|
| |
|
1983 In
dienst bij "de Stichting" op privé-Honda's (deel
1)
|
|
|
|
Ze
gooien
Middelburg niet zomaar aan de kant! |
|
,,Ze gooien Middelburg
zomaar niet aan de kant!" riep Jack Middelburg op één
van de laatste dagen van '82. Na het mislukte avontuur
als fabrieksrijder, zou men wellicht een teleurgestelde
Middelburg verwachten. Niets is echter minder waar. Vol
optimisme werkt hij aan de opbouw van het komende
seizoen en berekent zorgvuldig zijn kansen. Toon
Kannekens zocht hem op en maakte een onthullend
interview. |
|
Je bent afgelopen jaar 12
keer onderuit gegaan. Welke verklaring heb je daarvoor?
,,Wacht even, volgens mij ben ik 10 keer
gevallen. Ik weet van elke valpartij wat er aan vooraf
is gegaan. Een crash is een samenspel van factoren. De
oorzaken lagen bij mijzelf, op technische gebied en de
druk om te moeten presteren. Soms kon ik er helemaal
niets aan doen. Als Sheene in Silverstone niet achterom
had gekeken, was er niets gebeurd."
En Assen dan?
,,Assen was gewoon stom. Ik had
natuurlijk op nieuwe banden moeten vertrekken. Ik heb
echter ook de naam en dan valt elke schuiver op. Uncini
is zeven keer gevallen, maar daar kraait geen haan
naar."
Hoe is jouw
trainingsopbouw? Ik heb het idee dat je eerst voor
jezelf de grenzen bepaalt en daarna de mogelijkheden van
de machine.
,,Dat
klopt. Als coureur stel ik geen hoge eisen aan de fiets.
Bij mij is het nogal gauw goed. Ik probeer altijd zo
hard mogelijk te gaan. Ik leer de gedragingen en de
mogelijkheden van een fiets pas kennen als ik voluit ga.
Ik kom dan ook weleens voor verrassingen te staan."
Ergon verscheen
met veel tamtam in de racerij. Ze zijn echter weer snel
met stille trom vertrokken. Hoe kijk je tegen Ergon in
de motorsport aan?
,,Wij hadden een bepaalde opzet. Ergon
wilde het echter anders. Zo moest het, anders begon men
er niet aan. Voorzichtig hebben we iets van onze ideeën
ingevoerd, maar hun visie bleef zaligmakend. Ze waren
vreemd in de motorsport, maar wilden in één jaar de hele
motorsport veranderen. Dat kan natuurlijk niet. Het
gevolg is geweest, dat het ontzettend veel geld heeft
gekost en dat we maar weinig verder zijn gekomen. Na het
seizoen hebben ze ontzettend veel publiciteit gehad,
maar op het laatste moment hebben ze zich toch
teruggetrokken. Jammer dat die beslissing zo laat is
gekomen. Langendijk, de directeur, wilde nog wel, maar
Ergon Electric zag het niet meer zitten. Samen met
Langendijk heb ik een B.V. Gelukkig bestaat die nog wel
en die zal de basis gaan vormen voor het komende
seizoen." Van
Middelburg wordt gezegd dat zijn inzet fantastisch is,
maar diezelfde inzet breekt hem ook nogal eens op. Wat
is jouw reactie hierop?
,,Dat is zondermeer waar. Ik ben gewoon
erg fanatiek. Het wordt steeds beter, maar toch...
Ik ben nu zover dat ik het niet meer probeer, als het
materiaal niet in orde is. Ik ben er dan wel achteraf
doodziek van. Dankzij die fanatieke instelling ben ik
wel ver gekomen en heb ik twee GP's gewonnen. Of het de
meest ideale instelling is, weet ik niet."
Boet van Dulmen ziet jou
als coureur bij de beste vijf van de wereld, maar
doordat je de zaken om het racen heen niet goed weet te
organiseren ben je nog steeds niet zover. Heeft Boet
gelijk?
,,Ja, dat ziet Van Dulmen goed. Weer een
mentaliteitskwestie. Ik wil op bepaalde momenten gewoon
te veel en dat breekt je dan op. Boet is zo'n beetje de
meest ervaren coureur in de huidige top en vergeet niet
dat hij een hele grote is. Hij weet precies wat er te
koop is. Ik kom gewoon nog ervaring tekort."
Tegen het einde van het
seizoen heb je tegen mij gezegd, dat je niet meer op een
productiefiets zou stappen. Er is echter geen andere
keus. Gelukkig voor de Nederlandse motorsport ga je
door. Hoe en waarop?
,,Toen ik dat zei was ik goed ziek van de
hele situatie. Door keihard werken had ik de top bereikt
en dan moet je weer terug naar af. De laatste maanden
heb ik het erg slecht gehad. Ik heb al zoveel
meegemaakt. Het is toch abnormaal dat de crash op
Silverstone zo goed uitpakte! Als Suzuki dan zegt dat
het afgelopen is, ga je heel diep nadenken. Er zijn meer
dingen in het leven en je wordt toch niet rijk van de
racerij. Toch ga ik door, want ze gooien Middelburg niet
zo maar aan de kant. Ik ben een knokker en ik blijf een
knokker. Daarbij komt dat er toch weer veel mensen zijn,
die erg enthousiast voor mij in de weer zijn. Wat Jan
Muis de laatste tijd voor mij doet is niet onder woorden
te brengen. Al die positieve reacties maken mij weer
optimistisch. Ik ben nog maar dertig. Boet won op die
leeftijd zijn eerste Grand Prix. Welke mogelijkheden
heeft hij daarna niet gehad? Zou ik die kansen ook niet
krijgen? Ik zie veel in de productieracer van Honda. Ik
denk dat ik de coureurs die ook op zo'n fiets stappen,
kan verslaan. Ik rijd mezelf dan wel in de kijker. Je
moet je kans afwachten om toe te slaan. Ieder seizoen is
er een mogelijkheid voor een privérijder. Je moet er
gewoon bijzitten. Een vierde of zesde plaats is niet
belangrijk. Gewoon goed opletten en als de mogelijkheid
zich voordoet is de overwinning voor jou. Je wint niet
zomaar een GP, maar als je er steeds bij bent, is het
ook op een productiefiets mogelijk."
Er gaan steeds meer stemmen op dat de Nederlandse
motorsportbond op een dood spoor zit. Ben je het daarmee
eens?
,,Neen, in Nederland gaat het echt niet zo slecht. In
elke klasse zijn er jongens die echt hard gaan. Toen ik
naar de KNMV kwam, was dat ook al zo. Internationaal
stelden we toen niets voor. Door de overwinning van
Hartog in Assen, zijn Boet en ik meegesleurd naar een
ander niveau. Als er nu weer een tussen uitspringt, gaan
er echt weer twee of drie mee. Je stimuleert elkaar. In
Nederland wordt echt hard gereden. Bovendien zal het op
GP niveau ook veranderen. Je ziet nu al dat de fabrieken
steeds minder speciale machines bouwen.
Productiemachines gaan over enkele jaren weer het beeld
van de GP's bepalen. Dan leeft de sport weer op."
(Jack zijn ideeën en vooruitzichten kwamen geheel niet
uit).
Er zijn nogal wat
geruchten rondom jouw financiële positie. Je zou een
fikse belastingschuld hebben en als aandeelhouder van de
Ergon Racing B.V. zou je veel geld hebben verloren. Wat
is er allemaal van waar en in hoeverre beïnvloed dat je
mogelijkheden voor het komende seizoen?
,,Ik
wil daar graag iets over zeggen. Mijn financiële positie
is altijd erg goed geweest. Ik heb jarenlang zeven dagen
in de week keihard gewerkt. Ik kon daar lekker van leven
en goed van racen. In '79 heb ik het werk en de racerij
nog gecombineerd, maar dat was niet vol te houden. Ik
heb gekozen voor de motorsport en moest dan ook een
grote stap terug doen. Als ik nu weer met mijn handen
aan het werk zou gaan, zou ik het financieel veel beter
hebben. In het buitenland kun je veel geld verdienen met
kassenbouw, maar voorlopig komt de racerij op de eerste
plaats. Het luxe leventje van twee of drie jaar geleden
heb ik op moeten geven. Als je aan de top staat en je
moet een mooi huis en een schitterende auto verkopen,
staan anderen direct klaar met de meest wilde
verklaringen. Ik los momenteel alles netjes op en van
Middelburg zul je echt niet lezen dat hij een oplichter
is. Ondanks alle pech van het afgelopen jaar en de
beperkte financiële mogelijkheden, zie ik het echt weer
helemaal zitten. Als nu de sponsoring ook nog rond komt
is Middelburg weer voorin te vinden."
Hoelang race je al? ,,Vanaf
'73. In '78 heb ik enkele GP's gereden. Het jaar erop
heb ik mijn eerste volledige GP seizoen gedraaid.
Wat is het dieptepunt en
hoogtepunt in je carrière? ,,Ik heb natuurlijk
een paar missers gehad. In het voorseizoen van '75 brak
ik een hiel op het circuit van Zolder. In mei '76 ging ik
in Oirschot zonder remmen op een haakse bocht af. Alles
gebroken wat er maar te breken viel in mijn lichaam. Ik
heb dus twee jaar aan de kant gestaan. De volgende jaren
ben ik gaan bouwen. Twee jaar achtereen drie nationale
titels en een eerste kennismaking met de GP's. In '79
moest het dan gebeuren. Alles liep goed. Ik reed
voortdurend in de punten, maar op Silverstone ging ik
door een gebroken drijfstang hard onderuit. De gevolgen
voel ik nu nog. Die crash is voor mij het dieptepunt
geweest in mijn carrière. Zonder die val had ik de
absolute top al lang bereikt. Het hoogtepunt is
natuurlijk de overwinning op Assen geweest. Samen met
Adri v/d Broeke heb ik veertien dagen keihard gewerkt om
in Assen toe te slaan. Het moest goed gaan en het ging
goed, ondanks het feit dat we met die rare Yamaha's
moesten werken. De overwinning op Silverstone was een
totaal ander hoogtepunt. Ik won daar puur op
racetechnisch vlak. In het begin van de race ging het
gewoon veel te hard. Ik kon niet volgen, maar ik was er
van overtuigd dat die anderen dat tempo ook niet vast
konden houden. Dat bleek later ook. Toen ik eenmaal
achter Roberts zat heb ik mijn kans af zitten wachten.
Met opzet heb ik mij niet laten zien. Bij het ingaan van
de laatste ronde wist ik precies waar mijn kansen lagen,
terwijl Roberts niets van mij wist. Vanuit een duel een
GP winnen is gewoon fantastisch.
