mei 1982
 |
|
Bert Struijk als
jeugdtrainer/leider. |
mei 1992
Oud Nederlands kampioen wegrace 250cc Bert
Struijk heeft weer een titel op zijn naam
gezet. Nu niet met motorrijden, maar met
wielrennen. Hij mag zich dit hele jaar
kampioen van Gelderland noemen in de groep
boven 35 jaar. Tien jaar lang raasde hij
over de circuits in binnen- en buitenland.
Vele bekers en bokalen staan in zijn
huiskamer ter herinneringen aan zijn
triomfen. In 1981 had hij het gevoel dat hij
in de motorsport alles bereikt had wat hij
wilde bereiken: 'Toen ik net begon had ik
een verlanglijstje gemaakt met alle
wedstrijden waaraan ik ooit wilde meedoen of
die ik wilde winnen. In 1981 stond er niets
meer op dat ik nog niet had gedaan, dus
besloot ik te stoppen'. Struijk gaf toe dat
die beslissing voor hem niet zo heel
moeilijk was: 'Ik ben een allround sportman.
In elke sport die ik leuk vind blijk ik ook
goed te zijn'. Voordat hij met racen begon,
speelde hij al aardig voetbal. Struijk werd
weer lid van de voetbalvereniging Zaltbommel
en speelde een tijdje in het eerste mee.
Door een vervelende knieblessure belandde
Struijk, die in zijn motorcarrière nooit een
schrammetje heeft opgelopen, in bed. 'Ik
besefte hoe blessuregevoelig voetbal is.
Daarom besloot ik daar, in bed, dat ik mijn
oude liefde wielrennen weer moest oppakken.'
In
1985 debuteerde hij in het wedstrijdcircuit. Tot ieders verbazing,
behalve die van hemzelf, reed hij zich ook direct in de prijzen.
'Iedereen voorspelde dat het onmogelijk was dat iemand op mijn
leeftijd zo goed kon meekomen in een sport die nieuw voor hem is. Ze
vergaten natuurlijk dat ik al eerder topsport had beoefend en mijn
lichaam dus in een hele goede conditie was en is.' Bert Struijk
presteerde een aantal jaren wat minder, toen hij na een scheiding
van zijn eerste vrouw, een Poolse vriendin kreeg. 'In die tijd ben
ik zestien keer op en neer naar Polen geweest en dat bleek toch niet
zo'n goede combinatie te zijn met sporten.' Inmiddels is hij alweer
een aantal jaren getrouwd en heeft er zelfs een baby bij. Met het
nieuw gevonden geluk in zijn privé-leven, kwam ook de drang terug om
te winnen in de sport. Vorig seizoen voelde Struyk zich optimaal.
Hij reed in iedere race vooraan, maar een zege zat er niet in. De
verklaring hiervoor ligt volgens Struijk in de keuze van het
materiaal. 'Ik was eigenlijk te krenterig om op eersteklas fietsen
te rijden. Daardoor kwam ik in de eindspurt altijd net iets tekort.
Dan trapte ik door mijn versnelling of haperde de derailleur. Dat is
nu net het verschil tussen de eerste en de vijfde plaats.' Andere
jaren was Bert Struijk meer dan tevreden met die vijfde plaats, maar
toen hij aan het einde van het vorig seizoen zich nog steeds
beresterk voelde, besloot hij toch maar te investeren. 'Ik heb een
hypermoderne fiets gekocht. Schrik maar niet, maar van dat geld kun
je ook een aardige auto kopen.' Om hem van de juistheid van die
beslissing te overtuigen leek het, reed Struijk zich direct in de
prijzen. Met als voorlopig hoogtepunt zijn overwinning in de Open
Gelderse kampioenschappen. 'Ik had gelijk. In de eindspurt ging er
nu eens niets mis als gevolg van slecht materiaal. Ik was de
sterkste en ik werd de eerste!’ Hoewel Struijk met deze recente
overwinning heeft aangetoond dat hij nog best mee kan op topniveau,
voelt hij goed dat hij ouder wordt.
