenbreuk opliep. Donderdag
zou het aantal valpartijen dramatische hoogten bereiken: Pekka
Nurmi brak een sleutelbeen, Henk de Vries kwam ten val door een
vastloper en brak een pink, Virginio Ferrari reed zijn Cagiva
plat en kwalificeerde zich niet, terwijl ook in het Nederlandse
kamp de gemoederen ernstig verontrust werden door een schuiver
van Jack Middelburg, waarbij hij zijn billen en zijn gezonde
linkerpols ernstig bezeerde, terwijl Boet van Dulmen zijn poging
Kenny Roberts bij te houden moest bekopen met een enorme schuiver,
waarbij hij zijn linker enkel kneusde. Jack moest donderdagnacht
zelfs nog een bezoek aan vriend en vertrouwensman dr. Derweduwen
brengen, die hem via een genezende injectie en een pijnstillende
injectie op zaterdag (waarvoor de Belgische bottenspecialist
speciaal naar Assen kwam!) fit maakte voor de race. Ook de
laatste keuring door Dr. De Vries van de Medische Commissie
doorstond Jack goed, zodat de Sarome-Ergon coureur zijn sponsors
niet teleur hoefde te stellen.
Kopstart
voor Crosby
Kort
na drieën draaide de "bandenroulette" op volle
toeren. Wie in deze kritieke fase de goede gok deed, had de race
al voor de helft in de zak. Boet van Dulmen besloot voor
"regenbanden" te kiezen, hoewel de meesten gokten op
"intermediates", half slick, half regenband. Dat
laatste bleek de goede keus te zijn, want kort nadat de
opwarmronde verreden was, hield het op met regenen. "Direct
al nadat ik terug kwam uit de opwarmronde zei ik tegen Gerrit
(Veltscholten): we zijn verloren. Het regent lang niet hard
genoeg", aldus Boet, die zaterdagavond na de TT alsnog
een bezoek aan het ziekenhuis bracht om zijn linkervoet in het
gips te laten verpakken. Na de chaotische taferelen bij de
start, nam Graeme Crosby op de nog steeds kletsnatte baan de
kop. Boet vloog echter dankzij zijn regenbanden iedereen met
reuzensprongen voorbij en bij het ingaan van de tweede ronde zat
de man uit Ammerzoden al aan de leiding, om vervolgens direct
een gat te slaan. In de derde ronde had Boet 4 seconden op
Crosby, in de vierde ronde zelfs zes. Maar helaas begon de baan
snel op te drogen en al de mannen die op
"intermediates" stonden begonnen langzaam vanuit het
nadeel in het voordeel te komen. Mamola was er toen echter al
niet meer bij. De jeugdige Amerikaan miste juist op dit moment
de nodige koelbloedigheid om kalm zijn kansen af te wachten,
want met Roberts en Sheene direct uit de strijd had hij niets te
vrezen. In de eerste ronde zat Randy op de derde plaats achter
Crosby en Ballington, maar in de tweede ronde ging hij te hard;
kwam in het gras en zag zijn machine (met nieuw aluminium frame)
een complete total-loss worden. Lucchinelli had in de derde
ronde Crosby (die in de zesde ronde zou vallen) van de tweede
plaats verdrongen. Aanvankelijk moest Lucky nog terrein
prijs geven op Den Boet, maar in de zesde ronde begon de rappe
Italiaan snel terug te komen. In de achtste ronde kwam Marco
Lucchinelli voor het eerst als kopman door
nadat hij Boet eruit geremd had aan het eind van
de Bedeldijk. Zijn overwinning zou daarna niet meer in gevaar
komen. Boet na afloop: "Toen de baan droger werd, wist ik
dat hij over me heen zou komen. Ik heb me daar bij neergelegd. Ik moest voorzichtig rijden om de
banden te sparen, anders zou ik de finish niet eens gehaald
hebben. Toen Lucchinelli er éénmaal voorbij was heb ik
helemaal op die tweede plaats gegokt. Tja, als het een kwartier
langer had blijven regenen.,..?". Boet werd de held van
Assen, maar ook Willem Zoet en Jack Middelburg zorgden voor
opwinding op de taluds, terwijl Dick Alblas in de slotfase voor
een leuke uitsmijter zorgde door Greg Hansford en Marc Fontan in
de eindsprint professioneel te kloppen voor de 12e plaats.