Jouw carrière wordt gekenmerkt door een slepende
blessure. Is dat een lichamelijke kwestie of stap je te
vroeg weer in het zadel? ,,In '79 heb ik mijn
eerste echte blessure opgelopen, waarvan ik nu nog last
heb. Natuurlijk ben ik te vroeg opgestapt, maar een jaar
missen op topniveau is gewoon onmogelijk. Je moet dan
helemaal opnieuw beginnen. Je hebt een ongeluk gehad en
men heeft een jaar niets mee van je gehoord. Welke
sponsor ziet dan nog wat in je? Niemand toch. Je moet
doorgaan, maar het is wel een lijdensweg. Zo ervaar ik
het tenminste. Je strompelt van de ene race naar de
andere. Ziek word je ervan, doodziek. Bij mij blijft
bovendien de vraag: als ik twee GP's kan winnen met een
geblesseerde poot, hoe was het dan geworden met een
gezonde? Die gedachte maakt me soms hartstikke ziek."
Afgelopen jaar ben je
fabrieksrijder geweest. Wat betekent dat en hoe heb je
die positie ervaren? ,,Dat is een heel verhaal.
Ik zou het echter heel kort kunnen samenvatten. Een
privérijder met geluk komt verder dan een fabrieksrijder
met pech. Zo heb ik het tenminste ervaren. Als
privérijder bouw je iets op. Je hebt het helemaal in de
hand. Met het nodige doorzettingsvermogen en geluk sta
je dan ineens op de eerste startrij, tussen al die
fabrieksmachines. Met de overwinning op Silverstone heb
ik de mogelijkheden van een privérijder bewezen (deze
zege is echter nog steeds de laatste overwinning van een
privécoureur en zal dat ook blijven). Fabrieksrijder
zijn betekent heel veel. In de eerste plaats natuurlijk
de erkenning van je capaciteiten. Ik vraag mij echter af
of Suzuki mij die kans heeft gegeven om mij verder te
helpen, dan wel om geen last meer van Middelburg te
hebben. Wat is namelijk een fabrieksteam? De coureur
wordt samen met zijn monteur en manager in Japan
uitgenodigd. Hij krijgt de mogelijkheid om te testen en
de monteur maakt kennis met de technische mogelijkheden
van het fabrieksmateriaal. Bij ons ging het totaal
anders. Wij kregen de machines en moesten alles zelf
uitzoeken. Fabrieksmachines krijgen betekent
geconfronteerd worden met talloze technische
mogelijkheden. Ik mag van mijn monteurs niet verwachten
dat zij al die mogelijkheden, zonder opleiding, in
enkele weken onder de knie krijgen. Andersom kunnen zij
van mij niet verwachten dat ik precies aan weet te geven
wat er onderweg allemaal verkeerd gaat. We zijn gewoon
in het diepe gegooid en moesten onszelf maar redden. Het
gevolg was dat het vertrouwen in elkaar helemaal
verdween. Iedereen maakte fouten, maar niemand wist in
eerste instantie een oplossing. In Spanje kwamen we
achter de juiste mogelijkheden. Ik had de oudste
fabrieksmachine, maar het was wel de snelste. Wat
gebeurde er toen? Men kwam met een totaal andere
machine. We konden weer helemaal opnieuw beginnen.
Daarbij kwam dat ik de machine kreeg van een testrijder,
dus een experimenteel ding. Wij moesten bijvoorbeeld met
37.5 mm. carburateurs rijden, terwijl Uncini met 36'ers
reed. De race daarop moesten we met 36'ers rijden. Wij
moesten 1200 km. rijden met dezelfde zuigers. Uncini en
Mamola kregen na 300 km. nieuwe zuigers. Ik had
duidelijk het gevoel dat ik de Europese testrijder van
Suzuki was. De machine was supersnel, maar door al dat
geëxperimenteer kwam dat er maar zelden uit en wisten
wij niet meer wat de beste afstelling was. Ik moest als
fabrieksrijder vreselijk wennen aan al dat gedoe.
Bovendien had ik maar één fiets. Ging er wat fout, dan
was er meteen een training naar de knoppen. We hadden
graag met de oude machines doorgegaan, maar dat mocht
helaas niet." Wat is volgens jou
de reden waarom je nu fabrieksrijder af bent?
,,Dat heeft meerdere oorzaken. In de eerste plaats
natuurlijk de resultaten. Wij hadden als fabrieksteam
niet de middelen die nodig zijn om het allemaal aan te
kunnen. Bij Suzuki bouwt men voor het komende seizoen
minder speciale machines. En tot slot heeft Suzuki
Racing Promotion de Duitse sponsor HB. In Duitsland
bestond echter weinig publiciteit voor de 500. Nu men
Anton Mang heeft aangetrokken zal dat wel veranderen.
Over mijn resultaten wil ik nog wel wat kwijt. Ik heb
altijd een bepaalde opbouw nodig. Ik ga nooit hard in
het begin van het seizoen, maar na enkele races krijg ik
de smaak te pakken. Dit jaar heb ik een mislukt
voorseizoen gehad. Als het dan niet wil, ga je je
forceren, met alle gevolgen van dien."
Geef jij jezelf in de toekomst weer een kans op een
plaats binnen een fabrieksteam? ,,Via
productiefietsen zie ik mij toch wel weer terugkomen in
een fabrieksteam, alleen niet via productie Suzuki's.
Achter Mamola en Uncini zit een heel bataljon van
rijders waar je zomaar niet doorheen kunt komen. Neem
bijvoorbeeld Loris Reggiani. Je gelooft toch niet dat
Roberto Gallina de speciale onderdelen alleen voor
Uncini houdt? Barry Sheene zit nu ook weer op Suzuki.
Als publiciteitswonder zal hij eerder snel spul krijgen
dan ik." |
In februari/maart kwam aan alle
onzekerheid, hoe Jack in 1983 aan de start zou verschijnen, een eind.
Lang leek het erop dat Canon zijn nieuwe sponsor zou worden, maar dit
liep uiteindelijk op niets uit. Er
werd een Stichting in het leven geroepen (Stichting Nederlands Racing
Team), die als doel had om Nederlandse coureurs te helpen bij het racen
op Grand-Prix en ander internationaal niveau. Het bestuur van deze
stichting bestond uit: Bert Jansen (voorzitter); één van de
organisatoren van de bekende Nederlandse Olof-races, Van Wijngaarden; de
financiële man, Jan de Rooy voor het PR-werk, Jan Muis (Jack's manager)
voor het management en Jos Vaessen (toenmalig secretaris van de KNMV,
later directeur van het CBR (Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen, voorzitter TT-Assen en voorzitter voetbalclub
Vitesse) als
adviseur. Jack en Van Dulmen wilden allebei de nieuwe Honda productieracers
kopen, echter kregen beiden de financiën niet
rond. Deze NR 500 verschilde op de volgende punten met zijn snellere
broer de NS 500: de productie-uitvoering voor privé-coureurs woog ruim
10 kilo zwaarder, had 15 pk minder aan boord, andere carburateurs, 18
inch achterwielen tegen 16 inch op de fabrieksmachine, omdat Michelin
alleen aan de fabrieken 16 inch achterwielen leverde. Deze verschillen
bleken later van flinke invloed op de races (uiteraard). Ook zou blijken
dat de onderdelen voor de productie-Honda veel te duur zouden zijn, een
stel wielen kostten ongeveer 9000 Hollandse guldens (ruim 4000 euro) en een krukas
4000 gulden (1800 euro).
Dit was voor een privé-coureur in die tijd niet op te brengen. De KNMV nam het
initiatief om garant te staan voor de aankoop van 2 Honda's, omdat ze
anders niet in Nederlandse handen zouden komen. Er waren nl. velen die
deze motoren wilden hebben. Aangezien de Nederlandse bond achter de
bestelling stond, ging de Japanse fabriek akkoord met de verkoop van de
Honda's naar Nederland. Eén van de grootste sponsoren van de Stichting
was de Femis kredietinstelling en de meeste organisatoren van
Nederlandse wedstrijden deden ook een bedrag in de Stichting storten,
zodat die in ieder geval verzekerd waren van deelname van Jack aan hun
wedstrijden. De Stichting wilde Jack als coureur, die
zou dan evenals zijn monteur Albert Siegers op de loonlijst komen te
staan. Mar Schouten werd ook in dienst genomen en zou zodoende 250
en 350cc GP's kunnen gaan rijden. Ook Hans Spaan werd later nog
toegevoegd. De 'heer' Boet van Dulmen was hier
zeer verbolgen over en reageerde vanaf dat moment zijn frustraties af op
Jack. De eens gezworen boezemvrienden bestonden plots niet meer. Van
Dulmen vocht o.a. deze strijd uit via de pers en gooide Jack's
privé-leven op straat, incl. leugens en overdrijvingen. Hij haalde er
dingen bij die totaal niets met de situatie te maken hadden en die je
een vriend niet aandoet, alleen omdat jij gefrustreerd bent. Jack deed
niet mee aan deze vuilspuiterij, omdat hij ook niet van dit niveau was
en niet kon begrijpen dat iemand dit iemand anders aan kon doen. Van
Dulmen had een brief onderschept(!?) waarin stond dat de KNMV Jack de beste
Nederlandse coureur vond en alleen hem op de Honda's wilde laten rijden.
Ik wil dit nog kwijt: Van
Dulmen was zakelijk en keihard, tegenover anderen en mentaal zeer sterk, Jack was
totaal niet zakelijk en erg sociaal voelend. Boet reed meer met zijn
verstand en was zelf tevens een goede monteur, die daardoor zijn motoren veel
beter kon prepareren, hij was veel beter bij machte om afstellingen e.d.
goed te kunnen verzorgen. Jack reed meer met 'het hart'. De Honda's werden eind maart
tijdens een mini-speedshow getoond, nadat ze half maart in het Leidse
Holiday-Inn hotel, tijdens een persbijeenkomst, aan Jack waren
overhandigd. De moeilijk te verkrijgen en zeer dure Honda's, die ook nog
eens in beperkte oplage gemaakt werden, waren aangeschaft door o.a.: Raymond
Roche (zou aan het eind van het seizoen zijn RS voor een NS mogen inruilen),
Giovanni Pelletier, Michel Frutschi, Fabio Biliotti, Seppo Rossi, Guido
Paci, Victor Palomo, Wayne Rainey en dus de KNMV. De SNRT zou na
het overlijden van Jack nog enige jaren doorgaan met o.a. Henk vd Mark,
Mile Pajic en zou begin 1987, mede door financiële problemen, een
"zachte dood" sterven.
| mini-speedshow
eind maart met de nieuwe Honda's |
 |
 |
 |
 |
De Europeanen lieten dit jaar 'en
massa' Daytona aan zich voorbij gaan en dus ook Jack. Hij had overigens
ten tijde van Daytona nog helemaal geen motor, de 200 miles race werd
dit jaar weer gewonnen door Kenny Roberts voor de nieuwkomer in Europa,
Eddie Lawson (zie ook mijn Daytonasectie).
|
|
De fabrieken brachten de volgende
coureurs aan de start van het GP-seizoen 1983:
Yamaha (OW61 & OW70):
- Kenny Roberts (USA
),voor het Marlboro-Yamaha team van Giacomo
Agostini, die zijn laatste GP-seizoen zou gaan rijden, en die
graag als wereldkampioen zou afsluiten.
