|
| |
|
1979
Flying
Jack's
1e
volledige
GP
seizoen
(deel
1)
 
Bij F & S Properties was men in 1978
tot de ontdekking gekomen dat men een hele goede coureur in hun
"stal" had. Een no nonsens rijder die bikkelhard was voor
zichzelf en men
besloot het sponsorbedrag voor 1979 omhoog te schroeven. Jack zou de financiën
krijgen om een geheel Grand Prix seizoen te gaan rijden en wedstrijden voor het F750 wereldkampioenschap.
|
|
Jack
blij
met nieuw contract F&S |
Wil Hartog en Boet van Dulmen zouden zich geheel
toe gaan leggen op het Grand Prix seizoen en geen wedstrijden meer gaan
rijden om het Nederlands kampioenschap. Hartog had in 1979 de
beschikking gekregen over fabrieksmateriaal. Jack wilde echter nog wel
aan de Nederlandse kampioenschappen mee gaan doen. Het seizoen begon
echter (zoals eigenlijk altijd) problematisch. De eerste Grand Prix in Venezuela moest hij aan
zich voorbij laten gaan, omdat zijn nieuwe Suzuki te laat arriveerde
door allerlei problemen. Daarna ontstonden er nog problemen met het
sneller laten maken van het motorblok in Oostenrijk. Ondanks de flinke
sponsoring van dit seizoen kon hij ook weer niet over het snelste
materiaal beschikken. De Suzuki waar Jack dit jaar op zou gaan rijden en
waar een smak geld voor neergeteld moest worden, werd in 1977 al door de
fabriekscoureurs gereden. Aangezien Jack in Daytona de laatste 2 jaar
alleen maar pech had gehad, besloot hij deze race ook aan zich voorbij
te laten gaan. Tot overmaat van ramp kreeg Jack problemen met de fiscus
en zolang die niet opgelost waren kon hij zijn sponsorgeld niet in
ontvangst nemen, want anders zouden ze daar direct beslag op leggen. Hierdoor kon hij dus in de
eerste wedstrijd in Wijnandsrade en tijdens de eveneens eerste internationale race in Hilvarenbeek ook
geen gebruik maken van zijn nieuwe Suzuki. Uiteindelijk ging hij in deze
races van start op een 3 jaar oude machine, die hij de hele
winter had proberen te verkopen, maar reed wel in Hilvarenbeek Wil
Hartog,
Philippe Coulon, Bruno Kneubühler, Alex George en Boet van
Dulmen "naar huis". Wat deze ook probeerden, Jack won de
race glansrijk. Van tevoren was de overwinning al vergeven aan Hartog,
omdat hij de snelste machine bestuurde en op dat moment mede daardoor de
sterkste coureur was. Hier was Van Dulmen het overigens nooit mee eens,
aangezien die zich altijd als DE topcoureur van Nederland zag. In die
tijd was hij nog erg goed bevriend met Jack, maar met Wil Hartog zou het
nooit klikken. Jack vond Wil toen hij hem net leerde kennen nogal
arrogant, maar later konden ze het prima vinden met elkaar. Het waren
ook wel twee tegenpolen.
Wil had wel een zwak voor Jack, zoals hij
ook eens aangaf, tijdens de groots opgezette en succesvolle "Centenial
Classic TT' in 1998. Op de vraag wie hij die dag mistte, antwoordde Wil
direct: Jack Middelburg en Ton Riemersma, en deed er daarna het zwijgen
toe. Ton Riemersma was Wil's sponsor voor een groot deel van zijn racecarrière.
Ze waren meer dan alleen coureur-sponsor, ze werden ook dikke vrienden.
Riemersma overleed, op 67-jarge leeftijd, in oktober 1996, nadat hij
niet meer bij was gekomen na een hartoperatie. Het jaar 1979 werd
er voor het eerst gesproken over 'De Grote Drie'. Wil Hartog krijgt dat
jaar gezelschap van Boet van Dulmen en Jack in de internationale top van
de GP-racerij. Drie Nederlanders vooraan in de Koningsklasse van de
wegracerij. Van Dulmen was al jaren actief in de Grand-Prix wereld, maar
zonder al te veel succes. In 1979 komt ook zijn doorbraak. Jack
debuteert in 1979 op GP-niveau, na wat voorzichtig "geproefd"
te hebben in 1978. Hij zal het heel erg goed doen als debutant. De
'Grote Drie' zijn aan elkaar gewaagd en maken elkaar het leven knap zuur
op de Nederlandse en internationale circuits. Ze zullen vanaf 1979 gedrieën
tot de wereldtop gaan behoren, iets wat niemand verwacht had van zo'n
klein landje.
Gelukkig werden na Hilvarenbeek de problemen van
Jack met de
belastingdienst opgelost en kon hij eindelijk over zijn nieuwe machines
beschikken. De 750cc in Hilvarenbeek werd wel gewonnen door Wil
Hartog, voor Jack en F750 wereldkampioen 1979, Patrick Pons. Ook dreigde er in het begin van het seizoen nog een
breuk tussen Jack,
Boet en
de KNMV, ze waren van plan om terug te keren naar de NMB, maar na een
paar goeie gesprekken, klaarde dat probleem zich weer. In Wijnandsrade,
zijn allereerste race van 1979, trok Jack in de allerlaatste bocht voor
de finish, op een zeiknat wegdek, zijn motor onderuit en verspeelde zo
de overwinning, die een paar meter verder op hem wachtte. In dit weekend
was overigens ook het GP-circus begonnen, in Venezuela, maar vanwege
diverse problemen ging Jack hier dus niet van start en reed dus in
Wijnandsrade.
 |
|
Huldiging van de kampioenen van 1978 door Valvoline, Tsubaki en Levior. Links vooraan,
Truus Struijk en Petra Middelburg. |
Februari 1979
werd er door 40 coureurs een eigen "bond" opgericht, ze noemden die de
'groep van veertig'. Deze groep kwam er om als een betere gesprekspartner te
fungeren met de KNMV en de NMB. Als bestuursleden werden benoemd, manager Roel
Massink, Jan Muis (o.a. manager van Jack, Bert Struijk, Boet (nog wel) en
Willem-Jan Nooteboom), Jack zelf, Karel Zegers en ene heer Van Beek. Ze wilden
overleggen m.b.t. startgelden, verzekeringszaken en de veiligheidseisen
betreffende de circuits.
Begin van het
jaar gingen ook de KNMV en NMB, die sinds drie jaar samenwerkten na jarenlang op
voet van oorlog te hebben geleefd, weer met ruzie uit elkaar. Het rommelde al
weer geruime tijd en de KNMV was degene die de samenwerking stop zette. De
aanzet hiertoe was het feit dat Jack en Boet terug wilden naar de NMB (wat
uiteindelijk dus niet doorging, nadat er startgelden kwamen). Dit was al een
tijdje bekend, maar nu zouden ook de motorcrossers Gerrit Wolsink, Cor den
Biggelaar en Wil van der Laan, in navolging van de twee wegracetoppers dit
voorbeeld willen volgen. Dit was bij Studio Sport medegedeeld door de voorzitter
van de NMB, de heer Van Bokhoven. Volgens de betreffende crossers was dit niet
waar, maar waren ze met de KNMV in discussie m.b.t. startgelden en dat liep niet
erg goed. Na deze bekendmaking werd deze zaak wel erg snel opgelost, dus men zag
het wel als een soort dreigement. Voorheen kreeg elke deelnemer aan de
wedstrijden voor het Nederlands kampioenschap, wegrace en motorcross vijftig
gulden en was dan verplicht deel te nemen. Deze premies werden nu aanzienlijk
verhoogd.
De KNMV riep
ook een kernploeg in het leven, die jonge racers ging begeleiden. Hierin werden
ook drie wegracers opgenomen, te weten: Willem-Jan Nooteboom, Bennie Wilbers en
Henk de Vries. Verder vier crossers en drie baanracers. Het zou echter op een
fiasco uitlopen, terwijl de KNMV zelfs bij de NSF (Nederlandse Sport Federatie)
aanklopte en een bedrag van bijna 90.000 gulden subsidie loskreeg. Bennie
Wilbers stopte na een paar maanden met de motorsport en zijn plaats werd
ingenomen door Klaas Hernamdt. De coureurs hadden eenmaal een bespreking op
Papendal en hoorden daarna nooit meer iets. Van de hele begeleidingsgroep kwam
of niets terecht of ze waren niet bereikbaar. Het project stierf uiteindelijk
een stille dood.
