|


27-07-1980 Grand
Prix Finland, Imatra

 |
 |
|
Jack en Boet
in somber gesprek over de problemen met de Yamaha's, Barry
Sheene luistert mee. ©
Hero Drent |
 Weer 3 weken later in
Finland wilde het ook niet mee zitten. Tijdens de trainingen waren er al
grote problemen met de remmen. Ook de blessure was er nog niet beter op
geworden en Jack had toestemming gevraagd en gekregen om achteraan het
veld aangeduwd te worden door Adri vd Broeke, zijn monteur. De remproblemen
waren nog niet verholpen en tot overmaat van ramp begon de motor olie te
lekken. De olie droop aan alle kanten van de motor en op een 11e plaats
liggend gaf Jack, in de vijftiende ronde, "de pijp aan Maarten". Dit was zeer
verstandig, want zijn voet gleed door de olie zelfs van zijn
schakelpaneel. Wel zonde want hij had er al aardig wat ingehaald. Wil
Hartog won uiteindelijk de race, dit was de eerste aansprekende prestatie van
de fabriekscoureur dit seizoen. Hij zat dan ook in een flinke dip, werd
zelfs door Jack op Assen nog op een ronde gereden. Roberts en Franco
Uncini completeerden het podium.
|
25/26 juli 1980,
trainingstijden 500cc Grand Prix Finland, circuit Imatra |
|
Pos |
Rijder |
Machine |
Tijd |
|
1 |
Graziano Rossi |
Suzuki |
1'53.8 |
|
2 |
Marco Lucchinelli |
Suzuki |
1'54.7 |
|
3 |
Wil Hartog |
Suzuki |
1'55.7 |
|
4 |
Franco Uncini |
Suzuki |
1'55.8 |
|
5 |
Kenny Roberts |
Yamaha |
1'56.1 |
|
6 |
Randy Mamola |
Suzuki |
1'56.2 |
|
7 |
Philippe Coulon |
Suzuki |
1'56.8 |
|
8 |
Patrick Pons |
Yamaha |
1'56.8 |
|
9 |
Jack Middelburg |
Yamaha |
1'57.5 |
|
10 |
Willem Zoet |
Suzuki |
1'57.5 |
|
11 |
Boet van Dulmen |
Yamaha |
1'58.0 |
|
12 |
Kork Ballington |
Kawasaki |
1'58.1 |
|
13 |
Carlo Perugini |
Suzuki |
1'58.7 |
|
14 |
Hubert Rigal |
Yamaha |
1'58.3 |
|
15 |
Raymond Roche |
Yamaha |
1'58.4 |
|
16 |
Michel Rougerie |
Suzuki |
1'58.5 |
|
17 |
Franck Gross |
Suzuki |
1'58.7 |
|
18 |
Adelio Faccioli |
Suzuki |
1'58.9 |
|
19 |
Patrick Fernandez |
Yamaha |
1'58.9 |
|
20 |
Lennart Bäckström |
Suzuki |
1'59.2 |
|
21 |
Sadao Asami |
Yamaha |
1'59.3 |
|
22 |
Michel Frutschi |
Yamaha |
1'59.4 |
|
23 |
Seppo Rossi |
Suzuki |
1'59.6 |
|
24 |
Werner Nenning |
Suzuki |
2'00.9 |
|
25 |
Peter Sjöström |
Suzuki |
2'01.1 |
|
26 |
Mick Grant |
Honda |
2'01.2 |
|
27 |
Anton Mang |
Kawasaki |
2'01.4 |
|
28 |
Max
Wiener |
Suzuki |
2'02.1 |
|
29 |
Bernard Fau |
Suzuki |
2'02.3 |
|
30 |
Takazumi Katayama |
Honda |
2'02.4 |
|
31 |
Christian Estrosi |
Suzuki |
2'04.0 |
|
32 |
Peter Sköld |
Suzuki |
2'05.0 |
|
33 |
Kimmo Kopra |
Yamaha |
2'05.9 |
|
- |
Timo Pohjola |
Suzuki |
2'20.6 |
|
- |
Markku Matikainen |
Yamaha |
3'45.6 |
 |
|
Finland,
Jack achter Boet
© foto's Koos Holstein |
|
|
 Wil
Hartog was door het dolle heen. Na een portie tegenslag in het seizoen
wilde hij nu wel de
hele wereld wel aan zijn borst drukken. Hij begon daarom alvast met het knuffelen van zijn beide monteurs, die de fabrieks-monoshocker eindelijk
perfect voor elkaar hebben. De machine loopt en stuurt als een scheermes en
om het voorwiel ligt nu ook een 16 inch band, zoals Marco Lucchinelli en
Graziano Rossi die hebben. Voor het Italiaanse Suzuki-team betekende Imatra echter een
droevige dag. Graziano Rossi en Marco Lucchinelli waren met 1.53,8 en 1.54,7 veruit de
trainingssnelsten geweest. Hartog liet 1.55,7 voor zich afdrukken,
Uncini 1.55,8 terwijl Kenny
Roberts samen met Randy Mamola, Philippe Coulon en Patrick Pons iets boven de 1.56
uitkwamen.
Jack Middelburg en Boet van Dulmen stonden er met een negende en een elfde plaats
weliswaar goed bij,
maar
erg hoopvol
waren de Yamaha-mannen niet gestemd. Wat ze ook in de training probeerden, de Suzuki's waren stukken sneller. Willem Zoet voelde zich echter met zijn tiende trainingstijd helemaal
"gestimerold", hoewel hij in de laatste training nog even gauw zijn beste fiets plat reed.
Minder verheugd keek men ook in het Honda-kamp. Katayama had na zijn derde plaats in
Misano (twee weken eerder) weer enige hoop in Japanse harten gebracht, maar
ook nu bleek de NR500 (die al de bijnaam 'Never Ready 500' gekregen heeft)
nog niet "ready" te zijn. Katayama wist zich met een 30e tijd
nog net te klasseren, maar toen waren de beide nieuwe blokken al kapot en besloot Honda in te pakken.
De race begon hoopvol voor Marco Lucchinelli. Al na een halve ronde had hij zijn rivalen op enige achterstand gezet, een achterstand die met elke ronde
groter werd. Achter zijn rug vochten Wil Hartog, Graziano Rossi en Kenny Roberts
om de
tweede plaats en achter dit trio hadden Franco Uncini en Randy Mamola het aan de stok
om de vijfde plaats.
Precies halfweg de race veranderde het beeld aan kop echter dramatisch. In de elfde ronde moest eerst Rossi de pits in met een kapotte motor en precies een ronde later was
ook bij Lucchinelli het leven eruit. Daarmee was de strijd om de eerste vier plaatsen beslist. Hartog pakte met royale voorsprong zijn
eerste GP-zege dit jaar en Kenny Roberts was dik tevreden met zijn
tweede plaats, waarmee hij
wat verder afstand nam van Randy Mamola, die achter Franco Uncini genoegen moest
nemen met de vierde plaats. Voor het overige was het kommer en kwel in het Nederlandse kamp. Boet had slechts 12
minuten nodig om zijn remmen volledig op te stoken (hij remde zo hard met de voorrem, dat de band op de velg draaide en met parkers op zijn plaats gehouden
moest worden), terwijl Jack Middelburg kans zag om in circa 30 minuten zijn Yamaha rijp te
maken voor een complete revisie (remmen, olielekkage, ketting over het tandwiel en een lichte vastloper). Eerder al had Willem
Zoet (foto rechts zijn trieste aftocht) zijn Suzuki aan de kant moeten parkeren met een vastloper. Opvallend sterk reed in
deze klasse ook Kork Ballington, die de Kawasaki 500 viercilinder voor
Patrick Pons en Carlo Perugini, naar een vijfde plaats
stuurde.
|
De
uitslag van de 500cc in Finland 1980 |
| 1. |
Wil Hartog |
8. |
Philippe Coulon (CH) |
15. |
Michel
Rougerie (F) |
22.
|
Peter
Sjöström (S) |
Pech |
Willem Zoet |
| 2. |
Kenny Roberts (USA) |
9. |
Sadao Asami (J) |
16. |
Werner Nenning (A) |
Niet
gefinishte rijders:
|
Pech |
Mick Grant (GB) |
| 3. |
Franco Uncini
(I) |
10. |
Raymond Roche (F) |
17. |
Hubert Rigal (F) |
Pech |
Marco Lucchinelli (I) |
Pech |
Peter Sjöström (S) |
| 4. |
Randy Mamola (USA) |
11. |
Franck Gross (F) |
18. |
Michel Frutschi (CH) |
Pech |
Graziano Rossi (I) |
Pech |
Hubert Rigal (F) |
| 5. |
Kork Ballington (Zaf) |
12. |
Lennart Bäckström (S) |
19. |
Max Wiener (A) |
Pech |
Jack Middelburg |
Pech |
Adelio Faccioli (I) |
| 6. |
Patrick Pons (F) |
13. |
Seppo Rossi (SF) |
20. |
Alain
Roethlisberger |
Pech |
Bernard Fau (F) |
Pech |
Kimmo Kopra
(SF) |
| 7. |
Carlo Perugini
(I) |
14. |
Patrick Fernandez (F) |
21. |
Peter Sköld (S) |
Pech |
Boet van Dulmen |
Pech |
Peter Sköld
(S) |
| "
Jack over
Jack" GP
Finland, Imatra |
|
Na
een rit van zo een 50 uur kwamen Adri, Hans en ik op de plaats
van bestemming (Imatra) aan. Adri zijn vrouw, die ons meestal op
dergelijke tochten begeleidt, had deze keer wijselijk besloten
thuis te blijven. Dit hield natuurlijk wel in, dat voor de
"hulshouding" een plaatsvervanger moest worden
aangewezen en aangezien Adri en Hans de fietsen moesten
prepareren, bleef voor die taak alleen mijn persoontje over.
Heeft u Jack Middelburg wel eens met een dikke sigaar tussen
zijn lippen voor de prak zien zorgen? Dan hebt u wat gemist!
Het
feit, dat we alle drie nog in leven zijn is voor mij het bewijs,
dat het niet helemaal of helemaal niet fout is gegaan. Een
restaurant zal ik echter nooit beginnen!
Nu
terug naar de race, want daar waren we per slot van rekening
voor gekomen. Bij de training had ik het niet best naar mijn
zin; de Suzuki's gingen stukken sneller dan onze Yamaha's.
“How can, how can” en toen in de 3e training, door
stuiteren, mijn voorband aan flarden ging, had ik het helemaal
niet meer. Gelukkig kreeg ik van Michelin, voor de wedstrijd een
speciale voorband, dat gaf de burger weer even moed. Ik behaalde
toch nog een fortuinlijke negende startplaats, maar omdat mijn
been nog erg zwak is, kreeg Adri van de organisatie toestemming
om mij in achterste linie aan te duwen. Door er flink aan te
trekken kwam ik op een gegeven ogenblik op een tiende plaats te
liggen en zag ik alweer een paar WK puntjes! Toen begon ik
evenwel remproblemen te krijgen en in de zestiende ronde zat
door een lekkage de hele handel onder de olie, om erger te
voorkomen ben ik toen maar afgestapt. Na later bleek was het een
wijs besluit want bij het nachecken van de motor bleek, dat er
tevens sprake was van een lichte vastloper. Naar die gedroomde
WK punten kon ik wel fluiten!
|
 |
27-07-1980
nationale NMB races om de NMB cup Amsterdam-Sloten. Winnaar
500cc, Rob Punt, voor Johan "Bobo" van Eijk en Peter
Smetsers.
Rob
Punt is op 12 februari 2005 overleden, hij werd 48 jaar oud.
|
 |
Amsterdam-Sloten.
start 500cc, Rob Punt (#31) met de motor van de gestopte Henk
Twikler, er staat nog de Lascom-reklame van Twikler op de Suzuki.
Johan "Bobo" van Eijk (#6). |
|
Op
10-08-1980 nationale NMB races in Heerlen, hetzelfde podium als
in Amsterdam. |