'Ik heb moeten leren luisteren naar mijn lichaam. Ik fiets minimaal
tien uur per week. Maar als ik voel dat mijn lichaam het niet
aankan, dan sla ik rustig een keertje trainen over. Vroeger zou ik
daar niet aan gedacht hebben, met als gevolg dat ik overtrainde en
dus minder goed reed in de wedstrijd. Een leven zonder sport kan ik
me niet voorstellen. Daarom is mijn grote angst dat ik een ernstige
blessure oploop. Dat zou het einde van mijn sportcarrière betekenen,
want op mijn leeftijd krijg je een conditie als de mijne nooit meer
terug'. Struijk vertrouwt op zijn concentratie. 'Dat heeft me ook
ongeschonden door al mijn wegraces heengebracht.' Gezond blijven is
voorlopig de enige wens van Bert Struijk, want een verlanglijstje
heeft hij nu niet meer. 'Ik fiets puur voor de lol en als ik nog een
flink aantal jaartjes op dit niveau mee kan, dan ben ik al heel
tevreden.’
Op het TT Circuit van Drenthe werd in mei 1998 de Classic TT, een
intemationaal race-evenement voor motoren gehouden. Bijna alle 'gouwe
ouwen' uit het Grand Prix circuit, uit de jaren '50 tot '80,
verschenen aan de start. Bert Struijk (50) was ook van de partij.
"De Classic TT was een eenmalig klassiek race-evenement, een
wedstrijd die louter bestemd was voor coureurs die ooit aan de TT
van Assen hadden deelgenomen. Ik voel me aangenaam verrast en zeer
vereerd dat ik ook een uitnodiging heb ontvangen", vertelt Bert
Struijk, die in 1978 Nederlands kampioen werd in de 250cc. Ook kreeg
hij in dat jaar vanwege het promoten van Zaltbommel de Stadspenning
toegekend. "Het lijkt me schitterend om nog eens in Assen te rijden.
De entourage daar, vooral op het oude circuit, heeft me altijd
aangesproken. In feite is dat voor iedere Nederlandse racer zijn 'thuiscircuit'.
Ik ben nu bezig om wat mensen om me heen te verzamelen om alles in
goede banen te leiden. Henk-Jan Murman (Hurwenen) heeft zijn antieke
Yamaha TZ beschikbaar gesteld. Het type motor waarop ik altijd heb
gereden. Het is een eenvoudige, solide, snelle motor. Met mijn
vroegere vaste monteur Henkie Tijssen, gaan we die prepareren voor
de race", aldus Struijk.
Struijk, die vier keer aan de TT in Assen deelnam in de 250 en 350
cc, beschrijft zichzelf als een coureur die nooit abnormale risico's
nam. "Dat heeft me wellicht hogere klasseringen gekost. Mede
daardoor heb ik bijvoorbeeld 'de stratenrace van Ammerzoden' nooit
gewonnen. Dat was in mijn ogen het gevaarlijkste circuit van de hele
wereld. Omdat ik geen onverantwoorde risico's nam heb ik ook nooit
zware blessures gehad." Aan de hand van plakboeken en foto-albums
blikt Struijk, die postbode van beroep is, verder op zijn
raceperiode terug. "Het verongelukken van mijn race-vriend
Willem-Jan Nooteboom was een triest dieptepunt. Absoluut hoogtepunt
was de zes-uurs race in Japan op het Suzuki-circuit. Alles was tot
in de puntjes geregeld." De racerij heeft me geen geld gekost. Als
amateurracer heb ik quitte gespeeld en dat was voor die tijd
uitzonderlijk. Verder had ik op mijn hoogtepunt een supportersclub
die honderd leden telde. Het deed me zeer dat, nadat ik gestopt was,
ik alle vrienden binnen een mum van tijd nog maar op één hand kon
tellen. Daarvoor had ik nog het gevoel dat 'iedereen' mijn vriend
was. Daarom denk ik nog vaak aan het lied van Hennie Vrienten, de
voormalige Doe Maar-zanger: 'Als je wint heb je vrienden'."
