|
Bernard Schnieders sloeg met de vuist op tafel
en riep: "Wij gaan ook goed! We pakken ze nog we!." Ook Egbert
Streuer bleef vol goede moed: "Er is nog niets verloren. In Assen
krijgen we een nieuwe kans." De teleurstelling over de vierde
plaats op
de Salzburgring
werd professioneel verwerkt door elkaar moed in te spreken. Freddie
Spencer herhaalde het huzarenstuk van Mugello, zij het maar nipt. In de
125 cc zaten de jonge Italiaanse coryfeeën deze keer stevig in het zadel.
Fausto Gresini scoorde het maximale aantal punten.
Wéér
speelt het weer Streuer parten
Na afloop van de trainingen kwamen er niets
anders dan positieve geluiden uit het kamp van Egbert Streuer. Alles was
van een leien dakje gegaan en er kon van pole-position vertrokken
worden. Maar vlak voor de start van de race kwamen er evenals twee weken
geleden in Hockenheim onzekere factoren aan de hemel opdoemen. Blijft
het droog of gaat het regenen? Weerselementen, die eerder de halveliterrace
danig in de war hadden gestuurd. Nadat ook Rolf Biland nog op de
startplaats het schoeisel had gewisseld, vertrokken alle toppers op
slickbanden. Er was één uitzondering: Alain Michel. Die vertrok
namelijk helemaal niet, omdat na de opwarmronde de ketting van zijn LCR
brak. Al gauw hadden ze elkaar weer gevonden, de duo's Werner Schwärzel/Fritz
Buck, Egbert Streuer/Bernard Schnieders en Rolf Biland/Kurt Waltisperg.
De drie snelste spannen reden als een touwtje over de snelle
Salzburgring, totdat het begon te regenen en er een gevaarlijke situatie
ontstond. Na elf van de 23 te verrijden ronden besloot de
wedstrijdleiding wel wat erg laat de
race af te vlaggen. Volgens het nieuwe reglement geldt op dat moment de
stand van de vorige ronde en worden voor het eindklassement de tijden
per rijder van de twee afzonderlijke races bij elkaar opgeteld. Zo
luidde de stand na het eerste optreden: aan de leiding Schwärzel,
op 0,2 seconde gevolgd door Biland. Streuer zat op zijn beurt daar weer
0,73 seconde achter. Terwijl de monteurs de wielen wisselden, toonde
Egbert Streuer zijn ongenoegen: "We zaten gewoon wat plaagstootjes
bij Schwärzel
uit te delen. Biland kon alleen maar bijblijven door bij ons te slipstreamen.
Hoewel de motor van Schwärzel een hogere topsnelheid had,
waren wij sneller door harder in de bochten te sturen. Zeker weten dat
we ze gepakt hadden." Omdat de race vroegtijdig werd afgevlagd,
kwam het dus niet zover. Na drie kwartier oponthoud, waarin Werner
Schwärzel even een sjekkie bij Egbert Streuer kwam draaien, moesten de
heren zijspancoureurs aantreden om de rest van hun wedstrijd (13 ronden)
te rijden. Het was inmiddels harder gaan regenen en het hele veld stond
nu op regenbanden. Direct nadat de vlag voor de tweede keer gevallen
was, was eigenlijk ook de wedstrijd beslist. Biland vertrok als een pijl
uit de boog, terwijl Schwärzel in het middenveld wegkwam. Dat was
echter altijd nog beter dan Streuer, die als één na laatste vertrok.
"Ik denk door gebrek aan concentratie. Door het oponthoud waren we
helemaal niet nerveus meer en dat is verkeerd," aldus Bernard
Schnieders. Omgeven door opspattend water wensten de Nederlanders
tijdens hun inhaalrace geen enkel risico te nemen en stonden op het eind
zelfs naast het podium. Steve Webster en Tony Hewitt reden namelijk ook
nu weer erg sterk in de regen en wisten hun in de eerste
"manche" opgelopen achterstand van tien seconden op Streuer/Schnieders
helemaal weg te werken. De zege in Oostenrijk ging uiteindelijk op
eenvoudige wijze naar Biland, die geen problemen kende. Schwärzel was niet helemaal tevreden met z'n tweede
plaats, maar hij blijft wel aan de leiding in de titelstrijd. Hierin
zijn Streuer en Schnieders nu vierde. Over ruim drie weken willen de
Assenaren echter terugslaan. "Als we nou eens normaal weer hebben,
dan pakken we ze allemaal. Aan ons sturen zal het zeker niet
liggen," aldus een vastberaden duo. Voor Theo van Kempen en Bally
de Haas was er weinig geluk in Oostenrijk weggelegd. Na een harde crash
in de training, die gelukkig goed afliep, lag het tweetal in het begin
van de race op de vijfde plaats, totdat de motor vastliep. In de
grimmige omstandigheden hield Hein van Drie dit maal het hoofd koel en
pakte samen met passagier Ian Colquhoun via een tiende plaats netjes het
laatste WK-puntje.
