Home Jack Middelburg Guestbook GP-races Daytona Toon Kannekens Diverse

 

1984.............Jack .jpg (179977 bytes)

Een paar weken voor aanvang van het seizoen kwam ik Jack tegen in een winkel waar ze auto-artikelen verkopen. Ik vroeg hem naar zijn plannen voor het komende seizoen. Je kon merken aan hem dat hij het zat was. Elke keer de sponsorperikelen, de beloftes die niet nagekomen werden, de financiële ellende die dat allemaal met zich meebracht. Ook dit jaar weer, Honda had hem bepaalde toezeggingen gedaan en kwam die weer eens niet na, zoals anderen dat zo vaak hadden gedaan in het verleden. De ruzie met zijn motormaat Boet van Dulmen, waar hij zeker veel problemen mee had. Ook de lichamelijke gebreken speelden hem parten en je merkte dat hij het hele motorsportwereldje een beetje zat was, dus het liegen en bedriegen wat er ook gedaan werd en waar hij absoluut niet tegen kon. Jack was een man van "een woord een woord" en geen gelul. Hij zou dit seizoen af gaan bouwen, rustig wat Nederlandse wedstrijden rijden, een paar Grand-Prix en dan stoppen. Hoe anders zou het allemaal lopen.....

De SNRT had alle moeite om sponsors binnen te krijgen om eventueel nieuwe Honda's voor Jack aan te schaffen. De produktieracers van Honda kwamen dit jaar uit met het zgn. ATAC-systeem, wat ook op de fabrieksmachines van Honda, ook in 1983, werd toegepast. Dit hield in dat elke uitlaatpijp een ATAC-kamer had, waardoor het volume van de uitlaatpijpen vergroot dan wel verkleind kon worden. Hierdoor leverde de Honda meer trekkracht bij lage toeren en bij hoge toeren, als de kleppen gesloten waren, leverde dit een hoger topvermogen op (de SNRT kreeg een jaar later wel de financiën rond om deze prachtige machines te kopen, maar toen had men geen echte topper meer om ze te besturen......). Even was er ook een klein beetje hoop op fabrieksmateriaal van Yamaha. Men zocht bij Yamaha een derde coureur naast Eddie Lawson en Virginio Ferrari. Kees vd Hoeven van Yamaha IMN ging naar Doi San de racemanager van Yamaha om voor Jack te pleiten. De Japanner zag dit wel zitten, maar helaas kon Yamaha alleen door de sponsor Marlboro, zijn GP-team in stand houden en degene die die sponsorgelden beheerde was niemand anders dan Agostini. Deze wilde liever een jongere coureur in zijn team. Uiteindelijk zou er niet een andere coureur aan het team toegevoegd worden. Eddie Lawson werd uiteindelijk wereldkampioen in 1984 en Virginio Ferrari bakte er niet veel van..

Begin van het jaar overlijdt Jack's steun en toeverlaat in tijden van blessures, dr. Joan Derweduwen. De Belgische orthopedische chirurg overleed aan één van de meest slopende vormen van kanker. Hij was dé chirurg van heel veel mensen uit de gehele sportwereld en daarbuiten. Jack nam wel een heel apart plekje in bij Derweduwen. Hij zei dan ook bij het graf van zijn vriend op 4 februari 1984: 'Als ik Joan niet had gekend, zou ik nu invalide zijn geweest en had niemand mij nog op een motor gezien. Ook vroeg hij zich hardop af, waar men nu terecht moest. Op de begrafenis waren ruim 1000 kennissen, vrienden en patiënten aanwezig, naast de familie, die hem de laatste eer brachten. Onder hen vele Nederlandse en Belgische topsporters.

 

Maart 1984 artikel Taptoe.

 

25-03-1984 Nationale races Heeswijk

1984_Heeswijk_.jpg (74308 bytes)

Deelnemers 500cc Heeswijk

1. Jack Middelburg  2. Rob Punt 3. Henk de Vries 4. Bobo van Eijk 
5. Henny Boerman 7. Peter Smetsers 8. John Schreuder 9. Maarten Duyzers
10. Albert Bosch 12. Rob Beute 16. Peter Lemstra 22. Jack Dekkers
24. Peter Langeslag 26. Ad Slot 27. Gerrit van de Leest 29. Dick de Ridder
30. Gerard van Ham 41. Geert Jelis 43. Johnny Willemsen 45. Rene Stokhof-de Jong
46. Peter Oudejans 47. Wim Dijk 48. Wim van Maris 49. Hans de Wit
50. Joey van Roeden 55. Sjaak van Zweden 96. Hans Scheuffens

wpeE.jpg (55227 bytes)

 

1984_start_Heeswijk_Jack_Punt_V.Eijk_Duyzers.jpg (74675 bytes)De eerste Grand Prix in Zuid-Afrika op het circuit van Kyalami liet Jack aan zich voorbij gaan. De ex-coureur Rini van Kasteren nam de monteursbaan van Albert Siegers over en op 25 maart 1984 nam Jack voor het laatst plaats op de hoogste trede van een erepodium. Dit gebeurde tijdens nationale wedstrijden op het circuit van Heeswijk, waar hij beide manches wist te winnen. 

1984_Heeswijk_01.jpg (65832 bytes) Heeswijk, laatste podium.jpg (111648 bytes)
1984_Heeswijk_voor_Rob_Punt.jpg (128329 bytes)

© foto Johan Blom en Henk Keulemans

 

1984_Heeswijk_start__.jpg (132857 bytes)

1984_Heeswijk_start_01_.jpg (144008 bytes) 1984_Heeswijk_start_02_.jpg (143375 bytes) 1984_Heeswijk_Jack's_laatste_winst_06_.jpg (80381 bytes)
1984_Heeswijk_Jack's_laatste_winst_04_.jpg (108297 bytes) 1984_Heeswijk_Jack's_laatste_winst_00_.jpg (143296 bytes) 1984_Heeswijk_Jack's_laatste_podium_.jpg (135987 bytes)

© foto's Marcel Renders, Heeswijk 

Marcel is heden ten dagen nog steeds fotograaf en je kunt bij hem foto's bestellen vanaf midden jaren 80 tot heden. 073-521 37 70.

 

Jack's laatste overwinning te Heeswijk (ge)zien door de lens van Toon Kannekens ©

1984_Heeswijk_500cc_00_start_.JPG (82323 bytes) 1984_Heeswijk_500cc_01_Rob_Punt_op_kop_.jpg (84944 bytes) 1984_Heeswijk_500cc_02_Jack_verstopt_achter_Rob_.JPG (85379 bytes) 1984_Heeswijk_500cc_04_Jack_langszijr_Rob_.JPG (123246 bytes) 1984_Heeswijk_500cc_05_Jack_voor_Rob_.JPG (119846 bytes)
1984_Heeswijk_500cc_06_.jpg (98382 bytes) 1984_Heeswijk_500cc_07_Rob_slaat_terug_.jpg (84707 bytes) 1984_Heeswijk_500cc_08_Jack_verstopt_achter_Rob_.jpg (82092 bytes) 1984_Heeswijk_500cc_09_Jack_weer_voor_Rob_.JPG (167740 bytes) 1984_Heeswijk_500cc_10_achterblijvers_passeren_.JPG (103624 bytes)
1984_Heeswijk_500cc_11_Rob_blijft_vasthoudend_.JPG (119405 bytes) 1984_Heeswijk_500cc_12_.JPG (128515 bytes) 1984_Heeswijk_500cc_13_Jack_op_weg_naar_de_Zege_.JPG (132645 bytes) 1984_Heeswijk_500cc_14_Rob_dromend_van_zijn_2e._overwining_op_Jack_.JPG (107798 bytes) 1984_Heeswijk_500cc_15_Jack_winnaar_01.JPG (143445 bytes)
1984_Heeswijk_Jack's_Laatste_Podium_2e.Rob_Punt_3e.Johan_van_Eijk_00_.jpg (187092 bytes) 1984_Heeswijk_Jack's_Laatste_Podium_2e.Rob_Punt_3e.Johan_van_Eijk_01_.jpg (185676 bytes)

 

Jack met een fan, in z'n onderbroek.  Ik kan me er al een paar opmerkingen bij bedenken...

1984_Tolbert___.jpg (76699 bytes)
1984_Tolbert_.jpg (108380 bytes) 1984_Tolbert__.jpg (174747 bytes) 1984_Tolbert_Jack_achter_Punt_.jpg (118982 bytes)
1984_Tolbert_Rob_Punt_.jpg (141762 bytes)

© foto's Marcel Renders,  Tolbert

1984_Tolbert_misschien_de_laatste_foto_.jpg (68632 bytes) 1984_Tolbert_Achter_Rob_Punt.jpg (121792 bytes)                                               1984_Tolbert_na_de_crash_00.JPG (183721 bytes) 1984_Tolbert_na_de_crash_01.JPG (182233 bytes) 1984_Tolbert_na_de_crash_08.JPG (164950 bytes)

© foto's Johan Blom Tolbert

© foto's Toon Kannekens Tolbert

Volledig verslag van het NK Tolbert 

wpe47.jpg (23668 bytes)

Deelnemers aan Jack's laatste race.......

1. Jack Middelburg  7. Peter Smetsers 16. Peter Lemstra 24. Peter Langeslag 29. Dick de Ridder
2. Rob Punt 8. John Schreuder 19. Boet van Dulmen 25. Theo Louwes 30. Gerard van Ham
3. Henk de Vries 9. Maarten Duyzers 20. Richard Glas 26. Ad Slot 41. Geert Jelies
4. Bobo van Eijk 10. Albert Bosch 22. Jack Dekkers 27. Gerrit v/d Leest 42. Mar Schouten
5. Henny Boerman 12. Rob Beute 23. Jan v/d Sman 28. Theo Dimmendaal 43. Johnny Willemsen

 

wpe14.jpg (42163 bytes)

© MOTOR Magazine

Een week later op 1 april 1984 waren de eerste wedstrijden voor het NK op het stratencircuit van Tolbert waar hij in 1979 al een ernstig ongeluk had gehad. Waarschijnlijk door te koude banden valt Jack, terwijl hij Rob Punt (overleden februari 2005) in de 2e ronde voorbij tracht te gaan. Jack gaat bij deze manoeuvre onderuit en een verschrikkelijk ongeluk is het gevolg. Op de zeer smalle baan zijn bijna geen uitwijkmogelijkheden en het hele veld zit nog bij elkaar..... De Honda van Jack stuitert via de strobalen terug de baan op. Diverse coureurs onder wie Van Dulmen raken Jack en zijn Honda. Het is een wirwar van motoren en coureurs die over de baan rollen en diverse coureurs raken gewond. Jack staat niet meer op en wordt naar het ziekenhuis in Groningen vervoerd waar hij een urenlange operatie ondergaat. Hij heeft vele verwondingen, maar de ergste zijn aan het hoofd. Tijdens de crash was de helm van zijn hoofd gevlogen. Jack overleed op dinsdag 3 april... Het zou nooit meer hetzelfde zijn op en rond de circuits. Tijdens de kerkdienst en op de begraafplaats waren duizenden mensen aanwezig om afscheid te nemen van een groot motorsportman en mens. In de kerk waren 1000 zitplaatsen en velen hadden een staanplaats gevonden, terwijl er ook buiten de kerk nog honderden mensen stonden, die niet naar binnen konden. In de kerk deed o.a. Wil Hartog een ontroerende toespraak. Op de begraafplaats stonden nog eens duizenden mensen te wachten. Het journaal werd met Jack's overlijden geopend en de kranten stonden vol, Jack was niet meer.....

      

v.l.n.r.: Henk de Vries, Theo Timmer, Anton Straver, Wim Felen, Rinus van Kasteren, Ad Slot en Wil Hartog.

Op 6 april werd Jack begraven, zijn kist werd gedragen door collega coureurs, (Wim Felen, Ad Slot (kwam zelf in 1989 om het leven tijdens TT F1 races op Assen), Henk de Vries, Theo Timmer, Rinus van Kasteren en Anton Straver) allen in racepak, Wil Hartog ging de stoet vooraf en droeg Jack's helm. Van de buitenlandse topcoureurs waren er vele bloemstukken, bij afwezigheid, omdat het Grand Prix seizoen van start was gegaan.

 

    

Overlijdingsadvertentie.jpg (61971 bytes)

1984 Journaal over Jack's ongeluk en overlijden.

 

1984_begravenis_07.jpg (56179 bytes) 1984_begravenis_Wil_voorop.jpg (123282 bytes) 1984_begravenis_04.jpg (66904 bytes) 1984_begravenis_08.jpg (87659 bytes)

© foto's Leo Vogelzang  www.fotoleovogelzang, misbruikt word gestraft

1984_begravenis_zoveel_mensen.jpg (129822 bytes) 1984_begravenis_02_p1.jpg (100272 bytes)

Door de snelheid van zijn blijmoedig leven was hij snel aan het aardse eindpunt.

       

 

1984_Aktueel_01.jpg (244619 bytes) 1984_Aktueel_02.jpg (221344 bytes) De_dood_rijdt_altijd_mee.jpg (117826 bytes)
Aktueel '84

 

1984_nieuwe_Revu.jpg (30606 bytes)

1984_Panorama_01.jpg (181562 bytes) 1984_Panorama_02.jpg (112110 bytes)

De duizenden fans, ze waren erbij toen Jack zijn grote successen behaalde. Maar ze lieten ook geen verstek gaan toen de Westlandse motorcoureur zijn allerlaatste meters aflegde. De Ontmoetingskerk in Naaldwijk, waar vrijdag de rouwplechtigheid plaatshad, was vele malen te klein en langs de route naar de begraafplaats stond een hoeveelheid belangstellenden als gold het de begrafenis van een staatshoofd. Geliefd en populair was hij. Oud-coureur Wil Hartog, bestuursleden van de motorbond en voormalig sponsor Peter Lagendijk benadrukten dit in hun speech. "De vele dalen in je leven," sprak Hartog, "die kwam je altijd door, dankzij je formidabele karakter. Je toonde altijd enthousiasme en blijdschap in je sport, maar die finish, die heb je niet zo bedoeld." Jos Vaessen, secretaris van de KNMV, noemde Jack Middelburg “een in hoofdletters geschreven legende". Een zestal motorcoureurs, onder wie Ab Slot ­Jacks "leerling" - bracht de kist naar de groeve. Tussen de velen die hier de laatste eer aan Jumping Jack brachten bevond zich de op krukken lopende coureur Mar Schouten, die op de fatale eerste april eveneens in Tolbert gewond raakte.

Vallen en weer opstaan, het heeft de carrière van de Westlander Jack Middelburg veel hoogte- en dieptepunten gegeven. Maar hij ging vooral in minder belangrijke wedstrijden of tijdens trainingsritten onderuit. In de vele gesprekken die ik in de loop der jaren met hem had, sprak hij daar menigmaal zijn ergernis over uit. Vlak voor een race vroeg hij wel eens of ik hem - als dat zo uitkwam - met het verversen van een verband wilde helpen. Jack zat altijd in de lappenmand. Hij liep mank, was gespalkt of bepleisterd, een vaste klant van dokter Derweduwen. Van de motor was hij niet af te slaan. De pijn verbijtend kwam hij kort na zware valpartijen de medische keuringen door, simulerend dat er niets aan de hand was.

In Tolbert, waar hij vorige week verongelukte was hij in 1979 al eens ten val gekomen. Hij vertelde hierover: "Dat was na Silverstone, waar ik een gespleten scheenbeen en 'n gebroken hand opliep. Vier weken later reed ik weer in Assen en 'n week erna een kampioensrace in Tolbert Eerst reed ik de vijfhonderd cc. Die heb ik gewonnen. Daarna werd ik derde in de driehonderdvijftig en daarna vertrok ik in de zevenhonderdvijftig klasse. De motor had geen goeie remmen, was niet helemaal honderd procent, maar ik had in die klasse al 'n paar wedstrijden gewonnen en dacht er wat gemakkelijk over. In een klein bochtje trok ik 'm van achteren weg. Ik stuur tegen en toen klapte die om. Ik vloog een boom in en brak hetzelfde been, waar die ijzeren plaat in zat. Daar tob ik nu al 21 maanden mee." Overigens was het andere been, waarvan hij in 1975 de hiel had gebroken. Met de vraag of hij door al dat vallen nu wat voorzichtiger was geworden, wist hij nooit goed raad. "Kijk," antwoordde hij drie jaar geleden vlak voor de TT in Assen, "als je d'r in een wedstrijd afvalt, omdat je knokt met 'n man of vier. Dat vind ik geen schande. Niet dat het hoort, dat niet. Maar als je in een training door onoplettendheid valt, dan vind ik dat 'n beetje lullig. In Amerika heb ik ook 'n keer zoiets stoms gehad. Na de officiële training werd er afgevlagd en ik reed uit. Precies op de streep kijk ik hoeveel toeren die fiets maakte. Ik zie het niet goed en kijk nog 'n keer. Daardoor was ik in de bocht te laat met remmen en m'n voorwiel gleed weg. Dat zijn dingen, die mogen eigenlijk niet voorkomen. Dan denk je bij jezelf: klootzak. Zonder meer. Daarom heb ik voor 'n training of een gewoon wedstrijdje meer vrees dan voor Grand Prix's. In een Grand Prix rij ik veel meer geconcentreerd. Vooral als het regent, want regenrijden kan ik behoorlijk. Dan voel ik me goed thuis."

 Geliefd onder collega's  

De alles-of-niets-mentaliteit die Middelburg op de circuits toonde, was afwezig als hij niet in het leder gehuld was. Ondanks de malheur, de pijn, was hij meestal zeer optimistisch en relativerend. Hij was geliefd in de rennerskwartieren, de nieuwste moppen kwamen van hem. Zijn vriendschap ging verder dan het tonen van belangstelling. Als het moest, stond hij materiaal af of leende zijn monteur uit als een collega-coureur in de problemen zat. In zijn taaie, door littekens bedekte lijf zat veel gevoel. Ik zat een keer met hem te eten toen op straat een jongen met zijn bromfiets tegen een verkeerspaal reed. Be. En met 'n noodgang bracht hij de aan een hand gewonde knaap naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis. Jack zag zichzelf terug. De grote successen die zijn carrière eveneens bevat, veranderden hem niet; Jack bleef een gewoon mens. Grootste passie: tussen vijf en half zeven jokeren aan de stamtafel in café Dirk Staalduinen in Honselersdijk. Verder niks bijzonders. Ja, bewondering voor Stevie Wonder ("Ik waardeer mensen die ondanks een handicap wat presteren"). Getrouwd met Petra en 'n zoontje, Jackie. De beminnelijkheid verdween als er geracet moest worden. Meerdere coureurs lieten in de loop der jaren weten dat ze bang waren Middelburg te passeren. Niet dat deze gevaarlijke geintjes met hen flikte, maar vanwege het feit, dat hij het niet kon verkroppen dat een ander hem voorbij stak. "Ze weten allemaal dat ik niet zomaar opgeef. Ik blijf terugkomen en probeer ze meteen weer terug te pakken. Ze moeten beseffen dat ze me moeilijk kunnen losrijden." Deze gedachtegang moet hem zondag 1 april in het Groningse Tolbert ook parten hebben gespeeld. Dat een subtopper als Rob Punt al dadelijk op kop reed, kon hij niet verdragen. Hij ging in zijn onstuimigheid voorbij aan het feit dat zijn banden nog niet warm genoeg waren voor de snelheid die hij op dat moment koos. Opnieuw een fout in een race die eigenlijk niet zoveel risico waard was. Het feit dat hij op een ruimer opgezet permanent circuit meer overlevingskansen had gehad, houdt niet in dat het racen op de geïmproviseerde stratencircuits onverantwoord is. Motorracen blijft een riskante sport. Zorgeloosheid bij de coureur maakt de bezigheid zelfs levensgevaarlijk.

Was Jack maar een keer echt bang geweest. Had hij dit seizoen de motorhelm maar niet meer opgezet. Want toen de financiële steun nog op zich liet wachten, had hij al half besloten om met racen te stoppen.

 

Een van de vele tientallen krantenberichten     

Jack_door_Hans_van_Loozenoord 00.jpg (191844 bytes) Jack_door_Hans_van_Loozenoord 01.jpg (241756 bytes) Jack_door_Hans_van_Loozenoord 02_p2.JPG (230744 bytes)

Jack Middelburg: onvergetelijke herinneringen.

