Home Jack Middelburg Guestbook GP-races Daytona Toon Kannekens Diverse

 

1979

Flying Jack's

1e volledige 

GP seizoen

(deel 3)

 

05-08-1979 nationale races Belfeld

wpe32.jpg (23601 bytes)

Belfeld podium 500cc:  Theo van Heugten, Jack & Werner Juchem (D).

Armin Zeh hier in de F750 nog voor Jack.

Belfeld_05-08-1979.jpg (56494 bytes)

Johan van Eijk in de 500cc nog voor Jack.

In Belfeld reed Jack tussen de Grand-Prix door nog twee races bij de NMB. De Naaldwijker won voor ongeveer 6.000 toeschouwers de halveliter race en de formuleklasse. In beide races nam Jack de laatste startplaats in, omdat hij pas zondagmorgen in Belfeld verscheen, en dus geen trainingstijd had kunnen zetten. Dit was echter geen beletsel om beide races op zijn naam te schrijven! In de 500 cc race nam Nico Lentjes bij de start de koppositie in en wist die twee ronden lang in handen te houden. Twikler nam daarop de leiding over, maar moest vijf ronden later buigen voor de opgeklommen Jack Middelburg. De Naaldwijker zat al drie ronden in de slipstream van de jonge Twikler, die in de zevende ronde zijn motor onderuit trok onder de druk van "de Briet". Volgens de helper van Twikler werden echter de "banden te warm". Twikler had hetzelfde type band gebruikt als Jack, die geen problemen ermee kende. Met enkele schaafwonden kon hij weer het rennerskwartier opzoeken. In de Formule-klasse ging het Jack iets moeilijker af; vooral Armin Zeh bood veel tegenstand, maar uiteindelijk moest ook hij eraan geloven.

47 deelnemers 500cc klasse Belfeld

21. Jack Middelburg 6. Nico Lentjes 9. Werner Juchem 10. Harry Heutmekers
17. Paul Soetens 18. Gerard Kampen 27. Peter Smetsers 24. Floor Kars
30. Henk Twikler 31. Theo van Heugten 32. Johan van Eijk 35. Gerrit Kreder
36. Rence van Gemert 38. Arie Hogerwaard 40. Armin Zeh 41. John van Velzen
42. Jan Oostwouder 43. Hans de Wit 47. Joop Moesbergen 48. Erich Batkowski (D)
50. Wim Felen 51. Rolf Werner Neubarth (D) 52. Fick Tou 54. Adri van Schendel
56. Peter Gerards 57. Johan Bakkum 58. Jurgen Beekmann 59. Leo Sprenkels
60. Bert Nillessen 61. Riny Roks 62. Jos Bouwes 63. John Schreuder
64. Wietse v/d Veen 69. Hans Arnold Knur 71. Rinus Schönhage 72. Kees Geboers
79. Edi Duyvelaar 80. Frans Ponse 81. Hans Melis 83. George Philipsen
85. Wolfgang Wullen (D) 88. Reinhard Lüders (D) 89. Hans Poolen 92. Jack Dekkers
94. Gunter Schlösser (D) 99. Jan van Asten

?

Henk Willems  

 

30 deelnemers 750cc klasse Belfeld

21. Jack Middelburg 2. Marco Bonke 7. Dees Bormans 10. Rob Beute
13. Hein Heijnen 14. Jo Scholtze 15. Frans v/d Camp 19. Harrie v/d Kruijs
20. Rob Punt 24. Martin Slinger 30. Rini van Koulil 39. Maurits Hermsen
41. Armin Zeh 42. Egon van Kampen 45. Wietse v/d Veen 46. Fred Bloemink
47. Gerrit Bekker 52. Ronald Vos 53. Petje Gayet 55. Hans Scheufens
57. Jack Weezeman 62. Klaus Baumeister (D) 63. Hans van Deventer 75. Manus v/d Hoven
77. Piet v/d Sanden 78. Willem Wassink 81. Johnny Willemsen 89. Rini Broeders
60. Bert Nillessen 92. Arie Duijzers 98. Jan Jansen 63. John Schreuder

 

Interview Jack, Motorsport augustus 1979
1979_interview_Motorsport_01.jpg (467593 bytes) 1979_interview_Motorsport_02.jpg (410396 bytes) 1979_interview_Motorsport_03.jpg (474192 bytes) 1979_interview_Motorsport_04.jpg (452675 bytes)

Jack Middelburg: Ik ben verslaafd aan snelheid.

"Edelachtbare, sommige mensen zijn verslaafd aan drugs, anderen aan alcohol, maar ik ben verslaafd aan snelheid". Aan het woord was de 27-jarige Naaldwijker Jack Middelburg, zich verdedigend, toen hij voor de zoveelste keer moest voorkomen wegens te hard rijden. Zijn rijbewijs stond op het spel, maar gelukkig had de rechter begrip voor het feit dat een Grand Prix rijder absoluut niet zonder dat roze papiertje kan. Maar 250 km. p/u. rijden kan natuurlijk ook niet ongestraft blijven (ook al had de verbaliserende ambtenaar "slechts 185" genoteerd!) en daar komt nog bij dat het niet de eerste keer was dat ze Jack gesnapt hadden. Het gevolg is dat Jack deze winter twee weekjes 'op vakantie' mag. Dat is één van de nadelen van die snelheidsverslaving. Dat het ook positieve kanten heeft leest u in onderstaand verhaal, de story van Jack Middelburg, de Vliegende Kassenbouwer, alias de Nederlandse Johnny Cecotto, alias De Naald, alias Jumping Jack!

Op het moment dat koningin Juliana ter gelegenheid van haar drie en veertigste verjaardag juist prins Bernard een moorkop overhandigt, gaat ergens in Naaldwijk, de slaapkamerdeur van huize Middelburg met een ruk open en komt de vroedvrouw op een draf naar buiten: "Mijnheer Middelburg, U hebt een zoon!" We schrijven 30 april 1952. Ongeveer zo'n 21 jaar later lukt het Jack weer om de mensen in een juichstemming te brengen, als hij voor het eerst de vaderlandse circuits met zijn aanwezigheid verblijdt. Hij is op de klassieke manier in de motorsport gerold, vijftien, zestien jaar telde Jack toen de eerste opgevoerde brommers de schuur uitreden. Direct nadat koningin Juliana 61 werd ging Jack zijn motorrijbewijs halen. Hij werd een hele fanatieke rijder en het autorijbewijs interesseerde hem aanvankelijk totaal niet. Elke zondag met vrienden erop uit en niet zelden was het doel van de reis de motorrace. "Van de NMB had ik toen nog nooit gehoord!" bekent Jack, "het waren altijd KNMV wedstrijden die we bezochten. Je wist van het hele bestaan van de NMB niets af". Tot op een goede dag hij met een vriend, min of meer bij toeval, wel een keer bij een race van de "zwarte bond" belandde. De ongelimiteerde klasse reed er ook en dat zag Jack helemaal zitten. Veel meerijdende fietsen leken op het eerste gezicht wel veel op zijn eigen Hondaatje. ,,Dat kan ik ook", dacht Jack en dezelfde week belde hij het bondsbureau om eens naar het startbewijs te informeren. "Stuur maar twee pasfoto's op en kom maar naar de volgende wedstrijd", klonk het aan de andere kant van de lijn. Nu was, en is het nog steeds zo, dat je eerst alleen twee keer mee mag trainen, waarna gekeken wordt of je de derde keer ook aan de wedstrijd mag meedoen. De eerste keer was het echter al meteen raak, want Jack liet de vijfde trainingstijd voor zich noteren. Dat was in Woudrichem. Het ging goed de eerste wedstrijden. Jack daarover: "ik kon een man als Tonny van Schijndel meteen al goed bijhouden op mijn standaard Honda, waarop alleen een 4 in 1 gemonteerd zat, terwijl Van Schijndel op een 970-cc Special zat.

De prestaties bleven dan ook niet onopgemerkt. Jack vertelt: "Op een goede dag kwam Kees v/d Kruijs bij me, om te vragen of ik met hem de 6 uren race van Someren wilde rijden. Dat was uiteraard niet aan dovemansoren gezegd en aan deze wedstrijd heb ik tevens mijn eerste contact met Henk Rekers te danken. We hadden namelijk voor deze race de beschikking over een door die Heerlense handelaar geprepareerde machine. Het bleek al snel dat Kees een goede partner uitgekozen had: vijf en half uur lag het illustere duo op kop, toen moesten ze vanwege machinepech de arena verlaten. Maar het contact met Henk Rekers was gelegd en dat bleek achteraf het grootste pluspunt van die bewuste wedstrijd. Tot en met '78 werd Jack op meer dan fantastische wijze geholpen door Rekers. "Aan hem heb ik vreselijk veel te danken", zegt Jack en hij vervolgt: "zo'n geweldige vent vind je maar eens in je leven. Hij maakte er nooit zo'n punt van als ik er eens afviel. Zijn enige commentaar was vaak: We knappen de motor wel weer op en dan zien we de volgende keer wel weer!" Die sponsoring bestond overigens niet alleen uit het prepareren van het materiaal, want Rekers maakte er ook geen punt van om "even" zo'n slordige dertig mille, voor een nieuwe OW31 op tafel te leggen". Dat prepareren bestond overigens regelmatig uit repareren, want zoals bekend lag Jack er nogal eens naast. Hij heeft er zelfs zijn beroemde bijnaam 'Jumping Jack' aan te danken. Als we informeren naar het aantal botbreuken en kneuzingen blijkt dat achteraf nogal mee te vallen, zeker als je het grote aantal valpartijen in aanmerking neemt. Dat neemt niet weg dat enige lastige blessures hem bij elkaar toch wel twee seizoenen gekost hebben. "Dat begon in '75", herinnert Jack zich. "tijdens een vrije training op het circuit van Zolder brak ik tijdens een val mijn enkel op vier plaatsen". Veel tijd om op te knappen gunde Jack zich niet, want al na enkele weken werd de motortraining al weer hervat. "We gingen weer naar Zolder. Ik kon nog niet zonder krukken lopen en al na drie ronden lag ik weer op mijn gezicht: hand gebroken! Ook in het daarop volgende seizoen was het een keer goed raak. Dat was in Oirschot, in de drie en half". Hij stopt even met praten om een ferme lik aan zijn shagje te geven, en vervolgt ,,het was aan het eind van het lange rechte stuk, net voor je het bos ingaat. Ik wilde remmen, maar er gebeurde niets! De volgende dag kon de balans opgemaakt worden: een gecompliceerde dubbele beenbreuk, twee gescheurde nieren, gekneusde ribben, een hersenschudding, schaafwonden en natuurlijk de nodige blauwe plekken!"

In de volgende seizoenen bleven de ernstige blessures gelukkig uit, alhoewel Jack nog steeds met grote regelmaat op de meest artistieke manieren van de motor af bleef stappen. Dit seizoen begint de controleur van de ziektewet echter voor het eerst een beetje te vervreemden aan de Duiventorenstraat 61 (de residentie van Jack, Petra en Jackie). Jack heeft zich namelijk een heel wat rustiger (voor zover je met zulke snelheden nog van rustig kan spreken) rijstijl aangemeten. Om de aanleiding daarvoor op te sporen moeten we terug naar Jack's allereerste race dit jaar, te Wijnandsrade. Het was in de 500cc klasse. Zoals wel vaker voorkomt reed Jack onbedreigd op kop, toen tegen het einde van de wedstrijd ene Henk Twikler begon aan te dringen. Wat doe je dan als je Jack Middelburg heet? Juist, gewoon "even" wat gas bijgeven. Dat deed hij dan ook prompt, alleen in de allerlaatste bocht van de laatste ronde net iets meer dan het door de aanhoudende regen spiegelglad geworden wegdek toeliet. En daar lag Jack. Terwijl hij Jack junior welterusten knuffelt, kan hij er zich nog kwaad over maken. "Superstom natuurlijk, dat had nooit mogen gebeuren!", verwijt hij zich. "Ik werd er knap ziek van en besloot het iets kalmer aan te doen dit jaar". Jack heeft zich dus dit jaar "kalm" naar de wereldtop toegewerkt! Na die pechjaren '75 en '76 begon Jack in '77 zijn groothandel in Nederlandse kampioenschappen. Als alles een beetje meezit dan verovert hij voor de derde achtereenvolgende maal de titels in de 350, 500 en 750cc klasse, een unieke prestatie, die waarschijnlijk nooit meer door een andere Nederlandse rijder geëvenaard zal worden. "Zegt zo'n titel jou eigenlijk nog wat?", willen we weten. "Natuurlijk", is het antwoord, "het blijft altijd bijzonder leuk. Je hebt ze gewoon en dat is iets wat niemand je ooit kan afpakken. Ik vind het wel jammer dat ik ze heb zonder de concurrentie van Wil en Boet" Dat neemt niet weg dat Wil en Boet er in '77, toen Jack voor het eerst de drie titels greep, wel bij waren, maar toen gewoon hun meerdere in Jack moesten erkennen. Van de dit jaar nog binnen te halen nationale titels wordt de 350 het moeilijkst. "Het klinkt misschien gek, maar het meest zie ik op tegen die laatste 350cc wedstrijden. Zodra die titel binnen is wordt de drie en half trouwens verkocht. De omschakeling van 350 op 500 en 750 wordt gewoon te lastig. Het snelheidsverschil is te groot en daardoor heb je telkens andere rempunten. Je kunt nooit optimaal rijden. Neem nou die kampioenswedstrijd in Oudkarspel, daar zat ik gewoon vreselijk te stuntelen. Ik remde regelmatig te vroeg, waarna ik voor de bocht soms gewoon nog gas bij moest geven. Daarbij trok ik de machine bijna nog een keer onderuit, terwijl ik op de achterkant van het circuit al een keer door het gras ging"! Het wordt weer tijd voor een shaggie. Het was ons opgevallen dat hij vorig jaar, in Raalte, direct nadat hij uitviel, een pakje 'Zware van de Weduwe' uit zijn overall wist te toveren. "Heb je dat altijd bij je?", vroegen we. "Alleen als ik verwacht pech te krijgen!". Als Jack zijn shag dan niet zo vaak bij zich heeft, is dat in hoofdzaak te danken aan één man: Adri v/d Broeke. Adri is bij Jack in loondienst en dat kost "de Naald" zo'n duizend gulden per week, waaruit maar weer blijkt dat het niet allemaal rozengeur en maneschijn is. Dat geld (bruto bedrag uiteraard, daar moet nog van alles van af) krijgt Adri niet voor niets, want het in topconditie houden van drie racers is voorwaar geen sinecure. Maar het gaat hem tot nu toe altijd nog bijzonder goed af, maar daarvoor werkt hij volgens Jack wel verschrikkelijk hard. Adri en Jack kunnen goed met elkaar opschieten, alhoewel Jack daar wel aan toevoegt dat 'overal wel eens wat is'. Het is niet moeilijk om je zo'n situatie voor te stellen. Je zit elkaar, in een betrekkelijk kleine ruimte, gedurende enkele dagen voortdurend op de lip. Als monteur werk je voor zo'n GP onder hoogspanning en dan eindelijk, staan er voor de tijdstraining, twee fietsen klaar. Jack pakt de eerste en dan na drie rondjes voorzichtig rijden: vast! Terug naar de pits, je tweede motor pakken, wat denk je? Na vijf ronden onderuit. Het hoort er allemaal bij, maar als monteur krijg je wel de zenuwen! Voor training en wedstrijd beschikt Jack over twee nagenoeg dezelfde fietsen. Aanvankelijk waren er drie RG's, een RG2, een RG3 en een RG4. Na enkele vergeefse pogingen om de '2' te verkopen, notabene de fiets waarmee hij begin dit jaar "die lange", zoals hij Wil Hartog noemt, in de Olof races versloeg, besloot men om met gebruikmaking van de onderdelen van de '2', de '3' en de '4' tot zoveel mogelijk identieke fietsen om te bouwen, zodat de omschakeling van de ene naar de andere fiets, wat je vaak een paar kostbare trainingsronden kost, zo gering mogelijk te maken. Een nog lastiger werkje dan het in één keer goed lezen van de vorige zin, maar dat is Adri v/d Broeke wel toevertrouwd. Met het sneller maken van de RG's is het duo (Jack sleutelt zelf overigens nooit aan de machines) tot nu toe minder succesvol geweest. Experimenten met speciale Bartol-cilinders hebben al de nodige hoeveelheden tijd, moeite en vooral geld gekost, maar werkelijk resultaat hebben ze hiermee nog niet behaald. Afgezien van wat licht bijgewerkte cilinders, het gewone werk dus, zijn de motoren nog helemaal standaard.

Een andere man die een zeer belangrijke rol in het leven van Jack Middelburg speelt, is manager Jan Muis. Vaak spits je, vooral al bij het horen van het woord manager, wantrouwend je oren, maar dat komt alleen door die privé-achtige verhalen uit de amusementswereld, waar managers vaak worden omschreven als linke mannetjes die over de rug van hun pupil snel de schaapjes op het droge willen hebben. Het tegenovergestelde blijkt bij Jan Muis. Coureur Jé-em heeft dan ook bijzonder veel waardering voor de activiteiten van manager Jé-em. "Jan Muis is erg belangrijk voor me en hij is goud eerlijk!", vindt Jack. "wat hij allemaal voor me gedaan heeft, daar kan ik wel een boek over schrijven! En hij wil er nooit één cent voor hebben! Op initiatief van Boet van Dulmen hebben we pas samen met Bert Struijk en Willem-Jan Nooteboom, voor wie hij ook het nodige doet, een nieuwe caravan voor hem gekocht." Een belangrijk deel van het Jack Middelburg raceverhaal wordt natuurlijk ingenomen door het hoofdstuk F&S, de 'makelaar in het groot' oftewel Ton Fagel. Mede door zijn royale sponsoring kon Jack een zo professioneel Grand Prix seizoen rijden. Kwam die sponsoring op een presenteerblaadje aangedragen? "Zo gemakkelijk ging dat niet", laat Jack ons weten onder het inschenken van een glaasje likeur, dat volgens onze waarnemingen het meest weg heeft van chocolademelk. "via, via ben ik bij Ton Fagel beland. Verleden jaar steunden ze alleen de 500cc klasse. In dat eerste jaar kreeg ik 20.000 gulden (ruim 9.000 euro) en dat terwijl ik al twee RG's gekocht had voor 60.000 (ruim 27.000 euro)!" En dit jaar? "Ik had een budget gemaakt voor een nationaal seizoen en één voor een Grand Prix seizoen, kosten respectievelijk 80- en 150.000 gulden (36.000 - 68.000 euro). Binnen tien minuten was de zaak bij Ton Fagel beklonken. Ik kreeg een contract voor 150.000 gulden met een optie voor volgend jaar. Ton Fagel zal er geen spijt van gehad hebben, zeker niet als je weet dat hij ook enkele autocoureurs steunt die hem nog heel wat meer kosten. Neem nou zo'n Toine Hezemans. Rijdt in de BMW M1 klasse zo'n acht wedstrijden per jaar. Kosten, schrik niet, een half miljoen gulden! En ga dan eens kijken hoeveel publiciteit F&S daarvoor teruggekregen heeft. Inderdaad, bar weinig, zeker in vergelijking met Jack, die bijna elke week goed is voor een hele pagina! Heel wat minder leuke bijkomstigheid voor Jack was, dat de grote van het sponsorbedrag uitgebreid in de kranten vermeld werd. De ambtenaar van belastingen verslikte zich bijna in zijn kopje slappe thee, toen hij 's-morgens de krant las, hij rook geld en moest zoiets gedacht hebben als: "zo, zo, die Middelburg toch, daar heb ik nog een appeltje mee te schillen!" En als een bok op de haverkist vloog hij er met zijn manschappen op af. Jack kwam even lelijk in de fiscale problemen, maar die behoren tegenwoordig al weer bijna tot het verleden. Financieel zien de zaken er nu toch een stuk rooskleuriger uit, omdat Jack nu bezig is met de oprichting van een B.V., waarin hij samen met Adri v/d Broeke als werknemer te boek zal staan. Omzet van de B.V. dit jaar: Hfl. 300.000. Dit jaar wordt er overigens voor het eerst leuk verdiend aan het racen. "Het heeft me altijd alleen maar handenvol geld gekost," zegt hij, "dit jaar kan ik er voor het eerst wat aan overhouden." Dat heeft hij in hoofdzaak te danken aan zijn goede prestaties in de Grand Prix. "Had je voor aanvang van het seizoen gedacht of gehoopt dat het zo goed zou gaan?" Jack meent het werkelijk als hij zegt: "Absoluut niet! Ik kwam alleen om wat ervaring op te doen en misschien hier en daar wat puntjes bij elkaar te sprokkelen." Die geringe verwachtingen baseerde hij op de prestaties van het vorige seizoen. "Toen zat ik nooit bij de eerste tien. De beste wedstrijd reed ik nog in Duitsland, op de Nűrburgring, waar ik tot kort voor het einde de tiende plaats bezette, maar in de laatste ronde nog werd ingehaald door de Duitse kampioen Jűrgen Steiner. Hoe komt het dat hij dit jaar zo voorin meedraait? "Misschien is de druk niet zo groot als bij veel anderen? ik weet eigenlijk niet precies waarom het nu ineens zoveel beter gaat. Ik rij wel erg ontspannen. Ik ben ook voor de start totaal niet zenuwachtig, dat blijkt wel uit de goede starts die ik elke keer heb. Ik ben bijna elke keer als eerste weg. En als ik eenmaal op kop lig, dan ga ik me ook absoluut niet forceren om op kop te blijven, maar ik houd gewoon mijn eigen tempo aan. Op die manier ben ik al vaak afgezakt naar een achtste, negende plaats, maar wel in de wetenschap dat er tijdens de rit meestal wel een paar man af- of uitvallen. Die tweede plaats in Zweden was natuurlijk helemaal te gek!"