"Ik ben dik tevreden" aldus een glunderende Alblas.
"zo hoog ben ik nog nooit in een GP geëindigd. Voor
Nederlandse begrippen heb ik een snelle Suzuki, maar hier in dit
veld...
Ik heb bewust gekozen voor intermediates. Dat kan hier op
Assen, ook als het blijft regenen. Wordt het droog, dan heb je
voordeel. Blijft het nat, dan kan je toch redelijk rond blijven
gaan". Ongeveer halfkoers was de race wel gelopen.
Lucchinelli had de eerste plaats veilig in handen, Boet reed
onbedreigd op de tweede plaats en hoewel Kork Ballington en
Willem Zoet in de slotfase rap dichterbij kwamen, kon Boet het
zich in de slotronde permitteren uitbundig naar het publiek te
zwaaien. Willem "Stimerol" Zoet reed een fantastische
race. Hij nestelde zich vanaf het begin aan het wiel van de
ervaren rot Korky Ballington en bleef de gehele race "zwaan
kleef aan" spelen. "Dat deed ik bewust.
Kork heeft veel meer ervaring dan ik. Ik het onderweg heel wat
van hem geleerd" aldus Willem, die uren na de race nog
stilletjes stond te genieten. En met hem de speciaal voor Assen
ingehuurde Steve Flaunty, de ex-monteur van Wil Hartog.
"Tja, dat wist niemand. We hebben in het geheim veel getest
in België en Frankrijk. De fiets loopt fantastisch. Ik hoop
Steve er nog drie weken bij te kunnen houden". Assen
leverde Willem Zoet zijn eerste WK-punten ooit op, maar liefst 8
tegelijk! Jack Middelburg stuurde zich van een negende plaats in
de eerste ronde naar een uiteindelijke vijfde plaats. "Het
belangrijkste voor mij was dit keer uitrijden, maar helemaal
tevreden ben ik toch niet. De motor stond door gebrek aan
training niet helemaal goed afgesteld. Hij pakte onderuit niet
goed op. Was dat wel goed geweest, dan had er onder deze
omstandigheden meer ingezeten", aldus Jack, die 's-middags
nog een pijnstillende injectie gekregen had van dokter
Derweduwen, die hiervoor een familiefeest in de steek had
gelaten. In de middenmoot toonde Dave Potter zich in de slotfase
de betere van Bernard Fau en Sergio Pellandini. Daarachter
volgde op eenzame afstand de "Kojak" onder de
coureurs, de Italiaanse straaljagerpiloot Guido Paci. En op de
tiende plaats reed Honda zijn eerste WK-punt tegemoet, althans
daar leek het op, totdat de NR500 in de laatste ronde met
ontstekingsproblemen bleef staan. Die laatste WKpunt
was nu voor Sadao Asami. 'In het wereldkampioenschap 500 cc
neemt Marco Lucchinelli thans de eerste plaats in met 58 punten.
Randy Mamola staat na Assen tweede met 54, gevolgd door Roberts
(46), Crosby (42), Van Dulmen (41), Sheene (37), Kawasaki en
Ballington (beiden 19) en Jack Middelburg (18) als 1e privé-coureur.
250
cc: Mang ijzersterk, Lavado beregoed
Het was maar goed dat het publiek voor de race
in de kwartliterklasse door middel van een pauze op adem had
kunnen komen, want Mang en Lavado maakten er een bloedstollende
raceshow van, terwijl de strijd om de derde plaats niet minder
spannend was. Na de opwarmronde moest de man in pole-position
Baldé nog even een bougie wisselen. Ook Bruno Kneubühler had
problemen voor de start. Het veertje van de uitlaat was kapot en
moest vernieuwd worden.