- Eddie Lawson (USA
), voor het Marlboro-Yamaha team van Giacomo
Agostini, met de OW60.
- Marc Fontan (Fr
), voor het Franse
Yamaha-team.
Suzuki (XR45):
- Randy
Mamola (USA
), voor het HB-Suzuki-team.
- Franco Uncini (It
), voor het
Gallina-Suzuki-team.
- Loris Reggiani (It
), voor het
Gallina-Suzuki-team.
- Toni Mang (
scheurde echter
kniebanden tijdens skiën in de winter en zou voorlopig niet aan
GP's deelnemen).
Honda (Honda NS500, 3-cilinder
tweetakt):
- Freddie Spencer (USA
).
- Takazumi Katayama (Japan
).
- Marco Lucchinelli (It
).
- Ron Haslam (GB
), had furore
gemaakt in het TT Formule 1 circuit.
Cagiva :
- Virginio
Ferrari (It
).
- Jon Ekerold (Zaf
)
.
 |
Virginio
Ferrari bidt tot zijn fabrieks-Cagiva of hij alsjeblieft een
keertje heel wil blijven.
|
|
Suzuki
fabrieksteam en Suzuki coureurs die steun van de fabriek kregen
in 1983. Voorop kopman Randy
Mamola, v.l.n.r. Rob McElnea, Barry Sheene, Boet van Dulmen, Sergio
Pellandini, Loris Reggiani en Toni Mang.
|
|
1983, 500cc Grand Prix
coureurs
Kenny
Roberts

Regerend
wereldkampioen Franco Uncini
| No: |
Coureur |
Team |
Motortype |
| 1 |
Franco
Uncini, Italië |
Team
GallinaHB Suzuki |
Suzuki |
| 3 |
Freddie
Spencer, USA |
Honda
Racing Company |
Honda
NS |
| 4 |
Kenny
Roberts, USA |
Yamaha
Marlboro |
Yamaha
OW70 |
| 5 |
Marco
Lucchinelli, Italië |
Honda
Racing Company |
Honda
NS |
| 6 |
Randy
Mamola, USA |
Team
HB Suzuki |
Suzuki
XR45 |
| 7 |
Barry
Sheene, Engeland |
Heron
Team Suzuki |
Suzuki
XR40 |
| 8 |
Takazumi
Katayama, Japan |
Honda
Racing Company |
Honda
NS |
| 9 |
Ron
Haslam, Engeland # |
Honda
Racing Company |
Honda
NS |
| 10 |
Marc
Fontan, Frankrijk |
Team
Sonauto Gauloises |
Yamaha |
| 11 |
Virginio
Ferrari, Italië |
Cagiva
Motor Italia |
Cagiva |
| 12 |
Boet
van Dulmen, Nederland |
Shell
Nederland |
Suzuki |
| 14 |
Michel
Frutschi, Zwitserland
(†) |
|
Honda
RS |
| 14 |
Loris
Reggiani, Italië # |
Team
Gallina HB Suzuki |
Suzuki |
| 15 |
Sergio
Pellandini, Zwitserland |
Marlboro-Tissot |
Suzuki |
| 16 |
Anton
Mang, West-Duitsland |
Team
HB Suzuki |
Suzuki |
| 17 |
Gustav
Reiner, West-Duitsland |
Krauter-Vertrieb
Racing |
Suzuki |
| 18 |
Didier
de Radiguès, België |
Team
Johnson Elf |
Honda
RS |
| 19 |
Wolfgang
von Muralt, Zwitserland |
|
Suzuki |
| 20 |
Jon
Ekerold, Zuid-Afrika |
Cagiva
Motor Italia |
Cagiva |
| 21 |
Alan
North, Zuid-Afrika * |
|
Suzuki |
| 22 |
Carlos
Lavado, Venezuela * |
Yamaha
Marlboro |
Yamaha |
| 23 |
Fabio
Biliotti, Italië |
Moto
Club Condor |
Honda
RS |
| 24 |
David
Dean, Engeland |
|
Suzuki/Yamaha |
| 25 |
Raymond
Roth, West-Duitsland * |
|
Suzuki |
| 25 |
Rob
McElnea, Engeland * |
Heron
Team Suzuki |
Suzuki |
| 26 |
Mike
Baldwin, USA * |
|
Honda
RS |
| 27 |
Eddie
Lawson, USA |
Yamaha
Marlboro |
Yamaha
OW70 |
| 28 |
Dave
Petersen, Denemarken * |
|
Suzuki |
| 28 |
Giovanni
Pelletier, Italië |
Hirt
Giapauto |
Honda |
| 29 |
Iwao
Ishikawa, Japan
(†) |
|
Suzuki |
| 30 |
Jack
Middelburg, Nederland # |
Stichting
Nederlands Racing Team |
Honda
RS |
| 31 |
Andreas
Hofmann, Zwitserland |
|
Suzuki |
| 31 |
Paul
Lewis, Australië * |
Heron
Team Suzuki |
Suzuki |
| 32 |
Seppo
Rossi, Finland * |
|
Suzuki |
| 32 |
Peter
Huber, Zwitserland * |
|
Suzuki |
| 33 |
Philipe
Robinet, Frankrijk * |
|
Suzuki |
| 34 |
Jean
Lafond, Frankrijk # |
|
Suzuki |
| 34 |
Alfons
Amerschläger, West-Duitsland |
|
Suzuki |
| 35 |
Raymond
Roche, Frankrijk # |
|
Honda
RS / NS |
| 35 |
Wolfgang
Schwarz, West-Duitsland |
ES
Motorradzubehor Racing Team |
Suzuki |
| 36 |
Eric
Saul, Frankrijk
#*
|
|
Honda |
| 36 |
Walter
Hofmann, West-Duitsland * |
Deutsche
Tecalemit |
Suzuki |
| 37 |
Paolo
Ferretti, Italië * |
Team Lumaca |
Suzuki/Yamaha |
| 38 |
Leandro
Becheroni, Italië # |
|
Suzuki |
| 38 |
Dieter
Klopfer, West-Duitsland * |
Deutsche
Tecalemit |
DIKO-eigenbouw |
| 38 |
Jean-Philippe
Delers, België # |
|
Yamaha |
| 39 |
Guido
Paci, Italië
(†) |
|
Honda
RS |
| 39 |
Marco
Antonio, Brazilië |
|
Suzuki |
| 39 |
Gerhard
Treusch, West-Duitsland * |
ES
Motorradzubehor Racing Team |
Suzuki |
| 40 |
Walter
Migliorati, Italië * |
|
Suzuki |
| 40 |
Manfred
Fisher, West-Duitsland * |
Dieter
Braun Team |
Suzuki |
| 41 |
Philippe
Coulon, Zwitserland # |
Marlboro |
Suzuki |
| 41 |
Klaus
Klein, West-Duitsland * |
Dieter
Braun Team |
Suzuki |
| 42 |
Alain
Roethlisberger,
Zwitserland #
|
|
Yamaha |
| 42 |
Franck
Gross, Frankrijk # |
|
|
| 43 |
Steve
Parrish, Engeland # |
Mitsui
Yamaha |
Yamaha |
| 45 |
Dennis
Ireland, Nieuw Zeeland # |
Padgetts
of Batley |
Suzuki |
| 45 |
Mark
Salle, Engeland * |
Royal
Cars |
Suzuki |
| 46 |
Stu
Avant, Nieuw Zeeland # |
BP
Oil (UK) |
Suzuki |
| 46 |
Walter
Migliorati, Italië * |
Moto
Club Carate |
Suzuki |
| 47 |
Keith
Huewen, Engeland # |
Heron
Team Suzuki |
Suzuki
RG |
| 47 |
Norman
Brown,
Noord-Ierland
(†) * |
|
Suzuki |
| 47 |
Roger
Marshall, Engeland *# |
Honda
Britain Racing |
Honda |
| 48 |
Franz
Kaserer, Oostenrijk # |
MO-Motul
Racing Team |
Suzuki |
| 48 |
Gary
Lingham, Engeland |
|
Suzuki |
| 49 |
Chris
Guy, Engeland # |
|
Suzuki |
| 50 |
Peter
Sjöström, Zweden # |
Jeb’s
Helmet Sweden |
Suzuki |
| 50 |
Bent
Slydal, Noorwegen * |
|
Suzuki |
| 51 |
Wayne
Gardner, Australië #* |
Honda
Britain Racing |
Honda
RS |
| 51 |
Henk
de Vries, Nederland #* |
Henk
de Vries Motoren |
Suzuki |
| 51 |
Johan
(Bobo) van Eijk, Nederland #* |
|
Suzuki |
| 51 |
Ernst
Gschwender, West-Duitsland #* |
MO-Motul
Racing Team |
Suzuki |
| 52 |
Eero
Hyvärinen, Finland # |
|
Suzuki |
| 52 |
Victor
Palomo, Spanje * |
|
Suzuki |
| 53 |
Börge
W. Nielsen, Denemarken # |
|
Suzuki |
| 53 |
Tomic
Mladen, West-Duitsland * |
Matheis
u. Klose |
Yamaha |
| 57 |
Rinus
van Kasteren, Nederland * |
|
Suzuki |
| 58 |
Rob
Punt, Nederland * |
M
. Woestenburg |
Suzuki |
| 59 |
Maurizio
Massimiani, Italië # |
Honda
Italia |
Honda
RS |
| 59 |
Bent
Slydal, Noorwegen |
|
|
| |
Peter
Huber,
Zwitserland
(†)
* |
|
|
|
|
|
|
| †
Om het leven gekomen tijdens het seizoen 1983 |
|
*
Wildcardrijder
|
|
# Jack Middelburg reed ook met nummer 22 |
# Loris Reggiani reed ook
met nummer 33 |
|
# Ron Haslam reed ook met nummers 34, 35, 43, 44 en 47 |
# Peter
Sjöstrom reed
ook met nummers 41, 49, 53 en 57 |
|
# Keith Huewen reed ook met nummers 29, 54 en 55 |
# Wayne
Gardner reed ook
met nummer 38 |
| # Raymond
Roche reed ook met nummer 52 |
# Ernst Gschwender reed ook
met nummers 33, 40 en 48 |
|
# Leandro Becheroni reed ook met nummers 35, 39, 49 en 55 |
# Borge Nielsen reed ook met nummer 54 |
|
# Philippe Coulon reed ook met nummers 33, 37, 46 en 49 |
# Stu Avant reed ook met nummers 34, 40 en 47 |
|
# Steve Parrish reed ook met nummers 26, 42 en 48 |
# Chris Guy reed ook met nummers 41, 43 en 58 |
|
# Maurizio Massimiani reed ook met nummer 52 |
# Eero Hyvärinen reed ook met nummers 42, 45 en 51 |
|
# Jean Lafond reed ook met nummer 46 |
# Dennis Ireland reed ook met nummer 44 |
|
# Borge W. Nielsen reed ook met nummer 47 |
# Franz Kaserer reed ook met nummers 45 en 52 |
|
# Eric Saul reed ook met nummer 39 |
# Roger Marshall reed ook met nummer 41 |
|
# Franck Gross reed ook met nummers 44 en 50 |
# Henk de Vries reed ook met nummer 55 |
|
# Johan van Eijk reed ook met nummer 56 |
# Alain Roethlisberger reed ook met nummer 50 |
| |
|
|

|
|
De Zwitsers Philippe Coulon & Sergio Pellandini in 1983. |
|
 |
|
Podium
500cc Kyalami, Haslam, Spencer & Roberts. |
Jack liet de 1e
GP van het seizoen, in Zuid-Afrika, aan zich voorbij gaan,
voornamelijk omdat de Honda's te laat tot zijn beschikking waren en er
geen geldschieter werd gevonden. Pas op het allerlaatste moment, een
week voor Le Mans, kwam alles toch nog rond. De Grote Prijs op
het circuit van Kyalami was nieuw toegevoegd aan het Grand-Prix seizoen.