Onvermijdelijk kom je dan op het onderwerp fabrieksmateriaal. Volgens sommigen nog slechts een kwestie van tijd. Hoe ziet Jack zelf zijn kansen? "Tot nu toe heb ik nog geen enkel aanbod gehad. Maar als je het goed bekijkt kunnen ze eigenlijk niet meer om me heen. Er zijn vier privé-rijders die regelmatig voorin zitten. Boet is eigenlijk te oud. Coulin en Uncini rijden te wisselvallig en bovendien te geforceerd". En een Nederlands Suzukiteam? "Ik weet het eigenlijk niet, je zit dan met stalorders. Het gaat nu op mijn privé-fiets toch ook erg lekker?" En hij vervolgt met: "Ik zou wel bij Barry (Sheene) in het team willen, met hem kan ik goed opschieten". Het is duidelijk, Jack hoeft niet zonodig. Als de kans op fabrieksmateriaal komt, dan zal hij deze uiteraard met beide handen aangrijpen, zo niet dan gaat hij op dezelfde voet door, waarbij hij zichzelf zal concentreren op de klassen 500 en 750cc. Een extra bewijs voor het kunnen van Jack werd onlangs geleverd door het Engelse motorblad 'Motor Cycle News', waar Barry Sheene in zijn kolom, onder een grote foto van Jack, schreef: "Watch out for this man!" Kun je je een mooier compliment voorstellen?

Juist voor de redactionele afsluittermijn van dit nummer, ontvingen wij het vervelende bericht dat Jack in de laatste tijdtraining voor de GP in Silverstone dermate hard gevallen was, dat hij zijn scheenbeen op twee plaatsen brak en daarnaast enkele middenhandsbeentjes. Hoewel hij direct zijn koffers heeft gepakt om de reis naar Mol België (Dr. Derweduwen) te aanvaarden, is de deelname aan de races in Twello natuurlijk wel op losse schroeven komen te staan. Jack en Dr. Derweduwen kennende zullen ze er echter wel alles aan doen om Jack zo snel mogelijk weer op de motor te laten kruipen, dus wie weet? Van onze kant in ieder geval van harte beterschap Jack!

 

wpe5.jpg (17347 bytes)

Telegraaf 08-08-1979

De dag na thuiskomst van Jack stond er op de voorpagina van de Telegraaf een foto met een interview met Jack. Men was aan de deur geweest met een arrestatiebevel. Jack moest nog een gevangenisstraf uitzitten voor herhaaldelijke snelheidsovertredingen op de openbare weg en de justitie wilde dat hij die nu uit ging zitten. Dit terwijl de afspraak was dat hij dit in de wintermaanden zou gaan doen. Echter de GP van Silverstone in Engeland stond voor de deur en na enige onderhandelingen kon hij daar toch aan gaan deelnemen. Achteraf hadden ze hem echter beter op kunnen sluiten, want tijdens de training in Engeland op 11 augustus 1979 kwam Jack door een vastloper, de tweede tijdens de trainingen, voor een bocht, zwaar ten val en liep daarbij een dubbele scheenbeenbreuk, dubbele handbreuk en diverse andere verwondingen op. De krukas van Jack's motor was door onverklaarbare redenen gebroken en Adri was daar goed ziek van. Hij liet zelfs het materiaal van de krukas met röntgenstralen onderzoeken, om achter de oorzaak te komen. In eerste instantie leek het na de val nogal mee te vallen, Boet kwam in de pits en zei dat Jack zat te zwaaien naar hem en Wil Hartog had hem al zien lopen. Terug in de caravan begon Jack's hand erg op te zwellen en hij besloot er toch maar even naar te laten kijken. Daar werd zijn hand gezet en ontdekte men de dubbele beenbreuk. Hier had hij echter niet eens over geklaagd! Weer moest Jack zich melden bij de Belgische orthopedische chirurg Joan Derweduwen, de wonderchirurg uit Mol waar vele motorsport- , wielren- en motorcrosscoryfeeën hun blessures lieten behandelen. Deze man was inmiddels een vriend van Jack geworden, want helaas moest Jack zich nogal eens bij hem melden. De chirurg had een speciaal plekje voor Jack in zijn hart en sprak altijd met ontzag over Jack zijn incasseringsvermogen en hardheid. Ik heb zelf door Jack ook het genoegen gehad om deze man te ontmoeten. Ik ben een keer met Jack mee geweest naar België. Jack was nogal een warhoofd en was iets vergeten. Halverwege gingen we dus als een raket weer terug naar huis. In de beruchte bocht na de Beneluxtunnel brak er een ophanging van de achteras en die kwam er scheef onder vandaan. En dan te weten hoe hard Jack deze bocht nam......... Enfin, auto omgeruild door Hans Valstar en weer op weg. Bij de woning van Derweduwen aangekomen, hij hield praktijk aan huis, zaten de mensen buiten in de tuin te wachten voor het spreekuur! Zo druk was het, maar Jack ging via de achteringang en we werden direct geholpen. Na wat grappen en grollen waren we in een mum van tijd weer op de terugweg. Derweduwen overleed begin 1984 op slechts 45-jarige leeftijd, na een strijd tegen een slopende ziekte. Door de doktoren in Engeland was het na de crash streng afgeraden om te worden vervoerd, maar Jack stond er op om naar de Belg te gaan. Er was voor Jack nl. maar één persoon die aan hem mocht "sleutelen".

 

                       Affiche van Twello waar Jack door zijn val op Silverstone uiteindelijk niet aan zou kunnen deelnemen.jpg (140442 bytes)
1979_affiche_Twello.jpg (109867 bytes)
Poster 1979.jpg (92066 bytes)

                                               

Er kwam in Nederland, vooral via de pers, Telegraaf en Algemeen Dagblad, steeds meer discussie over de professionaliteit van de KNMV. Men vond dat de motorsportbond er niets mee deed dat ze op dat moment drie absolute wereldtoppers hadden. Steeds hardnekkiger werd bewezen dat men zich eigenlijk totaal niet interesseerde voor de drie Nederlandse "musketiers". De toeschouwersaantallen vlogen omhoog, TT trok records van 140.000 mensen en de coureurs, die dit jaar de Grand-Prix racerij op hun kop zetten, zagen daar niets voor terug. Alleen maar verplichtingen. De organisatoren van de grote Engelse najaarsklassiekers zwermden tijdens de GP van Silverstone als bijen om een pot honing (in dit geval Jack, Boet en Wil) en kwamen met steeds betere voorstellen. De best begeleide coureur krijgt dan het grootste brok uit de ruif, terwijl de rest het met stukken minder moest doen. Erger was nog dat onze toppers, door gemakzucht van de KNMV, nu grote kansen misten. Er werd onderhandeld over combinatiewedstrijden voor landenteams in Frankrijk en Engeland (september) en Italië (oktober). Dat ging om de AGV-cup, een nieuw initiatief. Elk land startte met zijn topselectie voor de strijd van een manche tegen een ander land en hiervan werd een klassement gemaakt. Hier was uiteraard veel geld mee te verdienen en vandaar dat landen zoals Amerika, Engeland, Italië, Frankrijk en de "rest van de wereld", gegarandeerd in de sterkste opstelling deelnamen. Door de recente successen van de Nederlanders (met z'n drieën bij de beste zeven coureurs van de wereld) waren ze zeer in trek en de organisaties wilden ook graag een Nederlands team, maar andere landen probeerden Nederland voorbij te streven en een Nederlandse afvaardiging van de KNMV was nergens te bekennen om de belangen te verdedigen, dus ging de aanbieding naar andere landen. Dit gebeurde ook heel vaak met Nederlandse coureurs die naar een GP afreisden en zelf geen startbewijs konden bemachtigen, heel vaak was er dan ook geen vertegenwoordiger van de Nederlandse motorbond om dit dan wel te regelen. Je moest dan wel zeven coureurs hebben voor een team in de AGV-cup, maar een Willem Zoet en een Henk de Vries waren ook wel bereid om aan zulke prestigieuze races mee te werken, en de jeugd kon zo ook wat ervaring op doen, maar tja, de KNMV..... Alle drie onze toppers kregen nu een uitnodiging voor het team "rest van de wereld". Echter op de dag van de eerste race stonden ook de races in Maastricht op het programma, voor het Nederlands kampioenschap en daar moest Jack aan deelnemen. Wil en Boet namen uiteindelijk wel de uitnodiging aan en het team van de "rest van de wereld", bestaande verder uit: Johnny Cecotto, Gregg Hansford, Graeme Crosby, Jeff Sayle en Philippe Coulon met Michel Frutschi als reserve. Jack zou uiteindelijk ook meegedaan hebben, maar was geblesseerd. Hij stond wel opgesteld in het programmablad van de race op 23 september op Donington Park.

wpe6F.jpg (42936 bytes) wpe5F.jpg (24680 bytes)

AGV- Nation cup races

Deel team "rest van de wereld". 

Deel team Italië

. wpe36.jpg (23859 bytes)Ook gingen er stemmen op (vooral veel geruchten, zoals zo vaak) om een compleet team om Jack, Wil en Boet te bouwen en dan zo te kijken of er een mogelijkheid was om ook voor Jack en Boet sneller materiaal te krijgen. Het team zou dan wel om Hartog gebouwd moeten worden, die al fabrieksmachines bereed. Fabrieksrijder Wil Hartog zag vooralsnog geen team van Nederlandse coureurs zitten. Wellicht ook vanwege het feit dat de relatie met Van Dulmen zeker niet optimaal was. Hij vond ook dat elke coureur super-individueel was en dat dat al problemen zou geven. Van Dulmen zag het absoluut niet zitten, zeker niet als er met een kopman en knechten gereden zou moeten worden. Zijn karakter was daar ook absoluut niet naar. Van Dulmen: ,,Hartog? Als ik 'm eraf kan rijden, zal ik het niet nalaten. Je hoeft van Hartog geen hulp te verwachten als je in de moeilijkheden zit". 

Jack wist ook weinig van deze geruchten die het hele seizoen al de ronde deden en had er niet veel vertrouwen in. In zijn ogen moest je, mocht het van de grond komen, de teamleden wel ieder voor zichzelf laten rijden en niet als knechten voor een ander. Hij zou er geen bezwaar tegen hebben om in een later stadium van het seizoen voor één van de andere twee te moeten rijden. Hij zou echter wel liever met een buitenlandse coureur in een team terecht komen. Hij zei verder dat hij geen problemen had met Hartog, maar dat dat misschien ook kwam omdat hij nog niet zo lang meedraaide in het Grand-Prix wereldje. Van horen zeggen zou Hartog nogal vervelend zijn geweest in het verleden, maar hij had geen last van hem (en zou dat ook nooit krijgen, hoewel tegenpolen konden ze het prima met elkaar vinden).

 

12-08-1979 Grand Prix Engeland, Silverstone

wpe32.jpg (42560 bytes)

De Grand Prix op Silverstone was overigens de comeback van Honda in de Formule I van de motorsport. Takazumi Katayama en Mick Grant bereden de nieuwe fabrieksracers van het grote motormerk. Honda verscheen met een zeer indrukwekkende stal in Silverstone en de laatste GP op Le Mans. De comeback van dit seizoen met de NR-500 viertakt was nog geen succes, Grant ging in de eerste ronde onderuit en zag zijn dure machine in vlammen opgaan en Katayama zocht na 3 ronden de pits weer op. Later zou Honda weer zeer succesvol worden in de GP-racerij, maar dan wel met een tweetakt driecilinder. Grant en Katayama waren echter nog niet zo succesvol op dat moment. 

Boet, Wil en Jack ondertekenen contract 'World Series', waar uiteindelijk niets van terecht kwam.

Ook werden er in Engeland plannen gesmeed om met ingang van het seizoen 1980 World Serie wedstrijden te gaan rijden buiten de F.I.M. om. Initiatiefnemer van deze races waren vooral Kenny Roberts, Virginio Ferrari, Wil Hartog en Barry Sheene samen met een Engelse journalist, Barry Coleman, die de Bernie Ecclestone van de wegrace Grand-Prix wilde worden en dan vooral met het financiële gewin. Ook Jack had uiteindelijk, samen met Wil Hartog (ook groot voorstander) en Boet van Dulmen, zijn handtekening gezet, aangezien er met deze races aanzienlijk meer was te verdienen dan in de Grand-Prix-racerij en dit vooral voor de privé-coureurs van groot belang was. Uiteindelijk kwamen de plannen niet van de grond, mede door het gebrek aan sponsoring en veel tegenwerking. Het enige dat de coureurs in principe wilden was niet afgescheept worden met een paar piek. Dat gebeurde echter wel, de organisaties verdienden heel veel geld aan de honderdduizenden toeschouwers en de coureurs werden afgescheept en mochten blij wezen dat ze deel mochten nemen aan de races, volgens de organisaties. De groep die zich wilden afzonderen, bestond uit 50 coureurs en het was de bedoeling om 12 races te organiseren in twee klassen, de 250cc en 500cc, die dan als Formule I en II door het leven zouden gaan. Voor de nummers 1 t/m 20 zouden veel meer ontvangen als dat men het in de Grand Prix deed. Nu verdiende je met een overwinning in de koningsklasse, 4000 gulden en dat zou in de 'World Series' 90.000 moeten gaan worden! Een groot verschil derhalve. Echter de organisator van de 'World Series', de 'World Series Motorcycle Racing Ltd., de firma van Kenny Roberts en Barry Coleman, kreeg de fabrieken uiteindelijk niet achter zich, na eerdere toezeggingen en ook de circuits waren op een gegeven ogenblik niet meer happig. Dit resulteerde erin dat steeds meer coureurs zich terugtrokken uit de 'World Series' en besloten bij de F.I.M. te blijven.

wpe12.jpg (37408 bytes) wpe15.jpg (38762 bytes)

© MOTOR Magazine

                     1979_world_series.jpg (129184 bytes)  1979_Zweden_00_.jpg (129238 bytes)                            

 

Deel handtekeningenlijst 'World Series', met o.a: 
wpe61.jpg (26635 bytes)
  • Kenny Roberts

  • Barry Sheene

  • Jack Middelburg

  • Wil Hartog

  • Virginio Ferrari

  • Gregg Hansford

  • Boet van Dulmen

  • Johnny Cecotto

  • Kork Ballington

  • Graziano Rossi

  • Philippe Coulon

 
  • Randy Mamola
  • Marco Lucchinelli
  • Michel Frutschi

  • Gianfranco Bobera

  • Franco Uncini

  • Harold Bartol

  • Christian Estrosi

  • Michel Rougerie

  • Patrick Pons

  • John Newbold

  • Paolo Pileri

 

Deelnemers 500cc Grand Prix Silverstone 1979

01. Kenny Roberts (USA) 10. Michel Rougerie (F) 19. Christian Sarron (F) 27. Roberto Pietri (Ven) 35. George Fogarty (GB) 43. John Newbold (GB)
2. Mick Grant (GB) 11. Virginio Ferrari (I) 20. Boet van Dulmen 28. Jack Middelburg 36. Josef Hage (D) 44. Graziano Rossi (I)
3. Wil Hartog 12. Franco Uncini (I) 21. Carlo Prati (I) 29. Sergio Pellandini (CH) 37. Roger Marshall (GB) 45. Rod Scivyer (GB)
4. Johnny Cecotto (Ven) 13. Odd Arne Lände (N) 22. Bernard Fau (F) 30. Giovanni Pelletier (I) 38. Alex George (GB) 46. Seppo Rossi (SF)
5. Takazumi Katayama (J) 14. Ron Haslam (GB) 23. Gary Lingham (GB) 31. Dennis Ireland (Nzl) 39. Randy Mamola (USA) 47. Tony Rutter (GB)
6. Steve Parrish (GB) 15. Steve Ward (GB) 24. Max Wiener (A) 32. Börge Nielsen (DK) 40. Steve Manship (GB) 48 Ikujiro Takai (J)
7. Barry Sheene (GB) 16. Peter Sjöström (S) 25. Gerhard Vogt (D) 33. Antonio G Moreno (ES) 41. Gianni Rolando (I) 49 Keith Huewen (GB)
8. Dave Potter (GB) 17. Stan Woods (GB) 26. John Woodley (Nzl) 34. Gustav Reiner (D) 42. Gianfranco Bonera (I) 50. Lennart Bäckström (S)
9. Marco Lucchinelli (I) 18. Philippe Coulon (CH) Philippe Coulon (CH) 53. Henk de Vries

Podium 500cc Silverstone: Wil Hartog (3e), Kenny Roberts (1e) en Barry Sheene (2e).

wpe21.jpg (50130 bytes)

© MOTOR Magazine

De trainingen verliepen voor de Nederlanders bepaald niet zorgeloos. Vrijdagmiddag betrapten we Wil Hartog, zorgelijk kijkend, in de pits. "Het vermogen is beter dan ooit en ik heb geprobeerd zo hard mogelijk te gaan. Maar Kenny is niettemin bijna twee seconden sneller. Ik weet niet waar ik die vandaan moet toveren!" Maar zaterdag draaide de Witte Reus weer als vanouds; hetgeen resulteerde in de derde trainingstijd achter Kenny Roberts en Johnny Cecotto, die beiden op de eerste trainingsdag al het ronderecord hadden verbeterd. Ferrari, Sheene, Takai, Sarron en Rossi maakten verder de eerste startrij vol. Voor Boet en Jack bracht de training slechts kommer en kwel. Boet had vrijdag af te rekenen met een vastloper en een kapotte krukas, terwijl Jack een drijfstang door het carter naar buiten zag komen. Zaterdag in de laatste training sloeg de pechduivel echter pas goed toe in het Middelburgkamp. Alles leek goed te gaan - Jack stond achter Boet als elfde op de startlijst -, maar toen klapte ook het tweede blok. Opnieuw kwam er een drijfstang dwars door het blok naar buiten, ditmaal echter met fatale afloop. Het achterwiel blokkeerde onverwachts, Jack vloog de baan uit met hoge snelheid en ruïneerde niet alleen zijn fiets (alles bij elkaar zo'n 20 mille schade), maar ook zichzelf. In het ziekenhuis constateerde men enkele gebroken middenhandsbeentjes, een gescheurd scheenbeen en een lichte hersenschudding. "M'n hele seizoen naar de knoppen" foeterde Jack verbitterd over zoveel pech. "Zoiets moet mij natuurlijk weer treffen. Volgens de Britse artsen ben ik hiermee minstens 6 tot 8 weken zoet, dus dat betekent de laatste GP's missen en een aantal lucratieve F­750 races in het buitenland. Misschien dat Dr. Derweduwen er maandag nog wat aan kan doen", aldus Jack, die zondagmiddag door manager Jan Muis op het vliegtuig werd gezet (de blessure zou Jack de rest van zijn carrière parten blijven spelen en hem volgens mij van nog veel meer mooie dingen afhouden, GP).