 |
februari
1979, Jack (l) en ijsspeedwayer, Roelof Thijs (r) op sneeuwscooters in
Assen, tijdens de halve finales voor het WK ijsspeedway, die in Assen
werden verreden. |
|
Wie
reden er Grand Prix in 1979, in de belangrijkste klasse, de
500cc, buiten de tientallen wildcardhouders? |
|
Naam: |
Land: |
Naam: |
Land: |
Naam: |
Land: |
| Jack
Middelburg |
Nederland |
Wil
Hartog |
Nederland |
Boet van
Dulmen |
Nederland |
| Barry
Sheene |
Engeland |
Johnny
Cecotto |
Venezuela |
Kenny
Roberts |
Amerika |
| Randy
Mamola |
Amerika |
Marco
Lucchinelli |
Italië |
Franco
Uncini |
Italië |
| Graziano
Rossi |
Italië |
John
Woodley |
Nieuw-Zeeland |
Christian
Estrosi |
Frankrijk |
| Ikujiro
Takai |
Japan |
Steve
Parrish |
Engeland |
Dennis
Ireland |
Nieuw-Zeeland |
| Michel
Rougerie |
Frankrijk |
Takazumi
Katayama |
Japan |
Carlo
Perugini |
Italië |
| Philippe
Coulon |
Zwitserland |
Gerhard
Vogt |
Duitsland |
Michel
Frutschi |
Zwitserland |
| Patrick
Pons |
Frankrijk |
Didier de
Radiguès |
België |
Börge
Nielsen |
Denemarken |
| Gianni
Rolando |
Italië |
Seppo
Rossi |
Finland |
Gustav
Reiner |
Duitsland |
| Max
Wiener |
Oostenrijk |
Jürgen
Steiner |
Duitsland |
Alex
George |
Schotland |
| Mike
Baldwin |
Amerika |
Sadao
Asami |
Japan |
Mick
Grant |
Engeland |
| Victor
Palomo |
Spanje |
John
Newbold |
Engeland |
Werner
Nenning |
Oostenrijk |
| Virginio
Ferrari |
Italië |
Gianfranco
Bonera |
Italië |
Dave
Potter |
Engeland |
| Bernard
Fau |
Frankrijk |
Christian
Sarron |
Frankrijk |
Tom
Herron |
Noord-Ierland |
| Kenny
Blake |
Australië |
Gary
Lingham |
Engeland |
Hiroyuki
Kawasaki |
Japan |
| Roberto
Pietri |
Venezuela |
Josef
Hage |
Duitsland |
Sergio
Pellandini |
Zwitserland |
| Giovanni
Pelletier |
Italië |
Peter
Sjöström |
Zweden |
|
|
Virginio
Ferrari
|
Wie
reden er o.a. in de Nederlandse kampioenschapwedstrijden in
1979, in de belangrijkste klasse, de 500cc internationalen? |
|
Naam: |
Woonplaats |
Naam: |
Woonplaats |
Naam: |
Woonplaats |
| Jack
Middelburg |
Naaldwijk |
Henk de
Vries |
Emmeloord |
Boet van
Dulmen |
Ammerzoden |
| Wil
Hartog |
Abbekerk |
Willem
Zoet |
Ophemert |
Albert
Siegers |
Naarden |
| Cor
Scheepens |
Middelbeers |
Piet vd
Wal |
Oirschot |
Jan
Verwey |
Ravenswaay |
| Dick
Alblas |
Krimpen
a/d Lek |
Klaas de
Graaf |
Noord
Scharwoude |
Johan
'Bobo' van Eijk |
Utrecht |
| Wim ten
Klooster |
Den
Hulst |
Nico
Lentjes |
Oud-Beijerland |
Nol
Twikler |
Heerlen |
| Theo van
Heugten |
Helmond |
Floor
Kars |
Kedichem |
Kees vd
Broek |
Soesterberg |
| Sieuw de
Boer |
Meedhuizen |
Harm-Jan
Bultena |
Rodeschool |
Theo
Dimmendaal |
Culemborg |
| Jan van
Disseldorp |
Breda |
Peter
Verhulsdonk |
Zaandam |
Harry vd
Pol |
Helmond |
| Bobbe vd
Broek |
Soesterberg |
Henk
Twikler |
Heerlen |
Harry
Heutmekers |
Geleen |
| Piet
Damen |
Budel |
Paul
Soetens |
Vlaardingen |
Rob van
Zanten |
Oisterwijk |
| Jaap
Groeneveld |
Aalsmeer |
Karel
Zegers |
Opmeer |
Albert
Bosch |
's-Heerenbroek |
| N.
Willemsen |
|
Hein
Heijnen |
Schaesberg |
George
Philipsen |
Hilversum |
| Gerrit
Kneder |
|
Peter
Smetsers |
Roosendaal |
Piet
Broesder |
Oude
Pekela |
18-03-1979
nationale races Wijnandsrade
 |
|
Wijnandsrade
podium 250cc: Rini van Kasteren (3e), Harrie vd Kruijs (1e) en
Rob Punt (2e). |
Hoewel het op de trainingsdag nog wet meeviel, zijn de weergoden de organisatie in Wijnandsrade niet
goed gezind geweest. 's Zondags na de middag begon het te regenen en de gevolgen voor rennerskwartier en races waren bijna catastrofaal te noemen. Het eerste veranderde in een geweldige modderpoel waar op eigen kracht geen enkel voertuig meer in of uit kon, het circuit werd een glijbaan met als gevolg talloze valpartijen die over het algemeen
wel goed afliepen, maar toch een schaduw op deze wedstrijddag wierpen.
Dit met uitzondering van de coureur Theo Kerssens uit Den Bosch die in de 500 cc-klasse vrij ernstig ten val kwam en naar het ziekenhuis moest worden vervoerd.
Deze zaak liet zich in eerste instantie nogal ernstig aanzien, later kwamen toch berichten dat de toestand van Kerssens redelijk was te noemen. Hoewel, een dubbele beenbreuk, beschadigde halswervel en gebroken sleutelbeen is natuurlijk niet niets.
Vanzelfsprekend waren noch organisatoren noch wedstrijdleiding aansprakelijk voor de toestanden van rennerskwartier en circuit, de
omstandigheden waren gewoon abominabel en wat kun je daar dan tegen doen.
Jammer voor deze eerste race, die tengevolge van deze omstandigheden in de 350 cc-klasse zelfs moest worden afgevlagd en de 750 cc-klasse en zijspannen helemaal van het programma werden
afgevoerd.
Erg vroeg in het jaar organiseren kan natuurlijk dikwijls wel voordelen hebben, maar je ziet dat het ook
wel eens nadelig uit kan pakken.
De perfecte wedstrijdleiding van het duo van Eeden - van Nugteren presteerde overigens het bijna onmogelijke om alles nog zo
goed mogelijk te laten verlopen. Dokter Harrie van der Meeren met Chris van 't Klooster waren, zoals altijd in geweldige samenwerking, overal op tijd bij en dat op een
fonkelnieuwe Harley-Davidson. Drievoudig Nederlands kampioen Jack Middelburg was ook van de partij, veel geluk was Jack niet beschoren want in de 500 cc maakte hij in de laatste ronde en de allerlaatste bocht een schuiver en verspeelde zo de overwinning. Volgens ook Jack, was het zo glad dat op deze baan grip op het wegdek een uitgestoten zaak mocht worden genoemd.
De 50cc werd gewonnen door Floor Maasland, 125cc door Martin van Soest, de
250 en 350cc hadden dezelfde drie coureurs op het podium, alleen in
verschillende volgorde. 250: Harrie vd Kruijs, Rob Punt en Rini van
Kasteren en de 350cc: Van Kasteren, V/d Kruijs en Punt. De week na
Wijnandsrade ging Jack een dag naar Zandvoort en het Belgische Nivelles (Nijvel)
om wat trainingsronden in de benen te krijgen.
 |
|
Jack
glibberend over het natte wegdek in Wijnandsrade |
Zoals
we reeds vertelden stond ook Jack Middelburg hier aan de start. Hij bracht niet de eerste ronde
op zijn naam, dat was Manfred von Gülich uit Duitsland. Ook zijn vreugde was van korte duur want Jack nam in de tweede ronde de kop over en hij
bleef daar tot aan zijn schuivertje.
Von Gülich bleef tot en met de vijfde ronde in tweede positie volgen, maar moest toen het hoofd buigen voor Henk Twikler die zelfs Jack Middelburg ging bedreigen. Toen Jack dit in de gaten kreeg
gaf hij wat gas bij, liep weer van Twikler weg, en ging onderuit!
Henk Twikler werd nu gemakkelijk winnaar en von Gülich
tweede. Opvallend sterk reed ook Peter Smetsers uit Roosendaal. Hij stuurde steeds in vierde positie maar door het uitvallen van Jack, greep hij de
derde
plaats. Dat waren de enige drie die nog in dezelfde ronde zaten, dus over de
rest van het veld is weinig schokkends te melden.
| "
Jack over
Jack" Nationale
races Wijnandsrade |
|
Het is 15 maart en zondag 18 maart a.s. begint het nieuwe
seizoen. Overal, ook op straten en wegen ligt nog volop sneeuw.
Diverse
wedstrijden
zijn dan ook al afgelast en dat niet alleen vanwege
het bar slechte weer. De winter en in het bijzonder de vorst, heeft alom
veel schade toegebracht aan de wegen en vele circuits zijn
daardoor volkomen
ongeschikt voor wegraces. De
organisatie van deze wedstrijden was echter al in volle gang en
de coureurs moeten
optreden, ondanks het verhoogde risico voor
zichzelf
alsook voor hun materiaal. En je mag
niet al te kritisch zijn, anders prijs je jezelf uit de
markt.
De organisatoren, als zodanig, beschikken niet over de macht
en (geld)middelen om het wegdek van hun circuit in een redelijke
toestand te laten brengen. Dus coureurs
aantreden en rijden! En dat is nu, één van de dingen, waarover ik in de
war zit. Dergelijke situaties doen de motorsport beslist geen goed! De openingswedstrijden waren dit jaar voor mij in
Wijnandsrade, een N.M.B. circuit, dat mij overigens toch wel
goed ligt. Ook hier was echter het wegdek door de barre
weersomstandigheden van de laatste tijd in
een niet al te beste conditie. Dit ondanks het feit dat de organiserende
vereniging het wegdek had laten
verbeteren. Jammer voor die vereniging, dat diverse wedstrijden werden afgelast, om ongelukken te voorkomen. De enige wedstrijd die ik kon rijden was de 500cc en
in deze course moest ik in de laatste ronde uitvallen. Geen al te best begin, maar
het seizoen is nog jong en er
komen nog massa’s wedstrijden.
|
25-03-1979
internationale races Hilvarenbeek
 |
 |
 |
 |
 |
| ©
foto's Ron
Gerritse
Olof races Tilburg/Hilvarenbeek (Beekse Bergen) |
In de week voor de races te Hilvarenbeek werden de problemen met de fiscus
opgelost, dus nu kon het seizoen, ook voor Jack, van start. De twaalfde editie
van de internationale Olof-wegraces,
op het circuit Beekse Bergen bij Hilvarenbeek, werd door twee gebeurtenissen
overschaduwd,
al waren de wedstrijden op zich
zeker het aanzien waard.
De ernstigste schaduw werd geworpen door de dood
van 50cc coureur Theo van de Wiel (26) uit het Limburgse Naps, die 's-zaterdags
tijdens de trainingen, met noodlottig gevolg ten
val kwam. De valpartij ontstond door toedoen van een vastloper en Van de Wiel
werd daarna overreden door de Zwitser Stefan Dörflinger, die hem niet meer kon
ontwijken. De tweede schaduw, gelukkig van minder trieste aard, was afkomstig
van de zware bewolking die gedurende de hele zondag het circuit verduisterde. Toch
werden, met uitzondering
van de wedstrijd voor de categorie 250 cc nationaal, waarmee
het programma opende, alle
races "op het droge" verreden,
al duurde het nog
tot het eind van de
middag, voordat
het circuit overal droog was.