Struijk zegt echter niet in het bekende 'zwarte gat' te zijn
gevallen. Hij is gaan wielrennen, schaatsen en voetballen. "Toen ik
aan motorraces deelnam voetbalde ik overigens ook in het eerste van
Zaltbommel. Als schaatser werd ik in 1986 kampioen van de
Bommelerwaard en vorige week nog winnaar in de B-categorie van de
zomeravond-competitie van de Wieler Toer Club Maaswaal." Struijk
verwacht dat de Classic TT ook voor het publiek ongetwijfeld een
happening zal worden. "Er komen zoveel roemruchte rijders en
machines bij elkaar op dit klassieke festival dat het ongetwijfeld
smullen zal worden. Daarnaast mag het publiek ook in het
rennerskwartier komen en kunnen ze hun favorieten gewoon aanschieten.
Het is de bedoeling van de organisatie dat de hele atmosfeer van
vroeger wordt geëvenaard."
|
|
mei 1997
Zoals uit
bijgaande brief
van het
bestuur
van de Stichting
Centennial Classic G.P.
blijkt vindt
er
op 8. 9 en
10 mei
1998 op het T.T.-Circuit
van Assen een uniek klassiek
race-evenement
plaats.
Het doet me daarom plezier U mee te kunnen
delen dat U op
de invitatielijst vermeld
staat als rijder die in de periode
1950-1980 gereden heeft
in een
of meerdere
Asser T.T.-races.
Vandaar dat ik U - namens het bestuur
van de genoemde Stichting
en belast met het uitnodigen
van de
Nederlandse, Belgische
en Luxemburgse rijders - hierbij
vraag
of U interesse
heeft in
deelname
aan dit
grootse
evenement. Voor sommigen van de oud T.T.-rijders
zal
dit
wellicht
een
overbodige vraag zijn maar als
organisatie moeten wij - in
verband met het immense werk
dat hiervoor
verzet
moet worden - bijtijds
weten hoe groot de belangstelling
is voor
deze unieke
Nederlandse Centennial
Classic G.P.
in 1998.
Vandaar dat ik U vraag mij - bij
voorkeur schriftelijk -
mee
te willen
delen of U als oud T.T.-rijder
gebruik
wil maken
van onze
invitatie.
Een volgende vraag is dan of U nog in
het bezit
bent van een (of meerdere) van uw oude
wegracemotoren en zo ja waar U dan mee aan de
start wilt of kunt komen.
Mocht U niet meer over een racemotor
beschikken dan verzoek
ik U - zonder
daar nog enige toezegging
over te kunnen doen - mee
te delen op welke motor U graag zou
willen rijden. |
Een werkelijk internationaal, klassiek wegrace evenement
tegen het einde van deze eeuw. Een evenement dat plaats
moet gaan vinden op een wereldberoemd circuit, waar alle
grote namen uit het Grand Prix-verleden
bij elkaar komen en rijden. Exotische racers, waarvan
sommige nooit eerder in Europa te zien zijn geweest,
maar natuurlijk ook al die beroemde merken waarmee de
Grand Prix groot is
geworden. Een klassiek race evenement, helemaal toegesneden op de ware liefhebber en
zijn familie. Een
eenmalig evenement ook, dat nooit meer herhaald zal worden en waarvan de
opbrengst naar een
charitatief doel gaat.