Beelden race op Youtube

1979_silverstone_training_voor_de_crash_Jack_.jpg (78991 bytes)

1979_Silverstone_Jack_in_de_training_voor_het_ongeval_dat_zijn_carriere_zou_bepalen_.jpg (71950 bytes) 1979_Silverstone_Jack_03.JPG (73952 bytes)
1979_Silverstone_250cc_Randy_Mamola_voor_Toni_Mang_00.JPG (104302 bytes) 1979_Silverstone_Kenny_Roberts_06.jpg (79576 bytes) 1979_Silverstone_Kenny_Roberts_07.jpg (83206 bytes)

© foto's Toon Kannekens

 

10/11 augustus 1979, trainingstijden 500cc Grand Prix Engeland, circuit Silverstone

Pos

Rijder

Machine

Tijd

Verschil

1

Kenny Roberts

Yamaha

1'29.81

-

2

Johnny Cecotto

Yamaha

1'30.72

0.91

3

Wil Hartog

Suzuki

1'31.10

1.29

4

Virginio Ferrari

Suzuki

1'31.14

1.33

5

Barry Sheene

Suzuki

1'31.53

1.72

6

Ikujiro Takai

Yamaha

1'31.77

1.96

7

Christian Sarron

Yamaha

1'31.97

2.16

8

Graziano Rossi

Morbidelli

1'32.06

2.25

9

Dave Potter

Yamaha

1'32.12

2.31

10

Boet van Dulmen

Suzuki

1'32.21

2.40

11

Jack Middelburg

Suzuki

1'32.33

2.52

12

Franco Uncini

Suzuki

1'32.37

2.56

13

Philippe Coulon

Suzuki

1'32.57

2.76

14

Steve Parrish

Suzuki

1'32.60

2.79

15

Randy Mamola

Suzuki

1'32.93

3.12

16

Michel Rougerie

Suzuki

1'32.97

3.16

17

Marco Lucchinelli

Suzuki

1'33.17

3.36

18

Corrado Tuzii

Suzuki

1'33.36

3.55

19

John Newbold

Suzuki

1'33.51

3.70

20

John Woodley

Suzuki

1'33.53

3.72

21

Stan Woods

Suzuki

1'33.76

3.95

22

Dennis Ireland

Suzuki

1'33.98

4.17

23

Gianni Rolando

Suzuki

1'34.02

4.21

24

Tony Rutter

Suzuki

1'34.11

4.30

25

Alex George

Cagiva

1'34.17

4.36

26

Carlo Perugini

Suzuki

1'34.22

4.41

27

Russell Wood

Suzuki

1'34.58

4.77

28

Ron Haslam

Suzuki

1'34.81

5.00

29

Josef Hage

Suzuki

1'34.99

5.18

30

Peter Sjöström

Suzuki

1'35.24

5.43

31

Roberto Pietri

Suzuki

1'35.30

5.49

32

Giovanni Pelletier

Suzuki

1'35.32

5.51

33

Gary Lingham

Suzuki

1'35.64

5.83

34

Henk de Vries

Suzuki

1'35.99

6.18

35

Seppo Rossi

Suzuki

1'39.04

9.23

36

Steve Ward

Suzuki

1'36.10

6.29

37

Lennart Bäckström

Suzuki

1'36.63

6.82

38

Takazumi Katayama

Honda

1'36.66

6.85

39

Rod Scivyer

Suzuki

1'36.80

6.99

40

Max Wiener

Suzuki

1'37.20

7.39

-

George Fogarty

Suzuki

1'37.35

7.54

-

Keith Huewen

Yamaha

1'37.57

7.76

-

Roger Marshall

Suzuki

1'37.64

7.83

-

Toni Garcia

Suzuki

1'37.89

8.08

-

Gerhard Vogt

Suzuki

1'37.90

8.09

-

Mick Grant

Honda

1'37.90

8.09

 

Ik was samen met een toenmalige vriendin, zus van Jack, met een busgezelschap afgereisd naar Engeland voor de GP op Silverstone. Zaterdagmorgen vroeg kwamen we aan bij ons hotel in Londen. We zouden de hele dag in Londen doorbrengen en op zondag naar het circuit afreizen. Wij de hele dag Londen in geweest, waren er nog nooit geweest, dus in een dag proberen alles te zien uiteraard. Madame Tussaud, Tower Bridge, The Big Ben, Buckingham Palace, etc., alles bekeken en rond middernacht kwamen we afgezadeld in het hotel aan en vielen 'direct' als een blok in slaap. Toen ik 's-morgens wakker werd, hoorde ik dat mijn vriendin onder de douche stond. Ik keek hoe laat het was en keek nogmaals, want als de tijd klopte was de bus een uur daarvoor weggereden! Ik vloog uit bed en waar ik normaal flink de tijd nodig heb om wakker te worden, was dit nu totaal geen probleem. Beneden bij de receptie bleek dat de bus inderdaad een uur geleden was vertrokken. Wat was het geval: we hadden bij het inchecken gevraagd om gewekt te worden. Echter bij onze kamer aangekomen stonden daar drie stellen, waarvan er twee naast elkaar sliepen en de derde een stuk verder, deze vroegen of wij wilden ruilen van kamer. Dat was geen probleem, alleen vergaten wij dat we gewekt wilden worden . Er was dus wel naar onze kamer gebeld, alleen was dat onze kamer niet meer... Daar zaten we dan, 18 jaar en midden in Londen op een paar honderd kilometer van Silverstone . Wij taxi gebeld en naar dichtstbijzijnde politiestation. Een paar telefoontjes later met o.a. reisbureau, men raadde ons aan terug te gaan naar de boot en hier een uurtje of 10 op de bus te gaan wachten. Hier wilden we maar niet aan gaan beginnen. We konden terugrijden met de ouders van Jack naar Nederland, dus dat leek ons een beter idee. Tijdens de telefoontjes kwamen we er ook achter dat Jack het zware ongeluk had gehad in de trainingen en op dat moment op weg was naar het vliegveld, dus dat maakte ons humeur er ook niet beter op. Politie was zo vriendelijk (super) om een reisschema te maken en bracht ons netjes naar het dichtstbijzijnde station. De rest zal ik je maar besparen. Een uur of 7 en vele metro's, treinen en taxi's later kwamen wij aan op Silverstone, waar net de laatste race werd afgevlagd. Dat was mijn eerste kennismaking met Silverstone.....

Foto's van vrienden die wél waren aangekomen!

12-08-1979_Silverstone_Jack_voor_zijn_val_in_de_training.jpg (32578 bytes) 12-08-1979_Silverstone_Jack_voor_zijn_vastloper_in_de_training.jpg (39165 bytes) 12-08-1979_Silverstone_Kenny_Roberts.jpg (35997 bytes) 12-08-1979_Silverstone_Kenny_Roberts_01.jpg (37562 bytes)

Hier een link naar volledig verslag van Silverstone

 

12 augustus 1979, uitslag 500cc Grand Prix Engeland, circuit Silverstone

500cc (28 ronden)

1. Kenny Roberts USA Yamaha 42.56.72
2. Barry Sheene GB Suzuki 42.56.75
3. Wil Hartog NL Suzuki 43.01.69
4. Virginio Ferrari I Suzuki

43.32.00

5. Boet van Dulmen NL Suzuki 43.33.54
6. Christian Sarron F Yamaha

43.37.37

7. Franco Uncini I Suzuki

43.47.81

8. Philippe Coulon CH Suzuki 43.47.97
9. Marco Lucchinelli I Suzuki 43.53.51
10. John Newbold GB Suzuki 44.13.21
11. Carlo Perugini I Suzuki 44.15.00
12. Gianni Rolando I Suzuki 44.16.63
13. Peter Sjöström S Suzuki 1 ronde
14. Steve Ward GB Suzuki 1 ronde
15. Keith Huewen GB Yamaha 1 ronde
16. Max Wiener A Suzuki h2 rondene
17. George Fogarty GB Suzuki h2 rondene
18. Henk de Vries NL Suzuki h2 rondene
19. Corrado Tuzii  I Suzuki h2 rondene

 

 

" Jack over Jack"                       GP Engeland, Silverstone

Hallo, hier ben ik dan weer. Deze keer niet zo uitvoerig als anders, want hoewel ik inmiddels uit het ziekenhuis weer thuis ben, doe ik voorlopig alles nog kalmpjes aan. Even alles op een rijtje zetten. De GP van Zweden en de GP van Finland zijn voor mij grandioos verlopen. Een tweede en een vierde plaats. Van die tweede plaats in Zweden had ik nooit durven dromen, terwijl het in de slotfase van Finland steeds beter ging. Deze klasseringen brachten uiteraard wel de nodige puntjes voor het wereldkampioenschap op. Helaas zette de zo nodige veine niet door. In tegendeel, Silverstone werd mijn tijdelijke afgang. Bij de training liep het allemaal al zo lekker niet. Vrijdags bij de eerste training sloeg een drijfstang door het carter. Heel mijn machine in puin en een schade van rond de 4000 gulden. Zaterdagmiddag tijdens de laatste training, net toen ik van plan was de pits weer op te zoeken, kwam ik voluit rijdende en van zes terugschakelend naar vier ten val. Weer een gebroken drijfstang. Ik dook over mijn motor, door drie hekken en knalde tegen de grond. Gevolgen: een gescheurd scheenbeen, twee gebroken middenhandsbeentjes (van mijn rechterhand) en mijn gezicht vol met glassplinters! En uiteraard een fiets, die total loss was. Na een eerste medische behandeling in Engeland, ben ik met veel pijn en op eigen verantwoording, afgereisd naar Mol, naar Dr. Derweduwen. In deze man heb ik nu eenmaal vertrouwen. En ik heb het weer bij het goede eind gehad, want momenteel zo’n twaalf dagen na mijn operatie "loop" ik weer. En als alles zich positief blijft ontwikkelen (en waarom niet) hoop ik op 9 september a.s. in Assen weer van de partij te zijn. Bijna niet te geloven, maar toch echt waar! In het artikel "Van de bestuurstafel" werd er al even aandacht aan besteed; Boet van Dulmen is bij het F&S-team ingelijfd om de gelederen te versterken. Dit heeft voor mij, zoals al is gesuggereerd, geen gevolgen en ik gun het Boetje van harte! Eerst dit seizoen afwerken en dan gaan we bekijken wat ons volgend jaar te gebeuren staat. Momenteel bevindt alles zich nog in een ontwikkelingsstadium, maar zodra ik meer weet zal ik u daar zeker over informeren. Laat ik besluiten met iedereen te bedanken voor de wijze waarop men met mij heeft meegeleefd. Hartelijk dank voor uw kaarten, brieven, fruitmanden en al het anderen, waarmee u mij in de voorbije periode hebt verrast!  

Van de bestuurstafel 

Laten we beginnen met het goede nieuws. Jack is inmiddels weer thuis uit het ziekenhuis en herstelt voorspoedig van zijn op Silverstone opgelopen verwondingen. Uit het feit dat Jack, overigens op eigen initiatief, toch weer Dr. Derweduwen opzocht moet geconcludeerd worden, dat zijn verwondingen van dien aard waren, dat specifieke behandeling noodzakelijk en gewenst was. En wederom schijnt de "Bottenman uit Mol" wonderen te hebben verricht. Als er zich geen complicaties voordoen, rijdt Jack over enige weken weer op zijn fiets, alhoewel hij van verschillende kanten te horen heeft gekregen zich niet te forceren. Zijn zevende plaats in het puntenklassement voor het wereldkampioenschap kan bijna niet aangetast worden, hetgeen voor de meesten van ons al ver boven de verwachtingen ligt. Dus vraag je je af, waarom onnodige risico's te nemen. Beter is de blik te richten op de toekomst, die er gezien de berichten in de diverse dagbladen beslist rooskleurig uitziet. In het kort samengevat behelst dit bericht de mededeling, dat Jack's huidige sponsor, F. en S., van plan is om voor het volgende seizoen EEN MILJOEN GULDEN uit te trekken 'voor het sponseren van het duo Boet van Dulmen-Jack Middelburg! Als je zoiets leest, sta je toch wel even met je ogen te knipperen en is Jack alleen daarom al aan zijn sponsor verplicht er voor te zorgen, dat hij optimaal aan het volgend seizoen kan beginnen. Wat weer niet wegneemt, dat indien reëel in de mogelijkheid verkerend, hij aan F. en S. verplicht is, het lopende seizoen naar beste vermogen af te werken. Jack kennende, zal het hieraan beslist niet ontbreken, hoewel overmoed hier zeker niet op zijn plaats is! Recapitulerend mogen we stellen, dat de toekomst er voor Jack en zijn fans prima voorstaat. Het minder prettige nieuws is, dat terwijl Jack in het ziekenhuis in Mol lag, zijn 350 cc machine is gestolen. Deze fiets, speciaal geprepareerd om zijn drievoudig Nederlands kampioenschap te verdedigen, heeft voor de dief (of dieven) praktisch geen waarde, tenzij men hem totaal demonteert. Jammer dat men zich zo verlaagt en een sportman van allure op een dergelijke wijze dupeert. Onze fanclub en dus ook ons blad hebben deze maand weer een mijlpaal bereikt; het zesde levensjaar is inmiddels ingegaan. Met trots durven wij te zeggen, dat zowel de fanclub als ook ons blad in wijde kring grote belangstelling genieten. Wij hopen dat ze nog jarenlang, hand in hand, mogen voortbestaan

  Het bestuur.

 

TELEGRAAF, maandag 13 augustus 1979

,,Jumping Jack" per rolstoel naar cel
(door Ron Govaars)

 

In een rolstoel en krimpend van de pijn kwam gisterenmiddag topcoureur Jack Middelburg, de man die een paar dagen geleden Nederland was "ontvlucht" om gevangenisstraf te ontlopen, terug op Schiphol. Door een vastloper tijdens de trainingen van de Grote Prijs van Engeland waaraan wpe3B.jpg (9379 bytes)hij met alle geweld wilde meedoen om zijn eerste Grand-Prix seizoen te kunnen afronden met een schitterende plaats bij 's-werelds beste zes/zeven van het WK, was hij van zijn F&S-Suzuki geslingerd, waardoor hij behalve talrijke kneuzingen ook een gecompliceerde scheenbeenbreuk had opgelopen en een gebroken middenhandsbeentje. "Jumping Jack" die veroordeeld was om uitgerekend dit weekend te gaan zitten wegens te hard rijden met zijn 250 kilometer p/u snelle Mercedes, maar zich daaraan wist te onttrekken, werd nu door de omstandigheden veroordeelt om in een rolstoel plaats te nemen. De doktoren in Engeland hadden hem zelfs absoluut ongeschikt geacht om vervoerd te worden, maar Middelburg stond erop om door de Belgische orthopedische chirurg Joan Derweduwen te worden behandeld. ,,Jullie kunnen hier nu wel doen alsof je wereldkampioenen in je vak bent, maar voor mij is dat alleen Derweduwen", liet hij de Engelse geneesheren weten, die hem vervolgens, na het tekenen van een verklaring dat hen geen blaam trof voor het ontslaan uit het ziekenhuis, van de gewonde coureur, hem lieten gaan. De Belgische coureur, vertrouwensman van talrijke coureurs, wielrenners en voetballers, was uit Engeland ingelicht over de komst van Jack en had gisterenmiddag om 17.00 uur in het ziekenhuis van Mol, net over de grens bij Eindhoven, al alles in gereedheid gebracht om met de operaties, volgens zijn speciale methode, te beginnen, toen ik hem belde om te laten weten dat er drie vertragingen in het reisschema van de onfortuinlijke Nederlander waren opgetreden. ,,Wat zal die jongen nu een pijn hebben", zei hij meewarig. ,,Maar ik hen nog nooit een patiënt gehad die zo keihard is als hij. Ik heb hem hier wel eens gehad, nadat hij zich met een open beenbreuk uit een ziekenhuis had laten ontvoeren, omdat de doktoren hem hadden verteld, dat het zeker enige maanden ging duren, voordat hij weer zou kunnen rijden. Hij heeft hier toen na de operatie nog een paar dagen gelegen en ik wist dat hij heel erge pijn moest hebben, maar ik heb hem geen kik horen geven". Middelburg, die aan zijn bijnaam komt, vanwege zijn talrijke spectaculaire crashes in het verleden, maar later vooral zo genoemd vanwege zijn opzienbarende sprongen omhoog op de wereldranglijst der coureurs, werd op Schiphol opgewacht door zijn manager Hans Valstar. ,,Ik weet niet of het mijn schuld was", zei Jack, ,,maar ik ben wel woedend op mezelf". Hij doelde daarmee op het feit dat nog maar zelden een motorcoureur zo sterk in de Grand-Prix racerij is gedebuteerd als hij en dat hij nu niet in staat zal zijn om zo kort voor het einde van het seizoen het karwei af te maken. Dokter Derweduwen, gevraagd naar een prognose over de duur van het genezingsproces, zei: ,,De eerste berichten zijn nogal alarmerend, maar ik kan natuurlijk niets zeggen voor ik de foto's heb gezien. Alleen dit, en dat klinkt misschien gek, maar ik heb er geen andere verklaring voor: de wil om te racen is bij deze man zo sterk, dat hij sneller geneest dan enig ander!" ,,Zo gauw het gips erom zit ga ik me melden om die gevangenisstraf, voor dat te hard rijden, uit te gaan zitten", zei Jack Middelburg met wrange humor. ,,Ik heb er nu opeens alle tijd voor!"

 

 

02-09-1979 Grand Prix Frankrijk, Le Mans

            

Het ongeluk waar Jack niets aan kon doen was extra pijnlijk omdat door Suzuki de toezegging was gedaan dat Jack voor de laatste GP van het seizoen op het circuit Le Mans in  Frankrijk fabriekssteun zou krijgen. Later bleek dat Jack's fantastische Grand Prix 500cc debuutseizoen door de val ten einde was, want in Le Mans zou hij niet van start kunnen gaan. De tijd van ruim twee weken was zelfs voor Jack te kort. Wel zou hij de F750 Grand Prix van Assen drie weken later kunnen rijden. Helaas brak daar een krukas, terwijl Jack aan de leiding reed tijdens de eerste manche!! De tweede manche startte Jack op de reservemachine van Boet van Dulmen, maar ook nu moest hij aan de kant met machineproblemen. 

Ad en Telegraaf voorpagina n ieuws 2.jpg (51444 bytes)
Boet, Petra & Jack
Boet, Ton Fagel (F&S) Jack & Petra Middelburg

Ondertussen besloot Jack's sponsor F & S Properties voor het komende seizoen ook Jack's toenmalige vriend Boet van Dulmen te gaan sponsoren. Ze zouden dus een soort van teamgenoten worden, aangezien ze ook dezelfde manager, Jan Muis, hadden. Later werd Boet echter benaderd door I.M.N. Yamaha en ging het niet door. De grote prijs van Le Mans werd dus zonder Jack verreden en gewonnen door Barry Sheene, voor Randy Mamola, de regerende en nieuwe wereldkampioen Kenny Roberts, Franco Uncini, Johnny Cecotto en Philippe Coulon. Aangezien we alles al geregeld hadden om naar Le Mans te gaan, zijn we ondanks dat Jack niet meedeed toch maar gegaan. Tijdens de race kwam Virginio Ferrari voor ons spectaculair ten val. Door tijdig ingrijpen van de arts Claudio Costa, ter plaatse, werd zijn leven gered en kon zijn arm behouden blijven! Begin jaren tachtig werd er onder alle coureurs een verkiezing gehouden, wie zij de beste coureur vonden. Virginio's nummer één was Jack, omdat zoals hij zei: ,als je in een bocht zit en denkt nu kan er niemand langs en je kijkt opzij, dan zit Jack naast je!' Het was voor Virginio overigens de 2e keer dit jaar dat zijn leven werd gered door de mobiele kliniek. Het was hem ook al overkomen in Imola in mei 1979. De Mobiele kliniek bestond overigens op dat moment nog niet zo lang. Op 23 April 1972 werd de eerste 200 miles race georganiseerd in Imola. De race, die door Checco Costa werd georganiseerd, werd gewonnen door Paul Smart (zwager van Barry Sheene) op een Ducati. Checco Costa zelf, als voorzitter van de lokale motorclub, wilde geschikte, geavanceerde medische hulp voor deze wedstrijden. Hij vroeg zijn zoon Claudio, die in 1967 op de medische school zijn diploma had behaald, om deze essentiële taak op zich te nemen, samen met behulp van Dr. Giancarlo Caroli, een reanimatie en intensive care specialist van het ziekenhuis in Bologna. Alle coureurs waardeerden dit nieuwe fenomeen. Zij wilden deze zelfde artsen bij alle races voor het Grand-Prix seizoen. Zo begon het. 

Kenny Roberts met dr. Claudio Costa.