Jack Middelburg zal de geschiedenis in gaan als een onverbeterlijke liefhebber voor alles met een motor en - vooral niet te vergeten - een humorist van grote klasse. Ik zou hem dan ook geen grotere eer kunnen bewijzen dan door het weergeven van enkele fraaie anekdotes, zodat de mensen, die niet het geluk hebben gehad, om hem van nabij mee te maken, toch een beter inzicht in de persoonlijkheid van Jack kunnen krijgen. Het lijkt me de beste hommage aan een man, die een zware stempel op zowel de internationale, als de Nederlandse motorsport heeft gedrukt, maar meer nog op de getrouwen uit zijn naaste omgeving.

Natuurlijk zijn er legio mensen die Jack beter hebben gekend dan ik, doch als motorsportjournalist had ik direct al met hem te maken in 1976 en werd een jaar later het eerste interview gemaakt, toen hij in drie klassen internationaal (je had indertijd in Nederland een nationaal en een internationaal kampioenschap, de internationalen waren de betere rijders die ook voor de GP's in aanmerking kwamen) kampioen van Nederland wist te worden. Natuurlijk was de verbintenis in eerste instantie een zakelijke - met als oorzaak ons beider belangen in de wegrace - maar bij een persoonlijkheid als Middelburg werd dit automatisch een amicale relatie. Die werd nog versterkt toen Middelburg zijn schreden in de buitenlandse Grand Prix ging zetten, want dan ben je als klein groepje Nederlanders vaak op elkaar aangewezen in een rennerskwartier hier 2000 km. vandaan. Het trefpunt vormde meestal de goed verzorgde camper van vader Willem en moeder Dien, die hun snelle zoon al snel naar de Grote Prijzen begeleidden. Onder de luifel van die camper trof men elkaar en onder het genot van de (liefdevol door moeder Dien aangedragen) versnaperingen, kwamen de verhalen los, waarbij Jack veelal de voorzetten gaf, al dan niet geholpen door de droge opmerkingen van Willem en boezemvriend Hans Valstar. Met een kop koffie in de ene hand en een 'zware van de Weduwe' in de andere hand voelde Middelburg zich in zijn element en vergat hij vaak de bijna constante pijn aan zijn gekwetste been. De stemming zat er natuurlijk helemaal in als Jack weer eens had gepresteerd om met zijn productie-fiets een plaatsje op de voorste rij te veroveren en de dure fabrieksjongens met lef had afgetroefd. Zijn steevaste commentaar luidde dan altijd: 'Ja, ik heb wel even gek moeten doen om die tijd neer te zetten'. Dat gek doen, betekende op het circuit, dat hij soms over de grens had gereden en de motor tijdens die bewuste ronde weer eens dwars had gestaan in een snelle bocht. 'Als ik dat niet doe, dan verlies je weer een halve seconde en sta je weer een paar plaatsen naar achteren. Dat schiet niet op'. Bij zulke soort acties kwam de bravoure van Jack naar voren, de vechtersmentaliteit; de kwaliteiten die van een middelmatig coureur een wereldtopper maken. Hij kon soms onmogelijke dingen met een motorfiets doen. Een goed voorbeeld daarvan was de TT-overwinning in 1980. De Westlander behaalde deze riante zege met de viercilinder-in-lijn Yamaha; nu niet direct de beste productieracer die ooit is gebouwd... Je moet dan overigens wel Jack Middelburg heten om tijdens de laatste ronde vrolijk zwaaiend naar het duizendenkoppige publiek langs te komen met hoge snelheid. De snelheidsdrang van 'De Briet', 'Jumping Jack' of De kassenbouwer uit Naaldwijk', uitte zich ook op de openbare weg. De man hield van snelle auto's en als je met hem per automobiel langs 's-Herens wegen op pad was (veelal via de Duitse Autobahnen naar een buitenlandse Grand Prix) vloog de tijd letterlijk om. Nu weet ik dat Jack op de openbare weg zelden is ingehaald door een andere auto, maar als zoiets gebeurde werd er ook ogenblikkelijk melding van gemaakt. 'Ik doe toch iets verkeerd, klonk het droogjes als hij langzaam, maar zeker, de achterlichten van een Porsche Turbo eerder de horizon zag bereiken dan hij. Zo zou hij een keer met mij terugrijden naar Nederland vanuit Paul Ricard in Zuid-Frankrijk. Dat weekend was ik op reis met een geleende auto, een Citroën Visa, in Middelburgs ogen een soort Solex onder de auto's. Nadat hij een keer hoofdschuddend om dit notendopje was heengelopen, maakte hij de opmerking: ik hoop dat je een kussen hebt meegenomen'. Hoezo dan, Jack? 'Nou, daar kan ik mijn hoofd achter verbergen als we het Westland binnen rijden. Stel je voor dat iemand me hierin herkent!' Diezelfde Middelburg was overigens wel zo sportief om te bekennen dat het autootje eigenlijk best wel meeviel, nadat de volgende ochtend was gebleken dat we er een redelijk hoog gemiddelde mee hadden gereden.

Terwijl Jack zich steevast in de hoogste regionen van de Koningsklasse manifesteerde, was Mar Schouten actief in de kwartlitercategorie. De concurrentie was in die tijd al moordend en Mar kwalificeerde zich soms op de laatste startrij. Toen Jack daar lucht van kreeg begaf hij zich naar Schouten en zei: 'weet je wat jij moet doen?', waarop de man uit Almkerk ontkennend reageerde. 'Achterstevoren op je machine gaan zitten, dan sta je ook eens op de voorste startrij', grinnikte Middelburg en het geschater was weer niet van de lucht. Zeker niet bij Mar, die deze humor wel kon waarderen en ook wist, dat deze opmerking goed bedoeld was. Ook ik moest het regelmatig ontgelden en toen ik van Den Haag naar het oosten des lands was verhuisd, kon Jack het niet nalaten om daar enkele kwinkslagen aan te wijden. 'Je komt zeker van het platteland Hansepans?'. 'Hoe raad je dat zo, snelle sportvriend?' 'Nou, de stront zit nog op je banden'. De reactie van 'de wijzen komen uit het Oosten', had weinig effect meer na eenmalig gebruik, want Middelburg had al snel geconcludeerd, dat zoiets vroeger eens gebeurd was en nu niet meer gold.

Naast zijn humoristische benadering van vele personen, had Middelburg bovenal bewondering voor een groot aantal collega's en ex-rijders. Een van zijn grootste favorieten heette Mike Hailwood en Jack was behoorlijk ondersteboven van diens plotselinge overlijden na een verkeersongeval. De grootste admiratie kende hij voor Kenny Roberts als collega en concurrent van dezelfde generatie. De champagne smaakte extra zoet op Silverstone, nadat hij in 1981 tijdens een rechtstreeks duel de drievoudig wereldkampioen had verslagen, in een race, die mijns inziens de beste is geweest uit Jack's carrière. Zelden heb ik iemand met meer lef op een motorfiets zien zitten, want welke coureur weet zo'n verschrikkelijk hoog tempo vol te houden, als hij twee keer met ongeveer 200 km/u. volledig heeft dwars gestaan? Naast de wegrace hield Middelburg ook vele andere takken van sport, zoals motorcross en wielrennen in de gaten, terwijl hij intens kon genieten van mooie beelden van auto-rallys. 'Dat zou ik nog wel eens willen proberen', luidde een stille wens van hem, die hij tot uitdrukking bracht tijdens een samenvatting van de Rally van Monte Carlo toen de Audi Quatro's, Lancia's en Porsches driftend op de televisie verschenen. Deze wens en andere kan hij niet meer in vervulling zien gaan. Jack Middelburg is gestorven tijdens en voor de sport waar hij het meest van hield en waarvan hij de risico's terdege kende. Jack deed daar niet moeilijk over. Voor een ieder die van zijn prestaties heeft genoten en hem persoonlijk heeft gekend, blijven de prachtige herinneringen voor altijd bestaan.

 

 

wpe1E.jpg (23788 bytes) wpe20.jpg (24909 bytes)

Panorama mei 1984

   

Jack echt keihard, alleen ging hij "liever" naar Derweduwen als naar de tandarts 

In 1984 werd er ter nagedachtenis aan Jack, door de Stichting Circuit van Drenthe, de 'Jack Middelburg Trofee' ingesteld. Deze was voor de winnaar van de 500cc tijdens de TT van Assen en werd door een stel illustere rijders gewonnen. 

  • 1984 Randy Mamola, USA
  • 1985 Randy Mamola, USA
  • 1986 Wayne Gardner, Australië1984_Assen_Vader_Willem_Randy_Mamola_en_moeder_Dien.jpg (163054 bytes)
  • 1987 Eddie Lawson, USA
  • 1988 Wayne Gardner, Australië
  • 1989 Wayne Rainey, USA
  • 1990 Kevin Schwanz, USA
  • 1991 Kevin Schwanz, USA
  • Raymond Roche, Randy Mamola en Eddie Lawson.

    1984_TT_Podium_500cc_Winnaar_Mamola_en_Fam._Middelburg_01.jpg (124013 bytes)              1984_TT_Podium_500cc_Winnaar_Mamola_en_Fam._Middelburg_03.jpg (128842 bytes)

    Met de komst van de IRTA (International Road Race Team Assocation), de organisatie die ervoor zorgde dat elke Grand Prix volgens dezelfde "spelregels" zou gaan verlopen, verdween helaas deze trofee.

           
    1984 Marlboro Dunlop Express Championship Final Silverstone Poster.jpg (77980 bytes) Marlboro Dunlop Express Clubman Championship, Sept 28 Poster......$50.00.jpg (61167 bytes)

    Affiches van Engelse races in september 2004 met Jack (no 22)  voorop, tijdens de GP op Silverstone 1983......

     
    1984_motocourse_01.jpg (52185 bytes) 1984_motocourse_02.jpg (126552 bytes)

    1984 artikel Motocourse

     
    1991_Jack_jr._00_.jpg (219303 bytes) 1991_Jack_jr._01_.jpg (238487 bytes)

    1991 artikel Motor Jack jr.

    Waarom anders, als het Middelburg kan?

    Het aardige, blonde kereltje dat altijd op een kabouterbrommertje door het rennerskwartier knetterde, is al een hele vent geworden. Maar vandaag heeft hij er goed de ziekte in. Mountainbike gestolen op school. Waarde 1400 gulden. En na wat krachttermen ondergaat hij verder blijmoedig de betere momenten die de dag brengt. Zijn dromen over een motorsportcarrière.

    Jack Middelburg junior, inmiddels bijna 18 jaar, treedt in de voetsporen van zijn vader en kiest voor de motorsport. Na een bescheiden begin in de bromfietsrace weet de zoon van wijlen 'Jumping Jack', 'De Vliegende Kassenbouwer' en 'De Briet' het heel zeker. Het is moeilijk tegen te houden. Toen zijn vader met motorracen begon, was hij er - met luiers om - al bij. Tot de lagere school was hij op alle circuits present, maar zocht het meestal buiten de luidruchtigheid van het ouderlijke kampement, dat voortdurend door Jan en alleman werd belegerd. Jackie reed zijn eigen race; met de zoontjes van de andere coureurs roste hij door de veelkleurige jungle. Op die fatale aprildag van 1984 in Tolbert was hij er niet bij. "Ik zou toen wel meegegaan zijn, maar het liep allemaal een beetje raar. Ik was toen tien jaar en besefte in het begin niet wat er gebeurd was. Dat kwam later pas. Ik nam me voor om nooit meer op 'n brommer of 'n motor te stappen. Ik had makkelijk praten, want mijn crosser stond kapot in de schuur. Toen hij weer gemaakt was, ben ik er meteen opgekropen! Licht verontschuldigend glimlacht nu Jack 'de zoon van' maar hij benadrukt dat het verdriet niet is gesleten. Wat jaren verder ziet hij de motorsport als een sport waarbij de risicofactor gewoon iets hoger ligt. Net zoals bij het racen met auto's, maar minder dan gewoon in het verkeer. Hij heeft er nu ook voor gekozen. Het pitsbrommertje werd een crossmotor waarmee het strand in Monster onveilig werd gemaakt. Het ding ging vaak kapot en Jack zocht het 'n poos in de fietscross, maar vond het daar niet helemaal. Hij miste de snelheid. 'Toen ik een jaar of vijftien was, heb ik het besluit genomen om te gaan motorracen. Voor die tijd zag ik dat steeds als iet wat onmogelijk was vanwege het geld. Ik wil voorlopig eerst mijn school afmaken. Examenklas MAVO en daarna nog een jaar of vier MTS. Maar toen hoorde ik van de brommerraces. Ik had toen zoiets van: ik moet een heel oud afgeragd ding daarvoor hebben en dan kan ik sparen voor een motor. Of het moest gelijk de mooiste brommer zijn die er was. Om een hoop geld uit te geven aan een brommertje die er tussenin zit, dat schiet niet op.' Op de bloemenkwekerij op de Kleine Achterweg in Naaldwijk staat het resultaat van deze zakelijke overweging. Tussen de fresia's van Claus Langeveld, monteur in het mini-raceteam. Trots als pauwen lopen coureur en monteur om de glanzende Malaguti RST: inderdaad niet de minste in het aanbod. Een professioneel uitziende replica-racer die te snel voor de weg en te langzaam voor het motorcircuit is. Jack: 'hij liep in het begin maar 38 km. per uur. Mijn eerste wedstrijd was in Amsterdam twee jaar geleden. Toen was ik net 16 geworden. Het ging aardig, maar niet meer dan dat en het jaar daarop ben ik echt gaan racen en heb ik aan alle wedstrijden meegedaan. De top was zoiets van 75 kilometer en het optrekken, dat wilde niet echt opschieten. Maar al sleutelend en trainend ging het steeds beter, ik werd uiteindelijk nog vijfde voor het Nederlands kampioenschap over acht wedstrijden, waarvan er zeven meetelden. Er zijn diverse klassen en ik rij in de formuleklasse. Daar mag je zes versnellingen en een 20 mm.-carburateur hebben, maar verder moet alles standaard blijven. We rijden op een kartcircuit van ongeveer een kilometer met 12 tot 14 bochten. De topsnelheid is dus niet zo hoog. De langzaamste top haal je in Oldenzaal, zo'n 90. Maar in Nijmegen kun je dik 120 halen.' Monteur Claus: 'Jack reed vorig jaar als enige met een vierversnellingsbak. Dan heb je een handicap, want nu kon ik de powerband niet smaller maken. Een zesbak is toch sneller, zeker op de wat langzamere banen.

    Er ontstond wel een lichte sensatie toen bekend werd dat de zoon van Jack Middelburg nu ook de race-overall had aangetrokken. Veel collega-bromcoureurs kwamen een praatje maken. Toen de brommerklasse een bijnummer was tijdens de kampioensraces voor motoren in Almere, attendeerde speaker Jan de Rooij op de aanwezigheid van de telg uit een roemruchte racefamilie. Boet van Dulmen, die Jacky vroeger nog op schoot had gehad, wachtte hem op na zijn race en complimenteerde hem met het resultaat. 'Ik vind het niet zo leuk dat sommige mensen mij met mijn vader vergelijken, terwijl ik een heel ander persoon ben. Hoe anders? Mijn vader die reed altijd voor de eerste plaats en nam daarbij alle risico's van de wereld. Ik ben er vorig jaar in een heel seizoen maar drie keer afgegaan. Niet omdat ik perse wilde winnen. Ik denk nu: als ik tweede word, dan heb ik ook 17 kampioenspunten binnen. Word ik eerste, dan heb ik er wel 20, maar dan loop ik de kans om eraf te gaan en dan heb ik niks. Dan kies ik liever voor die 17 punten. Voor de zekerheid. Mijn beste wedstrijdresultaat was vorig jaar dan ook een tweede plaats achter Meurs. Dat is iemand die de GP-crosses heeft gereden.' 

    In het bescheiden onderkomen van de Monsterse scholier is niet direct een overeenkomst te vinden met de flamboyante levensstijl van 'Jumping Jack'. Zijn eerste wedstrijd dit seizoen in Berghem bij Oss leverde Jack in twee manches een zevende en een zesde plaats op. Wat voorzichtig geworden door een val tijdens een training in dezelfde week, reed hij een bekeken wedstrijd. Hij wil van de zomer natuurlijk hoger zien te eindigen dan vorig jaar. Maar dit jaar staat wel duidelijk in het teken van de motorgerechtigde leeftijd die bij hem op 17 juni aanbreekt. 'Ik zal deze zomer een sponsor gaan zoeken voor de 125cc die ik wil gaan rijden. Natuurlijk volg ik eerste de race-cursus van de KNMV. Dat is verplicht, maar dat lijkt me niet moeilijk. Er is er dit jaar maar één gezakt van de 150 kandidaten, dus eh... Als ik dat diploma heb, probeer ik bij de eerste 15 te komen. Ik heb al zitten rekenen. Een standaard 125cc kost 18.000 (8200 euro) gulden. Eén van een jaar oud misschien 12.000. Nee, niet zo'n ding van (Hans) Spaan, want die komen niet meer in omloop. Verder moet je rekening houden met het onderhoud aan de motor en moet je ook iets achter de hand hebben voor het vallen en zo. Wat een heel seizoen racen kost, heb ik nog niet uitgerekend. Maar als ik straks een sponsor heb, wil hij dat wel weten natuurlijk. Ook of er overwinningen inzitten. Maar ik denk voorlopig nog niet aan overwinningen. De overgang van de brommer naar de motor is toch behoorlijk groot. De snelste bocht draaien wij met 115 kilometer per uur. In de 125cc ligt dat bij 190. Wel een verschil dus (ondeugende blik), maar ik heb natuurlijk al wel eens op een motorfiets gereden. Jack Middelburg rekent voor dat het brommerracen per seizoen zo'n vier- tot vijfduizend gulden kost, maar dat hij daar sponsors voor heeft. 

    Hij hoopt dat die ondersteuning er straks ook is, als hij met het grotere werk aanvangt. Licht twijfelend: 'maar de bedragen worden dan zo groot dat ze het misschien ook niet aankunnen.' Hij beschouwt dat brommerracen als 'een kleuterschool' voor het echte werk, maar haast zich te zeggen dat het best redelijk hard gaat. En professioneel. Zijn vader had die ondergrond niet, hij weet het. Die plakte de achterlichten van zijn straatmotor af en racete. Maar als zoon Jack die sponsors die hem een optreden in de lichtste motorraceklasse mogelijk maken, nu eens niet zo gemakkelijk vindt? Dan kiest hij wellicht voor de aanzienlijk goedkopere 250cc standaardklasse. Wel vermoedt hij dat het tunen en sleutelen in deze klasse geen eenvoudige opgave zal zijn. Bloemenkweker Claus Langeveld durft het karwei aan en Jan Verduyn, nog een oom van zijn vader, stuurt de auto met aanhanger. Net zo makkelijk! Jack fietst elke dag tussen huis en school, zo'n 35 kilometer. Verder zwemt hij, dus met de lichamelijke conditie zit het goed. Hij doet dit jaar MAVO-examen en wil daarna voertuigtechniek op de MTS gaan studeren. Misschien gaat hij daarna wel door. Een dergelijke levenswijze en carrièreplanning laat zich wellicht moeilijk verdragen met de noodzakelijke verplichtingen en aderlatingen die inherent zijn aan het beginnende coureurschap. "Mijn moeder is ook niet erg enthousiast. Maar toen ze besefte dat ik echt wat wil bereiken in de racerij, heeft ze zich erbij neergelegd. Wel redeneert ze dat ze als ze me erbij zou helpen en als ik dan een ongeluk zou krijgen, dat het dan mede haar schuld zou zijn. Maar toch schiet ze me vaak wel te hulp bij bepaalde dingen.' Jack gaat nog steeds vaak naar motorraces. Tegenwoordig bezoekt hij de circuits met een motorracende vriend uit Hoek van Holland. Hij is eigenlijk alleen maar de eerste twee jaar, nadat zijn vader was overleden, weggebleven. 'Om emotionele toestanden te vermijden. Mensen die naar je toekomen, het verleden oprakelen en emotioneel worden en zo... Dat wil ik niet.'

     

     

    1995_juni_Jack_jr._011_.jpg (189712 bytes) 1995_juni_Jack_jr._02_.jpg (194547 bytes) 1995_juni_Jack_jr._03_.jpg (225085 bytes) 1995_juni_Jack_jr._04_.jpg (219929 bytes) 1995_juni_Jack_jr._05_.jpg (241200 bytes)

    1995 artikel Motor: test TT winnende Yamaha TZ500 door Jack jr.

    Om nooit te vergeten.

