|
Eind
2008 kwam ik in contact met Franciska Jager, geboren Struijk. Zij is de
dochter van Bert Struijk, de middenklassen topper uit de jaren '70 van
de vorige eeuw. Ik vroeg haar of ze nog wat foto's voor me kon regelen,
bij haar vader, van Jack. Dat kon en wilde ze wel, maar ze ging een
maand later emigreren naar Australië, daarbij kwam dat het voor de
feestdagen was, dus allemaal niet eenvoudig te regelen op korte termijn.
Ze zou echter de spullen bij haar tante Alice, een zus van Bert, neerzetten en dan kon ik daar een keer afspreken. Door allerlei oorzaken
kwam het er niet van, tot een jaar later. Franciska was inmiddels terug
uit Australië en we spraken af bij Alice thuis en hebben daar met z'n
drieën de mappen van Bert zijn motorsportcarrière doorgelopen. Uiteraard
zaten er foto's van Bert met Jack bij, was tenslotte de 350cc top in de
jaren 1976 t/m 1979, waarna ze beiden met deze klasse stopten. Ik
besloot, met instemming van Alice en Franciska, de plakboeken mee te
nemen en een stuk op mijn site te wijden aan Bert zijn raceloopbaan.
Aldus geschiedde. Met een flink deel research en mijn eigen "know-how"
en verzameling is daar dit carrière-overzicht uitgekomen.

Bert werd geboren als Gijsbert
Jan Struijk op 20 april 1948 in Zaltbommel (ligt in de Bommelerwaard).
De Bommelerwaard is een streek in het zuidwesten van de Nederlandse provincie
Gelderland, gelegen tussen de rivieren de Waal in het noorden, de Maas in het
oosten en zuiden, en de afgedamde Maas in het westen. Sinds 1 januari 1999 is de Bommelerwaard verdeeld over de twee gemeenten Zaltbommel en Maasdriel.
Iets
naar het zuiden ligt de provincie Noord-Brabant, met de Brabantse hoofdstad,
's-Hertogenbosch, direct aan de overzijde van de Maas. Vandaar dat men nog wel
eens denkt dat Zaltbommel in Brabant ligt. Ook Boet van Dulmen komt uit de
Bommelerwaard, Ammerzoden ligt er nl. ook en valt onder de Gemeente Maasdriel. De naam Struijk werd jarenlang geschreven als
Struyk. Velen die deze naam droegen/dragen dachten dat het zo ook gespeld was.
Ook Bert reed onder de naam Struyk, maar officieel schrijf je het dus met een
lange 'ij'. De 'dure' tak schreef het zelfs als Struyck.
Eigenlijk zou Bert furore gaan
maken in een andere sport, hij was namelijk een begenadigd voetballer. Hij liet
wekelijks zijn kwaliteiten zien in het eerste elftal van Nivo Sparta, de
Zaltbommelse voetbalvereniging, als rechtsbuiten. Hij viel zodanig op dat diverse
voetbalscouts van BVO's (Betaald Voetbal Organisaties) zijn talent onderkenden en de rechtsbuiten
in wilden lijven. Toen hij op het punt stond om een contract
te gaan tekenen,
sloeg het noodlot toe. Door een grove aanslag scheurde hij zijn enkelbanden en
dit maakte een einde aan zijn zo gekoesterde voetbalcarrière. Dit voorval
betekende direct ook het einde aan een andere sportloopbaan. Bert was nl. ook
nog eens een zeer talentvol schaatser, die in diverse officiële wedstrijden zijn
opwachting had gemaakt. En ook hier behaalde hij flinke successen. Hij was
vooral een kei op de lange afstanden en ook dit bleef niet onopgemerkt. Hij was
al verkozen in diverse vertegenwoordigende ploegen, kampioen van de 'kring'
Zaltbommel en lid van de Gelderse selectie van de KNSB (Koninklijke Nederlandse
Schaats Bond). Hij was er indertijd nog niet echt uit welke kant hij op wilde,
hij had de kwaliteiten om in beide sporten de top te bereiken, maar die
enkelblessure nam de beslissing voor hem, het werd geen van beiden...
Door de blessure maakte Bert
dus de 'switch' naar de wegrace. Via Jo Scholtze, uit Oisterwijk, die bij de NMB
racete, was Bert al bij de motorsport betrokken geraakt. Hij was altijd al een liefhebber van de
motorsport geweest, maar door de kansen die hij had in de voetbal en het
schaatsen, was hij nooit bezig geweest om zich op een wegracecarrière te
richten. Voor zijn plezier reed hij op een BMW uit het jaar 1955, waaraan hij
het ook leuk vond om te sleutelen. Ook daar had hij 'feeling' voor. Een vriend
van hem, de coureur Piet Jansen, vroeg Bert of hij zijn monteur wilde worden en
hier ging de bebaarde en besnorde 'Bommelaar' graag op in. Toen Jansen op het
circuit van Zandvoort een cursus bij de KNMV moest volgen, nam Bert zijn al
opgefokte BMW ook mee, en hij slaagde voor zijn examen, waarop hij besloot zelf
ook maar te gaan racen.
Bert begon met racen in 1972
op de zelfgeprepareerde BMW R/50 (zie foto boven) in de Sportklasse bij de
nationalen. Daarna kwam er
al snel een 500cc Honda van sponsor 'Piet Geluk', uit Dodewaard. Piet Geluk was
de naam van een garagebedrijf, die heden ten dage nog steeds bestaat en nu een
grote Peugeotdealer is. In die tijd
('75) kwam er ook een Yamaha 350cc bij. In 1976 kocht de supportersvereniging een
Yamaha 350 met Maxten frame, van Jan Kostwinder, en begon Bert tot aansprekende
prestaties te komen. Hij was inmiddels ook in het bezit van twee internationale
licenties, voor de 350cc en 500cc klasse. In '76 besloot Bert de 500cc te laten
schieten en verder te gaan in de 250cc en 350cc klasse.
In het dagelijkse leven was
Bert in die tijd getrouwd met Truus, lerares op een modevakschool, en verdiende hij zijn boterham als
chef-monteur bij het garagebedrijf van zijn broer Ad en later als vrachtwagenchauffeur.
Weer later werd hij postbode en nadat hij daar met vervroegd
pensioen was gegaan, besloot hij nog een poosje, tot op heden (2010), door te gaan als buschauffeur.
|