Vijf jaar volgden Dr. Claudio Costa (van 1972-1976) en zijn team, de gebeurtenissen van het wereldkampioenschap, als medewerkers van het medisch centrum in Imola. Maar hun hulp was nog ontoereikend, omdat op dat moment de menselijke middelen en het materiaal, nog zo primitief waren dat de coureurs elkaar na valpartijen vaak zelf moesten helpen. Men stelde, in 1976, voor dat een mobiel voertuig zou moeten worden aangeschaft, bemand met gespecialiseerde artsen en ander medisch personeel, om te zorgen voor de coureurs. De eerste Mobiele Kliniek werd geboren met de financiële hulp van AGV Helmen en de Moto Club Santerno van Imola. Op 3 Februari 1977, op het Eiland Bendor, dichtbij het circuit van Paul Ricard van Le Castellet, werd de Mobiele Kliniek in gebruik genomen, met dr. Costa aan het hoofd. 1 mei 1977, was de dag dat het "kleine reizende ziekenhuis" voor motorraces, zijn "debuut" op de Salzburgring in Oostenrijk maakte. Het werd direct een vuurdoop. In de klasse 250cc, kwamen 5 coureurs zwaar ten val  in de snelste en gevaarlijkste bocht van het circuit: Franco Uncini, Johnny Cecotto, Dieter Braun, Patrick Fernandez en Hans Stadelman. Zij raakten allen zeer ernstig gewond, de Duitser Stadelman zou aan zijn verwondingen bezwijken. De artsen redden wel Franco Uncini ter plekke het leven. Ook de redding van Philippe Coulon in Anderstorp in Zweden was er één die velen bij zou blijven. In 1978 werd ook het leven van de Fransman Michel Rougerie op het circuit gered, helaas zou hij in 1981 toch nog omkomen tijdens het uitoefenen van zijn motorsport. Door de jaren heen werd de uitrusting van de mobiele kliniek van dr. Costa steeds uitgebreider. Op een gegeven ogenblik kon hij medisch gezien alles aan, een simpele kneuzing tot levensreddende operaties. Jaren lang moest men echter werken met alleen financiële ondersteuning van de Italiaanse bond en donaties van de top-coureurs en wat kleine sponsors. Dit was ongelofelijk, maar het zou tot in de jaren '90 duren eer de IRTA mee zou gaan betalen. Er waren zelfs jarenlang diverse landen waar de mobiele kliniek zelfs niet welkom was, zoals Zweden, Oostenrijk en Spanje. 

 

Grand Prix, Le Mans, Frankrijk

29/08/1979 - 03/09/1979

Le_Mans_1979_Johnny_Cecotto_en_Kenny_Roberts.jpg (26592 bytes) Le_Mans_1979_Johnny_Cecotto_en_Kenny_Roberts_01.jpg (26937 bytes) Le_Mans_1979_Johnny_Cecotto.jpg (29771 bytes) Le_Mans_1979_Kenny_Roberts.jpg (29955 bytes)
Le_Mans_1979_Takazumi_Katayama.jpg (19775 bytes) Le_Mans_1979_Boet_van_Dulmen.jpg (24272 bytes) Le_Mans_1979_Chistian_Sarron.jpg (22381 bytes) Le_Mans_1979_Chistian_Sarron_door_blessure_half_uur_nodig_om_handschoenen_aan_te_doen.jpg (19628 bytes) Le_Mans_1979_Chistian_Sarron_door_blessure_half_uur_nodig_om_handschoenen_aan_te_doen_01.jpg (20739 bytes) Le_Mans_1979_Marco_lucchinelli_01.jpg (21159 bytes) Le_Mans_1979_Marco_lucchinelli.jpg (29582 bytes)
Le_Mans_1979_Franco_Uncini.jpg (27283 bytes) Le_Mans_1979_Franco_Uncini_01.jpg (27801 bytes) Le_Mans_1979_Franco_Uncini_03.jpg (31506 bytes) Le_Mans_1979_Franco_Uncini_02.jpg (19287 bytes) Le_Mans_1979_Graziano_Rossi.jpg (26011 bytes) Le_Mans_1979_Graziano_Rossi_01.jpg (27303 bytes) Le_Mans_1979_Graziano_Rossi_en_Franco_Uncini.jpg (35368 bytes)
Le_Mans_1979_Franse_St.Pernod-team_Michel_RougerieOlivier_Chevallier_Patrick_Fernandez_de_eerste_2_zouden_niet-Lang_daarna_verongelukken.jpg (22291 bytes) Le_Mans_1979_Michel_Rougerie.jpg (31896 bytes) Le_Mans_1979_Patrick_Pons.jpg (35606 bytes) Le_Mans_1979_Patrick_Pons_01.jpg (27746 bytes) Le_Mans_1979_Barry_Sheene_02.jpg (22821 bytes) Le_Mans_1979_Barry_Sheene.jpg (29023 bytes) Le_Mans_1979_Barry_Sheene_01.jpg (27510 bytes)
Le_Mans_1979_Wil_Hartog.jpg (24601 bytes) Le_Mans_1979_Wil_Hartog_01.jpg (33627 bytes) Le_Mans_1979_Wil_Hartog_02.jpg (29104 bytes) Le_Mans_1979_Philippe_Coulon.jpg (27371 bytes) Le_Mans_1979_Virginio_Ferrari_03.jpg (32756 bytes) Le_Mans_1979_Virginio_Ferrari.jpg (33993 bytes) Le_Mans_1979_Virginio_Ferrari_01.jpg (31172 bytes)
Le_Mans_1979_Greg_Hansford.jpg (26507 bytes) Le_Mans_1979_Virginio_Ferrari_02.jpg (29365 bytes) Le_Mans_1979_Steve_Parrish.jpg (30442 bytes) Le_Mans_1979_Philippe_Coulon_02.jpg (16477 bytes) Le_Mans_1979_Philippe_Coulon_01.jpg (15329 bytes) Le_Mans_1979_Franco_Uncini_04.jpg (24045 bytes) Le_Mans_1979_Kenny_Roberts_01.jpg (23422 bytes) Le_Mans_1979_Marco_lucchinelli_02.jpg (30556 bytes)

 

diverse_ 0018_.jpg (29001 bytes) diverse_001 8_.jpg (28826 bytes) diver se_0018_.jpg (30513 bytes) diverse_0018_.jpg (26286 bytes)
Gregg Hansford (1952-1995) Barry Sheene (1950-2003) Michel Rougerie (1950-1981) Franco Uncini
diverse_ 0015_.jpg (47117 bytes) wpe26.jpg (23626 bytes)
1979 Le Mans, ik kwam toevallig voorbij toen men een foto ging maken van het nieuw opgerichte "La Pernod" team, met diverse Franse topcoureurs: Linker foto Patrick Fernandez (2e van links staand), Olivier Chevallier* (staand met helm), Michel Rougerie** (buitenste rechts staand), Guy Bertin (zittend 1e links) met naast zich Jacques Bolle.

* Olivier Chevallier (06-02-1949) kwam op 6 april 1980 om het leven tijdens de 250cc wedstrijd die op Paul Ricard werd verreden in het weekend dat de Moto Journal 200 werd verreden, op 31-jarige leeftijd. Tijdens slecht weer kwam hij ten val met 200 km/uur en knalde met zijn borst tegen een paal van de vanghekken aan. Een uur later overleed hij in een ziekenhuis in Marseille.
** De op dat moment eveneens 31-jarige Michel Rougerie (21-04-1950) kwam, op 31-05-1981, ten val in de 350cc klasse van de Joegoslavische GP, stond in eerste instantie ongedeerd op, had hij blijven staan was er niets gebeurd, maar nu deed hij een fatale stap. Zijn land- en teamgenoot Roger Sibilie kon hem niet meer ontwijken en sleurde hem mee. Exact hetzelfde had Rougerie een jaar eerder op Silverstone meegemaakt met land- en ook teamgenoot Patrick Pons, maar toen was het de coureur Rougerie die zijn maat niet kon ontwijken. Nu was hij zelf het slachtoffer, hoe bedoel je, déjà vu....

 

01-09-1979_Le_Mans_Barry_Sheene.jpg (45675 bytes) 01-09-1979_Le_Mans_Kenny_Roberts.jpg (45766 bytes) 01-09-1979_Le_Mans_Graziano_Rossi.jpg (36122 bytes) 01-09-1979_Le_Mans_Honda.jpg (50982 bytes) 01-09-1979_Le_Mans_start_500cc.jpg (74239 bytes)

 

De uitslag van de 500cc in Frankrijk, met in het rood de traininsplaats. 

1. Barry Sheene (GB) 8e 12. Henk de Vries 30e

Niet gefinishte rijders:es

2. Randy Mamola (USA) 5e 13. Hervé Guilleux (F) 16e 22. Max Wiener (A) 20e Val Virginio Ferrari (I) 2e
3. Kenny Roberts (USA) 1e 14. Gianni Rolando (I) 15e   Carlo Perugini (I) 14e Pech Boet van Dulmen 12e
4. Franco Uncini (I) 4e 15. Roberto Pietri (Ven) 22e   Graziano Rossi (I) 17e   Christian Sarron (F) 9e
5. Johnny Cecotto (Ven) 3e 16. Gerhard Vogt (D) 35e   Sergio Pellandini (CH) 29e   Dennis Ireland (NzL) 21e
6. Philippe Coulon (CH) 6e 17. Alain Roethlisberger (CH) 36e   Lennart Bäckström (S) 33e   Marco Lucchinelli (I) 13e
7. Steve Parrish (GB) 10e         Giovanni Pelletier (I) 18e   Gustav Reiner (D) 25e
8. Michel Rougerie (F) 11e         Franck Gross (F) 24e   Leandro Beccheroni (I) 31e
9. John Woodley (Nzl) 23e         Börge Nielsen (DK) 34e   Josef Hage (D) 28e
10. Peter Sjöström (S) 27e     Pech Willem Zoet 19e Pech Wil Hartog 7e
11. Seppo Rossi (SF) 26e       Michel Rastel (F) 32e      

Beelden race op Youtube

Begin van de 500cc Le Mans: Barry Sheene voor Virginio Ferrari (#11), Kenny Roberts (#1), Randy Mamola (#41), Franco Uncini (verscholen), Johnny Cecotto (#4), Giovannie Pelletier (#45), Steve Parrish (#12), Roberto Pietri, Philippe Coulon, Christian Sarron en Michel Rougerie.

 

wpe30.jpg (14465 bytes)

250cc: Frans onderonsje, Jean Lafond voor Raymond Roche en Roland Freymond. Ze gingen in omgekeerde volgorde over de finish als 10e, 11e en 12e.

wpe17.jpg (26565 bytes)

De eerst drie van de 350cc: v.l.n.r. Roland Freymond (2e), Patrick Fernandez (1e), Walter Villa (3e).

Begin van de 350cc Le Mans: Kork Ballington op kop voor Eric Saul (#21), Patrick Fernandez (#8), Pekka Nurmi (#49), Graeme MacGregor (#43), Gregg Hansford (#3), Patrick Pons (#18), Hervé Guilleux (#40), Michel Frutschi (#39), Etienne Geeraerdt (#63), Pentti Korhonen (#11) en Anton Mang (#17).

 

 

09-09-1979 Formule 750, Assen

                         Jack_0 06_.jpg (47796 bytes)  Jack & Adri            

 

Trainingstijden F750cc klasse Assen 1979, de tijden zijn de snelste in de betreffende trainingssessie.

Positie Rijder 1e trainingssessie 2e trainingssessie 3e trainingssessie 4e trainingssessie
1. Johnny Cecotto 3.00.3 2.54.2 2.57.8 2.55.8
2. Boet van Dulmen 3.03.1 2.59.5 3.02.2 2.56.6
3. Michel Frutschi 3.04.9 3.00.3 3.22.9 2.57.6
4. Jack Middelburg 3.18.2 3.01.4 3.04.4 2.58.2
5. Sadao Asami 3.12.8 3.04.6 3.03.4 2.58.9
6. Randy Mamola 3.06.0 3.02.1 3.01.1 2.59.2
7. Markku Matikainen 3.04.0 3.05.8 3.03.1 2.59.2
8. Philippe Coulon 3.03.9 3.01.5 3.04.7 2.59.5
9. Wil Hartog 3.04.3 3.02.7 3.00.5 3.00.1
10. Gregg Hansford 3.05.6 3.01.1 3.00.1 3.01.8
11. Gianfranco Bonera 3.02.4 3.02.4 3.00.1 3.02.2
12. Marco Lucchinelli 3.46.2 3.02.4 3.06.4 3.00.1
13. Patrick Pons 3.03.6 3.00.4 3.04.7 3.00.8
14. Raymond Roche 3.10.5 -- 3.03.3 3.01.1
15. Hubert Rigal 3.02.5 3.01.3 3.02.2 3.01.2
16. Christian Huguet 3.07.9 3.03.0 3.02.4 3.06.9
17. Henk de Vries 3.09.8 3.04.5 3.05.5 3.02.4
18. Jean-Paul Boinet 3.19.9 3.07.5 3.06.2 3.02.5
19. John Newbold 3.30.5 3.05.3 3.12.7 3.03.6
20. Christian Estrosi 3.12.4 3.04.3 3.04.0 3.04.6
21. Gérard Choukroun 3.19.8 3.09.4 3.10.0 3.04.5
22. Werner Nenning 3.34.8 3.19.2 3.22.1 3.05.5
23. Willem Zoet 3.15.0 -- 3.06.1 3.09.8
24. Dennis Ireland 3.15.9 3.10.4 3.14.0 3.06.6
25. Jacques Cornu 3.21.8 3.10.7 3.15.1 3.06.7
26. Joey Dunlop 3.21.5 3.09.5 3.13.5 3.06.9
27. Rick Walden 3.24.6 3.15.2 3.12.1 3.07.4
28. Jean-Louis Tournadre 3.20.8 3.11.4 3.10.9 3.07.5
29. Greg Johnson 3.11.8 3.11.2 3.07.6 --
30. Hervé Guilleux 3.29.5 -- 3.18.8 3.07.6
31. Pierre Soulas 3.41.3 3.20.0 3.15.6 3.09.1
32. Philippe Bouzanne 3.13.8 3.09.9 3.09.4 3.10.3
33. Gerhard Vogt 3.12.4 3.10.3 3.13.6 3.10.7
34. Fritz Kerschbaumer 3.21.9 3.15.4 3.14.4 3.11.8
35. Frits van der Veen 3.38.6 3.18.6 3.17.0 3.13.3
36. Frank Steinhausen 3.30.0 3.18.9 3.18.3 3.14.1
37. Rob Beute 3.24.0 3.16.4 3.20.4 3.14.7
38. Armin Zeh 3.36.9 3.15.3 -- 4.52.6
39. Dees Bormans 3.43.3 3.25.1 3.25.0 3.17.3
40. Jan Kostwinder 3.25.4 3.23.1 3.23.7 3.44.2

 

Het onmogelijke gebeurde, Jack zou toch nog de Formule 750cc GP op Assen kunnen rijden. En dit alles ondanks zijn zware blessure. Jack vergat zijn pijn, zodra hij weer een motor onder zijn kont voelde. Hij zette ondanks al zijn lichamelijke ongemakken een prachtige 6e trainingstijd neer. Johnny Cecotto zou van "pole" mogen vertrekken. Jack nam op een gegeven ogenblik brutaal de leiding in handen! Helaas viel hij uit, men ging er eerst van uit dat dit vanwege de pijn was, hij had ook nog enige pijnstillende injecties gehad, maar dan konden ze Jack niet goed genoeg. Het uitvallen had te maken met een gebroken krukas. De motor kon niet op tijd gerepareerd worden voor de 2e manche en Jack ging op de reservemotor van Boet van start. Dit was geen probleem, want Boet was sinds kort ook in de stal van Jack (F&S) opgenomen i.v.m. financiële problemen. Weer deed Jack goed mee van voren, maar moest helaas weer met pech aan de kant. Joan Derweduwen was overigens speciaal voor Jack naar Assen afgereisd, terwijl hij eigenlijk helemaal geen wegracemotorsportfan was.

Start F750 Assen: Jack (7), Matti Matikainen (#16), Michel Frutschi (14), Greg Hansford (11), Patrick Pons (5), Randy Mamola (2), Christian Huguet (24), Wil Hartog (3), Boet van Dulmen (9), Sadao Asami (20), Philippe Coulon (8) en Johnny Cecotto (1).

 

Eerste keer dat het lange lint bij de Bedeldijk aankomt met aan de leiding : Randy Mamola (2) voor Greg Hansford (11), Jack verscholen achter Hansford, Boet van Dulmen (9), Johnny Cecotto (1), Michel Frutschi (14), Marco Lucchinelli (#6), Matti Matikainen (#16).

 

wpe23.jpg (59094 bytes) wpe27.jpg (60106 bytes)

De originele foto van bovenstaande

© MOTOR Magazine

 

Assen_F750_1979 000.jpg (39163 bytes)    Assen_F750_1979 001.jpg (36315 bytes)

" Jack over Jack"                       GP F750 van Assen

Zondag 9 september beleven we de terugkeer van Jack Middelburg, schreven de kranten. Eerlijk gezegd, zag ik het zelf helemaal niet zo zitten. Dat ik weer zou rijden stond wel vast, maar dat voor mij een heldenrol op het circuit van Assen was weggelegd, betwijfelde ik al bij voorbaat. Bij de training en merkte ik al, dat alles niet verliep als het in feite moest gaan. Een hele geruststelling voor me was, dat ik geen pijn meer had, maar de machine Jack functioneerde niet optimaal. Dat ik ondanks alles toch nog de vierde trainingstijd op de klokken bracht, was boven verwachting en wekte misschien wel wat ijdele hoop. Direct na de start nam Boet de kop. Ik kroop dicht achter hem en wist hem redelijk bij te benen. Ik zag zelfs kans nog een rondje op kop te rijden. Toen brak echter mijn krukas en weg redelijke klassering. De fiets was dermate beschadigd, dat er geen tweede manche voor me inzat. Door een sportief gebaar van mijn teamgenoot Boetje kon ik op zijn reserve machine toch in de volgende manche starten. Het valt evenwel om de donder niet mee om op een vreemde machine te rijden en zeker niet in een race. Na een paar ronden hoorde ik zoveel bijgeluiden, dat ik het raadzaam achtte even bij de pits langs te gaan. Men vond het daar beter om maar binnen te blijven, voordat de schade nog hoger op zou lopen. En dit was dan het "OP" en "AF" in Assen van

Jack.