Toch kon iedereen van start gaan toen het licht
op groen sprong, al vertrok Richard Schlachter pas toen de rest
al onder de loopbrug door richting Bedeldijk was.
Opnieuw was het Carlos Lavado die als eerste voor
de hoofdtribune langskwam, gevolgd door Mang, Freymond, Sayle
en.... Thierry Espié op zijn nieuwe Pernod. Hans Müller was in
die eerste ronde onderuit gegaan. In de tweede ronde veranderde
aan de kop niets. Jean Marc Toffolo wist met zijn Rotax door te
stoten naar de vijfde plaats. Het Pernod feest was inmiddels
alweer afgelopen. Een kapotte bougie en een defecte ontsteking
dwongen Espié de race verder als toeschouwer te volgen. Iedereen
maakte zich de volgende ronde op voor een herhaling van de race
in de 350. Mang had namelijk de leiding overgenomen. De
wereldkampioen was echter heel wat anders van plan. Ad Majora
rijder Freymond en Sayle op zijn Armstrong Rotax werden in de
loop van de race bedreigd door Baldé op zijn Kawasaki. Ook
Fernandez deed er alles aan om aansluiting te krijgen, om zo nog
kans op een ereplaats te maken. Toffolo moest zijn plaats in de
voorste gelederen al snel weer prijsgeven en in de negende ronde
moest de Belg met een onwillige Rotax zelfs de pits in.
De Fransman Guignabodet reed op een zevende
plaats. Angel Nieto en Herve Guilleux waanden zich veilig op een
achtste en negende plaats, maar er was een Amerikaan in
aantocht. Richard Schlachter was na zijn slechte start bezig aan
een ware inhaalrace. Hij boenderde werkelijk door het veld heen.
Na zeventig van de te verrijden honderdvijftien kilometers had
Schlachter het achterwiel van Nieto te pakken. Door een schuiver
in de Strubben was Peter Looijesteijn al in de vijfde ronde uit
de strijd verdwenen. "Het ging gewoon te hard. Ik kwam
naast de baan en kon niet meer corrigeren." Ook Klaas
Hernamdt moest de strijd staken. Een kapotte versnellingsbak (de
derde en vierde versnelling waren defect) gooide voor de
zoveelste maal roet in het
eten van de door pech achtervolgde Fries (hij
besloot na de TT overigens te stoppen met de wegrace, na goed
overleg met zijn sponsor Hennie ten Dam). Na de race vertelde
Klaas overigens aan zijn monteur wat er was gebeurd, dit alles
in het Fries, de NOS filmde dit gebeuren en vroeg in het Engels
aan de Fries wat er aan de hand was. Klaas antwoordde prompt ook
in het Engels, omdat hij niet in de gaten had dat het de NOS
was:) Mang en Lavado gingen voorin onverminderd door.
Zij trakteerden het publiek op een prachtige raceshow, waarin
Mang de hoofdrol speelde. Steeds weer liet de zelfverzekerde
Kawasaki piloot de Venezolaan tot aan het achterwiel komen en
had daarbij ook nog tijd voor gebaren en grimassen aan het adres
van Lavado, die in zijn bekende spectaculaire stijl steeds weer
bleef komen. Tot op de finish ging dit door. Mang ging zelfs
achterom kijkend en zwaaiend naar Lavado over de streep. De
strijd om de derde plaats kreeg nog een verrassende ontknoping.
Sayle, Fernandez, Freymond en Baldé begonnen in deze volgorde aan hun laatste
ronde. Fernandez kwam uiteindelijk als eerste uit de
Timmerbocht voor Freymond, Sayle en Baldé. Guignabodet pakte de zevende plaats, terwijl
Martin Wimmer heel knap Richard Schlachter naar de negende
plaats terug verwees. Didier de Radiguès pakte het resterende
WK-puntje, nadat Guilleux vier ronden voor tijd was uitgevallen
en Nieto terug was gezakt naar de twaalfde plaats. McGregor
finishte als elfde. Mar Schouten reed zich naar een vijftiende
plaats. Zijn MBA maakte het niet mogelijk om opnieuw in de
punten te rijden. Rinus van Kasteren was met een zeventiende
plaats best tevreden. "Ik heb een splinternieuwe Yamaha. Je
moet daar wel even aan wennen. Hij stuurt prima, maar de
afstelling heb ik nog niet onder de knie."