De Honda's leken na deze race een flinke gooi naar het
wereldkampioenschap te kunnen gaan doen. Freddie Spencer won de race
voor Kenny Roberts en de debutant in de 500cc klasse op de
fabrieks-Honda, de zeer ervaren Superbiker, Ron Haslam uit Engeland. Barry
Sheene werd met zijn come-back, na de crash op Silverstone
van 1982 verdienstelijk tiende op zijn productiemachine. De eerste race had nl. wel
aangetoond dat er voor de privé-rijders weer niet veel te halen zou
zijn dit seizoen.
|
Uitslag & trainingstijden 500cc Kyalami |
 |
| |
|

|
|
Marco
Lucchinelli in zijn nieuwe outfit. |
|
|
Pos |
Rijder |
Machine |
Ronden |
Verschil |
Grid |
Trainingstijd |
|
1 |
Freddie Spencer |
Honda |
30 |
43:58.5 |
1e |
1.26.35 |
|
2 |
Kenny Roberts |
Yamaha |
30 |
7.2 |
4e |
1.26.95 |
|
3 |
Ron Haslam |
Honda |
30 |
13.3 |
5e |
1.27.18 |
|
4 |
Marc Fontan |
Yamaha |
30 |
13.5 |
10e |
1.28.15 |
|
5 |
Randy Mamola |
Suzuki |
30 |
28.4 |
8e |
1.27.80 |
|
6 |
Franco Uncini |
Suzuki |
30 |
37.7 |
7e |
1.27.67 |
|
7 |
Raymond Roche |
Honda |
30 |
41.5 |
12e |
1.28.44 |
|
8 |
Eddie Lawson |
Yamaha |
30 |
42.4 |
2e |
1.26.64 |
|
9 |
Marco Lucchinelli |
Honda |
30 |
45.4 |
6e |
1.27.47 |
|
10 |
Barry Sheene |
Suzuki |
30 |
1:08.3 |
13e |
1.28.50 |
|
11 |
Loris Reggiani |
Suzuki |
30 |
1:09.7 |
18e |
1.29.50 |
|
12 |
Sergio Pellandini |
Suzuki |
30 |
1:13.8 |
16e |
1.29.42 |
|
13 |
Maurizio Massimiani |
Honda |
29 |
1 Ronde |
21e |
1.30.31 |
|
14 |
Fabio Biliotti |
Honda |
29 |
1 Ronde |
14e |
1.29.15 |
|
15 |
Virginio Ferrari |
Cagiva |
29 |
1 Ronde |
19e |
1.29.90 |
|
16 |
Marco Greco |
Suzuki |
29 |
1 Ronde |
20e |
1.30.23 |
|
17 |
Jon Ekerold |
Cagiva |
29 |
1 Ronde |
27e |
1.31.60 |
|
18 |
Corrado Tuzii |
Honda |
29 |
1 Ronde |
23e |
1.30.68 |
|
19 |
Gary Lingham |
Suzuki |
29 |
1 Ronde |
28e |
1.31.83 |
|
20 |
Steve Parrish |
Yamaha |
29 |
1 Ronde |
26e |
1.31.53 |
|
21 |
Alfons Amerschläger |
Suzuki |
28 |
2 Ronden |
29e |
1.32.87 |
|
22 |
Wolfgang Schwarz |
Suzuki |
28 |
2 Ronden |
30e |
1.33.71 |
|
- |
Takazumi Katayama |
Honda |
26 |
Uitgevallen |
3e |
1.26.38 |
|
- |
Gustav Reiner |
Suzuki |
15 |
Uitgevallen |
22e |
1.30.61 |
|
- |
Chris Guy |
Suzuki |
10 |
Uitgevallen |
15e |
1.29.22 |
|
- |
Boet van Dulmen |
Suzuki |
10 |
Uitgevallen |
25e |
1.30.99 |
|
- |
Leandro Becheroni |
Suzuki |
9 |
Uitgevallen |
11e |
1.28.38 |
|
- |
Michel Frutschi |
Honda |
8 |
Uitgevallen |
9e |
1.28.09 |
|
- |
Guido Paci |
Honda |
8 |
Uitgevallen |
17e |
1.29.43 |
|
- |
Wolfgang Von Muralt |
Suzuki |
0 |
Niet gestart |
24e |
1.30.99 |
 |
Motor RAI februari 1983, de fabrieks Yamaha model '82 van Kenny
Roberts. Op de achtergrond grote poster met Jack aan de leiding van
de Belgische Grand Prix van 1982 op Francorchamps.
|
|
DE
TELEGRAAF, zaterdag 28 maart 1983 |
| Middelburg
laat zich niet meer gek maken |
| (door
Peter Boekhoudt) |
Wat
er ook gebeurt, Jack Middelburg krijgen ze dit seizoen niet meer
gek! Terugkijkend op een totaal mislukt racejaar 1982, is voor
de coureur nog maar één ding belangrijk en dat is racen. Geen
te groot gegroeide raceteams met twee coureurs en talloze
betweters, maar gewoon zoals het vroeger was, sleutelen in de
schuur en na bijna zeven maanden stil gestaan te hebben,
eindelijk weer eens presteren. Debuterend op zijn
productie-Honda wil Jack Middelburg bewijzen vanaf de Grand Prix
van Frankrijk, morgen op het circuit van Le Mans, ook nog meer
te kunnen met een motor dan eraf te vallen. Na de trainingen relaxed
genietend van een kop koffie verteld hij: ,,De enorme druk van
vorig jaar is weg. Het was alleen maar praten over presteren en
toen die prestaties niet kwamen, bleef alleen nog dat
hinderlijke tegen me aan kletsen over. En juist, terwijl ik echt
niets kon doen aan die mislukkelingen. Iedereen had het erover
dat ik voortdurend crashte, maar tijdens een race ben ik er maar
twee keer afgegaan. En kijk, zoals het nu gaat. Een tweede
training van vandaag was veel sneller dan de eerste en daar had
ik heus niet op gerekend". Oorzaak van deze twijfels is het
feit dat de 500cc coureur pas in een heel laat stadium hoorde,
de beschikking te krijgen over zijn Honda's. Opgenomen in de
stichting Dutch National Racing Team raakt hij in één klap uit
de sponsorzorgen, maar een ideale preparatie op het nieuwe
seizoen was het natuurlijk bepaalt niet! Middelburg: ,,Ik heb
die fietsen veel te laat gekregen. Deze twee trainingen hier
waren de eerste gelegenheid voor mij om ze uit te testen. Daarom
zal ik voorlopig rustig aan doen. Eerst kijken hoe de
mogelijkheden zijn en dan zien we wel verder. De Japanners
hebben door laten schemeren dat ze wel blij met mij zijn op hun
Honda's". Bekeken taal voor een coureur met de
schilderachtige naam 'Jumping Jack'. Hij zegt verder: ,,Je leert
natuurlijk veel van zo'n jaar. Ik heb nu alleen maar te maken
met mijn manager Jan Muis, en elke maand krijg ik keurig netjes
mijn salaris betaald. Ook is mijn contact met de monteurs veel
beter. Als er iets was met de Suzuki's, moest ik naar Apeldoorn,
waar mijn sponsor zat en daar liep ik vervolgens na een half uur
weer de deur uit. Ik ben er nu weer direct bij betrokken en dat
werkt uitstekend tot nu toe". De beste illustratie van de
"andere" Jack Middelburg blijkt uit het volgende: ,,In
1982 werd me aangepraat dat ik Daytona makkelijk kon winnen.