++++++++++++++++++++

PROFICIAT

Op 19 augustus j.l. werd het gezin van Adri v.d. Broeke verblijd met de geboorte van een flinke zoon. Wij wensen de familie v.d. Broeke van harte geluk met deze gezinsuitbreiding en hopen dat FERDIE in gezondheid en voorspoed mag opgroeien. Het bestuur en de fans

van de Fanclub Jack Middelburg

1979_F750cc_assen_voor_Boet.jpg (108117 bytes)                

1979_F750_Assen_GP_achtervolgers_Johnny_Cecotto_Sadao_Asami_Gianfranco_Bonera_Patrick_Pons_en_Hartog_02_.JPG (90732 bytes) 1979_Assen_F750_GP_Randy_Mamola_00_.JPG (83238 bytes)
1979_Assen_F750_GP_training_Jack_met_Adri_vd_Broeke_00_.JPG (117805 bytes) 1979_Assen_F750_GP_training_Marco_Lucchinelli_.JPG (154467 bytes) 1979_F750_Assen_GP_Greg_Hansford_leidt_voor_Boet_en_Jack_de_race_.JPG (93719 bytes) 1979_F750_Assen_GP_achtervolgers_Johnny_Cecotto_Sadao_Asami_Gianfranco_Bonera_en_Hartog_01_.JPG (93785 bytes) 1979_Assen_F750_GP_pech_Hartog_1e_Manche_01_.JPG (128999 bytes)
1979_F750_Assen_GP_Randy_Mamola_aan_de_leiding_Voor_Greg_Hansford_Boet_en_Jack_00_.jpg (90346 bytes) 1979_F750_Assen_GP_Randy_Mamola_aan_de_leiding_Voor_Greg_Hansford_Boet_en_Jack_01_.jpg (90395 bytes) 1979_F750_Assen_GP_Randy_Mamola_aan_de_leiding_Voor_Greg_Hansford_Boet_en_Jack_03_.jpg (88636 bytes) 1979_F750_Assen_GP_Randy_Mamola_aan_de_leiding_Voor_Greg_Hansford_Boet_en_Jack_05_.jpg (88602 bytes) 1979_Assen_F750_GP_Jack_voor_Wil_Hartog_01_.jpg (95307 bytes)
© foto's Toon Kannekens

 

Deelnemers Champion F750 Classic Assen 1979

1. Wil Hartog 12. Christian Estrosi (F) 23. Greg Johnson (AUS) 34. Hervé Guilleux
2. Randy Mamola (USA) 13. Victor Palomo (ES) 24. Christian Huguet (F) 35. Frits van der Veen (CA)
3. Christian Sarron (F) 14. Michel Frutschi (CH) 25. Frank Steinhausen (CA) 36. Jean-Louis Tournadre (F)
4. Johnny Cecotto (Ven) 15. Jean-Paul Boinet (F) 26. Raymond Roche (F) 37. Joey Dunlop (Ier)
5. Patrick Pons (F) 16. Markku Matikainen (SF) 27. Gerhard Vogt (D) 38. Willem Zoet
6. Marco Lucchinelli (I) 17. Werner Nenning (A) 28. Gérard Choukroun (F) 39. Jan Kostwinder
7. Jack Middelburg  18. Dennis Ireland (Nzl) 29. Rick Walden (AUS) 40. Johan "Bobo" van Eijk
8. Philippe Coulon (CH) 19. John Newbold (GB) 30. Marc Fontan (F) 41. Rob Beute
9. Boet van Dulmen  20. Sadao Asami (J) 31. Harry Klinzmann (USA) 42. Dees Bormans
10. Hubert Rigal (F) 21. Jacques Cornu (CH) 32. Pierre Soulas (F) 43 Armin Zeh
11. Gregg Hansford (AUS) 22. Philippe Bouzanne (F) 33. Fritz Kerschbaumer (A) 44. Henk de Vries

 

1979_Assen_F750_GP_John_Newbold_01__.JPG (55209 bytes) 1979_Assen_F750_GP_Patrick_Pons_.JPG (44980 bytes) 1979_Assen_F750_GP_Patrick_Pons_voor_Henk_de_Vries_00_.jpg (51663 bytes) 1979_Assen_F750_GP_Johnny_Cecotto_01_.JPG (48348 bytes) 1979_Assen_F750_GP_Johnny_Cecotto_02_.JPG (45415 bytes)
1979_Assen_F750_GP_Gianfranco_Bonera__.JPG (51481 bytes) 1979_Assen_F750_GP_Philippe_Coulon_.JPG (44044 bytes) 1979_Assen_F750_GP_Philippe_Coulon_01_.JPG (48664 bytes) 1979_F750_Assen_GP_2e.manche_Chris_Huguet_Michel_Frutschi_Marco_Lucchinelli_Bonera_en_Cecotto_01_.jpg (73462 bytes)
wpe13.jpg (13114 bytes) 1979_F750cc_assen_Wil_Hartog_01_.jpg (52292 bytes) 1979_F750cc_assen_Greg_Hansford_.jpg (47509 bytes) wpe16.jpg (13707 bytes)

Jack achterop bij de Franse 750cc topper (wereldkampioen in 1979 en Daytona 200 winnaar in 1980) Patrick Pons. Patrick zou in 1980 om het leven komen tijdens de GP van Engeland.

 

16-09-1979 kampioensraces Tolbert

wpe9A.jpg (27469 bytes) wpe9D.jpg (24585 bytes)

Tussenstand NK voor Tolbert

wpe9F.jpg (26734 bytes)
wpeA1.jpg (28200 bytes)

 

middelburg ow01.jpg (86236 bytes) start 350 tolbert.jpg (86158 bytes)

Jack links voor de start van de 750cc. Rechts moeizaam "steppend" in de 350cc , terwijl Willem Zoet (#28) al op zijn motor springt. Het hele veld zal Jack passeren en dat zal er uiteindelijk voor zorgen dat hij een van de zwaarste ongelukken in zijn carrière zal krijgen (en zeker een die veel invloed op zijn loopbaan als coureur zal hebben).

 

 

 

wpe11.jpg (28923 bytes) naamloos1.JPG (60724 bytes)

 

 

 

1979_500cc_voor_Willem_Zoet.jpg (24036 bytes)Tolbert Jack voor Willem Zoet in de 500cc klasse.jpg (78565 bytes)Een maand na zijn zware crash in Engeland kwam Jack tijdens een poging voor de derde keer Nederlands kampioen in de drie zwaarste klassen in successie te worden weer zwaar ten val. Dit gebeurde in Tolbert het circuit dat hem 4,5 jaar later noodlottig zou worden. Tijdens de 350cc wilde Jack perse zelf zijn motor aanduwen, maar dit was onmogelijk, zodat het hele veld bij de start Jack voorbij vloog wat nogal voor gevaar zorgde en een valpartij. Uiteindelijk ging hij toch als laatste van start en wist zich door een boeiende inhaalrace toch nog als derde af te laten vlaggen met nog maar vier seconden achterstand. In Nederland had Jack buiten Boet en Wil eigenlijk geen tegenstand meer en die waren beiden niet aanwezig in Tolbert. De 500cc werd dan ook gewonnen, terwijl hij nu achter het veld moest starten, omdat zijn been nog niet voldoende genezen was en hij aangeduwd moest worden door Adri, achterin het veld. Het gaf vier ronden een spektakel van jewelste, zolang duurde het tot Jack koploper Willem Zoet had achterhaald en daarna na de overwinning zou rijden. De Briet kwam tijdens de 750cc ten val en brak weer zijn in Engeland gebroken scheenbeen, vlak boven de plaat, bleek later in Mol en de schroeven waren uit zijn bot gescheurd! Hij kwam hier nog 'redelijk' mee weg, aangezien hij tussen twee bomen door was gevlogen. Ook al knalde hij daarna helaas tegen een boom aan de andere kant van de greppel, maar toen was de "ergste" snelheid er inmiddels uit. Jack zou toen gezegd hebben: 'hier race ik nooit meer, het is hier levensgevaarlijk........' Had hij zich daar maar aan gehouden... Dus weer moest Jack afreizen, per ambulance, naar het Belgische Mol. Het kampioenschap in de 350c klasse was al binnen, maar er waren nog twee races te gaan en dus zou Jack zijn titel in de 500cc en 750cc niet prolongeren, aangezien de volgende race in Gilze-Rijen twee weken later plaatsvond en weer twee weken later de laatste in Hengelo. Hij was nog vol goede moed om hier aanwezig te zijn. Derdeweduwen en Jack hebben heel wat wonderen samen verricht, maar dit konden zelfs zij niet voor elkaar krijgen.  

1979_Tolbert_Jack_bezig_aan_een_inhaalrace_in_de_350cc_.JPG (155941 bytes) 1979_Tolbert_Jack_350cc_02_.JPG (137858 bytes) 1979_Tolbert_350cc_.JPG (54666 bytes) 1979_Tolbert_Jack_350cc_00_.JPG (141603 bytes) 1979_Tolbert_Jack_wint_de_500cc_na_start_achterste_rij_ivm_aanduwen_4.De_Vries_21.Zoet_01_.JPG (125664 bytes) 1979_Tolbert_Jack_wint_de_500cc_na_start_achterste_rij_ivm_aanduwen_4.De_Vries_21.Zoet_00_.JPG (137100 bytes) 1979_Tolbert_Jan_Muis_Jack's_Manager_02_.JPG (76902 bytes)
1979_Tolbert_Jack_wint_de_500cc_na_start_achterste_rij_ivm_aanduwen_4.De_Vries_21.Zoet_03_.JPG (115892 bytes) 1979_Tolbert_Jack_wint_de_500cc_01_.JPG (114654 bytes) 1979_Tolbert_Interview_Jack_en_de_oude_Briet_kijkt_mee_01_.JPG (140667 bytes) 1979_Tolbert_Interview_Jack_en_de_oude_Briet_kijkt_mee_03_.JPG (146638 bytes) 1979_Tolbert_Jack_wint_nog_wel_de_500cc_01_.JPG (143489 bytes) 1979_Tolbert_podium_500cc_2e.Henk_de_Vries_1e.Jack_3e.Henk_Twikler_01_.JPG (164922 bytes)
1979_Tolbert_Jack_wint_de_500cc_na_start_achterste_rij_ivm_aanduwen_4.De_Vries_21.Zoet_04_.JPG (118150 bytes) 1979_Tolbert_Interview_Jack_en_de_oude_Briet_kijkt_mee_05_.JPG (137546 bytes) 1979_Tolbert_podium_500cc_2e.Henk_de_Vries_1e.Jack_3e.Henk_Twikler_00_.JPG (162878 bytes) 1979_Tolbert_podium_500cc_2e.Henk_de_Vries_1e.Jack_3e.Henk_Twikler_03_.JPG (168319 bytes) 1979_Tolbert_podium_500cc_2e.Henk_de_Vries_1e.Jack_3e.Henk_Twikler_02_.JPG (169888 bytes)
1979_Tolbert_Jack_750cc_05_.jpg (138277 bytes) 1979_Tolbert_750cc_waarin_hij_ongelukkig_ten_val_kwam_en_het_seizoen_voorbij_was_02_.JPG (162178 bytes) 1979_Tolbert_Jack_750cc_01_.JPG (123549 bytes) 1979_Tolbert_750cc_waarin_hij_ongelukkig_ten_val_kwam_en_het_seizoen_voorbij_was_00_.JPG (169677 bytes) 1979_Tolbert_750cc_waarin_hij_ongelukkig_ten_val_kwam_en_het_seizoen_voorbij_was_01_.JPG (158042 bytes) 1979_Tolbert_750cc_waarin_hij_ongelukkig_ten_val_kwam_en_het_seizoen_voorbij_was_09_.jpg (178619 bytes)
1979_Tolbert_Jack_750cc_03_.jpg (137072 bytes)
1979_Tolbert_Jack_na_de_crash_met_de_750cc_in_de_greppel_00_.JPG (49149 bytes) 1979_Tolbert_Jack_na_de_crash_met_de_750cc_in_de_greppel_01_.JPG (49382 bytes) 1979_Tolbert_Jack_na_de_crash_met_de_750cc_in_de_greppel_02_.JPG (55720 bytes) 1979_Tolbert_Jack_na_de_crash_met_de_750cc_in_de_greppel_03_.JPG (45544 bytes) 1979_Tolbert_Jack_na_de_crash_met_de_750cc_in_de_greppel_04_.JPG (45022 bytes) 1979_Tolbert_Willem_zoet_bekijkt_zijn_750cc_en_een_baancommissaris_sleept_met_die_van_Jack_.JPG (141447 bytes)

© foto's Toon Kannekens

 

 

wpe39.jpg (45193 bytes) Tolbert1979.jpg (242648 bytes)

Jack dendert door het hele veld en ook Henk Twikler (#30) en Willem Zoet (#21) zullen er aan moeten geloven.

Jack passeert Willem Zoet in Tolbert.

50cc Tolbert

   

wpe25.jpg (53433 bytes)

De mensen ijlen zich naar de ongevalsplek in Tolbert.

© MOTOR Magazine

 

wpeA.jpg (22401 bytes)

© MOTOR Magazine

wpeC.jpg (21141 bytes)

 

 

In het kader van 'Het jaar van het kind' organiseerde het Autodron in Drunen in september 1979, een dag van de motorfiets. De zeer befaamde Jan de Rooy, omroeper bij vele nationale en Belgische races, verleende hier zijn medewerking aan. Op de foto links interviewt hij Jack, terwijl Boet van Dulmen rechts luistert wat Jack te zeggen heeft. Alle takken van motorsport waren die dag vertegenwoordigt en het publiek kon kennismaken met vele prominenten uit al die takken van motorsport. Jack en Boet vertegenwoordigden de wegrace. Jack was net weer een beetje "ter been" na zijn val in Tolbert.

 

Uit Moto'73 oktober 1979

Rentree van Jack Middelburg in Hengelo?

Tot veler verbazing kwam Jack Middelburg in Gilze-Rijen aanrijden. Het kon dan nog wet niet per motor, maar wel per auto. Jack zat zelf achter het stuur, met het rechter, in het gips verpakte, been in het dashboardkastje. De pedalen bediende hij met de linkervoet(?!). Hoewel Jack tot zes weken gips veroordeeld is, wil hij toch proberen om bij de laatste kampioensraces, die op 27 en 28 oktober te Hengelo (Gld) zullen plaatsvinden, weer aan de start te verschijnen. Vooral ook omdat hij nog erg goede uitzichten heeft op de 500 en 750 cc titels.

 

" Jack over Jack"                   "Toch maar niet meer rijden in 1979"

Eigenlijk vind ik het vervelend om er over te beginnen, maar het is nu eenmaal niet anders. Na langdurig heen en weer gepraat met mijn manager, Jan Muis, heb ik besloten om de laatste kampioenschapwedstrijden niet meer uit te komen. Ik hoop niet dat ik mijn fans die mogelijk op een “drie maal is scheepsrecht” hadden gerekend, al te zeer teleurstel. Ondanks het feit, dat mijn been goed vooruitgaat, is het risico te groot. Het minste of geringste letsel, dat ik mogelijk op zou lopen, kan betekenen, dat ik voor langere tijd, misschien wel voorgoed, buiten spel blijf. En dat kan, nog mijn, nog jullie bedoeling zijn. Een mogelijke opmerking, om het rustig aan te doen (in de wedstrijden dan wel te verstaan), ligt niet in mijn aard. Als ik een wedstrijd rijd, dan is het alles of niets, geen gemarchandeer. Voor het afgelopen seizoen sta ik toch weer te boek als Nederlands kampioen in de 350cc klasse en “prijk” ik als 7e op de lijst van het wereldkampioenschap. Nu we het toch over het wereldkampioenschap hebben, uiteraard ben ik happy met mijn klassering, maar laten we wel met beide beentjes op de grond blijven staan en geen valse hoop gaan koesteren voor het volgende seizoen. Ieder jaar komen er coureurs bij die verschrikkelijk hard gaan.

 

Ik zou daarom willen voorstellen, laten we gezond optimistisch blijven en rustig kijken hoe in het volgende seizoen h.e.e.a. zich ontwikkeld. Ook is de mogelijkheid aanwezig dat er volgend jaar helemaal geen GP’s gereden gaan worden. Steeds meer coureurs tekenen voor de”World Series”. Deze door de motormannen zelf bedachte races leveren een behoorlijk prijzengeld op. Een m.i. reële zaak, want als wij met de F.I.M. praten over het verhogen van het startgeld, blijken deze heren plotseling Oost-Indisch doof te zijn. Waarschijnlijk heeft u al gehoord of gelezen, dat Boet, Wil en ik getekend hebben voor deze “World Series”. Per slot hoeft niemand een dief van zijn eigen portemonnee te zijn. Er circuleren diverse geruchten, dat ik bij een bepaalde fabriek onder contract zou staan. Het geinige van het geval is, dat ik zelf hiervan niets afweet. Buiten de sponsoring van F&S voor volgend jaar is er geen enkele onderhandeling gaande en zoals ik al eerder schreef, zal ik u zodra zich iets voordoet op dit gebied, hiervan direct op de hoogte brengen.

 

Tussenstanden na vijf van de zes NK-races.

Jack op de schouders in Hengelo.jpg (106896 bytes) Het seizoen voor Jack was voorbij. Door de onbenullige val in Tolbert liep hij ook diverse lucratieve naseizoensraces mis en de laatste F-750 races die hij ook graag had willen rijden. Tevens was hij uitgenodigd voor de landenwedstrijden op Donington Park en Imola, en dan behoor je tot de top! Willem Zoet werd Jack's opvolger als Nederlands kampioen tijdens de laatste Nederlandse kampioenschapwedstrijden op het circuit van Hengelo. Jack was hier alleen als toeschouwer aanwezig op uitdrukkelijk advies van Joan Derweduwen. Als het aan hem zelf had gelegen had hij wel op de motor geklommen. Een fantastisch seizoen met een vervelende climax...........Al had hij maar één van de twee kampioenschapraces mee kunnen doen, dan had hij zeer waarschijnlijk zijn 3 kampioenschappen voor de derde maal geprolongeerd. Twee maal was al uniek, maar drie maal had helemaal het einde geweest. En dit terwijl hij na Tolbert in alle drie de klassen nog ruim bovenaan stond, maar ja twee races missen was, zelfs voor Jack, te veel.

  

wpe37.jpg (27045 bytes)

Gilze-Rijen 500cc: Johan "Bobo" van Eijk voor Piet vd Wal (#2) en Willem Zoet (#21). Johan werd 4e, Willem 1e en Piet kwam niet aan de finish.

wpe39.jpg (14923 bytes)

30-09-1979 volledig verslag NK Gilze-Rijen en Hengelo

Wedstrijden om het Nederlands kampioenschap van 1979
1. Zandvoort 3. Oudkarspel 5. Hengelo
2. Zandvoort 4. Tolbert 6. Gilze-Rijen

 

Puntenverdeling:

01e 30 punten   6e 19 punten   11e 10 punten   16e 05 punten
2e 27 punten   7e 17 punten   12e 9 punten   17e 4 punten
3e 25 punten   8e 15 punten   13e 8 punten   18e 3 punten
4e 23 punten   9e 13 punten   14e 7 punten   19e 2 punten
5e 21 punten   10e 11 punten   15e 6 punten   20e 1 punt

 

Eindstanden Nederlands Kampioenschap Internationalen 1979

350cc

 

500cc

 
Pos No: Rijder Bond Z Z O T G H Punten Pos No: Rijder Bond Z Z O T G H Punten
1. 1 Jack Middelburg KNMV 30 30 30 25 Blessure 115 1. 21 Willem Zoet KNMV 23 30 27 0 30 30 117
2. 7 Klaas Hernamdt KNMV 25 27 25 30 0 21 107 2. 1 Jack Middelburg KNMV 30 21 30 30 Blessure 111
3. 35 Mar Schouten KNMV 17 15 23 0 30 30 100 3. 3 Dick Alblas KNMV 25 25 0 21 25 25 100
4. 3 Bert Struijk KNMV 27 21 27 0 21 25 100 4. 11 Albert Siegers KNMV 9 0 23 23 27 27 100
5. 28 Willem Zoet KNMV 21 25 19 0 25 0 90 5. 30 Henk Twikler NMB 27 27 0 25 0 21 100
6. 24 Harrie v/d Kruijs NMB 19 13 17 19 27 23 88 6. 32 Johan van Eijk NMB 11 19 19 19 23 23 84
7. 5 Rini van Kasteren NMB 11 17 21 21 23 0 82 7. 15 Wim ten Klooster KNMV 21 11 21 15 21 7 78
8. 27 Rob Punt NMB 10 7 0 27 17 19 73 8. 4 Henk de Vries KNMV 15 17 0 27 0 6 65
9. 33 Henk Twikler NMB 15 19 15 17 7 0 66 9. 16 Jan van Disseldorp KNMV 19 23 6 0 17 0 65
10. 6 Duke Wille KNMV 0 0 0 13 15 27 55 10. 9 Karel Zegers KNMV 10 0 15 10 0 19 54
11. 2 Willem-Jan Nooteboom KNMV 0 0 8 23 19 0 50 11. 37 Bernard Verweij KNMV 0 7 10 0 19 17 53
12. 32 Peter Verhulsdonk KNMV 8 8 6 15 4 15 46 12. 25 Nol v/d Bosch KNMV 6 10 13 9 15 0 47
13. 8 Jan van Disseldorp KNMV 23 23 0 0 0 0 46 13. 6 Nico Lentjes NMB 5 15 0 13 0 11 44
14. 29 Fred Coopman KNMV 9 9 4 11 13 11 44 14. 26 Eddy Kuipers KNMV 17 0 25 0 0 0 42
15. 16 Eddy Kuipers KNMV 13 11 11 0 0 0 35 15. 2 Piet v/d Wal KNMV 13 0 17 0 0 8 38
16. 21 Jan Lucouw KNMV 6 3 9 4 10 9 34 16. 19 Harm-Jan Bultena KNMV 0 6 0 6 10 13 35
17. 26 Klaas Davidson KNMV 0 10 0 0 8 13 31 17. 27 Peter Smetsers NMB 2 5 0 8 9 10 32
18. 14 Bertus Slagers KNMV 0 5 3 9 11 0 28 18. 74 Hein Heijen NMB 0 0 0 17 0 15 32
19. 9 Albert Siegers KNMV 7 6 13 0 0 0 26 19. 5 Jan Verweij KNMV 8 13 0 11 0 0 32
20. 22 Frans Bieleveld KNMV 2 0 0 0 6 17 25 20. 10 Harrie Heutmekers NMB 1 0 8 0 11 9 29
21. 40 Mar van Beek KNMV 0 0 10 0 3 7 20 21. 20 Sieuw de Boer KNMV 0 8 11 7 0 0 26
22. 34 Johan Siemerink KNMV 5 4 5 0 0 6 20  

 

Eindstanden Nederlands Kampioenschap Internationalen 1979

Formule 750

 
Pos No: Rijder Bond Z Z Z T G H Punten
1. 16 Willem Zoet KNMV 27 27 27 0 30 0 111
2. 10 Rob Beute NMB 21 0 25 27 27 0 100
3. 5 Jan Kostwinder KNMV 17 21 0 9 25 30 93
4. 25 Karel Zegers KNMV 0 25 11 21 23 23 92
5. 29 Pieter Blaauboer KNMV 19 23 0 23 0 27 92
6. 1 Jack Middelburg KNMV 30 30 30 0 Blessure 90
7. 13 Hein Heijen NMB 2 15 23 30 0 0 70
8. 14 Jo Scholtze NMB 13 17 0 13 19 5 62
9. 18 Henk de Vries KNMV 0 0 21 0 17 21 59
10. 31 Winston Tjin NMB 0 13 0 25 21 0 59
11. 24 Martin Slinger NMB 3 7 8 17 11 19 55
12. 6 Bert Struijk KNMV 0 0 19 0 15 11 45
13. 19 Harrie v/d Kruijs NMB 11 19 15 0 0 0 45
14. 7 Dees Bormans NMB 25 0 0 19 0 0 44
15. 26 Henk de Jonge KNMV 0 0 6 10 10 15 41
16. 32 Bobbe v/d Broek KNMV 0 0 0 15 0 25 40
17. 20 Rob Punt NMB 9 9 5 11 9 0 38
18. 36 Martin Jansen KNMV 4 0 7 6 0 17 34
19. 21 Jan Korevaar KNMV 10 10 13 0 0 0 33
20. 22 Joop Michielsen KNMV 5 8 9 5 0 0 27
21. 9 Kees Hogewoning NMB 23 0 0 0 0 0 23

 

wpe2C.jpg (42463 bytes) wpe2E.jpg (35870 bytes) wpe30.jpg (42190 bytes) wpe32.jpg (61279 bytes)

Jack in actie op de 350cc.

 
wpe36.jpg (48069 bytes)

Adri aan het sleutelen, terwijl Jack de tank omhoog houdt.

