8 |
Jean-François
Baldé wordt op 29 december 1950 in Mulhouse geboren. Hij heeft
ongeveer aan 200 GP’s deelgenomen, waarin hij vijf keer het
hoogste treetje van het podium heeft beklommen, in Argentinië,
in Frankrijk, in Groot-Brittannië, in Nederland en in
Zuid-Afrika en een elftal keer op de twee anderen treden heeft
plaatsgenomen. Hij kan dus terugkijken op een prima loopbaan als
wegracer: één maal tweede in het kampioenschap van de 250cc
achter de Duitser Anton Mang, drie keer derde van hetzelfde
kampioenschap, maar ook in de 350cc. Tevens drie keer eerste in
het kampioenschap van Frankrijk - één in Endurance en twee
keer in de wegrace soloklassen, de categorieën 250cc en 500cc.
Hij
maakt zeer snel naam op nationaal niveau maar zijn
internationale loopbaan laat wat langer op zich wachten. Hij
begint de strijd in 1968 aan het stuur van een 250cc Suzuki en
in 1970 krijgt hij de steun van de stal Guignabodet die hem
motoren voor Endurance en wegrace ter beschikking stelt. Hij
sprokkelt hier en daar wat punten bij elkaar, maar het is in 1980
dat Baldé zijn betere resultaten neer begint te zetten. Beklimt
hij regelmatig de podia van de GP’s en behaald een derde
plaats in de 250cc klasse, achter Toni Mang en Kork Ballington,
beide eveneens rijdend op Kawasaki. Hij pakt ook schitterend een
3e plaats in de 350cc, dit jaar. Ondanks deze goede resultaten
moet Jean François Baldé nog wel wachten op zijn eerste
overwinning. In 1981 zal deze droom uitkomen. In de eerste GP
van het seizoen, in Argentinië, verovert hij zijn eerste
overwinning in de kwartliterklasse en zet daarna zijn zinnen op
de titel. Hij zal het hele seizoen met Anton Mang om deze titel
strijden, maar het is de Duitser die de wereldkroon zal opzetten
aan het einde van het seizoen. In de 350 beëindigt hij het jaar
in 3e positie. In
1982 hoopt hij nog het kampioenschap in 250 en vooral in de 350
(laatste jaar dat deze wordt verreden) te winnen. Hij rijdt een
schitterend seizoen, is zelfs zeer lang de leider in de 350cc
categorie, maar opnieuw Mang weerhoudt hem van de begeerde
titel. De volgende jaren zullen moeizamer verlopen. Zijn
Kawasaki is niet meer concurrerend en in 1983 stapt hij over op
de motoren van Chevallier, van de beroemde tuner en framebouwer
Alain Chevallier. Een ongeval halverwege het jaar, schakelt hem
uit voor de rest van het seizoen. In 1984 stapt hij nog over
naar de stal Pernod om de in Frankrijk gebouwde 250cc te rijden.
Ook dit brengt hem niet meer de successen van weleer. Hij gaat
nog enige jaren door met diverse merken, maar het podium zal hij
nooit meer beklimmen. Hij stopt in 1989 op 39-jarige leeftijd.
| Eindstand |
klasse |
jaar
|
merk
motor |
punten |
aantal
winst |
|
41e
|
500cc
|
1973
|
Kawasaki |
3 |
-
|
|
40e
|
250cc
|
1975
|
Kawasaki |
1 |
-
|
|
26e
|
350cc
|
|
Yamaha |
5 |
-
|
|
18e
|
250cc
|
1976
|
Kawasaki |
8 |
-
|
|
18e
|
350cc
|
|
Yamaha |
10 |
(1x
3e) |
|
29e
|
250cc
|
1977
|
Kawasaki |
4 |
-
|
|
13e
|
250cc
|
1978
|
Kawasaki |
19 |
-
|
|
8e
|
250cc
|
1979
|
Kawasaki |
29 |
-
|
|
3e
|
250cc
|
1980
|
Kawasaki |
59 |
(2x
2e) (1x 3e)
|
|
3e
|
350cc
|
1980
|
Kawasaki |
38 |
(1x
2e) |
|
2e
|
250cc
|
1981
|
Kawasaki |
95 |
1x
|
|
3e
|
350cc
|
1981
|
Kawasaki |
49 |
(2x
2e) (2x 3e)
|
|
12e
|
250cc
|
1982
|
Kawasaki |
22 |
(1x
2e) 1x 3e)
|
|
3e
|
350cc
|
1982
|
Kawasaki |
59 |
3x
|
|
8e
|
250cc
|
1983
|
Chevallier/Yamaha |
32 |
1x
|
|
10e
|
250cc
|
1984
|
Pernod |
25 |
-
|
|
19e
|
250cc
|
1985
|
Honda |
8 |
-
|
|
5e
|
250cc
|
1986
|
Honda |
63 |
|
|
18e
|
250cc
|
1987
|
Defi/Rotax |
6 |
-
|
|
Vanaf
1988 nieuwe puntentelling, meer punten.
|
|
31e
|
250cc
|
1988
|
Defi/Rotax |
11 |
-
|
|
44e
|
|
1989
|
Yamaha |
1 |
-
|
|
|