Dat
was de droom van F. (Ferry) C. Brouwer, algemeen
directeur van Arai Helmet (Europe) BV, en voormalig racemonteur. Voor dit doel
startte hij een stichting met een klein, maar efficiënt
bestuur dat dit evenement op poten moest gaan zetten. De
"Stichting Centennial Classic G.P." was daarmee geboren
en vanaf het eerste begin werden de zaken met veel
enthousiasme aangepakt. Zo bleek al snel dat de KNMV
graag een partner wilde zijn en dat zelfs de
Internationale Motorbond (FIM) het evenement op haar
kalenders heeft geplaatst. Heel belangrijk was
natuurlijk ook de volledige medewerking van het TT
Circuit van Drenthe waar dit evenement op 8, 9 en 10 mei
1998 gehouden zal gaan worden. Het enthousiasme daar was namelijk zo groot, dat
het evenement zelfs
het predikaat 'Classic
TT' mag dragen. De beroemde afkorting van de
Tourist Trophy, die anders alleen voor de races op het Eiland
Man en die in Assen
gebruikt mogen worden.
Vandaar ook dat deze Classic TT gerust de "Classic
Racing Experience of the Century" genoemd mag worden. Er
wordt namelijk gereden in drie divisies: rijders en
machines uit de vijftiger, zestiger en zeventiger jaren.
Nog nooit eerder zullen er zo veel roemruchte
rijders en machines
bij elkaar komen voor een klassiek festival. Ook voor het publiek
wordt het een heel bijzonder evenement. Niet alleen
komen hun helden terug op het circuit, maar omdat het
publiek ook van harte welkom zal zijn in het
rennerskwartier kunnen ze weer ouderwets
rijders
aanschieten voor bijvoorbeeld een handtekening. Die hele
atmosfeer uit die jaren zal weer terugkomen (inclusief
de toegangsprijzen) want gigantische motorhomes of
totaal afgesloten werkplaatsen zullen strikt verboden
worden!
Maar het belangrijkste in dit hele klassieke feest zijn
natuurlijk
de rijders zelf en hun machines, Wij zullen dan ook bijzonder verheugd zijn
wanneer u deel wilt
gaan uitmaken van deze Classic TT.
Dat kan als rijder die
in het verleden al in
een TT op Assen heeft gereden, maar misschien dat u een
van belang zijnde historische racer wilt inzetten of ter
beschikking stellen
aan de originele
rijder van weleer. In beide gevallen wordt uw
medewerking niet alleen bijzonder gewaardeerd, maar is
ze ook van groot belang voor het slagen van dit
evenement.
Daarom zouden wij u graag persoonlijk willen bedanken
voor uw interesse in de Classic IT en ik spreek dan ook
de hoop uit dat u volgend jaar tot onze gewaardeerde
gasten zult gaan behoren.
Stichting Centennial Classic G.P. |
|
Sport rond te
toren
|
|
Bert Struijk in trance naar Centennial Classic G.P. met originele motor. |
|
'Ik leef er al een jaar naar toe' |
|
Zaltbommel - In hartje
Assen kan het publiek zich vanavond vergapen aan de
voorstelling van de deelnermers aan de Centennial
Classis Grand Prix. Rijders die tussen 1950 en 1980 aan
de start stonden bij de TT van Assen. Morgen en in het
weekend komen ze tegen elkaar in actie op hun
oorspronkelijke motorfietsen. Naast Theo van Geffen uit
Brakel in de 50cc, verheugt de 50-jarige Bert Struijk
uit Zaltbommel zich al een jaar op zijn eenmalige
rentree in de 350cc. |
|
Hij
komt er direct mee op tafel. Met een foto van zijn
actieve carrière om te gebruiken bij dit verhaal. ,,Ik
rij straks in Assen op precies dezelfde motor en met
hetzelfde racepak. Alsof de tijd heeft stilgestaan. Daar
pas ik nog in, ja. wat dat betreft ben ik nog honderd
procent in conditie." De onlangs 50 jaar geworden Bert Struijk is lyrisch over wat hem te wachten staat komend
weekeinde. ,,Ik leef er al een jaar naartoe. Naar de
Centennial Classis Grand Prix in Assen". Een evenement
waarvoor rijders zijn geïnviteerd die ooit aan de start
van de TT van Assen stonden tussen 1950 en 1980. Struijk
komt uit in de 350cc klasse met coureurs die op de baan
verschenen tussen '70 en '80. ,,Dit wordt een happening,
niet te geloven", warmt hij zich al op. ,,Het is
ongelofelijk wat er aan rijders op komt draven." De
deelnemerslijst wordt erbij gepakt. Struijk moet het
opnemen tegen zes ex-wereldkampioenen, waaronder Giacomo
Agostini uit Italië, op een MV-Augusta. ,,Ik heb me
voorgenomen om achter hem aan te rijden. Voor het geluid
wat zijn motor maakt, dat huilt gewoon." Ondanks de
intense drang om mee te doen was er voor Struijk een
strikte voorwaarde. ,,Ik wilde absoluut op een motor
rijden die ik zelf had geprepareerd." Bij toeval trof
hij bij Henk-Jan Murman, een verwoed verzamelaar van
oude racemotoren, een Yamaha TZ 350cc aan.