|
 |
Heerlen,
Rob Punt voor Johan "Bobo" van Eijk. |
|
|
|
|
|
Op
24-11-2007 heb ik de in 1966 in Utrecht geboren en getogen Johan
"Bobo" van Eijk ontmoet. Ik had hem uiteraard eind
jaren 70 en begin jaren 80 veel zien rijden, maar nooit
persoonlijk ontmoet. Ik heb een gezellige middag met hem en zijn
broer Frans doorgebracht en zijn fotomateriaal doorgenomen,
waarbij veel mooie verhalen de revue passeerden. Hetgeen mij
altijd weer goed doet is, dat als Jack ter sprake komt met
oud-coureurs, iedereen altijd Jack als een fijne collega ervaren
heeft, dat was nu niet anders. Bobo, de bijnaam is afkomstig van
een kraai die bij de familie Van Eijk heeft "gewoond', is
in 1975 begonnen met racen bij de NMB. Hij is de NMB altijd
trouw gebleven. Jack had dat normaliter ook altijd gedaan, maar
zoals eerder vermeld, als je internationaal wilde racen moest je
bij de KNMV gaan rijden. Nadat de bonden in 1977
"vrede" gesloten hadden, was dit niet meer nodig,
vandaar dat Bobo nooit weg is gegaan bij de NMB. Veel Grand Prix
heeft hij niet gereden, maar toch wel een paar handenvol,
waaronder de TT van Assen en enige malen de 'Imola 200'. In 1987
kreeg Bobo een ernstig ongeluk op het circuit van Zandvoort en
iedereen dacht dat hij dit ongeval niet kon overleven. Dit had
hij in 1986 ook al meegemaakt en hij besloot daarop te stoppen
met zijn racecarrière die dus zo'n 12 jaar heeft geduurd. Bobo
heeft in heel zijn raceloopbaan een grote sponsor moeten
ontberen. Hij reed ook heel wat races met op zijn machine
'sponsors gezocht' gespoten, op de plaats waar normaal de naam
van je grootste sponsor stond. Zijn, als automonteur, verdiende
geld verdween dus voor een groot deel in zijn hobby. Het seizoen
1981 eindigde hij als 6e in het Nederlands kampioenschap 500cc
en i.v.m. gebrek aan financiën wilde hij stoppen met racen. Hij
verkocht zijn oude spullen aan een Duitser, maar het bloed kroop
waar het niet gaan kon. Mede dankzij zijn fanclub kon hij de
Suzuki RG500 van Dick Alblas overnemen en besloot er nog een
jaartje aan vast te knopen. Zijn grootste/trouwste sponsor was Valvoline,
Henk de Groot, die zijn overbuurman was in Utrecht. Ook Jack
werd zijn eerste jaren mede door Valvoline gesponsord. Bobo
begon in de racerij op een Kawasaki, maar zou het grootste deel
van zijn carrière op Suzuki racen. In 1980 nam hij de Suzuki
RG3, uit 1978, van Wil Hartog over.
|
 |
 |
 |
 |
 |
|
Bobo
(#104) 1975: Voerendaal. |
Bobo
(#8) 1976: winnaar in Tolbert en van de Frans Henrichs bokaal. |
 |
 |
 |
 |
 |
|
Bobo
(#11) 1976: 200 mijl van Helmond. |
1978,
Zandvoort: let op tekst op kuip: 'sponsors gezocht'. |
1979,
NMB-race Born: tweede achter Henk Twikler. |
1979,
winnaar NMB-race Amsterdam, voor (l) Armin Zeh en de overleden
Nico Lentjes (r). |
1980 |
10-08-1980
Grand Prix Engeland, Silverstone
|
Deelnemers
500cc Grand Prix Silverstone 1980 |
|
01. |
Kenny Roberts (USA) |
10. |
Randy Mamola (USA) |
19. |
Patrick Pons (F) |
27. |
Carlo Perugini (I) |
35. |
Gregg Hansford (AUS) |
43. |
Phil Henderson (GB) |
|
2. |
Marco Lucchinelli (I) |
11. |
Kork Ballington (Zaf) |
20. |
Bernard Fau (F) |
28. |
Philippe Coulon (CH) |
36. |
Michel Rougerie (F) |
44. |
Freddie Spencer (USA) |
|
3. |
Wil Hartog |
12. |
Patrick Fernandez (F) |
21. |
Michel Frutschi (CH) |
29. |
Ron Haslam (GB) |
37. |
Henk
de Vries |
45. |
Franck Gross (F) |
|
4. |
Johnny Cecotto (Ven) |
13. |
Gianfranco Bonera (I) |
22. |
Mick Grant (GB) |
30. |
Jeff Sayle (AUS) |
38. |
Stu
Avant (Nzl) |
46. |
Gerhard Vogt (D) |
|
5. |
Franco Uncini (I) |
14. |
Takazumi Katayama (J) |
23. |
Graziano Rossi (I) |
31. |
Sadao
Asami (J) |
39. |
John Woodley (Nzl) |
47. |
Roberto
Pietri (Ven) |
|
6. |
Boet van Dulmen |
15. |
Graeme Crosby (Nzl) |
24. |
Christian Estrosi (F) |
32. |
Jon
Ekerold (Zaf) |
40. |
Max
Wiener (A) |
48 |
John Newbold (GB) |
|
7. |
Barry Sheene (GB) |
16. |
Steve Parrish (GB) |
25. |
Werner Nenning (A) |
33. |
Alex George (GB) |
41. |
Seppo Rossi (SF) |
49 |
Roger Marshall (GB) |
|
8. |
Dave Potter (GB) |
17. |
Markku Matikainen (SF) |
26. |
Sergio Pellandini (CH) |
34. |
Raymond
Roche (F) |
42. |
Hubert Rigal (F) |
50. |
Dale Singleton (USA) |
|
9. |
Jack Middelburg |
18. |
Graham
Wood (GB) |
|
|
|
|
|
|
|
|
Beelden
race op Youtube
 |
 |
|
Start
van de GP op Silverstone in 1980, Jack beide keren duidelijk
zichtbaar in de middenmoot. |
 |
|
Eerste
ronde: Randy Mamola aan de
leiding, voor Wil Hartog (#3), Graeme Crosby (#15), Marco
Lucchinelli (verstopt achter Crosby), Graziano Rossi (#23),
Franco Uncini (#43) en de rest van het veld. Jack rijdt hier op
de vierde plaats van achteren.
|
 |
 |
|
Jack hier nog 7e voor
Ballington, voor hij zich door bandenproblemen moest laten afzakken.
(rechts: Barry & Stephanie)
|
Silverstone was de
volgende. Had ik in 1979 de races gemist door de bus te missen in
Londen, dit jaar werd ik een paar dagen voor vertrek met een
darminfectie opgenomen in het ziekenhuis, Silverstone bracht mij nóg
niet veel plezier! Ook was er een grote teleurstelling voor Jack, Boet, Michel
Frutschi (Zwi)(†
kwam
om het leven tijdens de 500cc GP op Le Mans in 1983) en
Patrick Pons.
Roberts was de absolute nummer één van Yamaha met Johnny Cecotto als
tweede
man. Beschermde fabriekscoureurs waren in 1980, Boet van Dulmen, Michel
Frutschi, Patrick Pons en Barry Sheene. Sheene was een echte Suzuki coureur en had daarom nog niet veel sympathie bij
Yamaha. Jack had dan
weliswaar geen fabrieks-Yamaha, maar was wel de enige Yamaharijder
buiten Kenny Roberts die op Yamaha een Grand Prix had gewonnen. En dat
nog wel met een privé-machine. In Silverstone bleek dat er een zelfde
Yamaha als Roberts bereed, voor Sheene was geregeld. Van Dulmen en Pons
boos, omdat zij de eerst aangewezen personen waren voor die speciale
"fiets", zij waren de beschermde coureurs van de Yamahafabriek.
Barry was uiteraard een hele grote, die twee keer wereldkampioen was geworden.
De laatste tijd ging het echter flink minder. GP's werden er niet meer
gewonnen en sinds hij dit seizoen van Suzuki naar Yamaha was
overgestapt, was zijn reputatie bijna helemaal verbleekt. Net als ieder
ander moest ook hij wennen aan die "stuiterkasten op wielen".
In Engeland openbaarde zich dus al tijdens de eerste trainingen een heel
merkwaardige ontwikkeling, die dus vooral bij het met beloftes
overspoelde Nederlandse duo en Patrick Pons in het verkeerde keelgat
schoten. Twee weken eerder was Jack nog op het Europese
Yamahahoofdkantoor in Amstelveen, waar hij verwonderd was dat de
materiaalwagen van Sheene daar stond. Hij dacht daar verder niet meer
over na, want ook Sheene heeft zo nu en dan onderdelen nodig, maar nu
wist Jack wel beter. De eerste die het uiteindelijk ontdekten waren Pons
en Van Dulmen, die ter ore kwamen dat men de machine van Sheene telkens
toedekten met een deken. Zij stonden aan de grond genageld, toen zij
stiekem de deken van de Yamaha van Sheene oplichten. Woedend gingen ze
verhaal halen. Sheene had de machines gekregen waar zij zo vaak om
hadden gevraagd. Sheene was uit de gratie, zijn reputatie was te veel
verweven met Suzuki. Hij zou nooit het paradepaardje van Yamaha kunnen
worden. De machtige Engelse Yamaha-importeur had dus kennelijk erg veel
in de melk te brokkelen bij de fabriek. De Engelsman liep inmiddels als
herboren door het rennerskwartier, nadat hij twee weken eerder nog
express de boot naar Finland had gemist. Het was de eerste GP die hij in
vele jaren had overgeslagen (buiten de GP's op Mann). Veel plezier had
Sheene niet aan zijn snelle Yamaha's tijdens deze Britse GP, want hij
viel uit met mechanische problemen.
Jack moest op het snelle circuit weer achteraan het veld door
Adri aangeduwd worden en stormde weer naar voren. Op de 7e plaats!
aanbeland stond hij plotseling een paar keer helemaal dwars in de
bochten. Hij moest het rustiger aan gaan doen en zakte twee plaatsen. De
negende
plaats in de eindstand bleek achteraf helemaal niet zo slecht te zijn,
want de buitenste rubberlaag was van zijn band gesleten, de vellen
hingen erbij. Wil Hartog viel uit in de laatste ronde. Er hadden nogal
wat Hollanders aan deze GP meegedaan en de rest haalde wel de finish,
Van Dulmen (16e), Willem Zoet (19e) en Henk de Vries (25e). Weer Randy Mamola won de race voor Roberts,
Lucchinelli, Rossi en Cecotto.
De laatste GP in Duitsland moest de beslissing brengen wie er
GP-kampioen werd. De Amerikanen Mamola en Roberts gingen dit uitmaken.
|
10 augustus 1980, Grand Prix
Engeland, circuit Silverstone
|
|
Trainingstijden
500cc |
Probleem |
Ronde |
Uitslag
500cc |
| 1. |
Kenny Roberts |
USA |
Yamaha |
1.30.71 |
|
1. |
Randy Mamola |
USA |
Suzuki |
42.52.71 |
| 2. |
Marco Lucchinelli |
I |
Suzuki |
1.30.98 |
2. |
Kenny
Roberts |
USA |
Yamaha |
43.03.86 |
| 3. |
Graziano Rossi |
I |
Suzuki |
1.31.02 |
3. |
Marco Lucchinelli |
I |
Suzuki |
43.19.10 |
| 4. |
Randy Mamola |
USA |
Suzuki |
1.31.09 |
4. |
Graziano Rossi |
I |
Suzuki |
43.19.22 |
| 5. |
Franco Uncini |
I |
Suzuki |
1.31.15 |
5. |
Johnny Cecotto |
YV |
Yamaha |
43.38.92 |
| 6. |
Graeme Crosby |
Nzl |
Suzuki |
1.31.42 |
6. |
Franco Uncini |
I |
Suzuki |
43.42.49 |
| 7. |
Johnny Cecotto |
YV |
Yamaha |
1.31.55 |
7. |
Kork Ballington |
Zaf |
Kawasaki |
43.48.73 |
| 8. |
Wil Hartog |
NL |
Suzuki |
1.31.55 |
Machine |
Ronde
27 |
8. |
Philippe Coulon |
CH |
Suzuki |
43.56.21 |
| 9. |
Michel Rougerie |
F |
Suzuki |
1.31.81 |
Valpartij |
Ronde
3 |
9. |
Jack
Middelburg |
NL |
Yamaha |
44.03.38 |
| 10. |
Barry Sheene |
GB |
Yamaha |
1.32.03 |
Machine |
Ronde
22 |
10. |
Dave Potter |
GB |
Yamaha |
44.08.94 |
| 11. |
Jack Middelburg |
NL |
Yamaha |
1.32.04 |
|
|
11. |
Dale Singleton |
USA |
Yamaha |
44.09.13 |
| 12. |
Michel Frutschi |
CH |
Yamaha |
1.32.30 |
Machine |
Ronde
15 |
12. |
John Newbold |
GB |
Suzuki |
44.11.28 |
| 13. |
Philippe Coulon |
CH |
Suzuki |
1.32.61 |
|
|
13. |
Graeme Crosby |
Nzl |
Suzuki |
44.12.62 |
| 14. |
Patrick Pons |
F |
Yamaha |
1.32.68 |
Valpartij |
Ronde
3 |
14. |
Raymond Roche |
F |
Yamaha |
44.31.87 |
| 15. |
John Newbold |
GB |
Suzuki |
1.32.90 |
|
15. |
Takazumi Katayama |
J |
Honda |
|
| 16. |
Kork Ballington
|
Zaf |
Kawasaki |
1.32.93 |
16. |
Boet van Dulmen |
NL |
Yamaha |
| 17. |
Dave Potter |
GB |
Yamaha |
1.33.20 |
17. |
Steve Parrish |
GB |
Suzuki |
| 18. |
Hubert Rigal |
MC |
Yamaha |
1.33.51 |
Machine |
Ronde
17 |
18. |
Roger Marshall |
GB |
Yamaha |
| 19. |
Carlo Perugini |
I |
Suzuki |
1.33.52 |
Machine |
Ronde
27 |
19. |
Willem Zoet |
NL |
Suzuki |
| 20. |
Bernard Fau |
F |
Yamaha |
1.33.55 |
Machine |
Ronde
17 |
20. |
Peter Sjöström |
S |
Suzuki |
| 21. |
Dale
Singleton |
USA |
Yamaha |
1.33.58 |
|
|
21. |
Paul Henderson |
GB |
Suzuki |
| 22. |
Sadao
Asami |
J |
Yamaha |
1.33.62 |
Machine |
Ronde
9 |
22. |
Gustav Reiner |
D |
Suzuki |
| 23. |
Roger Marshall |
GB |
Yamaha |
1.33.64 |
|
23. |
Werner Nenning |
A |
Yamaha |
| 24. |
Boet van Dulmen |
NL |
Yamaha |
1.33.73 |
24. |
Gerhard Vogt |
D |
Suzuki |
| 25. |
Jeffrey Sayle |
AUS |
Yamaha |
1.33.78 |
Machine |
Ronde
14 |
25. |
Henk de Vries |
NL |
Suzuki |
| 26. |
Willem Zoet |
NL |
Suzuki |
1.33.85 |
|

|
| 27. |
Raymond Roche |
F |
Yamaha |
1.33.89 |
| 28. |
Takazumi Katayama |
J |
Honda |
1.34.23 |
| 29. |
Gianni
Rolando |
I |
Suzuki |
1.34.27 |
Machine |
Ronde
18 |
| 30. |
Werner Nenning |
A |
Yamaha |
1.34.31 |
|
|
| 31. |
Graham Wood |
GB |
Yamaha |
1.34.36 |
Machine |
Ronde
26 |
| 32. |
Steve Manship |
GB |
Yamaha |
1.34.49 |
Machine |
Ronde
18 |
| 33. |
Seppo Rossi |
SF |
Suzuki |
1.34.51 |
Machine |
Ronde
14 |
| 34. |
Stu
Avant |
Nzl |
Suzuki |
1.34.59 |
Machine |
Ronde
4 |
| 35. |
Jon Ekerold |
Zaf |
Sol |
1.34.63 |
|
| 36. |
Steve Parrish |
GB |
Suzuki |
1.34.77 |
| 37. |
Gustav Reiner |
D |
Suzuki |
1.34.88 |
| 38. |
Ron Haslam |
GB |
Yamaha |
1.34.91 |
| 39. |
Gerhard Vogt |
D |
Suzuki |
?? |
| 40. |
Henk de Vries |
NL |
Suzuki |
?? |
| 41. |
Peter Sjöström |
S |
Suzuki |
?? |
| 42. |
Paul Henderson |
GB |
Suzuki |
?? |
 |
De
Fransman Patrick Pons, die voor de GP nog zo boos was op Yamaha,
kwam tijdens de race ten val en werd overreden door zijn
landgenoot Michel Rougerie. Pons overleed later in het
ziekenhuis.... Patrick had twee dagen in coma gelegen en was
maar 27 jaar geworden. Vorig jaar (1979) was hij nog
wereldkampioen geworden in de Formule 750 klasse. Het sinistere
aan het ongeval bleek een jaar later toen Michel Rougerie
hetzelfde overkwam toen hij overreden werd door een teamgenoot
en overleed. Tijdens de zijspanklasse kwam ook de Engelse
rijder Mal White om het leven, nadat zijn zijspan gelanceerd was
na een aanrijding. Zijn passagier raakte zwaar gewond, maar
overleefde de crash. |
|
|
Patrick
Pons Silverstone 1980 |
|
|
| "
Jack over
Jack" GP
Engeland, Silverstone |
|
Tijdens
de training zonk de moed in mijn schoenen. Wat was n.l. het
geval? Barry Sheene werd door Yamaha rijkelijk voorzien van
supersnelle spullen en wij moesten maar wat aantobben. Was Assen
dan nu al weer helemaal vergeten?? Toch was Sheene, ondanks alle
fabriekshulp, tijdens de training maar 1/100ste seconde sneller
dan ik. Resultaat een elfde trainingstijd. Ook hier ging men
akkoord, dat ik door Adri werd aangeduwd. Na drie ronden was ik
opgerukt naar een negende plaats en in aanmerking genomen, dat
ook nu weer de Suzuki's veel beter en sneller liepen, was ik
niet ontevreden. In de volgende ronde ging er toch weer iets
mis; mijn achterwiel begon weg te breken en ik moest
noodgedwongen gas terug nemen. Doordat Graeme Crosby en Wil
Hartog uitvielen was het eindresultaat toch nog een negende
plaats.
En nu maar aan de gang met het maken van voorbereidingen voor de laatste
GP van dit jaar. Deze wordt verreden in Duitsland op 24 augustus.
|
Hier
een volledig verslag van de races in Silverstone

24-08-1980
Grand Prix Duitsland, Nürburgring
Jack
begon Yamaha aardig zat te worden. Onderdelen kreeg hij zo
goed als niet en de onderdelen die hij wel had lieten hem danig in de steek. Op zich had
hij een aardig seizoen gereden, want hij was tenslotte ook het hele
seizoen nog geblesseerd door zijn valpartijen in 1979 en was bijna elke
Grand Prix als laatste aan de race begonnen. Volgens Yamaha viel Jack er
nog teveel vanaf. De enige echte valpartij waar hij misschien iets aan
had kunnen doen was in Frankrijk geweest en dan nog door een slechte,
zwabberende motor en bandenproblemen. De andere twee Nederlandse GP grootheden hadden
dit jaar meerdere en ernstigere valpartijen ondergaan.
|
Deelnemers
500cc Grand Prix Duitsland 1980 |
| 1. |
Kenny Roberts |
16. |
Raymond Roche |
29. |
John
Woodley |
41. |
Peter Sjöström |
53. |
Stu Avant |
| 2. |
Virginio Ferrari |
18. |
Max Wiener |
30. |
Werner Nenning |
42. |
Sergio Pellandini |
54. |
Markku
Matikainen |
| 4. |
Wil Hartog |
19. |
Jon Ekerold |
31. |
Elmar Renner |
43. |
Wolfgang
von Muralt |
55. |
Timo Pohjola |
| 5. |
Fanco Uncini |
20. |
Gregg Hansford |
32. |
Gustav Reiner |
44. |
Dale Singleton |
56. |
Kork Ballington |
| 6. |
Boet van Dulmen |
21. |
Marco
Lucchinelli |
33. |
Josef Hage |
45. |
Willem Zoet |
57. |
Clemens
Driesch |
| 7. |
Jack Middelburg |
22. |
Graziano
Rossi |
34. |
Gerhard
Vogt |
46. |
Giovanni Pelletier |
58. |
Bruno Kölble |
| 8. |
Randy Mamola |
23. |
Gianfranco Bonera |
35. |
Jürgen Steiner |
47. |
Sadao Asami |
59. |
Udo Stüsser |
| 9. |
Philippe
Coulon |
24. |
Carlos Perugini |
36. |
Maurizio
Massimiani |
48. |
Klaus
Klein |
60. |
Alois Tost |
| 11. |
Steve Parrish |
25. |
Johnny Cecotto |
37. |
Graeme Crosby |
49. |
Peter
Ammann |
61. |
Horst
Scherer |
| 12. |
Christian
Estrosi |
26. |
Michel Frutschi |
38. |
Jeff Sayle |
50. |
Günter Riehl |
62. |
Rolf Schneider |
| 14. |
Patrick Fernandez |
27. |
Franck Gross |
39. |
Hubert
Rigal |
51. |
Mick Grant |
63. |
Wolfgang Wellbrock |
| 15. |
Michel Rougerie |
28. |
Seppo Rossi |
40. |
Michael Schmidt |
52. |
Takazumi Katayama |
? |
Fritz
Reitmaier |

|
Trainingstijden
eerste 36 |
| 1. |
Randy Mamola |
8.24.91 |
|
10. |
Michel
Frutschi |
8.40.05 |
|
19. |
Sadao
Asami |
8.49.88 |
|
28. |
Wolfgang
von Muralt |
8.55.49 |
| 2. |
Kenny Roberts |
8.27.20 |
|
11. |
Gregg
Hansford |
8.41.02 |
|
20. |
Maurizio
Massimiani |
8.50.03 |
|
29. |
Klaus
Klein |
8.58.41 |
| 3. |
Wil Hartog |
8.28.74 |
|
12. |
Boet
van Dulmen |
8.41.36 |
|
21. |
Werner Nenning |
8.50.64 |
|
30. |
Peter
Ammann |
9.02.00 |
| 4. |
Marco Lucchinelli |
8.29.48 |
|
13. |
Kork Ballington |
8.43.36 |
|
22. |
Jeff
Sayle |
8.51.52 |
|
31. |
Sergio Pellandini |
9.02.42 |
| 5. |
Johnny Cecotto |
8.29.97 |
|
14. |
Philippe
Coulon |
8.43.75 |
|
23. |
Graziano
Rossi |
8.51.63 |
|
32. |
Giovanni Pelletier |
9.06.10 |
| 6. |
Franco Uncini |
8.31.13 |
|
15. |
Takazumi Katayama |
8.44.36 |
|
24. |
Willem
Zoet |
8.52.31 |
|
33. |
Seppo
Rossi |
9.06.32 |
| 7. |
Johnny Cecotto |
8.31.82 |
|
16. |
Carlo Perugini |
8.44.62 |
|
25. |
Dale Singleton |
8.52.57 |
|
34. |
Elmar
Renner |
9.03.76 |
| 8. |
Gustav Reiner |
8.32.80 |
|
17. |
Jon
Ekerold |
8.48.54 |
|
26. |
Steve Parrish |
8.55.27 |
|
35. |
Virginio
Ferrari |
9.10.11 |
| 9. |
Jack
Middelburg |
8.37.06 |
|
18. |
Josef Hage |
8.44.62 |
|
27. |
Stu Avant |
8.55.27 |
|
36. |
Max
Wiener |
9.14.07 |
De
laatste Grote Prijs werd dus in Duitsland verreden. Het zou de laatste
GP op het gevaarlijke 22 kilometer! lange circuit,
de Nürburgring worden, dat dateerde uit 1927, met zijn 74 bochten prachtig gesitueerd in de
Eifel. Men zou een
nieuwe Nürburgring gaan bouwen die twee jaar later klaar moest zijn (werd
1984). Het
oude circuit werd indertijd elk weekend als racebaan voor de
"gewone" man en vrouw gebruikt. Men kon voor 10 Duitse mark
een entreebewijs kopen en dan je rondjes rijden. Elk weekend maakten
daar enige duizenden (ook buitenlanders) gebruik van! Jack zette de 7e
trainingstijd op de klokken op het door rotswanden en vangrails omgeven
circuit en dit zonder uitwijkmogelijkheden. Men plaatste voor een Grand
Prix
15.000 strobalen! Verder was er nodig: 400 baancommissarissen, 300
politiemannen, 110 EHBO-ers, 80 brandweermannen, 12 ambulances, 11 doktoren en
twee helikopters, om de GP in goede en veilige banen te kunnen leiden. Jack liet zich deze keer niet aanduwen achterin het
startveld, maar maakte zelf een duwstart. Deze mislukte, doordat de
Yamaha erg makkelijk aansloeg en Jack hem bijna "verzoop", en
weer ging hij achterin het veld van ruim 40 coureurs weg. Een prachtige
inhaalrace bracht hem toch nog van een 43e naar een 8e plaats in deze laatste Grand
Prix.
Marco Luchinelli won de race voor Graeme Crosby (Nwz) en Wil Hartog.
Roberts hoefde slechts 9e te worden om de wereldtitel te prolongeren,
dus deed het rustig aan en pakte zijn derde titel op rij.

