Home

Jack Middelburg

Guestbook

GP-races

Daytona

Toon Kannekens

Diverse

 

1982 GP Oostenrijk, Salzburgring 02-05-1982

 

1982_Oostenrijk_GP_125cc_02.JPG (104692 bytes)

1982_Oostenrijk_GP_125cc_Hans_Muller_.jpg (90058 bytes)

1982_Oostenrijk_GP_125cc_Nagel_Nieto_Aigust_Auinger_en_Ricardo_Tormo_00.JPG (90580 bytes)

1982_Oostenrijk_GP_500cc_Marco_Lucchinelli_voor_Franco_Uncini_.JPG (93009 bytes)

1982_Oostenrijk_GP_500cc_Ekerold_Uncini_Lucchinelli.JPG (93243 bytes)

1982_Oostenrijk_GP_125cc_01.jpg (109165 bytes)

1982_Oostenrijk_GP_500cc_Loris_Reggiani_Leonardo_Becheroni_Barry_Sheene_.jpg (98125 bytes)

1982_Oostenrijk_GP_500cc_Randy_Mamola_en_stalgenoot_Virgino_Ferrari__.JPG (101041 bytes)

1982_Oostenrijk_GP_500cc_Freddie_Spencer_Barry_Sheene_.JPG (72862 bytes)

1982_Oostenrijk_GP_500cc_03.Franco_Uncini_.jpg (70748 bytes)

1982_Oostenrijk_GP_500cc_05.jpg (104845 bytes)

1982_Oostenrijk_GP_500cc_04.Franco_Uncini_.jpg (87825 bytes)

1982_Oostenrijk_GP_500cc_uitval_Freddie_Spencer_.jpg (105492 bytes)

1982_Oostenrijk_GP_500cc_Kenny_Roberts_Graeme_Crosby_.JPG (79140 bytes)

1982_Oostenrijk_GP_500cc_Loris_Reggiani_Leonardo_Becheroni_Barry_Sheene_.jpg (79938 bytes)

 

klasse 1e 2e 3e

125 cc

Angel Nieto

August Auinger

Pierpaolo Bianchi

350 cc

Eric Saul

Anton Mang

Patrick Fernandez

500 cc

Franco Uncini

Barry Sheene

Kenny Roberts

zijspannen

Rolf Biland

Alain Michel

Werner Schwärzel

 

 

Franco Uncini ijskoud

Franco Uncini en Eric Saul waren de twee verrassende winnaars van respectievelijk de 500 en 350cc klasse. In de 125cc boekte Angel Nieto zijn 73e GP-zege, terwijl het duo Biland-Waltisperg de zijspanklasse op overtuigende wijze won.  

De Salzburgring liet zich weer eens van haar slechtste zijde zien. Sneeuw op de beide trainingsdagen zorgde voor de nodige paniek bij organisatie en coureurs, die via allerlei kunstgrepen toch nog in de middag- en avonduren aan de voorgeschreven vier trainingsperioden wisten te komen. Zondag scheen er tot ieders verbazing een waterig zonnetje en werden de dreigingen van coureurszijde, bij sneeuw niet te zullen rijden, definitief terzijde gelegd. Na de privé-trainingen in de voorgaande dagen waren de fabrieksploegen duidelijk in het voordeel t.o.v. mannen als Boet van Dulmen, Seppo Rossi en Leandro Becheroni, die het allemaal uit eigen zak moesten betalen. Maar de privé-rijders kregen op de Salzburgring een erg sterke bondgenoot in de vorm van sneeuw en regen, waardoor natweerspecialist Boet van Dulmen voortdurend handenwrijvend (en niet vanwege de kou...) naar de donkere lucht stond te kijken. Ook op de valpartijen van de coryfeeën in de privé-trainingen en de vrijdagtraining had Boet een geheel eigen commentaar. Na valpartijen van Randy Mamola, Marco Lucchinelli, Takazumi Katayama, Kork Ballington, Jack Middelburg en Freddie Spencer zei Boet breed grijnzend: "zo, nog een stuk of vier fabrieksrijders en dan kom ik eindelijk aan de beurt bij de Japanners!" Op de natte koude baan bleven de trainingstijden ver boven de tijden van vorig jaar (ronderecord Randy Mamola: 1.20,74). De snelste tijden werden op vrijdag al gezet. Crosby pakte de "poleposition" met 1.25,49, met naast zich op de eerste startrij Sheene, Roberts (die twee nieuwe V-4 racers tot zijn beschikking heeft), Fontan, Van Dulmen en Gustav Reiner. De laatste, bekend om zijn wilde rijstijl, zou weinig plezier aan zijn optreden op de Salzburgring beleven, want zowel in de 350 als in de 500cc race kwam hij ten val.   