Weliswaar in erbarmelijke toestand. ,,Je kunt beter
zeggen, hij lag daar." Snel trommelde hij zijn oude
monteur Henk Tijssen op om mee te helpen aan de
restauratie. Een kwarwei dat Struijk in hoge mate
onderschat heeft. ,,Ik heb er vreselijk veel tijd
ingestopt. De afgelopen maanden ben ik elke vrije minuut
met dat ding bezig geweest. Er zit een wereld van
verschil tussen het opknappen van een racemotor of het
wedstrijdklaar maken. Ik heb wel een paar keer achter
mijn oren gekrabt van: waar ben ik toch aan begonnen? Ik
denk dat ik er wel honderd uur aan gesleuteld heb." Bij
de eerste testrit, op een lang recht stuk bij slot
Loevestein, bleken de inspanningen niet voor niets te
zijn geweest. ,,Dat was echt schrikken geblazen met
zoveel vermogen in dat ding. De motor liep als een
kogel."
Op Koninginnedag werd
het circuit van Zolder bezocht. ,,Om kinderziektes uit
te sluiten", aldus Struijk. ,,Zo liep er bij het trainen
zomaar het voortandwiel eraf." Hij werd in Zolder
bovendien nog blij verrast. ,,Het is niet te geloven
hoeveel mensen mij nog herkennen van vroeger. Ik heb
vele handen geschud." Iets wat hij ook komend weekend
verwacht. ,,Ik kon namelijk vroeger met iedereen goed
opschieten. Nee, ik heb met niemand nog contact. Er zijn
wel een paar reünies geweest, maar dat verwaterde snel."
Hij bladert door een van zijn fotoboeken. ,,Als ik een
foto zie weet ik precies wat zich heeft afgespeeld op
die dag." In 1972 reed Struijk zijn eerste race in de
500cc. Die klasse bleef hij trouw tot halverwege het
seizoen '75. ,,Zo won ik in Nijvel een internationale
race met een ronderecord wat tien jaar lang heeft
standgehouden." Daarna kwam Struijk uit in de 250cc en
350cc, wat resulteerde in vier TT-starts in de jaren
1976 t/m 1979. In de 250cc klasse was ik in '78
Nederlands best geklasseerde rijder in Assen, hoewel ik
net buiten de punten bleef. Een seizoen later ging ik
Grand Prix rijden, maar dat werd geen succes. Ik had
gewoon te weinig geld om aan goed materiaal te komen.
Maar het was wel de mooiste tijd van mijn leven." Naast
het veroveren van de Nederlandse titel 250cc in '78,
vindt hij de trip in '80 naar Japan een belevenis om
nooit te vergeten. ,,Ik reed dat jaar, mijn laatste
trouwens, in het enduranceteam van Honda Nederland.
Wedstrijden van zes tot vierentwintig uur met z'n
tweeën. We mochten naar Japan, omdat we zoveel punten
hadden veroverd bij de overige WK-races."