    Wie erbij is geweest, vergeet nooit hoe hij daar trots op de eerste startplaats stond. Wie het gezien heeft, vergeet nooit hoe hij na zijn belabberde start door het veld boenderde en al na drie ronden aan de leiding reed. Wie het meebeleefd heeft, vergeet nooit hoe hij in die laatste ronde al triomfantelijk naar zijn publiek wuifde. Wie erbij was, vergeet nooit dat Middelburg in 1980 de Dutch TT won. Wie hem gekend heeft, vergeet hem nooit.

    Vijftien jaar later in het rennerskwartier in Assen. De zon glijdt als een warme hand over de huid. Er is geen wedstrijdspanning, geen stress. Maar die uiterlijke schijn bedriegt. Want toch is er spanning voelbaar. Vijftien jaar na die gedenkwaardige 28e juni staat op een verlaten plek een Mercedes met een dichte aanhangwagen geparkeerd. Dan wordt de aanhangwagen geopend en komen de emoties en de herinneringen boven. In de aanhanger staat de Yamaha TZ500 waarmee Jack Middelburg in 48 minuten en 22 seconden zestien ronden op het circuit van Assen aflegde. Niemand was er sneller die dag. Niemand was er gelukkiger die dag. Nu, vijftien jaar later, aanschouwen Jack's weduwe Petra, monteur Adri van den Broeke, diens vrouw Anneke, framebouwer Nico Bakker en de huidige eigenaar Jos Danenberg de machine, die voor allen een geschiedenis heeft. Van den Broeke zegt geen woord, maar de dunne glimlach om zijn mond spreekt boekdelen. Zijn vrouw en Petra blijven op een afstandje staan. Dan zegt Petra: 'Ik ben heel blij dat hij nog zo intact is. Daar heb ik veel respect voor.' Maar er is nog iemand die gretig de I.M.N. Yamaha met nummer acht in zich opneemt. Een tengere, pezige jonge knaap met een dun vlassnorretje en zijn lange haren in een paardenstaart, tussen zijn vingers bungelt een zware Van Nelle: Jacky Middelburg. de 21-jarige zoon van. Hij gaat door zijn knieën, zijn ogen glinsteren en zijn mondhoeken krullen omhoog. 'Jeetje, ik vin' 'm gaaf, zeg. Echt wel', zegt Jacky. dan vallen zijn ogen op de uitlaat die eigenwijs naar boven priemt. 'Moet ik met mijn benen over die uitlaat?' Ja. Want Jacky, coureur in de Supersport 400 klasse, zal de machine gaan berijden, waarmee zijn vader de 50e TT van Assen wist te winnen.

    1995, Assen, parade der kampioenen

    Aan het einde van 1979 kwam Jack Middelburg zonder sponsor te zitten. Niet voor de eerste keer in zijn loopbaan. En evenmin was het voor de eerste keer dat hij op de valreep toch aan de slag kon. Dit keer met een Yamaha TZ500 van de Nederlandse importeur I.M.N. Samen met Boet van Dulmen. Het zat Middelburg en Van Dulmen echter niet mee met die zogenaamde Roberts-replica. Met het vermogen was weinig mis, maar de stuurkwaliteiten van de vier-in-lijn, waren bedroevend. Jack's agressieve rijstijl maakte een hoop goed, maar het gebeurde ook wel eens dat 'Jumping Jack' meer wilde dan de machine toeliet. 'Het was pertinent niet altijd Jack zijn schuld als hij viel', verdedigt Adri zijn vriend. 'Die Yamaha's gingen alleen maar rechtdoor. In Frankrijk ging hij op Le Castellet soms met beide wielen los door de chicane. Jack's mentaliteit en inzet waren enorm.' Op het franse circuit resulteerde dat in een schuiver, waardoor Jack zijn eerste WK-punten van het seizoen misliep. De maat was echter vol voor Middelburg en co. Framespecialist Nico Bakker ging als een razende aan de slag en fabriceerde voor Jack en Boet twee sterkere rijwielgedeelten. 'Die standaardframes leken mooi', zegt Bakker. 'Maar ze waren veel te licht. Het zwakke punt zat tussen de schokbrekerophanging en de achtervork. Het waren echt elastiekjes voor die jongens. Barry Sheene wilde in de week na Assen ook metten zo'n frame, maar dat kreeg ik niet voor mekaar. Ik had namelijk al lang vakantie geboekt en dat kreeg ik met mijn vrouw niet rond. Sheene dacht dat ik hem dwars wilde zitten. Hij heeft me daarna nooit meer vriendelijk aangekeken.' Bakkers handwerk leverde direct resultaat op, weet ook Adri nog. 'We gingen testen op de Salzburgring en daar reed Jack direct ronderecords.' Toen Jack tijdens de Raalte races iedereen - inclusief Suzukifabriekscoureur Graziano Rossi - klopte, was duidelijk dat het team de goede weg was ingeslagen. Richting Assen...

     

     

     

     

    'In Assen verliep eigenlijk alles normaal', verhaalt Adri. 'We hadden geen problemen. Jack was ook niet meer gespannen dan anders. Hij was verrekte moeilijk zenuwachtig te maken. We waren al vanaf 1977 bij elkaar, dus ik wist wel wanneer ik hem kon aanspreken en wanneer ik hem moest mijden.' Petra ervoer dat anders. : Je kon het merken aan hem', herinnert ze zich. 'Aan zijn manier van praten. Hij zei ook: "d'r gat wat gebeuren". Dat zei hij een jaar later ook in Silverstone (Jack versloeg daar in een rechtstreeks duel Kenny Roberts en won de Britse GP). Ik zat toen thuis. "Je moet komen, ik voel dat er wat gaat gebeuren".' Jack bleek een vooruitziende blik te hebben, want na de trainingen stond zijn naam zeer verrassend bovenaan de lijst. Nog nooit eerder was dat tijdens een Nederlandse GP500 gebeurd. Jack maakte zich echter enigszins zorgen om de banden, die het hoge tempo van de zestien ronden op het Asser asfalt niet zouden overleven. Adri repte echter met geen woord over de verwachte bandenproblemen. 'Het enige waar we het overgehad hebben, was of Jack vanaf de pole position zou starten of dat ik hem vanwege zijn slechte linkerbeen zou aanduwen (de GP's kenden toen nog duwstarts). Ik dorst het echter wel aan. En als hij de eerste ronde door zou komen, zou de rest ook wel goed gaan. Van den Broeke bleek gelijk te hebben. Hoewel de zon zich niet vertoonde boven Assen en uit het grauwe wolkendek af en toe een miezerbui losgelaten werd, grepen Middelburg en Van den Broeke naar slicks. Toen de klok 15.10 uur aanwees, kwam Jack, met zijn door valpartijen geteisterde been, maar moeizaam op gang. Maar na één ronde was de Yamha met nummer 8 al op de vijfde plek genoteerd, een ronde later zaten alleen Kenny Roberts en Randy Mamola nog voor Jack. Een paar kilometers later zaten ze achter hem. Middelburg pakte elke ronde twee tellen voorsprong op de complete wereldelite. Alsof er geen Roberts, Mamola, Cecotto, Lucchinelli, Rossi, Uncini en Sheene bestonden. Even voor het einde zette hij zelfs de op regenbanden vertrokken Wil Hartog, de winnaar van 1977, op een ronde. Van den Broeke krabbelde '+20' op zijn pitbord, voordat Jack voor de één na laatste keer over start/finish vloog. En - één ronde te vroeg - begon Jack al aan zijn ereronde voor het publiek. Achtenveertig minuten en 22 seconden duurde 'Flying Jack's' TT. De ontlading na die vlag was enorm. Middelburg vloog zijn monteur om de nek en werd vervolgens door een enorme mensenmassa op de schouders van zijn manager Hans Valstar en I.M.N.,-directeur Hans Moerkerk naar het podium gedragen. Daar mocht hij op de hoogste trede gaan staan. Wat niemand voor mogelijk had gehouden, had die taaie vechter Middelburg geflikt. En het tekende Middelburg dat hij op die nummer één plek nog ruimte vond voor zijn vriend en monteur Adri, de verlegen, bijna timide Zeeuw, die het wel best vond op de achtergrond zijn werk te doen. Want voor zijn vrienden was de mens Middelburg minstens even groot als de coureur Middelburg.

    Van den Broeke had al aangekondigd dat 1980 het laatste jaar zou zijn met Jack, omdat hij 'genoeg had van het zwerversbestaan'. Na het seizoen begon hij een motorzaak in - of all places - Middelburg. De verhalen uit de jaren 1977 tot en met 1980 komen weer bovendrijven bij Petra en Adri en Anneke van den Broeke. Anekdotes waarbij telkens die ene man het middelpunt vormt: Jack, de coureur. Over die ene keer dat Jack in Misano te laat kwam voor de start van de eerste Grand Prix. 'Nee, hij had zich niet verslapen', zegt Petra. 'Maar we hoorden achterin het rennerskwartier niet dat de wedstrijd vervroegd was. 'Of over die ene overijverige controleur die niet van zins was om Middelburg met zijn caravan door te laten. De brave diender kreeg van Jack precies vier seconden om een stapje zijwaarts te doen. En deed dat dus maar. Of het verhaal dat Jack tijdens en verplicht rechtbankverzoekje van de edelachtbare te horen kreeg dat hij altijd te hard reed. 'Maar edelachtbare', sprak Middelburg ernstig, 'dat is mijn vak.' Jacky rolt zijn shaggie - net als zijn pa deed - en geniet zichtbaar. 'Als Jack maar kon dollen en een kaartje leggen', herinnert monteur Adri zich, 'dan was het goed.' Van techniek had Jack niet het flauwste benul. 

     

     

     

    "Spijltjes van de radiateur rechtbuigen en stickers uitknippen en plakken, dat kon 'ie goed', glimlacht Adri. 'Maar hij kon me soms niet zeggen of hij nu vijf of zes versnellingen gebruikte. Voor een bougiesleutel had hij geen plaats in zijn pak, maar wel voor een pakje shag. "Jacky hoort het aan, lacht en neemt nog een trekje van zijn zware Van Nelle. Net als zijn pa. Jacky was zeven jaar oud toen zijn vader de TT won. 'Ik was er niet bij, ik zat bij mijn opa en oma. Ik weet nog wel dat ik 's-avonds naar de kermis ben geweest en dat ik daar helemaal door het dolle was.'

    Jos Danenberg is nog maar kort eigenaar van de machine, maar wil hem niet meer kwijt. Enkele weken geleden kreeg hij echter een aantrekkelijk bod op de legendarische machine. Petra schrikt zichtbaar als ze hoort wat de Yamaha waard is. 'Zal 'ie zachies doen?, drukt ze haar zoon op het hart. Die lacht alleen maar. 'Die machine gaat niet meer weg', zegt Danenberg. 'Van mijn vrouw mag ik hem maar aan één persoon verkopen.' En Danenberg wijst met zijn hoofd naar Jack junior. Dan wordt het tijd om de TZ500 aan de praat te maken. Jacky bekijkt de machine nog eens goed. 'Moet je die voorvork zien', zegt hij verbaasd. 'Dat had wel een vorkje van een Kreidler RS kunnen zijn, zo ieletjes is hij. Ja, dit is echt anders dan het spul van tegenwoordig. Joh, die remmen en die schetsplaten...' Jack duwt de Yamaha in zijn veren. 'Dat voelt heel wat minder progressief aan dan de voorvork van mijn Suzuki-tje. En die carburateur, die staat wel erg dicht bij de uitlaat. Kwam er geen warme lucht in die carburateur?' Van den Broeke glimlacht en schudt het hoofd. Terwijl hij de machine nog tot op het detail lijkt te herkennen, is het voor Jacky allemaal wat onwezenlijk. 'Bij ons stond altijd wel iets thuis. Deze heeft er ook vast wel gestaan, maar dat weet ik echt niet meer.' Eigenaar Jos Danenberg en Nico Bakker maken aanstalten om de tank te vullen. '1 op 25?, vraagt Danenberg de mengverhouding benzine en tweetaktolie aan Van den Broeke. 'Nee, wij deden altijd 1 op 30', graaft Adri moeiteloos in zijn geheugen. 'Bandenspanning?', vraagt Bakker. 'Twee-vijf, twee-acht', trekt Adri weer een lade open. Alsof die niet vijftien jaar dicht heeft gezeten. Zoals het is of hij zich al die tijd alleen maar met de Yamaha heeft beziggehouden. Van den Broeke neemt de machine over van Danenberg en Bakker, zet hem in zijn tweede versnelling en probeert samen met Jacky leven in de machine te krijgen. De eerste poging faalt. De spanning druipt bij Petra, Anneke, Jos Danenberg, Nico Bakker, Jacky's vriendin, maar ook bij mij van het gezicht. Adri en Jacky zetten nog een keer aan. In de verte zien we blauwe damp uit de uitlaten. Ik betrap me erop dat ik mijn vuist bal en een fel 'yes' ontsnapt uit mijn mond. Jacky komt met een brede grijns op zijn gezicht teruglopen. Van den Broeke blijft even alleen achter. Heel even maar. Omdat niet alleen de Yamaha, maar ook de herinnering weer tot leven is gekomen. Losjes, geroutineerd draait zijn rechterhand aan het gas. Dan stapt hij op de machine en rijdt langzaam onze kant op. Met die hele dunne glimlach. De machine wordt op de bok gezet. Adri stopt zijn handen in zijn zak en knikt nauwelijks zichtbaar. 'Hij loopt lekker.'
    TT '95.jpg (83013 bytes)

    1995, Assen, parade der kampioenen, de net gestopte topper, Kevin Schwantz, voor Jack jr. op de TT-winnende Yamaha van zijn vader.

    TT '95 001.jpg (40259 bytes)

    Jacky loopt met zijn arm over de schouder van zijn vriendin Ingrid naar zijn oude busje. Als hij al gespannen is, weet hij dat meesterlijk te verbergen. Toch moet er in dat 22 jaar jonge hoofd van Jacky heel wat omgaan. De naam die zijn vader ook droeg, heeft niet altijd in zijn voordeel gewerkt. Toen hij eens van zijn brommer geplukt werd, vroeg een agent naar zijn naam. Toen Jack die gaf, antwoordde de man: 'Ja, ja, en ik ben Napoleon.' Vier jaar geleden zette Jacky heel voorzichtig met een bromfiets zijn eerste schreden in de wegrace, wetend dat hij in zijn bagage een niet altijd even prettige erfenis meedroeg. 'Toen ik begon, vergeleek meteen iedereen me met mijn vader. Iedereen die dacht ook: "oh, die Middelburg zal wel centen hebben". Nou ik had helemaal niks. ik heb er zelf voor moeten werken.' Met een oude bus, een evenzo oude caravan en een Suzuki RGV 250 trekt Jacky de nationale circuits langs. Een topper is hij niet, maar hij gelooft in zijn eigen kunnen. 'Ik wil op een goede manier kunnen racen en als er geen geld is, stop ik. ik wil niet op mijn 29e één keer nationaal kampioen zijn geweest, of zo.' Jack trekt zijn overall aan, met op de rug die naam Middelburg. De serene rust wordt weer verstoord door die venijnige klanken uit de Yamaha. Adri draait de Yamaha warm, terwijl Jacky zijn helm opzet. Adri wijst Jacky op de lange eerste versnelling. 'Je kunt hem doortrekken tot ongeveer 9.500 toeren', verteld Adri, die er even later aan toevoegt dat Jack de machine doortrok tot 12.500 toeren. En dat terwijl een dun rood streepje aangeeft dat het kritieke gebied bij 10.500 toeren begint... Jacky knikt en slaat zijn been over de machine. 'Eén naar beneden en de rest naar boven', vraagt hij voor de zekerheid. Van den Broeke knikt. Jacky schakelt de eerste versnelling in en laat de koppeling slippen. Even lijkt het erop dat de machine stil zal vallen, maar dan - terwijl zijn moeder hem natuurt - stuurt Jacky het circuit op, met nog even een laatste blik over zijn linkerschouder. Op de Veenslang schroeft Jacky voorzichtig het gas open. 'Even de vette troep eruit', zegt Adri, die elke zuigerbeweging lijkt te horen. Een kleine twee minuten later klinkt het geluid van de Yamaha uit de Ramshoek naar de GT-bocht. Adri staat op zijn tenen over de vangrail geleund. Jacky stuurt echter naar binnen en schudt met zijn hoofd. Adri luistert geconcentreerd naar Jacky, alsof de pole voor de 65e TT op het spel staat, hij luistert zoals hij 15 jaar geleden ook naar Jack luisterde: met zijn oor vlak voor het geopende vizier. 'Hij pakt niet mooi op', zegt Jacky. 'Je kunt met zo'n 500 niet zo maar het gas opendraaien', doceert Adri. 'Het moet voorzichtig open en dan reageert hij. het luistert allemaal wat nauwer, het gaat met beleid. 'Jacky knikt begrijpend en laat zich weer aanduwen. Terwijl hij voor de tweede keer de Veenslang opstuurt, begint Adri een beetje te glimmen. 'Hij begint te zingen', stelt hij tevreden vast.

    1995, Assen, junior tijdens het testen.

    Het gezang van de Yamaha klinkt echter al snel vals. 'Eéntje loopt er niet mooi, zegt hij dan en zijn gezicht betrekt. Als Jacky voorbij de pits knettert, blijkt Adri's gelijk. Een ronde later komt Jacky weer binnen. De bougies worden gecheckt, maar daar wringt de schoen niet. Waarschijnlijk een carburateurkwestie. Als blijkt dat het euvel niet snel verholpen kan worden, besluit Jacky  het zo nog maar eens te proberen. 'Hij heb wel eens beter gelopen', zegt Adri. Maar de manier waarop Jacky, de lange manen onder zijn helm uit wapperend, later de Nationale Bocht en de GT pikt, laat zien dat hij de smaak te pakken heeft. Het rechterknietje schuurt in de Nationale over het asfalt. 'Het komt weer allemaal boven, hè', vertolkt Jos Danenberg de gevoelens van iedereen. Dan, na een ronde of tien, is het voorbij. Jacky komt binnen en de tweetakt blaast zijn laatste decibellen uit. De stilte overheerst weer in Assen. Jacky zet zijn helm af en showt zijn wat verlegen glimlach weer. Ondanks de niet geheel meewerkende Yamaha TZ500 heeft hij genoten. 'Echt gaaf', klinkt dan ook niet verrassend het antwoord als hem gevraagd wordt wat hij er van vond. 'Jammer dat hij niet goed liep. Maar  toch: schitterend. Hij is eigenlijk iets te klein voor me. ik had het idee dat eerst de kuip en daarna mijn knie aan de grond kwam. De remmen? Je moet echt hard knijpen, voordat ze wat doen, maar ze werken wel. Hij schakelt trouwens wel zwaar'. Adri's 'tips voor de beginnende 500cc coureur' blijken te hebben geholpen. 'Het klopt dat elke stand van de gashendel zijn eigen toerental heeft. Bij 9.500 toeren begon hij mooi te lopen.' Ook het stuurkarakter van de 132 kilo zware en 120 pk sterke 500cc-er verbaast Jacky. 'Op de Veenslang moest ik echt trekken aan het stuur, maar later bleek in de snelle bochten dat hij toch mooi zijn lijn houdt.' Maar hoewel Jacky zijn handen vol had aan de totaal onbekende machine, blijkt dat hij zich realiseert met wat voor fiets hij Assen heeft gerond: de machine waarmee zijn pa de TT won. 'Ja', zegt Jack ietwat twijfelend. Het lijkt of hij moeite heeft om de juiste woorden te vinden voor de ervaring die de herinnering aan zijn vader weer heel levend moeten hebben gemaakt. 'Ik zat er een paar keer aan te denken, hoe hij er mee reed. Ze moesten er meer voor werken, weet ik nou.' Adri van den Broeke staat stil naar de machine te staren. 'Jammer dat hij niet mooi liep', zegt hij met spijt in zijn stem. 'Ik zou hem zo mee willen nemen.' Jos Danenberg begrijpt de monteur van toen. 'Binnenkort breng ik hem een keer bij je langs. Dan maak je hem maar goed aan de praat.' De spanning lijkt weg, lijkt met het wegsterven van de decibellen plaats te hebben gemaakt voor opluchting. Ook bij Petra. Ze richt zich tot Jacky. 'Maar, eh, wanneer ga je weer eens een beetje gas geven, joh?' 'Dit is prachtig', zegt Adri van den Broeke zacht met ingehouden emotie. Hij staat met zijn duimen in de zakken van zijn spijkerbroek naar de Yamaha te kijken. 'Het maakt toch heel wat los. Ik had de motor na 1980 niet meer teruggezien. En ook met Petra en Jacky hadden we niet meer zoveel contact. Ik ben echt blij dat we mekaar weer eens teruggezien hebben. het zijn toch vier jaar van mijn leven geweest. Een verrekt fijne tijd. En die had ik niet willen missen. Ik heb zelf een tijd geracet en in een interview werd me eens gevraagd wat mijn hoogtepunt was. Die TT, natuurlijk. Alleen die ene schakel is er niet meer, hè.' De schakel is er niet meer, maar de herinnering blijft bestaan.