© foto's MOTOR Magazine

Foto boven: Jacks 500cc Suzuki RG4

Foto onder: Jack in overleg met vader Willem, Boet en Ton Riemersma (sponsor Wil Hartog).

 

DE HAAGSCHE COURANT, woensdag 19 oktober 1979

Jack Middelburg houdt er de moed in
(door Peter van Zwienen)
Vier keer een gebroken been, een gebroken sleutelbeen, tweemaal een handbreuk, een klusje ribben dat niet bestand was tegen een valpartij en drie keer een gescheurde nier. Even zo vrolijk heeft motorcoureur Jack Middelburg, op de divan thuis liggend, al uitgerekend dat hij 28 oktober best wel eens fit genoeg zou kunnen zijn om in Hengelo aan de start te verschijnen. En dat na, binnen vijf weken, twee keer een been gebroken te hebben. Niet zo verwonderlijk dus, dat een buitenstaander vind dat die motorjongens "mooi gek" zijn. Jack Middelburg heeft daar, uiteraard, een andere mening over. ,,Er gebeurt betrekkelijk weinig bij de Grand Prix wedstrijden, maar die laatste valpartij zal ik niet snel vergeten. Dat was bij een nationale wedstrijd in Tolbert. Normaal is het direct na de start de kop zien te nemen, waarna je nooit meer iemand tegenkomt. Maar mooi, dat ik met een snelheidje van 90 kilometer per uur onderuit klapte. Ik zag alleen nog twee bomen op me af komen en besefte pas weer waar ik was toen ik in de greppel lag. Toch weer een kwestie van te makkelijk over dat soort wedstrijdjes denken. Dit was helemaal mijn eigen schuld. Er is gesuggereerd dat ik niet voldoende hersteld was van die val op Silverstone, maar dat bestrijd ik. Ik had net daarvoor de 350cc gereden en was nog nooit zo hard gegaan. Ik had wat last van mijn pols voor de start van de 750cc klasse en inderdaad ik kon nog niet lopen. Moest aangeduwd worden. Voor de wedstrijd op zich was dit geen probleem, omdat het gekwetste been het rembeen was. Dat gebruik je in de race toch bijna niet. Echt, ik heb het niet geforceerd. Ik zie dit meer als een klein foutje dat hard is afgestraft. Als je normaal met zo'n snelheid tegen de vlakte gaat, maak je je helm schoon en gaat weer verder. Bovendien mag je niet zomaar op de motor kruipen. Je moet toestemming hebben van de specialist en de arts van de KNMV. In Nederland wordt dat gelukkig beter in de gaten gehouden, dan bij de Grand Prix. Daar staan wel eens jongens aan de start, die absoluut niet kunnen rijden". Toch kruipt Jack Middelburg elke keer weer op de racemonsters. Jack: ,,Een valpartij vind ik helemaal niet erg, als ik maar weet waardoor het is gekomen, zodat je weet waar de fout ligt. Kijk, in Silverstone kon ik er weinig aan doen. Vlak voor de bocht kreeg ik een vastloper. Dan blokkeert de heleboel, omdat je aan het schakelen bent. Gebeurt het op volle snelheid, dan wordt de rest wel kapot getrokken en blijf je op de fiets. In 1976 maakte ik een remfout. Ik lag toen verschrikkelijk in elkaar. Dan denk ik maar, dat er op de weg ook van alles gebeurt. Ik blijf nu eenmaal gek van snelheid. Als ik zou stoppen met motorracen kocht ik een hele snelle auto. Wat heb ik daaraan. Ben je zes maanden je rijbewijs kwijt en kun je ook nog de gevangenis in. Vrouw Petra, die haar man al vanaf haar 16e vergezelt naar de circuits (Jack: ,,Ik vind het wel prettig als ze erbij is".), vindt twee keer letstel wel wat veel van het goede. ,,Het is dit keer een beetje te veel, maar zeggen dat hij moet stoppen doe ik niet. Ik denk ook niet dat hij er zich veel van aan zou trekken". En Jack Middelburg: ,,Ik zeg het zelf wel eens, als ik weer onderuit ben gegaan, maar een paar dagen later zit je toch weer te bedenken, hoe je zo snel mogelijk weer terug kan komen op de motor. Daarnaast is die Derweduwen natuurlijk een gouden figuur. Hoe hij ons zo snel weer fit krijgt, weet ik niet. Dat is zijn geheim". De tegenslagen aan het einde van het seizoen kostten Middelburg veel geld. ,,Een van de fietsen was helemaal plat en de andere draaide in puin. Dat kost al 22.000 gulden (10.000 euro). Bovendien mis ik de financieel aantrekkelijke internationale wedstrijden. Dat scheelt 20.000 gulden (9.000 euro) aan startgelden. Van dat soort races moet je het hebben, want in de Grand Prix is geen droog brood te verdienen. Voor de tweede en vierde plaats in Zweden en Finland kreeg ik 3000 piek (1360 euro) en voor de zevende plaats in de eindrangschikking van het wereldkampioenschap 1400 gulden (635 euro). Daar moet dus geld bij. Mijn sponsor, F&S, geeft 150.000 gulden (bijna 70.000 euro), waarvan ik 30 wedstrijden moet rijden. Van dat bedrag moet ik alles doen". ,,Vandaar dat ik wel kan begrijpen dat Kenny Roberts is gekomen met die world-series, waarbij de organisatoren een bepaald prijzengeld moeten garanderen. Een nadeel is wel dat deze wedstrijden niet tellen voor het wereldkampioenschap. Roberts stelt je dus voor de keuze. Of Grand Prix rijden of races voor de world-series. Ik denk echter dat de F.I.M. (Federation Internationale Motorcyclisme) wel zal besluiten om voor de GP's meer geld te gaan betalen. Voor de rijders zelf wordt het moeilijk. Wat moet je gaan doen? Voor wat mijzelf betreft, kan ik volgend seizoen nog alle kanten op. Met F&S ben ik helemaal rond (zou totaal anders lopen), maar er bestaat nog een mogelijkheid dat ik een machine van Suzuki krijg. Zelf acht ik de kansen niet erg groot, maar je weet maar nooit. In beide gevallen echter bepaalt de sponsor wat ik rijd. Een derde mogelijkheid is dat ik zonder financiële steun aan de world-series ga deelnemen en van het prijzengeld probeer rond te komen". Jack Middelburg kwam in zijn eerste complete Grand Prix seizoen tot een uitstekende zevende plaats in de eindrangschikking en ereplaatsen in Zweden en Finland. De privé-rijders hebben dus de oorlog verklaard aan de fabriekscoureurs. Jack: ,,Nou, zo is het niet helemaal. Het materiaal dat wij als privé-rijders konden kopen, valt ontzettend mee en de fabrieksmachines vallen wat tegen. Het spul waarmee wij hebben gereden (ook Van Dulmen) daar werd Barry Sheene een paar jaar geleden nog wereldkampioen mee. Over dit seizoen ben ik erg tevreden. Het kan haast niet beter. Qua trainingen was het dit jaar beter opgebouwd. Dat komt toch wel door de ervaring die je in de loop der jaren gekregen hebt. Als ik twee goede fietsen kan kopen en er zit volgend jaar weer gang in, dan kan het volgende jaar net zo goed gaan. De Naaldwijker is duidelijk rustiger geworden en bouwt zijn carrière beter op dan in het verleden. Niet voor niets gaf de journalist Berry Zand Scholten hem destijds de bijnaam 'Jumping Jack', omdat hij zich nogal eens forceerde in een poging de hele grote coureurs, waar hij toen nog niet bij hoorde, te passeren. Zijn Westlandse bijnaam 'De Briet' heeft hij te danken aan de broodwinning van zijn voorouders, die zich bezighielden met de verkoop van briketten. ,,Vroeger heb ik wat plat gereden. Nu bouw ik een race rustiger op, bekijk het beter. Voor de start van een Grand Prix concentreer ik me helemaal op de start en vaak ben ik als eerste weg. Daarna ga ik kijken naar het wedstrijdoverzicht en laat me bewust terugzakken. Als ik maar bij de eerste tien blijf. Pas aan het einde van de wedstrijd probeer ik nog een paar plaatsen op te schuiven. Ik ben aan dit seizoen begonnen met de bedoeling wat WK-punten te pakken en dat is aardig gelukt. Het is natuurlijk niet zo, dat je in een Grand Prix rustig kan rijden, maar je moet niet meer doen dan je kan. Niets forceren, want ik mis nog conditie en ervaring op zulke lange afstandraces. De buitenwereld wordt regelmatig opgeschrikt door wilde verhalen uit het turbulente racewereldje. Zo ook zou er sprake zijn van een Nederlands Grand-Prix team met Middelburg, Hartog en Van Dulmen. Van Dulmen riep echter onmiddellijk uit dat hij beslist niet met Hartog in een team wilde zitten en ook Middelburg stelde zich gereserveerd op. ,,Het had voor mij best gemogen, maar dan wel met eigen monteurs blijven werken, anders krijg je weer het gezeur over materiaal. Bovendien krijg je Wil en Boet niet zo makkelijk in één team. Die twee liggen elkaar niet. Met Boet werk ik uitstekend samen. Wij zouden zelfs wel in een team kunnen rijden, maar dat is van de baan nu Van Dulmen zo goed als zeker voor Yamaha gaat rijden. Met Wil Hartog heb ik geen problemen. Althans niet in de laatste twee jaren. In mijn allereerste jaar dat ik in de kampioensraces uitkwam, 1976, wel. Toen had ik best een hekel aan die 'lange'. Bij de wedstrijden stonden alle coureurs bij elkaar, maar Hartog hield zich afzijdig. Het is ook gebeurd dat ik vlak achter hem tweede werd en Wil wilde feliciteren. Tot drie keer toe draaide hij zich om. Hij is echter helemaal omgedraaid. Dat komt misschien wel dat hij nu ook een jaar heeft meegemaakt, dat hij vaak van de motor viel. Hij weet nu wat het is". Ik vind het wel zonde voor Wil dat het zo is gelopen. Hij heeft zich te veel geforceerd. De druk om te winnen was toch te groot. Als hij het rustiger aan had gedaan, was hij een heel eind gekomen. De tweede opzienbarende gebeurtenis was dat een aantal coureurs weigerden om op het gloednieuwe circuit van Francorchamps van start te gaan voor de Grote Prijs van België. Het circuit zou te glad zijn. Jack Middelburg en Boet van Dulmen wilden aanvankelijk wel rijden, maar kwamen op die beslissing terug. Jack: ,,Volgens mij was het weer een stunt van Kenny Roberts (de ongekroonde koning van de wedstrijdracerij, red.). In Assen had hij al problemen met zijn motor en die waren nog niet verholpen. Voor hem dus een prachtige gelegenheid als de wedstrijd niet door zou gaan. Boet en ik wilden wel rijden, maar je moet een beetje de vrede bewaren en we kregen ook nogal wat dreigementen van "supporters". Je hebt die jongens toch weer een keer nodig als het gaat om materialen e.d. Persoonlijk vind ik, dat als een circuit glad is - en dat was het - je je aan moet passen. Roberts probeert de boel een beetje op te naaien. Aan de andere kant moet ik zeggen dat hij in een hoop dingen gelijk heeft". Jack Middelburg, die in januari een eigen kassenbeglazingsbedrijf begint (,,uiteindelijk blijf ik niet mijn hele leven racen"), blijft optimistisch over de toekomst. ,,Ik hoop nog zeker zes jaar te rijden en mijn carrière rustig op te bouwen. Ook als ik bij een fabrieksteam kom forceer ik niets. Ik win een keer een Grand Prix wedstrijd. Misschien niet komend jaar, maar het "beurt". Kleine Jack komt stilzwijgend binnen en gaat verongelijkt op de bak zitten. Plotseling roept hij uit: ,,ik mocht alleen derde worden met het fietsen en nog geeneens winnen". ,,Die is nog erger dan zijn vader", stelt Middelburg senior simpel vast.

 

Hengelo_28-10-1979_350cc_01_.jpg (66118 bytes) Hengelo_28-10-1979_350cc_001_.jpg (66576 bytes)

Hengelo 350cc: Johan "Bobo" van Eijk. Johan had een andere bus gekocht en daar stond nog een 350cc-er in. Deze mocht hij erbij hebben, zodoende besloot hij ook maar in de 350cc klasse aan te treden in 1979.

Hengelo 350cc: Johan "Bobo" van Eijk (#47), werd 11e, voor Rini van Kasteren (#5), deze viel uit.. 

 Jack ondertekend contract met Sarome aansteker voor het nieuwe seizoen. Sarome die ook andere toppers, Takazumi Katayama en Chas Mortimer, jarenlang sponsorde.

 

 

 

 

broeke valstar jack .jpg (324818 bytes) 1979_Jack_met_Adri_en_Hans_Valstar.jpg (124534 bytes) 1979_Jack_mag_Adri_helpen.jpg (126786 bytes)

        Adri vd Broeke, Jack en Hans Valstar.

 

 

Jack zoals ik hem altijd herinner, meestal op zijn krukken.

 

Interview november 1979, Moto'73

Interview_eind_1979_MOTO'73_01.jpg (215231 bytes) Interview_eind_1979_MOTO'73_02.jpg (273611 bytes) Interview_eind_1979_MOTO'73_03.jpg (226083 bytes)

Jack Middelburg: Ik ben m'n hersens gaan gebruiken.

Een mager koppie, een nicotinekleurige snor en een zevende plaats in het wereldkampioenschap. Dat is Jack Middelburg. Jumping Jack werd hij vroeger genoemd, omdat hij regelmatig naast zijn motorfiets lag. Maar Jack heeft er van geleerd. ,,Ik ben m'n hersens gaan gebruiken", zegt hij. En dat heeft geholpen. Jack reed dit jaar zijn eerste volledige Grand Prix-seizoen en ondanks z'n gebrek aan GP-ervaring wist hij al in het eerste jaar door te stoten naar de internationale top van de wegracerij. Niet gek voor een jongen, die in 1973 zijn eerste wedstrijdje reed op een omgebouwde standaardmotor......

Ik ben begonnen in 1973 bij de NMB, 21 jaar was ik toen. Halverwege het seizoen reed ik mijn eerste race op een 750cc Honda. Nog later, aan het eind van dat jaar, ben ik een paar 500cc wedstrijden gaan rijden. Ik kwam meteen dat eerste jaar al in contact met Henk Rekers, die een 750cc Yamaha viercilinder beschikbaar stelde. In 1974 werd ik, weer bij de NMB, met die fiets kampioen in de 750cc-klasse. Ook werd ik met de 350 tweede en met de 500cc derde in het kampioenschap. Voor 1975 stapte ik over naar de KNMV. Het jaar begon niet best voor me: Ik maakte in mei al een schuiver op het circuit van Zolder, waarbij m'n linker enkel in puin ging. Dat kostte me bijna het hele seizoen, alleen aan het einde van het seizoen heb ik nog een paar wedstrijden kunnen rijden. In 1976 viel ik wéér in mei al af. Dat was in Oirschot, met de 350cc Yamaha. Eén van de remmen was te ver afgesleten en die schoot uit de remklauw. Aan het einde van het rechte stuk pak ik mijn voorrem: niets! Ik schrok zo hevig, dat ik al buiten westen was, voor ik eraf viel. Ik dacht: ,,dat was mijn laatste race". Ik ging met dik tweehonderd rechtdoor. Mijn linker bovenbeen was gecompliceerd gebroken. Ik had een shock, een stel gebroken ribben en een paar gescheurde nieren. Dat was de enige keer, dat ik van een val écht geschrokken ben. Aan het einde van het seizoen heb ik nog wel weer een paar wedstrijden gereden, maar ik maakte niks. In 1977, toen is het pas echt goed gegaan. Ik werd driedubbel kampioen, in de 350, 500 en 750cc klasse. Ik ben dat jaar wel eens gevallen, maar brak niets. In '78 ben ik wel hard gevallen. Dat was in Gilze-Rijen, met de 750. Ik ging er met dik tweehonderd van af, maar ik had niks. Direct na de val heb ik op hetzelfde circuit de 350 en 500cc wedstrijden gewonnen. Ik werd in 1978 weer drievoudig kampioen en dat seizoen was voor mij tevens een verkenningsjaar voor de Grand Prix. Ik heb toen een paar GP's gereden: Assen, Karlskoga, Silverstone, de Nürburgring en Salzburg, plus de Formule 750-races in Imola, Ricard, Hockenheim en Assen. Tja, en dan 1979. Mijn eerste wedstrijdje van het seizoen, daar werd ik doodziek van: ik viel er gelijk weer af. In Wijnandsrade was dat. Ik had het hele jaar nog geen motorfiets gezien, ik was nooit wezen trainen, ik stap daar op dat ding en ik viel er in de laatste ronde, in de regen weer af. Ik had niets, maar ik ben toen gaan denken: ,,waar ben je mee bezig? Ik begin net en het is alweer raak". Wat er daarna gebeurd is, tja, hoe moet ik het zeggen? Ik heb meer wedstrijdinzicht gekregen, ik ben niet meer als een blinde op dat ding gaan zitten. En ik blijf zeggen dat het ook met je leeftijd te maken heeft. Jammer eigenlijk dat ik niet een paar jaar eerder begonnen ben. Dan zou ik nu wat meer ervaring gehad hebben. Maar ik kan nog wel een paar jaar mee, hoor. Daar ben ik niet bang voor. Ja, wat hadden we verder in 1979? De internationale races in Hilvarenbeek en Raalte, die ik allebei won. Ik had in de gaten gekregen dat ik moest zorgen voor een verschrikkelijk goede start. Daarna ging ik een paar rondjes hard en dan was het: ,,we zien wel". Ik concentreerde me vooral op die goede starts, want ik had wel gezien dat zoiets geweldig scheelt in de uitslagen. Het zijn tenslotte geen wedstrijdjes waar je even van achteren naar voren komt. Maar ik ben dit jaar niet meer, als ik op kop zat, voluit door blijven gaan. De Grand Prix zijn me meegevallen. Ik keek de hele winter tegen negen fabrieksfietsen aan die in de 500cc klasse zouden meerijden en mijn uitgangspunt was: als ik goed mijn best doe, zit er misschien een plaatsje in bij de eerste vijftien. En als je dan uitschieters krijgt zoals in Zweden en Finland, moet je verschrikkelijk tevreden wezen. Dat ben ik ook, natuurlijk. Vooral ten opzichte van mijn sponsor F&S, want die heeft het allemaal mogelijk gemaakt. Nee, al met al was 1979 een grandioos jaar. Ik heb mooi een paar zevende plekkies gepakt in de GP's van Duitsland, Italië, Spanje en Assen. En toen die tweede plaats in Zweden en de vierde in Finland. Ik ben zevende geworden in de WK-eindstand, terwijl ik toch zowat de helft van de GP's heb gemist. Venezuela, daar ben ik niet geweest, Oostenrijk kun je eigenlijk wel vergeten, want daar ging ik voor geen meter. Ik heb een hekel aan de Salzburgring, met die lange blinde bocht bovenlangs de berghelling. Ik ben er daar in 1978 hard afgegaan, ik had dit jaar weinig en slecht getraind, het weer was ook erg slecht in de training. En bovendien liep dat ding helemaal niet. Toch ben ik er nog veertiende geworden. De Grand Prix van Joegoslavië moet je in feite ook niet meetellen. Ik ben daar voornamelijk heengegaan om onderdelen te halen, want die waren op. In plaats van mijn goede machine hadden we alleen het Bartol-ding meegenomen, waarvan we wisten dat ie niet liep. Nou, en Silverstone en Le Mans heb ik dus ook gemist.

