|
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
1976
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
De 2e F750cc race was al snel achter Amerika en men had deze gepland in Zuid-Amerika, in het snikhete (38 graden) thuisland van Johnny Cecotto, Venezuela. Hier werd op het splinternieuwe circuit van San Carlos gereden. Vele toeschouwers waren op de race afgekomen, want men wilde hun nieuwe volksheld uiteraard wel eens aan het werk zien. In de 1e manche stelde hij ze dan ook niet teleur, Cecotto nam in de 2e ronde de kop over om die tot aan de finish niet meer af te staan. Waarschijnlijk door de warmte en de gladheid van het nieuwe circuit deden er zich vele valpartijen voor. Pat Hennen kreeg het zelfs voor elkaar om na een valpartij de race te hervatten en er later nogmaals af te duikelen. Patrick Pons brak bij een val zijn been en zou zich bij Jack's latere vriend, de specialist Derweduwen in België laten opereren. Derweduwen kon in deze jaren al rekenen op vele patiënten onder de Grand-Prix coureurs, maar zoals gezegd, geen was hem zo 'dierbaar' als Jack. Steve Baker en Gary Nixon completeerden het podium van de 1e manche. In de 2e manche zou Cecotto de finish niet halen, ruim aan de leiding liggend en met nog maar 9 ronden te gaan, werd Johnny bevangen door de hitte, 69 ronden geconcentreerd en hard rijden in de hitte waren hem te veel geworden en met zijn laatste krachten kon hij de pits halen en liet zich door zijn verbaasde monteurs opvangen. Het grootste deel van het publiek wachtte daarna de finish niet eens meer af en toog naar huis! Nu won Steve Baker de 2e manche voor Gary Nixon en John Newbold. De totaaloverwinning ging ook naar Baker voor Nixon, Newbold en Michel Rougerie. Barry Sheene viel in beide manches uit en Cecotto kwam nu niet verder dan een 19e plek in de totaaluitslag. Er waren dit jaar 9 races in het F750 circus, waarvan de beste 5 uitslagen telden voor het kampioenschap. Heb het nooit kunnen begrijpen, dat schrappen van die slechte resultaten, maar goed.
En daar was dan Assen weer, de 8e race van het seizoen. Gary Nixon ging aan de leiding in de tussenstand voor Michel Rougerie en John Newbold. Steve Baker en Barry Sheene konden helaas vanwege verplichtingen elders niet van de partij zijn. Helaas gebeurde het nog wel vaak dat de verschillende toppers in deze jaren verstek moesten laten gaan tijdens de F750 races. De Assen-editie zou echter voor veel spektakel zorgen. Zondagmorgen kwamen donkere wolken bovendrijven, maar de meeste coureurs gingen tevergeefs bij Michelin langs, want die hadden niet op slecht weer gerekend en maar een beperkt aantal regenbanden bij zich! Bij Dunlop was het niet anders. Met man en macht waren de bandenfabrikanten dus slicks aan het opsnijden gegaan. Voor deze intermediates stonden hele wachtrijen! Sensatie bij de start, Giacomo Agostini die voor Johnny Cecotto de snelste trainingstijd had gerealiseerd, moest zijn vizier wisselen, omdat het gescheurd was. Het was echter al minder dan een minuut voor de start en hij rende het rennerskwartier in. Waar men normaal nogal eens schipperde als het om toppers ging, was hier de wedstrijdleider onverbiddelijk en gaf het startsein. Toen Agostini buiten adem terug aan de start verscheen was iedereen al vertrokken, ook de 2e startgroep. Tevens was het een paar seconden voor de start gaan regenen, dit tot o.a. groot verdriet van Jack, die als redelijk onbekende (internationaal) coureur zijn 2e F750 GP op Assen ging rijden, en niet aan intermediates of regenbanden had kunnen komen. Op zijn slicks vertrok hij voor de 1e manche. Erg jammer aangezien hij met een 11e trainingstijd in het gerenommeerde startveld van 36 toegelaten coureurs, een fenomenale prestatie had neergezet. Agostini zette de achtervolging in, terwijl zijn achterband ook een slick was. Vlak voor de 1e doorkomst lag Cecotto aan de leiding, maar in de Geert-Timmerbocht ging zijn machine helemaal dwars en wierp zijn berijder af. Zijn stuiterende motor veranderde in een mum van tijd in een brandende fakkel! Op de baan ontstond een vuurzee, veroorzaakt door een gescheurde tank van de machine van Johnny Cecotto. Wil Hartog kon niet anders dan dwars door de vuurzee te rijden en raakte met zijn voet de tank. Hij reed nog een paar ronden door, maar moest toen toch de strijd staken, met een verstuikte voet. Op de baan ontstonden flinke plassen en daarvan waren vele coureurs het slachtoffer onder wie Jack, die een prima race reed op de gladde banden. Phil Read wist uiteindelijk de 1e manche te winnen. De 2e manche ging van start op een droge baan, terwijl de meesten nu op regenbanden stonden, ook Jack die een set te pakken had gekregen. Dit was nu helaas een verkeerde gok. Agostini reed iedereen op zijn droogweerbanden helemaal zoek en won de 2e manche met overmacht. Kork Ballington, die even tijdens een tankstop van Ago de leiding had gehad, eindigde als 2e. Jack reed een keurige race en eindigde als 15e in de 2e manche. De totaaloverwinning ging naar Victor Palomo met een 3e en 4e plaats. Gary Nixon die leider was in de tussenstand voor het WK, viel uit en Palomo nam ook de leiding over. Door de laatste GP op het circuit van Hockenheim ook te winnen, voor Gary Nixon, pakte Victor Palomo de titel in het F750 kampioenschap. Palomo was overigens in 1969 in een andere sport, nl. waterskiën, ook al wereldkampioen geweest!
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Ook dit jaar werden wedstrijden verreden tussen Engelse en Amerikaanse teams. De TRANSATLANTIC (Anglo-American Match-series) races. Dit jaar vonden deze wedstrijden voor de 6e maal in successie plaats en wel op de circuits van Brands Hatch, Mallory Park en Oulton Park. De Engelsen hadden de eerste 4 edities gewonnen, maar in 1975 hadden de Amerikanen aan het langste eind getrokken. De teams bestonden uit 8 coureurs. Steve Baker was dit jaar de grote man, hij won 4 van de 6 manches, terwijl Barry Sheene en Kenny Roberts er beiden 1 wonnen. Baker scoorde ook nog een 2e en een 4e plek en werd dus uiteraard individueel winnaar, maar hij moest de landenoverwinning weer aan Groot-Brittannië laten. |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Het echte Grand-Prix circus ging van start in Frankrijk op Le Mans. Kenny Roberts bleef dit jaar nog in Amerika om zijn in 1975 verloren AMA titel te heroveren, die hij in 1973 en 1974 op zijn naam had gebracht. Het zou hem overigens niet lukken, hij werd 3e achter Jay Springsteen en Gary Scott. Barry Sheene liet zien helemaal terug te zijn, na zijn ietwat ongelukkig verlopen 1975 seizoen. Hij bracht de 500cc op zijn naam, voor Johnny Cecotto en het nieuwe Italiaanse aanstormende talent Marco Lucchineli, over wie je ergens anders op mijn site ook h.e.e.a. kan lezen (net als over o.a. Cecotto en Sheene trouwens). Drie van mijn favorieten op een podium in Frankrijk 1976 dus.