Morgen zal ik blij zijn als ik vijftiende word. Alles wat daar
boven zit is pure winst en dat woord heb ik al lang niet meer in
de mond durven nemen". |
|
| 03-04-1983
Grand Prix Frankrijk, Le Mans |



|
3 april 1983, Grand Prix
Frankrijk, circuit Le Mans
|
|
Trainingstijden
50cc |
Trainingstijden
125cc |
Trainingstijden
250cc |
Trainingstijden
500cc |
| 1. |
Eugenio Lazzarini |
2.04.12 |
1. |
Ricardo Tormo |
1.51.24 |
1. |
Christian Sarron |
1.42.97 |
1. |
Kenny Roberts |
1.36.80 |
| 2. |
Stefan Dörflinger |
2.08.49 |
2. |
Eugenio Lazzarini |
1.51.91 |
2. |
Patrick
Fernandez |
1.43.99 |
2. |
Freddie Spencer
|
1.37.04 |
| 3. |
Theo Timmer |
2.08.93 |
3. |
Fausto Gresini |
1.53.55 |
3. |
Martin Wimmer |
1.44.33 |
3. |
Ron
Haslam |
1.37.64 |
| 4. |
Hagen Klein |
2.11.33 |
4. |
Bruno Kneubühler |
1.53.67 |
4. |
Jacques Cornu |
1.44.35 |
4. |
Eddie
Lawson
|
1.38.06 |
| 5. |
Gerhard Bauer |
2.11.64 |
5. |
Esa Kytölä |
1.53.95 |
5. |
Christian Estrosi |
1.44.96 |
5. |
Marco Lucchinelli
|
1.38.77 |
| 6. |
Claudio Lusuardi |
2.12.43 |
6. |
Angel Nieto |
1.54.02 |
6. |
Jean-Louis Tournadre |
1.45.13 |
6. |
Franco Uncini
|
1.39.27 |
| 7. |
Hans-Jürgen
Hummel |
2.12.56 |
7. |
August Auinger |
1.54.30 |
7. |
Pierre Bolle |
1.45.18 |
7. |
Randy Mamola |
1.39.28 |
| 8. |
Hans Koopman |
2.12.60 |
8. |
Willy Pérez |
1.54.42 |
8. |
Didier de Radiguès |
1.45.35 |
8. |
Barry
Sheene |
1.39.41 |
| 9. |
Paul Rimmelzwaan |
2.13.11 |
9. |
Johnny Wickström |
1.54.54 |
9. |
Sito Pons |
1.45.36 |
9. |
Marc
Fontan |
1.39.78 |
| 10. |
Rainer Scheidhauer |
2.13.29 |
10. |
Stefan Dörflinger |
1.54.55 |
10. |
Gabriel
Gabria |
1.45.42 |
10. |
Raymond Roche |
1.39.92 |
| 11. |
Hans Spaan |
2.13.34 |
11. |
Jean-Claude Selini |
1.54.73 |
11. |
Jacques Bolle |
1.45.68 |
11. |
Leandro Beccheroni |
1.39.92 |
| 12. |
George Looijesteijn |
2.14.41 |
12. |
Jikka Jaakkola |
1.55.02 |
12. |
Guy
Bertin |
1.45.83 |
12. |
Virginio Ferrari |
1.40.42 |
| 13. |
Stefan Danielsson |
2.15.29 |
13. |
Hans Müller |
1.55.23 |
13. |
Carlos Lavado |
1.45.85 |
13. |
Boet van Dulmen |
1.40.47 |
| 14. |
Joe Genoud |
2.16.26 |
14. |
Rolf
Rüttimann |
1.56.14 |
14. |
Thierry Rapicault |
1.45.93 |
14. |
Jack
Middelburg
|
1.40.52 |
| 15. |
Massimo de Lorenzi |
2.16.42 |
15. |
Lucio Pietroniro |
1.56.28 |
15. |
Jean-Michel
Mattioli |
1.45.97 |
15. |
Steve Parrish |
1.40.58 |
| 16. |
Yves Le Toumelin |
2.17.24 |
16. |
Libero Piccirillo |
1.56.37 |
16. |
Jean
Foray |
1.46.05 |
16. |
Keith Huewen |
1.40.72 |
| 17. |
Rainer Kunz |
2.17.34 |
17. |
Pierluigi Aldrovandi |
1.56.42 |
17. |
Tadasu
Ikeda |
1.46.11 |
17. |
Chris Guy |
1.40.89 |
| 18. |
Paolo Priori |
2.18.00 |
18. |
Stefano Caracchi |
1.56.64 |
18. |
Jean-François Baldé |
1.46.12 |
18. |
Michel
Frutschi |
1.41.20 |
| 19. |
Paul Bordes |
2.19.06 |
19. |
Andreas Sanches-Marin |
1.56.77 |
19. |
Bruno Lüscher |
1.46.19 |
19. |
Takazumi Katayama |
1.41.21 |
| 20. |
Ingo Emmerich |
2.19.21 |
20. |
Henk van Kessel |
1.57.04 |
20. |
Tony Head |
1.46.20 |
20. |
Sergio
Pellandini |
1.41.34 |
| 21. |
Claude Delarbre |
2.19.23 |
21. |
Gerhard Waibel |
1.57.29 |
21. |
Harald Eckl |
1.46.22 |
21. |
Philippe Coulon
|
1.41.38 |
| 22. |
Gerhard Singer |
2.19.35 |
22. |
Hans
Spaan |
1.57.34 |
22. |
Carlos Cardus |
1.46.34 |
22. |
Jean
Lafond |
1.41.45 |
| 23. |
Zdravko Matulja |
2.19.57 |
23. |
Anton Straver |
1.57.46 |
23. |
Roland Freymond
|
1.46.34 |
23. |
Wolfgang von Muralt |
1.41.75 |
| 24. |
Philippe Linares |
2.19.59 |
24. |
Thomas
Pedersen |
1.57.56 |
24. |
Reinhold Roth |
1.46.39 |
24. |
Guido
Paci |
1.41.97 |
| 25. |
Reiner Koster |
2.21.30 |
25. |
Peter Sommer |
1.57.58 |
25. |
Jean-Marc Toffolo |
1.46.42 |
25. |
Eero Hyvärinen
|
1.41.97 |
| 26. |
Kasimir
Rapczynski |
2.21.42 |
26. |
Alfred
Waibel |
1.57.64 |
26. |
Robles |
1.46.42 |
26. |
Peter
Sjöström |
1.42.51 |
| 27. |
Henri Laporte |
2.21.68 |
27. |
Joe Genoud |
1.57.94 |
27. |
Paolo Ferretti |
1.46.50 |
27. |
Didier de Radiguès |
1.42.58 |
| 28. |
Jean-Marc Velay |
2.21.76 |
28. |
Antonio Boronat |
1.58.11 |
28. |
Thierry Espié |
1.46.51 |
28. |
Ernst
Gschwender |
1.42.66 |
| 29. |
Ramon Gali |
2.22.58 |
29. |
Maurizio Vitali |
1.58.38 |
29. |
Patrick Igoa |
1.46.58 |
29. |
Gustav
Reiner
|
1.42.68 |
| 30. |
Mika-Sakari Komu |
2.22.89 |
30. |
Bady Hassaine |
1.58.54 |
30. |
Patrick Chatelet |
1.47.02 |
30. |
Alain
Roethlisberger
|
1.42.92 |
| 31. |
Klaus Kull |
2.23.13 |
31. |
Patrick Daudier |
1.58.55 |
31. |
Alan Carter |
1.47.03 |
31. |
Maurizio Massimiani |
1.43.01 |
| 32. |
Hans-Joachim Ritter |
2.23.15 |
32. |
Pierpaolo Bianchi |
1.58.72 |
32. |
Bernard Fau |
1.47.16 |
32. |
Louis-Luc Maisto
|
1.43.01 |
| 33. |
Joaquin Gali |
2.23.34 |
33. |
Willi
Hupperich |
1.58.74 |
33. |
Iván
Palazzese |
1.47.18 |
33. |
Paolo Ferretti |
1.43.49 |
| 34. |
Gérard Velay |
2.24.09 |
34. |
Patrick Lagrive |
1.58.82 |
34. |
Edwin Weibel |
1.47.21 |
34. |
Walter
Magliorati
|
1.43.54 |
| 35. |
Chris Baert |
2.24.41 |
35. |
Per-Edvard Carlsson |
1.58.86 |
35. |
Donnie Robinson
|
1.47.21 |
35. |
Andreas
Hofmann |
1.43.90 |
| 36. |
Jos van Dongen |
2.24.75 |
36. |
Helmut Lichtenberg |
1.58.92 |
36. |
Jean-Louis Guignabodet |
1.47.27 |
36. |
Jon
Ekerold |
1.43.93 |
|
37. |
Giuseppe Ascareggi |
1.58.96 |
|
37. |
Stu Avant |
1.43.95 |
|
38. |
Antonio
Grecco |
1.45.87 |
|
 |
|
© MOTOR Magazine
|
Dus
de tweede GP van het seizoen zou Jack zijn allereerste race van het nieuwe seizoen
worden en zijn debuut op een Honda. Hij zette de veertiende trainingstijd neer
(niet slecht als je bedenkt dat het de eerste meters waren die Jack op
de Honda reed, omdat de zaak met de Honda's net rond was gekomen voor Le
Mans). De weersomstandigheden waren, eind
maart op het Franse circuit van Le Mans, zeer slecht te noemen. Het zou
een trieste GP worden. Vele valpartijen, waardoor Katayama, Reggiani en
Van Dulmen niet van start konden gaan in de 500cc klasse. Jack was
overigens wel één van de eersten die bij het team van Van Dulmen ging
informeren hoe zijn toestand was na de valpartij. Dat was Jack! Tijdens de training verongelukte de Japanse
coureur Iwao
Ishikawa (10 november 1955 - † 29 maart 1983).
Ishikawa was één van de officiële testrijders van Suzuki en hij was
in 1982 o.a. in Silverstone van de partij. Daarna vertrok hij weer naar
Japan en kreeg Jack zijn testmachines tot zijn beschikking. Het ongeval vond
tijdens de vrije trainingen plaats en gebeurde op een stuk, waar men vol
moet remmen voor een scherpe bocht. Ten tijde van de dramatische gebeurtenis
reed de Japanner op de ideale lijn en wilde hij gewoon de bocht
insteken, toen Loris Reggiani met hoge snelheid aan de zijkant tegen hem
aan reed. De gevolgen waren fataal, want Ishikawa overleed enkele uren
later aan schedelletsel. Later bleek dat de remmen van Reggiani hadden geweigerd.
Men vond in de berm van het circuit één van de remblokjes van de
Suzuki. Reggiani kwam er eveneens slecht vanaf, want de HB-fabrieksrijder
brak een arm en een been op totaal meer dan zeven plaatsen! Hij zou pas aan het einde van het seizoen weer aan de GP's
kunnen deelnemen. Ishikawa, die twee maanden daarvoor in het huwelijk was getreden,
was door Suzuki belast met het testen van speciale onderdelen voor de
productieracers. Bij de start van de race
in Le Mans sloeg de Suzuki van Randy
Mamola niet snel aan
en hij werd van achteren geramd door de Zwitser Sergio Pellandini, die
hem niet had gezien. Mamola werd daarbij ook nog over zijn voet gereden
door Guido Paci en moest zijn motor na een rondje aan de kant zetten,
waar later bleek dat hij een botje in zijn voet had gebroken. Ook Eddie
Lawson kreeg zijn portie te verwerken, ook hij kreeg zijn Yamaha niet
aan de praat en werd ook door een rijder uit het achterveld getoucheerd
en verloor hierbij zijn clip-on. Ook einde race. Franco Uncini kreeg
zijn Suzuki helemaal niet aan de praat en was dus ook al bij de start
uitgeschakeld. Degenen die geen startproblemen hadden waren de
Honda-motoren, deze waren als een speer weg en verdeelden alle 3 de
posities op het erepodium, een onvervalste hattrick dus. Spencer voor
Lucchinelli en Haslam. Katayama was niet gestart, zoals gezegd, anders
had het misschien wel nr. 1 t/m 4 geweest, nu mocht Kenny Roberts deze
plek 'in ontvangst' nemen.