 |
|
© MOTOR Magazine |
 |
|
500cc Nürburgring middenveld: Jack komt er nadat hij als laatste
van de grid wegkwam al aan. Hier zit hij in 19e positie, heeft
er al enige ingehaald en zal al deze rijders voor hem en nog
meer passeren voor de finishvlag. |
In de 500cc klasse waren er nog twee kandidaten voor
de wereldtitel,
maar toch was er aanzienlijk minder spanning dan voor de aanvang van de 350-race. Randy Mamola
kon wereldkampioen 500cc worden, maar dan moest hij winnen en bovendien mocht zijn rivaal Kenny Roberts dan
niet bij de eerste acht eindigen. Mamola had er wel alles aan gedaan om zijn kansen zo
groot
mogelijk te maken. Voor de aanvang van de officiële trainingen had hij al twee (!) Suzuki
GSX 1100 straatmachines totaal versleten
in
zijn pogingen om de lange, moeilijke Nürburgring "van buiten te leren". Randy, die het
circuit nog nooit eerder gezien had, draaide dan ook een fabelachtige
trainingstijd van
8.24,9;
ruim vier seconden sneller dan het ronderecord.
Toch was hij
niet helemaal gerust. "Ik ben als de dood, dat het tijdens de wedstrijd gaat regenen", zei hij. "Ik
weet nog niet, of ik wel zal starten
op een natte baan..."
De Nederlanders dachten er anders over. "Als het regent, maakt het tenminste
niet zoveel verschil dat er geen fut in mijn
motor zit', grijnsde Boet. "Ik
hoop dat het sneeuwt!" Wil Hartog, die achter
Mamola en Roberts de derde trainingstijd
had gedraaid,
zag evenmin problemen. Er gingen in het rennerskwartier geruchten dat uitgerekend
Hartog, die de races op de Nürburgring het hele jaar heeft verdedigd tegenover de
overige
rijders, in geval
van regen niet zou starten. "Onzin"', reageerde
Wil. "Ik
word ziek van al dat
stomme
geklets.
Zoiets heb ik nooit gezegd!" Jack Middelburg had tijdens de trainingen al een
geluk bij een ongeluk
gehad. Op donderdagmiddag ging hij bij het passeren van
een langzame
rijder onderuit en vervolgens
wilden
de officials hem
zijn machine niet teruggeven, omdat Jack met een ongekeurde
motor de baan op was gegaan. "Ik ben bij de geluidskeuring geweest
en daar zeiden ze; "Oké, ga maar", vertelde Jack in krom Duits. "Omdat
er
tijdens die training geen tijdopname was, dacht ik dat het geen officiële training was; daarom ben ik ook niet
bij de technische keuring geweest."
Maar de heren officials zagen het anders: "Je bent
met een ongekeurde machine
gaan rijden en daarom
was je niet verzekerd. Je hebt geboft
dat je bij die valpartij
ongedeerd bent gebleven,
want
je zou alle ziekenhuiskosten zelf hebben moeten betalen!" Uiteindelijk kreeg Jack zijn fiets toch terug....
Bij de start waren Mamola, Lucchinelli, Crosby en Hartog de snelsten. Boet kwam als tiende voorbij, Zoet zat in de
middenmoot van het veld en Middelburg ging als allerlaatste op pad. Omdat Jack vanwege zijn zwakke been niet al te vlot van start kan gaan, pakte zijn machine pas aan toen de overige fietsen al een oorverdovend gehuil
produceerden. Jack hoorde zijn eigen motor niet, draaide het gas te ver open en verzoop zijn
Yamaha, zodat hij van voren af aan kon beginnen.
Maar zoals we al vaker opmerkten, schijnt dat allemaal niks uit te maken. Bij het ingaan van de tweede ronde reed Jack
namelijk al vlak achter Boet op de elfde plaats! Aan de kop wisselden Mamola en Lucchinelli stuivertje, terwijl Hartog tussen Crosby en Roberts ingeklemd de vierde
positie innam.
Aan het eind van de tweede ronde ontstond er paniek in de Mamola-pits. Randy's machine
begon te roken en het zou nog maar de vraag zijn, of hij de race zou uitrijden. Lucchinelli nam definitief de kop over en Hartog schudde Roberts van zich af,
terwijl Jack was opgerukt tot de 9e plaats, door o.a. Van Dulmen voorbij te gaan.
Van Dulmen en Zoet verdwenen later in de race van het strijdtoneel, Willem Zoet
meldde een vastlopertje en Boet kon geen enkele versnelling meer vinden; alleen nog
maar
een heleboel vrijstanden....
Lucchinelli won de 500-race met een forse voorsprong op Graeme Crosby, terwijl Hartog de derde plaats veilig stelde voor Roberts, die in de slotfase
Mamola voorbij was gegaan. Ondanks
zijn
doodzieke machine wist Randy echter wel Johnny Cecotto (zijn laatste 500cc
race) achter zich te houden, die een Yamaha fabrieksmachine had gekregen
om Roberts te steunen.
Lucchinelli won zodoende de wedstrijd, Roberts behaalde zijn derde wereldkampioenschap en Suzuki veroverde de
merkentitel. Ook voor de Nederlanders was het een voorspoedige wedstrijd, want naast de derde plaats van de Witte Reus was er aan de finish ook nog een fraaie 8e positie voor
"Jumping Jack".
 |
 |
 |
 |
|
Nürburgring
start 500cc Randy Mamola (#8), Wil Hartog (#4), Graeme
Crosby (#37), Marco Lucchinelli (#21), Kenny Roberts (#1),
Johnny Cecotto (#3), en Franco Uncini (#5) |
Sadao
Asami (#47) nog voor Jack (#7) |
|
 |
 |
 |
|
Podium
500cc Nürburgring: Wil Hartog, Marco Lucchinelli en
Graeme Crosby |
Podium
350cc Nürburgring: Anton Mang (2e), Jon Ekerold en Johnny
Cecotto (3e) |
 |
 |
 |
 |
|
350cc
winnaar en wereldkampioen Jon 'Eke' Ekerold viert feest |
 |
 |
 |
 |
|
Podium
125cc: Angel_Nieto (2e), Guy Bertin (1e) en Hans Müller (3e) |
50cc:
Eugenio Lazzarini (2e), Stefan Dörflinger (1e) en Hans-Jürgen
Hummel (3e) |
|
© foto's Toon
Kannekens |
|
|
 |
|
Jack en Wil feliciteren elkaar met hun goede prestaties in de
laatste GP van het jaar. |
 |
|
Gallinateam, met Lucchinelli & Rossi vooraan, viert feest na
overwinning. |
Marco Lucchinelli was tegen wil en dank winnaar geworden op de
levensgevaarlijke
Nürburgring.
Terwijl Wil Hartog zich tevreden toonde met zijn derde plaats in de
laatste WK-wedstrijd van het rommelig verlopen wegraceseizoen en Jack
Middelburg via een fabelachtige inhaalrace (32 coureurs ingehaald!)
vanaf de laatste startrij beslag wist te leggen op de achtste positie,
kwam aan het licht dat de zegevierende Italiaan in de 500cc klasse,
eigenlijk niet had willen rijden. Donderdagavond was er slaande ruzie
uitgebroken met teamleider Roberto Gallina, omdat de latere triomfator
grote angst voor de verraderlijke baan van ruim 22 kilometer zei te
hebben. Naar dat argument werd niet geluisterd, de Amerikaan Randy
Mamola moest rugdekking van hem krijgen in de strijd om de wereldtitel,
die nog veroverd kon worden als Kenny Roberts mocht uitvallen. Wat dus
niet gebeurde, zodat de Californiër na het behalen van de vierde plaats
gehuldigd werd als kampioen. Lucchinelli zat er van tevoren dus knap
over in en vond het onverantwoord om op de Nürburgring een GP te
verrijden. Als het nog om een wedstrijd ging waar niets op het spel
stond, was het nog te overwegen, maar niet in een wedstrijd waar zoveel
op het spel stond. Dat vond hij levensgevaarlijk op dit circuit, zonder
ontsnappingskansen. Zijn teamgenoot Graziano Rossi zei het 100% met hem
eens te zijn. Zodoende moest er dus een Italiaans opstandje de kop
ingedrukt worden. Chef-monteur Mitsi nam direct contact op met de
hoogste top van de Suzukifabriek en die waren duidelijk: contract is
contract en alle GP-wedstrijden dienen verreden te worden. Gallina
stemde hier dus mee in, wat Lucchinelli uit zijn vel deed springen. Hij
liet zich echter niet kennen, alhoewel hij diep gekrenkt was in zijn
trots toen dit voorval naar buiten kwam. Hij begon veel trainingsrondjes
te krijgen en zijn tijden werden beter en beter, met uiteindelijk de
overwinning als eindresultaat.