Barry Sheene liet er geen gras over groeien, in zijn jacht op weg naar zijn 1e wereldtitel in de koningsklasse. Na Frankrijk won hij ook de 2 volgende races in Oostenrijk en Italië. In Joegoslavië kwamen de 500cc coureurs niet in aktie en de 5e GP van het jaar was weer de Engelse, op het Eiland Man. Deze GP liet Barry weer vanwege het gevaar aan zich voorbij gaan en die werd gewonnen door Tom Herron, de later zo ongelukkig verongelukte coureur op een stratencircuit in zijn thuisland Ierland. Herron bracht ook de 250cc klasse hier op zijn naam, ook hier vanwege de afzegging van o.a. Walter Villa. Al was Tom Herron de specialist bij uitstek wat de races op Man betrof. Ook dit jaar vielen er tijdens de TT weer 2 doden te betreuren (Les Kenny (Aus) 250cc en Walter Worner (D) zijspannen). Overigens kwamen er tijdens de Italiaanse GP dit jaar ook 2 Italiaanse coureurs om het leven (Otello Buscherini en Paolo Tordi), maar tijdens de TT races op Man was het "normaal". Men besloot in Engeland, de Grand Prix vanaf 1977 dan toch maar op Silverstone te gaan verrijden, nadat de internationale motorwereld de races op Man in de ban deed. Dit overigens tot grote teleurstelling van de meeste Britten. Barry ging wel met een hele ruime puntenvoorsprong naar Nederland om daar de volgende GP op Assen te verrijden, ondanks dat hij niet deelnam aan de TT-race op Man. |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
De TT van Assen was al weer de 5e GP van het seizoen voor de 500cc op een snikheet Assen-circuit. Er werd door de coureurs tevergeefs een beroep gedaan op de wedstrijdleiding om de races, vanwege de hitte, in te korten, maar men ging hier niet op in. Vele rijders zouden door de warmte de races niet of half in katzwijm uitrijden. Johnny Cecotto zou alleen in de 350cc uitkomen. Hij had dit seizoen al 12 valpartijen! met de 500cc Yamaha gehad en zijn manager vond dat hij zich voorlopig maar op de lichte klasse en dan vooral op de prolongatie van zijn 350cc titel moest richten. Hij kwam helaas in de 350cc niet verder dan een 8e plaats, nadat hij in Oostenrijk en Italië nog als overwinnaar over de streep was gekomen, maar hij zou dit jaar niet opgewassen zijn tegen de geweldenaar in de middenklassen, Walter Villa uit Italië. De 500cc zou van tevoren al een uitgemaakte zaak zijn, ook al weet je het uiteraard nooit in de mechanische motorsport. Barry Sheene was veruit de snelste in de training geweest ver voor Agostini en zeer verrassend Wil Hartog en Marcel Ankoné op een 3e en 4e startplaats, nog voor topper Teuvo Länsivuori, die dit seizoen nog niet verder was gekomen dan 2x een 4e plaats. Wil Hartog had zoals gewoonlijk weer een bliksemstart en zou tot aan de 15e ronde! de koppositie blijven behouden, waarna hij achtereenvolgens door Barry Sheene, Agostini en Pat Hennen werd gepasseerd. Philippe Coulon kwam nog heel dicht bij Hartog, maar moest bevangen door de hitte de pits opzoeken, waarbij hij nog bijna door een hek heen reed. Giacomo Agostini viel in de laatste ronde uit met een gebroken krukas en dit bracht Hartog terug op een 3e plaats, een podiumplaats dus voor de lange Hollander. Barry Sheene won ook deze race op vrij eenvoudige wijze en kon de wereldtitel bijna niet meer ontgaan, mede door het uitvallen van Ago en Phil Read en de valpartij van Marco Lucchinelli, die daarbij ook nog eens een sleutelbeenbreuk opliep en voorlopig dus was uitgeschakeld.
De Belgische GP van 1976 zou DE wedstrijd uit de carrière van Marcel Ankoné worden. Marcel vocht tot halverwege de race met de Suzuki-fabriekscoureurs Barry Sheene en John Williams om de leiding. De Oldenzaler kwam zelfs 2x als 2e voorbij start en finish. Uiteindelijk moest Ankoné de 2 Britten laten gaan, maar een 3e plek op het podium was toch een prachtig resultaat. Williams won de race voor Sheene, omdat de laatste vlak voor de finish problemen kreeg met zijn motor. Williams probeerde nog in te houden om zijn kopman te laten winnen, dan was Sheene al wereldkampioen, maar dit mislukte en zo won John Williams zijn 1e en later zou blijken enige GP 500cc. Hij zou op 13 augustus 1978 om het leven komen tijdens races in Ulster.