 |
|
1980:
Michel Frutschi (rechts) met Patrick Pons, die ook om het leven
kwam tijdens een GP (Silverstone 1980). |
 |
|
|
Tijdens de race kwam
Michel
Frutschi ten
val, en overleed aan zijn verwondingen opgelopen nadat hij een paal van de
vanghekken raakte. In 1979 was Frutschi tweede geworden in de eindstand
van het F750 WK en vijfde
in de klasse 350cc, verder won de Zwitser, in 1982, de door de toppers gestaakte
GP op Nogaro in de halveliterklasse. Het was dus een zeer treurige GP, die twee doden
'opleverde'. En Jack dan? Die stuurde in een bekeken race zijn Honda
naar een 10e plaats en scoorde zo zijn 1e puntje van het seizoen, dat
was helemaal niet verkeerd, want Jack had 6 maanden
geen motor meer aangeraakt. Was van de winter eindelijk bevrijdt van al
zijn inwendige ijzerwaren en had daarna wel veel gedaan om zijn conditie
op peil te brengen. Ook waren de Honda's weer helemaal vreemd voor hem,
dus onder die omstandigheden was de 10e plek een prima opsteker. Ook
voor Albert Siegers was het sleutelen aan de Honda's nog erg wennen, hij
vond het een stuk moeilijker dan aan de Suzuki's. Er vond ook een
discussie plaats m.b.t. deze Honda's, omdat de coureurs die erop
reden nogal veelvuldig er naast lagen en zowel Guido Paci (17 december 1949 - † 10 april 1983) als Michel
Frutschi (6 januari 1953 - † 3 april 1983) in het begin van het seizoen de dood vonden tijdens deze
valpartijen. Paci kwam een week na de GP van Le Mans hard ten val
tijdens de 200-miles race op Imola en zou in het noodhospitaal op het
rennerskwartier overlijden. Overigens waren de races in Le Mans een record aantal
ongevallen te tellen, 73 stuks nl., dit had ook met de slechte
weersomstandigheden te maken.
|
Deelnemers
500cc Le Mans |
|
1. |
Franco Uncini |
16. |
Anton Mang |
29. |
Iwao Ishikawa |
42. |
Alain
Roethlisberger |
|
3. |
Freddie Spencer |
17. |
Gustav Reiner |
30. |
Jack Middelburg |
43. |
Steve Parrish |
|
4. |
Kenny Roberts |
18. |
Didier de
Radiguès |
31. |
Andreas Hofman |
44. |
Ron Haslam |
|
5. |
Randy Mamola |
19. |
Wolfgang von
Muralt |
32. |
Seppo Rossi |
45. |
Dennis Ireland |
|
6. |
Takazumi
Katayama |
20. |
Jon Ekerold |
33. |
Philipe Robinet |
46. |
Stu Avant |
|
7. |
Barry Sheene |
21. |
Alan North |
34. |
Jean Lafond |
47. |
Keith Huewen |
|
8. |
Marco
Lucchinelli |
22. |
Carlos Lavado |
35. |
Raymond Roche |
48. |
Gary Lingham |
|
10. |
Marc Fontan |
23. |
Fabio Biliotti |
36. |
Eric Saul |
49. |
Chris Guy |
|
11. |
Virginio Ferrari |
24. |
David Dean |
37. |
Paolo Ferretti |
50. |
Peter
Sjöstrom |
|
12. |
Boet van Dulmen |
25. |
Raymond Roth |
38. |
Leandro
Beccheroni |
51. |
Ernst Gschwender |
|
13. |
Loris Reggiani |
26. |
Mick Baldwin |
39. |
Guido Paci |
52. |
Eero Hyvärinen |
|
14. |
Michel Frutschi |
27. |
Eddie Lawson |
40. |
Walter
Migliorati |
53. |
Börge Nielsen |
|
15. |
Sergio
Pellandini |
28. |
Dave Petersen |
41. |
Philippe Coulon |
|
Marco Greco |
|
|
|
|
|
|
|
|
Maurizio
Massimiani |
 |
|
Le
Mans: Jack op jacht naar Wolfgang von Muralt en Guido
Paci. |
 |
|
© MOTOR Magazine |
 |
 |
|
De Italiaanse
Suzuki-fabriekscoureur, Loris Reggiani, in 1983. |
|

|
|

|
|
Sergio Pellandini (#15) rijdt
bij de start Randy Mamola (#6) aan, Jack (#30) is goed weg,
terwijl Franco Uncini (#1) en Eddie Lawson (#27) hun motoren niet
aankrijgen. |
|
Verder op de
foto's: Marc Fontan (#10), Steve Parrish (#43), Didier de Radiguès(#18),
Guido Paci (#39) en Michel Frutschi (#14). De laatste twee waren dus
bezig aan een van de laatste races in hun leven, voor Frutschi
zelfs zijn allerlaatste.... |
500cc: slagveld bij de start
Was de 250cc race sensationeel geëindigd, de 500cc race begon zo mogelijk nog sensationeler! De plaatsen van
Van Dulmen en Katayama (beiden geblesseerd na val in de training) bleven leeg, een
feit dat Mamola en Lawson later sterk zouden betreuren. Sergio Pellandini had daardoor
alle ruimte om een raketstart te maken, maar de Zwitser zag daarbij even over het
hoofd dat lang niet alle fabrieksfietsen ook bij het eerste duwtje
aanslaan. Mamola realiseerde zich het gevaar toen hij geramd werd door
Pellandini. "Ik sprong als een haas in het zadel, maar voordat ik zat reed
Paci over m'n rechtervoet. Na een langzaam gereden rondje kwam Mamola met een sterk gezwollen voet de pits binnen, waar Dr. Costa een gebroken botje
constateerde. "Een ramp", kankerde de rossige Amerikaan. "Dat geintje kost me 25.000 dollar, want ik had voor Monza
nog in Donington willen racen. Nu moet ik die wedstrijd laten schieten, omdat ik m'n been 10 dagen lang niet mag belasten."
Eddie Lawson, samen met
Haslam, Spencer en Roberts (pole-position) op de eerste startrij, kreeg ook zijn portie te verwerken. Zijn Yamaha sloeg helemaal niet aan en
terwijl hij al duwend door Mamola richting muur gedreven werd, kwam de
Braziliaanse, reserverijder, Marco Greco als een sprinter vanaf de achterste rij
naar voren schieten, om pardoes de rechter clip-on van Lawson's fiets af te rammen.
"Rijden, rijden!", schreeuwde teamchef Giacomo Agostini fanatiek tegen de
verbijsterde Lawson. Zwijgend stak de Amerikaan de clip-on omhoog als een
stil protest. "Probeer het zelf maar!" was zijn laconieke commentaar.
In enkele seconden was het startveld ontdaan van enkele coryfeeën. Lawson langs de kant, Mamola een gebroken voet en Franco
Uncini, na een vergeefse duwstart, in de pits voor een bougiewissel.
Uncini: "Gallina had een zeer lange eerste versnelling gemonteerd. Daardoor moest ik wat langer duwen.
Helaas lukte dat niet, omdat de weg voor mij geblokkeerd werd door anderen. Na
alle ellende in Kyalami (GP Zuid-Afrika) en hier, kan dit er nog wel bij!"
Het Gallinateam kampt nog steeds met grote stuurproblemen. Uncini reed in Le Mans
uiteindelijk met een nieuw blok in een '82-er model frame.
Randy Mamola startte wel met de nieuwe XR45, maar was eveneens ontevreden over de
stuureigenschappen. "Waarschijnlijk heb ik in Monza een nieuw frame. Zo niet, dan gebruik
ik ook de '82-er."
Dankzij het razendsnelle aanslaan, zaten de Honda fabrieksrijders
allen voorin. Spencer pakte de kop, gevolgd door Haslam, Roche (later gevallen),
Lucchinelli en Roberts. Al snel ontspon zich een duel tussen Roberts en Spencer, dat Kenny
in zijn voordeel besliste, totdat hij in de dertiende ronde terugviel door gescheurde
uitlaten. Freddie
Spencer pakte opnieuw de kop, terwijl ook Marco Lucchinelli en Ron Haslam de vleugellamme
Kenny Roberts voorbij gingen. De race leek echt dramatisch te eindigen voor
Roberts toen ook Marc Fontan hem voorbij ging en Keith Huewen en Barry Sheene dicht bij hem in de buurt kwamen. In de
slotfase begon Kenny's fiets echter weer
wat beter te lopen en vocht hij zich terug naar de vierde plaats. Huewen wist zijn Suzuki
in de twee laatste ronden voorbij de fabrieks-Yamaha van Fontan te sturen
(Fontan verloor ook veel vermogen door kapotte uitlaten), terwijl Barry Sheene net enkele meters te kort kwam op
Fontan.
 |
 |
 |
|
Voor de start
van de 500cc in Le Mans, toen nog zonder "pitspoezen", maar
wel veel fotografen. Tussen hen zijn o.a. Ron Haslam, Barry
Sheene en Marco Lucchinelli te zien. |
Start met
Lawson, Haslam, Spencer, Mamola, Uncini, Lucchinelli, Fontan,
Sheene en Ferrari. |
Randy Mamola en
Franco Uncini bekijken de schade. |
 |
|
Jack vertrekt
linksboven, terwijl in het midden Randy Mamola aan zijn
Suzuki hangt en links van hem Guido Paci (wit-roze overall)
hem even later over zijn voet zal rijden. Sergio Pellandini
probeert het op zijn voorwiel, terwijl Gustav Reiner tussen
Pellandini en de nog duwende Franco Uncini door gaat
schieten. Links loopt ook Eddie Lawson nog te duwen. |
|
©
Glen McConnachie
Klik voor vergroting van onderste foto. |
 |
|
Keith
Huewen,
hier in de training op Le Mans, werd 5e, zijn beste prestatie
ooit. |
Achtste en negende
werden Guido Paci en Sergio Pellandini voor Jack Middelburg, die zijn
eerste WK-puntje verdiende. 'Ik heb mijn tempo in het begin expres laag
gehouden en weinig risico genomen', sprak Jack, die constant dezelfde
rondetijden op de klokken bracht. Hij was tevreden met de uitslag en
vertrok snel naar Ammerzoden, waar de volgende dag weer geraced moest
worden. Jack lijkt het seizoen aanmerkelijk voorzichtiger te benaderen
dan vorig jaar.