 |
|
Brandende 250cc machine in Duitsland, nadat er bij de start twee
rijders op elkaar reden. |
|
24 augustus 1980, Grand Prix Duitsland, circuit Nürburgring.
|
|
Trainingstijden 500cc |
Probleem |
Ronde |
Uitslag 500cc (6
ronden)
ronden) |
|
1. |
Randy Mamola |
USA |
Suzuki |
8.24.91 |
|
1. |
Marco
Lucchinelli |
I |
Suzuki |
50.38.13 |
|
2. |
Kenny Roberts |
USA |
Yamaha |
8.27.20 |
2. |
Graeme Crosby |
Nzl |
Suzuki |
50.58.04 |
|
3. |
Wil
Hartog |
NL |
Suzuki |
8.28.74 |
3. |
Wil
Hartog |
NL |
Suzuki |
51.02.00 |
|
4. |
Marco
Lucchinelli |
I |
Suzuki |
8.29.48 |
4. |
Kenny Roberts |
USA |
Yamaha |
51.26.23 |
|
5. |
Johnny Cecotto |
YV |
Yamaha |
8.29.97 |
5. |
Randy Mamola |
USA |
Suzuki |
51.28.06 |
|
6. |
Franco Uncini |
I |
Suzuki |
8.31.13 |
6. |
Johnny Cecotto |
YV |
Yamaha |
51.30.03 |
|
7. |
Graeme Crosby |
Nzl |
Suzuki |
8.31.82 |
7. |
Franco Uncini |
I |
Suzuki |
51.52.07 |
|
8. |
Gustav Reiner |
D |
Suzuki |
8.32.80 |
8. |
Jack
Middelburg |
NL |
Yamaha |
52.13.94 |
|
9. |
Jack
Middelburg |
NL |
Yamaha |
8.37.06 |
9. |
Carlo Perugini |
I |
Suzuki |
52.16.93 |
|
10. |
Michel Frutschi |
CH |
Yamaha |
8.40.05 |
Machine |
Ronde 2 |
10. |
Gustav Reiner |
D |
Suzuki |
52.18.69 |
|
11. |
Gregg Hansford |
AUS |
Kawasaki |
8.41.02 |
Machine |
Ronde 4 |
11. |
Kork Ballington |
Zaf |
Kawasaki |
52.43.77 |
|
12. |
Boet
van Dulmen |
NL |
Yamaha |
8.41.36 |
Machine |
Ronde 4 |
12. |
Takazumi Katayama |
J |
Suzuki |
52.45.60 |
|
13. |
Kork
Ballington |
Zaf |
Kawasaki |
8.43.36 |
|
13. |
Maurizio Massimiani |
I |
Yamaha |
53.37.76 |
|
14. |
Philippe Coulon |
CH |
Suzuki |
8.43.75 |
Machine |
Ronde 6 |
14. |
Stu Avant |
Nzl |
Suzuki |
53.38.05 |
|
15. |
Takazumi Katayama |
J |
Suzuki |
8.44.36 |
|
15. |
Sadao Asami |
J |
Yamaha |
53.52.98 |
|
16. |
Carlo Perugini |
I |
Suzuki |
8.44.62 |
16. |
Dale Singleton |
USA |
Yamaha |
53.55.38 |
|
17. |
Jon
Ekerold |
Zaf |
Sol |
8.48.54 |
17. |
Steve Parrish |
GB |
Suzuki |
54.00.42 |
|
18. |
Josef Hage |
D |
Suzuki |
8.48.68 |
18. |
Werner Nenning |
A |
Suzuki |
54.14.95 |
|
19. |
Sadao
Asami |
J |
Suzuki |
8.49.88 |
19. |
Josef Hage |
D |
Suzuki |
54.45.93 |
|
20. |
Maurizio Massimiani |
I |
Yamaha |
8.50.03 |
20. |
Peter Ammann |
D |
Suzuki |
55.18.75 |
|
21. |
Werner Nenning |
A |
Suzuki |
8.50.64 |
21. |
Giovanni Pelletier |
I |
Morbidelli |
|
|
22. |
Jeffrey Sayle |
AUS |
Yamaha |
8.51.52 |
Machine |
Ronde 5 |
22. |
Wolfgang von Muralt |
CH |
Yamaha |
|
23. |
Graziano Rossi |
I |
Suzuki |
8.51.63 |
Machine |
Ronde 2 |
23. |
Graziano Rossi |
I |
Suzuki |
|
24. |
Willem Zoet |
NL |
Suzuki |
8.52.31 |
Machine |
Ronde 5 |
24. |
Jürgen Steiner |
D |
Suzuki |
|
25. |
Dale Singleton |
USA |
Yamaha |
8.52.57 |
|
25. |
Max Wiener |
A |
Suzuki |
|
26. |
Steve Parrish |
GB |
Suzuki |
8.55.27 |
26. |
Michael Schmid |
A |
Suzuki |
|
27. |
Stu Avant |
Nzl |
Suzuki |
8.55.27 |
27. |
Alois Tost |
D |
Yamaha |
|
28. |
Wolfgang von Muralt |
CH |
Yamaha |
8.55.49 |
28. |
Bruno Kölble |
D |
Yamaha |
|
29. |
Klaus Klein |
D |
Suzuki |
8.58.41 |
Machine |
Ronde 2 |
29. |
Rolf
Schneider |
D |
Yamaha |
|
30. |
Peter Ammann |
D |
Suzuki |
9.02.00 |
|
|
|
31. |
Sergio Pellandini |
CH |
Suzuki |
9.02.42 |
Machine |
Ronde 5 |
|
32. |
Giovanni Pelletier |
I |
Morbidelli |
9.06.10 |
|
|
33. |
Seppo Rossi |
SF |
Suzuki |
9.06.32 |
|
34. |
Elmar
Renner |
D |
Suzuki |
9.03.76 |
Machine |
Ronde 4 |
|
35. |
Virginio Ferrari |
I |
Cagiva |
9.10.11 |
Machine |
Ronde 2 |
|
36. |
Max Wiener |
A |
Suzuki |
9.14.07 |
|
|
37. |
Michael Schmid |
A |
Suzuki |
9.14.73 |
|
38. |
Alois Tost |
D |
Yamaha |
?? |
|
39. |
Bruno Kölble |
D |
Yamaha |
?? |
|
40. |
Rolf
Schneider |
D |
Yamaha |
?? |
|
41. |
Carlo Prati |
I |
Suzuki |
?? |
Valpartij |
Ronde 6 |
|
42. |
Franck Gross |
F |
Suzuki |
?? |
Machine |
Ronde 2 |
|
43. |
Jürgen Steiner |
D |
Suzuki |
?? |
|
|
44. |
Clemens Driesch |
D |
Suzuki |
?? |
Machine |
Ronde 6 |
|
45. |
Fritz Reitmaier |
D |
Suzuki |
?? |
Machine |
Ronde 6 |
 |
|
Jan Muis, Jack en Adri in Duitsland voor de start |
|
©
foto Hero Drent |
31-08-1980 Internationale races België, St. Joris ten Distel
|
Deelnemers twee manches van 16 ronden 500cc St. Joris ten Distel |
|
01. |
Boet van Dulmen |
10. |
Michel Rougerie (F) |
20. |
Jacques Agopian (F) |
29. |
Peter Smetsers |
40. |
Theo van Heugten |
|
2. |
Jack Middelburg |
11. |
Barry Woodland
(GB) |
21. |
Rik Walden (AUS) |
30. |
Dale Singleton (USA) |
41. |
Rob Beute |
|
3. |
Wil Hartog |
12. |
Bernard Fau (F) |
22. |
John Woodley (Nzl) |
31. |
Rob Punt |
42. |
Hans-Otto Butenuth |
|
4. |
Jon Ekerold (Zaf) |
14. |
Franck Gross (F) |
23. |
Dennis Ireland (Nzl) |
32. |
Peter Labuschagne (Zaf) |
44. |
Josef Hage (D) |
|
5. |
Patrick Fernandez (F) |
15. |
Alan Jackson (GB) |
24. |
Lars Johansson (S) |
34. |
Armin Zeh |
45. |
Peter Amman (D) |
|
6. |
Steve Parrish (GB) |
16. |
Gary Lingham (GB) |
25. |
Takazumi Katayama (J) |
35. |
Albert Siegers |
46. |
Phil Delers (B) |
|
7. |
Stu Avant (Nzl) |
17. |
Chas Mortimer
(GB) |
26. |
Steve Mackim (GB) |
36. |
Klaus Klein (D) |
48. |
Jan Kostwinder |
|
8. |
Alain Nies (B) |
18. |
Willem Zoet |
27. |
Bobo van Eijk |
37. |
Gerhard Vogt (D) |
50. |
Sergio Pellandini (CH) |
|
9. |
Hubert Rigal (F) |
19. |
Bob Towse (GB) |
28. |
Nico Lentjes |
38. |
Peter Huber (CH) |
60. |
Luigi Rimoldi (I) |
|
9. |
Hubert Rigal (F) |
19. |
Bob Towse (GB) |
28. |
Nico Lentjes |
39. |
Karel Zegers |
62. |
Philippe Chaltin (B) |
Thuisgekomen uit
Duitsland stond Jack een onaangename verrassing te wachten. Hij had al
diverse malen dispensatie gekregen i.v.m. het uitzitten van zijn
gevangenisstraf voor te hard rijden op de openbare weg, maar nu kwamen
ze hem halen. Hij had gehoopt eerst nog een paar financieel
aantrekkelijke races te kunnen rijden, zich daarna te laten opereren aan
zijn been en dan revalideren in het "gevang". Hij had ook nog een
gratieverzoek ingediend bij onze nieuwe koningin, dat 'uiteraard' werd
afgewezen. Bea had haar moeder Wilhelmina opgevolgd in 1980 en dat soort
"operaties" leverde nogal eens gratie en Jack dacht daar ook gebruik van
te kunnen maken .
Jack werd eerst naar het 'huis van bewaring' in Den Haag gebracht en
daarna naar Rotterdam. Dankzij Hans Valstar (en de KNMV) die alles in
het werk stelde om zijn vriend toch nog los te krijgen, werd Jack na
enkele dagen toch weer vrij gelaten om het seizoen af te maken. Zo kon
Jack toch nog aan de internationale races van St. Joris ten Distel in
België deel nemen. Jack en Wil Hartog wonnen allebei een manche in de
500cc en in de 750cc klasse kreeg Jack een vastloper toen hij ver voor
lag op Wil Hartog. Tijdens de zijspanraces kwamen 3 Nederlandse coureurs
om het leven. Twee van hen zaten in één zijspan (Jos Stet en Andre
Schilder).... en officieel hadden deze niet mogen racen. Deze
gebeurtenis zou het begin van het einde inluiden van de NMB, omdat zij
een telegram hadden gestuurd waarin stond dat het zijspan mocht
meerijden.
De dodelijke ongevallen in Ammerzoden enkele maanden geleden betekenden
een zware klap voor de Nederlandse wegracerij. Het is te verwachten dat
de dodelijke ongevallen, die dit weekend in het West-Vlaamse St. Joris
ten Distel in België plaats vonden, een even zware hypotheek zullen
plaatsen op Belgische snelheidsraces op stratencircuits.
Op het 3,3 km lange circuit in St. Joris kwamen zaterdag Jos Stet en
diens bakkenist Andre Schilder om het leven. Vermoedelijk door een
loszittende stroomlijn raakte de combinatie aan het buitelen en beide
coureurs werden daarbij dodelijk gewond. De stroomlijn was tijdens de
training op zaterdagmorgen ook al losgeraakt en veroorzaakte
waarschijnlijk zaterdagmiddag opnieuw problemen. Zeer onder de indruk
van het dodelijke ongeval, besloten de organisatoren zondag zo lang
mogelijk te wachten met de start in de hoop dat het minder zou gaan
regenen. Die opzet lukte en alleen de 50cc en 350cc coureurs moesten
onder slechte weersomstandigheden gaan racen. Verder bleef de baan
vrijwel volledig droog. Vlak voor de aanvang van de zijspanrace werd een
minuut stilte in acht genomen ter nagedachtenis aan Stet en Schilder.
Het was al bijna 18.30 uur toen de wedstrijd van start ging. In de
eerste ronde van de zijspanrace gebeurde helaas opnieuw een dodelijk
ongeval. Boy Brouwer (33), die voor het eerst na maanden weer een eigen
machine bereed, na tijdelijk passagier te zijn geweest van Egbert
Streuer, miste bij het uitkomen van het dorpscentrum de bocht aan het
kanaal en knalde in de rijendikke strobalen. De achtervolgers konden het
duo niet ontwijken en reden over hen heen. Terwijl zijn passagier De
Haas vrij kwam met een armbreuk, was het veel erger gesteld met Brouwer.
Hij werd per helikopter naar het St. Jan Ziekenhuis in Gent
getransporteerd, doch toen men zondagavond bij de Rijkswacht informeerde
kon men helaas niets anders meedelen dan dat Brouwer overleden was (Boy
had nog enige jaren met een vrouwelijke bakkenist gereden, voor die tijd
erg bijzonder, haar naam was Anneke Mak. Boy had een week voor zijn
dodelijk ongeluk nog een derde plek behaald in de Grand Prix van
Duitsland op de Nürburgring, als bakkenist van Egbert Streuer. De vaste
bakkenist van Streuer, Johan vd Kaap had tijdens de Finse GP zijn
sleutelbeen gebroken en Boy zou de laatste drie GP's als Egbert's
bakkenist fungeren (6e in Tsjecho-Slowakije, 4e in Engeland en dus 3e in
Duitsland). In
1978 en 1979 had Boy samen met bakkenist, Jan Oostwouder, een paar
puntjes bij elkaar geschraapt in de GP's. Toen de ernst van het ongeval
zich via de radioposten langs het circuit razendsnel verspreidde, sprong
Kees v.d. Kruijs, de NMB-sekretaris, die in St. Joris echter geen
officiële functie bekleedde, met een bos vlaggen in de hand midden op de
baan bij start en finish om de race te stoppen. Uiteraard betekende het
ongeluk in de zijspanklasse, waarbij twee andere combinaties betrokken
waren, ook het einde van de racedag. Wil Hartog had daarna nog de
moeilijke taak om aan zijn collega-coureurs in het Engels en het
Nederlands uit te leggen, dat ze niet ter plekke uitbetaald zouden
worden, maar dat de startgelden per bankoverschrijving overgemaakt
zouden worden. Roger De Rijcke, de spil van de races in St. Joris, was
zo onder de indruk van de ongevallen, dat hij menselijk gezien niet in
staat was de uitbetaling der coureurs op correcte wijze af te wikkelen.
Hartog won in St. Joris zowel de 500 cc race als de F-750 klasse.
Tijdens de eerste reeks van de 500 cc kwam hij na halfkoers op kop,
waarbij hij Boet van Dulmen naar de tweede plaats verwees. De als derde
uit de eerste ronde komende Katayama, viel in de tweede ronde uit toen
zijn Suzuki een vastloper kreeg (Katayama startte op zijn privé-machine,
om dat de Honda NR500 terug is naar Japan voor meer pk's; de NR500 zal
mogelijk eind deze maand nog ingezet worden in Mugello in Italië). Jack
Middelburg rukte snel op naar de derde plaats en bleef die positie
bezetten. Willem Zoet werd fraai vierde door de Fransman Hubert Rigal
achter zich te laten, evenals de Amerikaan Dale Singleton. Zevende werd
John Woodley. Wereldkampioen 350cc Jon Ekerold viel in de 500cc race uit
in de zesde van de totaal veertien ronden (alle races met uitzondering
van de 50 cc werden met twee ronden ingekort om de opgelopen achterstand
op het startschema in te lopen). De Fransman Bernard Fau en de
Nederlander Johan ( Bobo) v an
Eijk konden door een fout van de baancommissarissen slechts 13 ronden
vol maken, want toen Wil Hartog vlak achter hen fgevlagd werd, werden
ook Fau en Van Eijk aan de kant gezet. Ondanks hun achtste en negende
positie haalden ze op papier het einde van de race niet. Toch kregen ze
permissie om in de tweede manche te starten. Nu werden Michel Rougerie
en Woodland, achtste en negende en Alain Nies maakte de eerste tien vol.
De tweede manche gaf opnieuw het Hollandse toptrio in de voorste
gelederen te zien. Jack Middelburg voerde met uitzondering van één ronde
steeds de kop aan en versloeg Wil Hartog (met een tweede plaats wel
winnaar van de totaalzege) en Boet van Dulmen (koploper in de vijfde
ronde). De Amerikaan Dale Singleton kreeg de 7 á 8 duizend toeschouwers
opnieuw op zijn hand met forse wheelies en werd vierde voor een
geprikkelde Bernard Fau. In de eindstand nam het Nederlandse toptrio de
ereplaatsen voor haar rekening: 1. Wil Hartog; 2. Jack Middelburg; 3.
Boet van Dulmen. Na de races moest Jack zich weer netjes meldden in
Rotterdam, om zich op te laten sluiten. Hij kreeg daar de functie van
'kaarseninpakker'.
|
Deelnemers Formule 750cc St. Joris ten Distel |
|
1. |
Wil Hartog |
11. |
Bernard Fau (F) |
22. |
Pieter Blaauboer |
32. |
Rini van Koulil |
46. |
Jean-Philippe Lacrosse (B) |
|
2. |
Boet van Dulmen |
12. |
Dennis Ireland (Nzl) |
23. |
Gérard Melly (CH) |
34. |
Andy Bond (GB) |
48. |
Patrick Orban (B) |
|
3. |
Jack Middelburg |
14. |
Jack Buyteart (B) |
24. |
Stu Avant (Nzl) |
35. |
Ernst Gschwender (D) |
49. |
Kwong-King Wong (D) |
|
4. |
Michel Rougerie (F) |
15. |
Franck Gross (F) |
25. |
Armin Zeh |
36. |
Willem Wassink |
50. |
Jacques Sacre (B) |
|
5. |
Hubert Rigal (F) |
16. |
Alain Terras (F) |
26. |
Terry Hutton (GB) |
38. |
Jan Kostwinder |
52. |
Marc Soulet (B) |
| 6. |
Steve Parrish (GB) |
17. |
Philippe Bargera
(F) |
27. |
Michaël Lohmann (D) |
40. |
Roland Maes (B) |
53. |
Rini Broeders |
|
7. |
Dale Singleton (USA) |
18. |
Gary Lingham (GB) |
28. |
Rob Beute |
42. |
Guy Cooremans (B) |
54. |
Philippe Chaltin (B) |
|
8. |
Takazumi Katayama (J) |
19. |
Hans-Otto Butenuth |
29. |
Martin Slinger |
43. |
Raoul Soomers (B) |
60. |
Karel Zegers |
|
9. |
John Woodley (Nzl) |
20. |
Derek Huxley (GB) |
30. |
Christian LeLiard (F) |
44. |
Michel Biver (B) |
64. |
Sergio Pellandini (CH) |
|
10. |
Jacques Agopian (F) |
21. |
Thierry Laurens (F) |
31. |
Rob Punt |
45. |
Frans van de Camp |
80. |
Jean-Pierre Oudin (B) |
De "Witte Reus" nam ook de Formule race voor zijn rekening. Hartog moest
halfweg de race de leiding voor twee ronden afstaan aan Jack Middelburg.
Op dat moment had Boet van Dulmen zich opgewerkt naar de derde plaats.
Maar zowel Jack als Boet zouden door vastlopers uitvallen. Wil won
daardoor uiteindelijk met grote voorsprong voor de Fransman Hubert Rigal
en de Brit Steve Parrish. Vierde t/m tiende werden Bernard Fau voor Stu
Avant, Steven, John Woodley, Rob Beute, Michel Rougerie en Armin Zeh.
Willem Zoet kwam ten val in de tweede ronde, de Belg Alain Nies volgde
dit slechte voorbeeld in de slotfase. Dale Singleton viel uit met pech.
De 50cc werd gewonnen door Paul Rimmelzwaan voor Stefan Dörflinger, de
125cc door Anton Straver eveneens voor Stefan Dörflinger, de 250cc door
de Fin Pekka Nurmi voor de Belg Jean-Marc Toffolo, Anton Mang en Didier
de Radiques. De 350cc werd uiteindelijk gewonnen door Jon Ekerold voor
Rini van Kasteren en de Fransman Jaques Bolle.
*Interview Anneke Mak "MAK IN HET
BAKKIE",okt. 1976
(Tijs Hofman & Ronnie Hertz)
 |
|
Boy Brouwer met Anneke Mak in de bak (#50) voor George
Knevelman-George Etz (#28). |
Ook al dartelen er weleens vrouwen op
snelle motorpistes rond, motorsport wordt nog steeds geacht mannenwerk
te zijn. er is één uitzondering: de 25-jarige brunette Anneke Mak. Als
bakkeniste een unieke verschijning op internationale circuits. Wat zegt
koele Anneke over de motorsport en de risico's daaraan verbonden? Om de
Yamaha met zijspan, een gespierd voertuig voor kerels met een brede zit,
staat nieuwsgierig starend motorvolk. Van onder blootliggende, morsige
leidingen en stangen klinkt uit het gigantische motorblok een onderdrukt
bronstig gegrom. Minuten lang gromt de machine door en de kenners staan
er nors zwijgend omheen te luisteren, met de handen in de zakken
gestoken van hun motorpak. Ze luisteren streng, met verslaafde
trommelvliezen, naar eventuele valse klappen in het slagwerk van de met
olie besmeurde knalpotten en snuiven onbekommerd de vrijkomende
koolmonoxide lucht op als ware het parfum. Dan draait coureur Boy
Brouwer de gasbuis wat open. Het groepje omstanders doet 'n paar stappen
terug om dan een zwaardere gromgolf over hun huid en vezels te laten
spoelen. Het is net of de tot dusver wat bleekjes in de trillende
benzinedamp glanzende zijspanpassagier als een motorengeltje opbloeit.
Na een minuut of wat wordt er weer meer gas gegeven, en dan nog eens,
tot het motorgebrul de tevreden mompelende motorkenners ruimschoots
overdondert. Meer en meer verliest het zijspanduo de passieve houding,
tot beiden plotseling op het vervaarlijk uitziende monster springen en
er met oorverdovend geloei vandoor gaan. In de ogen van het engeltje in
de bak is nog juist iets van een grote extase zichtbaar. Het engeltje
heet Anneke Mak, en doorgaans ziet ze, eruit als gewoon een goedmoedige
knappe juffrouw. Ik heb ha ar
ontmoet op een moment dat zij was gevat in de mode van deze herfst,
hooggelaarsd en kortgekapt. Geweldig. Ik trof haar samen met Boy op het
strand. In bikini, ai. Maar vandaag, tijdens haar training op het
Zandvoortse circuit; veranderen die beelden plotseling als zij zich hult
in een nauwsluitend pak van zachtblauw leer, metallic-blauw masker en
zwarte handschoenen, en wegscheurt in de aan het ronkende mechaniek
gekoppelde zijspan, die sterk aan een torpedo doet denken. Met een
adembenemende snelheid, sierlijk dalend door de bochten van het
duinterrein, van het geslacht onherkenbaar, maar menselijk in de
doelmatige behandeling van het zijspan, laat zij zich op 't rechte eind
soms met snelheden tot ver boven de 200 km per uur voortrazen op de
grens van leven en dood waar de meeste mensen zich niet durven wagen.
Maar telkens weer ontspringt zij de dans, ongehavend, moedig maar
doodnerveus. Verder is zij 25 jaar, hetgeen voor menige motorleek een
wonder mag heten. Voor alles dient men de magische aantrekkingskracht te
begrijpen die er uitgaat van een motorrenner. Tijdens heel die
jaarlijkse, door gebroken neuzen en ontvelde ellebogen gekenmerkte
tournee van de motorcoureurs, onder meer langs circuits als die van
Assen, Francorchamps en Le Mans, doet het geronk van de race motoren het
bloed van duizenden mensen sneller stromen. Het publiek beschouwt het
als een prachtig stuk waanzin, zo iets als duelleren of zich laten
opjagen door stieren in de straten van de Spaanse stad Pamplona. Heel de
zomer beult het groepje coureurs en bakkenisten zich af om een moordend
wekelijks programma van racen, slippen en vallen af te werken. Vooral
het leven van de bakkenist gaat daarbij niet over rozen. Vraag het maar
aan Anneke Mak. Voor een appel en een ei mag ze meedoen, te licht
bevonden om zelf een motor te berijden, maar zwaar genoeg om in de
zijspan mee te doen, slechts als bijrijder omdat het nu eenmaal niet
anders kan. Ze deugt alleen maar voor het beulswerk. De hele race is ze
in touw. Hangen en wurgen, trekken en duwen, steunen en zuchten: dat is
haar job. Voor de volle honderd procent deelt ze in de ellende. Bij
regen krijgt ze de volle laag en bij droog weer moet ze het meest
stofhappen. En wat is haar loon? Niet meer dan een gescheurd vetleren
pak. Slechts de allersterksten slagen erin hiermee een massa geld te
verdienen. De overigen mogen de kruimels verdelen. Verschil moet er
tenslotte zijn! Hoe groot die fooi is, zegt Anneke liever niet, omdat
het eigenlijk alle moeite niet loont. "Schrijf maar dat we er net onze
vervoerskosten van kunnen betalen," had ze nog 'n half uur voor de
training bijna verlegen gezegd. Je vraagt je af: Hoe komt zo'n meisje er
dan toe? Er zijn in de sport toch wel leukere rolletjes denkbaar dan je
door regen en wind te laten voortzeulen en nog dikwijls stank voor dank
te krijgen; Daar moet je toch getikt voor zijn.
Anneke beseft dat haar vrijetijdsbesteding uitzonderlijk is. Als ze na
vijf trainingsrondjes, doodvermoeid, uit 't bakje is gestapt en eenmaal
is weggedoken in de als caravan ingerichte donkerblauwe
Hanomag-bestelwagen, zegt ze onbewogen: "Het is de expansie. Ja dat is
't." Wat bedoel je met expansie? "Kijk's, de vrijheid, de snelheid, zo
moet je dat zien." Oooh! Haar kastanjebruin haar, dat zo onwillig begint
te krullen als ze transpireert, hangt in sliertjes langs haar gezicht,
waarin een paar reebruine ogen naast een hagelwitte lach vermoeidheid
laten zien. Volslanke Anneke, T-shirt met Yamaha-vignet, glimlacht bij
de opmerking dat een vrouw, temidden van de overwegend ruwgebouwde
mannelijke coureurs geen alledaagse verschijning is; dat de rol van de
vrouw in dit métier beperkt blijft tot het spelen van de flanerende
pitspoes of van de in spanning wegkwijnende echtgenote. Ze is het
nochtans geen van beiden. ''De bond, vond, "vervolgt ze smalend,"dat het
niet esthetisch was. Een verongelukte vrouw, met al dat bloed dat vinden
ze niet fijn, alsof dat van een man wel een prettig gezicht is. Alsof
het enig verschil maakt. Ik ben er jaren tegenin gegaan. Goed, zeiden
ze, laat je dan eerst maar medisch keuren. Ze dachten dat ik er niet
door zou komen. Sommige dokters zeggen immers dat motorrijden niet goed
is voor vrouwen. De dokter van de KNMV bekeek me van top tot teen en
alles was in orde. Zij voegt daar nog de persoonlijke mening van de
dokter aan toe: "Hij vond het zonde, maar dan niet uit medisch oogpunt.
Alles zat zo mooi op zijn plaats, zei hij." "Inderdaad," geeft ze toe,
"het is een extreme liefhebberij, maar je moet ons machientje niet als
vervoermiddel zien. Het gaat om de sport: Negenennegentig procent van de
mensen is het niet met me eens en dat kan ik me voorstellen. Je kan
tijdens een race niet vrouwelijk zijn, dat is onmogelijk. Als je in je
bloesje gaat, vraag je om je eigen ongeluk." Ogenschijnlijk geruisloos
heeft zij zich geschaard in de selectieve kring van uitsluitend
mannelijke collega's, wier namen in de nationale zijspancombinaties een
zekere autoriteit hebben. In werkelijkheid heeft ze moeten vechten voor
de moeizame erkenning, moeten vechten tegen intriges, tegenwerking en
geroddel, omdat mannen nu eenmaal menen dat een vrouwelijke benadering
van de typische mannensport motorrennen bij een grapje moet ophouden. In
het begin was er sprake van verbazing. Op de snelle circuits horen nu
eenmaal geen vrouwen, was de algemene redenering. Je hoorde ze gewoon
denken in termen als: belachelijk, vrouwenemancipatie, enzovoort. Hoe
kon een vrouw nou deelnemen aan iets waar geen vrouwen aan te pas komen?
Ik deed maar net of mijn neus bloedde. Niemand kende me ook, en niemand
kon dus weten dat ik al van kindsaf aan dol ben op de motorsport en er
in alle bescheidenheid ook heel veel van weet. Juist omdat ik de
ontwikkelingen op de voet ben blijven volgen."
Anneke zit nu echt op haar praatstoel. In kort bestek schetst ze haar
entree in de motorsport. "Vroeger bezocht ik regelmatig het circuit van
Assen en Zolder. Niet alleen het racen, de hele entourage van deze tak
van sport sprak mij aan, vanaf de eerste kennismaking. Dat ik echter in
de motorracerij terecht ben gekomen, is misschien toch toevallig."
Eigenlijk is 't zijspanduo Brouwer-Mak drie jaar geleden, zoals zo vaak
in deze sport, van de ene op de andere dag ontstaan. Boy Brouwer, toen
nog werkzaam als kok, zocht, na eerst zelf gepassagierd te hebben, nu op
zijn beurt iemand die naast hem in 't bakje durfde plaatsnemen. De
geschikte meerijder bleek maar moeilijk te vinden, want na
collega-kelner Berend Weers, die er na een ongeluk verder van afzag,
bleef het sukkelen.' Aan Anneke, die hij inmiddels had leren kennen, als
toekomstige passagier dacht hij toen nog niet. "Dat idee ontstond op een
keer toen we in België waren," zegt Anneke, en het klinkt alsof een
dierbare herinnering aan de buitenwereld wordt prijsgegeven. "Ik wilde
het best wel eens proberen, al dacht ik toen echt nog niet aan
wedstrijden." Boy Brouwer wel. Waarom niet? Het ging steeds leuker. Maar
net toen alles rond was en het tweetal besloot samen te gaan rijden,
kreeg Boy een aanbod van Klaas de Geus, die als een heel goeie passagier
bekend stond. Anneke maakte onmiddellijk plaats, zonder morren. "Omdat,"
verduidelijkt ze, "ik altijd heb gezegd: als Boy beter kan, dan moet ie
dat doen." Maar de eerste race van het duo Brouwer-De Geus was nog maar
net ten einde, of het kersverse koppel werd weer ontbonden. Dus toen
toch maar weer Anneke in het bakkie, met wie hij inmiddels in Ouderkerk
aan de Amstel was gaan samenwonen. "In Oudkarspel moest ik ineens aan de
bak," herinnert ze zich, "en eerlijk waar, tot de wedstrijd voelde ik me
helemaal niet zenuwachtig. Maar toen al merkte ik dat bij mij de
spanning echt groot wordt, zodra ik aan de start sta." Ze zucht, kijkt
alsof het allemaal wat oneerlijk verdeeld is in de wereld en zegt: "Die
zenuwen ben ik nooit kwijtgeraakt. In de slopende minuten voor de start
durf ik zelfs niet eens voor me uit te kijken." Over de risico's, aan de
motorsport verbonden, praat ze in korte, afgebeten zinnetjes, ze zegt
dat ze buiten de race wel eens aan 't gevaar denkt, maar het, als ze er
eenmaal mee bezig is niet zo beseft. "Als we aan het rijden zijn en ik
vind dat het te hard gaat, dan maak ik dat heus wel duidelijk, hoor." Ze
maakt met haar elleboog een stotende beweging. "Heee, kan dat niet wat
minder," roep ik tegen Boy. Meestal doet hij dat dan ook wel. Maar er
zijn ook momenten dat ik vind dat hij best wat harder mag. Kan je niet
wat gassen, vraag ik dan." Anneke Mak, in haar gewone doen fotografe aan
het Instituut voor de Tropen in Amsterdam, zorgt, impulsief als ze is,
in de combinatie letterlijk en figuurlijk voor het nodige tegenwicht.
"Mijn concentratie wil tijdens het rijden nog wel eens verslappen. Niet
goed natuurlijk, maar dat komt ook wel een beetje omdat ik meestal na
vier rondjes een afknapper krijg. Conditioneel ben ik eigenlijk nog
steeds niet sterk genoeg." Het klinkt als 'n biecht. "we doen er ook
niet veel voor, hoor, hoewel meer dan vroeger. Ik rook alleen na de race
nog een sigaretje en fiets elke dag naar kantoor, maar beter zou zijn
als ik er in de winter een andere sport bij zou gaan doen. We hebben
serieuze plannen en onlangs hebben we twee racefietsen gekocht." Daarmee
komt het gesprek op een heel ander aspect van de motorsport: het
financiële gedeelte. Sponsoring, is bij het rondtrekkende circus een
onmisbaar onderdeel geworden. "ook wij worden gesponsord, "geeft Anneke
toe, "want zonder de steun van sponsors zou het rijden van wedstrijden
onmogelijk zijn.
Omdat de sfeer in het bedrijf waar
Boy als kok werkte naar de Filistijnen was, is hij daar weggegaan. Dat
betekent echter wel dat hij een paar dagen als chauffeur moet gaan
werken, omdat we voor de motor centen nodig hebben. Wil je een beetje
vooraan kunnen rijden, dan kost het spulletje al gauw zo'n 35.000
gulden. Dat kost het ons ook. En ook wij doen ons best om harder te
kunnen gaan." Ze legt de nadruk op wij, omdat het grootste deel van de
startgelden nog steeds wordt afgeschoven naar de solorijders. In Assen
bijvoorbeeld bedroeg het startgeld 1000 gulden voor de soloklasse en 350
gulden voor de zijspannen. "We hebben onlangs in Engeland gereden voor
40 pond," slikt Anneke. "Wat is dat nou? Daar moet je dan alles van
betalen. Dan is zo'n bedrag helemaal niks. Nee, zonder sponsor is 't
niet op te brengen." Toch werd de combinatie vorig jaar Nederlands
kampioen, een titel die in Assen dit jaar weer werd verspeeld, omdat
daar een tweede plaats achter het koppel Geerts/Van Veen een derde
plaats opleverde in de eindrangschikking. Opnieuw was de start het
moeilijke punt geweest. Weer was Anneke hypernerveus en veel te snel in
't bakje gedoken, bang als ze was dat de Yamaha er zonder haar vandoor
zou gaan. Ze haalt gelaten haar schouders op en zegt, hoopvol, dat ze 't
toch ooit weleens zal leren. Ze is wat down, zichtbaar vermoeid en
eigenlijk ook wel ontevreden over de geleverde prestatie. Tenslotte had
ze enkele uren eerder nadrukkelijk gezegd: "Als vrouw in deze tak van
sport moet je meer presteren dan een man, anders accepteren ze je maar
moeilijk, blijven ze je met scheve ogen aankijken." Ze had zo graag het
cijfer 1 op de donkerblauwe Yamaha nog een seizoen gevoerd. Later dat
seizoen zou Anneke vervangen worden door
Jan Oostwouder, die tot de dood van Boy zijn vaste bakkenist zou
blijven, maar de bewuste dag er niet bij was.
---------------------------
|
07-09-1980 Nederlands kampioenschap races Assen |
 |
|
Start van de 500cc in Assen. Vooraan in beeld Henk de
Vries, dan Boet van Dulmen, Wil Hartog en, achteraan,
Jack. |
|
Ook
werd er nog een race voor het kampioenschap op Assen gereden. Al
in de training werd duidelijk, dat Wil Hartog zich voor eigen
publiek wilde revancheren voor zijn tegenvallende TT-prestatie.
Toch was Wil in de training slechts een halve seconde sneller
dan de inmiddels uit het Huis van Bewaring ontslagen Jack M. uit
Honselersdijk. Wil gunde Jack de pole-position vanwege de
overbekende beenblessure. Op ouderwetse wijze vertrok Wil Hartog
voor zijn race over twaalf ronden. Niemand kwam meer in zijn
buurt. In een prachtige stijl reed Wil naar de hoogste plaats op
het ereschavot. Ook J.M. was voor zijn doen bijzonder goed van
start gegaan, maar moest toch nog zes ronden strijd leveren met
Willem Zoet om de tweede plaats. Toen was het pleit in het
voordeel van Jack M. beslist. Met nog zes ronden te gaan
veranderde er niets meer in de eerste zeven posities. Achter
Willem Zoet reed Henk de Vries naar een vierde plaats. Boet van
Dulmen finishte als vijfde gevolgd door Albert Siegers en Dick
Alblas. Ook de tweede race in de halveliterklasse werd snel
beslist en na zes ronden een o ptocht.
Opnieuw liet Wil Hartog er met een bliksemstart geen gras over
groeien. Zeer gemakkelijk bouwde Wil een voorsprong op van
twaalf seconden. Jack M. was zeer slecht van start gegaan, maar
had in de vierde ronde al het achterwiel te pakken van Henk de
Vries, die door Zoet naar de derde plaats was verwezen. Boet was
inmiddels een keer rechtdoor gegaan en zocht een ronde later het
rennerskwartier op. Halverwege de race had Jack M. de tweede
plaats definitief in handen. Henk de Vries verspeelde twee
ronden voor tijd zijn vierde plaats met een schuiver als gevolg
van olie op de baan. Albert Siegers kwam hierdoor als vierde
over de streep. Dick Alblas pakte een vijfde plaats. Geen
boeiende strijd tussen de Grote Drie, maar wel een prima
verlopen racedag op de Drentse heide.
|
Hier een volledig verslag van de races op Assen