Risico's? Nee, ik vind dat ik geen risico's neem. Ik heb nog nooit zo zeker gereden als dit jaar. Vroeger sprong ik op dat ding, ik gaf gas en ik lag er naast. Ik heb nog nooit zo zeker gereden als dit jaar. Kijk, ik ga nu óók wel zo hard mogelijk, maar ik ga er meer bij denken. Voor de wedstrijd overleg ik bij mezelf allerlei dingen en ik probeer nu ook mijn hersens bij de race te houden. Vroeger dan ging ik er op zitten en dan was het: ''Ik zie wel". Ik schrik niet. Ik ben in Silverstone ook helemaal niet geschrokken, dat heb je vlak daarna, in de Formule 750 race in Assen wel kunnen zien. Kijk, als het mijn eigen schuld is, zeg ik het ook, maar in Silverstone kon ik er helemaal niets aan doen. In de training was me daar ook al een drijfstang gebroken, maar toen gebeurde het bij het accelereren. Dan staat er 100 pk op en dat maalt wel door. Eén zo'n drijfstangetje krijgt dan niet de kans om de boel te blokkeren. Maar de tweede keer dat er een drijfstang brak, was tijden het remmen. Die drijfstang hapte bovendien nog in het carter en toen zat de hele boel muurvast. Het achterwiel is daarna niet één slag meer rondgeweest. En als je wiel twee tellen stilstaat, lig je er wel naast. Je had mijn fiets moeten zien, dat ding was plát! Ik heb nog nooit zo'n platte fiets gezien! Nou, en toen kwam die kampioensrace in Tolbert. Als die klapper in Silverstone niet was gebeurd, was er in Tolbert ook niets gebeurd. Maar ik had weer last van verslappende concentratie. In de 350cc klasse ging het weer zo verschrikkelijk goed, te gemakkelijk eigenlijk. Je denkt dan: ,,het gaat toch wel". Voor de 750cc race lag er een verkeerde achterband op, een type dat voor zo'n circuitje helemaal niet geschikt was. Dat geeft niet, maar je moet er wél rekening mee houden. En dat deed ik dus even niet.... Toen ik er in Tolbert naast lag, greep ik naar mijn been en ik dacht: ,,naar Derweduwen". Wat heb ik onderweg een pijn geleden in die ambulance! 's Nachts om half twee waren we in Mol en gelukkig was ik toen, ondanks de pijn, zo moe, dat ik uit mezelf in slaap viel. Om acht uur 's-morgens werd ik door Derweduwen wakker gemaakt. We hebben toen de röntgenfoto's bekeken die er in Groningen gemaakt waren, en binnen een half uur lag ik op de operatietafel. 's-Middags om half één kwam ik weer bij. Derweduwen zat naast mijn bed en hij zei: ,,Het is weer piccobello". Je weet gewoon niet, hoe je zo'n man dan bedanken moet... Kijk, dit is de laatste röntgenfoto, gemaakt op 17 september. Dit zit er nu in: een plaat en veertien schroeven. Als je goed kijkt, kun je vlak bij mijn enkel de breuk van Silverstone zien, en daarboven de breuk van Tolbert. Door de val in Tolbert werd de plaat die er na Silverstone in was gezet, losgerukt en één van de schroeven nam ook een stukje bot mee, dat was even vervelend. Maar ik genees vlug. Derweduwen zei: ,,Je hebt veel kalkvorming, je geneest nog sneller dan een kind van zes jaar". Hoe dat komt, weet ik niet. Het is in elk geval geen kwestie van rust, want ik rust helemaal niet, daar ben ik veel te druk voor. Ik eet goed en ik drink veel melk. Alcohol drinken doe ik niet, maar ik rook wel veel. Té veel, daar moet ik een beetje mee gaan uitscheiden, want het is nu echt te gek. Ik heb dagen dat ik wel een pakkie shag leeg rook. Tolbert was voor mij wel de laatste race van het seizoen. Ik heb besloten in Hengelo niet te rijden. Derweduwen zei tegen me: ,,als je weer gaat rijden, kan ik je niet tegenhouden. Maar als er in Hengelo iets gebeurt, hoef je niet meer bij me te komen". Ik weet niet, of-ie het meende, maar ik denk van wel. Hij was na Tolbert al niet zo blij met me...

Ik heb nu zonder de racerij ook genoeg te doen. Sinds kort ben ik namelijk eigen baas, ik heb vier man personeel in dienst: kassen beglazen. Zelf ben ik al vanaf mijn veertiende jaar kassenbeglazer. Eerst werkte ik bij mijn pa, maar toen ik ging racen ben ik daarmee uitgescheden. Maar ja, de racerij is ook niet iets blijvends en je moet toch wat voor de toekomst... Nee, ik word geen tweede Cees van Dongen. Ik zal de racerij niet zomaar los kunnen laten, maar als het op een gegeven ogenblik niet meer gaat, moet je stoppen. Daar bedoel ik niet mee dat het bij Cees niet meer gaat, hoor. Ik heb veel respect voor de manier waarop hij broekies van mijn leeftijd de les leest. Maar voor hem ligt het toch anders, hij sleutelt ook graag. Ik niet, ik ben zo a-technisch als de pest. Nee, ik hoop, als ik een jaar of 36, 37 ben, dat ik het dan gezien heb. Dat ik dan zal kunnen zeggen: jongens ik heb een jaartje of vijftien gereden, ho maar. Ze vragen me weleens of ik niets aan mijn conditie doe. Maar dat hoeft niet als je kassenbeglazer bent. Zo'n ruitje weegt twaalf kilo en er gaan er zo'n acht- of negenhonderd per dag door je handen, terwijl je op een gammel plankje staat. Als ik een dag gewerkt heb, hoef ik echt niets meer aan mijn conditie te doen...

Volgend jaar ga ik waarschijnlijk 500 en 750cc rijden. Nee, op de 350cc rij ik nooit meer. Drie klassen is te veel en ik vind de 350cc ook geen fijne klasse. Ik vind het een heel leuke fiets, maar niet voor mij. Mijn voorkeur gaat uit naar die dikke dingen en het gaat niet samen, vind ik. Kijk maar, er is geen één coureur die én op een 350 én op een 750 hard gaat. Nou ja, Randy Mamola dan, maar die heeft er dit jaar ook knap vaak naast gelegen. In de wedstrijden niet nee, maar in de trainingen wel. Als het even kan, wil ik in 1980 niet meer rijden voor het Nederlands kampioenschap. Ik hoop dat we van de KNMV zonder problemen ontheffing krijgen. De bedoeling is dat ik volgend seizoen alle Grand Prix ga rijden, ook Venezuela. Het zal met privé-spul wel moeilijk worden om dezelfde plaats te bereiken als dit jaar, maar ik zal het toch proberen. Ik heb dit eerste jaar veel geluk gehad wat motorpech betreft, er is weinig stuk gegaan. Ach, dat moet je toch een beetje treffen. Dit was mijn eerste volledige GP-seizoen en ook het eerste jaar dat ik wat verdiend heb. Nou ja, verdiend heb ik vroeger ook wel eens wat. Maar dit is het eerste seizoen dat ik iets heb overgehouden. Het jaar daarvoor, in 1978, kon ik niet alle GP's rijden, omdat er geen geld voor was. Toen was het zo: eerst een paar internationale races rijden, dan was er weer genoeg geld voor één of twee Grand Prix. Ik heb dit jaar honderdvijftigduizend gulden (ongeveer 68.000 euro) van F&S gehad en ik denk dat ik dat volgend jaar weer krijg. Met die sponsoring zit het zo: ik krijg zus- of zoveel geld en ik moet maar zien wat ik ermee doe. Dat houdt ook in dat het materiaal van mezelf is. Dat is de fijnste manier van werken. Ik heb ook al eens meegemaakt dat ze aan het eind van het seizoen de fietsen kwamen weghalen, da's niet zo leuk. Nee, dan zit ik met F&S toch beter. Je hebt je eigen spullen en je krijgt je geld over het hele jaar verdeeld, elke keer een beetje. Ik vind het wel een mooie regeling. Het risico blijft wel bij jezelf. Als je halverwege het seizoen uitgeschakeld wordt, krijg je natuurlijk ook maar de helft van het geld. En als je brokken maakt, is de schade voor jezelf. Toch is dit de beste regeling. Als je een seizoen, met zo'n budget, zonder veel schade uitrijdt, spring je er wel uit. Maar die paar schuivers van de laatste tijd hebben me toch een hoop geld gekost. Nu is de 750 plat, de 500 is plat en het reserveblok is stuk. Dat is jammer, want als de GP's achter de rug zijn, krijg je weer een paar wedstrijden die geld opbrengen, bijvoorbeeld Donington en Imola. Dat heb ik nu gemist en dat scheelt toch een stuk aan start- en prijzengeld... Er moet wat veranderen in de Grand-Prix racerij, maar ik ben bang dat geen enkele coureur akkoord gaat met de nieuwe prijzengeldvoorstellen van de FIM. Met die nieuwe regeling moet je de race uitrijden, anders krijg je geen cent. Als je naar Zweden of Finland gaat en je gaskabel breekt, heb je niks, alleen je geld op. Maar voor zo'n reis mag je toch wel een zekerheidje hebben. Nee, alleen prijzengeld is niet goed, een behoorlijke startgeldregeling is wel wenselijk. Mijn persoonlijke mening over de World Series: ik zie dat nog niet doorgaan. Maar de rijders moeten wel een eenheid vormen, daarom heb ik toch voor de Series getekend. Trouwens, vrijwel iedereen heeft getekend en dat vind ik wel fantastisch, dat alle coureurs zo eensgezind zijn. Ik ben het wel helemaal eens met de World Series, maar het zal niet eenvoudig zijn om de zaak van de grond te krijgen. Ik weet niet wat de knelpunten worden, want al interesseert het me uiteraard wel, ik weet toch niet exact wat ze van plan zijn. Maar dat prijzengeld van Hfl. 450.000 gulden (ongeveer 204.000 euro) is voor veel organisatoren absoluut niet op te brengen. Als het daarvan afhangt, dan rij je nooit meer in Zweden of Finland. En dat zou ik erg jammer vinden, want ik heb aan geen enkele Grand Prix een hekel. Behalve aan de Salzburgring...

 

 

Interview november 1979, Motorsport Nieuws

wpe69.jpg (50548 bytes) 1979_interview_01.jpg (149792 bytes) 1979_interview_02.jpg (254221 bytes) 1979_interview_03.jpg (133592 bytes)

"In Belfeld, een NMB-race, daar sta ik te sterven van de zenuwen".

Goed beschouwd heeft Jack Middelburg dit jaar zijn beste seizoen achter de rug. De beenbreuken die hij opliep in Silverstone en die van hetzelfde been in Tolbert, kunnen daar niets aan of af doen. Middelburg stootte op wereldniveau door naar de top in de 500cc klasse. Zijn zevende plaats in de eindrangschikking is daar het beste bewijs voor. Alleen zag het er in het begin van het seizoen niet zo florissant voor hem uit. In verband met belastingproblemen van Middelburg dreigde de belastingdienst op de sponsorgelden van F & S beslag te leggen. De nieuwe Suzuki stond klaar voor hem, maar hij kon er niet aan. Zijn problemen met de fiscus hadden echter wel te maken met de motorsport. "Elk jaar heb ik alles nodig gehad om rond te komen. Het heeft me altijd geld gekost"vertelt hij. "Dit jaar is het eerste dat ik een beetje leuk draai. Vorig jaar had ik van F & S wel een bepaald bedrag voor de 500cc, maar dat was voor die mensen ook een begin. Een probeersel, zo gezegd. Maar ik kon er toen nog geen Suzuki van kopen. En in de kampioenswedstrijden kreeg je geen gulden. Van de start- en prijzengelden in de internationale wedstrijden moest je dan de Grand Prix rijden, want ook die start- en prijzengelden stellen niets voor. Maar waar je mee bleef zitten was belasting betalen. Ik ben blij dat die zaak nu zo goed als opgelost is".

Zijn escapades in Silverstone tonen wel aan dat het leven van een profcoureur onzeker blijft. "Heel erg onzeker" beaamt Jack. "Ten eerste heb ik twee fietsen in de vernieling gereden plus het start- en prijzengeld van wedstrijden als St. Joris, Twello en de landenwedstrijden in Donington Park en Imola gemist. Van alle kanten schiet je erbij in! Gelukkig ben ik bij Racing Westland in loondienst en heb een maandloon. Is toch een bepaalde zekerheid, want als er iets gebeurt krijg je toch je ziekengeld. Ook mijn monteur Adri v/d Broeke is daar in dienst, je moet ook in dit vak wel je sociale zekerheden hebben, anders is het helemaal geen doen". En hij vervolgt: "zonder meer heb ik dat te danken aan de sponsoring van F & S. Die zijn er dit jaar heel wat groter ingesprongen en dat heeft een verschrikkelijk goed effect gehad. Zonder hen zou het totaal onmogelijk zijn geweest om alle WK-wedstrijden te rijden, materiaal aan te schaffen en ook de sociale zekerheden goed op touw te zetten. F & S heeft mij dit jaar definitief op het paard geholpen en het is me heel wat waard dat ik ook volgend jaar weer met zo'n goede sponsor in zee kan gaan". Jack Middelburg reed, wat helemaal de bedoeling van F & S niet was, de kampioensraces in drie klassen. Hij had daar een bepaalde bedoeling mee. "Ik heb dat hoofdzakelijk gedaan omdat ik de afgelopen winter bang was dat Wil Hartog alle publiciteit zou pakken. Dat dacht toen iedereen omdat Wil toch de man was die het fabrieksmateriaal in handen kreeg en normaal gesproken kom je dan, zeker gelet op Hartog's coureurskwaliteiten, er niet bij. Ik redeneerde toen dat het toen, ook voor mijn sponsor, wel leuk zou zijn om nog één keer drievoudig kampioen van Nederland te worden. Want al is het zonder Wil en Boet zeker in de 500 en 750cc een gedevalueerd kampioenschap, er komt toch publiciteit uit. In de loop van het seizoen, toen ik mij meer bewust raakte van mijn mogelijkheden, besefte ik dat zij gelijk hadden en ik ongelijk! Zonder iemand te willen degraderen moet je toch vaststellen dat bij het ontbreken van Hartog en Van Dulmen het verschil met de andere jongens te groot is. Op de een of andere manier werkt dat verkeerd op je concentratie en zo, en dat kan rare gevolgen hebben. En hoewel ik het sfeertje en de gezelligheid bij die wedstrijden erg zal missen, heb ik toch besloten om volgend jaar, als Wil en Boet er niet bij zijn, geen kampioenswedstrijden meer te rijden". "Bovendien" zo vervolgt Jack, "heeft het ook te maken met de circuitkeuze. Ik vind het achterlijk dat ik voor de 750cc drie keer naar Zandvoort toe moet en dat b.v. Assen helemaal niet draait. Het zal allemaal wel zijn reden hebben, maar dat vind ik dooddoeners". Maastricht gaat niet door en nu mag er ineens wel twee keer in Hengelo op een goed circuit gereden worden. En natuurlijk is die crash in Tolbert mijn eigen schuld, maar dat neemt niet weg dat het circuit voor een kampioensrace volkomen ongeschikt is. Je kunt er met die dikke fietsen niet uit de weg en met hard remmen op vier haakse hoeken moet je, om iets goed te maken, wel zulke grote risico's nemen dat de honden er geen brood van lusten. En je ziet het, zelfs een schuivertje op lage snelheid wordt afgestraft met een poot in tienen. Mij niet meer gezien...

En natuurlijk zullen ze nu zeggen dat Middelburg zoiets beweert, omdat hij in Tolbert op zijn gezicht is gegaan, maar dat is beslist niet waar. Het zijn best leuke circuitjes voor nationale wedstrijden en dan zijn ze ook een goede leerschool maar, al is het betrekkelijk, kampioenswedstrijden behoren toch tot het grotere werk en dat hoort daar niet thuis". Grijnslachend: "Achteraf hebben Boet en ik toch genoeg publiciteit gehad. Als ik niet met dat "poot" had gezeten was ik in Assen met de F750 gegarandeerd met Boet in de slag gegaan. Wil ging wel verschrikkelijk goed, maar een fiets om de 750 in Assen te winnen, had hij niet. Maar wat ging die Van Dulmen hè. Grandioos zoals die jongen in vorm is!

In de loop van het seizoen werd gezegd dat Middelburg zich aan de successen van Hartog optrok. Middelburg: "Misschien wel een beetje, het is moeilijk te beoordelen maar er zit iets in. Toch geloof ik ook dat een belangrijke reden is dat ik in de GP's de 350-klasse heb laten schieten. Dat heeft me vorig jaar de das omgedaan. Het gaat gewoon niet, ik heb het ook dit jaar weer gezien. Het is verschrikkelijk moeilijk om in twee klassen hard te gaan en uitgezonderd Randy Mamola, die in de 250 en 500cc prima gaat, lukt dat geen mens. Michel Rougerie probeerde het in de 350 en 500cc, maar ook hij faalde. De verschillen zijn gewoon te groot. Je moet je concentreren op de 250 en 350cc of op de 500 en 750cc. In de wedstrijden om het wereldkampioenschap had Middelburg geen schema voor een bepaald resultaat opgesteld. "Ik ben van start gegaan in de hoop een paar puntjes te pakken en te proberen om bij de eerste vijftien te komen" zegt hij. "Het begin in Salzburg was verschrikkelijk slecht. Het ging, zelfs in de training, helemaal niet. Salzburg ligt me niet zo. Ik ben er vorig jaar hard gevallen en dacht zoek het maar uit. En die redenering heb ik het hele seizoen volgehouden, met als gevolg dat je wel het koppie erbij houdt. En dat is nou net wat ik in de kampioenswedstrijden nog niet kan opbrengen. Voor de start van een GP ben ik helemaal ontspannen, daar heb ik het naar mijn zin. Het is voor mij nog niet zo belangrijk of ik derde of vierde wordt. Boet en Wil zijn al verder, ik moet nog groeien, maar ik doe wat ik kan. Maar hier in Holland moet je! Je hebt verplichtingen en dat ervaar ik nog steeds als een bepaalde druk. In Zweden heb ik mijn beste Grand Prix gereden, het liep daar grandioos. Maar in Finland daarentegen, liep het raar. Volop problemen in de training, een vastloper en hangende gasschuiven. Het ging gewoon niet. Bovendien kwam er vrijdags nog een bloedvergiftiging bij, pillen slikken en dat gedoe. Dat komt je allemaal niet ten goede. Ik had het circuit niet goed leren kennen, terwijl het toch wel een circuitje voor ons is. Met de start zat ik er goed bij, maar ik moest me terug laten zakken. Het ging gewoon niet en ik begreep dat forceren alleen maar kon betekenen dat ik er naast kwam te liggen. Later kon ik terugkomen en draaide de snelste rondetijd. In alle bescheidenheid toch een bewijs dat ik er, internationaal gezien, heel best bij zit. Maar die dag was het, ook tot mijn grote vreugde, Boetje die de show voor zich opeiste (Jack die zo blij was met de resultaten van zijn "maatje", terwijl deze hem twee jaar later niet eens feliciteerde met zijn grootse overwinning in Silverstone!). Engeland was een catastrofe, in de laatste ronde van de laatste training, toen het goed ging en ik voelde dat er een goede tijd uitkwam, sloeg er een drijfstang door het carter en blokkeerde de hele boel. Ik lag net plat in een "vol-vijf" bocht, zo'n gangetje van 240 km. p.u., en er was geen houden meer aan. En ik verzeker je, niet alleen lichamelijk, maar ook mentaal komt die klap hard aan".