|
 |
|
zijspan
Yab Yum-team Hein van Drie en Ian Colquhoun |
500cc
Lawson komt 0,03 seconden tekort
De 500 cc race werd ook in twee etappes
verreden. Op het moment dat Randy Mamola kopstart pakte,
scheen de zon. Sarron en Lawson volgden onmiddellijk, terwijl Freddie
Spencer omstreeks een tiende plaats was vertrokken. Thierry Espié en
Mike Baldwin kwamen bij de start met elkaar in botsing. Baldwin kon
desondanks vertrekken, maar Espié moest lijdzaam toezien hoe zijn
beschadigde machine naar de pits werd geduwd. Christian Sarron leek
samen met Eddie Lawson een flink gat te slaan, maar in de vijfde ronde
nam Freddie Spencer alweer de voor hem zo vertrouwd geworden eerste
plaats over en liep snel uit op
het Yamaha duo. Zou het dan weer een saaie optocht
worden met de alles overheersende Spencer aan de leiding? Nee dus. Een
druilerige regenbui deed het gat tussen Spencer en zijn achtervolgers
zienderogen slinken. Boet van Dulmen manifesteerde zich ook onmiddellijk
toen de baan nat werd. Binnen twee ronden had hij een twaalfde plaats
verwisseld voor een negende. Op het moment dat de rijders voor de
zestiende maal voor start en finish langs kwamen werd de race afgevlagd.
"Volledig terecht. De dikke druppels achterop het circuit maken de
baan zeer gevaarlijk", riep Randy Mamola. Echt hard regenen deed
het niet, waardoor de beslissing over het schoeisel in bijna alle teams
steeds weer werd uitgesteld. Na een lange pauze volgde een
verkenningsronde, waarna vele coureurs hun regenbanden door
intermediates lieten vervangen. Christian Sarron presteerde het zelfs om
na de opwarmronde nog banden te wisselen. Toen de rijders uiteindelijk
voor de laatste veertien ronden van start gingen, stond bijna iedereen
op intermediates of een licht opgesneden slick. Alleen Haslam en Gardner
vertrokken op volle regenbanden en zouden dus verkeerd gokken. Het was
niet Christian Sarron (te zachte voorband), maar Eddie Lawson die de
aanval op Freddie Spencer opende. In de laatste vier ronden wist de
regerend wereldkampioen zelfs zijn grootste rivaal op afstand te rijden.
"Ik heb gedaan wat ik kon", was het commentaar van een
uitermate teleurgestelde Lawson, toen hij vernam dat hij slechts
driehonderdste van een seconde tekort kwam op de tijd van Spencer.
"Dat het verschil zo klein was had ik bij het ingaan van de laatste
ronde niet in de gaten. Het tweede gedeelte van de race was door de
weersomstandigheden erg zwaar. Ik wilde graag winnen, maar niet ten
koste van alles. Temeer omdat mijn opgesneden slick iets te zacht
was", vertelde Freddie. Christian Sarron werd als derde afgevlagd.
Achter Mamola knokten Baldwin en McElnea op het scherpst van de snede.
Vooral Mike Baldwin nam veel risico en besliste het duel in zijn
voordeel. Toen de totaaltijden bekend werden gemaakt vonden we Boet van
Dulmen op een achtste plaats. "Dankzij de regen heb ik wat plaatsen
op kunnen schuiven. Als het droog was gebleven was ik waarschijnlijk
niet verder gekomen dan een elfde plaats", liet een uiterst
tevreden Boet ons weten.
Rob Punt, voor de eerste maal dit seizoen aan de
start van een GP, finishte als vierentwintigste. SNRT-coureur Henk van
der Mark werd door pech achtervolgd. "Bij de eerste start werd ik
door de botsing van Espié en Baldwin opgehouden en in de tweede sessie
droogde de baan te snel op voor mijn regenband, waardoor ik onderuit
ging."