Opvallend snel waren in Le Mans de Cagiva's. Virginio Ferrari en Jon Ekerold reden nog op de oude fietsen, maar motorisch
heeft men plotseling een enorme stap vooruit gemaakt. Ferrari moest na een sterk begin
uiteindelijk met pech opgeven. Ekerold had een zeer slechte start. In Monza hoopt
Cagiva de nieuwe fietsen racerijp te hebben.
 |
|
|
Le
Mans, 1e ronde 500cc: Spencer (3) Haslam (9), Roche (35),
Lucchinelli (5), Roberts (4), Ferrari (11), Frutschi (14),
Huewen (47), Sheene (7), Jack en Fontan.
|
|
|
|
Uitslag &
trainingstijden 500cc klasse Le Mans |
 |
|
Guido
Paci achtste in Le Mans op zijn nieuwe Honda. een week
later zou hij na een val in de Imola 200 overlijden. |
|
| |
Rijder |
Machine |
Ronden |
Tijd/Verschil |
Grid |
Trainingstijd |
|
1 |
Freddie Spencer |
Honda |
29 |
47:47.90 |
1e |
1.37.04 |
|
2 |
Marco Lucchinelli |
Honda |
29 |
14.99 |
5e |
1.38.77 |
|
3 |
Ron Haslam |
Honda |
29 |
36.28 |
3e |
1.37.64 |
|
4 |
Kenny Roberts |
Yamaha |
29 |
44.11 |
1e |
1.36.80 |
|
5 |
Keith Huewen |
Suzuki |
29 |
44.85 |
16e |
1.40.72 |
|
6 |
Marc Fontan |
Yamaha |
29 |
45.72 |
9e |
1.39.78 |
|
7 |
Barry Sheene |
Suzuki |
29 |
46.09 |
8e |
1.39.41 |
|
8 |
Guido Paci |
Honda |
29 |
1:30.19 |
24e |
1.41.97 |
|
9 |
Sergio Pellandini |
Suzuki |
29 |
1:33.85 |
20e |
1.41.34 |
|
10 |
Jack Middelburg |
Honda |
29 |
1:35.82 |
14e |
1.40.52 |
|
11 |
Wolfgang Von Muralt |
Suzuki |
29 |
1:39.65 |
23e |
1.41.75 |
|
12 |
Philippe Coulon |
Suzuki |
29 |
1:43.14 |
21e |
1.41.38 |
|
13 |
Peter Sjöström |
Suzuki |
28 |
1 Ronde |
26e |
1.42.51 |
|
14 |
Maurizio Massimiani |
Honda |
28 |
1 Ronde |
31e |
1.43.01 |
|
15 |
Louis-Luc Maisto |
Suzuki |
28 |
1 Ronde |
32e |
1.43.01 |
|
16 |
Walter Migliorati |
Suzuki |
28 |
1 Ronde |
34e |
1.43.54 |
|
17 |
Stuart Avant |
Suzuki |
28 |
1 Ronde |
37e |
1.43.95 |
|
18 |
Ernst Gschwender |
Suzuki |
28 |
1 Ronde |
28e |
1.42.66 |
|
19 |
Jon Ekerold |
Cagiva |
26 |
3 Ronden |
36e |
1.43.93 |
|
- |
Paolo Ferretti |
Yamaha |
25 |
Uitgevallen |
33e |
1.43.49 |
|
- |
Alain Röthlisberger |
Yamaha |
24 |
Uitgevallen |
30e |
1.42.92 |
|
- |
Marco Greco |
Suzuki |
23 |
Uitgevallen |
38e |
1.45.87 |
|
- |
Steve Parrish |
Yamaha |
20 |
Valpartij |
15e |
1.40.58 |
|
- |
Chris Guy |
Suzuki |
17 |
Uitgevallen |
17e |
1.40.89 |
|
- |
Eero Hyvärinen |
Suzuki |
16 |
Uitgevallen |
25e |
1.41.97 |
|
- |
Virginio Ferrari |
Cagiva |
12 |
Uitgevallen |
12e |
1.40.42 |
|
- |
Leandro Becheroni |
Suzuki |
7 |
Uitgevallen |
11e |
1.39.92 |
|
- |
Didier De Radiguès |
Honda |
5 |
Uitgevallen |
27e |
1.42.58 |
|
- |
Michel Frutschi |
Honda |
5 |
Valpartij met dodelijke afloop |
18e |
1.41.20 |
|
- |
Franco Uncini * |
Suzuki |
4 |
Uitgevallen |
6e |
1.39.27 |
|
- |
Raymond Roche |
Honda |
2 |
Uitgevallen |
10e |
1.39.92 |
|
- |
Gustav Reiner |
Suzuki |
1 |
Uitgevallen |
29e |
1.42.68 |
|
- |
Jean Lafond |
Fior/Honda |
0 |
Uitgevallen |
22e |
1.41.45 |
|
- |
Randy Mamola
* |
Suzuki |
0 |
Uitgevallen |
7e |
1.39.28 |
|
- |
Andreas Hofmann |
Suzuki |
0 |
Uitgevallen |
35e |
1.43.90 |
|
- |
Takazumi Katayama |
Honda |
0 |
Niet gestart |
19e |
1.41.21 |
|
- |
Eddie Lawson
* |
Yamaha |
0 |
Uitgevallen |
4e |
1.38.06 |
|
- |
Boet van Dulmen |
Suzuki |
0 |
Niet gestart |
13e |
1.40.47 |
|
*
Problemen
bij de start |
|
 |
|
Keith
Huewen, Barry Sheene, Jack en Marc Fontan.
|
Virginio
Ferrari (#11), Michel Frutschi (#14), Keith Huewen, Barry Sheene, Jack
en Marc Fontan.
|
|
|
|
Podium
500cc, Lucchinelli, Spencer en Haslam, 3x Honda. |
|
|
|
Podium
250cc: Alan Carter wint als 18-jarige, op dat moment de jongste
coureur ooit, wat later zou blijken zijn enige GP.
2e
plaats Jacques Cornu en 3e Thierry Rapaicault.
|
|

|
|
Jack
naast
wereldkampioen 1982, Franco Uncini, net uit de pits de baan op. |
|
© foto's
Arthur Thill |
 |
|
Jack
voor Chris Guy |
|
|
04-04-1983
nationale races Ammerzoden
|
 |
|
Start
Ammerzoden: Jack, Hennie Boerman (#23) en Maarten Duyzers (#9). |
|
© MOTOR Magazine |
|
Wegraces Ammerzoden koud en nat
 |
|
Jack
voor Hennie Boerman en Maarten Duyzers (#9). |
|
© MOTOR Magazine |
Na veel geharrewar, discussies en de tomeloze inzet van de KNMV is het wegraceseizoen Paasmaandag toch van start
gegaan op het stratencircuit van Ammerzoden. Ruim achtduizend toeschouwers passeerden de kassa's voor het duel Boet van
Dulmen-Jack Middelburg en, zoals de publicatie in het KNMV~bondsblad deed geloven, voor een fantastisch
kampioensprogramma met de complete racetop van Nederland. De eerste kampioensrace stond echter pas een week later op het
programma in Tolbert en van de Nederlandse racetoppers ontbraken ook de nodige namen. We
misten bijvoorbeeld Theo Timmer, George Looijesteijn, Henk van Kessel, Rob Punt, Johan van Eijk en Henk de Vries. Toch niet
bepaald de langzaamsten van Nederland. De toeschouwers moesten echter
wel zeventienguldenvijftig of
vijfentwintig gulden betalen om een stekkie langs het circuit te kunnen bemachtigen
(in Raalte zag men vorig jaar meerdere wereldkampioenen voor een bedrag van twintig
gulden). Maar het te verwachten
duel
tussen
Jack Middelburg, voor het eerst in Nederland aan de start op de Honda van de Stichting
Nederlands Racing Team, en een uiterst geprikkelde Boet van Dulmen op zijn
Suzuki, vergoedde natuurlijk veel.
De teleurstelling viel dan ook van de gezichten af te lezen toen bekend werd gemaakt dat Boet niet van start kon gaan, als gevolg van zijn val in Le Mans.
Het programma werd geopend met de nieuw ingevoerde 80 cc-ers. Een klasse die zich op
nationaal en Europees niveau dit seizoen moet gaan bewijzen. Na een val van Wibbe Rispens in de tweede ronde, moest de race
worden afgevlagd. Na enig oponthoud kon men opnieuw van start gaan. De overwinning ging naar Hans Spaan, nadat Johan Teunissen tot halverwege de laatste ronde Spaan achter zich had weten te houden.
Daarna volgde de kennismaking met de kostbare Honda 500 RS. Heel
beheerst stoeide Jack
Middelburg met Hennie Boerman en Maarten Duyzers, die op hun Suzuki's geen schijn van kans hadden tegen de klasse en
het materiaal van Jack.
Het merendeel van het publiek hield het daarna wel voor gezien.
Tot overmaat van ramp
trakteerden de weergoden het circuit ook nog op winterse buien en een ijzig koude wind. 'Racen was niet
meer mogelijk. Het werd meer balanceren op de spekgladde landweggetjes. De rijders in de kwartliterklasse probeerden het nog
wel, maar serieuze pogingen werden met een schuiver afgestraft. Eerst ging Gerard van der Wal de sloot in. Vervolgens
ging
Jan van Disseldorp onderuit, waardoor Jan van Iwaarden aan de leiding kwam, maar ook hij ging plat. Ruud van der
Dussen bleef wel overeind en finishte als eerste. Koen Ebert en Peter Tromp maakten het
erepodium compleet. Van de tweeëntwintig deelnemers kwamen er tien aan de finish.
De 350cc race werd ook gewonnen door Ruud van der Dussen. Samen met Mar Schouten,
Gerard Beck en Pekka Nurmi reed de glazenwasser ver voor de rest van het deelnemersveld uit. Tot een echte strijd kon het gezien de weersomstandigheden
natuurlijk niet komen. Bovendien werd de race door een valpartij van Rob de Bock voortijdig
afgevlagd.
Het programma werd afgesloten met de tweede manche in de halveliterklasse. In hun
enthousiasme om Jack Middelburg
te
volgen gingen Maarten Duyzers en Johnny Willemsen onderuit.
Achter Jack gingen Hennie Boerman en Martin Rasch over de finish.
Het al eerder genoemde toeschouwersaantal maakte dat de
organisatiekosten in ieder geval gedekt kunnen worden. Er blijft zelfs nog wat over
voor
de schuldeisers van vorig jaar.
| Nationale races
Ammerzoden |
 |
 |
 |
© foto's
Toon Kannekens
|
Hier
een link naar een volledig verslag van de races in Ammerzoden
10-04-1983
Nederlands kampioenschapraces Tolbert
 |
 |
 |
|
Jack
en Jan Muis helpen 250cc coureur Jan Sup met een probleempje aan
zijn Yamaha, in Tolbert. |
|
|
© MOTOR Magazine |
 Evenals vorige week in het
Noord-Brabantse Ammerzoden was 'Pluvius' de grote spelbreker tijdens de eerste
races die meetelden voor het door velen zo begeerde Nederlandse kampioenschap.
Plaats van handeling was het stratencircuit van Tolbert in de provincie Groningen. Zo'n
7000
betalende bezoekers omzoomden de pal aan de A7 gelegen piste, waardoor de Stichting
CC-races, die ondanks het vrij drukke programma de wedstrijden perfect had weten te
organiseren, een 'klein' financieel fundamentje voor de races van volgend jaar heeft
weten te leggen. Het bestuur toonde zich dan ook verheugd met het feit
dat de kampioensraces dit jaar niet meer voor het overgrote deel bij de
Internationale races geïntegreerd zijn. 'Dat heeft ons twee keer zo
veel publiek opgeleverd als vorig jaar, toen we nog een nationaal
programma hadden', waren dan ook de veelzeggende woorden van secretaris
Kuipers. Van maar liefst acht verschillende rennerskwartieren stroomden
rond kwart voor één de nationale 500 cc coureurs naar de start. De
regen van de afgelopen week had het rennerskwartier zo drassig gemaakt,
dat vele rijders het prefereerden om op een verhard stuk weg te staan
rondom het circuit of op een stukje van het erf van één van de vele
aangrenzende boerderijen.