Een
boze Jean-Francois Baldé na zijn 6e plek in de 250cc

350
cc: natuurlijk Mang, Mar Schouten zesde

Met het wegvallen van Jon Ekerold is er ook een
eind gekomen aan de sensationele koude oorlog tussen Anton Mang
en de Zuid Afrikaan. We bleven nu natuurlijk ook verstoken van
de keiharde duels, waarbij zelfs het spuitwerk van de
stroomlijnen werd gereden. Toch was het de moeite waard om de
race in de 350 cc te volgen. Het is gewoon fantastisch om een
ontspannen Mang aan het werk te zien. "Nu Jon is
weggevallen kan ik heerlijk ontspannen naar een race toeleven.
Tijdens de race heb ik nu alle tijd de zaak naar mijn hand te
zetten en kan ik zelf bepalen wanneer ik een duel wil
aangaan", aldus de wereldkampioen, die alleen nog door
domme pech van een nieuwe wereldtitel kan worden afgehouden.
Toch was het na het vallen van de start niet de gifgroene
Kawasaki die als eerste de Bedeldijk opvloog. Het was onze eigen
Mar Schouten die vanaf de tweede startrij als een raket uit de
startblokken schoot. Aan het eind van de Bedeldijk was het
Holland Festival echter alweer afgelopen. Carlos Lavado remde
Mar eruit en nam de leiding over. Hij was het ook die als eerste
uit de Timmerbocht tevoorschijn kwam, met in zijn wiel Mar
Schouten en Toni Mang. McGregor, Sayle en Baldé volgden op enkele
meters. Mick Grant ging in die eerste ronde in de Timmerbocht
onderuit, waardoor de helft van het deelnemersveld door het gras
of met een voet over het asfalt probeerde de ravage te
ontwijken. Peter Looijesteijn kwam na een slechte start
als veertiende door en Rinus van Kasteren moest genoegen nemen
met een plaats in de achterhoede. Het werd al snel duidelijk dat
Mar Schouten te weinig vermogen aan boord had om zich met de
strijd om een van de ereplaatsen te kunnen blijven bemoeien.
Toch wist Mar zich bijzonder knap te handhaven. In de derde
ronde nam Anton Mang de leiding over. Even probeerde Lavado bij
te blijven, maar het tempo van Mang lag te hoog voor de
Zuid-Amerikaan. Per ronde liep de Duitser ruim een seconde
verder weg, waardoor het verschil aan het eind van de race maar
liefst zestien seconden bedroeg. Het gevecht om de derde plaats
liep bijzonder hoog op. Eerst waren het
Baldé en McGregor, maar halverwege de race ging
Fernandez zich ook met deze strijd bemoeien. Vijf ronden voor
het einde leek McGregor een gaatje te hebben geslagen, maar dat
was een ronde later alweer teniet gedaan. Door een kapotte
uitlaat moest McGregor zelfs terug naar een vijfde plaats. Baldé finishte uiteindelijk als derde voor zijn
landgenoot Fernandez. Mar Schouten had het zwaar te verduren
onder de aanvallen van Jeffrey Sayle. Voortdurend wisselden ze
van plaats. Drie ronden voor tijd kon Mar opgelucht ademhalen. Sayle had
teveel van zijn machine gevraagd en moest de pits in. Na het
passeren van de geblokte vlag viel Mar, dolgelukkig met zijn vijf
WK-punten, in de armen van zijn monteur
Theo van Geffen. Hiermee was het Nederlandse succes nog niet ten
einde. Peter Looijesteijn reed een werkelijk fantastische in
haalrace. Vanaf een veertiende plaats knokte Peter zich steeds
verder naar voren. Halfweg koers had hij de tiende plaats te
pakken, waarna hij de strijd aanbond met Keith Huewen en het Duitse talent Martin Wimmer. Huewen was de
snelste van dit drietal, maar Peter pakte toch nog drie
WK-punten voor Wimmer, die negende werd. De Zweed
Bengt Elgh kwam dertig seconden later met nog één uitlaat als
tiende over de streep. Rinus van Kasteren pakte een zeventiende
plaats en was al lang blij dat hij de finish had gehaald.
