Home Jack Middelburg Guestbook GP-races Daytona Toon Kannekens Diverse

 

 

De tiende GP van het seizoen 1984 was in Engeland op het circuit van Silverstone. Er werden hier vier klassen verreden, de 80cc stond niet op het appèl.  De 125cc werd weer gewonnen door Angel Nieto, de veelvoudig wereldkampioen en GP-winnaar in de lichtste klassen. Hij werd door deze overwinning wederom wereldkampioen, zijn 13e en laatste titel, en dit op 37-jarige leeftijd. De ongekroonde "king" van de 50cc, 80cc en 125cc. De 250cc was een prooi voor Christian Sarron, die aan zijn laatste seizoen in de 250cc bezig was, maar nog wel even wereldkampioen zou worden, voor hij de overstap maakte naar de 500cc. Randy Mamola pakte weer de overwinning  in de 500cc en Egbert Streuer en Bernard Schnieders zegevierden in de zijspanklasse. Freddie Spencer kon door een blessure opgelopen tijdens races in het Amerikaanse Laguna Seca, niet aan de GP deelnemen en zou mede hierdoor zijn titel niet kunnen prolongeren.

Engeland 05-08-1984 Silverstone, 250cc & 500cc

1984_Silverstone_250cc_Christian_Sarron_Carlos_Lavado_Jaques_Cornu_.jpg (111247 bytes) 1984_Silverstone_250cc_Christian_Sarron_01_.JPG (60372 bytes) 1984_Silverstone_250cc_Manfred_Herweh_.JPG (55409 bytes) 1984_Silverstone_250cc_Anton_Mang_00_.jpg (57264 bytes) 1984_Silverstone_Barry_sheene_in_gesprek_met_Carlos_Lavado_03_.jpg (82767 bytes)
1984_Silverstone_500cc_Barry_Sheene_01_.JPG (57452 bytes) 1984_Silverstone_500cc_Randy_Mamola_02_.JPG (72397 bytes) 1984_Silverstone_500cc_Randy_Mamola_03_.jpg (66936 bytes) 1984_Silverstone_500cc_Randy_Mamola_00_.JPG (142435 bytes) 1984_Silverstone_500cc_Ron_Haslam-team_Randy_Mamola_kijkt_toe_02_.JPG (114238 bytes)
1984_Silverstone_500cc_Randy_Mamola_04_.jpg (100510 bytes) 1984_Silverstone_Rocket_Ron_Haslam_.jpg (95993 bytes) 1984_Silverstone_500cc_Team_Boet_en_Rob_Punt_.JPG (79588 bytes) 1984_Silverstone_500cc_Raymond_Roche_01_.jpg (130117 bytes)
1984_Silverstone_10.Franco_Uncini_15.Sergio_Pellandini_3.Randy_Mamola_17.Didier_de_Radrigues_4.Eddie_Lawson_.jpg (107539 bytes) 1984_Silverstone_10.Franco_Uncini_15.Sergio_Pellandini_3.Randy_Mamola_17.Didier_de_Radrigues_4.Eddie_Lawson_01_.jpg (109157 bytes) 1984_Silverstone_15.Sergio_Pellandini_3.Randy_Mamola_17.Didier_de_Radrigues_11.Raymond_Roche_.jpg (107218 bytes)
1984_Silverstone_12.Boet_7.Barry_Sheene_45.Rob_Punt_01_.jpg (119357 bytes) 1984_Silverstone_500cc_Takazumi_Katayama_voor_Franco_Uncini_.jpg (70831 bytes) 1984_Silverstone_500cc_Virginio_Ferrari_voor_Franco_Uncini_.JPG (85307 bytes) 1984_Silverstone_500cc_winnaar_Randy_Mamola_01_.JPG (85849 bytes) 1984_Silverstone_zijspannen_Theo_van_Kempen_00_.jpg (71681 bytes)

 