Eén van de publiekstrekkers uit de 500cc klasse moest verstek laten gaan, en het laat zich al
raden, Boet van Dulmen. Zijn knie heeft toch een grotere 'opdoffer' gehad dan men
aanvankelijk dacht of misschien wel hoopte. Hij zal het nog even rustig aan moeten doen. Zoals verwacht ging Jack Middelburg nu
moeiteloos met de Frans Henrichs-bokaal strijken. Hij begint al aardig aan zijn nieuwe Honda te wennen, wat aan zijn steeds zekerder
rijden duidelijk merkbaar is. Samen met Rob Punt was hij zeer
goed
weg, maar Punt's RGB begon na de eerste haakse hoek al te sputteren. 'Ik weet niet wat het is, maar ik baal
wel een beetje,' was
het eerlijke antwoord van Rob.
 |
 |
 |
| © foto's Mark E. Vos
Tolbert 1983
|
Jammerlijk weer geen punten voor hem en wat nog
lastiger is geen wedstrijdervaring met de nieuwe machine. Dat heeft Hennie Boerman onderhand
wel. Hij kwam Bobo van Eijck voorbij toen die met de kwaal van de dag,
een beslagen vizier,
drie ronden voor het einde van de race
te maken kreeg. 'Dat heb ik nou altijd', zei Bobo na afloop, en toch heb ik zowel mijn bril als mijn vizier goed
ingesmeerd'. Henk de Vries wachtte heel kien de
laatste ronde af om met Maarten Duyzers af te rekenen en nam de vierde plaats voor zijn rekening. Jack was zeer gelukkig met zijn overwinning,
te meer daar hij aan Tolbert minder goede
herinneringen had overgehouden...........
Hier
een link naar een volledig verslag van de races in Tolbert
|
17-04-1983
internationale races Hengelo
|
 |
|
Johan
vd Wal's Yamaha RD 350 team in Hengelo |
Na de verregende en zeer
koude nationale wedstrijden op
het circuit van Ammerzoden (beide manches) en de Nederlandse kampioenswedstrijd op het
circuit van Tolbert vrij eenvoudig op zijn naam te hebben gezet, was het
de beurt, voor Jack, om te presteren tijdens de internationale races op Hengelo
(Gld) voor
20.000
toeschouwers. Deze races zouden nu eens niet met de paasdagen verreden
worden, zoals dit wel gebruikelijk was. Ondertussen was een van onze vrienden ook gaan racen en
wel in de Yamaha RD 350 LC klasse, een klasse met standaardmotoren, die
een kweekvijver moest worden voor de Nederlandse motorsport. In
Engeland, Duitsland en Frankrijk deed men dit ook al en de bekendste
coureur die uit deze klasse is voortgekomen is denk ik wel de Engelsman
Alan Carter (de winnaar van de kwartliter-GP in Le mans dit seizoen). Ook een andere Brit, Rob McElnea, is er uit afkomstig. Er mochten maar een beperkt aantal wijzigingen aan de
motoren aangebracht worden, de rest moest gewoon standaard blijven.
Aangezien mijn vriend eraan mee deed heb ik diverse van deze races
gezien en hoewel uiteraard niet te vergelijken met de normale
wegracerij, waren het wel spectaculaire races. Indertijd reed
ook Patrick v/d Goorbergh in deze klasse, hij heeft daarna
toch redelijke resultaten behaald in de GP-racerij. De Yamaha RD 350
LC was rechtstreeks afgeleid van de TZ 350cc wegracer. In Nederland
schreven zich 80 mensen in voor deze klasse. Helaas viel onze
vriend al in de tweede ronde uit, terwijl wij achter de tribune op zoek
waren naar onze plek, dus moest alleen Jack voor het spektakel zorgen.
En dat deed hij!


Jack had in zijn carrière Hengelo door diverse
omstandigheden nog nooit gewonnen en was er dus extra gebrand op dit nu
wel te doen. Beide manches werden op het scherpst van de snede
uitgevochten tussen Van Dulmen en Jack. Verder kwam er niemand aan te
pas. Ook de controverse tussen het duo, n.a.v. de Honda's, KNMV en de
hogere eisen van Van Dulmen m.b.t. startgelden, speelden een rol in deze
race. Op het podium negeerden ze elkaar dan ook. Enfin, verder met het
raceverslag; stuivertje wisselend aan de kop, werd er ronde na ronde het
baanrecord scherper gesteld. Wat betreft snelheid deden de Suzuki en de Honda
niets voor elkaar onder, uiteindelijk wist Jack echter wel beide manches
winnend af te sluiten, nadat Van Dulmen beide manches op kop was
weggegaan. Ook de Zwitser Sergio Pellandini, die voor Jack en Boet
de snelste trainingstijd had gerealiseerd deed in allebei manches van
zich spreken. Beide manches nam hij ook de leiding vanaf de start in
handen, maar moest uiteindelijk genoegen nemen met twee maal een derde plaats.
Het baanrecord wat Jack die dag reed zou tot 1991
blijven staan, in dat jaar werd het door Wilco Zeelenberg op een 250cc
fabrieks Honda verbeterd. In de diverse klassen had men voor een sterk
deelnemersveld gezorgd. De 250cc werd gewonnen door Christian Sarron
voor Graeme McGregor en Alan North. Ruud v/d Dussen was de eerste
Nederlander op een vierde plaats. De 350cc was voor Alan North voor
wederom Graeme McGregor, Pekka Nurmi en de Ierse TT specialist (evenals
McGregor) Con Law. Ruud vd Dussen was weer de eerste landgenoot op een
vijfde plaats deze keer. Hij bleef, wederom een TT specialist, Chas
Mortimer net voor. Mortimer, maakte na twee jaar zijn rentree in een
wegrace, nadat hij twee jaar eerder, zijn vriend Kenny
Blake, verongelukt was, tijdens de TT races op Man. Hij kon het
racen echter niet missen, vooral niet op Man.
|
|
|
|
Eindstanden manches 500cc
|
|
|
1e manche
|
2e manche
|
|
|
1. Jack Middelburg
|
1. Jack Middelburg
|
|
|
2. Boet van Dulmen
|
2. Boet van Dulmen
|
|
|
3. Sergio Pellandini
(CH)
|
3. Sergio Pellandini
(CH)
|
|
|
4. Stu Avant
(NwZ)
|
4. Wolfgang von Muralt
(CH)
|
|
|
5. Johan
(Bobo) van Eijk
|
5. Stu Avant
(NwZ)
|
|
|
6. Wolfgang von Muralt
(CH)
|
6. Eero Hyvärinen (SF)
|
|
|
7. Rob Punt
|
7. Rinus van Kasteren
|
|
|
8. Rinus van Kasteren
|
8. Con Law (Ier)
|
|
|
9. Henk de Vries
|
9. Johan
(Bobo) van Eijk
|
|
|
10. Con Law (Ier)
|
10. Henk de Vries
|
|
|
11. Eero Hyvärinen (SF)
|
11. Rob Punt
|
|
|
12. Börge Nielsen
(DK)
|
12. Börge Nielsen
(DK)
|
|
|
13. John Schreuder
|
13. Albert Bosch
|
|
|
14. Albert Bosch
|
14. Richard Glas
|
|
|
15. Mar van Beek
|
15. Peter Lemstra
|
|
|
16. Martin Rasch
|
16. Fred Peerdeman
|
|
|
17. Wim Felen
|
17. Wim Felen
|
|
|
18. Nico Lentjes
|
18. George Philipsen
|
|
|
19. Richard Glas
|
19. Andre van de Sar
|
|
|
20. Fred Peerdeman
|
|
|
|
21. George Philipsen
|
31 coureurs aan
de start
|
|
|
22. Henny Boerman
|
|
|
|
23. Jan van de Sman
|
|
|
 |
 |
|
Start 500, Jack
middenvoor
|
Jack en Bobo
van Eijk (#3)
|
De race in de halveliterklasse ging
over twee manches. De langverwachte confrontatie tussen Middelburg en Van Dulmen kreeg eindelijk gestalte. En hoe! Keihard
gingen de rivalen er tegen aan. Boet, nog niet helemaal fit na zijn val in Le Mans, en Jack, nog stijf van
zijn crash tijdens de training, reden werkelijk alles uit de kast. Sergio
Pellandini, de Zwitserse garagehouder, wist zich in beide manches één ronde tussen Van Dulmen en Middelburg te nestelen, maar daarna wensten de heren hun
sportieve strijd samen uit te vechten. Tsjonge, wat ging het hard. In beide manches werd het
ronderecord steeds weer iets scherper gesteld. Zowel in de eerste als in de tweede manche moest Boet na driekwart van de race Jack laten gaan.
"Middelburg reed gewoon erg sterk. In de eerste manche waren onze machines even snel. Je hebt
zelf gezien hoe vermoeid
ik
zaterdag na de training was. Ook nu raakte ik vermoeid en dat gaat ten koste van de
concentratie. Ik heb Jack toen maar laten gaan. In de tweede manche kwam mijn
machine iets vermogen tekort", was het commentaar van Den Boet.
Een tevreden Jack Middelburg gaf als commentaar: "Ik heb in
Nederland alles gewonnen, behalve Hengelo. Dat stond me al enkele jaren helemaal niet aan. De overwinning heb ik niet
bepaald kado gekregen. Ik heb keihard moeten werken om Boet voor te kunnen blijven. Over de
Honda's? Motorisch zijn ze prima, maar het rijwielgedeelte is nog niet ideaal. In de training brak het voorwiel zomaar weg en dan weet je echt niet waar je blijft. De komende weken hoop
ik het sturen voor elkaar te krijgen. Er zijn mogelijkheden genoeg om het
rijwielgedeelte af te stellen, maar dat kost gewoon tijd." In de eerste manche werd Stu Avant vierde na een duel met de sterk rijdende Bobo van
Eijk, die vijfde werd. In de tweede manche werd Rinus van Kasteren met een zevende plaats
derde Nederlander.
Ondanks het gemis van enkele internationale toppers hebben de 20.000 toeschouwers toch kunnen genieten van prima
motorsport. Boet en Jack hebben overigens
wel
aangetoond dat hun opvolgers nog niet in zicht zijn. Mannen als Johan (Bobo)
van Eijk, Rob Punt en Henk de Vries hebben
nog een lange weg te gaan.
Hier
een link naar een volledig verslag van de races in Hengelo
 |
|
Sergio Pellandini
(#43), Boet (#1) en Jack. |

 |
 |
|
Start
500cc Hengelo: met Eero Hyvärinen (#45), Stu Avant (#46), Rinus
van Kasteren (#5), Boet van Dulmen (#1), Jack en Sergio Pellandini
(#43). |
Boet,
Jack en Sergio Pellandini. |
|
© MOTOR Magazine |
|
|
1983
deel 2
©opyright 2005 www.jumpingjack.nl
Gerard van der Pot.
|
|