     

     
    KicXstart_Duik_in_het_archief_januari_1997_00_.jpg (173583 bytes) KicXstart_Duik_in_het_archief_januari_1997_01_.jpg (208611 bytes) KicXstart_Duik_in_het_archief_januari_1997_02_.jpg (187150 bytes) KicXstart_Duik_in_het_archief_januari_1997_03_.jpg (160885 bytes) KicXstart_Duik_in_het_archief_januari_1997_04_.jpg (108993 bytes)

    Januari 1997 verslag KicXstart, Duik In Het Archief

     

    Duik in het archief; Jumping Jack.

    Bij een Duik in het Archief naar de persoon van Jack Middelburg blijkt dat er in diens 10-jarige carrière nogal het een en ander voorgevallen is dat de moeite van het fotograferen waard was. Het is dus totaal onmogelijk om in de vier pagina's die ik voor een Duik tot mijn beschikking heb, alles te vermelden of te laten zien. Er zullen dan ook wel heel veel mensen zijn, die nauw bij de carrière van Jack betrokken waren, maar die we desondanks hier toch niet tegen zullen komen. 'Heel veel mensen, want Jack was een knaap die met zijn opgewekte karakter al heel snel iedereen voor zich wist te winnen. Ondanks de onvermijdelijke overstapjes naar andere merken bijvoorbeeld, bleven (oud)-sponsors toch altijd goed met hem bevriend. Zo schiet mij nu bijvoorbeeld de naam binnen van Cees Verhagen. Geen sponsor, maar de voorzitter van de Jack Middelburg fanclub, die dankzij de vele clubleden veel steun heeft kunnen geven. Wellicht is het ook maar beter de beschikbare ruimte zoveel mogelijk te besteden aan het fotomateriaal. Uit de tijd dat 'de Grote Drie', Jack, Wil en Boet, de spanning bij de Grand Prix halveliters keer op keer tot grote hoogten wisten op te voeren. Een podiumplaats behoorde immers voor elk van hen altijd tot de mogelijkheden. Zelfs de allerhoogste trede in de Koningsklasse is ieder van dit drietal een of meerdere keren onder de racelaarzen gekomen. Jack lukte dat op Assen; hij won daar in 1980 onbedreigd de TT en dat betekende natuurlijk de vervulling van een droomwens. Nog waardevoller was, in mijn ogen, de GP zege op Silverstone, waar hij de bikkelharde wereldkampioen 'King' Kenny Roberts in alle opzichten in een regelrecht duel wist te verslaan!

    Jack was snel, ook in het opbouwen van zijn carrière, die hij in 1973 begon. Nadat hij enkele NMB races van dichtbij gezien had, verscheen Jack in Woudrichem voor het eerst aan de start van zo'n NMB race, om daar meteen als niet onverdienstelijk zesde over de streep te komen. In totaal zou hij dat eerste seizoen zo'n tien maal aan de start verschijnen. Datzelfde jaar ontmoette hij een man die heel belangrijk voor hem zou gaan worden, zijn eerste sponsor, Henk Rekers. In 1974 werd hij NMB kampioen in de klasse 'boven de 500cc', derde in de 500 en tweede in de 350cc klasse. Met de resultaten van dat tweede racejaar werd duidelijk dat Jack de overstap zou moeten gaan maken naar de KNMV ('75). Twee jaar later wist iedereen wie Jack Middelburg was, want eind '77 werd hij gehuldigd als de kampioen in zowel de 350, de 500 als de 750cc klasse!! Een enorme stunt die hij het daaropvolgende jaar ook nog eens wist te herhalen. Vervolgens besteedde hij zoveel mogelijk aandacht aan de Grand Prix. In '77 stond al (voor het eerst) de TT op het programma en met elfde plaatsen in de 350cc en 500cc klassen wist hij meteen al de eerste GP puntjes binnen te halen (dit klopt niet, want indertijd kregen in tegenstelling tot vandaag de dag, niet de eerste vijftien aankomenden punten, maar alleen de eerste tien). In '78 trad Jack vijf maal op in de GP's; het grote werk eiste dat jaar haar tol in Salzburg en op de Nürburgring, waar hij door valpartijen uitgeschakeld werd. Crashen is helaas een onvermijdelijk onderdeel van het motorracen op dit niveau en als er iemand in de Nederlandse racegeschiedenis aangewezen zou moeten worden die onrechtvaardig vaak met dit fenomeen te maken heeft gehad, dan moet het Jack Middelburg wel zijn. Maar 'Jumping Jack' was niet te ontmoedigen. Niet door de valpartij zelf, niet door de pijn en niet door het (soms moeizame) herstel daarna. De onverwoestbare Westlander klom er steeds weer op en wist ook kort na een crash steeds weer iedereen te verbazen met zijn snelheid. In '79 stond hij voor het eerst op een GP podium: tweede bij de Zweedse GP op Karlskoga. De absolute topper van het daaropvolgende jaar was natuurlijk de TT van Assen. 1981 bracht het succesverhaal van Silverstone en evenals het jaar daarvoor een zevende plek (was in 1979) op de wereldranglijst. 1982 was een echt 'jumpingjaar', waarbij hij in Daytona, op Hengelo, Donington Park, Assen, Silverstone en Anderstorp door valpartijen uitgeschakeld werd. Helemaal Jack Middelburg natuurlijk om na zo'n seizoen in '83 terug te komen met een titel in het Nederlands kampioenschap en een mooie zesde plek tussen de allergrootsten uit de internationale GP racerij bij de TT. In 1984 vierde Jack nog één maal een overwinning in een nationale race te Heeswijk; vrolijk en uitbundig als altijd. Een week later in Tolbert kwam er echter een abrupt einde aan de racecarrière van de onbevreesde, goedgemutste vechter uit Naaldwijk. Jack was uniek. Misschien moeten we maar denken aan de woorden van de moeder van Bill Ivy, die na de dood van haar zoon op de Sachsenring zei: "Hij is te jong gestorven, maar heeft meer geleefd dan menig ander die 80 of 90 is geworden."

     

     

    In mei 2000 werd Jack postuum uitgeroepen tot 'Westlander van de Eeuw'!

    Jack Middelburg gekozen tot Westlander van de eeuw.

    Het kan u niet ontgaan zijn. Reportages op WOS TV, artikelen in de regionale pers en zelfs een huis-aan-huis verspreide krant... motorracer Jack Middelburg is uitgeroepen tot Westlander van de (20e) Eeuw. Andere winnaars waren senator Marius Varekamp in de categorie Maatschappelijk en dirigent/arrangeur Gerard Breäs in de categorie Cultuur. Maar u koos massaal voor 'Jumping Jack' als meest markante Westlander van de afgelopen decennia.

    2000_Jack_Westlander_van_de_eeuw.jpg (258995 bytes)

    De weken voorafgaand aan de verkiezingsuitslag op 13 mei brachten enkele honderden kijkers en luisteraars van WOS hun stem uit op de negen genomineerden voor de eretitel Westlander van de Eeuw. In de categorie Maatschappelijk stemden zij op de Naaldwijkse oud-wethouder en loco-burgemeester Jan Emmens (hij overleed in 1989), op Jan Barendse, die na de Tweede Wereldoorlog de tuinbouw nieuw leven inblies (overleden in 1958), en op Marius Varekamp, onder meer oud-voorzitter van de Bloemenveiling Holland en momenteel senator in de Eerste Kamer. Varekamp won met slechts een paar stemmen voor Barendse. Om de cultuurprijs streden toneelspeler Peter Luiten, beeldend kunstenaar Bas Verbruggen en dirigent/arrangeur Gerard Breäs. Ook Breäs, vaste dirigent van het Koningin Wilhelmina Fondsconcert, won nipt. In de categorie Sport was de strijd minder spannend, Jack Middelburg won ruim van de winnaar van de Elfstedentocht in 1940 Piet Keijzer en wielrenner Leo Duijndam (onder meer etappewinnaar in de Tour de France; hij overleed in 1990). Een duidelijk bewijs voor de enorme populariteit die Jumping Jack zestien jaar na zijn dood nog geniet.

    Jack Middelburgs carrière begon in 1973. In 1977 en 1978 werd hij Nederlands kampioen in de klassen 350cc, 500cc en 750cc, waarna hij Grand Prix wedstrijden ging rijden. Jack's mooiste overwinningen waren die van de TT van Assen in 1980 en in Silverstone, Engeland, in 1981. De niet al te veilige baan in Tolbert werd hem in 1984 fataal. Het Westland - heel Nederland trouwens - was geschokt. Toen presentator Tabben de winnaars bekend maakte, was Middelburgs familie zichtbaar ontroerd. Jack jr. nam de enorme beker in ontvangst. "Ik ben sowieso trots op mijn vader, maar dit is een mooi eerbetoon", zei hij. "Ik denk dat mijn vader hier heel blij mee geweest zou zijn."

     

     
    2000_Motor_008_.jpg (227464 bytes) 2000_Motor_009_.jpg (169350 bytes) 2000_Motor_010_.jpg (203830 bytes) 2000_Motor_011_.jpg (225569 bytes) 2000_Motor_012_.jpg (228246 bytes)

    2000 verslag Motor: test TT winnende Yamaha door Jurgen vd Goorbergh

    Jurgen v/d Goorbergh rijdt Jack Middelburgs Yamaha.

    'Hij loopt nog als een zonnetje'

    Jurgen v/d Goorbergh zet zijn helm af. Hij knikt. 'Dat was een aparte ervaring, zeg. D'r zit goed gang in. Hij loopt als een zonnetje.' Jurgen draaide zojuist zijn eerste ronden op een Japanse 500cc viercilinder. En niet op zo maar eentje: de Yamaha TZ500 waarmee Jack Middelburg twintig jaar geleden de TT won. Over het verleden, het heden en een heel klein beetje toekomst.

    Het zonnetje probeert 't en prikt. Maar het zwarte wolkendek boven het circuit van Assen is massief en hardnekkig. Het miezert. Het regent. En dan hoost het. Jurgen van den Goorbergh zet zijn helm weer af. 'Zet ik dat ding op en dan begint het meteen te regenen.' Nico Bakker kijkt met een hulpeloze blik naar de lucht. Hij duwt de machine weer naar binnen. Wachten. Wachten tot het beter wordt... Twintig jaar geleden bepaalde het weer ook het wedstrijdverloop van de 500cc-race. In de trainingen had één man gedomineerd: Jack Middelburg. Maar de TT winnen? Met dat been? Eenmaal op zijn Yamaha TZ500 was Middelburg in zijn element. Maar de vier-in-lijn moest aangeduwd worden. En dat zou moeilijk worden. Door die valpartij op Paul Ricard, Jack wilde te veel met een machine die te weinig kon. Een zware crash, een mank poot (poot was al mank vanaf '79). Er moest wat gebeuren. Ja, monteur Adri van den Broeke had met zijn gouden handjes de machine gekoesterd, de krukas was aangepast, de cilinderkoppen en de cilinders ook. De uitlaten kwamen uit Van den Broekes brein en handen, de poorttiming was anders. 'Hoeveel pk's? Geen idee. Misschien 120', denkt Van den Broeke thuis in Middelburg. 'Bij mij in Zeeland hadden we een prachtig stuk rechte weg. Daar stonden van die hectometerpaaltjes. Dan schakelde ik op tot in de vierde versnelling en als ik dan bij dat ene hectometerpaaltje een paar honderd toeren meer had dan de keer daarvoor, was ik al dik tevreden.' Maar dat rijwielgedeelte wilde niet. Wat men ook probeerde. Nico Bakker moest helpen. Het was de laatste mogelijkheid. Nico Bakker hielp. Jack testte. En Jack won. De realiteit als een sprookje.

    Ik had regelmatig contact met Boet van Dulmen en Jack', draait Nico Bakker moeiteloos de klok twintig jaar terug. 'Die jongens hadden grote problemen met die Yamaha's. Die werden aangeboden als de replica van de fiets waarmee Kenny Roberts wereldkampioen was geworden, maar het viel allemaal zwaar tegen. Het frame was veel te flexibel. De monoshock zat onder de tank en met het remmen werd het hele zaakje onrustig. Met het sturen in de bochten kwispelde hij of brak 'ie weg. Elke hobbel werd doorgegeven. "Probeer dit eens, of dat", zei ik dan. Maar niets hielp. "Dan moet er een nieuw frame komen", stelde ik. Maar dan moest er natuurlijk eerst met Yamaha gebabbeld worden.' Yamaha importeur I.M.N. ging overstag en Bakker kon aan de slag. Zonder computer. 'Nee, alleen met de dingen die Jack en Boet me hadden verteld. Met het koppie en de tekentafel. We hadden niet eens een werktekening.' In een week werd een nieuw frame gebouwd. Van dikker chroommolybdeen, beduidend sterker rond het balhoofd, en met een lichter achterframe. De originele tank, de zit en de stroomlijn pasten nog. 'Dat was de wens van Yamaha. Mijn frame was een halve kilo zwaarder dan het originele, maar in het streven naar een minimaal gewicht was men bij Yamaha een stapje te ver gegaan.' Even leek er een kink in de kabel te komen. Van Dulmen zou het Bakker-frame testen, maar kwam ten val in Raalte. Nu was het aan Middelburg. En die stond niet bekend als fameus testrijder.' Jack kwam eens binnen met een fiets en zei "hij staat wat rijk". Even later ging 'ie weer de baan op en reed drie seconden sneller. Met dezelfde sproeiers. Maar dat wist hij niet', lacht Van den Broeke. 'Jack kon twee dingen heel goed: met zijn hoofd schudden, van links naar rechts en van boven naar beneden.' En Middelburg kon onstuitbaar hard rijden. Samen met Van den Broeke reisde hij naar de Oostenrijkse Salzburgring. Middelburg schudde het hoofd: van boven naar beneden. Zijn rondetijden zaten tegen het ronderecord aan. 'Zo'n frame moet ik hebben', grijnsde Middelburg, een sjekkie tussen zijn lippen. 'Hier voel ik me safe op.' 

    Het weer was onbestendig, die zaterdag de 28e juni. De dag ervoor zette Middelburg de snelste trainingstijd. Voor Mamola, Roberts, Sheene, Lucchinelli, de grote mannen. 'Maar over winnen spraken we niet', zegt Adri v/d Broeke. 'Dat deden we nooit. Ook niet bij kleinere wedstrijden.' Die pole was mooi. Ook de eerste keer dat een Nederlander in Assen in de 500cc dat flikte. Maar ijzervreter Middelburg kampte met de naweeën van de crash in Frankrijk. Hoe moest dat gaan met zo'n duwstart? Was het niet beter om hem aan te laten duwen, achter aan het veld? 'Een Nederlander op pole en dan achteraan het veld? Nee, dat doe je niet.' Middelburgs start was als verwacht. 'Mamola en Roberts schoten vol accelererend weg, terwijl Middelburg nog stond te duwen en alle toeschouwers vreesden dat zijn kansen verkeken waren.' Maar hij had de juiste Michelins om zijn wielen laten leggen en niemand die hem kon bijhouden. 'De derde ronde was fantastisch. De programmaboekjes gingen omhoog, de zon brak door en Middelburg had de leiding van Roberts overgenomen.' Jack Middelburg was die middag de allergrootste. 'Onze kennis aan superlatieven schiet tekort om te omschrijven hoe de 28-jarige kassenbouwer uit Naaldwijk de 125.000 toeschouwers buiten zinnen bracht door op magistrale wijze de 500cc race te domineren... Alleen al de manier waarop Middelburg de lakens in de Koningsklasse uitdeelde was niet te overtreffen.' Een ronde voor het einde kon Van den Broek '+20' op zijn pitsbord kalken. Een ronde later waren er nog veertien seconden over. Jack had al gevierd, die laatste 7,7 kilometer. 'De mensenmassa kwam overeind en de armen gingen omhoog, Jumping Jack Middelburg had het, voor velen, onmogelijke verricht en de 500cc TT gewonnen.' (uit: weekblad Motor, nr. 27, 1980).

    'Het was ongelofelijk wat er gebeurde', zegt Van den Broeke. 'Er komt zoveel op je af, je weegt zomaar honderd kilo minder. Ik wilde na de race inpakken, maar Jack zei: "jij gaat mee naar het podium".' Daar liet Middelburg zich bejubelen, stuntelend met een fles champagne, een peuk tussen de lippen. En naast hem Adri van den Broeke. Nico Bakker genoot op een provisorische tribune in het rennerskwartier in stilte mee. Jos Danenberg en meer dan 100.000 mensen vierden het uitbundig langs de baan. Nu is het twintig jaar later. Het circuit is veranderd, aan de pits wordt nog volop gewerkt. De tijd heeft niet stilgestaan. Maar een stukje geschiedenis is naar het heden van Jurgen v/d Goorbergh geplaatst. Jack Middelburg was de laatste Nederlander die een pole-position pakte in Francorchamps, 1982. Totdat Jurgen vorig jaar in Barcelona en Brno het voor onmogelijk geachte presteerde. Vooraan op de grid, prominent in de lens van de camera's. De regen is even opgehouden, maar de baan blijft nat. Jurgen zet zijn helm voor de tweede keer op. Nico Bakker draait de machine warm. 'Hij klinkt wel, hè, grijnst Jurgen. 'Hoe schakelt dit ding?', wil hij weten. 'Als een racer, en hij heeft een lange één, hoor', roept Bakker. Jurgen rolt weg. Heel langzaam klimt de Yamaha in toeren. Ja, Jurgen, het is een lange één!' 'Hoor, daar komt 'ie. Dat klinkt ouderwets', glundert Bakker een paar minuten later. Jos Danenberg staat er bij met de handen in de zak. Hij kocht de Middelburg Yamaha enkele jaren geleden op 'een showtje' in Wognum'. Tegenwoordig is het een aandachtstrekker bij Bakker Framebouw. 'Daar komt motorvolk', zegt Danenberg. 'Als íe bij mij op de zaak staat, lopen ze er gewoon langs. Dan word ik link, denk ik "kijk toch eens wat daar staat, stomme ganzen".' De Yamaha klinkt niet bejaard, maar nog opmerkelijk vitaal. Jurgen's chef-technicus Hans Spaan, staat met de armen over elkaar te kijken. Hij was er ook bij, twintig jaar geleden. Als broekie van 21. 'Ik reed mijn eerste TT. Ik werd vierde in de 50cc. Niks mis mee, maar alle aandacht ging uit naar die overwinning van Middelburg.' Jurgen komt langs - en lijkt het naar zijn zin te hebben. Dat blijkt als hij later de pitstraat instuurt. 'Hij loopt wel mooi, hoor', zegt Jurgen bewonderend. 'Echt een zonnetje. Ik dacht "zo'n ding loopt niet." Dat verbaast me wel. Maar ik moet zeggen, het gaat heel mooi soepel. Een beetje als een V4. Hij trekt ook best. Vergelijk het maar met een goeie 250, maar dan nog iets sneller. Als je er een straatfiets naast wil zetten, moet je toch een flinke 1000 hebben, voordat die 'm eruit trekt. Hij begint bij 6.000 tpm, bij 8.5 á 9.000 komt 'ie echt en dan gaat 'ie door tot 11, 12.000.' Bakker knikt glimlachend. En het sturen? Je zit er totaal anders op dan op mijn Honda V2. Hij voelt heel lang aan, terwijl een racer tegenwoordig juist veel meer op zijn kop staat. De clip-ons staan ver weg en de kont is laag. De voetsteunen staan ook laag. Je merkt dat je hem met het insturen wat moet dwingen. Het frame is heel stijf, misschien wel wat te stijf. Onderin denk je eerst "kom op!" Maar dan wordt het een echte 500. Zo van "pohhhhp". Had 'ie al een powervalve? Ja, hè. Hij gáát wel. Ik denk dat de motoren van nu piekeriger zijn.' Van den Goorbergh neemt de Yamaha nog eens in zich op. 'Ik heb niet zoveel met die oude motoren', zei hij vooraf heel eerlijk. 'Dit is toch wel een aparte ervaring', geeft hij nu toe. 'Als je er zo mee rijd, merk je toch wel "zo gek waren ze toen nog niet". Het zit er allemaal nog niet zo heel ver van af. Als je een iets andere voorvork monteert, een paar andere banden, je past de vering wat aan en je gooit er een paar knappe remmen onder, dan kun je nog heel hard gaan met zo'n ding. Die bandjes die er nu opzitten zou je moeten vervangen door een 250 band. Jammer dat de baan nat was.' En zo'n duwstart, ziet de GP-coureur van tegenwoordig zich dat al doen? 'Qua compressie is 'ie goed, hij start zo. Niet te veel gas en gaan. Net als bij mijn V2.' Voor het eerst nestelde Jurgen van den Goorbergh zich op een 500cc viercilinder van Japanse makelij. Hij grijnst. Een Japanse viercilinder, daar is het hem dit jaar allemaal om begonnen. 'Je merkt, het loopt gewoon, hè', grijnst hij. 'En het gaat niet kapot, hè. Hier moeten we naar toe.' Als Jurgen terugloopt naar zijn pits, genieten Bakker en Danenberg nog even na. De Yamaha wordt ontdaan van zijn polyesterwerk. Een van Jurgen's Japanse monteurs komt kijken. Letterlijk met open mond beent hij driftig om de twintig jaar oude viercilinder. Zonder verleden geen heden.