 |
|
Anton
Mang (1) en Carlos Lavado (6) in de 350cc klasse
|
50cc:
Dörflinger kan
de spanning niet
aan
 |
|
Ricardo
Tormo achter Stefan Dörflinger
|
|
©
foto Wout Meppelink
|
Met twee Nederlanders op de eerste startrij - een derde plaats voor
Henk van Kessel en een vierde plaats voor Theo Timmer zag het
er hoopvol uit voor het Nederlandse kamp. Toch hadden de
trainingstijden wel duidelijk gemaakt, dat Timmer en Van Kessel
nooit bij de favorieten in deze klasse, Tormo en Dörflinger,
zouden kunnen blijven. De race ontwikkelde zich geheel volgens
verwachting tot een duel tussen dit tweetal, waarbij Dörflinger
op de snelste machine bleek te zitten. Door
detonatieverschijnselen liep Tormo's Bultaco zelfs zo slecht,
dat hij na de opwarmronde nog razendsnel een ander achterwiel
liet monteren, omdat de machine te hoog gegeard bleek te staan.
In de race werd het vier ronden lang stuivertje wisselen, totdat
Dörflinger in de vijfde ronde aan het eind van de Bedeldijk
rechtdoor ging en veel tijd verloor. Niettemin kwam hij op
fantastische wijze terug naar de kop, waarbij hij per ronde twee
á drie seconden goed maakte. Net na het ingaan van de laatste
ronde nam hij de leiding weer over, leek een meter of vijftien
van Tormo weg te lopen, totdat het achterwiel op verraderlijke
wijze onder hem weg sloeg en Dörflinger een angstaanjagende
crash maakte, vlak voor de wielen van Tormo. De Zwitser liep
daarbij niet alleen een 6-voudige polsbreuk op en gescheurde
enkelbanden, maar verspeelde tevens zijn kans op het 50 cc
wereldkampioenschap. Henk van Kessel reed de gehele race op een
onbedreigde derde plaats, totdat Dörflinger crashte en hij
plotseling tweede werd. Ook Blatter en Timmer, die in de
beginfase even met elkaar in de slag waren, profiteerden van
deze val. Jos van Dongen, zoon van Cees van Dongen, greep via
een achtste plaats zijn eerste WK-punten. Floor Maasland zat
daar met een elfde plaats net naast. George Looijesteijn kwam
voor eigen publiek niet tot dezelfde resultaten als in het
buitenland, maar bleef door problemen met de
benzinetankontluchting rond de tiende plaats hangen. In de
laatste ronde zou hij zelfs terugvallen naar de zeventiende
plaats.
125cc:
Verwachte
Minarelli overheersing
 |
|
Loris Reggiani,
Angel Nieto en Pier-Paolo Bianchi
|
|
©
foto Wout Meppelink
|
Het Minarelli team kende in
Assen maar één zorg en dat was de linker grote teen van Loris
Reggiani. De jonge Italiaan was tijdens de 250cc training op
woensdag ten val gekomen en brak daarbij genoemde teen. Door de
zorg van dokter De Costa en het feit dat Martin
Mijwaart het schakelmechanisme van zijn machine ombouwde, kon
Loris toch op puntenjacht gaan. Voor de start stippelde kopman
Angel Nieto de Minarelli tactiek uit, want ondanks de handicap
was men op een dubbeloverwinning uit. En hoe oppermachtig Nieto
met zijn Minarelli op het ogenblik wel in de 125 cc klasse is,
werd ook in Assen gedemonstreerd. De Spanjaard wint niet alleen,
nee, hij bepaalt ook wie er tweede wordt! Nadat het licht op groen gesprongen was,
bereikte regerend wereldkampioen Pier-Paolo Bianchi als eerste
de S-bocht. In zijn kielzog waren Reggiani die hoewel hij
nauwelijks lopen kon toch een erg goede start produceerde - en Nieto
gedoken. Na een ronde zat echter niet één van deze drie heren
op kop, maar de tweede man (achter Nieto) uit de training Hans Müller.