Jack Middelburg Subliem
 |
| Hilvarenbeek
500cc: Jack voor Boet en Wil |
De 500 cc race zou een overwinning voor Wil Hartog moeten brengen, daaraan twijfelde eigenlijk niemand. Wil
is zonder twijfel Nederlands sterkste coureur van dit moment (al zal Boet
het daar misschien niet helemaal mee eens zijn) en hij heeft bovendien verreweg de snelste machine (en daarmee is Boet het
beslist wel eens). Terwijl Wil zijn fabrieks Suzuki in de strijd bracht, verschenen
zowel
Boet als Jack op hun oude fietsen aan de start; "Jack zelfs op een
heel
oude, die er al meerdere jaren dienst op had zitten. "Ik dacht: die Lange
(Hartog) kan ik
toch niet hebben", aldus Middelburg. "Maar ik had me voorgenomen om
tenminste een ronde voorop te rijden".
Dat lukte wonderwel, want niet Hartog, maar Jack kwam na de openingsronde als eerste voorbij start en finish. Een
tiental meters achter hem werd hevig geduelleerd door Hartog en Van
Dulmen.
Wil en Boet joegen elkaar zo op, dat ze in de vijfde ronde de aansluiting met
Jack hadden hersteld.
In de zesde ronde was het helemaal feest: Jack en Boet reden naast elkaar op
kop, Wil zat er pal achter. Philippe Coulon bezette de vierde plaats en
Bruno Kneubühler en Alex George probeerden allebei op de vijfde plaats te rijden.
Maar in de zevende ronde was voor Boet het spel uit: met een gesneuvelde krukas keerde hij terug naar het rennerskwartier. De spanning werd er echter
niet minder om, want Coulon had inmiddels aansluiting bij Jack en Wil gevonden.
Dat duurde evenwel niet lang, want langzaam maar zeker werden de onderlinge afstanden tussen de
drie koplopers groter. En toen Jack, vanaf de tiende ronde, als een raket tussen groepjes achterblijvers door
begon te slingeren, was het pleit beslist: Wil verloor tientallen
meters.
Middelburg die "tenminste een ronde" voorop had willen rijden, had van start tot finish geleid en bovendien de snelste ronde
gedraaid. Hartog verklaarde naderhand dat hij zich
had verkeken op de toestand van het circuit en dat hij een achterband
had laten monteren die "eigenlijk voor natter weer bedoeld was". Bovendien wenste Wil met het GP-seizoen voor de boeg geen risico's te nemen.
Dat neemt natuurlijk niet weg dat Middelburg een geweldige prestatie leverde door op zijn oude machine de veel snellere fabrieksracer van Hartog het
nakijken te geven. De Witte Reus beaamde dan ook volmondig: "Jack was gewoon veel beter
vandaag".

De slotrace van de dag, de klasse 750cc internationaal, scheen een herhaling te worden van het prachtige 500cc
gebeuren. Ook nu had Jack Middelburg de snelste start, maar een
achtervolgersgroep bestaande uit Patrick Pons, Wil Hartog en Boet van Dulmen zat als vastgekleefd aan
Jack's achterwiel.
De posities wisselden meermalen per ronde, maar in de vierde ronde had Hartog definitief de kop veroverd.
Boet verdrong Jack van de tweede plaats; een voorbeeld dat in de zevende ronde door Pons
werd gevolgd. Maar opnieuw gooide machinepech roet in Van Dulmens eten: het achterwiel van
Boet's Yamaha werd scheef in de achtervork getrokken en door de verslechterende
stuureigenschappen zag Boet zich gedwongen het tempo te verlagen.
Patrick
Pons en Jack profiteerden hiervan en in de tiende ronde was de volgorde: één
Hartog, vervolgens Jack, die inmiddels Pons had teruggepakt, dan Pons en tenslotte
Boet.
In de eerste drie plaatsen zou tot het vallen van de finishvlag geen verandering meer komen, maar de terugvallende Boet werd in de laatste ronde
gepasseerd door Kevin Stowe en Alex George.
Door knap stuurwerk
wist Boet echter nog de vijfde plaats te heroveren op George.
"Dat de 500cc Suzuki van Hartog stukken sneller was dan de mijne, had ik wel verwacht",
vertelde
Jack
Middelburg tijdens de prijsuitreiking. "Maar Wil z'n 652cc fabrieks-Suzuki was echt niet sneller dan mijn Yamaha TZ 750".
Philippe Coulon werd zevende, Joey Dunlop achtste, Armin Zeh negende en
Karel Zegers maakte de eerste tien vol. Hans Müller won de 125 en
250cc, Jon Ekerold de 350cc en Peter Looijestein de 50cc.
 Het zouden, achteraf, de laatste Olof-races in
Hilvarenbeek blijken te zijn geweest, dit ten gevolge van het feit dat
het circuit niet veilig genoeg meer was. Aan het einde van het seizoen
1980 probeerde men om de Olof-races op het permanente circuit van
Zandvoort te organiseren, maar dit werd door een matig bezoekersaantal
(zoals altijd in Zandvoort), geen succes. De Olof-races stierven na
13-jaar een roemloos einde en dit terwijl ze zo spectaculair waren
begonnen. In 1968 maakte het Tilburgse studentencorps 'Sint Olof' zich
op om hun veertigste verjaardag te vieren. Per traditie moest er ook een
evenement komen om de bevolking van Tilburg een plezier te doen.
Zodoende werd er besloten een motorrace te organiseren. Financieel was
alles zo geregeld in die tijd, want bedrijven wilden graag sponsoren, in
de hoop dat de studenten als ze klaar waren met hun studie bij hun
zouden komen solliciteren. De eerste Olof-races verliepen erg
"studentikoos", de organisatoren verschenen, in hun jacquet
met hoge hoed, in een Rolls Royce met chauffeur en waren straalbezopen.
Ze zwaaiden naar het 10.000 koppige publiek en doken direct de kroeg
weer in. De vele bezoekers zorgden voor een winst van 30.000 gulden, die
er vervolgens met een "rotgang" doorheen werden gejaagd. De
organisatoren vlogen met hun aanhang per chartervliegtuig naar Reims en
bezochten (en leegden) daar de champagnekelders. Toen achteraf de
rekeningen kwamen van de EHBO, brandweer en Rode Kruis, bleek er geen
cent meer in kas te zijn. Swiet van Rossum, eerstejaars tijdens de
"oprichting" van de races, vond het te gek om los te lopen dat
het bij die ene keer zou blijven. De toeschouwers hadden heel erg
genoten en hij besloot met drie medestudenten de handen ineen te slaan
en de races een jaar later nogmaals te organiseren. Zij maakten het
evenement wel los van het studentencorps, want ze zagen de 'bui al
hangen', zij zich inspannen en de rest van het corps naar Reims om de
centen er door te jagen. Aldus geschiedde, de Olof-races werden een
jaarlijks terugkerend motorsportfestijn in het recreatiepark de Beekse
Bergen. De races zouden elk jaar tussen de 20.000 en 30.000 toeschouwers
trekken, maar mede door twee totaal verregende edities ('77 en '78) kwam
men in financiële problemen en werd dus in 1979 ook het circuit nog
afgekeurd. Dit zou het einde betekenen van de internationale races en de
Stichting Olof-races, die op dat moment uit acht ex-studenten en de
ex-motorcoureur, Leo Bovee, bestond.
 |
|
Jack
voor Wil Hartog. |
 |
|
© MOTOR Magazine |
|
Uitslagen
500cc en 750cc Hilvarenbeek , eerste vijftien. |
|
500cc |
|
750cc |
| 1. |
Jack Middelburg |
1. |
Wil Hartog |
| 2. |
Wil Hartog |
2. |
Jack Middelburg |
| 3. |
Bruno Kneubühler
(Zwitserland) |
3. |
Patrick Pons (Frankrijk) |
| 4. |
Alex George (Schotland) |
4. |
Kevin Stowe (Engeland) |
| 5. |
Peter Sköld (Zweden) |
5. |
Boet van Dulmen |
| 6. |
Kevin Stowe (Engeland) |
6. |
Alex George (Schotland) |
| 7. |
Dick Alblas |
7. |
Philippe Coulon
(Zwitserland) |
| 8. |
Willem Zoet |
8. |
Joey Dunlop (Ierland) |
| 9. |
Karel Zegers |
9. |
Armin Zeh |
| 10. |
Wim ten Klooster |
10. |
Karel Zegers |
| 11. |
Lars Johansson (Zweden) |
11. |
Willem Zoet |
| 12. |
Peter Amman (Duitsland) |
12. |
Jan van Disseldorp |
| 13. |
Jan Verwey |
13. |
Hans-Otto Butenuth
(Duitsland) |
| 14. |
Bobbe v/d Broek |
14. |
Dees Bormans |
| 15. |
Didier de Radiguès
(België) |
15. |
Bo Granath (Zweden) |
Winnaar 50cc: Peter Looyesteijn, 125cc & 250cc: de
Zwitser Hans Müller
 |
|
Hilvarenbeek
Johan "Bobo" van Eijk |
| "
Jack over
Jack" Internationale
Olof races Hilvarenbeek |
|
Het nieuwe materiaal was nog
niet klaar. Er hielp geen moedertje lief aan, dus trainen en
rijden op mijn
500 cc fiets, waarvan ik gedacht had dat hij op dat moment als toerfiets
over Neerlands
wegen zou kachelen in handen van een of andere fanatiekeling of mogelijk
ook een oude genieter. In de vijfde ronde van de training
liep de motor vast en ik kon het voor de overige trainingen wel
vergeten. De 750 cc daarentegen liep als een trein. Ik mocht
tevreden zijn, want in beide klassen stond ik nog op een
redelijke startplaats. Zondag, de wedstrijdmiddag, liep de 500
weer, maar veel vertrouwen in “het ding”
had
ik niet. Alles wat erin, erop en eraan zat was niet meer "je
van dat". Bij aanvang van de wedstrijd ging ene Jack Middelburg met zijn ouwe knol
naar de startlijn. De wetenschap, dat de T.V.
mannen van Studio Sport aanwezig waren, gaf
me een kick en onmiddellijk na de
start
spurtte ik weg en kon tot mijn eigen verwondering gelijk de kop
nemen. J.M. in beeld, dat idee gaf me vleugels. Na een paar
ronden zaten Boet en Wil pal achter me en ieder ogenblik dacht
ik, dat één van beiden, of misschien wel allebei, nu voorbij
zouden spurten. Maar niets van dit alles en mijn machine bleef
lopen alsof het een splinternieuwe was.