    Adri van den Broeke zit thuis in Middelburg. Hij kon er niet bij zijn. 'Wat vond Jurgen ervan", wil hij weten. Het antwoord stemt hem tevreden. Na de overwinning in de 50e TT merkte Van den Broeke dat hij en Jack in aanzien waren gestegen. 'De deuren gingen voor ons open, hè. Dat was een fijn idee, maar ik wilde niet over de schutting gluren. Ik wilde het zelf doen, met Middelburg.' Aan het eind van het jaar scheidden hun wegen; dat had Van den Broeke voor het begin van het seizoen al aangegeven. De combinatie van de flamboyante Middelburg en de ingetogen Van den Broeke was een bijzondere. Fanatisme en liefde voor de sport verbond hen. 'Ik heb vier fijne jaren gehad met Jack. Hij was altijd open en nuchter. Fijn voor het publiek ook. Een echte sportman, hij gaf altijd alles. Als er iets in zat, haalde Jack het er ook uit. Ruzie? Eh, één keer. Toen heb ik hem 's-avonds opgebeld. "We kunnen twee dingen doen", zei ik toen. "Ik kom naar jou toe en lever mijn spullen in of jij komt hiernaar toe en we praten het uit". Drie kwartier later stond hij hier in Zeeland. Zo snel had nou ook weer niet gehoeven....' Twee jaar geleden zwaaide Van den Broeke zelf zijn been over de Middelburg Yamaha. Tijdens de Centennial Classic TT mocht hij ook de baan op. 'Ja, dat was heerlijk om mee rond te rijden. Onderweg zat ik wel te denken "wat zou Jack gedaan hebben?" Maar ik dacht ook "niet denken, straks glijd je eraf". Toen ik afgevlagd werd, schoot door me heen "jij hoort er helemaal niet op".' Sommige dingen staan gewoon in het geheugen gebeiteld. Met goud omrande letters...

     

     

    2000 juni, verslag Moto 73, Twintig jaar later, Jack's TT winnende Yamaha

    2000_20_jaar_na_Assen_000_.jpg (207563 bytes) 2000_20_jaar_na_Assen_01_.jpg (184937 bytes) 2000_20_jaar_na_Assen_02_.jpg (197406 bytes) 2000_20_jaar_na_Assen_03_.jpg (254165 bytes) 2000_20_jaar_na_Assen_04_.jpg (242986 bytes) 2000_20_jaar_na_Assen_05_.jpg (212921 bytes)

    Vakmanschap voor Jumping Jack.

    wpe12.jpg (44511 bytes)

    Het nieuwe frame. 

    Het is deze maand al weer twintig jaar geleden dat de 500cc klasse van de Asser TT voor het laatst door een Nederlander werd gewonnen. De legendarische Jack Middelburg bleek in 1980 op het TT-circuit een maatje te groot voor iedereen. Zijn overtuigende zege gaf de vaderlandse motorwereld extra glans, want de Yamaha-krachtbron van 'Jumping Jack' was in een Nico Bakker-frame gehuisvest. Vakmanschap van de koude grond versloeg de Japanse oppositie in recordtijd!

    We schrijven 29 juni 1980. De beelden staan als de dag van gisteren in het geheugen gegrift: dat ondeugend zwaaiende handje van Jack Middelburg tijdens de laatste ronde van de TT. Met een voorsprong van twintig (!) seconden deelde de jubelende volksheld zijn voorpret met 126.000 toeschouwers langs het circuit. Iedereen hield zijn adem in, want de eindstreep was nog niet in zicht. Stel dat er nog iets zou gebeuren? In gedachten reed iedere Nederlandse racefan mee op de witte 500cc machine met daarop het startnummer 8. Omdat we allemaal ook die spanning konden waarnemen, kreeg de zege van Middelburg nog meer gevoelswaarde. In een wolk van emotie werd de winnaar door vertrouwelingen naar het podium gedragen en boven de deinende, zingende massa kon Jack nauwelijks bevatten wat hij teweeg had gebracht. Hij had zojuist één van de mooiste hoofdstukken in de Nederlandse motorgeschiedenis geschreven.

     

     

    Bijna twintig jaar later bevinden wij ons in het vlakke, groene Noord-Hollandse landschap in Heerhugowaard in de werkplaats van Nico Bakker. Het gejuich van de toeschouwers is verstomd en van Jack Middelburg moesten we in 1984 vroegtijdig afscheid nemen na een fataal race-ongeval in Tolbert. Zijn winnende motor is echter in bijna originele staat bewaard gebleven. De aanblik van deze bijzondere machine doet het hart sneller kloppen, want de spierwitte kuip met daarop reclame voor I.M.N. (Inter Motor Nederland; destijds de Nederlandse Yamaha-importeur) en Sarome (aanstekers) verhult een opvallende viercilinder-in-lijn, die eerst verguisd en daarna bejubeld werd. Als de stroomlijnkap is verwijderd, wordt de aandacht opgeëist door het dwarsgeplaatste motorblok waarvan de buitenste, linker uitlaat als een gespierde boaconstrictor achter de carburateurs langs naar boven krult. Zwarte verf op het frame moet de indruk wekken dat het een Yamaha-bouwwerk is, maar wij weten wel beter. ,,Hoewel ik in de loop der jaren voor veel mensen een frame mocht bouwen, heb ik met deze motor echt een emotionele band", constateert Nico Bakker met een tikkeltje weemoed in zijn stem. Welke omzwervingen heeft deze opvallende 500cc machine sinds 5 oktober 1980 (de kampioensraces te Nijvel) gemaakt? Eigenlijk is deze motor nooit ver weggeweest. Na gebruik werden de Yamaha's, model TZ500G, eind 1980 ingeleverd bij I.M.N. in Rotterdam, waar Hans Moerkerk de scepter zwaaide. Later werd één van de motoren door sponsor Henri van Tol gekocht voor Peter Looijesteijn, die er ook enkele wedstrijden mee gereden heeft, en vele jaren daarna kwam de Middelburg-Yamaha in handen van raceliefhebber Jos Danenberg. In de parade tijdens de 65e TT reed Jack Middelburg junior ermee en Adri v/d Broeke (destijds monteur van Middelburg) bestuurde zijn oude troetelkind tijdens de Centennial Classic TT in 1998. Met slechts een nieuwe ontsteking, remblokken en koppelingsplaten bleek de oudgediende weer goed voor enkele snelle rondjes.

    Nico Bakker heeft in de loop der jaren alle groten der aarde in zijn werkplaats gehad, van Jack Findlay tot Walter Villa, Barry Sheene en Franco Uncini. Hij bouwde 50cc frames voor Peter Looijesteijn en Stefan Dörflinger, maar ook  wereldkampioenen als Giacomo Agostini, Takazumi Katayama en Dieter Braun reden met de prachtige, degelijke chassis van de Noord-Hollander, die bijna alle motormerken, van lichte Kreidlers en Morbidelli's tot zware Honda's en Suzuki's, in een Nederlands jasje stak. Heden ten dage weet men de specialist nog steeds te vinden, want op de nieuwe Italjets, die dit jaar (2000) aan het 125cc WK deelnemen, is ook het bekende rood-wit-blauwe stickertje geplakt. De 54-jarige constructeur weet zich nog goed te herinneren wat zich in 1980 heeft  

    afgespeeld. ,,Boet en Jack waren niet tevreden over de stuureigenschappen van hun motoren. De standaard Yamahaframes waren te licht en veel te flexibel. Ook werd de onrust in de vering direct aan de coureurs doorgegeven. Beide coureurs hadden dezelfde klachten, maar ze mochten van I.M.N. niet zomaar voor een ander frame kiezen. Ik wilde best wat voor ze doen en wist ook wat er aan mankeerde." Het vertrouwen van de twee Nederlandse 500cc toppers, de derde, Wil Hartog, reed op Suzuki, was tot het nulpunt gedaald en tijdens de derde Grand Prix van het seizoen, in Frankrijk, barstte de bom. Terwijl Boet van Dulmen op het circuit van Paul Ricard als een vorm van stilzwijgend protest ver beneden zijn capaciteiten in de achterhoede vertoefde, nam Middelburg teveel risico en tuimelde van zijn motor, die meteen vlam vatte. Barry Sheene was met een dezelfde type, moeilijk te manoeuvreren machine ook onderuit gegaan en hij kon die dag ter nauwernood voorkomen dat zijn linkerpink werd geamputeerd (zou later echter alsnog gebeuren). Het is dan 25 mei en 's-avonds volgt een pittige discussie met I.M.N. directeur Hans Moerkerk, die na ampele overwegingen beide coureurs en de technische staf groen licht geeft om een ander rijwielgedeelte te gebruiken. Op 26 mei (tweede pinksterdag) werd in Tubbergen gereden en een dag daarna stond men bij Bakker op de stoep. Het was een hectische periode, midden in het seizoen, met de financieel uiterst lucratieve races in Raalte en Chimay nog voor de boeg in de maand juni. Gelukkig stond de 500cc-klasse niet op het programma van de GP van Joegoslavië (15 juni), maar er resteerden slechts vier weken tot de eerste training voor de TT van Assen! Bakker: ,,Ik ben meteen aan het werk gegaan. Tijd om een tekening te maken was er niet. Alleen de noodzakelijke maten waren op een kladblok geschreven. Na het demonteren hebben we het losse blok op de lasmal vastgezet. Daarna zijn we met hulpstukken gaan buigen en lassen." De exacte bouwtijd in werkuren is niet bekend, maar Nico weet nog wel hoelang de klus heeft geduurd. ,,Negen tot tien bouwdagen in totaal. Eerst is het frame voor Boet gebouwd, omdat hij de eerste was die het vroeg en pal erachter aan hebben we het frame voor Jack gemaakt en daarna een derde exemplaar als reserve." Na de TT kwam ook Sadao Asami bij Bakker op de koffie en liepen nog twee frames voor de TZ500 van stapel, zodat er in totaal vijf chassis van dit type zijn vervaardigd. ,,En ik weet zeker dat minstens één daarvan in Japan terecht is gekomen", zegt Bakker veelbetekenend. Eerder had ook Barry Sheene zich bij Nico aangediend, maar de Britse 500cc wereldkampioen wilde op zeer korte termijn over een Bakker-frame beschikken en dat kon toen niet wegens tijdgebrek. ,,Barry heeft lange tijd gedacht dat ik de bood afhield om de Nederlandse coureurs te beschermen."

    Tegenwoordig verdient Boet van Dulmen, nog steeds vanuit Ammerzoden, de kost als zelfstandig transportondernemer, maar in 1980 was hij teamgenoot van Jack Middelburg. Den Boet kan zich nog goed voor de geest halen in welke vorm de eerste Yamaha TZ500 naar Europa kwam. ,,Dat die motor vanaf de fabriek niet deugde, wist ik van tevoren. Ik had er namelijk al eerder op gereden, evenals Kenny Roberts en Barry Sheene, want wij waren eind 1979 door Yamaha uitgenodigd voor een internationale race in Japan. Op het circuit van Sugo trainden we voor het eerst met de TZ500, maar we zetten hem al snel aan de kant, want hij leek helemaal niet op de fabrieksmachine van Roberts, wat ons eerst werd voorgehouden. We hadden zo weinig belangstelling voor die motor, dat we met een stel coureurs lekker gingen karten. Later bleek dat dit allemaal te maken had met een vertraging bij de ontwikkeling van de nieuwe 500cc viercilinder met roterende inlaten. Toen mijn motor in Nederland arriveerde, was ik dus niet echt verrast. Die productieracer was een zwabberding en hij trok pas tussen 9500 en 12.000 toeren. Mijn monteur Gerrit Veldscholten zou er veel werk aan krijgen om hem sneller te maken, maar een ander frame pakken? Dat ging zomaar niet. Van mij werd verwacht dat ik reclame zou maken voor Yamaha en niet dat ik kritiek zou leveren, want ik had een goed contract met de Nederlandse importeur I.M.N. Toch konden we na de Grand Prix in Paul Ricard I.M.N. directeur Hans Moerkerk overtuigen dat deze machine niet leek op de motor die ze ons en óók hem hadden beloofd. Moerkerk begreep toen dat het echt mis was en wij kregen toestemming om een ander rijwielgedeelte te gebruiken en zo kwamen we bij Nico Bakker terecht. Het frame van Nico was veel beter, een stuk stabieler. Ik kreeg weer controle over de motor en toen kwamen de resultaten vanzelf. In de door Jack gewonnen TT eindigde ik als vierde, maar er had toen meer ingezeten als ik in Raalte geen schouderblessure had opgelopen (jaja). Yamaha heeft een jaar later ten opzichte van mij veel goedgemaakt, want toen kreeg ik direct aan het begin van het seizoen wel een speciale motor."

    Bij de constructie van het frame heeft Bakker de geometrie van het standaardframe aangehouden, maar maakte hij gebruik van een andere buis, type 4130, afkomstig uit de Amerikaanse vliegtuigindustrie. De wanddikte en de diameter zijn wat groter en het materiaal is eveneens stijver. Het gewicht van zijn kale frame bedraagt 7,5 kilo en dat is een halve kilo meer dan de oorspronkelijke Yamaha-versie. Typerend voor de zwaardere Bakker-frames is de driehoeksconstructie met de gekruiste buizen bij het balhoofd. Een extra verbindingsstuk tussen beide delen bevordert de stabiliteit. Het chroommolybdeen materiaal moest op last van Yamaha wel zwart worden gespoten, zodat de kleur van het originele frame geen geweld werd aangedaan en niemand op verkeerde gedachten kwam! De balhoofdhoek, wielbasis en naloop bleven ongewijzigd, maar bij de cantilever-achterdemping moest het standaardelement plaatsmaken voor een zwaardere unit van een Yamaha TZ750. Verder werd de monoshock-achtervork flink verstevigd en moest de Yamaha voorvork het veld ruimen voor een Kayaba. ,,Op deze manier hadden we de zwakste punten eruit gehaald, maar van een verstelbaar balhoofd of andere constructie was geen sprake. Dat had extra gewicht gekost en bovendien ontbrak ons de tijd", aldus Bakker, die de rekening van zijn werkzaamheden overigens rechtstreeks naar I.M.N. moest sturen. ,,Hoeveel? Dan zou mijn vrouw Cora in de administratie naar de bonnetjes moeten zoeken, maar ik dacht ongeveer Hfl. 14.000 (6350 euro) per frame." Tijd om te testen was er nauwelijks en toen Den Boet op de Luttenbergring aan een val een gekneusde schouder overhield, moest Middelburg als enige rijder het nieuwe wapen aan de tand voelen, nadat Adri v/d Broeke de motor had opgebouwd. Gelukkig had Yamaha, bij wijze van uitzondering, de Salzburgring als testcircuit kunnen huren, zodat er tien dagen voor de TT toch nog kon worden gereden. Middelburg greep deze gelegenheid met beide handen aan en hij voelde zich meteen zo vertrouwd met de nieuwe Bakker-Yamaha-combinatie, dat hij het ronderecord van Kenny Roberts (senior uiteraard) evenaarde! Niet alleen gedroeg de viercilinder zich stabiel in de, voornamelijk snelle bochten, ook het motorvermogen loog er niet om en deze prestatie kwam op het conto van Adri v/d Broeke. De nu 52-jarige technicus, die anno 2000 zijn eigen bedrijf in Middelburg bestiert, is een exponent van de school van Nederlandse tuners en dus leerde hij  het vak in de 50cc klasse. Later maakte de Zeeuw als rijder furore in de 250cc en 350cc klassen, alvorens hij voor Jack ging werken. ,,Eigenlijk mochten we niet te veel aan de motor veranderen", herinnert Adri zich nog, maar zo'n mededeling aan een techneut staat gelijk aan een kat verbieden om een vogeltje te vangen. ,,In Spanje tijdens de tweede Grand Prix werd door Jack al stiekem getest met andere onderdelen. Naar buiten was weliswaar sprake van één team met twee rijders, maar er was veel onderlinge concurrentie. Logisch, want motorsport is een individuele sport en na de race geef je elkaar weer een hand. Ik werkte voor Jack en niet voor iemand anders en toen er bonje kwam in Frankrijk dreigde ik mijn spullen van de motor te halen, want ik voelde me aan niemand iets verplicht." Gelukkig kwam het niet zo ver, maar om welke onderdelen ging het dan? Om te beginnen had V/d Broeke de poorttiming sterk gewijzigd met onder andere verlengde inlaatkanalen. Ook de verbrandingskamers werden gemodificeerd en de bougies stonden nu onder een hoek, terwijl de krukassen werden opgevuld met balsahout (!). Tussen de cilinders en inlaatrubbers werden kunststof ringen geplaatst, om te voorkomen dat een deel van het mengsel werd teruggeblazen, terwijl vier uitlaten uit eigen keuken het geheel completeerden. Dit had tot gevolg, dat de motor, die oorspronkelijk van 9500 tot 12.000 tpm. werkzaam was, nu al vanaf 7000 toeren trekkracht ontwikkelde. Van de Broeke: ,,Het exacte aantal pk's ken ik niet, want hij heeft nooit op de proefbank gestaan. Ik werkte altijd met een 125cc Yamaha-ééncilindertje om iets nieuws uit te proberen." De viercilinder kreeg een veel bredere powerband en had ook aan topvermogen meer te bieden. ,,Jack reed in de TT tot 12.800 toeren en hij mocht van mij zelfs lange tijd boven de 13.000 toeren rijden, want thermisch was deze motor helemaal in orde." Nadat Jack zich voor de eerste keer in zijn illustere loopbaan van de pole-position had verzekerd, was het vertrouwen voor de wedstrijd groot, maar bleef men met één vraag zitten: moest men de coureur wel vanaf de beste startplaats laten vertrekken, of moest hij zich van achteraan het veld laten aanduwen? De man uit Naaldwijk werd voortdurend gepijnigd door een slepende beenblessure en hij kon de motor nauwelijks op eigen kracht aan de praat krijgen (de koppelingstart werd in die dagen alleen in de F750-races toegepast). Jack stond gewoon vooraan naast Philippe Coulon, Randy Mamola en Marco Lucchinelli en hij koos onder de donkere, dreigende wolken, in tegenstelling tot enkele collega's, toch voor slickbanden. Van de Broeke: ,,Je kon aan de windrichting zien dat de bui zou overgaan. Onze enige angst was de start zelf." Hoewel de Bakker-Yamaha TZ500 pas op de twintigste plaats de S-bocht indook, nam Jumping Jack al in de derde ronde de leiding en wat er daarna gebeurde is bekend. Een van de meest aansprekende persoonlijkheden uit de nationale racewereld won de TT van Assen met een motor vol vaderlandse technische huisvlijt in een echt Nederlands frame, dat drie weken voor de race nog niet eens bestond!

     

    Op 10 april 2004, 20 jaar na zijn dood, werd er op het circuit van Assen een plein naar Jack vernoemd. Pal naast het TT Circuit te Assen, werd er een nieuwe motorontmoetingsplek gerealiseerd, in samenwerking met het TT Circuit en de gemeente Assen. Dit plein heet nu ‘Jack Middelburgplein'. Voor foto's en het verhaal, klik op onderstaande banner.