250
cc: Spelenderwijs Spencer
Tot groot enthousiasme van de toeschouwerschare,
onder wie natuurlijk veel Duitsers, nam Anton Mang direct de leiding in
de kwartliterrace. De Zuid-Bayer probeerde met een razendsnelle start
uit de greep van Freddie Spencer te blijven. Maar zijn dappere poging
was tevergeefs. Al in de vijfde ronde klonk er een hevig gefluit van de
berghellingen ten teken dat Spencer de leiding had overgenomen. Jammer
dat een groot gedeelte van het publiek zich zo meent op te moeten
stellen ten aanzien van een groot coureur. De ijskoele Spencer trok zich
echter niets van dit concert aan en was nog zo sportief om een
"gevecht" met Mang aan te gaan. Zeven ronden voor het einde
vond de Rothmans-rijder het welletjes, ging z'n Marlboro-konkurrent
voorbij en reed zonder noemenswaardige inspanning naar de zege. Met geen
enkel zweetdruppeltje op zijn hoofd onderging "Fast Freddie"
zijn zoveelste huldiging om daarna direct aan de volgende opgave, de
race in de 500 cc, te beginnen. Ondertussen konden de andere kwartlitercoureurs
hun wonden gaan likken. Voor Anton Mang was één
ding duidelijk, de tweede plaats lag niet zozeer aan hem zelf, als wel
aan Spencer’s speciale Honda: "Dat ding is niet bij te
houden." Het Honda-succes op de Salzburgring werd
kompleet gemaakt door Fausto Ricci. De Italiaan reed zich op een keurige
manier naar een eenzame derde plaats. Ricci wist een onderling hevig
knokkende groep van zeven rijders net voor te blijven. Martin Wimmer,
Loris Reggiani, Carlos Lavado, Pierre Bolle, Siegfried Minich en de
nieuwkomers Hans
Lindner en Juan Carriga waren 25 ronden
maar met één
ding bezig; stuivertje wisselen. Uiteindelijk speelde
Martin Wimmer het spel het slimste en werd vierde. Een ook nu weer sterk
rijdende Reggiani
werd vijfde voor
het Oostenrijkse talent Hans Lindner. De onbekende Spanjaard Garriga
pakte de zevende positie voor Pierre Bolle op de Parisienne. Daarachter
pas kwam Carlos Lavado over de streep. De anders zo opgewekte Venezolaan
was duidelijk teleurgesteld met zijn klassering. Met gebarentaal gaf hij
aan, dat het niet aan zijn rechter pols, maar aan zijn motor lag.
Maurizio Vitali reed in het beginstadium van de race op de derde plaats,
maar vermogensverlies bij de Garelli zorgde ervoor dat het aan de finish
slechts een vijftiende was.
125
cc Italianen houden hoofd koel
Gezien het beeld in de vorige Grands
Prix moest August Auinger
in staat worden
geacht om voor eigen publiek te winnen. Een Oostenrijkse GP winst zou
een primeur op de Salzburgring zijn. Auinger's
Bartol-MBA is zeer snel
gebleken, maar helaas valt de bestuurder er nog wel eens af. De
Oostenrijker is echter
niet de enige 125 cc topper, die dit doet. De avond voor de
race sprak FMI-Garelli teammanager Eugenio Lazzarini met zijn jeugdige
beschermelingen Fausto Gresini en Ezio Gianola. Om de kansen op de
wereldtitel te behouden moesten in Salzburg zeker punten worden gescoord
en het liefst zoveel mogelijk, anders zou de titel wel eens al te
gemakkelijk bij Pier Paolo Bianchi kunnen komen. Genoemde vier coureurs
vormden prompt de kopgroep in deze race. Van het viertal moest Bianchi
al snel lossen, omdat zijn MBA minder ging lopen. De strijd om de eerste
plaats ging echter onverminderd en op fraaie wijze door. Dankzij ééndrachtig samen te werken wisten Gresini en
Gianola te voorkomen, dat Auinger op kop kwam. Dit was de Oostenrijker -
rijdend met het startnummer één - tot groot enthousiasme van het
publiek alleen even in de tweede ronde gelukt. Hierna was het steeds één van de Garelli's. Op de streep bleek een
dolgelukkige Gresini het snelste te zijn. Auinger werd tweede, Gianola
derde. Zo werd Lazzarini een tevreden manager en stak zijn lof over zijn
twee jonge rijders niet onder stoelen of banken. Gresini's commentaar na
afloop: "zo zie je maar hoe moeilijk het is je thuis-GP te winnen.