Op een gegeven ogenblik kwamen de eerste achterblijvers in zicht en toen
dacht ik: "Alles of niets" en het werd alles, want
als eerste drukte ik mijn machine
over
de eindstreep. Het oudje had zijn best gedaan! In
de 750 cc was ik weer als eerste weg. Ik had
echter veel last van het slingeren van mijn Yamaha. Hierdoor
kon ik niet voluit gaan. Dit had
tot gevolg, dat Wil over me heen kon gaan. Gedurende de race
liep ik nog wel op hem in, maar moest hem wel de overwinning laten. Maar met mijn tweede
plaats in deze klasse was ik dik tevreden. Dit was beslist geen
slechte dag voor
Jack
|
01-04-1979 kampioensraces Zandvoort
 |
|
500cc
podium Zandvoort,
Henk Twikler (tweede), Jack en Dick Alblas
(derde)
Henk Twikler (tweede), Jack en Dick Alblas
(derde) |
 |
|
Jack
op
de 500cc. |
 |
|
500cc
podium. |
 |
|
Jack op
de 750cc
de 750cc
(onder &
boven). |
 |
 |
|
Begin
van de 750cc: Jack aan de leiding voor Wiilem Zoet (#16), Rob
Beute (#10), Kees Hogewoning (#9), Rob Punt (#20), Karel Zegers
(#25), Harrie v/d Kruijs (#19), Henk Willems (#11), etc. |
|
© MOTOR Magazine |
De
eerste kampioensraces op Zandvoort brachten direct al een driedubbele
overwinning voor "de Briet", dus de eerste stap naar een
trilogie (kampioenschappen) en een trilogie (jaargangen), was gezet,
maar helaas zou daar door blessures dit jaar geen gevolg aan worden
gegeven. Wil Hartog zou tijdens de opwarmronde in de 750cc klasse al
hard ten val komen en zou diverse weken uit de roulatie zijn. De
350cc was de spannendste race van de dag: bij de start leverde het al problemen op. Johan Siemerik
kwam bij het aanduwen van zijn machine ten val. Ook
Jack had startproblemen en vertrok als twintigste. (''Zenuwen, zoals hij
later zou zeggen, ik zat te wachten op 'vijf seconden'. Meestal zeggen
ze: 15, 10, 5 seconden, maar nu niet. Ik hoorde Bert (Struijk) zijn
motortje pruttelen en wilde ook weg, maar sprong er iets te vroeg op".
Bij de Gerlachbocht had Jack achter al een club rijders ingehaald en
moest even in het gras toen voor hem vier rijders ten val kwamen, ,,Ik
zat er vlak achter, dat waren er toch weer vier minder om voorbij te
gaan", aldus Jack.) In de eerste ronde
kwam het dus na de Gerlachbocht tot een zware crash, waarbij vier coureurs
betrokken waren. Kees van der Broek en Ruud Monde waren gelukkig meteen
weer ter been. Bobbe van der Broek en Bertus Slager verlieten per
ambulance het circuit, maar liepen na behandeling al weer in het
rennerskwartier. Bij het uitgaan van de Hugenholzbocht kwamen Duke Wille
en Piet van der Wal eveneens ten val. Gelukkig konden ook zij het
rennerskwartier zonder kleerscheuren opzoeken. Ondanks deze valpartijen
ging de race gewoon door. Bert Struijk had de leiding genomen, op de voet
gevolgd door Jan van Disseldorp. In de derde ronde wisselden zij van
plaats. Jack was intussen op de voor hem bekende wijze begonnen aan
zijn inhaalrace. In de derde ronde lag hij al op een derde plaats. Hij
nam in de zevende ronde resoluut de leiding en stond deze niet meer af.
De tot meest belovende coureur uitgeroepen Klaas Hernamdt bond de strijd
weer aan met Bert Struijk. Dit ten koste van
Jan van Disseldorp, die naar een
vierde positie terug moest vallen. Ondanks een bikkelhard duel wist
Struijk de tweede plaats
vast te houden en moest
Hernamdt met een derde plaats genoegen nemen. Willem-Jan Nooteboom liep
in de zesde ronde als gevolg van een val in de Tarzanbocht een
sleutelbeenbreuk op. De 750cc werd vrij simpel gewonnen door Jack met
ruim een halve minuut voorsprong op Willem Zoet. De spanning in de 500cc
zat ook niet aan de leiding, na het wegvallen van Hartog, Jack liet er
geen twijfel over bestaan wie er de beste was. Achter hem werden wel
hele mooie en bloedstollende gevechten geleverd.
 |
|
Zandvoort:
Nol Twikler (l) & Henk Twikler (r). |
Henk Twikler werd
uiteindelijk tweede, voor Dick Alblas, Willem Zoet en het prachtige gevecht
daarachter werd gewonnen door Willem ten Klooster voor Jan van
Disseldorp, Eddie Kuipers, Henk de Vries en Piet vd Wal. De 50cc
was voor Peter Looyesteijn, 125cc voor "good old" Cees van
Dongen, zijspannen: Egbert Streuer met Johan vd Knaap in het
"bakkie" en de 250cc voor Bert Struijk. Verder werden er ook
nog diverse nationale wedstrijden gereden.
Hier
een link naar volledig verslag van Zandvoort (races op 1 april &
22 april)
| "
Jack over
Jack" Zandvoort
Nederlands kampioenschap |
|
De eerste kampioenraces van dit seizoen waren voor mij
direct een klapstuk. Overwinningen in drie klassen. Een goed
begin, toch
was ik niet helemaal happy, want in de opwarmingsronde van de
750cc klasse kwam Wil Hartog door onbekende oorzaak te vallen.
Zijn toestand was dermate ernstig, dat hij onmiddellijk naar het
ziekenhuis moest worden afgevoerd. Erg jammer, want nu was ook
de tegenstand tot bijna nihil gereduceerd. Ik had er me echt op
voorbereid om in deze wedstrijd eens fijn met Wil te knokken.
Achteraf bezien viel de toestand van Wil gelukkig mee, maar
betwijfeld moet worden of hij in GP van Oostenrijk zal kunnen
starten.
|
 |
 |
 |
|
Start
750cc klasse, met Jack op kop gevolgd door Rob Beute (#10) en
Wim Zoet (#16). |
|
Wil
Hartog na zijn val. |

 |
|
350cc
Zandvoort: Bert Struijk (#3), Willem Zoet (#28), Jan van
Disseldorp (#8), achter Bert Struijk verscholen Kees v/d
Broek en daarachter Jack, achter Jack, Henk Twikler, Jan Lucouw (#21), Mar Schouten
(#35), Harrie v/d Kruijs (#24) en Piet v/d Wal (#4),
|
 |
 |
|
350cc Zandvoort, Bert Struijk aan de leiding voor Willem
Zoet (half verscholen), Kees van de Broek (#10), Jack
daarachter en Jan van Disseldorp (#8). |
350cc Zandvoort, Jack nu aan de leiding voor Kees van de Broek
(#10), Bert Struijk (#3), Jan van Disseldorp (#8), Henk
Twikler (#33) en Willem Zoet (#28). |
07-04-1979
internationale races Ammerzoden
Voor de internationale
races in Ammerzoden een week later verreden konden worden, moesten er
voor de internationale erkenning van het circuit, eerst 116! bomen langs
het parcours verdwijnen. Voor het eerst in de achtjarige historie kwamen
er ook buitenlanders aan de start op het Brabantse circuit. De races in Brabant brachten Jack geen geluk. In de 350cc
kreeg hij, terwijl hij ruimschoots aan de leiding lag, problemen met
zijn schakelpaneel en een voetblessure, juist aan de voet waarbij hij
moest schakelen. Hierdoor ging de Zuid-Afrikaanse middenklasse (250 en 350cc) topper Jon Ekerold er met de overwinning vandoor, voor Bert Struijk en de uiteindelijk
toch nog derde wordende Jack. In de 500cc klasse maakten Jack en Boet er
een mooi duel van, tot het moment dat Jack met een haperende motor en
een kuren vertonende band
de pits op zocht. Dit was maar goed ook, want het canvas kwam al
tevoorschijn. Dit was dus een wijs besluit geweest van onze vriend,
helaas besloot hij niet altijd tot wijze dingen.
|

|
|
Start
350cc Ammerzoden 1979, met o.a. Duke Wille (#6), Bert Struijk
(#3), Pekka Nurmi (#64), Klaas Hernamdt (#7), Willem Zoet (#28),
Jon Ekerold (#63) en Jack (#1). |
|

|
|
350cc Ammerzoden 1979, met Bert Struijk voor Jack. |
 |
|
Geconcentreerd
voor de Start van de
350cc Ammerzoden;
Jon Ekerold (#63) en Jack (#1) |
 |
|
350cc
Podium
Ammerzoden; Bert Struijk, Jon Ekerold en Jack. |
De 350 cc race beloofde vuurwerk: Jack Middelburg en Jon Ekerold, die geen van beiden
tevreden zijn met iets anders dan de eerste plaats, zouden tegen elkaar in het strijdperk komen. Maar ook Bert
Struijk was
belust op revanche (na in de 250cc achter Jon Ekerold, Klaas Hernamdt
derde te zijn geworden) en het leek er in de openingsronde op, dat hij die zou krijgen
ook. Jack en Bert knokten om de eerste plaats, terwijl vlak daarachter
de Fin Pekka Nurmi het met Ekerold aan de stok had.
De Zuid-Afrikaan had echter van dit viertal duidelijk het meeste haast, want na drie ronden was hij opgerukt tot pal achter
Jack. Daarbij kwam nog, dat Jack na enige ronden last begon te krijgen van een
voetblessure die hem hinderde bij het schakelen. Het gevolg was, dat Ekerold vanaf de vierde tot en met de
laatste ronde op kop kon rijden, terwijl ook Bert Struijk zich een ronde voor het vallen van de vlag voorbij Jack wist te werken. Nurmi werd vierde. Het jonge talent waar velen in deze klasse hun aandacht op hadden
gevestigd, Klaas Hernamdt, viel helaas al in de vijfde ronde uit met motorpech.