Uitslagen Silverstone

  125cc 250cc 500cc zijspan
1e Angel Nieto Christian Sarron Randy Mamola  Streuer/Schnieders
2e Jean-Claude Selini Andy Watts Eddie Lawson Biland/Waltisperg
3e Fausto Gresini Carlos Lavado Ron Haslam Schwärzel/Huber
4e Bruno Kneubühler Jean-François Baldé Virginio Ferrari Michel/Fresc
5e Maurizio Vitali Martin Wimmer Barry Sheene Jones/Ayres
6e Luca Cadalora Sito Pons Wayne Gardner Kumano/Diehl
7e Olivier Liégeois Harald Eckl Rob McElnea Steinhausen/Kalauch
8e Stefano Caracchi Jean-Michel Mattioli Takazumi Katayama Boddice/Birks
9e Johnny Wickström Jacques Cornu Roger Marshall Van Kempen/De Haas
10e Jacky Hutteau Teruo Fukuda Christian Le Liard Progin/Hunziker

 

Egbert en Bernard grandioos!!!

Egbert Streuer en Bernard Schnieders hebben op het supersnelle circuit van Silverstone laten zien, dat zij de wereldtitel in de driewielerklasse dubbel en dwars verdienen. Onder een enorme druk wisten zij zich in een twintig ronden durend rechtstreeks duel met Rolf Biland/Kurt Waltisperg schitterend staande te houden. Sterker nog, de Assenaren troefden hun Zwitserse collegae keihard af, in "de mooiste race uit onze carrière", zoals Bernard het spektakelstuk omschreef. Naast onze landgenoten liet ook Christian Sarron zien, dat de wereldtitel in de 250 cc alleen voor hem bestemd is. Na een bijzonder slechte start vocht de Fransman zich naar de eerste plaats. Bij de 125 cc'ers boekte Angel Nieto zijn negenentachtigste GP-overwinning en kon daardoor voor de dertiende maal in zijn carrière als wereldkampioen worden gehuldigd. Eddie Lawson kwam heel dicht bij zijn eerste 500 cc kroon. Niet alleen door z'n tweede plaats achter Randy Mamola, maar nog meer door het feit dat Freddie Spencer vanwege een gebroken sleutelbeen verstek moest laten gaan.

© foto Hans van Loozenoord

Ondanks het feit dat de (afgeplakte) Barclay combinatie achter de gele Krauser banaan van Rolf Biland en Kurt Waltisperg de tweede trainingstijd had weten te realiseren, was men in het Streuerkamp na de trainingen niet helemaal gerust. "Het nieuwe blok loopt goed, maar mist iets. Iets loopt wat stroef", aldus Egbert Streuer, die liever nog wat meer ronden getraind had, maar het vele hemelvocht verhinderde dit. De regen was er ook de oorzaak van, dat er niet vanaf poleposition gestart kon worden. Vooral Bernard vond dit erg jammer. De Assenaren hadden namelijk in de laatste training nog even voor een snelle stunt willen zorgen. Bij nader inzien zouden alle zorgen overbodig blijken te zijn. Egbert Streuer's tactiek voor deze sleutelwedstrijd was eenvoudig: als het enigszins mogelijk was, winnen! De aanval is nou eenmaal de beste verdediging. En er moest worden aangevallen, want ook Rolf Biland en Kurt Waltisperg wilden dolgraag op Silverstone winnen. Daarop ontspon zich een twintig ronden durend keihard, maar fair gevecht tussen de twee snelste tweetallen: Streuer/Schnieders en Biland/Waltisperg. Een strijd - welke we niet snel zullen vergeten - die tenslotte met drietiende seconde verschil in het voordeel van de Nederlanders werd beslist. Daarmee een unieke hattrick Engelse GP-overwinningen voltooiend. Een gelukkige Egbert Streuer na afloop: "Wij zijn elkaar zeker meer dan twintig keer gepasseerd. Ik hoopte in de slotronde achter Biland te zitten om in de laatste bocht toe te kunnen slaan. Ik wist dat het kon, daar is de baan breed genoeg voor." Deze tactiek ging echter niet op, want al in de voorlaatste ronde kwamen de Nederlanders op kop met de Zwitsers in hun kielzog. Nogmaals Egbert: "Ik had het vermoeden, dat Biland hetzelfde wilde doen, maar toen ik iets weg wist te lopen, dacht ik, dan maar van kop af aan naar de finish." Ook deze strategie bleek succesvol. Biland kwam er niet meer langs. De sportieve verliezer: "Egbert is op dit circuit niet te houden. Hij en zijn span zijn sterker in snelle rechtse bochten. Het was een mooi duel. Ik houd er wel van." Ook Bernard Schnieders had van het gevecht genoten. Niet alleen door de winst, maar ook door de wijze waarop de strijd werd uitgevochten. "Je weet dat Rolf geen rare dingen doet. Wij doen dat ook niet. Ondanks de rivaliteit heb je vertrouwen in elkaar." Dan was er nog iets wat de bakkenist erg veel deugd deed: "Nu kunnen ze niet meer zeggen, dat wij alleen maar kunnen winnen als Biland uitvalt!"