Voor Sheene was het alleen maar een kwestie van uitstel, want de volgende ronde in Zweden bracht hij op zijn naam en toen was hij verzekerd van zijn 1e wereldtitel. John Williams kwam tijdens de trainingen van Zweden zwaar ten val en mede door doortastend optreden van zijn kopman, Sheene, die hem te hulp schoot, kon hij het navertellen. Barry wist Williams tong uit zijn keel te trekken en zijn mond van zand en andere vuiligheid te ontdoen. Teuvo Länsivuori (Fin), de pechvogel bij uitstek in die tijd, leek overigens eindelijk weer eens een GP te gaan winnen, maar werd uiteindelijk gepasseerd door Sheene, in de 22e ronde, Sheene die heel slecht gestart was. Teuvo's pech hield overigens nog niet op, want in de laatste ronde kreeg hij ook nog met machinepech te kampen waardoor Jack Findlay en Chas Mortimer hem nog van een zekere podiumplaats afhielden en hij uiteindelijk niet verder kwam dan de 4e plek. Takazumi Katayama won de 250cc klasse en voerde nu de leiding in de tussenstand voor het WK aan met 1 punt voorsprong op Walter Villa, deze voorsprong zou niet genoeg voor Katayama blijken te zijn. Walter Villa zou de laatste 3 Grand-Prix zowel de 250cc als de 350cc klasse op zijn naam brengen.
Barry Sheene deed de volgende race op het Finse circuit van Imatra niet mee vanwege financiële 'problemen' met de organisatie, de wereldtitel had hij al binnen, na 6 races, dus liet hij de rest van de GP's aan zich voorbij gaan, om te starten in financieel lucratieve races. De race in Finland zou gewonnen worden door de Amerikaan Pat Hennen, de 1e Amerikaan die een GP wist te winnen, er zouden er nog vele volgen die het hem na zouden doen. John Newbold zou Tsjecho-Slowakije winnen en Agostini de laatste GP in Duitsland.
Phil Read, meervoudig wereldkampioen, stopte aan het eind van het seizoen 1976 met de motorsport.
De in 1976, 22 jarige Pat Hennen, was de 1e Amerikaan die het volledige Europese Grand Prix seizoen zou meedoen. Er zouden er nog vele gaan volgen in de opkomende jaren. Tevens was hij dus de 1e die een 500cc GP zou winnen, de Finse in 1976. Hij kreeg in het begin van het seizoen de beschikking over een 500cc Suzuki produktieracer en met deze nieuwe machine reed hij rustig zijn trainingsronden tijdens de 1e GP in Frankrijk, op Le Mans. Op een gegeven ogenblik werd hem duidelijk gemaakt dat hij wat sneller rond moest gaan, om zich te kwalificeren. Tijdens Amerikaanse races kwalificeerde iedereen zich, de trainingen waren alleen voor de startposities. Dit was vreemd voor hem en tot overmaat van ramp, duikelde hij daarna van zijn splinternieuwe machine die ook nog in brand vloog. De bochtencommissarissen stonden het fikkie van een afstand gade te slaan en toen begon hij zelf maar met de bluswerkzaamheden. Het schuim en de brandresten werden van de Suzuki geveegd en hier en daar werd er wat bijgebogen en zo wist Pat zich toch nog als laatste voor de race te kwalificeren. Een vreemde kennismaking voor de Amerikaan met de GP-wegracerij. Ook de duwstart was hij niet gewoon, in Amerika startte men met draaiende motoren, had men dat hier, voor Jack, indertijd ook maar gehad! Met een vastloper moest Pat zijn eerste GP het circuit verlaten, waarschijnlijk zat zijn motor vol met blusschuim. |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Pole-positie 1976
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||