De race waarvoor iedereen naar het zonovergoten circuit was gekomen, was de
krachtmeting tussen regerend kampioen Jack Middelburg en thuisrijder Boet van Dulmen
in de klasse 500 cc internationaal. En deze wedstrijd begon veelbelovend, want na de eerste ronde zaten Boet en Jack samen op kop.
De derde plaats was in handen van Alex George, die hevig op
zijn huid werd gezeten door de verbluffend sterk rijdende Henk Twikler. Twikler, die een week tevoren op Zandvoort al opzien had gebaard door de grandioze
stijl waarmee hij zijn Lascom-Suzuki bestuurde, ging er ook in Ammerzoden beangstigend hard tegenaan.
Aan de af en toe ruige rijstijl van Middelburg en Van Dulmen zijn we inmiddels gewend en we
weten dat de heren de situatie beheersen, al ziet het er soms niet naar uit. Maar wanneer een nieuwkomer
in deze klasse op dezelfde wijze rond boenderd, krijg je toch wel even een
benauwd gevoel. We hebben de indruk dat Henk Twikler, evenals vroeger Jack Middelburg, bezig is met onstuimige begin
van een grote carrière. We hopen alleen dat hij er niet zo vaak en zo hard zal afvallen als Jack destijds heeft gedaan. . . .
Maar terug naar de race. Jack en Boet brachten het publiek in verrukking door vier ronden lang
stuivertje te wisselen. Daarna nam Boet definitief afstand van Jack, die op
flinke afstand werd gevolgd door het duo George-Twikler. In de zesde ronde wist Twikler zich voorbij de
"Vliegende Schot" te sturen en Alex leek enigszins afgebluft door
Henkies vlammende manier van rijden.
In de negende ronde werd de
wedstrijd in feite beslist. Jack stopte met hevig overslaande motor aan de pits zodat Boet er zijn gemak van kon
nemen. Het uitvallen van Middelburg bracht Twikler op de tweede plaats, terwijl Alex George op zijn huid werd gezeten door Pietje
v.d. Wal die, naarmate de wedstrijd vorderde, steeds harder begon te rijden.
Ook ditmaal zou machinepech de beslissende factor vormen, want in de laatste ronde viel Henk Twikler met een
stotterende motor (lege tank) terug naar de vijfde plaats terwijl
George, die zonder achterrem reed, door deze handicap niet tegen Van de Wal bleek opgewassen.
Willem Zoet schijnt ook weer helemaal te zijn hersteld van zijn val van vorig jaar, want hij pakte de vierde plaats na
rondenlang achter V.d. Wal te zijn doorgekomen. Dick Alblas werd ondanks een futloze motor
zesde voor Eddie Kuipers en Börge Nielsen.
©
foto's Johan Blom
 |
|
500cc
Ammerzoden 1979, Johan van Eijk (#32), Jack
(#1), Henk Twikler (#4), Willem Zoet (#21), 500cc
Ammerzoden 1979, Johan van Eijk (#32), Jack
(#1), Henk Twikler (#4), Willem Zoet (#21), Jan
Verwey (#5) en Piet vd Wal (#2). |
|
|
16-04-1979
internationale races Hengelo
 |
 |
 |
| Jack
op de cover van het programmaboekje van Hengelo 1979 |
 Tijdens
internationale wedstrijden op Hengelo (Gld) vochten Jack en Boet een
bloedstollend mooi gevecht uit in de
500cc klasse. Ze moesten het nog stellen zonder de tegenstand van Wil
Hartog, die van de KNMV, vanwege zijn blessures, geen toestemming had
gekregen om te rijden in Hengelo. Boet en Jack kwamen na de eerste ronde elleboog aan
elleboog voorbij start en finish. Vier ronden lang wist Jack een fractie
eerder over de streep te gaan, daarna nam Boet het kopwerk voor zijn
rekening. Voor zover er tenminste sprake kan zijn van kopwerk, wanneer
twee coureurs pal naast elkaar door de bochten gaan. Halverwege de
wedstrijd had Boet zich even losgereden, maar Jack wist het verschil tot
2,2 seconde binnen drie ronden weer terug te brengen tot nul. In
de twee na laatste ronde reed het tweetal weer zij aan zij; in
de één na laatste ronde wist Jack door ontzettend laat te remmen in de
haakse bocht voor de finish de kop weer over te nemen, maar in de
beslissende ronde zette Boet hem dat betaald. Hij verleidde Jack tot nog
later remmen en dat was een fractie te laat. Jacks wielen blokkeerden en
hij moest de remmen even vieren om overeind te blijven. Hij kwam nog stuiterend naast Boet,
maar moest toen door het stilstaande voorwiel, even loslaten. Hierdoor moest hij Van Dulmen deze
maal de overwinning laten en genoegen nemen met de 2e plek, maar spannend
was het wel! Boet en Jack vertelden later dat op het eind van het
rechte stuk de baancommissarissen achter de bomen en het weiland
invluchten, als zij samen wiel aan wiel op de haakse bocht kwamen
aanstuiven! Het was deze 2e paasdag ontzettend slecht weer overigens, ik
weet me nog heel goed te herinneren dat ik die dag alleen de 500cc en
350cc klasse heb gezien en de rest van de dag binnen heb gezeten.
Ondanks de regen en snijdende kou, hadden 20.000 mensen de weg naar het
circuit gevonden.
 Er
ontstonden dit jaar steeds meer problemen m.b.t. startgelden. Dit was
uiteraard al jaren een terugkerende discussie, maar in 1979 werd de 'koe
eindelijk eens goed bij de horens' gepakt. Mede door de oprichting van
de 'club van veertig'. Voor de Nederlandse kampioenschapraces was het nu
eindelijk redelijk voor elkaar, maar men had ook nog de internationale
races. Hier was ook je reinste willekeur. De honderd coureurs in de zes
verschillende wegraceklassen (bijna iedereen reed in twee of drie
klassen) moesten vaak, als éénling opererend, bij
een organisator zelf maar zien wat ze uit het vuur konden slepen. In
Hilvarenbeek bijvoorbeeld, waar ondanks het slechte weer 30.000 mensen
kwamen kijken, had men voor de buitenlandse coureurs, voor een groot
deel tweede garnituur, 75.000 gulden uitgetrokken, terwijl dat bedrag
voor al de Nederlandse rijders slechts Hfl. 35.000 was. Kwam je niet in
aanmerking voor prijzengeld, tel uit je winst! Kevin Stowe, een
middenmotor uit de omvangrijke Engelse raceschool kwam in Hilvarenbeek
voor Hfl. 4000 aan de start, terwijl bijv. Henk van Kessel,
oud-wereldkampioen 50cc, voor 300 piek op kon/mocht komen draven! Zelfs
Jack en Boet ontvingen niet de 4000 gulden die Stowe en andere
buitenlanders ontvingen. En de meeste toeschouwers kwamen toch echt
voornamelijk voor Jack, Boet en Wil (de laatste kreeg deze bedragen wel
overigens). De organisatie van de races in Ammerzoden, van een week voor
Hengelo, hadden een nieuw en goed systeem ingevoerd. Buiten het
startgeld kon men per positie in elke ronde een bedrag verdienen.
"Werken" voor je geld heet dat.
|
RACES
HENGELO DEDEN WOLKEN VERGETEN
|
|

|
|
Willem Zoet op kop voor o.a. Henk Twikler (30), Henk de Vries (4) en
Albert Siegers (11) |
 |
Wedstrijdverloop
500cc
|
Grote afwezige tijdens de internationale races in Hengelo afgelopen weekend
was "Witte
Reus" Wil Hartog. Hem was de dag voor de wedstrijd door de KNMV,
in de persoon van Harry van der Hout, verteld dat men zijn starten in
Hengelo niet verantwoord achtte en daarom geen toestemming werd
verleend. Wil was daarover, begrijpelijk, in het geheel niet te
spreken en meende het best te kunnen proberen (wat hij de avond ervoor
voor de televisie ook al had meegedeeld). Reden voor ons om eens naar
de beweegredenen van de Sport Commissie te vragen aan die zelfde
Harry van der Hout. "In de loop van de week werd gezegd dat Wil
weer kon rijden, maar hij moest toen nog door een door ons erkend arts
gekeurd worden. Nou, die heeft de bondsarts gezegd het rijden nog niet
zo te zien zitten. Dat was in feite al genoeg reden om geen start te
geven, maar toen we ook nog hoorden dat Wil door het contract dat hij
van Hengelo had naar eindklassering zou worden uitbetaald en dus niet
helemaal
vrij
kon rijden, was de beslissing voor ons duidelijk." De
kans is groot dat Wil overigens wel goed wordt gekeurd voor de race op
Zandvoort dit weekeind.
Zijn
eeuwige opponenten in Nederland, Jack Middelburg en Boet van Dulmen,
deden in de 500-race zijn afwezigheid totaal vergeten door er een
grandioos gevecht van te maken dat tot de laatste meters duurde.
De
zware wolken boven Hengelo, die overigens netjes en zoals het hoort
hun vochtige ladingen binnen hielden, waren zo vergeten. Het ene
ronderecord na het andere
verpulverend
stoof het duo wiel aan wiel rond, hetzij stuiterend en slingerend onder
het geweld, en naar later bleek, de mankementen aan de Suzuki's. Zoals
gezegd viel de beslissing pas op het allerlaatst. In de laatste, haakse,
bocht voor de finish om precies te zijn. Zoals enkele malen daarvoor
kwam Jack weer naast Boet glijden om de kop over te nemen, maar
blijkbaar had hij zich vergist in de mogelijkheden, want net voor Boet
moest hij de voor blokkerende rem loslaten en zag daarmee zijn zege
wegfladderen.
Elkaar
heftig op de schouders bonkend toonde het tweetal dat er in motorland nog
zat sportiviteit bestaat. Terwijl op het podium winnaar Van Dulmen zo
te zien met veel moeite de vreugdetranen stond weg te slikken, vertelde
Middelburg (die op zijn F&S Suzuki overigens het lang verwachte snelle
spul had staan) grijnzend aan ieder die het horen wilde "mooi stel
op de baan, Boet ging alle kanten op van het slingeren en mijn Suzuki
wilde niet lopen. Maar wel een mooie strijd, hè. Het ging alleen niet zo
hard". Wat dan wel hard gaat zal wel een raadsel blijven, want het
ronderecord werd onder het bestaande gedrukt tot 1.49.8 en derde man
Willem Zoet, die toch ook niet gering reed, werd op een hele dikke halve
minuut gereden.