 

Randy Mamola

Marco Lucchinelli

Randy Mamola beleeft toch wel plezier aan de sneeuw

350 cc: Didier de Radiguès de grote verrassing  

Didier de Radiguès

Omdat niemand vanwege de natte baan al te veel waarde hechte aan de trainingsresultaten, was het optreden van de Belg Didier de Radiguès des te verrassender. De Brusselse coureur vestigde vorig jaar en in de Argentijnse GP al de aandacht op zich en ook in Salzburg pakte hij de snelste trainingstijd met zijn Chevallier Yamaha. Reiner, Fernandez, Sarron, Cornu en Sibilie maakten de eerste startrij vol. Eric Saul, samen met de Radiguès in het Johnson-Elf team, en Carlos Lavado, de winnaar van Argentinië, stonden op de tweede rij, terwijl titelverdediger Anton Mang tot zijn eigen verbazing samen met Peter Looijesteijn op de derde startrij terecht kwam. De race werd in verband met het opdrogen van de baan drie kwartier later gestart dan gepland, zodat alle races qua lengte een aantal ronden ingekort werden. De Radiguès en thuisrijder Siegfried Minich hadden beiden een droomstart. De Radiguès liet er vanaf de eerste meters geen twijfel over bestaan dat hij op de snelste machine zat en reed zonder problemen weg van Anton Mang, Patrick Fernandez en de sterk sturende Oostenrijker Minich. "Ik kon zelfs niet in zijn slipstream blijven" verzuchtte Mang na afloop. "We hebben de machines door de natte weersomstandigheden van de laatste maanden niet optimaal af kunnen stellen. In Italië en Argentinië, en ook hier weer, regende het voortdurend, zodat we op safe gegaan zijn." Carlos Lavado zag kans zich na een zeer matige start snel naar voren te werken. Vanuit 18e naar een vijfde positie gekomen, moest hij echter in de elfde ronde met pech opgeven. Nog veel dramatischer verliep de race voor De Radiguès. Met elke ronde liep hij verder van het veld weg, om in de veertiende ronde plotseling geconfronteerd te worden met een blokkerende versnellingsbak, waardoor hij op moest geven.  

350cc Didier de Radiguès valt uit en ziet Anton Mang (achterwiel net zichtbaar) voorbij flitsen.

Halfweg de race werd de situatie daardoor als volgt: Mang, Fernandez en Minich vormden de kopgroep, maar werden al in de rug gekeken door Eric Saul en Gustav Reiner. Daarachter volgde een fraai gevecht tussen Wolfgang von Muralt, Jacques Cornu, Alan North, Tony Rogers, Jeffrey Sayle en Jean-Francois Baldé. Eric Saul toonde zich in de slotfase verrassend de meerdere van Mang en Fernandez, Minich greep de vierde plaats tot grote vreugde van het Oostenrijkse publiek, terwijl Cornu en North de volgende ereplaatsen voor zich opeisten. Geen WK-punten waren er voor "Kamikaze" Gustav Reiner, die er in de chicane afviel met nog slechts drie ronden te gaan, en Baldé, die over de brokstukken van Reiner tuimelde. Peter Looijesteijn, Edwin Weibel, Pekka Nurmi en Mar Schouten zaten lange tijd bij elkaar in het middenveld. Alleen Looijesteijn en Weibel haalden de eindstreep. Mar Schouten moest opgeven door een kapotte koppeling, terwijl Nurmi eveneens de pechduivel tegenkwam.   

winnaar Eric Saul (staand) 2e. Anton Mang 3e. Patrick Fernandez

 