Na zijn afscheid ging
hij zijn energie stoppen in andere sporten. Nog steeds
is hij naast schaatsen een fervent wielrenner. Zo werd
hij onder andere Gelders kampioen bij de 35+ voor niet licentie-houders. ,,Daarom heb ik er zoveel lol in om
mee te doen in Assen. Ik steek nog lekker in mijn vel en
ben conditioneel nog heel goed op orde. Hoewel het
demonstratieraces zijn, de beste rondetijden bepalen de
winnaar, wil ik zo snel mogelijk rijden. Maar dan wel
zonder brokken te maken. Weliswaar ben ik net een tijger
als ik op dat ding zit, maar toch rij ik constant met een
stemmetje in mijn achterhoofd die zegt: pas op, rustig
aan." |

mei 1998
Meteorologen voorspellen goed weer. In de dagen voor de 'Centennial
Classic GP', dit weekeinde in Assen, is dat het meest besproken
onderwerp. Logisch, motorracers hebben een broertje dood aan
regen en een natte baan. Ook Bert Struijk uit Zaltbommel. "Ik
kijk al een jaar uit naar de happening in Assen. Prachtig om
alle oude kameraden weer eens te ontmoeten en nog een keer te
laten zien dat we het racen nog niet verleerd zijn. Maar het
moet wel droog zijn. Regent het, dan denk ik dat ik niet aan de
start verschijn", zegt Struijk, die nu postbode is. Struijk, die
onlangs Abraham zag, stopte in 1981 met de motorracerij. In de
tien daarvoor liggende jaren boekte hij nationaal en
internationaal verschillende successen. In 1978 Nederlands
kampioen in de 250 cc in Maastricht. De fabrieksrijders bleven
hem altijd even voor in de GP’s. Toch bleef Struijk, die voor
zijn eerste motorrace actief was in de wielersport met veel
plezier racen. Hij herinnert zich vrijwel elke race. Vooral de
vier TT's in Assen. "In 1976 was er geroezemoes alom toen ik 's
morgens in mijn caravannetje wakker werd. Ik wist niet wat ik
hoorde en zag. Ik schrok zo van de enorme mensenmassa's dat ik
tijdens de race nauwelijks vooruit kwam. Ik was lam van de
zenuwen. De daarop volgende jaren was die schrik weg. In 1979,
de laatste maal dat Agostini in Assen met een MV/Augusta won,
eindigde ik op een vijftiende plaats. De motorracerij was in die
tijd mijn lust en mijn leven. Je leefde intens naar races toe.
Door goede sponsors ook zorgeloos. Valpartijen waren er altijd
wel, maar ik heb nooit echt iets gebroken." In het afgelopen
jaar heeft Struijk al vele uren gestoken in de voorbereiding op
de happening in Assen. Van Henk Jan Murman kreeg hij de
beschikking over een oude 350cc motor. "Mijn eigen machine is
destijds het circuit in gegaan. Maar deze machine is helemaal
gereviseerd en is eigenlijk een kopie van de motor waarop ik
destijds reed. Onvoorstelbaar hoeveel kracht er in zit. De
eerste training op deze machine in de polder leverde me een
complete shock op. Eerst pruttelde de motor nog, maar na enkele
seconden schoot hij enorm vooruit. Een snelheid van 240
kilometer per uur haalt hij makkelijk." Na trainingen in de
polder en op het circuit in het Belgische Zolder zegt Struijk de
machine helemaal onder controle te hebben en in Assen te willen
laten zien dat hij nog mee kan. Natuurlijk zijn er verschillen
met de races van twintig jaar geleden. Zo zijn de pothelmen nu
verboden en dragen de renners morgen en zondag de verplicht
voorgeschreven integraalhelm. Struijk verwacht niet alleen
sensatie. "De Centennial Classic” is meer dan een race met
bekende oud-coureurs. Kijk naar de Japanse fabrieken Honda en
Suzuki. Die hebben het evenement heel hoog opgevat en
verschijnen met tal van oude geheel gereviseerde machines aan de
start. Het publiek krijgt zo nog eens een ouderwetse race
voorgeschoteld met machines, die ze nooit meer zien.