Door
ROB
VAN GINNEKEN
(bron weekblad Motor)
|
| "
Jack over
Jack" Internationale
races Hengelo |
|
Bij de training liep het al een beetje
uit de hand. Mijn RG 4 liep vast en moest ik met mijn "ouwe
trouwe" nog even een trainingstijd zetten. Op de
wedstrijdmiddag waren, na een aantal spannende races, de 500 cc
coureurs aan de beurt. Boet nam van meet af aan de kop en leek
knap weg te lopen. In de vijfde ronde, zag ik kans om hem voorbij te
steken. We bleven stuivertje wisselen tot in de laatste ronde.
Toen nam ik de kop, door Boet eruit te remmen. Hij had mijn
spelletje echter door en in de laatste bocht kreeg ik een koekje
van eigen deeg. Zeer knap remde hij mij eruit en won met een
banddikte voorsprong. Een ontzettend spectaculaire race; ik heb
n.l. nog nooit baancommissarissen achter een boom zien
wegkruipen!
|
22-04-1979 kampioensraces Zandvoort
 |
|
Zandvoort na
de huldiging van de 750cc Jack's ererondje, achterop de fiets
bij Willem Zoet. |
|
|
Zandvoort 750cc Jack voor Willem Zoet |
De tweede kampioensraces ook op
Zandvoort brachten net als de eerste races, drie weken eerder, ook een
overwinning voor "de Briet" in de 350cc en 750cc klasse, maar
niet in de 500cc.
Jack had wat problemen met zijn motor na de opwarmingsronde. In de training had
hij last van kromme remschijven en na de training waren deze vervangen door
schijven uit zijn andere motor. Tijdens de opwarmronde bleken deze vast te
lopen. Hij vroeg
om uitstel van de start, maar men ging toch van start, terwijl men reglementair
twee minuten diende te wachten. Jack ging na eerst te
willen stoppen toch van start, maar toen was iedereen al een minuutje weg.
Hij reed een race als nooit tevoren, dit mede ingegeven door kwaadheid. Hij
ploegde zich door het veld als een raket, maar kwam toch niet verder dan de
vijfde
plek. Ook al was dit subliem. Mocht de race nog een paar ronden geduurd hebben
had hij hem zeker gewonnen, want zijn achterstand op winnaar Willem Zoet was nog
maar 35 seconden. De toeschouwers op de tribune voor start/finish, die hem voor
de start uitfloten stonden nu juichend op de banken voor Jack. Het ene moment word
je als sporter verguisd en het andere moment ben je een held. Jack was wel erg pissig na de race, want hij had
voor deze races een lucratieve aanbieding voor races op het Engelse Brands Hatch
circuit laten lopen. Hij had wel het ronderecord op Zandvoort verpletterd in
zijn woeste race. Jack had zich ten doel gesteld om z.s.m. te proberen zijn
drie titels nogmaals te prolongeren, i.v.m. het feit dat hij aan het einde van het
seizoen een paar F750 GP's mee wilde rijden. Vier overwinningen per klasse
zouden hiervoor voldoende zijn. Hoe anders zou het allemaal helaas verlopen....
Tijdens de 750cc klasse kwam de 28-jarige N.M.B. coureur, Cees
Hogewoning met hoge snelheid ten val en hij zou later aan hersenletsel
komen te overlijden...
|
|
29-04-1979
Grand Prix Oostenrijk, Salzburgring

|
Deelnemers
500cc Salzburgring 1979 |
| 1. |
Kenny
Roberts (USA) |
14. |
Mick Grant (GB) |
25. |
Jürgen
Steiner (D) |
36. |
Giovanni
Rolando (I) |
| 3. |
Wil Hartog |
15. |
Graziano
Rossi (I) |
26. |
Börge
Nielsen (DK) |
37. |
Markku
Matikainen (SF) |
| 4. |
Johnny
Cecotto (Ven) |
16. |
John Newbold (GB) |
27. |
Hiroyuki
Kawasaki (J) |
38. |
Gustav
Reiner (D) |
| 5. |
Takazumi
Katayama (J) |
17. |
Jon Ekerold (Zaf) |
28. |
Michael
Schmid (A) |
39. |
Seppo Ojala (SF) |
| 6. |
Steve Parrish (GB) |
18. |
Patrick Fernandez (F) |
29. |
Richard
Schulze (A) |
40. |
Werner
Nenning (A) |
| 7. |
Barry
Sheene (GB) |
19. |
Alan North (Zaf) |
30. |
Bernard
Fau (F) |
41. |
Didier
de Radiguès (B) |
| 8. |
Tom Herron (Ier) |
20. |
Philippe
Coulon (CH) |
31. |
Bo
Granath (S) |
42. |
Carlo Perugini (I) |
| 9. |
Marco Lucchinelli (I) |
21. |
Max Wiener (A) |
32. |
Peter
Sjöström (S) |
43. |
Mike Baldwin (USA) |
| 10. |
Michel
Rougerie (F) |
22. |
Olivier Chevallier (F) |
33. |
Alex
George (GB) |
44. |
Elmar Renner (D) |
| 11. |
Virginio
Ferrari (I) |
23. |
Franco
Uncini (I) |
34. |
Jack
Middelburg |
45. |
Gerhard
Vogt (D) |
| 12. |
Boet
van Dulmen |
24. |
Christian Sarron (F) |
35. |
Seppo Rossi (SF) |
|
Dennis
Ireland (Nzl) |
| |
|
|
|
|
Jochen
Schmid (D) |
|
Gregg Barsdorf (A) |
|
Kwalificatie
500cc race. |
| 1. |
Johnny Cecotto |
1.23.29 |
| 2. |
Tom Herron |
1.24.22 |
| 3. |
Boet van Dulmen |
1.24.61 |
| 4. |
Kenny Roberts |
1.24.77 |
| 5. |
Hiroyuki Kawasaki |
1.25.12 |
| 6. |
Barry Sheene |
1.25.19 |
| 7. |
Alex George |
1.25.40 |
| 8. |
Wil Hartog |
1.25.59 |
| 9. |
Philippe Coulon |
1.25.60 |
| 10. |
Jack
Middelburg |
1.26.32 |
| 11. |
Gianni Rolando |
1.26.41 |
| 12. |
Steve Parrish |
1.26.86 |
| 13. |
Mick Grant |
1.26.96 |
| 14. |
Max Wiener |
1.27.06 |
| 15. |
Carlo Perugini |
1.27.82 |
| 16. |
Virginio Ferrari |
1.28.18 |
| 17. |
Gustav Reiner |
1.28.24 |
| 18. |
Alan North |
1.28.58 |
| 19. |
Franco Uncini |
1.29.56 |
| 20. |
Michael
Schmid |
1.29.63 |
| 21. |
Marco Lucchinelli |
1.29.79 |
| 22. |
Richard Schulze |
1.29.85 |
| 23. |
Markku Matikainen |
1.30.78 |
| 24. |
Seppo Rossi |
1.30.96 |
| 25. |
Elmar Renner |
1.31.12 |
| 26. |
Börge Nielsen |
1.31.28 |
| 27. |
Olivier
Chevallier |
1.31.67 |
| 28. |
Jürgen Steiner |
1.31.82 |
| 29. |
Gregg Barsdorf |
1.31.84 |
| 30. |
Gerhard Vogt |
1.32.22 |
| 31. |
Dennis Ireland |
1.32.53 |
| 32. |
Bernard Fau |
? |
| 33. |
Mike Baldwin |
? |
| 34. |
Peter Sjöström |
? |
| 35. |
Bo Granath |
? |
| 36. |
Jon Ekerold |
? |
 |
|
GP
Oostenrijk: start 500cc met o.a. Barry Sheene (#7), Hiroyuki Kawasaki
(#27), Jack (#34), Kenny Roberts (#1), Philippe Coulon (#20),
Boet van Dulmen (#12), Wil Hartog (#3), Tom Herron (#8), Alex
George (#33), Johnny Cecotto (#4), Steve Parrish (#6). |
In Oostenrijk bij de GP van Salzburg
zette Jack een hele nette tiende trainingstijd neer. Het was de tweede Grand
Prix, maar voor Jack zijn eerste aangezien hij niet aan de grote prijs van
Venezuela had deelgenomen. De eerste trainingen op vrijdag waren erg hard
gegaan, aangezien men sneeuw voorspelde op zaterdag. Dit kwam ook uit,
want op zaterdag waren de enigen die hun rondjes reden, de
sneeuwschuivers. Alleen in de middag kon er hier en daar nog wat
getraind worden, maar dat bracht geen verschuivingen meer in de
startopstelling teweeg. Kenny Roberts die tijdens trainingen in Japan,
in het voorseizoen, een ernstige crash had gemaakt waarbij hij o.a. een
gescheurde milt en een verschoven ruggenwervel had opgelopen, wist op
zijn Yamaha de Suzuki-fabriekscoureurs Virginio Ferrari en Wil Hartog
achter zich te houden en won de race. Tom Herron
(†) en Hiroyuki Kawasaki (beiden
ook op een Suzuki-fabrieksmotor) completeerden de eerste vijf finishers. En
Jack? Jack kwam heel slecht weg bij de start en verloor tien plaatsen. De
eerste ronde kwam hij pas als 20e door. Hij wist zich al snel naar voren te
vechten, maar meer dan een 15e plaats zat er niet in. De tussenstand in
het WK was na twee races: eerste Virginio Ferrari, tweede Tom Herron uit Ierland en
gedeeld derde Kenny Roberts en Barry Sheene (†) (Jack kon het
van de buitenlandse toppers het beste vinden met Barry Sheene, Sheene
die op 10-03-2003 in Australië, waar hij de laatste jaren woonde,
overleed na een slopende ziekte, Barry werd 52 jaar).
 |
|
GP
Oostenrijk: Kenny Roberts voor Virginio Ferrari en Wil Hartog op
de achtergrond |
De Grote Prijs van Oostenrijk, de tweede Grand Prix van het seizoen 1979, was met recht een kneusjesrace. De grote
overwinnaar was tevens de grootste kneus, want zo mag je het toch wel noemen wanneer
iemand een gebroken ruggenwervel, een "opgestuikte"
ruggengraat en een gescheurde milt heeft opgelopen. Voor Kenny Roberts, want die bedoelen we
natuurlijk, schijnt dat echter allemaal niets uit te maken. Twee maanden na
zijn ernstige trainingscrash in Japan veegde hij met alles en iedereen de vloer aan; vooral
met de kerngezonde Virginio Ferrari die dit jaar al diverse malen was getipt als de nieuwe 500 cc
wereldkampioen. De tweede kneus was van Nederlandse komaf: Wil Hartog, die als een slechte aprilgrap op
1
april in Zandvoort een arm brak. Wil had al herhaalde malen laten weten dat die arm weer helemaal
oké was, maar dat zijn zelf vertrouwen nog een beetje moest worden
bijgespijkerd. Dat is dan nu gebeurd, want Wil presteerde wat vrijwel niemand voor
mogelijk had gehouden: hij pakte achter Roberts en Ferrari
een prachtige derde plaats in Oostenrijk. Even leek het er op, dat het hele gebeuren
niet door zou gaan. Toen vrijdagmorgen de officiële trainingen begonnen, plensde het van de regen.