Jack meldde zich na de
races in Assen weer bij zijn "kosthuis" in Rotterdam, waar hij na het
uitzitten van zijn straf afgehaald werd, op vrijdag 12 september, door
Ben Verschoor de racing-manager van Castrol, en een hele delegatie, om
iets op te halen. Nieuwsgierig ging Jack mee. In
Maasland stond een driewieler voor hem klaar, met daarop de tekst:
"een rijbewijs is niet nodig" en een bordje 20 km/p.u. Jack vroeg toen:
'kan ik er zo mee wegrijden of moet ik eerst de tentharingen losmaken'.
Dit werd breed uitgemeten
in de pers met volop foto's erbij (evenals overigens de
gevangenistoestanden).
 |
|
© MOTOR Magazine

|
|
|
losgelaten uit het "kosthuis"
|
|
|
|
© foto M. E. Vos (misbruik wordt
bestraft).
|
|
|
|
14-09-1980 Internationale Olof-races Zandvoort
|
 De
Olof-races die normaal in Hilvarenbeek werden verreden, waren nu naar
Zandvoort gehaald. En men had direct flink in de buidel getast om
een paar toppers te halen. Niemand minder dan de twee eerste coureurs in
de eindstand van het WK waren aanwezig, Randy Mamola en Kenny Roberts.
De Nederlandse 'Grote Drie' waren er uiteraard, evenals toppers zoals:
Jon Ekerold, Steve Parris en Philippe Coulon. Tijdens slechte
weersomstandigheden won Randy Mamola de eerste manche voor Jack en
Roberts. De tweede won Hartog voor Mamola en Jack. Jack werd tweede over
beide manches.
Als opdracht kreeg ik mee destijds een interview te houden
met de winnaar van de TT van 1980. Dus vol goede moed
vertrokken we richting circuit Zandvoort waar de Olof races
gehouden werden. Door de slagbomen heen het rennerskwartier
in en wachten tot de groene Mercedes arriveerde. Na een
klein half uurtje vloog de slagboom omhoog en stopte Jack
bij zijn caravan. Direct tal van fotografen erbij en
handtekeningenjagers en vol geduld deelde hij de een na de
ander uit. We schudden elkaar de hand en ik vroeg hem of hij
straks even tijd had voor een interview. Hij haalde het
shaggie uit zijn mondhoek en keek van van beneden tot boven
aan en vroeg me zonder te aarzelen; "Zeg heb jij misschien
zin in een sigaar?" Ik aarzelde even, niet ingesteld op deze
vraag, en antwoordde hem : Ja dat is goed. Jack greep de
houten kist met Havanna's naast zich van de stoel en gaf me
een sigaar met bijbehorend vuurtje en riep me toe: "kom over
een uur maar even, dan heb ik tijd voor je."
Dat uurtje werd twee uur maar het gesprek was er niet
minder om. De eerstvolgende race stond ik opnieuw oog in oog
met Jack op het circuit en we begroeten elkaar vriendelijk
en ik duwde hem een kist Havanna's onder de neus met het
verzoek een sigaar te pakken. Hij moest lachen en samen
rookten we ook daar een sigaartje.
Dat hebben we gelukkig heel veel kunnen doen, en menigeen
vroeg ons beiden wel eens wat dat nu toch was dat gedoe met
de sigaren. Beiden hebben we daar nooit een antwoord op
gegeven. het was iets dat dateerde van die eerste ontmoeting
en we hebben dat er altijd ingehouden zonder uitleg te geven
aan wie dan ook.
Zo ook het moment dat Jack in Groningen voor zijn leven
vocht. Ik belde nog met het Academisch ziekenhuis maar kreeg
enkel te horen dat de situatie "stabiel maar kritiek was".
Thuis bij mij lag al een kaart klaar zonder ook maar een
woord tekst maar met een havanna erin gestopt.
Die kaart is helaas nooit meer verstuurd, nadat het bericht
volgde dat de vliegende kassenbouwer uit Honselersdijk was
overleden.
En sigaren hebben nooit meer zo 'prettig' gesmaakt.
|
 |
|
1983: Jack in gesprek met Mark Erwin Vos |
Hier een volledig verslag van de races op Zandvoort
© foto's Johan Blom