Door hun overwinning deelden Egbert en Bernard een gevoelige tik uit aan hun grootste concurrenten in de strijd om de wereldtitel, de tweetallen Werner Schwärzel/Andreas Huber en Alain Michel/Jean-Marc Fresc. De Duitsers reden in Silverstone onverwacht sterk. Ze zaten samen met het Engelse duo Mick Barton/Simon Birchall zelfs vele ronden vlak achter de koplopers. Nadat de Britten door een kapotte versnellingsbak het veld hadden moeten ruimen, moest ook Schwärzel lossen om tenslotte als derde te eindigen. Zijn commentaar: "Dit was meer dan ik verwacht had. Bovendien hebben wij nog steeds kans op de wereldtitel." Voor Alain Michel en de jarige Jean-Marc Fresc werd Silverstone een desillusie. Door een foutieve bandenkeuze (te harde compound) kwamen ze niet verder dan de vierde plaats. Daarbij hadden ze nog het geluk, dat de voor hen liggende Engelse duo's Webster/Hewitt en Abbott/Smith met respectievelijk een vastloper en een kapot big-end moesten uitvallen. Wel wisten, Michel en Fresc, Derek Jones en Brian Ayres na een fraai gevecht achter zich te houden. Theo van Kempen (weer hersteld van z'n in Francorchamps opgelopen sleutelbeenbreuk) en Bally de Haas belandden uiteindelijk op de negende plaats, wat hen twee WK-punten opleverde. Het laatste puntje leek naar Hein van Drie en zijn Schotse invaller passagier Iain Colquhoun te gaan, totdat het nieuwbakken duo vlak voor de finish geraakt werd door de Zwitsers Progin/Hunziker. Na een hevige klap viel de lichamelijke schade mee, maar was de materiële schade met name voor Van Drie erg groot, zo groot zelfs dat de tijd te kort was om de zaak te repareren voor de Zweedse GP. Voor Jos Modder en Martin van 't Klooster was deze Britse GP al na een ronde ten einde, toen hun Yamaha motor het begaf. Ondanks het grote succes viel er in Silverstone nog geen last van Egbert Streuer's schouders: "Dat gebeurt pas in Anderstorp. En alleen als we wereldkampioen worden." Met andere woorden, de zaak moet heel blijven!

 125cc Van gebroken stuur tot wereldtitel

Een enorme paniek ontstond er nadat de coureurs in de 125 cc van hun opwarmronde terug kwamen. Toen Angel Nieto zich op de zevende startplaats had opgesteld, hield hij plotseling de clip­on in zijn rechterhand. Zonder zich maar een tel te bedenken duwde hij zijn machine in de handen van een Spaanse journalist en rende het rennerskwartier in. Bij toeval lag er in de Garelli vrachtwagen een losse clip-on, omdat men de avond tevoren een voorvork had gewisseld. Voordat Nieto terug was had de bejaarde wedstrijdleider Vernon Cooper het bord van drie minuten al in de hoogte gehouden. Dankzij de inzet van ex GP-coureur Chas Mortimer kreeg het Garelli­team toch gelegenheid het euvel te verhelpen. Henk van Kessel kon alles van zeer nabij meemaken, want hij stond op een vierde startplaats. Na de start vormde zich een kopgroep bestaande uit Auinger, Nieto, Gresini en Lazzarini. Selini reed op een vijfde plaats en werd opgejaagd door Kneubühler, Cadalora, Perez, Vitali, Liegeois en Henk van Kessel. Door een schuiver verspeelde Henk zijn kansen op een goede klassering. Halverwege de race bezweek Auinger onder de druk van Nieto en ging onderuit. Lazzarini moest in dezelfde ronde met een kapotte ontsteking naar de kant. Angel Nieto reed vervolgens zonder grappen of grollen naar zijn zesde achtereenvolgende GP­overwinning van dit seizoen. Door het uitvallen van Lazzarini kon de inmiddels 37-jarige Spanjaard voor de dertiende maal in zijn carrière als wereldkampioen worden gehuldigd. Door het sterke rijden van Bruno Kneubühler was het peloton inmiddels uit elkaar gevallen en samen met Selini opende hij de jacht op Gresini. Deze wist de Zwitser achter zich te houden, maar moest de Fransman op het ere-podium voor zich dulden. Van het achtervolgende trio was Vitali de snelste, met in zijn slipstream Cadalora en Liegeois. Anton Straver reed een bijzonder sterke race, maar met een elfde plaats bleef hij helaas net buiten de WK-punten. 