Niettemin werd er flink gas gegeven om een bruikbare trainingstijd te
realiseren, want "misschien is het morgen nog wel slechter", zo merkten de heren
coureurs somber op. En ze kregen gelijk, de hele Salzburgring was bedekt met een witte laag die het
uitstekend zou doen op een kerstkaart, maar die de trainingen volledig
in de soep gooide. Pas 's-middags kon er worden gereden, al was het
natuurlijk onmogelijk om in deze bizarre omstandigheden hard te gaan.
Eén rijder vond dat uitstekend. Boet van Dulmen namelijk, want terwijl de 500cc
fabrieksrijders op de natte baan hun grotere vermogen niet hadden kunnen benutten, wist
Boet vrijdag
dankzij knap stuurwerk de derde startplaats te veroveren achter Johnny Cecotto en
Tom Herron, maar voor Roberts, de Japanse Suzuki-coureur Hiroyuki Kawasaki en Barry Sheene. Ook de
overige Nederlanders hadden niet slecht geboerd, want zowel Wil Hartog als Jack Middelburg hadden met
hun achtste, respectievelijk tiende trainingstijd een plaats op de tweede
startrij veroverd.
Voor de Nederlanders zag het er dus niet slecht uit, toen ze zondagmiddag in stralend
zomerweer aan de start verschenen. Maar helaas: Boet van Dulmen, werd al
voor de start uitgeschakeld. Een opspringend steentje dat in een van de carburateurs werd
gezogen, ruïneerde in de opwarmronde een inlaatschijf en een zuiger en maakte
snel na de start een einde aan alle illusies. Even later zou nog iemand zijn illusies kwijtraken, en wel Barry Sheene die
weliswaar geheel tegen zijn gewoonte in de beste start had gehad, maar die in de
eerste ronde tot de ontdekking kwam dat zijn remmen zo goed als niets deden. Hij moest dan ook reeds in die openingsronde
Ferrari, Roberts, Hartog en de
Italiaan Giovanni Rolando voorbij laten. Jack Middelburg had een zeer matige start gehad en begon pas als 20e aan de tweede
ronde. In de eerste vier plaatsen zou tot de zesde ronde geen wijziging
optreden, al groeiden de onderlinge afstanden wel. Ferrari en Roberts bleven
wiel aan wiel rondcirkelen; Hartog bezette met enige afstand de derde plaats
terwijl de verbazend sterk rijdende Rolando zijn vierde positie wist vast te
houden, zij het met grote achterstand op Hartog. Sheene wist dat hij kansloos was maar
bleef toch door gaan, al had hij inmiddels reeds moeten plaatsmaken voor
Suzuki-fabrieksrijder Tom Herron en zijn stalgenoot Hiroyuki Kawasaki die het hevig met
elkaar aan de stok hadden. En Middelburg? Jack had mannetje na mannetje gepakt en was
in de vijfde ronde opgerukt naar de 14e plaats. Zes plaatsen winst in vijf ronden; dat zag er niet gek
uit... In de zesde ronde draaide Kenny Roberts de rollen om en verwees hij Ferrari naar de tweede plaats.
Wil Hartog was en bleef derde, maar achter hem had Rolando het onderspit moeten delven
tegen Herron, terwijl ook Kawasaki aanstalten maakte om de Italiaan te passeren.
De grote klap viel in de 12e ronde. Johnny Cecotto passeerde Rolando bij het ingaan van de chicane, maar Johnny had zich lelijk
verkeken. Hij raakte van de weg, schoot een eind door het gras en zeilde vervolgens in de tweede bocht van de chicane
schuin over het
asfalt. Rolando zag kans, Cecotto te ontwijken maar wipte nog juist met zijn voorwiel over het achterwiel van de
fabrieks-Yamaha waarna ook hij op spectaculaire wijze afstapte. Terwijl de
bochtencommissarissen met gevaar voor eigen leven de kluiten modder uit de chicane probeerden te
verwijderen, werden de beide gevallen coureurs per ambulance afgevoerd. Rolando kon te voet het
noodhospitaal bij start en finish verlaten, en Cecotto smeerde 'm later op de dag op eigen houtje uit het
ziekenhuls waar hij met een knieblessure was afgeleverd. Wil Hartog, die vier weken tevoren nog op de operatietafel lag, sleepte een uitstekende
derde plaats in de wacht, achter Roberts en Ferrari, en Tom Herron, die het ook
in Venezuela al prima had gedaan, had Kawasaki van zich af weten te schudden en finishte als
vierde, wat hem niet alleen acht WK-punten opleverde, maar ook de eerste plaats in de tussenstand om het
wereldkampioenschap. Franco Uncini werd zesde voor Steve Parrish, Max Wiener*,
Marco Lucchinelli. Mick Grant maakte de eerste tien vol.
* De
Oostenrijker Max Wiener kwam op 07-01-1996 om het leven, toen hij
tegen een tractor aanreed, die hem geen voorrang had gegeven. Zijn beste
prestatie was een tweede plaats in de Oostenrijkse Grand Prix op de
Salzburgring in 1977, maar of hij daar zo trots op kon/mocht zijn... In Oostenrijk werd er door vele
toppers gestaakt en kwamen er uiteindelijk maar 14 rijders in de 500cc
klasse aan de start. Dit allemaal vanwege het feit, dat er na een
valpartij tijdens de 350cc klasse, een zeer gebrekkige en minimale
medische dienst aanwezig bleek te zijn. Tevens waren er geen bochtencommissarissen
op het stuk aanwezig waar het ongeluk plaats vond.
Franco Uncini kwam ten val en Johnny Cecotto, Dieter Braun en Patrick
Fernandez vielen over hem heen. Een hele poos later kwam Hans Stadelmann,
die de plek waar het ongeval gebeurd was niet kon overzien, en dit
kostte hem het leven. Wil Hartog was ooggetuige van het ongeluk en sprak
er schande over. De race werd niet eens afgevlagd en het duurde erg lang
voor hulp ter plaatse was, daarna moesten de gewonden honderden meters,
tegen een berg op, vervoerd worden, sommigen zonder brancard, naar
een ambulance. Het duurde daarna nog erg lang voor men in het ziekenhuis
was, waar men Dieter Braun, met gebroken nekwervels, een hele poos op de
gang liet liggen, omdat er geen geschikte arts aanwezig was! Patrick
Fernandez had een ernstig bloedende open rugwond en daar was geen bloed voor
beschikbaar! Johnny Cecotto verbrijzelde zijn arm en zou tot het eind
van het seizoen uit 'de running' zijn. Wil Hartog besloot dus uiteraard ook na dit nieuws niet
meer te rijden. De gedevalueerde 500cc race werd uiteindelijk gewonnen
door Jack Findlay voor Max Wiener en Alex George. Boet van Dulmen was
ook een van de 14 starters, maar moest na 1 ronde met een vastloper aan
de kant.
Uiteindelijk reden slechts 6 coureurs de race uit en die werden niet
vrolijk begroet door hun collega's.
Dit was dus niet echt
een prestatie van Wiener. Zijn één na beste resultaat was een vijfde
plaats in Tsjechoslowakije, op Brno, in 1976. Verder kwam hij niet hoger
dan een paar achtste, negende en tiende plaatsen. Een voor zijn tijd
redelijke sub-topper dus.
|
De
uitslag van de 500cc in Oostenrijk. |
|
Pos |
Rijder |
Machine |
Ronden |
Tijd/verschil |
Grid |
|
1 |
Kenny Roberts |
Yamaha |
35 |
48:42.23 |
4e |
|
2 |
Virginio Ferrari |
Suzuki |
35 |
0.45 |
16e |
|
3 |
Wil Hartog |
Suzuki |
35 |
0.81 |
8e |
|
4 |
Tom Herron |
Suzuki |
35 |
3.44 |
2e |
|
5 |
Hiroyuki Kawasaki |
Suzuki |
35 |
4.96 |
5e |
|
6 |
Franco Uncini |
Suzuki |
35 |
1:01.41 |
19e |
|
7 |
Steve Parrish |
Suzuki |
35 |
1:07.31 |
12e |
|
8 |
Max Wiener |
Suzuki |
34 |
1 Ronde |
14e |
|
9 |
Marco Lucchinelli |
Suzuki |
34 |
1 Ronde |
21e |
|
10 |
Mick Grant |
Suzuki |
34 |
1 Ronde |
13e |
|
11 |
Bernard Fau |
Suzuki |
34 |
1 Ronde |
32e |
|
12 |
Barry Sheene |
Suzuki |
34 |
1 Ronde |
6e |
|
13 |
Alex George |
Suzuki |
34 |
1 Ronde |
7e |
|
14 |
Mike Baldwin |
Suzuki |
34 |
1 Ronde |
33e |
|
15 |
Jack Middelburg |
Suzuki |
34 |
1 Ronde |
10e |
|
16 |
Alan North |
Yamaha |
34 |
1 Ronde |
18e |
|
17 |
Peter Sjöström |
Suzuki |
34 |
1 Ronde |
34e |
|
18 |
Dennis Ireland |
Suzuki |
34 |
1 Ronde |
31e |
|
19 |
Jürgen Steiner |
Suzuki |
34 |
1 Ronde |
28e |
|
20 |
Gustav Reiner |
Suzuki |
34 |
1 Ronde |
17e |
|
21 |
Richard Schulze |
Suzuki |
34 |
1 Ronde |
22e |
|
22 |
Seppo Rossi |
Suzuki |
34 |
1 Ronde |
24e |
|
23 |
Jochen Schmidt |
Suzuki |
34 |
1 Ronde |
20e |
|
- |
Markku Matikainen |
Suzuki |
0 |
Uitgevallen |
23e |
|
- |
Philippe Coulon |
Suzuki |
0 |
Uitgevallen |
9e |
|
- |
Gianni Rolando |
Suzuki |
0 |
Valpartij |
11e |
|
- |
Carlo Perugini |
Suzuki |
0 |
Uitgevallen |
15e |
|
- |
Bo Granath |
Yamaha |
0 |
Uitgevallen |
35e |
|
- |
Jon Ekerold |
Yamaha |
0 |
Uitgevallen |
36e |
|
- |
Gregg Barsdorf |
Suzuki |
0 |
Uitgevallen |
29e |
|
- |
Boet van Dulmen |
Suzuki |
0 |
Uitgevallen |
3e |
|
- |
Børge Nielsen |
Suzuki |
0 |
Uitgevallen |
26e |
|
- |
Johnny Cecotto |
Yamaha |
0 |
Valpartij |
1e |
|
- |
Gerhard Vogt |
Suzuki |
0 |
Uitgevallen |
30e |
|
- |
Elmar Renner |
Suzuki |
0 |
Uitgevallen |
25e |
|
- |
Olivier Chevallier |
Yamaha |
0 |
Uitgevallen |
27e |
| "
Jack over
Jack" GP
Oostenrijk, Salzburgring |
|
Een verschrikkelijk mooi land, zowel
in de zomer als in de winter. Aardige mensen, die Oostenrijkers.