Vlak achter de Zwitserse privé-rijder reden Nieto, Reggiani en Bianchi.
Dit viertal zou de resterende dertien ronden niet verder dan
drie seconden uit elkaar zitten! Angel Nieto was er alles
aangelegen om Loris Reggiani in zijn slipstream te krijgen om zo
samen weg te lopen. Deze vlieger ging in eerste instantie niet
op, omdat vooral Bianchi niet wenste mee te werken. De
MBA-fabrieksrijder kwam vanaf de zevende ronde zelfs viermaal in
leidende positie door. In de elfde ronde stelde Nieto echter
orde op zaken, hij schoot achter de rug van Reggiani vandaan,
remde Bianchi eruit en pakte de kop. Daarop gaf hij zijn
teamgenoot aan hem te volgen en samen wisten de beide Minarelli
rijders een gat te slaan van twee seconden en bereikten zxo hun
doel: een dubbeloverwinning. Pier-Paolo Bianchi wist op de
finish Hans Müller nog net voor te blijven en werd zo
derde.
Zijspannen:
pech en geluk voor Streuer/Schnieders
De startopstelling van de zijspanklasse toonde
een uniek beeld. De volgorde van de snelste acht combinaties uit
de training correspondeerde exact met de startnummers van de
machines. Zo stonden Egbert Streuer en Bernard Schnieders dus
met startnummer vier op de vierde startplaats. Het Asser duo had
goede hoop de drie voor hen staande spannen, met als bemanningen
Jock Taylor/Benga Johansson, Rolf Biland/Kurt Waltisperg en
Alain Michel/Michael Burkard bij te houden. De trainingen waren
voor Egbert en Bernard zonder noemenswaardige moeilijkheden
verlopen en ze waren er van overtuigd dat ze nog wel wat van hun
tijd konden afknabbelen. Voor Rolf Biland en Kurt Waltisperg
verliepen de trainingen niet bepaald vlekkeloos. Door een
storing in het elektrische gedeelte van hun LCR moesten ze zelfs
een hele training missen. Bovendien liep er een motor vast. Toch
wisten de Zwitsers binnen vijf rondjes de tweede tijd te
realiseren! Tot groot ongenoegen van regenrijder Alain Michel
was het ,voor aanvang van de zijspanwedstrijd droog geworden.
Bij de start schoot de Schot Jock Taylor als een
pijl uit de boog richting Bedeldijk. Biland/Waltisperg kwamen
minder goed weg en via een knappe stuurbeweging pakten de achter
hen staande Streuer en Schnieders de tweede plaats. In de eerste
ronde werden de Assenaren echter al weer gepasseerd door Rolf
Biland. Deze zette onmiddellijk de jacht in op Jock Taylor. Voor
Derek Jones en Brain Ayres was de race toen al ten einde, omdat
er in hun spiksplinternieuwe Yamaha T2 motor een drijfstang
brak! Werner Schwärzel en Andreas Huber kwamen in de tweede
ronde voor een nog onplezieriger situatie te staan, toen bij het
uitkomen van de Strubben het stuur blokkeerde en de Seymaz
alleen nog maar rechtuit wilde. Als stootblok diende
uiteindelijk een walletje, waarop nogal wat mensen van het
zijspanspektakel zaten te genieten. Degenen die het gevaarte op
tijd zagen aankomen, hadden nog kans om weg te springen.
Tenslotte verdween er een man onder de machine van de Duitsers,
die over de sloot heen schoot. Gelukkig raakte er niemand
gewond, maar de Krauser Seymaz werd zwaar beschadigd.