    Het bord werd onthuld door Jack Middelburg jr., die voor deze gelegenheid de winnende TT-Assen 1980 Yamaha van zijn vader had meegenomen (d.w.z. de nieuwe eigenaar had hem meegenomen). 

     

                                 

    Petra_en_Jack_jr_nemen_een_tekening_in_ontvangst.jpg (41305 bytes)

    Jack jr. voor het bord van het naar zijn vader genoemde plein.                 

     

    Diverse foto's van de opening van het JACK MIDDELBURG-plein in Assen, op 10 april 2004.

    2004_Jack.jr.op_het_Middelburg_plein.jpg (117931 bytes) 2004_Annita_moeders_en_Denise_Middelburg.jpg (52105 bytes) 2004_De_winnende_Suzuki_van_Silverstone_1981.jpg (53080 bytes) 2004_De_winnende_Yamaha_Van_Assen_1980.jpg (66089 bytes) 2004_Jack.jr_met_de_winnende_Yamaha_van_Assen_19809.jpg (74645 bytes)
    2004_Jack.jr_met_de_winnende_Yamaha_van_Assen_1980.jpg (74916 bytes) 2004_Jacks_zussen_met_de_Suzuki.jpg (64705 bytes) 2004_toespraak_opening_van_het_plein.jpg (75138 bytes) Wil_en_Boet_waren_ook_bij_de_opening_aanwezig_.jpg (63747 bytes)

     

    2004_opening_plein.jpg (109592 bytes) 2004_opening_plein_.jpg (82073 bytes)

    © Henk Keulemans

     

    Jack_Middelburgplein_2005.jpg (228573 bytes)Op de voorgrond een km-paal, 

    afkomstig van het oude circuit, nl. van de Bedeldijk.

    Jack_Middelburgplein_2005_.jpg (227472 bytes)

     

    Motoren Boet en Jack 1981, tijdens een internationale Suzuki meeting in 2004.

    internationale_Suzuki_tweetakt_treffen_in_2004.jpg (185075 bytes)  100_0042.jpg (249626 bytes)  100_0041.jpg (228641 bytes)  Jack's_Suzuki_1981 00.JPG (210186 bytes)  Jack's_Suzuki_1981 01.JPG (219385 bytes)`Internationaal_Suzuki_treffen.jpg (172195 bytes)

     

    Twee PDF-bestanden 

    Herinneringen aan Jumping Jack.

    (deel 1 en deel 2) van de pagina Jack Middelburg, april 2004, ter gelegenheid van zijn sterfdag. Deze heb ik gehad van Natascha Kayser van het Algemeen Dagblad Sportwereld. In het artikel wordt teruggekeken door Adri v/d Broeke, Boet van Dulmen, Jos Vaessen, Henk Rekers, Mar Schouten en Kenny Roberts. Een prachtig 'document' waar ik Natascha en het AD erg dankbaar voor ben, evenals Henk Keulemans m.b.t. de foto's! 

    Donderdag 1 april 2004 Algemeen Dagblad: Overmorgen is het 20 jaar geleden dat Nederland één van zijn beste en meest charismatische motorcoureurs verloor. Jack Middelburg, winnaar van de TT in 1980, overleed op 31-jarige leeftijd aan de verwondingen die hij twee dagen daarvoor, op 1 april 1984, had opgelopen bij een ernstige crash op het stratencircuit van Tolbert. De motorwereld verloor met 'Jumping Jack' een kleurrijk figuur, die nergens bang voor was. Dat bleek ook uit de tekst op zijn rouwkaart: 'Door de snelheid van zijn blijmoedig leven was hij snel aan zijn aardse eindpunt'. Ter nagedachtenis van en als eerbetoon aan deze sportman wordt volgende week zaterdag in Assen, naast het TT-circuit, een plein naar hem vernoemd.

    Adri van den Broeke, toen monteur nu (2004) eigenaar motorzaak: ,,Van 1977 tot en met 1980 ben ik monteur geweest van Jack en het was de tijd van mijn leven. Het hoogtepunt is natuurlijk de TT-overwinning geweest in 1980. Elke minuut weet ik nog. Alles klopte die dag. Ik had niet geslapen - dat deed ik nooit voor een GP en deze was bijzonder. Het was de 50e, een jubileum-TT. Jack had als snelste getraind, hij stond op pole-position. Ik heb de hele nacht alles nóg eens zitten checken. Was niet nodig, maar ik zou toch niet gerust slapen, als ik het niet deed. We hadden een nieuw frame, de week ervoor getest in Oostenrijk. In de trainingen ging het geweldig. De enige zorg was eigenlijk Jack's been. Hij had een blessure en toen moesten de motoren nog aangeduwd worden. We waren bang dat hij dat niet zou kunnen. We hebben nog overwogen om achteraan te starten, want dan mocht ik hem aanduwen. Maar dat wilde Jack niet. In zijn eigen TT als laatste starten in plaats van als eerste, dat was zijn eer te na. Ik ben niet blijven feesten. Ik genoot wel, maar daar heb ik geen hoop gedoe voor nodig. Zal wel een te nuchtere Zeeuw zijn. Ik ben 's-avonds nog terug gereden naar Middelburg. De week erna was er immers weer een Grand Prix, in België. Alles wat in Assen goed ging, ging daar mis: steentje in de motor, ontsteking kapot, stortbuien en in de race reed een of andere Fin Jack ondersteboven. Motor in de fik, een hoop ellende. Jack heeft de naam veel te zijn gevallen, Jumping Jack. Dat is niet helemaal terecht. Natuurlijk viel hij wel, maar hij is niet vaker dan Hartog of Van Dulmen gevallen. Hij kwam alleen wat rotter neer. Maar een GP winnen doe je niet zonder er wel eens af te vallen. Die val in Tolbert was niet nodig geweest. Hij was daar al eens eerder gevallen en hij wist dat de banden daar niet warm te krijgen zijn."

    Boet van Dulmen, toen racemaat, nu (2004) zelfstandig transportondernemer: ,,De hele wereld hebben we samen gezien. Het was wij samen tegen de rest. Wij gingen er samen voor. Jack en ik waren ook altijd degenen die tot echt het laatst bleven zitten. Wij deden het licht uit, Jack was een gouden vent. Recht door zee, had nooit smoesjes. Hij had veel karakter. Als hij weer eens was gevallen zei hij 'stom, ik ging te hard' en verder hoorde je hem er niet meer over. Later is het mis gegaan en hebben we ruzie gekregen. Dat was een nare periode. Tot mijn grote spijt hebben we het nooit goed kunnen maken. Dat zit me 20 jaar later nog steeds dwars. Gelukkig overheersen de mooie herinneringen. De mooiste zijn van de zomer van 1979. Toen stonden we samen op het podium in Zweden. Barry Sheene, ook al wijlen, reed aan kop en Jack zag het eigenlijk niet meer zitten. Toen ben ik hem voorbij gegaan en heb hem op sleeptouw genomen, want ik dacht dat we hem samen nog wel konden inhalen. We hebben de jacht op Sheene geopend en zijn nog heel dichtbij gekomen. De wedstrijd was een ronde te kort om Barry nog in te halen, maar Jack werd tweede en ik derde. Het was de eerste en enige keer dat er twee Nederlanders op het podium stonden (dit klopt niet, want in Zweden 1981, op het circuit van Anderstorp) stonden ze samen nogmaals op het podium, met wéér Barry Sheene als winnaar). Een week later, in Finland, waren de rollen omgekeerd. Randy Mamola was niet in beste doen en ik zette de achtervolging in. Jack heeft het gat achter me goed dichtgehouden. Hij hield de boel mooi op. Dat was de enige Grand Prix die ik won, met hulp van Jack. Hij werd vierde. Hij is voor mijn ogen verongelukt. Het was koud, die dag in Tolbert. Jack gaf meteen in de eerste ronde vol gas, op te koude banden. We vielen samen. Ik ben nog over zijn motor gereden, die kon ik niet ontwijken. We zijn naar hetzelfde ziekenhuis gebracht. Ik wist meteen dat het mis was." 

    Jos Vaessen, toen algemeen secretaris KNMV, nu (2004) voorzitter TT-circuit: ,,Jack was een brutaal straatjochie. Altijd ondeugend, de ene grap kwam na de andere. Soms was ik vreselijk kwaad op hem. Dan keek 'ie me aan, draaide een shaggie en begon te lachen. 'Jos, je weet toch dat ik het niet expres deed.' Het was onmogelijk om lang kwaad op hem te zijn. Jackie met zijn shaggie. Hij had zelfs een zakje in zijn race-overall laten innaaien om toch maar zijn baaltje zware Van Nelle bij zich te hebben. Op een gegeven ogenblik had hij dringend behoefte aan een motor. Om bij Honda wat te kunnen loskrijgen moest er een officieel orgaan achter zitten. Daar ben ik als secretaris van de KNMV ingestapt. Bij Honda kon ik twee motoren en twee blokken krijgen, één voor Jack en één voor Boet van Dulmen. Maar Boet kreeg via via een Suzuki, waar hij niet onderuit kon, terwijl die Honda's beter waren (bleek achteraf wel mee te vallen). Toen is het mis gegaan tussen die twee. Jack zat er erg mee, maar hij kon er niets aan doen. Hij kon zich alleen verweren op de baan. Of die ruzie met het ongeluk te maken had, dat weet ik niet. Het was waarschijnlijk toch wel gebeurd, vroeger of later. Jack was nou eenmaal zo'n coureur. Elke race die hij reed, was er de angst dat het mis zou gaan. Hij deed dingen die niet konden. Die reed altijd op het randje. Hij kón niet anders. Snelheid was een deel van hem. Niet alleen op de circuits, ook op de weg. Hij moest eens een keer een week de bak in omdat hij zoveel snelheidsovertredingen had. Ik kon regelen dat hij doordeweeks kon zitten. Hij kwam op zaterdag vrij en reed linea recta naar Assen om te racen. Onderweg had hij al weer twee bekeuringen te pakken. Daar maakte hij dan weer een grap van, dat hij een kamer kon behangen met de bekeuringen."  

    Henk Rekers, toen eerste sponsor, nu (toen ook) eigenaar van motorzaak: ,,Ik ben vijf jaar sponsor geweest van Jack, totdat hij bij Yamaha onderdak vond. Ik kende Kees van der Kruijs goed. Die wilde een of andere zes-uurs race rijden, met Jack. Ik vond het niks, want die Middelburg was een brokkenpiloot. Maar goed, ze zetten door en ze reden fantastisch. Ze hadden een paar ronden voorsprong, met nog een kwartier of zo te gaan. Moesten ze zonodig onderling gaan kijken wie de snelste was. Ze knalden die machine bovenin de toeren. Daar kunnen ze niet tegen, die 1000cc motoren. Hadden ze al gewonnen, verloren ze toch nog. Zo ging het vaak met Jack. Hij moest en zou jagen, of het nou nodig was of niet. Hij won of hij viel er af. de schade liep behoorlijk in de papieren. Hij kon absoluut niet tegen zijn verlies. Het maakte hem niet uit wie er voor hem zat, hij moest 'm eruit remmen. Hij zou het liefst het hele veld op een ronde zetten. Zo kon hij races verknallen die hij al lang gewonnen had. Jack was een man van impulsen. Ik ben een keer met het meegeweest naar Italië, toen was ik al geen sponsor meer, maar we waren nog wel bevriend. Dan stond Jack voor de deur: 'kom op ouwe, we gaan naar Italië'. En dat moest op stel en sprong. Nou, wij naar Italië. Hij reed tien minuten, en dan had hij hem weer ergens in de kreukels gereden. Gingen we meteen weer naar huis."

    Mar Schouten, toen teamgenoot en vriend, nu (2004) monteur van zoon Raymond bij 125cc Grand Prix team: ,,Jack was de grootste van de Grote Drie. Het was een onverschrokken, wilde jongen, maar erg sociaal voelend en zorgzaam. De eerste keer dat ik hem zag was vroeg in de jaren '70, in Brunssum. Ik reed toen bij de NMB, de zwarte bond. Kort voor de race komt er een ventje aanrijden op zijn motor. Schroeft de kentekenplaten en de koplampen eraf en zet de startnummers erop. In zijn gewone motorpak, op zijn gewone straatmotor, werd 'ie tweede. Dat was dus Jack. Het was altijd feest met hem in de buurt. Hij werd ook wel eens teruggepakt hoor. In die tijd moesten we zelf onze motoren oppoetsen. Hij leende ergens een poetsdoek en kreeg meteen glanswas mee. Dacht 'ie. Jack poetsen, dat spul op zijn Suzuki smeren, want dat ding moest blinken. Maar er gebeurde niets. Die zooi droogde maar niet op en die fiets zag er niet uit. Bleek hij een bekertje koffiemelk te hebben meegekregen. Zo'n grap had hij zelf ook kunnen uithalen. Hij maakte overal een geintje van. Zelfs als hij weer een keer gewond was. Ik kan me herinneren dat hij gevallen was, ook in Tolbert toevallig, en dat de metalen plaat die in zijn been had, was verbogen. Hij had een onvoorstelbaar hoge pijngrens, maar toen schreeuwde hij het uit. Hup, in de wagen, naar zijn vaste dokter Derweduwen in België. Die haalde die plaat eruit en Jack lachte weer. Hij was keihard voor zichzelf. Hij was glaszetter in de kassenbouw. Hij klom rustig met zijn poot in het gips op een ladder met een paar ruiten op zijn rug. Op het laatst was het een stuk moeilijker. Jack zat niet zo goed in zijn vel en hij had er niet zo'n zin meer in. Die ruzie met Van Dulmen vrat aan hem. Mijn laatste herinnering aan hem is van de dag dat hij verongelukte. Die dag was ik zelf ook gevallen, in de 250cc race. Jack was de eerste die bij me was na die crash. Hij heeft me de ziekenwagen in geholpen. Een paar uur later werd hij zelf het ziekenhuis ingereden."

    Kenny Roberts, toen racemaat, drievoudig wereldkampioen, nu (2004) eigenaar MotoGP-team: ,,Jumping Jack.... Is het al twintig jaar geleden? Ik heb nog wel eens over hem gedroomd, nog niet zo heel lang geleden. We hebben niet zo heel vaak tegen elkaar geracet, maar de duels die we hadden waren spectaculair. Wat had die man een stijl! Hij was niet de slimste coureur - Van Dulmen was meer berekenend - maar hij ging er altijd voor. Dat heb ik altijd in hem bewondert, hij had een leeuwenhart en hij gaf nooit op. Onze mooiste strijd was natuurlijk de Grand Prix op Silverstone in 1981. Hij kón helemaal niet winnen, maar hij flikte het toch. Het was een geweldige race, maar ik was niet blij. Dat heb ik hem op het podium ook gezegd: 'dit doe je één keer, maar nooit meer!". Hij pakte me in de laatste ronde. We reden vrijwel naast elkaar en kwamen bij twee anderen die we op een ronde zetten. Eén van hen was Franco Uncini, wie de andere was, weet ik niet meer. Jack kon langs Uncini glippen en ik niet. Ruim voor de laatste bocht wist ik dat ik had verloren. Het was de eerste en de laatste keer dat een privé-rijder won op Silverstone. Hij reed op een motor, waarmee hij helemaal niet kón winnen. Hij won toch, op persoonlijke klasse. Zó goed was hij dus. Ik denk niet dat hij wereldkampioen had kunnen worden. Als hij nu had gereden, misschien wel. De motoren van toen waren heel moeilijk onder controle te houden. De foutenmarge was erg klein. Dat ging te vaak mis. Hij was te vaak geblesseerd om echt om de knikkers mee te doen."

     

         Ook het Dagblad van het Noorden bracht een cpl. artikel over Jack in april 2004       

    2004_Nieuwsblad_van_het_Noorden_.jpg (150849 bytes)            Dagblad_van_het_Noorden.jpg (231804 bytes)

    Dagblad van het Noorden                                     13-04-2004

     

    Een aparte snuiter, nooit smoesjes en ook geen gezeik

    Jack Middelburg: één van de kleurrijkste Nederlandse sporthelden aller tijden

    Door Jaap van Brummelen

    Jack Middelburg. Een bijzonder kind, en dat was-ie. Bijzonder vanwege z'n daden als sportman, maar vooral ook als mens. Zonder twijfel één van de kleurrijkste helden die de Nederlandse sportcultuur heeft voortgebracht. Niet alleen omdat hij in 1980 de Asser TT op zijn naam schreef en een jaar later na een heroïsch gevecht met Kenny Roberts en Randy Mamola de Grand Prix van Silverstone won.

    De legendarische motorcoureur bezweek op 3 april 1984 aan de gevolgen van een zware crash op het stratencircuit van Tolbert. Afgelopen zaterdag, ruim twintig jaar na dato, kwam de herinnering aan 'Jumping Jack' weer tot leven. De opening van het Jack Middelburgplein op het TT Circuit werd opgewaardeerd door een keur aan familieleden en bekenden uit de wegracerij.

    Berry Zand-Scholten, journalist De Telegraaf:

    "Jack was een vrolijke flierefluiter, een straatschoffie. Niet dat hij zich te buiten ging aan drank en lekkere wijven, maar hij had een soort nonchalance en vrijpostigheid. Hij was keihard, vooral voor zichzelf. Net zo'n aparte als zijn vader Willem. Die verdiende goud als kassenbouwer. Op zekere dag ging hij naar de kroeg om een pakkie sigaretten te halen. Drie maanden later kreeg z'n vrouw een kaartje. Bleek dat hij als vrijwilliger in Korea was gaan vechten. Pas twee jaar later zou hij terugkeren. Z'n rechterhand en een oog was hij kwijtgeraakt." "Jack was een man met een over-mijn-lijk mentaliteit. Bikkelhard. Middelburg de grootste Nederlandse coureur aller tijden? Nee, dat is Wil Hartog. Die had racetalent. Hartog is de grootste van de drie. Hij had de gave een monteur precies te vertellen waar het aan schortte. Middelburg niet. Hij was vooral een kamikazetalent. Jack had uitsluitend talent om keihard rond te gaan. Van afstelling van de motor had Jack absoluut geen kaas gegeten. Als er iets niet in orde was dan moest de monteur het doen met 'hij loopt niet' of 'uit die bocht is het niks'. Middelburg was ook nog een kerel met een gouden gevoel voor humor. Hij was een vrolijke moppenverteller. En ik herinner me nog dat hij onderaan het carter van zijn motor het opschrift 'te plat' had geschilderd. Als hij ten val kwam dan werd de tekst zichtbaar. Toen hij op het circuit van Rijeka voor de zoveelste keer gevallen was zag hij het niet meer zitten. 'Ber ik stop er mee' zei hij. Petra heeft niet meer te vreten en straks rij ik me hartstikke dood.' Ik heb toen een bedelactie 'Hou Jumping Jack in het zadel' op poten gezet. Die actie leverde 50.000 gulden op.

    Boet van Dulmen, ex-coureur: 

    "Jack was een aparte snuiter, maar we mochten elkaar wel. We reisden veel samen. Hij was het type doe maar gewoon dan doe je gek genoeg. Recht toe recht aan. Nooit smoesjes, nooit gezeik. Hij wees nooit met het beschuldigende vingertje naar anderen. Als het in de race slecht was afgelopen was het zijn fout geweest. Punt uit. Hij was ook altijd bereid iedereen te helpen. Als iemand ergens een probleem had kon hij op steun van Jack rekenen. Hij stelde zich altijd sociaal op. In de race gaf hij zich voor 200 procent. Als ik hem met iemand zou moeten vergelijken zou ik Kevin Schwantz noemen. Ook al was de kans van slagen of het gaatje nog zo klein, Jack probeerde het en ging altijd tot het uiterste. Dat was tegelijk zijn grootste handicap, hoewel het wel eens te zwart wit wordt gezien. Of het door die bijnaam komt weet ik niet. Middelburg viel niet vaker dan de meeste andere coureurs, maar als hij viel dan was het vaak meteen goed mis. De hoge druk en het koude weer hebben hem op Tolbert de das om gedaan. Er waren problemen met de KNMV en een paar motoren die zij hadden aangeschaft. Wij kregen er ruzie door, maar het zorgde voor extra geldingsdrang bij Jack. Ik heb er nog steeds spijt van dat ik zo afscheid van hem heb moeten nemen."