|
" Jack over Jack" Internationale
Olof-races Zandvoort |
|
Aan de laatste internationale wedstrijd in ons eigen landje werd
o.a. deelgenomen door de heren Randy Mamola en Kenny Roberts. De
jongens van de Olof-races hadden hun uiterste best
gedaan om zo veel mogelijk mensen naar Zandvoort te lokken. De
weergoden dachten er echter anders over en
gooiden knap roet in het eten. Rotjongens! In de training ging
het in zoverre mis, dat ik na zo’n tien rondjes weer moest
binnenlopen. Wat was het geval? De pas nieuw gemonteerde zuigers
waren door opwaaiend zand haast weer geheel versleten. Adri is
helemaal niet happy met Zandvoort; het is bijna altijd slecht
weer, is zijn mening en ik kan hem niet tegenspreken. Doordat ik
tijdens de training een tweede tijd had gerealiseerd stond ik
zondags naast Mamola (1e trainingstijd). Roberts stond zevende.
Alhoewel mijn start bar goed was, was Wil Hartog me toch te snel
af. Na in de eerste ronde als tweede en in de tweede ronde als
derde te zijn doorgekomen, kwam ik tot de conclusie, dat de
Suzuki's niet bij te houden waren. Het wachten was nu op
Roberts. En toen die niet op kwam dagen en ik in een flits zag
dat Hartog in de pits stond, realiseerde ik me, dat ik op een
tweede plaats reed. Houden zo, dacht ik! Uitslag eerste manche:
1. Mamola, 2. Middelburg. Vlak voor de tweede manche begon viel
er een stortbui. De vraag was nu, weg op droge of natte banden.
Iedereen gokte, net als ik, op "droog", en het werd droog. De
start van de tweede manche was een herhaling van
de eerste; Hartog als eerste weg, gelijk een behoorlijk gat
slaande, terwijl ik een aardig gevecht leverde met de twee
Amerikanen. Op de rechte stukken kwam Mamola me zo
verschrikkelijk hard voorbij, dat ik me uit mijn figuurnaadje
schrok. Na een paar keer dwars gestaan te hebben dacht ik, je
kunt me wat, en ik heb hem lekker laten gaan. Roberts echter heb
ik keurig 12 seconden achter me kunnen houden.
De einduitslag was dan ook: 1. Mamola, 2. Middelburg
(dus ikke) en 3.
Roberts.
|
 |
 |
|
Olof races Zandvoort: Johan van Eijk
(1e manche 18e en 2e manche 14e, totaal 13e) |
Johan van Eijk voor Rob Punt (#51)
(1e manche 15e en 2e manche 12e, totaal 10e) |
|
© foto's Johan Blom
|
28-09-1980 Nederlands kampioenschap, België, Mettet
© foto Johan Blom
Jack reed o.a. nog wat wedstrijden,
internationaal (Macao) en in België voor het Nederlands kampioenschap,
dit door de vele dodelijke ongevallen op de Nederlandse circuits.
Hierdoor werd er dus uitgeweken naar België. De derde race voor het
kampioenschap vond plaats op het zeer hobbelige stratencircuit van
Mettet. De Belgen hielden gelijktijdig hun wedstrijden voor het Belgisch
kampioenschap. De races in de 50cc en zijspanklasse werden samen gereden
vanwege de geringe inschrijvingen. Jack moest als laatste starten
(aangeduwd door Adri), doch dit weerhield hem er niet van om binnen een
ronde achter de kopgroep (Zoet, Siegers en De Vries) te zitten. Jack nam
de kop over, maar moest zich na twee ronden aan de leiding gewonnen
geven aan Zoet. Hij moest teveel risico nemen om de snellere Suzuki van
Zoet bij te kunnen houden. In de bochten kon Jack hem d.m.v.
sensationeel stuurwerk wel partij geven, maar op de rechte stukken moest
hij teveel terrein prijs geven.
 |
Jack en
Jan Kostwinder.
|
|
" Jack over Jack" races
K.N.M.V.-cup Mettet
(België) |
|
De door de
K.N.M.V.-cup
te verrijden
wedstrijd op het circuit van Mettet, België is voor ons, Adri en
mij, een sof weekend geworden. In de training hadden we direct
al problemen. Op een gegeven ogenblik dachten we het gevonden te
hebben en dat er iets mis was met de ontsteking. Tot diep in de
nacht is Adri met de machine bezig geweest en meende, dat hij
het euvel had kunnen verhelpen.
Omdat ik zaterdags niet rond was gekomen kreeg ik
toestemming om op zondagmorgen even te trainen. Vol goede moed
ging ik de baan op maar na de eerste ronde voelde ik het al
weer, dat als ik op het rechte eind de motor voluit liet gaan,
dat hij bij 10.000 toeren begon in te houden. We besloten 's
middags toch maar van start te gaan en maar af te wachten waar
het schip zou stranden. De hele wedstrijd heb ik me zitten
verbijten, want op de rechte stukken kwam Willem Zoet me voorbij
alsof ik stilstond. Op het bochtige gedeelte kon ik dan gelukkig
weer wat goedmaken van mijn achterstand, maar toch zwiepte
Willem zijn machine als eerste over de eindstreep. Die tweede
plaats zat me helemaal niet lekker!
Jack |
05-10-1980 Nederlands kampioenschap, België, Nivelles
 |
|
Mettet: Willem Zoet, Albert Siegers (Jack's monteur vanaf het
volgende seizoen) en Jack |
Een week later op het circuit van
Nivelles was er bijna een kopie van de 500cc race op Mettet. Jack die
weer achteraan het veld startte, binnen een ronde aan de kop zat, maar
zich ondanks fantastisch stuur- en remwerk gewonnen moest geven. De
finish was nl. op het eind van een lang recht stuk. De combinatie
Zoet-Suzuki was daardoor niet te kloppen.
De laatste race voor het NK, op Zolder, liet Jack aan zich voorbij gaan,
Zoet werd dus wederom Nederlands (Belgisch eigenlijk) kampioen. Jack
werd nog wel tweede in het kampioenschap.
Nog paar net voordat de sneeuwval zich, vooral in het oosten van
het land centimeters
dik aankondigde
zat
het wegraceseizoen 1980 erop. Door de overbekende moeilijkheden in de
vaderlandse motorrace zag het er aanvankelijk naar uit dat er dit jaar
helemaal niet meer gereden zou worden, maar ter elfder ure bracht de
KNMV de oplossing. Er zouden KNMV Cupraces verreden worden. Twee in
Nederland, in Assen en Zandvoort en drie in België in Mettet, in Nijvel
en op het circuit van Zolder. Het werden zonder meer geslaagde
wedstrijden, ondanks het sterk gedevalueerde, de NMB rijders werden node
gemist, rennersveld. Om het aantal aankomende niet tot zeven, acht man
te beperken moesten uit elke klasse zelfs de, in de kampioensstanden,
vijf beste nationale rijders
opgetrommeld worden en de meeste
van hen grepen die kans met beide handen aan. Prettig bij dit alles was
dat ondanks het feit dat
er zo laat in het jaar nog gereden werd de weergoden voortreffelijk
meewerkten en alleen tijdens de laatste wedstrijd in Zolder hadden
sommige klassen wat last van lichte regenval. Maar het mooiste was toch
wel de goede afloop van de vijf cup-wedstrijden Er deden zich geen al te
ernstige ongelukken voor, zodat
het rampseizoen 1980 niet in
een al te erge mineurstemming hoefde te eindigen. Het deelnemersveld van
de KNMV-cupraces
kenmerkte zich vooral door de smalle top, waardoor de strijd om de
eerste plaatsen zeer voorspelbaar werd. Enkele renners domineerden hun
klasse zelfs volledig. Zoals
een Hans Spaan, die met
ogenschijnlijk speels gemak alle wedstrijden in de 50cc klasse op zijn
naam schreef. In werkelijkheid moest hij er in ieder geval vier van de
vijf keer keihard
voor werken om routenier Theo
Timmer van het lijf te houden. Het zeer waarschijnlijk wat grotere
vermogen van de Van Veen Kreidler hielp hem daarbij een handje om de
oude rot in het vak Timmer voor te blijven. Maar het waren slechts nipte
overwinningen. Opvallend in deze klasse was ook het sterke rijden van
George Looijesteijn, die uit de schaduw van zijn succesvolle broer
Peter, toch langzaam maar zeker de top aan het bereiken
was.
Ook broer Peter werd door de concurrentie goed in de gaten gehouden.
Maar zijn collega's in de 125cc klasse hielp dat weinig, want Peter gaf
ze geen schijn van kans. Of toch, één keer in Zolder. Daar reed hij door
een sleutelbeenbreuk, opgelopen even ervoor in de 250ce klasse, niet
mee. Voor het eerst ging de strijd om de eerste plaats en niet om de
tweede plaats. Na afloop beklom Ton Spek volkomen verdiend de hoogste
trede op het ereschavot. De manier waarop hij in Zolder rond ging was
werkelijk indrukwekkend, trouwens ook op de veeleisende banen
van Assen (2e) en Zandvoort
(in duel met Peter Looijesteijn tijdens de regen gevallen) bewees Ton
een belofte voor de toekomst te zijn.
De strijd in de
kwartliterklasse ging vooral tussen Klaas Hernamdt en Peter
Looijesteijn. Vooral aanvankelijk zag het er naar uit dat Peter ook hier
aan het langste eind zou trekken, vooral geholpen door de pechduivel,
die ook nu weer regelmatig bij Klaas meereed. In Mettet
sloeg Klaas echter net op
tijd terug, en hoe, hij won er twee klassen maar desondanks zag h et
er na de overwinningen van Peter in Zandvoort en Nijvel naar uit, dat
laatstgenoemde
de beste papieren in handen
had, om in Zolder ook de 250cc titel te grijpen. Dat zou dan z’n derde
titel
worden. Maar al lijken de kansen
nog zo gunstig, de beslissing is pas gevallen als de zwart-wit geblokte
vlag voor het laatst gezwaaid wordt. Dat ondervond ook Peter. Op kop
liggend, met een toch
wel comfortabele voorsprong ging hij onderuit, daarmee zijn titel verspelend
door een
sleutelbeenbreuk. Alleen Mar
Schouten kon zich met dit duo meten, maar aangezien zijn vrouw op het
punt stond te bevallen, bracht Mar meer tijd naast het kraambed, dan op
de motor door. Enfin, we nemen aan dat Mar gelukkiger is met zijn
dochter dan met een kampioenstitel.
De titel bij de
halveliters werd wederom door Willem Zoet gegrepen. Hij reed dit jaar
ijzersterk, maar de eerlijkheid gebied wel te zeggen dat de Yamaha hem
een stevig handje hielp. Yamaha? Hij reed toch Suzuki? Inderdaad Willem
bereed een Suzuki, maar we bedoelen te zeggen dat de Yamaha van Jack
Middelburg hem een handje hielp, gewoon door niet hard genoeg te lopen.
Zelfs op een echt stuurcircuit als Nijvel kon Jack het niet redden,
simpel omdat de Suzuki zo ontzettend veel sneller was: Jack reed
werkelijk de vlammen uit het asfalt om Zoet te pakken maar hoewel hij
telkens ontzettend laat in de ankers ging, was het voor hem frustrerend
te zien hoe ver Willem op het rechte eind kon uitlopen. Goed, Zoet dus
kampioen, maar Middelburg de sterkste. Den Boet kwam in het stuk
helemaal niet voor en Wil Hartog deed alleen mee in deel één, in Assen,
waar hij won.
De strijd in de Formule klasse stelde, met slechts een handvol
deelnemers, dit jaar erg weinig voor. Ze reden gecombineerd met de 250cc
klasse, om toch nog een echte wedstrijd te kunnen vormen. De titel ging
naar Pieter Blauwboer, terwijl de titel in de zijspannen naar Egbert
Streuer met Johan van der Knaap ging.
23
september was weer een zwarte dag in het leven van Jack. Zijn neef John
Middelburg overleed op 24 jarige leeftijd, nadat hij tijdens nationale
motorraces op Assen op 21 september ernstig ten val was gekomen. John
was door het grote voorbeeld dat zijn neef voor hem was ook gaan racen,
daarom was het voor Jack nog moeilijker om het te accepteren.
 |
|
Jan
Kostwinder zijn machine even vakkundig door Jack bijgesteld.
Let op het afgeplakte startnummer van Jan. |
 |
|
Jan op Jack zijn machine, met
zijn eigen startnummer 24. |
In oktober werd bekend dat Jack overstapte van Yamaha naar Suzuki, of
weer terug ging, net hoe je wilt. Saromé zou hoofdsponsor worden en via
Suzuki-importeur Nimag werden twee produktie-Suzuki's aangeschaft.
Suzuki zou met drie fabriekcoureurs aan de start van het nieuwe seizoen
gaan verschijnen: Randy Mamola, Marco Lucchinelli en Graeme Crosby.
Hartog zou geen eerste fabriekscoureur meer zijn, maar zou wel, evenals
Franco Uncini en Philippe Coulon het snelste materiaal van 1981 krijgen,
hetzelfde materiaal waar Hartog dus in 1980 op had gereden. Van Dulmen
zou een replica krijgen van de fabrieksmachine van Yamaha waar Roberts
wereldkampioen op was geworden. In november reed Jack nog een race in
Macao (Guia circuit), een Portugese enclave voor de zuidkust van China,
maar die verliep niet erg plezierig, want Jack kwam tijdens de training
ten val en kon niet in de race van start gaan. Ook erg fraai wat het
ongeluk betrof: Jack had technische problemen met zijn Yamaha en die
konden niet op tijd voor de trainingen opgelost worden. Hij leende
daarom even de machine van Jan Kostwinder, die ook in Macao reed. Met
deze machine ging Jack dus onderuit en buiten Jack, lag ook de machine
van Jan Kostwinder in de kreukels en wel zodanig dat er niet meer mee
viel te rijden. Een geluk bij een ongeluk was dus dat Jack niet meer kon
rijden, maar wel een motor had en Jan wel kon rijden, maar geen motor
meer had! Nadat de technische problemen aan de Yamaha waren opgelost kon
Jan dus de race met de Yamaha van Jack rijden. Een gebroken
middenhandsbeentje belette Jack om verder in actie te komen.
Deze Grand Prix van Macao
werd elk jaar aan het einde van het seizoen gehouden. Redelijk veel
Europese toppers deden wel eens of meerdere keren mee aan deze races.
Voor Jack zou dit een eenmalig, financieel aantrekkelijk optreden zijn.
De Japanner Sadao Asami, bekend van vele 500cc, 350cc en F750 Grand
Prix, won de race drie keer achter elkaar, van 1978 t/m 1980. Ron Haslam
won hem daarna drie keer op rij en van 1985 t/m 1987 nogmaals drie keer
achter elkaar. Andere bekende winnaars uit het Grand Prix racen: Ikujiro
Takai ('72), Hiroyuki Kawasaki ('74), Hideo Kanaya ('75), Chas Mortimer
('76), Mick Grant ('77 & '84) en Kevin Schwantz ('88).
Eind november
kon Jack dan eindelijk weer onder het mes bij Derweduwen. Er werd een
hoeveelheid plaatwerk uit zijn been gehaald en vervangen door een
ijzeren pijp inwendig in het bot. De operatie verliep
probleemloos. Gelijktijdig werd er naar zijn gebroken
middenvoetsbeentjes en zijn gekwetste lendenwervels gekeken. Hij had de
wintermaanden zeker weer nodig om enigszins te genezen.
|
DE TELEGRAAF, vrijdag 5 december 1980 |
|
'Jumping Jack' is nu 'bionisch' |
|
Nieuwe Nimag-Suzuki's voor Middelburg
(door Berry Zand Scholten) |
Elk
jaar weer, meestal een paar weken voor de kerst, biedt de
gezellige woning van motorcoureur 'Jumping Jack' Middelburg
dezelfde aanblik: De kamer omgetoverd tot ziekenboeg met als
centraal middelpunt daarin een eenpersoonsbed, geflankeerd door
krukken. En daarin ligt dan elk jaar weer dezelfde coureur met
exact dezelfde ongedurige blik in zijn ogen, zich te verbijten.
,,Ik wist dat het allemaal moest gebeuren', zegt Jack
Middelburg, ,,Na het seizoen zou ik nog één keer aan mijn been
geopereerd moeten worden. Dan zou die metalen plaat eruit
moeten. Dat is nu gebeurd. Er is nu een ijzeren pijp ingezet,
maar nou lig ik hier weer. Dat schiet niet op jongens, maar
laten we hopen dat het de laatste keer is. Zo langzamerhand ben
ik zelf een hele ijzerwinkel geworden, een soort "bionische
coureur" dus!" Toch kan Jack Middelburg nog lachen, waarom ook
niet? De operatie bij de Belgische wonderdokter Joan Derweduwen
is goed gelukt en vroeg in het seizoen staan er twee gloednieuwe
500cc productie-Suzuki's voor Jack klaar. En dan gaat de pret
goed beginnen voor de Westlandse kassenbouwer, want hij is van
plan om er in 1981 nog harder tegenaan te gaan als is dit jaar.
Middelburg gaat in 1981 helemaal in het nieuw: een nieuwe
sponsor (Jack: IMN-racemanager Hans Moerkerk vertelde me dat ik
iets te "wild" was voor het Grand-Prixwerk, dus met die man was
ik snel uitgepraat!"), nieuwe machines (de Nederlandse en Duitse
Suzuki-importeur Nimag zegde Jack twee snelle productiemachines
toe) en een nieuwe monteur (na het vertrek van Adri van der
Broeke, die een eigen tuningsbedrijf annex motorhandel in
Oost-Kapelle is begonnen, zal Jack waarschijnlijk een
overeenkomst sluiten met Willeke van Wanrooy, Suzuki-kenner bij
uitstek en ex-monteur van Wil Hartog). (dat zou uiteindelijk
dus Albert Siegers worden, Willeke bleek financieel niet
haalbaar te zijn). Middelburg: ,,Ik was het gedonder met de
Yamaha's spuugzat. Bij de Europese vestiging van Yamaha, met
name directeur Tanaka San, wilde men nog wel wat met mij doen,
maar de Nederlandse importeur zag het niet zitten. Die stuurde
ook laconiek Boet van Dulmen uit naar de fabriek in Sugo, Japan,
om daar te testen. Nou, ze bekijken het dan maar. Ik heb altijd
al uitstekende contacten met Suzuki en de Nimag onderhouden en
het contact met Joop Bühre en Hans van Doorn was weer snel
hersteld. Het staat nu vast dat Suzuki drie fabriekrijders
contracteert: Randy Mamola; de tweede man van het
wereldkampioenschap, Marco Lucchinelli en Graeme Crosby,
daarnaast zullen er vier coureurs over de snelle machines van
1980 kunnen beschikken: Wil Hartog, Franco Uncini, Philippe
Coulon en ik. Jack Middelburg heeft er weer zin in. In België
verwijderden ze de stalen platen uit zijn been en dokter
Derweduwen bracht nu een stalen pijp in het inwendige van het
bot aan. ,,Sterker en sneller genezend", gaf hij Jack mee,
,,maar hij had wel blaren op zijn handen van de operatie, want
mijn beenderwerk bleek eerst "uitgefreesd" te moeten worden om
de holle pijp te kunnen aanbrengen," aldus 'Jumping Jack". ,,Met
die toestand kan ik oud worden", zegt hij optimistisch en - als
altijd de ene grap na de andere plaatsend - voegt hij er voor de
fotograaf aan toe: ,,Ik heb Derweduwen's gereedschap nu meteen
maar mee naar huis genomen, want ik ben het nu toch wel zat".
Met kerstmis wil Jack weer op de been zijn, dan een korte
vakantie en vervolgens op voor een "testrace" in Daytona. In
april 1981, als in Oostenrijk de eerste Grand Prix van het jaar
van start gaat, wil hij er dan staan. ,,Hoe belangrijk een goed
geprepareerde machine, in het begin van het seizoen is, hebben
we aan Kenny Roberts kunnen zien, " zegt hij professioneel,
zonder daarmee iets te kort te willen doen aan de prestaties van
de drievoudig wereldkampioen. Jack Middelburg, terug op Suzuki,
dat belooft wat, want de jongste solist van ons toprace-trio,
heeft het afgelopen seizoen terdege bewezen dat hij er geen
"been in ziet" de allergrootste mannen grandioos af te bluffen. |