125 cc: Lazzarini niet, Nieto wel  

start 125 cc, 1.Angel Nieto, 6.August Auinger, 12.Willy Perez, 3.Pier-Paolo Bianchi, 8.Ricardo Tormo, 4.Hans Müller

"Samen over de eindstreep" zingt Wim Kan in één van zijn oudejaarsconferences. Dat leek er in het begin ook in te zitten voor het Garelli-duo Lazzarini, die een kleine voorsprong had genomen, en Nieto, die de grootste moeite had met de Oostenrijker August Auinger en Ricardo Tormo. Met nog zes ronden te gaan moest Lazzarini echter met een kapotte motor naar de pits, waarna Nieto heel vakbekwaam afrekende met Auinger. Tormo was er toen al niet meer bij, want die trok zijn Sanvenero bij het uitkomen van de chicane onderuit, waarbij hij zijn hand blesseerde. Van Kessel had datzelfde al enkele ronden eerder gedaan, eveneens in de chicane, hetgeen de Nederlander een paar geblakerde billen bezorgde. Voor Jan Eggens, die meeknokte in een grote groep in het middenveld, liep een valpartij minder fortuinlijk af. Eggens liep een gecompliceerde armbreuk op, die hem voor lange tijd buiten spel zet. Theo Timmer leek hierna de Nederlandse eer hoog te gaan houden. Na heftige schermutselingen maakte hij zich los uit een groep van tien rijders en leek hij op een fraaie achtste plaats af te stomen. Een enorme sliding haalde Theo echter vlak voor het eind uit zijn ritme, waardoor hij slechts achttiende werd. Voor Stefan Dörflinger en Hans Müller verliep de race matig. In de vrije training op zondagmorgen draaide Müller nog even gauw een krukas kapot, zodat hij in recordtempo het blok moest reviseren. Dat resulteerde in een bijzonder slechte start, waarmee hij de voordelen van zijn snelste trainingstijd totaal verspeelde. Dörflinger kwam al even beroerd weg en zag na enkele ronden het hopeloze van zijn situatie in. Müller wist echter van geen opgeven. Hij joeg zijn MBA door het veld naar voren, om uiteindelijk op een vierde plaats te finishen. 