    Wil Hartog, ex-coureur:

    "Jack was opgefokt, het had niet gehoeven. Als mens was hij heel liefdevol, als coureur meedogenloos, maar ik heb op de baan altijd eerlijk strijd met hem geleverd. Het probleem van Jack was dat hij zelf moeilijk kon vertalen naar de monteur waar het aan schortte. 'Dat klereding loopt niet' was dan het enige dat hij aan Adri van den Broeke vertelde. Hij was dan in staat om de motor zo te laten vallen."

    NDC Informatieservice
    © 2000 NDC Elektronische Media B.V. Onder voorbehoud van alle rechten die berusten bij uitgever en/of auteur.

    Bovenstaande tekst  heb ik gehad van Yvonne Attema van de NDC informatieservice, met toestemming voor publicatie.

     



    Dirk Jan Roeleven
    De zoon van Jumping Jack

    Jacky, draait met één hand een shaggie.
    Jacky, kassenbouwer in het Westland.
    Jacky, geeft altijd vol gas.
    Jacky, is rustig en innemend.
    Jacky, houdt van een geintje op zijn tijd.
    Jacky, heeft zo zijn buien.

    Hij is sprekend zijn vader. Jack jr., de zoon van “Jumping” Jack Middelburg, de legendarische motorcoureur die in 1984 om het leven kwam tijdens een race op het stratencircuit van Tolbert in Groningen. Ook dat onafscheidelijke shaggie, de humor en de passie voor snelheid. En het onbesuisde. Nu weer zes hechtingen in zijn vingers wat het draaien van shaggies niet vergemakkelijkt.
    De vergelijking met zijn vader vond hij vroeger niet leuk, omdat hij zelf nog racete op motoren. “Ze verwachtten altijd dat je eerste wordt. Maar als je met middelmatig materiaal tiende wordt, is dat een topprestatie, maar dat ziet niemand. Dat is frustrerend”.
    En dat iedereen altijd maar begint over de heldendaden van zijn vader, hoe goed en hoe leuk hij was, streelt hem natuurlijk, maar toch: ”Allemaal leuk en aardig, maar ik mis mijn vader. Niet de coureur, maar de man. Al twintig jaar. Ik was het kind van de rekening. Toen hij nog leefde was hij er ook niet vaak. Kassen bouwen in het buitenland. Of aan het racen”.

    Wie door het familiealbum van Jack senior bladert ziet een liefhebbende vader bezig met zijn dierbaarste bezit. Kleine Jacky op een mini-motor. Aan de hand van vader in het rennerskwartier. Allebei in een motorpak gestoken.
    Jacky was tien toen zijn vader verongelukte. Op een onbeduidend parcours, ergens in een uithoek van het land. Geen Silverstone, geen Hockenheim, maar Tolbert. Er was niet eens televisie bij. Slechts wat schokkerige amateurbeelden hebben het fatale moment vereeuwigd. Een roemloos einde van een groot kampioen, luidt het cliché.
    Kleine Jack zat die middag in 1984 thuis. Met zijn moeder. Want ze hadden even een pit-stop, zoals dat eufemistisch wordt genoemd. Beetje bonje gehad.
    Toen zijn vader stierf was hij 31. Jacky is nu ook 31. En reed begin dit jaar op zijn vaders winnende motor op het TT-circuit van Assen. Om het Jack Middelburgplein te openen. Dat emotioneerde hem zeer, maar de tranen hield hij binnen.
    Hoe groot de overeenkomsten tussen vader en zoon ook zijn, kleine Jack leeft nog.
    Ik hoop nog lang en gelukkig.

    Dirk Jan Roeleven (16 september 2004)

     

                 

    0008.jpg (81278 bytes)

     

    Jaaaaaaaaaaacky,

    Het is begin juli 1980 en we staan met ons tentje op een tijdelijke camping bij het circuit van Terleamen - Zolder. We zijn er voor de Grand Prix voor motoren van België. Op de camping zijn veel Nederlanders en "het gesprek van de dag" is de overwinning van Jack Middelburg afgelopen weekend in Assen.
    Jack is populair, heeft veel fans en zijn naam wordt in die dagen in en rondom Zolder vaak gescandeerd. Keer op keer klinkt het uit de met bier gesmeerde kelen ; Jaaaaaaaaaaacky. De sfeer is goed en er hangt ook een zekere spanning in de lucht. Waarom zou Jack de Grand Prix van België ook niet kunnen winnen? 

    Dit is een herinnering die zo maar weer opborrelt na het zien van de documentaire over Jack Middelburg. Vrijdagavond gingen we in het programma van Joost Prinsen even terug in de tijd. Een portret van Jack Middelburg met interviews en beelden uit de oude doos. Het verleden kwam even tot leven.
    Naast de bekende beelden van Assen en Tolbert ook aandacht voor de opening van het Jack Middelburg plein en de interviews met weduwe Petra, Wil Hartog en Boet van Dulmen zetten even in het kort iets van het karakter van Jack neer.

    Zonder nu te kort willen doen aan de inspanningen van makers van deze documentaire groeit de behoefte aan een programma dat een uitgebreider overzicht geeft over Jack zijn motorsportloopbaan. De overwinning van Jack in 1981 op het circuit van Silverstone bijvoorbeeld mag toch niet ontbreken. Het was van al zijn successen zijn grootste prestatie en als we dan toch bezig zijn, ook een van de grootste wapenfeiten uit de geschiedenis van de Nederlandse motorsport. Het zou mooi zijn om ook Roberts, Mamola, Cecotto of Graziano Rossi eens over Middelburg te horen spreken. Hoe kijken zij daar naar nu tegen aan? Zo'n groot talent die zijn bijnaam "Flying Jack" langzaam ziet veranderen in "Jumping Jack". Daar ben ik nog wel 's nieuwsgierig naar.

    Tien jaar lang racen, acht nationale titels, twee Grand Prix zeges en 141 WK punten waarbij we moeten bedenken dat het aantal punten voor een klassering in die dagen minder hoog was dan nu.
    Er bestaan tientallen anekdotes die ik en vele fans met mij van horen en zeggen hadden en die hem samen met zijn prestaties een heldenstatus bezorgden. Er staat me een verhaal bij dat een collega-coureur tijdens een NK wedstrijd vroeg of Jack eens een paar rondjes op zijn motor wilde rijden. Het ding kwam niet vooruit en misschien wist Jack raad. Nou dat wist Jack. De ene snelle ronde na de andere kwam op de klok. Er mankeerde niets aan de fiets.
    Jack was fantastisch maar zijn kracht was meteen zijn zwakke punt. Rijden tot en over de grens brachten hem veel succes, maar het ging ook te vaak mis.

    's Avonds op de camping wordt nog wat nagepraat over de race. Mamola heeft gewonnen voor Lucchinelli en Roberts. Jack was in een van de eerste ronden onderuit gegaan. Roemloos. Vanuit de verte nadert de kreet Jaaaaaaaaaacky . Als de jongens voorbij komen laten ze hun trofee zien. Een stuk van de kuip van Jacks Yamaha.

    Johan Kuipers
    20 september 2004 

    Column van http://www.wegraceopmotoren.nl/

     

    26 juni 2005, door Bert te Wierik

    Vijfentwintig jaar geleden won Jack Middelburg de 500cc wedstrijd op de TT van Assen. Gisteren won Valentino Rossi het hedendaagse koningsnummer, de Moto GP klasse, op hetzelfde circuit. In een kwart eeuw is er veel veranderd in de motorsport. Middelburg reed destijds op een Yamaha met een frame van Nico Bakker uit Heerhugowaard. Rossi reed gisteren eveneens op een Yamaha. Zijn motor is echter een volledig fabrieksproduct uit Japan waar waarschijnlijk vele ingenieurs en computertekenaars aan gewerkt hebben. Zo'n stunt als Middelburg en Bakker in 1980 uithaalden is heden ten dage ondenkbaar. De motorsport wordt geregeerd door geld en machtige fabrieken. Verrassingen zijn uitgesloten. Kleine vaklui zijn kansloos tegen de Japanse en Italiaanse grootmachten.

    Met het risico om versleten te worden voor oude zeurzak, gaat mijn voorkeur toch uit naar de tijd van Middelburg. Natuurlijk, ik was destijds net achttien en had m'n eerste motorfietsje aangeschaft met zuurverdiend postrondbrenggeld en alles was nieuw en spannend. En er zullen nu ook jonge gasten enthousiast langs het circuit staan. Maar die lui hebben in verhouding wel drie maal zo veel betaald om het poenerige racecircus te bekostigen en ze staan honderd meter ver van de baan met een peperduur plastic bekertje bier te juichen voor een sliert Italianen die nog het best zichtbaar zijn op een groot videoscherm op het binnenterrein. Waarschijnlijk kunnen ze wel meedoen aan een prijsvraag per mobiele telefoon, á raison van zestig cent per minuut, met de nieuwste Honda als hoofdprijs. In 1980 beperkte de reclamefantasieën zich tot gratis Barclay en Marlboro sigaretten, uitgedeeld door struise Drentse schonen.

    Het is haast onmogelijk om twee tijdperken te vergelijken maar laat ik toch een poging doen aan de hand van twee foto's.

    Op foto 1 zien we Valentino Rossi in 2005. Voor de tijdelijke garage in de pitsstraat, zit hij op een klapstoeltje van de sponsor. Gehuld in een smetteloze raceoutfit tracht hij zich volledig te concentreren op de race. Achter hem zien we een tiental monteurs bezig met onbestemde zaken, allemaal gekleed in identieke donkerblauwe Yamaha/Gauloise overalls. Ze ontfermen zich over de twee motoren van Valentino die met ingepakte banden staan te wachten. Wat mij opvalt zijn de handen van Rossi. Ze zijn brandschoon en zien eruit of hij zojuist van de manicure komt. Prachtige schone nagels. Dit zijn geen motorhanden, dit zijn joystick handen.

    Op foto 2 zien we Jack Middelburg in 1980. Hij zit op zijn Yamaha te wachten voor de training op het Asser TT circuit. Op de achtergrond zien we allerlei volk bewonderend naar de tweewieler staren. De meesten met de handen in de zakken. Op de kuip prijkt trots het nummer 8, ten teken van zijn positie op de wereld van het jaar daarvoor. Het is warm. Jumping Jack heeft de mouwen van zijn gehavende raceoverall om zijn middel geknoopt en zit met ontbloot bovenlijf te wachten op de dingen die komen gaan. Zijn dunne haar plakt aan zijn schedel. Tussen wijs en middelvinger bungelt een Zware van Nelle. De rook kringelt kaarsrecht omhoog. De handen van Middelburg rusten kalm op de tank van de motor. Ze zien er krachtig uit. Handen die gewend zijn om te werken. De vingers zijn een beetje krom en zitten vol zwarte kloofjes. Onder de nagels zit een mengsel van olie, benzine, vet en smeer. Dit zijn motorhanden, met tien prachtige rouwrandjes.

    Middelburg zou vier jaar later, op het circuit van Tolbert, verongelukken. Een pleintje, het Jack Middelburg-plein, op het circuit van Assen herinnert aan zijn overwinning van 1980. Vele racefans zullen daar, gehuld in T-shirts van Valentino Rossi, de afgelopen week voorbij zijn gesloft. Ach ja, zo gaat dat dan....

     

    26-11-2005, Speedshow Maasdijk

    Scan0001_p2.jpg (134239 bytes) 2005_11_Speedshow_Maasdijk_01_.JPG (138306 bytes) 2005_11_Speedshow_Maasdijk_02_.JPG (142689 bytes)
    2005_11_Speedshow_Maasdijk_03_.JPG (147914 bytes) 2005_11_Speedshow_Maasdijk_00_.JPG (97473 bytes)
    mei 2006, TT World, Hotel-Museum 
     

    Medio 2007 zal het TT World Hotel-Museum geopend worden. Direct gelegen aan het TT-circuit. De hotelkamers zullen geen nummers krijgen maar namen van hoofdzakelijk Nederlandse

    rijders aangevuld met internationale rijders. Jack zit hier
    uiteraard ook bij, zijn kamer krijgt een muurschildering,
    foto's en informatie over Jack en iets persoonlijks van hem. 

     

     

    2006 augustus, Jack 25 jaar geleden, door Motoplus

    2006_25_Jaar_na_Silverstone_00_.jpg (186846 bytes) 2006_25_Jaar_na_Silverstone_01_.jpg (207006 bytes) 2006_25_Jaar_na_Silverstone_002_.jpg (237556 bytes) 2006_25_Jaar_na_Silverstone_03_.jpg (247938 bytes) 2006_25_Jaar_na_Silverstone_04_.jpg (253335 bytes)

    "Het kón niet, maar het gebeurde."

    "Hij gaf Kenny Roberts een draai om zijn oren", zegt Hans Valstar. Zijn "maatje" Jack Middelburg won 25 jaar geleden de GP van Silverstone. "Ik dacht alleen maar 'shit, shit!'", zegt de verslagen Roberts. Monteur Albert Siegers voelde het aankomen. "Ik wist dat Jack geen genoegen zou nemen met een tweede plaats."

    "Jack Middelburg was wel één van de laatste mensen aan wie ik dacht. Maar daar in Silverstone stond hij in een keer. Ik denk 'wat doet die nou hier?' Dus ja, ik was nogal verrast. "Jack rode the wheels off that thing'." Een kwart eeuw later is de verbijstering wat weggezakt, maar de verbazing is er nog steeds bij Kenny Roberts. op het circuit van Silverstone stond plotseling die pezige Nederlander mat dat vlassnorretje, dat onafscheidelijke shaggie en die veelzeggende bijnaam naast hem. Op de eerste startrij - met een privé-Suzuki. Jumping Jack, noemden ze hem. "ik was nog niet zo vaak een lijf aan lijf gevecht met hem aangegaan", zegt Roberts 25 jaar na dato. In Silverstone zou de Nederlander zijn grootste tegenstander worden. "Ik had wel vaker met hem samen geracet, dat wel. Een rondje of twee, drie. Jack had niet het materiaal om elke wedstrijd voorin te zitten. Hij had het lange tijd niet gemakkelijk." Roberts had gelijk. Na het tumultueuze seizoen 1980 met die grandioze TT-zege, betekende 1981 een nieuw begin, met een andere machine en een andere monteur. De 29-jarige Middelburg kwam terecht bij coureur Albert Siegers. "ik heb hem toen gezegd dat ik er over na wilde denken, en later op een feestavond van zijn supportersclub hebben we de plannen gesmeed", aldus Siegers. "Het was voor mij een grote kans en dat leven trok me. Ik wist niet precies wat ik kon verwachten, maar het klikte goed. Eerst sleutelde ik alleen, maar toen kwam Harm Sans erbij. Hij hield zich vooral met de schadedingen bezig. D'r waren weinig financiële middelen. In het begin van het jaar reed Jack nog met mijn oude motor, daarna werd een nieuwe RG 6-productieracer gekocht." Net als alle monteurs van privé-rijders stond Siegers voor een schier onmogelijk karwei. Middelburgs Suzuki kwam 20 pk tekort op de fabrieksmachines van vice-wereldkampioen Randy Mamola, Graeme Crosby en Marco Lucchinelli en woog ook nog eens twintig kilo meer. Ook de nieuwe fabrieks Yamaha OW54's van wereldkampioen Kenny Roberts en Barry Sheene waren ronduit superieur aan de machine van Middelburg. Door bemiddeling van o.a. Telegraaf journalist Berry Zand-Scholten stapte het Apeldoornse elektronicabedrijf Ergon naast hoofdsponsor Sarome in als subsponsor. Het stelde Siegers in staat om de grenzen van zijn technisch kunnen wat op te rekken. "We experimenteerden wel met losse verbrandingskamers en doorgetrokken spoelkanalen. Dat deden we dan steeds op één machine om te zien of het werkte. Jack vond dat goed, want hij had wel vertrouwen in wat we deden." Bovendien werd de Suzuki gerestyled. Oud-coureur en vormingspecialist Jos Schurgers verborg de twee bovenste uitlaatdempers in een bredere derrière die wel wat leek op de achterkant van de Yamaha's van Roberts en Sheene. "De achterliggende gedachte was dat de zit te klein was", herinnert Schurgers zich. "Mijn ontwerp sloot meer aan op de kont van de rijder. Het moest aërodynamisch zijn, maar ze gaven me aardig de vrije hand. Er was toen ook een ander ruitje bij en dat geheel moest bij elkaar passen. Ik ben toen eigenlijk puur vanuit mijn gevoel aan het werk gegaan. Het was meer een vriendendienst voor Jack. Ik kreeg een paar stickers op de kuip."

    Tijdens de eerste twee Grand Prix op de extreem snelle Salzburgring en Hockenheim scoorde Middelburg achtste plaatsen. Na een zevende plek in Monza volgde een negende in Frankrijk. Tijdens de trainingen in Rijeka sloeg het noodlot echter toe. Middelburg kwam ten val toen zijn Suzuki vastliep en brak twee middenhandsbeentjes. Hij moest de Joegoslavische Grand Prix en een paar financieel aantrekkelijk internationale races laten schieten. Middelburg verklaarde zelfs dat hij na de Dutch TT zijn machine waarschijnlijk definitief aan de kant moest zetten. Die noodkreet leidde tot acties bij de motorsportbladen en De Telegraaf, terwijl ook de organisatie van de vermaarde Raalte races financieel de hand reikte. Middelburg startte wel in zijn thuisrace, en werd er nog knap vijfde. Met veel pijn en moeite. Hans Valstar, jarenlang Middelburgs steun en toeverlaat, weet nog welke helse pijnen de coureur doorstond. "Ik ben donderdagnacht nog met hem naar dokter Derweduwen gereden in België om hem daar te laten behandelen", vertelt Valstar. "Ik zat drie kamers verder, maar ik hoorde hem schreeuwen van de pijn, toen hij een injectie kreeg." De vrijdagtraining liet Middelburg zelfs aan zich voorbij gaan. "Dokter Derweduwen kwam daarna speciaal voor Jack op zaterdag vanuit Mol naar Assen om 'm een spuit te geven", zegt Valstar. "Helemaal pro deo. Dat deden mensen voor hem. Jack was zo'n innemend, uitzonderlijk ventje. En een keiharde werker." Dankzij een zesde plaats in Francorchamps en een zevende positie in Imola was de Westlander zelfs benaderd door Morbidelli en Sanvenero, die beiden grote toekomstplannen hadden met hem. Middelburg wilde zich echter concentreren op zijn Suzuki. Dat was op zijn minst opmerkelijk. De Italianen beloofden hem financieel te pamperen. Bovendien had Suzuki Middelburg hard op zijn ziel getrapt, toen de semi-fabrieksmachines van de gestopte Wil Hartog niet naar Middelburg, maar naar Franco Uncini gingen. In Silverstone bewees de Nederlander, achter landgenoot Boet van Dulmen zevende in de WK-tussenstand, mentaal niet gebroken te zijn. "Jack zat wel eens in de put, maar nooit lang", onderschrijft Siegers. "Hij had natuurlijk ook al veel meegemaakt. Z'n been was stuk; daar zat 'ie wel mee." "Hij liep al zo lang met dat been te knoeien", beaamt Valstar. "De pech voor hem was dat ze destijds nog niet met draaiende motoren startten. Hij was in staat om twintig plaatsen met de start te verliezen." "Maar over het rijden maakte hij zich nooit zorgen", zegt Siegers. "En als 'ie viel stak 'ie de hand in eigen boezem", benadrukt Valstar. "Hij was wel eens chagrijnig als 'ie niet had gewonnen, maar dat duurde inderdaad nooit langer dan twee seconden." In de zon van Silverstone hadden Middelburg en zijn mensen ook geen enkele reden om chagrijnig te zijn. Achter Graeme Crosby en Barry Sheene klokte hij een onwaarschijnlijke derde plaats. "Die derde tijd in de training verraste ons wel", geeft Siegers toe. "Maar eigenlijk zat hij er het hele jaar ook al tegenaan te hikken. Het kwam er alleen nooit helemaal uit. Voor de race was hij behoorlijk gespannen. En dan was het altijd koffie drinken, hè. Véél koffie drinken. En zijn sigaretje erbij." "Maar het was anders dan een jaar eerder in Assen", zegt Valstar. "Daar zei 'ie op vrijdagavond nog tegen me 'ik heb een goed gevoel over morgen'. In Silverstone was dat niet zo. Hij trainde wel als derde, maar het was zeker niet zo dat 'ie ging lopen blazen van 'ik zal hier wel eens even winnen'. Het was totaal onverwacht en dat maakte het voor mij groter dan Assen." 