250cc Manfred Herweh: alles of niets

Wilde Manfred Herweh uitzicht op de wereldtitel houden, dan moest er vóór Sarron gefinisht worden. Na de trainingen was de Duitser maar liefst een seconde sneller dan Sarron, die de tweede trainingstijd had gerealiseerd. De Belg Stéphane Mertens was een seconde langzamer dan Sarron, maar stond daarmee wel op een zestiende startplaats. Eens temeer een bewijs hoe gering de krachtsverschillen in de 250 cc zijn, maar ook hoe snel de Rotax van Herweh is. Overigens is het rijwielgedeelte van zijn machine een Nederlands product. Nico Bakker bouwde het frame en de uitlaten en White Power zorgde voor de demping. Ook voor de start van deze race ontstond de nodige paniek. Na de opwarmronde ontdekte Jean­Michel Mattioli namelijk dat hij met een lege tank aan de start stond. Gelukkig was de gevulde tank snel gevonden. Herweh, Sarron en Alan Carter kwamen na de start zeer slecht weg, maar de Duitser had zich al na drie ronden in de kopgroep gemanifesteerd. Sarron sloot enkele ronden later aan. Het was ongelooflijk boeiend om te zien hoe Lavado, Herweh, Sarron, Wimmer, Baldé, Cardus, Pons, Watts en Espié elkaar geen centimeter kado gaven. Vooral Andy Watts maakte er iets heel moois van. In zijn tweede GP (in Assen debuteerde hij met een negende plaats) passeerde hij de topmannen in de kwartliter klasse buitenom alsof het dagelijks werk was. Wat er in de laatste twee ronden allemaal gebeurde was bijna niet meer te volgen. Alle leden van de kopgroep hebben wel even aan de leiding gereden, alleen Carlos Cardus en Thierry Espié kwamen niet meer in het stuk voor, omdat zij met machinepech de strijd moesten staken. In de laatste ronde ondernam Manfred Herweh een alles of niets poging. "Ik zag een kans om te winnen. Wilde ik wereldkampioen worden, dan moest ik die kans waarnemen. Ik heb daarbij iets teveel gegokt en ben onderuit gegaan", vertelde Herweh na afloop. De overwinning ging nu naar Sarron, die ook al op de laatste ronde gegokt had: "Ik wist dat ik op bepaalde punten sneller was, maar dat wilde ik pas op het laatste moment laten zien. Het lukte en Herweh maakte het voor mij zelfs nog gemakkelijk". Andy Watts werd tot zijn eigen verbazing als tweede afgevlagd. "Ik was al tevreden met een vierde plaats, maar door de schuiver van Herweh gebeurde er van alles en lag ik plotseling tweede." Carlos Lavado ging als derde over de eindstreep. Jean-Francois Baldé, Martin Wimmer en Patrick Pons waren de laatste leden van de kopgroep, die over de finish kwamen. Harald Eckl en Jean-Michel Mattioli waren uit een groot peloton ontsnapt en werden als zevende en achtste afgevlagd. Cornu, Fukuda (slechte start), Mang en Besendörfer vlogen binnen drietiende van een seconde over de streep. Roland Freymond reed op de gewijzigde produktieracer van Honda. Veel succes was er niet voor hem weggelegd. Halverwege de race moest hij de strijd met machinepech staken. 