500 cc: titanenstrijd

Als alle 500cc wedstrijden zo mooi zijn als de race in Oostenrijk, dan staat de fans nog wat te wachten komend seizoen! De 500cc race ging onder dreigende weersomstandigheden van start, maar meer dan enkele spatjes regen vielen er gelukkig niet. Sheene opende sterk en wist als nummer 7 ook zeven ronden op kop te blijven. Alle favorieten zaten voorin of slaagden erin om na enkele ronden de aansluiting te herstellen met de kopgroep. Eén man lukte dat niet: Randy Mamola, die nog liep te duwen toen alle anderen al uit het gezicht verdwenen waren. Bij de derde doorkomst was de volgorde: Sheene, Roberts, Crosby, Lucchinelli, Spencer, Van Dulmen, Reggiani, Reiner (of te wel "Kamikaze Gustl"), de Europese kampioen Becheroni, Fontan, Uncini, Ballington, Katayama, Paci, Rossi en Pelletier. Jack Middelburg had, na twee vastlopers en een valpartij in de training, een slechte start in de race. In de vijfde ronde was het al afgelopen voor Jack toen hij met een vetgeslagen bougie te kampen kreeg en op moest geven. Bijzonder ongelukkig verliep de race voor Peter Looijesteijn. Vanwege het koude weer werden er twee opwarmronden verreden. In de tweede ronde kwam Peter, vermoedelijk door een lekke voorband of een gebroken wiel, bij dik 200 km/uur ten val. Jon Ekerold zag het voor zijn ogen gebeuren: "Peter kon er absoluut niets aan doen. Het voorwiel begon plotseling te zwabberen. Hij was kansloos. Dat overleeft hij niet, flitste het door mij heen". Peter kwam echter als door een wonder met lichte verwondingen weg: gebroken kuitbeen, verrekte enkelbanden, 15 hechtingen in de hand en een shock. Afgelopen vrijdag kwam hij, met beide benen in het gips, weer in Nederland. Zijn Suzuki veranderde in schroot, hetgeen de toch al wankele financiële positie van Looijesteijn nog verder uit balans bracht. De 500cc race kreeg in de achtste ronde een plotselinge wending toen Sheene's Yamaha op drie cilinders begon te lopen en hij in een paar ronden tijd terugviel naar de achtste plaats. "Ik dacht al aan stoppen toen de fiets plotseling weer op vier cilinders begon te lopen" aldus Barry, die in de slotfase - mede door valpartijen van Lucchinelli en Reggiani - terug kwam naar de tweede plaats. Roberts nam vervolgens enkele ronden de kop over, om daarvan weer verdreven te worden door Uncini en Lucchinelli, die daarna het gezicht van de race bepaalden. Samen liepen ze weg van Spencer (die in de negentiende ronde uit zou vallen), de fantastisch sterk rijdende Reggiani, Sheene, Roberts en Crosby. Boet van Dulmen bleef na zijn goede start trouw "zwaan kleef aan" spelen, al moest hij halfweg de race het tempo iets laten zakken. "Ik moest constant op de grens rijden om er bij te blijven. Dat hield ik niet de hele race vol". De man uit Ammerzoden profiteerde echter dankbaar van het uitvallen van Spencer en de val van Lucchinelli en Reggiani in de laatste ronde, waardoor hij een fantastische vijfde plaats greep met zijn privé Suzuki.moest van de ideale lijn af om Uncini buitenom voorbij te kunnen. Daar bleek de weg net iets minder stroef door wat regen of misschien wel olie van Reiner's machine". Inderdaad, "Kamikaze Gustl" ging in zijn eerzucht net even iets te ver in zijn duel om de zevende plaats met Seppo Rossi en stortte twee ronden voor de finish opnieuw ter aarde. Reggiani werd indirect ook slachtoffer van de val van Lucky, die geen verwondingen opliep. In paniek geraakt door alle vlaggen en brokstukken kneep hij iets te hard in de voorrem en ging plat. Ook hij bleef ongedeerd, maar Sheene profiteerde dankbaar. En Uncini? Die reed ijskoud als eerste over de finish. "Ik heb vijf jaar op een nieuwe GP-zege moeten wachten. In 1977 won ik de 25 cc races in Imola en Brno. Dit jaar ben ik de nummer één van Suzuki-Italië. Ik ben 27, maar m'n carrière lijkt nu pas te beginnen!" Roberts greep al even koel de derde plaats. "Als koploper in het wereldkampioenschap wilde ik niet al te veel risico's nemen. Laat de anderen maar aanvallen. Daarvoor is de OW-61 nog te nieuw". 

Franco Uncini winnaar 500cc

Barry Sheene (l) Franco Uncini en Kenny Roberts

Zijspannen: Biland supersnel, pech voor Streuer

De start van de zijspannen begon chaotisch voor het Franse koppel Monnin/Gerard. De laatste viel bij de start uit de bak, hetgeen Monnin pas driekwart ronde later ontdekte toen het zijspanwiel omhoog kwam en hij in de chicane omkiepte. Rolf Biland was veruit de snelste in de training en hij stoof na een goede start regelrecht op de zege af. Alain Michel kon het tempo van zijn rivaal niet volgen en greep een onbedreigde tweede plaats. Egbert Streuer had in de vrije training op zondagmorgen nog een vastloper te verwerken. Daardoor moest hij in de eerste fase van de race wat kalmer aan doen, om tenslotte in de achtste ronde een plaats bij de eerste vijf verloren te zien gaan door een gebroken zuiger. Ook het duo Jones/Ayres zag veel WK-punten verloren gaan toen Ayres in de chicane uit de bak viel en zij terugvielen tot de tiende plaats. Piet Huybers finishte met een dertiende plaats als laatste. Hein van Drie en Jo van de Ven kwamen niet aan racen toe. Van de Ven stond met een tijd van 1.42.05 als eerste reserve genoteerd, terwijl Van Drie vanwege een gebroken drijfstang geen goede tijd neer kon zetten.

 

Raceverslag door Toon Kannekens (bron Moto 73)

©opyright 2006 Gerard van der Pot.