Mij lukte het verleden week niet en nu Auinger niet." Bianchi en
Bruno Kneubühler reden een éénzame wedstrijd op de vierde en vijfde
plaats. Om de zesde positie knokte een grote groep rijders. Uiteindelijk
bleek Olivier Liegeois van hen de sterkste te zijn. Anton Straver had
weliswaar een bliksemstart, maar was niet in staat om bij genoemde groep
aan te klampen. Anton streed in een tweede peloton van zeven rijders en
werd uiteindelijk veertiende. Na alle ellende in de afgelopen weken was
hij daar best tevreden mee: "Dit is een pak van m'n hart. Eindelijk
weer eens een fijne race gereden." Dat kon Ton Spek niet zeggen, want na een
vastloper in de warming-up training kon hij zijn motor niet meer op tijd
herstellen. Boy van Erp, die een goede indruk in de training had achter
gelaten, kwam na een slechte start helaas niet verder dan de drieëntwintigste
plaats.
 |
|
125cc
winnaar Fausto Gresini (3) voor 2e August Auinger (1) en 3e Ezio
Gianola (15)

|
|
Rolf Biland concentreerde zich in Salzburg
op z'n combinatie met Yamaha
motor, De LCR met de Krauser L4 krachtbron werd thuis gelaten.
Rolf: "Vanaf Assen gaan we alleen door met de nieuwe: op
het ogenblik hebben we onderdelen voor vier motoren. In de
komende weken moet er nog heel wat getest worden." Het dilemma van Biland is, dat hij niet alleen
ontwikkelingswerk kan doen. Er moet ook gepresteerd worden.
Rolf: "Rothmans ziet me namelijk volgend jaar liever niet
weer met startnummer vier rijden. "
0-0-0-0-0-0
Rob Punt nam voor de GP van Oostenrijk de start van de
geblesseerde Mile Pajic over. Rob had ook over diens Honda
kunnen beschikken, maar wees het aanbod van de SNRT af. "Ik
kon hem voor drie GP's krijgen, maar daar schiet ik niets mee op.
Het duurt even voordat je aan zo'n machine gewend bent en dan
moet je weer op je eigen fiets stappen. Bovendien heb ik nu nog
wat kontakten met Suzuki. " Rob hoopt trouwens voor de TT van
Assen over beter materiaal te beschikken. "Uit deze Suzuki
is niets meer te halen en we hebben haast geen onderdelen,"
aldus
Neerlands 500
cc kampioen.
0-0-0-0-0-0
Raymond Roche vertelde in Salzburg
niet alleen te worstelen met een pijnlijke voet. "Het valt
tegen om in een team van een wereldkampioen te zitten. De druk,
de monteurs en alles eromheen maken het allemaal erg moeilijk,
ik voel mij op dit moment bepaald niet happy, " aldus de
kleine sympathieke Fransman.
|

|
|
Raymond Roche met Boet |
0-0-0-0-0-0
Kel Carruthers, technisch manager
achter de Yamaha successen van Kenny Roberts en Eddie Lawson,
vestigde tijdens de GP van Oostenrijk een nieuw record. In
Salzburg ging namelijk voor de 76e keer een 500 cc Yamaha onder
verantwoording van Carruthers van start en 70 keer kwam de
machine over de finish. In de laatste 25 GP's viel men zelfs
niet een keer uit. Yamaha feliciteerde de oerbetrouwbare
Carruthers en sprak de hoop uit, dat de 100 gehaald gaat worden.
0-0-0-0-0-0
Gustav Reiner en Mario Rademeyer waren
dusdanig van hun blessures hersteld, dat zij op de Salzburgring
weer in staat waren te racen. Dat deed tot veler verbazing ook
Carlos Cardus, ondanks het feit dat hij in Mugello een breuk in
zijn linker enkel had opgelopen. Bij zijn Cobas waren het
schakel- en remmechanisme omgewisseld. Na een vijfde
trainingstijd had de Spanjaard in de race een slechte start en
viel bovendien snel uit.
0-0-0-0-0-0
Kenny Roberts was in Salzburg als
vakantieganger aanwezig
|
|