 |
 |
|
Prijsuitreiking TT door Jaap Timmer(live gezien)
|
Dit jaar werd werd Jack tijdens de
motorsportman van het jaar verkiezing van Moto'73 eerste, met ruime
meerderheid verkozen. Tevens kreeg hij van de KNMV de prestigieuze Hans
de Beaufort-onderscheiding. Dit is de hoogste onderscheiding in de
Nederlandse motorsport. Jack barstte in een juichkreet uit, toen
bekend werd dat hij de verkiezing gewonnen had en nam zeer geëmotioneerd
de beker in ontvangst. Hans de Beaufort, afkomstig uit Leusden, was een
oud-lid van de KNMV, motor- en autocoureur en journalist bij het
weekblad Motor. Hij is door de Duitsers gefusilleerd, in de Tweede
Wereldoorlog, wegens verzetsdaden. Hij was in vele facetten van de
motorsport erg succesvol. Sinds 1947 kende de KNMV, bijna elk jaar, deze
beker toe, het was voor de motorsporters een soort van wat de Oscar voor
Hollywood is.
|
DE TELEGRAAF, vrijdag 12 december 1980 |
|
'Jumping Jack' dé coureur van 1980 |
|
(door Berry Zand Scholten) |
'Jumping Jack'
Middelburg is motorsportman van het jaar in 1980 geworden.
Nauwelijks uit het ziekenhuis waar hij de laatste operatie aan
zijn been onderging, stond
Jack Middelburg gisteravond te glunderen in Raalte, waar Coen
Verburg, hoofdredacteur van Moto '73 hem de oorkonde en de
versierselen overhandigde. Jack Middelburg zal het komende
seizoen Suzuki gaan rijden, evenals Wil Hartog. Een kleine
tegenvaller voor Yamaha, maar de importeur van deze machines kan
zich gelukkig prijzen met het feit dat zijn Yamaha RD 350 werd
verkozen tot motorfiets van het jaar en dat Boet van Dulmen in
1981, na lange onderhandelingen, voor Yamaha gaat rijden op een
Kenny Roberts replica TZ500, fabrieksmachine. Maar alle aandacht
was gisteren natuurlijk voor 'Jumping Jack'. De Westlandse
coureur werd door de overgrote meerderheid van de Moto '73
lezers uitgeroepen tot de populairste en allerbeste. Ruim 14.000
stemmen incasseerde Jack Middelburg. Motorcrosser Kees van der
Ven werd met 6.000 stemmen tweede. De top-10 van de Nederlandse
motorsport was gisteren in volle oorlogssterkte naar Raalte
gekomen voor de jaarlijkse uitreiking. Daar kregen Wil Hartog,
Boet van Dulmen, Gerard Rond, Peter Looijesteijn, Egbert Streuer
en Johan van der Knaap, Willem Zoet, Ton van Heugten en Frits
Keggen en motorsprinter Henk Vink te horen dat zij de motorsport
top-10 completeerden. De Suzuki CSX 1100 werd de tweede
motorfiets, de Honda CB750 FA derde.
 |
Boet van Dulmen blij met Yamaha fabrieksracer, Jack is ook blij
voor hem.
|
De grootste
motorbond van ons land, de KNMV, schitterde door afwezigheid.
,,De KNMV is kennelijk nog steeds bang dat wij met deze
populairiteitspoll hun Hans de Beaufort-bekercompetitie schade
berokkenen zei Moto 73 hoofdredacteur Coen Verburg. Jack
Middelburg was zeer vereerd. ,,Ik heb me tenminste dit seizoen
niet helemaal voor niets klemgereden", zei hij. Zijn grandioze
TT-zege, zijn overwinningen in Raalte en Chimay hebben zeer veel
bijgedragen tot de grote populariteit van 'Jumping Jack'. Voor
Jack Middelburg staan, zeer vroeg in het komend seizoen,
Suzuki's klaar, via importeur Nimag. Boet van Dulmen tekende
zeer laat zijn contract met Yamaha-IMN. ,,Deze week werd pas
bekend dat we een goede fabrieksmachine zouden krijgen", aldus
Boet, ,,anders had ik ook Suzuki gereden". |
|
|
|
De Haagsche Courant, vrijdag 12 december 1980 |
|
Verkiezing wijst uit: |
|
Middelburg favoriet bij motorliefhebbers
(door Peter van Zwienen) |
|
Motorcoureur Jack Middelburg raakt gewend aan feestjes waarin
zijn persoon het middelpunt is. Hoewel bescheidenheid nooit de
boventoon voerde, gedroeg hij zich voor zijn TT-overwinning
altijd wat onwennig in groot gezelschap, maar zijn Grand Prix
overwinning bracht hem in een select groepje, waarin iedereen
graag gezien wordt. Komt ook meer ontspannen over en beweegt
zich op zijn gemak door een gezelschap waar hij vroeger nogal
angstig tegen op keek. Niet vanwege de personen, maar omdat hij
al die drukte maar niets vond. Zijn verkiezing tot motorsportman
van het jaar door de lezers van het magazine Moto '73 en de
daarbij behorende festiviteiten maakten dat weer eens duidelijk,
maar ook dat Jack Middelburg mateloos populair is bij de
motorsportliefhebbers. In 1979 al bezette hij een tweede plaats,
maar door de TT-zege in Assen kon het niet anders, of de
Honselersdijker mocht nu de hulde ontvangen, ook al waren de
prestaties van motorcrosser Kees van de Ven ook "niet slecht",
maar het is nog altijd zo dat de wegrace de voorkeur geniet
boven de motorcross. Bovendien mag Middelburg de uitverkiezing
tot motorsportman van het jaar zien als een beloning voor
karakter en doorzettingsvermogen. Immers, lichamelijk heeft hij
het hele jaar getobd, waardoor hij veelal door zijn monteur,
achter in het veld, moest worden aangeduwd, terwijl ook het
materiaal niet snel genoeg was om met de "groten" mee te doen.
Slechts door op de limieten van het mogelijke te rijden kon hij
wat puntjes pakken voor het wereldkampioenschap en door een
brutale gok de Dutch TT winnen. ,,Het is maar goed dat ik de TT
heb gewonnen, want wat had ik dan voor een seizoen gehad.
Waardeloos toch. Aan het begin had ik er goed hoop op dat het
nog beter zou gaan dan het jaar ervoor, toen ik zevende werd in
de eindstand van het WK-klassement. Het rijden ging ook wel
beter, maar op pure snelheid kwam de Yamaha veel te kort. Dat is
vervelend, maar het is nu eenmaal niet anders". ,,Toch denk ik
niet aan stoppen. Zolang het elk jaar nog beter gaat en je niet
wordt weggereden, is daar ook geen reden toe. Bovendien heb ik
goede hoop op het komende seizoen. Alles wordt vroegtijdig
geregeld. Ik ben voor 90% rond met sponsor Sarome en krijg de
beschikking over Suzuki's. Die mazzel heb ik natuurlijk wel.
Toen ik overstapte naar Yamaha, was er helemaal geen botsing met
Suzuki. Vandaar dat het zo snel rond was. Middelburg, die dit
jaar moest constateren dat zijn oude productiemachines, waar
Dick Alblas en Albert Siegers op reden, sneller waren dan zijn
nieuwe materiaal, heeft echter ook nog te maken met zijn fysieke
gesteldheid. Want in Macao ging hij weer onderuit. ,,Niet zo
zachtjes ook, maar het was mijn eigen schuld. Gewoon onvoldoende
concentratie. Dat gebeurt mij nog al eens in zulk soort
wedstrijdjes. Dan ben ik woedend op mezelf". Het gevolg van die
schuiver was wel dat de Honselersdijker voor de zoveelste keer
naar Mol kon gaan voor een operatie. Het middenvoetsbeentje was
gebroken, maar daarnaast moesten ook de platen in zijn been
vervangen worden door een pen. ,,Dat ging in eerste instanatie
niet, waarna er een gedeelte van het bot weggeslepen moest
worden. Wat heb ik het daarna slecht gehad! Ik verrekte van de
pijn en zag het helemaal niet zitten. Nu het weer voorbij is
geloof ik weer in een voorspoedige genezing, maar eerst ga ik
maar even op vakantie". |
|
|
|
DE TELEGRAAF, maandag 15 december 1980 |
|
'Jumping Jack' ook beste voor KNMV |
|
(door Berry Zand Scholten) |
|
Het kan niet
op voor "Jumping" Jack Middelburg. Nadat hij eerder deze week
werd verkozen tot motorsportman van het jaar, viel hem
gisterenavond de hoogste onderscheiding van de Koninklijke
Nederlandse Motorrijders Vereniging, de KNMV, te beurt:
Middelburg kreeg de Hans de Beaufort beker. ,,Fantastisch, riep
Jack Middelburg, tot tranen geroerd uit; ,,ik kan je niet
vertellen hoe blij ik ben. Nu moet ik er het komende seizoen er
nog harder tegen aan!' Willem Zoet, de Nederlandse kampioen
wegrace 500cc zei direct na de uitreiking gisteravond: ,,Prima,
als iemand de Hans de Beaufort beker verdient, is het zeker
Jack". De KNMV hield gisteravond haar feestelijke
kampioenshuldiging in het congrescentrum 'De Reehorst' in Eelde,
waarbij ook de plannen voor het nieuwe seizoen bekend werden
gemaakt. De samenwerking met de NMB gaat in 1981 weer volledig
draaien, zowel op cross- als op wegracegebied. Aan de hand van
de resultaten van de gezamenlijke kampioenswedstrijden van de
NMB en de KNMV is een berekening gemaakt van de toewijzing van
de startbewijzen voor het komende seizoen. Het overlegorgaan van
de beide bonden is met de nieuwe regeling akkoord. Het
kampioenschap wegrace van Nederland wordt in 1981 verreden in
twee nationale wedstrijden op Assen en Zandvoort en verder in
vier internationale races in Hengelo, Tubbergen, Raalte en
tijdens een nog nader aan te wijzen race, waarschijnlijk een
wedstrijd van de NMB. Er zullen stringente
veiligheidsmaatregelen worden getroffen, omdat er nu weer is
komen vast te staan dat er ook weer op stratencircuits gereden
zal worden. Na enkele zeer ernstige ongelukken van dit jaar,
besloot de KNMV alle nationale races op stratencircuits af te
gelasten, totdat er een goed veiligheidsplan van de helling zou
komen. Nu staat bijvoorbeeld ook de race in Ammerzoden, waar dit
jaar vele dodelijke ongevallen te betreuren waren, weer op de
agenda. KNMV-secreataris Jos Vaessen: ,,Het hele circuit van
Ammerzoden wordt in het kader van een ruilverkalveringsplan
verbouwd, verbreed en verbeterd, zodat zulke ongelukken daar
absoluut niet meer kunnen voorkomen". Verder zullen er geen
races mogen worden verreden, zonder dat aan de volgende eisen is
voldaan:
- ruim een
maand van tevoren moet een compleet circuitrapport klaar
zijn, incl. luchtfoto's, plattegronden en overzicht van aan-
en afvoerwegen;
- er dient
een gesloten televisiecircuit met tenminste vijf camera's te
zijn, een strak georganiseerde verbindingsdienst;
- een
compleet wedstrijdleidingteam;
- een
compleet calamiteitenplan.
De KNMV zal
voor deze kostbare voorzieningen, subsidies aanvragen bij het
ministerie van CMR. Inmiddels hebben ruim vijftig coureurs
overschrijving aangevraagd van de NMB naar de KNMV, onder wie
bekende coureurs als: Rob Punt, Martin van Soest en Anton
Straver. Vijf KNMV-ers zullen volgend jaar onder de vlag van de
NMB gaan rijden. |


|
Hans de Beaufort-uitreiking |
 |
 |
 |
 |
|
Ruwe bolster, blanke pit......
© foto Leo Vogelzang |


 |
|
Klik
voor vergroting
© foto Leo Vogelzang |
 |
|
Een
zeldzame foto met de "Grote Drie" alledrie in beeld, Jack voor Wil &
Boet. Op klasse!
|