In
de vierde ronde verdween ook de Seymaz van de Belgische
gebroeders Vanneste van het toneel, doordat het stuur brak. Ook
hierbij bleven ernstige ongelukken uit. Het aantal deelnemende
combinaties slonk zo snel, omdat Campbell/Goodwin en Steinhausen/Willman
ook reeds langs de kant stonden. Aan
de kop van het veld vonden er tot dat moment geen
wisselingen plaats. Taylor/Johansson leidden
vlak voor het afwachtende duo Biland/Waltisperg. Egbert Streuer
en Bernard Schnieders volgden de kemphanen op korte afstand,
terwijl de matig gestartte Alain Michel veel terrein aan het
goed maken was.Na de vijfde doorkomst volgde er opnieuw een
sensatie. Rolf Biland maakte in de race weer eens een pitsstop.
Eén van de bougiekappen was losgetrild en moest worden
vastgezet. Tijdens het rijden zou het nog eens gebeuren, maar
toen trad passagier Kurt Waltisperg als monteur op. Door deze voorvallen belandde het dynamische tweetal op een eenzame
vierde plaats. Egbert en Bernard
schoven door het oponthoud van Biland niet naar de tweede
plaats, omdat het North-State duo gepasseerd werd door Michel/Burkard.
Daarna liepen de leiders in het wereldkampioenschap zienderogen
in op Taylor/Johansson. In de achtste ronde gingen de
titelhouders, die last kregen met hun banden, voor de bijl. De race leek gelopen te zijn, totdat er grote
opschudding in de Ruskenhoek ontstond. Bij het aansnijden van
dit verlegde gedeelte was Egbert Streuer met het achterwiel
naast de baan gekomen. Bij zijn pogingen om weer met alle drie
de wielen op het asfalt te komen, kwam de LCR helemaal dwars te
staan, sloeg zowat rechts om en schoot ongecontroleerd het gras
in. Egbert Streuer werd uit het "zadel" geslingerd,
maar bleef met één been aan de machine hangen. Na tientallen
meters te zijn meegesleurd, waarbij de combinatie over een sloot
schoot, rolde Egbert in het gras. Wonder boven wonder mankeerde
hij niets. Zonder stuurman ging de LCR met de passagier aan de
haal. Uiteindelijk viel ook Bernard eruit, waarbij z'n
rechterarm uit de kom school. De machine hobbelde onbemand en in
z'n vrijstand via het grasveld over het circuit tussen de
Ramshoek en de Timmerbocht en belandde tenslotte in de sloot. De
schade bleek later beperkt te zijn tot wat polyester werk. Een
toch wel geschrokken Egbert Streuer over dit vreemde voorval:
"Omdat de banden te warm werden begon de machine steeds
meer te glijden. Nu gleed-ie net naast de baan. Daarna ging
alles vliegensvlug. Zonde van die derde plaats." En Bernard
Schnieders, die in zijn debuutjaar al heel wat meemaakte:
"Ik stap er zo weer in. Omdat ik lag, heb ik niets gezien.
Toen het fout ging, dacht ik alleen maar vasthouden. Ik wilde
proberen de rem te pakken toen Egbert verdwenen was, maar werd
eruit geslingerd. Al met al mag het duo niet over geluk klagen.
Hun deelname in Francorchamps is door de blessure van Schnieders
op losse schroeven komen te staan. Uiteindelijk ging deze
zijspanrace uit als een nachtkaars. Michel/Burkard wonnen voor
Taylor/Johansson en hadden zo hun revanche voor de nederlaag van
verleden jaar. Biland/Waltisperg werden derde. Piet Huybers en
Karl Buchholz werden bij hun TT debuut negende. Jo van der Ven
en Tonie Troeyen pakten met de tiende plaats hun tweede WK-punt.
Rest nog te vermelden dat de champagne voor de zijspanwinnaars
zoek was. Wie?
| UITSLAGENLIJSTEN TT 1981 |
 |
 |
 |
| 50cc |
125cc |
250cc |
 |
 |
 |
| 350cc |
500cc |
Zijspannen |
©opyright 2006 Gerard
van der Pot.
|