Daarnaast is de reünie voor de coureurs natuurlijk top. Piet van
der Wal, Wil Hartog, Boet van Dulmen, Willem Zoet, Theo van
Geffen, noem ze maar op. Ik heb ze in geen jaren gezien of
gesproken. Nadat ik met racen was gestopt, sprak ik ze nog wel
eens maar dat verwaterde snel. Ik verheug me er nu echt op. Het
is eigenlijk een droom, die werkelijkheid wordt. Nog een keer in
de picture bij veel publiek." Het doet Struijk er niet toe of
hij die ene keer nog in de prijzen rijdt. "Na het afscheid van
de motorracerij ben ik weer op de wielrenfiets gestapt. Ik train
veel en rijd wedstrijden voor 35-plussers of in de B-categorie.
Daar pak ik mijn prijsjes mee. Ik heb nog een goede conditie.
Mijn lichaam is ook niet uitgedijd. Het racepak van twintig jaar
geleden, zit me nog altijd als gegoten. Het publiek kan dat in
Assen zien."


 |
|
 |
|
Bert krijgt de felicitaties van dochter Franciska. |
|
|
 |
|
Gedeelte van de entreelijst van de 350cc, Bert staat
er met nummer 31 op, maar kreeg uiteindelijk nummer
28. |
februari 1999
 |
|
 |
|
Bert, hier in 1999, nog volop
actief in de wielrennerij. |

Eind jaren
'90 en de beginjaren van het nieuwe millennium reed Bert ook in
de KNMV Apriliacupraces op Assen. Deze Aprilia RS 250 Challenge
kwam uit de "opleidingskoker" van de CRT-mannen Henk de Vries en
Hennie Lentink. Op het moment dat Bert van deze klasse hoorde
besloot hij direct om een RS te kopen en te gaan deelnemen.
Uiteraard voor een groot deel voor de lol en niet op zijn
51-jarige leeftijd om te winnen. Het was voor hem de ideale
manier om nog te racen, wedstrijdje rijden, motor schoonmaken,
wegzetten in de schuur en bij de volgende race weer te
voorschijn halen, "olie controleren en weer racen". Ook kwam
Bert op Assen de zoon van zijn eerste sponsor, Piet Geluk, Piet
Geluk Jr. tegen, deze racede ook in de Aprilia RS 250 Challenge.
Prachtig natuurlijk, na ruim 20 jaar! Bert racete totdat hij het idee had dat ze
hem een 'ouwe lul' begonnen te vinden, terwijl hij gewoon in de
middenmoot meereed, toen besloot hij te stoppen. Terwijl hij
zelf op zijn stroomlijnruitje het woord 'opa' had geplakt.
 |
 |
|
Apriliacup mei '01 |

Echter
het bloed kroop waar het niet gaan kon, in 2010 begon Bert,
op 62-jarige leeftijd toch weer te racen. Zei het op
aangepast niveau uiteraard. Bert had enige tijd daarvoor,
rond 2004, een 'classic racer' gekocht, een Honda 500, deze
had hij compleet gerenoveerd en daarna aan iemand verkocht.
Deze persoon wilde er graag mee laten racen en kwam toen
weer bij Bert terecht. Deze zal nu, anno 2010, zijn
opwachting gaan maken bij de CRT demo's, een veteranenklasse.
Op
Koninginnedag 2010, 30 april dus, maakte Bert zijn rentree
tijdens een race in Nieuw-Vennep. En... hij vond het geweldig,
op zijn 62-jarige leeftijd!
|
|
 |
Inlognaam:
Jack |
| paswoord:
Assen |

|
|