Aan de vooravond van die Grand Prix zette Middelburg ook zijn handtekening onder de profplannen van Kenny Roberts. "Ik weet niet hoe het precies zit, ik hoor er weinig van. In Imola liep Barry Coleman met contracten, maar ook Wil en Boet hebben die dag nog niet getekend. Het is allemaal een beetje vaag en ik weet niet wat ik ervan moet denken. Maar er moet iets gebeuren, dat is zeker. De GP-organisatoren buiten de rijders uit, als je geen goede sponsor hebt en in de internationale races niet goed startgeld vangt, kun je geen GP's rijden. Dat staat vast en het is hoog tijd dat daar iets aan wordt gedaan. Het kan mij persoonlijk niet zo veel schelen in welke vorm. Als het persé moet door de oprichting van World-Series, dan doe ik mee. Roberts tekent, Sheene tekent, Wil en Boet ook en zo hoort het. Er mogen geen scheve gezichten onder elkaar komen. Dat was bijna in Francorchamps al het geval en achteraf ben ik reuzeblij dat ik, al is het alleen daarom al, niet gereden heb. Persoonlijk geloof ik dat de FIM wel het een en ander recht zal moeten trekken. Maar of het met die World-Series allemaal zal lopen zoals Roberts en Coleman het in hun hoofd hebben, valt te betwijfelen. Er is in hun opzet veel geld mee gemoeid en of die grote organisatoren dat op kunnen brengen, ik weet het niet. Van de andere kant ben ik ervan overtuigd dat ze al jaren hun zakken zitten te vullen. Ik bedoel die organisatoren natuurlijk"

Het staat volgens Middelburg wel voor 99% vast dat hij volgend jaar weer voor F & S zal rijden (hier zou echter een flinke kink in de kabel komen). En dat vindt hij een plezierig idee. Maar volgens hem niet met Boet van Dulmen als teammaat, zoals oorspronkelijk de bedoeling was. "Jammer" zegt hij. Boet en ik hadden samen een leuk team kunnen vormen. We hadden in teamverband toch wel onze eigen zaakjes op kunnen knappen, maar het zit er volgens mij niet in. Boet is op dit moment ver rond met Yamaha en dat is voor hem, ook wat fabriekssteun betreft, natuurlijk een beste zaak. Dergelijke kansen liggen niet voor het oprapen en hoe jammer ik het ook vind, ik kan Boet geen ongelijk geven dat hij die kans grijpt. Jammer ook voor F & S, want ik weet zeker dat ze wel graag twee rijders willen hebben. Een opkomend talent misschien? "Ja wie?" is de reactie van Middelburg. "Willem Zoet bijvoorbeeld kan het", maar die is al onder de pannen en een jongen als Henk Twikler gaat wel hard, maar is er nog niet rijp voor. Hij heeft voor het grote werk gewoon nog veel te weinig ervaring en bovendien heeft ook hij in Lascom een goede sponsor". In de racerij supermensen? Ben je gek! Ik vind dat ervaring veel doet, natuurlijk moet er aanleg, talent zijn. Maar daar alleen kom je er niet mee. Dat heb ik door schade en schande zelf wel ervaren en ik denk dat Henkie (Twikler) in internationale wedstrijden nog veel kan leren en zich zal moeten waarmaken, wil hij in de GP's een beetje meedraaien". In de 250 en 350cc klasse misschien? "Je hebt in de klassen wel een man of vier, vijf die hard gaan" zegt Middelburg, "maar echt talent, nee, dat kan ik niet zeggen. Ik geloof niet dat ze een GP zomaar meekunnen. Het is gewoon zo. Kijk maar weer naar dat circuitje in Tolbert. Ik ben helemaal geen 350 meer gewend. Aan het begin van het seizoen heb ik er een paar wedstrijden mee gereden en nu dan in Tolbert. Maar als je dan ziet wat voor een gat ik in een kwartiertje op de koplopers dichtrij, dan begrijp ik er niets meer van. En die 350 machine van mij loopt gegarandeerd geen streep harder dan die van de rest. Sterker nog er is helemaal niets aan gedaan. Adri heeft daar gewoon geen tijd voor gehad. En ik ben zeker geen supermens, in de GP's heb ik de handen vol om erbij te blijven en met deze 350-machine zou me dat zelfs helemaal niet lukken. Kun je nagaan". Middelburg besluit: "In feite zouden deze 350-jongens veel verder moeten zijn. In Gilze-Rijen heb ik van die races ontzaggelijk genoten, maar echt talent in die klasse moet mij, bij wijze van spreken, voorbij kunnen fluiten. En dat doen ze niet!"

 

 

ALGEMEEN DAGBLAD, zaterdag 24 november 1979

Muis op tweesprong
Van Dulmen is nu een goudvinkie en ook Middelburg zit goed (door Cees van den Berg)
,,Ik heb geen cent, het heeft me alleen maar geld gekost, maar ik heb nergens spijt van". Jan Muis (55), manager, is blij voor Jack Middelburg die deze week via hem "rondkwam" met een prima betalende sponsor en wat Van Dulmen betreft: ,,Die is nu een goudvinkie (contract met Yamaha)".

Ontmoeting met een motorman in hart en nieren.

Sprang-Capelle - Rijdend met zijn auto door het Brabantse land, waar hij geboren en getogen is, zegt Jan Muis: ,,Ik ben van boerenafkomst en daar zeiden ze altijd dat je een kalf schraal moet houden. Als-ie dan later in de wei komt, dan breekt-ie uit". Waarmee hij blijkt te willen zeggen dat zoiets ook opgaat voor een sportman die succes nastreeft. ,,Hij moet eerst door een diep dal gaan en dan pas zit het erin dat hij het haalt". Thuisgekomen gaat Jan Muis door, in zijn praatstoel: ,,Aan het begin van het vorige seizoen stierf Van Dulmen nog van de armoe. Hij moest bij de bank geld gaan lenen voor een motorfiets te kopen. En nu is hij een goudvinkie, omdat hij ondanks enorme tegenslagen al die jaren heeft doorgezet. En ook Jack middelburg zit nu goed". De ontmoeting met Jan Muis komt pas tot stand als er zijnerzijds enige tegengas is gegeven. ,,Ik ben helemaal niet belangrijk, de rijders zijn de mannen die het doen". Hij - vorig jaar twee maal getroffen door een hartaanval (familiekwaal) - kan niet langer werken als vervaardiger van lederen damestasjes, zijn vrouw vind het wel fijn dat hij nu de motorsport nog heeft. Zij - moeder van vijf kinderen, die allemaal de deur uit zijn - zegt: ,,maar ik heb het nooit zo leuk gevonden. Het wordt zo'n passie hè? ,,Snelheid trok me aan", zegt Jan Muis, als hij zit te vertellen hoe hij in dit wereldje verzeild is geraakt. ,,Daarom kocht ik direct na de oorlog een motorfietsje. En daarmee reed ik de wedstrijden af. Bezeten? Dat is een groot woord, maar ik was er wel gek van, en nog steeds natuurlijk. Maar zelf racen, daar was gewoon geen geld voor. Crossen, betrouwbaarheidsritten, dat kon wel en dat heb ik tot mijn 39ste gedaan. Ik kon wel redelijk meekomen en hard durfde ik op straat wel te gaan op die motor. Ik was de schrik van het dorp en viel er wel eens af ook. Ik heb nog een week of zes met een hersenschudding gelegen. Zijn vrouw: ,,Met een schedelbasisfractuur bedoel je!" Muis weer: ,,Nou goed, met een schedelbasisfractuur". ,,Ik ben na die val nog wel naar huis gereden, maar verder weet ik er niets meer van. Vrij lang buiten kennis geweest. Toen ik bijkwam stonden er een hoop mensen rond mijn bed. Het enige wat ik wilde weten was of mijn motor ernstig was beschadigd. Dezelfde mentaliteit tref je nu nog aan, bij de coureurs. Wat voor verwondingen ze ook hebben, na een ongeluk interesseert die jongens niet eens zo veel, maar je krijgt wel de stereotype vraag: ,,Hoe is het met mijn fiets?",,Nadat ik was gestopt vroegen een paar jongens uit het dorp, die aan races meededen, of ik niet eens wilde meegaan. Technisch weet ik er nog steeds heel weinig van, het ging om een beetje mentale ondersteuning. Erg amateuristisch natuurlijk, maar het werd wel op prijs gesteld". ,,Zo kwam ik ertussen en zo leerde ik ook enorm veel mensen kennen. Het was de tijd van Kostwinder, Ankoné, Van der Zanden, Hartog was er ook al bij en Van Dulmen begon op te vallen, zo'n zeven jaar geleden. Boet reed nog niet erg gepolijst, maar ik kon wel zien dat ie het helemaal in zich had. Maar ja, hoe was het toen..." Hoe was het toen? Nou, die jongens gingen op een slof en een schoen weleens een TT rijden, met 25 gulden op zak voor benzine. Er heerste een hoop onvrede. De KNMV regeerde met ijzeren hand, een beetje feodaal en zo". ,,Op een gegeven moment hebben we de koppen bij mekaar gestoken. Ik weet het nog goed, het was in het jaar dat Saarinen en Pasolini op Monza verongelukten (1973). We zaten met een coureur of tien in mijn caravan, in Vessem was dat. Nico van der Zanden, die later is verongelukt (1975), zei nog: ,,Dit wordt een historische bijeenkomst. Ik stel voor dat Marcel Ankoné, die voor pater had gestudeerd, de vergadering opent met de christelijke groet". We spraken af dat we voortaan een behoorlijk startgeld zouden eisen van de organisatoren. En als die eis niet werd ingewilligd konden ze de moord steken. We dachten niet aan stakingen of andere rotzooi, maar die jongens zouden voor een jodenfooi gewoon niet meer van start gaan. Nou, zo werd het afgesproken en op papier gezet". ,,Het eerste "proefkonijn" was Raalte. In opdracht van de coureurs schreef ik een brief naar de organisatoren. We maakten duidelijk dat we voor tien man zo'n 4500 gulden wilden hebben. Toen barstte de bom natuurlijk. Veel onzinnig gepraat: ,,Volgens de schema's van de bond mogen we jullie dat geld niet eens betalen". Dat was precies de kreet waarmee die jongens al jarenlang zoet werden gehouden. Maar die schema's sloegen nergens op. Ik stelde me op het standpunt: De KNMV kan wel zeggen dat Onze Lieve Heer Bartje heet, maar hij kan van mij ook Hendrik heten, begrijp je wel? Het ging er echt fel aan toe. En dat werd tijd ook. Want de buitenlanders kregen het tienvoudige van onze beste rijders, die met een jodenfooi het bos werden ingestuurd. En van hogerhand werd dat maar goed gevonden. Dat ergerde me verschrikkelijk. Maar ik moet ook Raalte nageven, ze zijn met onze eisen akkoord gegaan. Daarna kwamen er meer die moesten toegeven dat onze eisen billijk waren. Zodat ze beter gingen betalen. ,,Logische zaak, want ook toen zat er een hoop geld bij de organisatoren. En hoe was het bij de rijders? Het rennerskwartier was een grote puinhoop. De één in een tentje, de ander in de modder. Ze hebben nu in elk geval wel allemaal een behoorlijke caravan. Maar daar is heel wat aan vooraf gegaan. Een hoop strijd, een hoop gedonder, vaak ruzies en tegenwerking... ,,Kijk, ik ben er altijd vanuit gegaan dat er een grote streep door de motorsportwereld loopt. Aan de ene kant van de streep heb je de plebejers, het rennersvolk, en aan de andere kant de aristocraten, met de blazers aan. Dat is geen kritiek, zo hoort het ook. Het zijn twee groepen waarvan de belangen nogal eens met elkaar botsen. Dan moet je kiezen. Nou ik heb gekozen voor de kant van de rijders. Heel duidelijk. En tot de dag van vandaag heb ik het vertouwen van die coureurs, een unicum in het explosieve wereldje van de motorsport. Dat pluimpje mag ik mezelf toch wel eens geven". ,,Maar ik verbeeld me niets hoor. Ik hoef echt niet bij de organisatoren aan te komen, omdat ik Jan Muis heet. Maar ze wisten altijd dat er een hele groep rijders achter me staat. Natuurlijk is er ook vaak geprobeerd om dat te doorbreken, door te proberen met de coureurs zelf te onderhandelen. Ze waren duidelijk bang voor de macht van zo'n eensgezinde rijdersgroep. Maar stapje voor stapje hebben we ook het vertrouwen van de andere kant gekregen. Ze gingen begrijpen dat we er heus niet op uit waren om de organisatoren om zeep te helpen. We hebben dan ook steeds onze eisen opzettelijke matig gehouden. We zijn nooit extreem geweest. Want dat zou op den duur in ons nadeel hebben gewerkt". Louter reden tot tevredenheid dus? Jan Muis vindt verrassenderwijs van niet, hoezeer hij ook is ingenomen met de doorbraak op het financiële vlak van zijn beschermelingen Van Dulmen en Middelburg plus de evenzeer verbeterende werkomstandigheden van anderen. Want: ,,Vorig jaar is er in mijn ogen een kleine catastrofe gebeurt. Hartog had in 1977 de TT van Assen gewonnen, hij kreeg een fabriekscontract en hij schroefde vervolgens zijn financiële eisen zo hoog op dat er wel ongelukken moesten gebeuren, in de sfeer van de startgelden. Volkomen terecht zeggen nl. Van Dulmen en Middelburg op dit moment: ,,Nu wij ook!" Uiteraard, ze hebben er groot gelijk in dat na alle armoe en geleverde prestaties meer gaan vragen dan die andere jongens. Maar daardoor ben ik wel bang dat de zaak volgend jaar in Nederland uit de hand gaat lopen. Ik vrees het ergste voor die organisatiecomités die nu al op het randje balanceren, een Tubbergen, een Zandvoort internationaal, Hengelo is ook niet zo rijk (viel allemaal reuze mee). Bovendien komt er ook een tijd dat het Nederlandse publiek niet meer genoeg heeft aan zijn drie toppers Hartog, Van Dulmen en Middelburg. Om de strijd dan interessant te houden moet je er toppers als Ferrari en Sheene bij halen, en dat zijn ook jongetjes van 30 à 40.000 gulden. Ik bedoel maar, het is allemaal een beetje naar de andere kant doorgeschoten. Zelf opgeroepen dit probleem? Jan Muis: ,,Dat is eigenlijk wel waar, ja. Maar we zitten ook met de erfenis van de buitenlandse toprijders, die zulke hoge bedragen altijd al vroegen. Ze zijn het best waard hoor, maar de vraag is nu voor mij: Gaat het niet ten koste van de kleine rijders? Als Hartog, Van Dulmen en Middelburg per race - nou noem ik maar wat - een startgeld van 20.000 gulden krijgen, mag een Rinus van Kasteren dan tweeduizend verlangen? Maar hij krijgt het gegarandeerd niet. Dan zeggen ze: Achthonderd, en als je er geen genoegen mee neemt, dan blijf je maar thuis. Want zoals hij zijn er nog twintig, dertig man die wel komen voor dat geld. Ze gaan daar akkoord mee, hoewel ze maar een heel klein sponsortje hebben, een bar, een kapsalon, noem maar op, terwijl ze zich voor 15 mille in de schulden hebben gestoken om een fiets te kunnen kopen. Dat is de underdog waar ik altijd voor heb geknokt en nu Boet van Dulmen en Jack Middelburg uiteindelijk goed terecht zijn gekomen, sta ik eigenlijk op een tweesprong. Ik kan de makkelijkste weg kiezen door in het spoor van Boet en Jack te blijven. Het liefst zou ik nu eigenlijk weer voor de kleintjes in de slag gaan. Maar dat staat mijn gezondheid me helaas niet meer toe". 

Jan Muis over de "zeer aantrekkelijke contracten", die hij ten bate van Boet van Dulmen en Jack Middelburg heeft helpen afsluiten met Yamaha en F&S: ,,Die jongens staan natuurlijk te popelen om te tekenen en hoewel we met betrouwbare bedrijven in zee zijn gegaan, moet je je allerlei dingen afwegen voordat je je handtekening zet. Want er staan altijd een heleboel kleine lettertjes in. En van de kleinste dingen komt vaak de grootste trammelant. Dat heb ik zo langzamerhand wel geleerd, door schade en schande. Alle trucs ken ik nu wel". ,,Zo heb ik heel wat strijd moeten leveren om die jongens goed verzekerd te krijgen en hun sociale zekerheid veilig te stellen door het oprichten van hun eigen race B.V. Heel logisch, want dat racen is een vak, een bedrijf". Het is jammer dat er nog zo weinig rijders zijn die hun zaken behoorlijk regelen. Ik heb al zo vaak tegen die jongens van het tweede garnituur gezegd: ,,Vorm nou een groep met zo'n twintig, dertig man, en bundel alle wensen, zodat je tegenover organisatoren en KNMV sterk komt te staan. Maar er is helaas niemand die zoiets op poten zet. Ieder knokt maar een beetje voor zichzelf en dat is helemaal fout. Als je alleen met racen bezig bent, dan ben je helemaal verkeerd bezig". Van Jack Middelburg, Willem-Jan Nooteboom, Boet van Dulmen en nog wat andere rijders kreeg Jan het afgelopen seizoen, uit dankbaarheid voor het verzette werk, een nieuwe caravan van 15.000 gulden, waarmee hij naar de races trekt. Z'n oude had er in 9 jaar 300.000 kilometer opzitten. ,,Een prachtige beloning", zo typeert hij zijn geschenk. ,,Nee, zelfs mijn onkosten heb ik in al die jaren niet vergoed gekregen, helemaal niet erg hoor. Ik heb geen cent, het heeft me alleen maar geld gekost, maar ik heb nergens spijt van". 

Jan zou tot de laatste dag manager blijven van o.a. Jack. Boet van Dulmen zocht een andere manager (Jan Huberts).

 

Tekening uit de strip over het leven van Barry Sheene die in 1979 - 1980 in het maandblad MotorSport verscheen.

 

1979_NMB-kalender_Jack_Middelburg.jpg (47835 bytes) Jack op de NMB kalender

   

wpeD8.jpg (22490 bytes) wpeDA.jpg (25383 bytes)

Kerstmis 1979

 

1979 Jack op z'n 350cc

  jack_500.jpg (73165 bytes)   diverse_0  03_.jpg (54070 bytes)

Ook dit jaar werd werd Jack tijdens de motorsportman van het jaar verkiezing, georganiseerd door Moto '73, tweede, ditmaal achter Boet van Dulmen. Zonder de vervelende valpartijen aan het eind van het seizoen zou dit zeker andersom zijn geweest.

Resultaten 1979

Datum Plaats

Klasse

    350cc 500cc 750cc
18-03-1979 Nationale Wijnandsrade   val  
25-03-1979 Internationale Hilvarenbeek   1e 2e
01-04-1979 Nat.kampioenschap Zandvoort 1e 1e 1e
07-04-1979 Internationale Ammerzoden 3e uitgevallen  
16-04-1979 Internationale Hengelo (Gld)   2e  
22-04-1979 Nat.kampioenschap Zandvoort 1e 5e 1e
29-04-1979 GP Oostenrijk Salzburg   15e  
06-05-1979 GP Duitsland Hockenheim   7e  
13-05-1979 GP Italië Imola   7e  
20-05-1979 GP Spanje Jarama   7e  
24-05-1979 EK endurance Assen   val in training  
27-05-1979 Nat.kampioenschap Oudkarspel 1e 1e  
03-06-1979 Internationale Chimay België   2e 3e
04-06-1979 Internationale Heerlen   uitgevallen  
10-06-1979 Internationale Raalte   1e  
17-06-1979 GP Joegoslavie Rijeka   uitgevallen  
23-06-1979 GP TT Assen   7e  
01-07-1979 GP België Francorchamps   rijdersstaking  
08-07-1979 Nat.kampioenschap Zandvoort   1e
22-07-1979 GP Zweden Karlskoga   2e  
29-07-1979 GP Finland Imatra 4e
05-08-1979