|
" Jack over Jack" Terugblik op het seizoen
1980 en vooruitblik op 1981 |
|
Een paar weken terug had ik een gesprek met onze redacteur
met het doel weer eens wat "bij te praten". Zoals momenteel wel
publiekelijk bekend zal zijn, ben ik niet erg happy met de
huidige gang van zaken. Ik stel voorop, dat ik het volgende
seizoen ook weer voor het merk Yamaha zou willen rijden, maar er
moet dan toch beslist heel wat veranderen. Naar mijn bescheiden
mening heb ik op Assen bewezen dat ik op resultaat kan rijden.
Dit houdt voor mij in, dat de fabriek dit in positieve zin dient
te honoreren. Het moet toch niet nodig zijn, dat ik voor iedere
belangrijke wedstrijd moet bedelen om materiaal en dat Adri,
eventueel met hulp van Hans, een eeuwigheid moet sleutelen om
mijn fiets optimaal raceklaar te
krijgen. Ik weet, dat mijn been op dit ogenblik een zwak punt
is, doch Assen was een duidelijk bewijs, dat dit mankement
a-priori geen beletsel behoefd te zijn om W.K. punten te vergaren! Ondanks alle andere luidende geruchten,
is het bijna zo goed als zeker, dat de samenwerking met Adri
volgend jaar zal worden voortgezet. Dit is voor mij een kopzorg
minder; want waar haal je in vredesnaam weer zo’n klassemonteur
vandaan. Bovendien moet de verhouding
monteur - coureur en omgekeerd er één zijn
van elkaar 100% vertrouwen en ik kan gerust stellen dat dit bij
Adri en mij het geval is. Alles in overweging nemende heb ik ook
met de gedachte gespeeld om het volgende seizoen als
privé-rijder te gaan racen. Dit blijkt echter in de praktijk
geen haalbare kaart te zijn. Zeker financieel gezien.
Uiteindelijk moeten Adri en ik toch een salaris verdienen. En
wat te denken van de reis- en verblijfkosten! Hopelijk krijg ik
voor volgend seizoen een aantal attractieve contracten
aangeboden, zodat we op een goede basis het volgende seizoen
kunnen voorbereiden. Zo links en rechts worden de voelsprieten
al voorzichtig uitgestoken! Bovendien neem ik aan, dat mijn
been, ik sprak er al eerder over, weer zo sterk zal zijn, dat
dat geen minpunt kan zijn bij eventuele onderhandelingen. Een
pluspunt is in ieder geval, dat de publiciteit rondom de
"Renstal Middelburg" zeer positief is. Het is een enorme kik,
dat Jack Middelburg de wereldpers gehaald heeft en dat de grote
jongens in de racerij wel degelijk rekening hebben te houden met
die jongen uit Naaldwijk. In het algemeen mag gezegd worden, dat
de Nederlanders het in de motorsport helemaal niet gek gedaan
hebben in het afgelopen seizoen! Dit is dan ook een van de
redenen, dat mijn vurige wens is, dat de samenwerking
Jack-Adri-fanclub zich in de toekomst in positieve zin zal
blijven ontwikkelen.
Ik noem hier ook speciaal mijn fanclub, want in het verleden
is reeds vaak gebleken, dat het een prettige
wetenschap is, dat een groot aantal mensen achter je staat, ook
al gaat het je eens een poosje minder goed.
EIND SEPTEMBER
Jack over Jack
Laat
ik beginnen met wat na te filosoferen over
het
G.P.
-
seizoen
'79-'80. Een seizoen eerder sloot ik af met een zevende plaats
en 36 punten. Dit jaar moet ik het doen met een negende plaats
en 20 punten. En toch ben ik, ondanks
deze teruggang, niet ontevreden. Want vergeet niet, dat
ik pas vlak voor de eerste wedstrijd mijn machine in ontvangst
kon nemen. De eerste wedstrijden die ik dit seizoen reed waren
feitelijk "testcases"! Met andere woorden ik moest aan mijn
machine wennen en de machine aan mij. Hoewel er motorisch niet
zulke grote problemen waren, leverde het sturen enorme problemen
op. Dat kan men het beste aan Adri vragen. Bloed, zweet en
tranen heeft het hem gekost om mij op de baan te krijgen. Toen
echter het nieuwe Nico Bakker-frame gemonteerd was, ging het na
zo een 120 rondjes testen, een stuk beter. Nu kon er ook wat
meer tijd besteed worden aan de 'speed' van de machine, ook geen
sinecure. Maar na de testperiode in Oostenrijk ging ik vol goede
moed naar Assen, naar onze eigen
T.T.!!
Niet dat ik de idee had hier te zullen winnen; per slot van
rekening zat het "wereldkapitaal" in de
course!
Maar met de juiste bandenkeus en een circuit, dat me op
het lijf geschreven is, lukte het me tijdens de race een
voorsprong op te bouwen en wat belangrijker
is, deze tot de finish te behouden! Mensen, wat er dan door je
heengaat is met geen pen te beschrijven; winnen voor eigen
publiek! Hiervan kan je eigenlijk alleen maar dromen. Dat moment
zal ik dan ook nooit meer vergeten!
Een week later echter al word je met je neus op de harde feiten
gedrukt; ik België word ik er van mijn motor afgereden. Succes
en tegenslag liggen oh zo dicht bij elkaar. Niet zeuren, je
spullen pakken en op weg gaan naar Imatra, Finland, waar de
volgende G.P. wordt verreden.
Zonder te vervallen in zelfbeklag moet het toch van mijn hart,
dat daar alles fout ging, wat maar fout kan gaan, vooral het
bandenvraagstuk. Het circuit aldaar vereist sterk remmen en
daarna weer fel accelereren, hetgeen extreem hoge eisen van je
bandenmateriaal vraagt. Met nog zo kort geleden je succes in
Assen indachtig verwacht je, dat "men" wel bereid is je te
helpen! Vergeet het maar. De banden onder mijn Yamaha hielden
het niet en toen ik ook nog een olielekkage kreeg vond ik het
welletjes en zocht de pits op. In Engeland heb ik echt lekker
kunnen trainen. Maar al tijdens de training bleek, dat de
Suzuki's met geen mogelijkheid bij te houden waren. Mijn enige
hoop was, dat het tijdens de wedstrijd zou regenen. Daar lag dan
mijn kans. Niks kans, het was droog en alleen door constant te
rijden, geen franjes en geen risico nemend, gelukte het me om
als negende te finishen. Een matig resultaat, maar onder de
gegeven omstandigheden het hoogste wat ik bereiken kon. En toen
‘last but not least’, de laatste G.P. van '80, de G.P. van
Duitsland te verrijden op de Nürburgring. Voor deze laatste
GP-wedstrijd van het jaar hadden we ons goed voorbereid. Terwijl
ik, op een standaardmotor, de dag voor de wedstrijd het circuit
verkende, buffelde Adri aan mijn racemachine om alles toch maar
zo goed mogelijk voor elkaar te hebben. Alles liep lekker en we
waren vol optimisme! Bij de start verprutste ik echter alles;
met een bijna verzopen motor ging ik als laatste weg. Uiteraard
was het mijn eigen schuld, maar ik kon wel janken van pure
ellende. Zelfmedelijden zou me echter niet verder brengen; dus
er maar flink tegenaan. En ik begon aan de inhaalrace van mijn
leven. Het was nu alles of niets. Een gelukkige bijkomstigheid
was, dat ik de baan goed had bestudeerd. Dit werkte nu in mijn
voordeel en daar bovendien mijn machine, door Adri machtig
geprepareerd, liep als een trein, reed ik naar een achtste
plaats, die altijd toch nog goed was voor
3
punten in het
W.K. Ik ben er van overtuigd, dat als ik bij de start niet zo
had staan klooien er beslist meer in had gezeten. Maar dat is
"geloel" achteraf.
Het G.P.
- seizoen 1980 wordt hiermee afgesloten; goed of niet goed,
tevreden of niet tevreden! Geen mens kan er nog iets aan
veranderen. Basta! Plannen voor de toekomst? Vanzelfsprekend! Er
staat echter nog niets definitief op papier. Eerst ga ik in
november voor drie weken naar Macao, een aantal
invitatiewedstrijden rijden. Vraag me niet waar het ligt; ik
weet het niet. Misschien zetten ze me daar wel op een muilezel.
Maar de uitnodiging, die ik ontving was dermate vriendelijk, dat
ik gewoon geen neen kon zeggen. U hoort er in ieder geval meer
van!
En daarna? Daarna ga ik een paar weken "logeren" bij mijn
vriend, Dr. Derweduwen, om mijn been te laten reviseren, want
dat is hard nodig. We zijn dan weer een aantal maanden verder en
mogelijk is er dan intussen wel wat meer te vertellen over wat
er volgend jaar ons te doen staat.
"
NOVEMBER
Jack over Jack.
De kogel is door de kerk, hetgeen voor mij betekent, dat ik voor
volgend jaar veer onder de pannen ben voor wat betreft mijn
sponsoring. De firma SAROME, die mij vorig seizoen ook reeds onder
"zijn hoede" had, heeft mij voor het komende seizoen een vorstelijk
aanbod gedaan en ik ga met zeer enthousiaste mensen in zee. Een pak
van mijn hart! Bovendien gaat deze jongen het komende jaar weer op
Suzuki rijden, hetgeen in mijn ogen ook een verbetering betekent. De
co-sponsors zullen vermoedelijk dezelfden zijn als vorig jaar. Ik
had over de contracten en contacten niet te klagen. En waarom
veranderen als het naar de zin is? T.z.t. zal ik u over mijn
co-sponsors nog nader
berichten. Ik vertrek nu naar Schiphol, richting Macao en laat ik
zeggen tot over drie weken!
Meer over Jack.
Momenteel ligt Jack in
het ziekenhuis in Mol en heeft dr. Derweduwen kortelings de plaat
uit zijn been verwijderd. Volgens de medische gegevens mag gesproken
worden van een geslaagde operatie. De gevolgen van zijn val in Macao
zijn, ook weer medisch bezien, van niet al te ernstige aard,
alhoewel men zoiets toch ook weer niet moet onderschatten. Gezien
het feit, dat hij per brancard van Singapore naar Schiphol werd
overgevlogen deed erger vermoeden. Een week of zes rust zal zijn
rugletsel zeker ten goede komen, zoals het zich nu laat aanzien.
Zijn overige verwondingen, wat lichte kneuzingen en schaafwonden,
zijn Jack niet vreemd en baren hem minder
zorg. Al bij al mag gesteld worden, dat hij er goed is afgekomen.
Jammer natuurlijk van de trip, waar hij zich echt wel wat van
had voorgesteld, maar daar is hij nu ook al
weer overheen. Hoe de valpartij is ontstaan is nog niet
helemaal duidelijk. Het vermoeden bestaat, dat Jack, rijdend op een
vreemde motor en zijn onbekendheid met de baan, te hard heeft willen
gaan. Bovendien schijnt dit hele circuit afgezet te zijn met een
vangrail, hetgeen nu niet bepaald ideaal is! Maar nogmaals, dit is
een vermoeden en t.z.t. zullen we van Jack zelf wel horen, hoe een
en ander zich heeft toegedragen. De gehele fanclub wenst hem een
spoedig en algeheel herstel toe!
Cees Verhagen
DECEMBER
Jack over Jack.
Dat "Verre Oosten"
avontuur heeft voor mij niet al te best uitgepakt, zoals jullie
ondertussen wel zult weten.
Natuurlijk vind ik het jammer, dat het zo gelopen is, maar er
is geen man over boord en we gaan rustig en met overleg bouwen aan
een nieuw seizoen. De contacten (altijd goed gebleven!) met SUZUKI
en de NIMAG, in de persoon van de heren Buehre en Van Doorn waren
heel snel hersteld. Voor het komende seizoen heeft de fabriek drie
fabrieksrijders gecontracteerd, n.l. Randy Mamola, Graeme Crosby en
Marco Lucchinelli. Daarnaast zullen Wil Hartog, Franco Uncini,
Philippe Coulon en ik de beschikking krijgen over snel en goed
materiaal. Reuze pluspunt! Direct na aankomst uit Macao, ben ik
afgereisd naar dr. Derweduwen. Deze heeft inmiddels operatief de
plaat uit mijn been verwijderd en er een holle pijp voor in de
plaats gezet. Op zich is de ingreep goed gelukt, maar om nu te
zeggen, dat het een lolletje was: neen, dat nu bepaald niet! Ook het
vertrek van Adri v.d. Broeke betreur ik zeer. Als je een paar jaar
zo met elkaar optrekt, lief en leed met elkaar deelt, dan zou je het
liefst maar op de oude voet door willen gaan. Ik heb er echter
volkomen begrip voor, dat Adri voor een "rustiger leven" heeft
gekozen en ik wens hem alle succes voor de toekomst. Inmiddels ben
ik met Wil van Wanrooij in onderhandeling als opvolger van Adri. Wil
is een Suzukispecialist
en heeft in het verleden voor Wil Hartog gesleuteld. Een enorme
pleister op de wond is echter het feit, dat ik bij de door “Moto 73"
uitgeschreven verkiezing, als motorsportman van het jaar uit de bus
ben gekomen. Een opsteker van de eerste orde! Iedereen, die zijn
medewerking heeft verleend, hartelijk
bedankt.
|

|
Rechtse foto: Jack oprecht blij voor Boet, dat was andersom
nogal eens anders, zeker in de tijden die komen gingen. |
 |
|
|

|
|

|
|
Resultaten Jack 1980 |
|
Datum |
Plaats |
Klasse |
| |
500cc |
750cc |
|
04-05-1980 |
Nationale Venhuizen |
1e |
1e |
|
05-05-1980 |
Internationale Ammerzoden |
3e |
|
|
11-05-1980 |
GP
Italië Misano |
Verslapen |
|
|
18-05-1980 |
GP
Spanje Jarama |
15e |
|
|
25-05-1980 |
GP
Frankrijk Paul Ricard |
val |
|
|
26-05-1980 |
Internationale Tubbergen |
2e |
|
|
01-06-1980 |
Internationale Chimay |
3e |
1e |
|
08-06-1980 |
Internationale Raalte |
1e |
|
|
29-06-1980 |
GP
Nederland Assen TT |
1e |
|
|
06-07-1980 |
GP
Belgie Zolder |
val |
|
|
27-07-1980 |
GP
Finland Imatra |
uitgevallen |
|
|
10-08-1980 |
GP
Engeland Silverstone |
9e |
|
|
24-08-1980 |
GP
Duitsland Nürburgring |
8e |
|
|
31-08-1980 |
Internationale St. Joris ten Distel |
2e |
uitgevallen |
|
07-09-1980 |
Ned. Kampioenschappen Assen |
2e/2e |
|
|
14-09-1980 |
Internationale Zandvoort |
2e |
|
|
28-09-1980 |
Ned. Kampioenschappen Mettet |
2e |
|
|
05-10-1980 |
Ned. Kampioenschappen Nijvel |
2e |
|
|
15-11-1980 |
Internationale Macao |
Val training |
|
| |
|
|
|
|
Eindstand KNMV nat. kampioenschap 500cc: |
2e |
81 punten |
|
Eindstand Wereldkampioenschap 500cc |
9e |
20 punten |
| |
|
Jack reed niet alle Nationale kampioenschapswedstijden |
| |

|
Wereldkampioenschap 1980 |
|
Grand Prix |
Winnaar |
2e |
3e |
|
Italië |
Kenny Roberts |
Franco Uncini |
Graziano Rossi |
|
Spanje |
Kenny Roberts |
Marco Lucchinelli |
Randy Mamola |
|
Frankrijk |
Kenny Roberts |
Randy Mamola |
Marco Lucchinelli |
|
Nederland |
Jack Middelburg !!! |
Graziano Rossi |
Franco Uncini |
|
België |
Randy Mamola |
Marco Lucchinelli |
Kenny Roberts |
|
Finland |
Wil Hartog |
Kenny Roberts |
Franco Uncini |
|
Engeland |
Kenny Roberts |
Randy Mamola |
Franco Uncini |
|
Duitsland |
Marco Lucchinelli |
Graeme Crosby |
Wil Hartog |
|
Er werden slechts 8, 500cc GP wedstrijden gereden |
|
Wereldkampioen 50cc |
Eugenio Lazzarini (Italië) |
|
Wereldkampioen 125cc |
Pier-Paolo Bianchi (Italië) |
|
Wereldkampioen 250cc |
Anton Mang (West-Duitsland) |
|
Wereldkampioen 350cc |
Jon Ekerold (Zuid-Afrika) |
|
Wereldkampioen 500cc |
Kenny Roberts (USA) |
|
Wereldkampioen zijspannen (Taylor
kwam om het leven tijdens de GP Finland 1982)
|
Jock Taylor(†)/
Benga Johansson
|
|
|
|
|
Coureurs die zich in 1980 minimaal voor één Grand Prix 500cc
hebben geplaatst. |
|
Kenny Roberts
|
USA
|
Franck Gross
|
F
|
Bruno Koeble
|
D
|
Christian Estrosi
|
F
|
|
Randy Mamola
|
USA
|
Jeff Sayle
|
AUS
|
Rolf
Scheider
|
D
|
Sadao Asami
|
J
|
|
Marco Lucchinelli
|
I
|
Willem Zoet
|
NL
|
Gianni Rolando
|
I
|
Henk
de Vries
|
NL
|
|
Franco Uncini
|
I
|
Gianfranco Bonera
|
I
|
Cristian Sarron
|
F
|
Michel Frutschi
|
CH
|
|
Graziano Rossi
|
I
|
Lennart Bäckström
|
S
|
Carlo Prati
|
I
|
Bernard Fau
|
F
|
|
Wil
Hartog
|
NL
|
John Newbold
|
GB
|
Skip Aksland
|
USA
|
Sergio Pellandini
|
CH
|
|
Johnny Cecotto
|
YV
|
Seppo Rossi
|
SF
|
Jon Ekerold
|
ZA
|
Dave
Potter
|
GB
|
|
Graeme Crosby
|
NZ
|
Markku Matikäinen
|
SF
|
Freddie Spencer
|
USA
|
Gustav Reiner
|
D
|
|
Jack
Middelburg
|
NL
|
Guido Paci
|
I
|
Jules Nies
|
B
|
Raymond Roche
|
F
|
|
Takazumi Katayama
|
J
|
Richard Hubin
|
B
|
Hubert Rigal
|
MC
|
Maurizio Massimiani
|
I
|
|
Carlo Perugini
|
I
|
Stewart Avant
|
NZ
|
Adelio Faccioli
|
I
|
Dale Singleton
|
USA
|
|
Kork Ballington
|
ZA
|
Werner Nenning
|
A
|
Kimmo
Kopra
|
SF
|
Klaus
Klein
|
D
|
|
Philippe Coulon
|
CH
|
Mick Grant
|
GB
|
Peter
Sköld
|
S
|
Fritz
Reitmaier
|
D
|
|
Boet
van Dulmen
|
NL
|
Steve Parrish
|
GB
|
Graham Wood
|
GB
|
Virginio Ferrari
|
I
|
|
Barry Sheene
|
GB
|
Hubert Rigal
|
F
|
Steve Manship
|
GB
|
Elmar Renner
|
D
|
|
Patrick Pons
|
F
|
Kenny Blake
|
AUS
|
Gregg Hansford
|
AUS
|
Josef Hage
|
D
|
|
Patrick Fernandez
|
F
|
Roger Marshall
|
GB
|
Carlo Prati
|
I
|
Peter Sjöström
|
S
|
|
Michel Rougerie
|
F
|
Max Wiener
|
A
|
Clemens Driesch
|
D
|
Peter Ammann
|
D
|
|
Giovanni Pellettier
|
I
|
Wolfgang von Muralt
|
CH
|
Jürgen Steiner
|
D
|
Alois Tost
|
F
|
|
Phil
Henderson
|
GB
|
Gerhard Vogt
|
D
|
Michael Schmid
|
A
|
|
|





Hier het complete GP wegraceseizoen van 1980 in cijfers.


| |
Rijder
|
Nat. |
Motormerk
|
pnt
|
I |
E |
F |
| |