Christian Sarron, Andy Watts en Carlos Lavado

© foto Hans van Loozenoord

500cc Mamola wint met viercilinder

Raymond Roche werkte tijdens de training keihard aan zijn eerste GP-overwinning. "Ik voel mij, ondanks een pijnlijke rib, sterk genoeg om voluit te gaan. In Assen had ik een kans op mijn eerste GP-zege, maar dat mislukte jammer genoeg. Ik denk dat ik op dit circuit ook een goede kans maak." Hij realiseerde de snelste trainingstijd, maar in de race pakte het even anders uit voor de kleine Fransman. Ron Haslam ging weer als eerste van start, gevolgd door Didier De Radiguès. Mamola, Lawson, Roche en Sheene kregen in de zesde ronde aansluiting bij het leidende tweetal. Twee ronden later was het met de aspiraties van Roche gedaan. Een gebroken achtertandwiel van zijn fabrieks-Honda dwong hem tot overgave. Woedend smeet hij zijn machine in het gras en zijn helm onderging hetzelfde lot. "Verdorie, ik had deze race kunnen winnen", was de reactie van de geëmotioneerde Roche. Lawson en Mamola namen vervolgens de leiding over en sloegen al snel een gat. Haslam en De Radiguès bleven bij elkaar en Barry Sheene moest lossen. Hij werd al spoedig ingehaald door Virginio Ferrari en Wayne Gardner. Leandro Becheroni had inmiddels zijn machine na een schuiver in vlammen zien opgaan. De achtervolgende groep bestond uit McElnea, Lewis, Van Dulmen en Le Liard. In het verdere verloop van de race wisten Uncini en de weer teruggekeerde Katayama zich bij deze groep aan te sluiten. Later ging Paul Lewis, die duidelijk te gek deed, onderuit. Aan de kop hadden Lawson en Mamola te kampen met achterblijvers, wat het duel tussen deze coureurs danig verstoorde. Randy Mamola won voor de tweede maal in zijn carrière de GP van Silverstone (in 1980 werd hij ook als eerste gehuldigd). "Silverstone is mijn favoriete circuit. Ik voelde mij goed en de viercilinder voldeed aan de verwachtingen. Overigens heeft Honda mij helemaal vrij gelaten in mijn keuze. De viercilinder is stabieler en accelereert beter dan de driecilinder." Op de vraag of hij zijn late seizoenstart niet betreurt, antwoordde Mamola: "Inderdaad. Als ik de eerste twee GP's ook had gereden, was de wereldtitel wellicht haalbaar geweest." Eddie Lawson was zoals gewoonlijk niet erg spraakzaam: ,,I hope to keep going and keep finishing." Ron Haslam werd op een driecilinder derde. Didier De Radiguès had na afloop wat moeite om zijn emoties te verbergen. "Eindelijk had ik de beschikking over een fabrieksblok en het ging geweldig goed. In de laatste ronde brak de ketting. Daar sta je dan met lege handen.,," Ferrari liet zich met een vierde plaats eindelijk ook eens voorin zien. Barry Sheene werd vijfde. Wayne Gardner kon maar net Rob McElnea en Takazumi Katayama voor blijven. Franco Uncini bleef achter Marshall en Le Liard net buiten de punten. Boet van Dulmen kwam freewheelend over de finish. "Al in de vierde ronde voelde ik de ketting een paar maal over het achtertandwiel slippen. Later in de race gebeurde dat steeds vaker, waardoor ik niet bij McElnea kon blijven. Toen ik eenmaal buiten de punten raakte heb ik het gas dichtgedraaid, omdat ik ook bang was dat de bak vast zou gaan." Later bleek dat Boet een kapotte achtervorklager had. Henk van de Mark moest met een defecte ontsteking de strijd staken. Rob Punt finishte als drieëntwintigste, gevolgd door Mile Pajic die hiermee zijn (te) zware debuut als SNRT coureur in een GP tot een goed einde wist te brengen.

Raceverslag door Toon Kannekens (bron Moto 73)

©opyright 2006 Gerard van der Pot.