    Op zondagmiddag 2 augustus, vijf voor half vier, zaten meer dan 60.000 toeschouwers, in afwachting van een historische 500cc-GP. De fascinerende stilte van de start werd doorbroken toen de start- en kamprechter zijn vlag zwaaide. Veertig gillende tweetakten begonnen aan 28 ronden over het razendsnelle Silverstone. Crosby nam de kop, met Mamola, Roberts, Kawasaki coureur Kork Ballington, Sheene en WK-leider Marco Lucchinelli direct achter zich. Middelburg kwam als zevende langs, met Boet van Dulmen in zijn slipstream. In de derde ronde ging er een siddering door de toeschouwers. Leider Crosby smakte tegen het warme asfalt en ook Sheene en Lucchinelli gingen in de fout. Middelburg kon de ravage ternauwernood ontwijken... Roberts nam het commando over, samen met Mamola, Ballington én Middelburg reed hij weg van de achtervolgers. Middelburg moest alles uit zijn langzamere en zwaardere Suzuki persen om de drie fabriekscoureurs bij te houden, maar werkte zich na een tijd voorbij aan Ballington. De Kawasaki-coureur moest acht ronden voor het einde naar de kant toen zijn machine de geest gaf. En toen waren er nog drie. De dramatiek werd nog groter toen de 21-jarige Randy Mamola het tempo drastisch moest laten zakken. Zijn fabrieks Suzuki ging op drie cilinders lopen. Voor monteur Albert Siegers stond toen één ding vast. "ik wist die neemt geen genoegen met de tweede plek." Wat wereldkampioen Kenny Roberts ook probeerde, hij kon de verbeten sturende Middelburg niet van zich afschudden, zelfs niet in de laatste ronden. "Toch deed hij in die race geen gekke dingen", zegt Roberts. "Het leek er op dat hij de zaken onder controle had. Hij reed niet de hele tijd aan kop, maar hij zou het misschien wel hebben gekund. Jack ging harder een hoek in dan ik, maar ik kwam er sneller uit. Zo raceten we die wedstrijd ook. Ik denk wel dat mijn manier van rijden veiliger was en het was ook iets constanter. Hun manier was wel vaker net op het randje." Aan de pitmuur voelden Siegers en Valstar hun hart in de keel. "Die laatste ronde....", voelt ook Valstar 25 jaar later nog de spanning. "Dan denk je: joh tweede worden in Silverstone, dat is toch ook wel heel erg mooi'. Ik dacht nog 'val er die laatste ronde niet af, klootzak'. Want ik had al zoveel met hem meegemaakt. Ik was meer met hem bij dokter Derweduwen geweest, dan op het circuit. D'r waren al zoveel mensen geweest die 'm allerlei adviezen hadden gegeven. Maar op het moment dat al die dollen er vandoor gingen, bij de start, werden al die adviezen door de wc gespoeld. Hoe zeker en vastbesloten Middelburg was, bleek toen hij bij het ingaan van de laatste ronde Roberts binnendoor passeerde in de snelle 'Copse Corner'. Het was de eerste keer dat hij de wedstrijd leidde. Nog iets meer dan vier kilometer.... Roberts was verrast, maar was overtuigd van zijn winstkansen. "Ik wist ook dat als ik die race wilde winnen, dan zou het in de laatste ronde moeten gebeuren", zegt hij. "Ik was zeker van mezelf. Ik had vaak genoeg races gewonnen in de laatste ronde. Al te veel zorgen maakte ik me dan ook niet, omdat ik er motorisch duidelijk beter voor stond dan Jack. Zijn Michelins waren beter dan mijn Goodyears, dat wel. Het moest op het laatste stuk gebeuren, wist ik. De bocht voor het laatste rechte stuk, was een hele mooie combinatie en daar was ik sneller. Dus ik moest onder hem doorkomen bij het ingaan van 'Woodcote', de laatste bocht voor de finish. Dat was mijn enige optie." Er werd echter een forse streep door Robert's plannen gehaald. "In die laatste ronde kreeg Jack een slipstream van Franco Uncini en een andere rijder die we op een ronde zetten. Dat zag ik allemaal voor me gebeuren. Ik dacht 'shit, shit'. En toen: 'welke kant pakt hij'. Dus hij pakt die slipstream, zwiept d'r aan de binnenkant voorbij en ik moest buitenom. Die slipstream, dat was zijn grote voordeel. Binnendoor, dat was de goede 'move'. Ik zat net te ver achter hem en wist dat ik gezien was. Een kans op een laatste aanval had ik al niet meer, dat was het." Dik 60.000 toeschouwers wisten niet wat ze zagen. De wereldkampioen werd verslagen door een kassenbouwer uit het Westland, iemand voor wie die tweede augustus eindelijk alles eens paste. Met drietiende seconde voorsprong op Roberts joeg Middelburg zijn Suzuki over de streep, het hoofd nog verstopt achter het ruitje, de vuist gebald. Aan de pitmuur vierden Siegers en Valstar hun eigen feestje, even verderop stond Middelburg's manager Jan Muis om zijn pupil op te vangen. "Iedereen ging uit z'n dak", weet Siegers nog. "Z'n ouders Willem en Dien waren erbij; die waren ook heel belangrijk voor hem. Die ontvangst was ook mooi. Al die Hollanders die er waren. Ik ben een koele kikker en ik hou er niet zo van om op de voorgrond te staan, maar het was helemaal te gek." "Op zo'n moment komt alles weer even voorbij, hè", zegt Valstar. "Van die ellende na die crash van Joegoslavië tot een overwinning in Silverstone. Want het kón ook niet, hè. Het bestónd gewoon niet. Maar het gebeurde. Alles viel op z'n plek. Het moment sprak boekdelen. We wisten niet meer hoe we het hadden. En hij zelf was eigenlijk ook meer met stomheid geslagen, dan dat hij extatisch was. Ja, en toen kwamen natuurlijk wel de waterlanders met het Wilhelmus. Z'n ouders Willem en Dien gingen mee op de 'victory car', voor de ereronde. Moest 'ie nog een persconferentie doen in het Engels. Daar hebben we nog wel gelachen. Die jongen had al moeite met een beetje ABN, haha!" 

    "De mooiste dag van mijn leven", karakteriseerde Middelburg later voor De Telegraaf zijn tweede GP-overwinning, de laatste GP-zege ook voor een privé-coureur in de 500cc klasse. "Ik had er al eerder voorbij gekund, maar ik wilde dat expres niet doen om hun niet de gelegenheid te geven achter mij aan te jagen. Dan had ik het, denk ik, niet gehaald", zei hij in De Telegraaf. "Jack jumps over Kenny", kopte een Britse krant. "Die achterblijvers speelden een beslissende rol", kijkt Roberts nog even terug. "Waren ze er niet geweest, dan had de druk bij Jack gelegen. Dan had hij geweten dat ik bij hem binnendoor zou zijn gedoken en had hij alleen nog een kans gehad, als hij het buitenom zou hebben geprobeerd. En dat zou 'ie waarschijnlijk ook wel hebben gedaan." Roberts corrigeert zichzelf meteen. "Nee, ik weet zéker dat hij het zou hebben geprobeerd. Ik denk dat zijn hart en ballen groter waren dan zijn talent. Maar dat had hij in die tijd nodig om zijn talent te laten zien. Jack haalde er in die wedstrijd alles uit. Als hij geweten had wat ik wist op mijn leeftijd, dan had hij wereldkampioen kunnen worden." Ook de als derde gefinishte Randy Mamola roemt 25 jaar later Middelburg. "Ik dacht net als een jaar eerder in Silverstone te kunnen winnen. We moesten ons richten op alle concurrenten en op Kenny met de Yamaha. en dan wint een andere Suzuki-coureur! Als je dan toch moest verliezen, was het misschien maar goed om te verliezen van een privé-coureur als Middelburg. De naam Middelburg was zó groot." "Dat hij verongelukt is op een stratencircuit", schudt Roberts het hoofd. "Wat triest. Wat een verlies."

    ie tweede augustus van 1981 vierde het hele team in het rennerskwartier, bij de caravan van de dolgelukkige ouders Dien en Willem. "Jack was iedereen heel erg dankbaar", zegt Valstar. "Maar Jack was niet zo uitbundig. Dat dééd 'ie gewoon niet." "Iedereen kwam ook langs om hem te feliciteren (behalve Boet van Dulmen) ", weet Siegers nog. "Ook die andere jongens. Ze gunden het 'm. Jack wilde ook graag andere jongens helpen, terwijl ik dan nog wel eens had 'hou nou je mond maar'. Het was toch m'n brood, hè, Uiteindelijk hebben we bijvoorbeeld Franco Uncini geholpen, die steeds maar vastlopers had. Wij waren dat stadium al gepasseerd." "Uncini was een maatje van Jack. Jack had altijd zoiets van 'als ik iets heb, helpen ze me ook'", vult Valstar aan. 

    De fantastische overwinning van een privé-coureur op de gehele fabriekselite miste zijn uitwerking niet. "Na Silverstone kwam de toezegging voor fabrieksspullen", herinnert Siegers zich. "Dat had 'ie natuurlijk aan zichzelf te danken, maar ook aan Jan Muis, die toen al veel voor elkaar kreeg. Wij wilden ook heel graag 16 inch-banden, maar we kregen ze nooit. Na Silverstone werd er een hele lading bij ons afgeleverd. Maar Jack kon er niet mee rijden..." Dankzij een fraaie vierde plaats in het Finse Imatra en een prachtige derde plek in Zweden werd Jack Middelburg verbluffend zevende in de WK-eindstand, net achter Boet van Dulmen (op fabriekmateriaal). Kenny Roberts moest zijn wereldtitel inleveren bij Marco Lucchinelli. "Dat Jack me versloeg in Silverstone, dat heeft me niet de titel gekost", beseft de nu 54-jarige (in 2006) Roberts. "Het lag veel dieper. Ik won dat seizoen maar twee wedstrijden. Het hadden er drie kunnen zijn. Als Jack er niet geweest was."

    Voor de echte Middelburgliefhebbers: www.jumpingjack.nl

     

     

    donderdag 03 april 2008

    Alkmaar -  De Alkmaarse fotograaf Joop Boek (1949) begon in 1973 te fotograferen voor het Noordhollands Dagblad. Als journalist maakte hij actiefoto's en als beschouwende fotograaf leverde hij bedachtzame beelden. Een selectie van die laatste categorie - en dan met name sport - is gebundeld in 'FotoBoek', dat zaterdag ten doop wordt gehouden in de beeldentuin van Nic Jonk.

    Joop Boek is een fotograaf met een speciaal oog voor sport. Boek: ,,Sport is interessant omdat er veel actie in zit maar, misschien nog wel belangrijker, waarin veel emotie aan het licht treedt. In de sportjournalistieke fotografie is veel veranderd. Toen ik in 1973 als fotojournalist begon, was het gemoedelijker. In de beginjaren was ik sterk gericht op de motorsport. Toen kon je nog de caravan van Jack Middelburg instappen vlak nadat hij een belangrijke race gewonnen had. Ik was met een collega als enige fotografen in die caravan. We draaiden de deur op slot en we schoten de eerste emotie die op Jack's gezicht stond. De andere collega-fotografen konden later wel bij hem, maar het ging om die eerste momenten, de gelukzaligheid op zijn gezicht.''

     

         

    wpe14.jpg (158682 bytes)wpe19.jpg (162605 bytes)

    Jack Middelburg Motorsportlegende en Westlander van de eeuw.

    Op 22 mei 2007 werd ik benadert door ene Remco Benschop van het Haaglanden zakenjournaal met onderstaand verzoek:

    Beste heer/mevrouw,
     
    Voor de juli-editie van Haaglanden Zakenjournaal ben werk ik momenteel aan een portret over
    Jack Middelburg. Onze krant richt zich met name op ondernemers uit de regio, en ondernemerschap
    zal dan ook de insteek van het artikel zijn. Vanzelfsprekend kwam ik tijdens mijn zoektocht naar
    informatie op uw site terecht, waar ik u overigens voor wil complimenteren.
    Nu is mijn vraag wat precies uw connectie was met Jack en of ik u per mail nog wat vragen zou mogen
    toesturen. Graag hoor ik nog van u.
     
    Vriendelijke groet, 
    Remco Benschop
    Haaglanden Zakenjournaal

    Ik uiteraard mailtje teruggestuurd dat ik daar graag aan wilde meewerken, altijd leuk als er aandacht aan Jack wordt besteedt. 

    Vervolgens kreeg ik op 12 juni 2007 een aantal vragen over Jack, die ik netjes beantwoordde. Kreeg daarop de volgende reactie:

    Datum: 06/12/07 16:23:16
    Onderwerp: Re: Artikel Haaglanden Zakenjournaal
     
    Dank voor de snelle reactie.
    Ook wil ik u vragen enkele foto's ter beschikking te stellen. Deze willen wij
    - uiteraard met bronvermelding - bij het uiteindelijke artikel plaatsen.
    Het liefst een fraaie actiefoto en een foto waarop Jack met een prijs in zijn handen
    staat. Alvast bedankt!
     
    Vriendelijke groet, 
    Remco Benschop
    Haaglanden Zakenjournaal

    Doorgegeven dat ze daarvoor het beste bij Henk Keulemans konden zijn, e-mail gegeven en vervolgens hoorde ik nooit meer iets, ondanks diverse verzoeken om het artikel te mogen ontvangen voor mijn site.

    Vervolgens kreeg ik enige tijd later het artikel via een vriend en er staat één foto van Keulemans in en drie van een particuliere fotograaf (helaas inmiddels overleden), van wie ik, eveneens van Henk Keulemans, toestemming had om de foto's te mogen gebruiken. Ze hebben zeker geen toestemming gevraagd aan de eerste en waarschijnlijk ook niet aan de laatste. Vind het een beetje erg vreemd, deze manier van handelen.

    P.s. Eén van de vragen van deze Benschop was: wat vond Jack in 2000 van het feit dat hij uitgeroepen werd tot Westlander van de eeuw....

     

     
    1984  1.jpg (34517 bytes) wpe11.jpg (32729 bytes) wpe13.jpg (34649 bytes) wpe14.jpg (42860 bytes)

    Mei 2008, motoren Jack en Boet tijdens de N.M.B. reünie in Udenhout (motoren zijn eigendom van John Zeulevoet).

     

     

    2009 april, verslag Franse Moto Revue, Vijfentwintig jaar later.

     

    JM-28-10-07 001.jpg (117587 bytes) JM-28-10-07 002.jpg (118759 bytes) JM-28-10-07 003.jpg (97173 bytes)

    naamloos.jpg (53450 bytes)

    Link naar forum waar de opbouw van de Yamaha YZR 500 (OW48 van Jack te zien is).

    bouwpakketten_.jpg (132724 bytes)      bouwpakketten__.jpg (154258 bytes)  

    De 1983-er Honda

    jack middelburg honda rs 1983 001.jpg (148099 bytes) jack middelburg honda rs 1983 002.jpg (140638 bytes) jack middelburg honda rs 1983 005.jpg (178454 bytes) jack middelburg honda rs 1983 006.jpg (136219 bytes) jack middelburg honda rs 1983 010.jpg (53216 bytes) jack middelburg honda rs 1983 011.jpg (121311 bytes)

    Bij het maken van deze website heb ik al mijn plakboeken en andere boeken die ik van Jack heb gemaakt, door de jaren heen, geraadpleegd. Werkelijk duizenden krantenknipsels en week- maandbladen hebben over hem uitgeweid. Het was voor mij een groot plezier om deze door te lezen en vergeten herinneringen op te halen aan een groot coureur en een groot positief mens. Het meeste had ik de afgelopen 20 jaar niet meer ingekeken, maar vergeten was ik hem niet. Ik heb met groot plezier deze site gemaakt van iemand die een groot idool was.

    Grand Prix top 10 resultaten Jack

    Jaar

    Klasse

    plaats in
    eindstand

    Nederland België Duitsland Italië Spanje Zweden Finland Engeland Oostenrijk Frankrijk

    San Marino

    Argentinië Joegoslavië

    1979

    500

    7e

    7e

     

    7e

    7e

    7e

    2e

    4e

     

     

     

     

     

     

    1980

    500

    9e

    1e

     

    8e

     

     

     

     

    9e

     

     

     

     

     

    1981

    500

    7e

    5e

    6e

    8e

    7e

     

    3e

    4e

    1e

    8e

     9e

    7e

     

     

    1982

    500

    16e

     

     

     

     

     

     

     

     

     

     

    5e

    9e

    6e

    1983

    500

    12e

    6e

     

     

     

    8e

     

     

     

    8e

    10e

     

     

     

    Jack staat nog op een 47e plaats (2005) wat betreft Grand Priz overwinningen, met twee maal een 1e plaats, één maal een 2e plaats, één maal een 3e plaats, twee maal pole- position en één maal een snelste ronde: zie daarvoor onderstaande images. Ook is Jack nog steeds de laatste coureur ter wereld die een Grand Prix heeft weten te winnen op een privé-machine. Dit record staat dus nu (2005) al 24 jaar.

     Laatste Privé-coureurs die een 500cc Grand Prix wisten te winnen

    01 Jack Middelburg GP Engeland Silverstone 02 augustus 1981 
    02 Jack Middelburg GP Nederland TT Assen 28 juni 1980
    03 Boet van Dulmen  GP Finland Imatra 29 juli 1979 
    04 Dennis Ireland * GP België Francorchamps 01 juli 1979
    05 Wil Hartog  GP Nederland TT Assen 25 juni 1977
    06 Jack Findlay ** GP Oostenrijk Salzburgring 01 mei 1977
    07 Pat Hennen GP Finland Imatra 01 augustus 1976
    08 Tom Herron *** GP Engeland Eiland Man 11 juni 1976
    09 Mick Grant *** GP Engeland Eiland Man 07 juni 1975
    10 Phil Carpenter *** GP Engeland Eiland Man 15 juni 1974
    * Ireland won de GP aangezien de fabrieksteams en vele toppers, zich terug trokken, of gedwongen werden (onder wie Jack en Boet) te vertrekken, vanwege de slechte staat van het asfalt.
    ** Findlay won de GP aangezien de fabrieksteams en vele toppers, zich terug trokken, omdat er een dode was gevallen en vele gewonden tijdens de 250cc klasse en er geen garantie was voor veilige race-omstandigheden.
    *** Herron, Grant en Carpenter wonnen de GP aangezien de fabrieksteams en vele toppers niet op het levensgevaarlijke circuit van Man wilden rijden.
    De laatste 2 GP's die gewonnen werden op een productiemachine, waren op naam van Jack en de laatste 4 op naam van de "Grote Drie", dit zegt wel genoeg over de kwaliteiten van onze Hollanders in die tijd! Privé-coureurs die een 'normale' 500cc GP op hun naam hebben gebracht zijn er hooguit een stuk of 6/7 en de helft daarvan zijn dus Nederlanders! En er is er maar één die er twee won..., juist!!

    all time riders 1.jpg (95944 bytes)  all time riders.jpg (63865 bytes)                                              Jack in 1982 ten voeten uit, Brede lach en shaggie.jpg (92325 bytes)                                              79_jaar_Dutch_TT_6_nl_winnaars.jpg (295084 bytes)

                         Jack ten voeten uit, shaggie en brede lach op zijn gezicht.

    Jack heeft ooit twee tv-optredens gedaan, Avro's (Superbike) sterrenslag (heb ik inmiddels) en bij  Ron Brandsteder (Showbizzquiz) was hij 'de mysterie gast', verkleed als Sinterklaas op een crosser. Ook de keren die hij in de "Heilige Koe" bij Veronica is geweest zou ik graag willen hebben (mijn beelden zijn erg slecht). Mocht iemand me aan deze beelden kunnen helpen, graag! Heb wel heel veel interviews van hem, maar die beelden heb ik niet, of zijn slecht.

    Palmares van Jack

         
    Nederlands kampioen  350 cc 1977 1978 1979
    Nederlands kampioen  500 cc 1977 1978 1983
    Nederlands kampioen  750 cc 1977 1978  
    NMB kampioen boven 500 cc 1974    
    Grand-Prix overwinningen 1980 Assen 1981 Silverstone  

    Jack's grootste successen, winst GP van Nederland, 1980 en GP van Engeland, 1981...

     

     

     

     

     

     

    Jack, een kanjer......een echte!

    Inlognaam: Jack
    paswoord: Assen

    1984 - heden

    ©opyright 2005 www.jumpingjack.nl  Gerard van der Pot.