Hun bier is best, maar wat de regen betreft doen ze voor
Nederland niet onder. Mijn eerste GP hier werd letterlijk een waterballet. Tijdens
de trainingen is het zegge en schrijven één keer zomaar
een uur droog geweest en
toen heb ik als de weerlicht gauw even een snelle tijd
neergezet, hetgeen mij een tiende startplaats opleverde.
Zaterdagochtend werden de trainingen afgelast, omdat er nog
sneeuw op de baan lag, maar zondag tijdens de races was
het gelukkig droog. Over de wedstrijd zelf kan ik kort zijn.
Alhoewel, wat me nog nooit gebeurd was, overkwam me hier. Ik
ging als allereerste van start. Lang lag ik evenwel niet op kop,
want diverse coureurs wisten het beter. Het ging niet zo lekker
tijdens de race; zat steeds maar wat aan te klungelen en kon
mijn draai maar niet vinden. Ik reed de course echter uit en
werd uiteindelijk toch nog 14e. Punten waren er dus niet voor me
weggelegd, doch Jack en zijn fiets waren heelhuids over de
finishlijn gekomen. Dat is in het verleden wel eens anders
geweest. Als u begrijpt wat ik bedoel!
|
|
|
06-05-1979
Grand Prix Duitsland, Hockenheim

|
Deelnemers
500cc Hockenheim 1979 |
| 1. |
Kenny
Roberts (USA) |
16. |
Franco
Uncini (I) |
27. |
Bernard
Fau (F) |
40. |
Gerhard
Vogt (D) |
54. |
Börge
Nielsen (DK) |
| 3. |
Wil Hartog |
17. |
Henk
de Vries |
28. |
Herbert
Schieferecke (D) |
41. |
King
Kwong Wong (D) |
55. |
Sandro
Moro (I) |
| 4. |
Johnny
Cecotto (Ven) |
18. |
Christian Sarron (F) |
29. |
Peter
Schöfer (D) |
42. |
Lars
Johannsen (S) |
56. |
Egid Schwemmer (D) |
| 5. |
Takazumi
Katayama (J) |
19. |
Philippe
Coulon (CH) |
30. |
Gustav
Reiner (D) |
44. |
Horst Lahfeld (D) |
57. |
Patrick
Carluea's (I) |
| 7. |
Barry
Sheene (GB) |
20. |
Tom Herron (Ier) |
31. |
Max
Nöthiger (D) |
45. |
Gianni
Rolando (I) |
58. |
Jürgen
Steiner (D) |
| 9. |
Marco Lucchinelli (I) |
21. |
Carlos San Antonio
(ES) |
33. |
Alex
George (GB) |
47. |
Alain
Terras (F) |
59. |
Peter
Sjöström (S) |
| 10. |
Michel
Rougerie (F) |
22. |
Steve Parrish (GB) |
34. |
Hans-Otto
Butenuth (D) |
48. |
Michael
Schmid (A) |
|
Dennis
Ireland (Nzl) |
| 11. |
Virginio
Ferrari (I) |
23. |
Graziano
Rossi (I) |
35. |
Hiroyuki
Kawasaki (J) |
49. |
Max Wiener (A) |
|
Giovanni
Pelletier (I) |
| 13. |
Boet
van Dulmen |
24. |
Elmar Renner (D) |
36. |
Carlos
Morante (ES) |
50. |
Dick Alblas |
|
Carlo Prati (I) |
| 14. |
Stefano
Bonetti (I) |
25. |
Mick Grant (GB) |
37. |
Bo
Granath (S) |
52. |
Jack
Middelburg |
|
|
| 15. |
Mike Baldwin (USA) |
26. |
Bent Slydal (N) |
38. |
Seppo Ojala (SF) |
53. |
Carlo Perugini (I) |
|
|

|
4/5
mei 1979, Grand Prix Duitsland, circuit Hockenheim |
|
Trainingstijden
500cc klasse Hockenheim, de tijden zijn de snelste in de
betreffende trainingssessie. |
|
Positie |
Rijder |
1e
trainingssessie |
2e
trainingssessie |
3e
trainingssessie |
|
1. |
Barry Sheene |
2.34.9 |
2.34.1 |
2.16.1 |
|
2. |
Franco Uncini |
2.40.6 |
2.38.3 |
2.16.3 |
|
3. |
Virginio Ferrari |
2.57.8 |
2.37.8 |
2.16.6 |
|
4. |
Wil Hartog |
2.47.0 |
2.38.9 |
2.16.7 |
|
5. |
Kenny Roberts
|
2.54.2 |
2.33.0 |
2.17.0 |
|
6. |
Alex George |
2.35.4 |
2.32.7 |
2.17.2 |
|
7. |
Boet van Dulmen |
2.29.8 |
2.32.0 |
2.17.4 |
|
8. |
Christian Sarron |
2.52.4 |
-- |
2.17.9 |
|
9. |
Jack
Middelburg |
2.39.3 |
2.43.3 |
2.18.0 |
|
10. |
Tom Herron |
2.49.5 |
2.39.4 |
2.18.0 |
|
11. |
Philippe Coulon |
3.35.4 |
2.47.2 |
2.18.2 |
|
12. |
Hiroyuki Kawasaki |
2.45.2 |
2.37.0 |
2.18.2 |
|
13. |
Graziano Rossi |
3.24.5 |
2.40.7 |
2.18.3 |
|
14. |
Gianni Rolando |
2.50.8 |
2.56.7 |
2.18.7 |
|
15. |
Giovanni Pelletier |
2.52.2 |
2.41.7 |
2.19.2 |
|
16. |
Carlo Perugini |
-- |
2.34.6 |
2.19.5 |
|
17. |
Max Wiener |
2.43.7 |
2.35.9 |
2.19.5 |
|
18. |
Bernard Fau |
2.43.6 |
2.32.7 |
2.19.7 |
|
19. |
Marco Lucchinelli |
2.49.7 |
-- |
2.20.5 |
|
20. |
Mick Grant |
2.42.5 |
2.43.2 |
2.21.7 |
|
21. |
Steve Parrish |
2.38.9 |
2.41.4 |
2.21.5 |
|
22. |
Mike Baldwin |
2.41.0 |
2.39.2 |
2.21.8 |
|
23. |
Dennis Ireland |
2.48.3 |
2.39.7 |
2.23.3 |
| 24. |
Gustav Reiner |
2.52.1 |
2.42.3 |
2.26.5 |
| 25. |
Gerhard Vogt |
2.49.9 |
2.43.6 |
2.24.0 |
| 26. |
Elmar Renner |
2.48.2 |
2.42.2 |
2.24.2 |
| 27. |
Börge Nielsen |
3.21.5 |
2.41.1 |
2.25.2 |
| 28. |
Henk de Vries |
2.50.0 |
2.39.4 |
2.25.6 |
| 29. |
Peter Sjöström |
3.21.1 |
2.49.1 |
2.26.3 |
| 30. |
Hans-Otto Butenuth |
?? |
?? |
2.27.3 |
| 31. |
Michael Schmid |
2.49.9 |
2.45.2 |
2.27.4 |
| 32. |
Max Nöthiger |
2.51.5 |
2.32.2 |
2.28.5 |
| 33. |
Sandro Moro |
3.05.4 |
2.29.5 |
2.51.9 |
| 34. |
Michel Rougerie |
3.27.9 |
-- |
2.29.8 |
| 35. |
Herbert Schieferecke |
2.48.9 |
2.54.5 |
2.30.0 |
| 36. |
Jűrgen Steiner |
2.54.3 |
2.38.9 |
4.40.7 |
| 37. |
Peter Schöfer |
-- |
2.46.5 |
2.32.2 |
| 38. |
Bo Granath |
3.05.7 |
2.54.0 |
2.54.8 |
| 39. |
Wong-Kwong King |
3.12.5 |
3.07.0 |
2.42.0 |
|
40. |
Stefano Bonetti |
3.09.5 |
3.16.7 |
2.39.3 |
|
41. |
Seppo Ojala |
?? |
?? |
2.40.0 |
|
42. |
Carlo Prati |
-- |
3.31.8 |
2.44.3 |
|
43. |
Egrid Schwemmer |
?? |
?? |
2.54.9 |
Beelden
race op Youtube
Bij de
derde Grand Prix in
Hockenheim
Duitsland werd Jack heel knap zevende en liet daarbij diverse
fabriekscoureurs en semi-fabriekscoureurs achter zich. Het leverde hem
zijn eerste, vier, wereldkampioenschappunten in de 500cc ooit op. Het zou de
voorbode zijn van een fantastisch Grand Prix seizoen, waarin men meer
over "Flying Jack" dan "Jumping Jack" zou spreken,
waarschijnlijk op 1981 na het beste uit zijn carrière. Ook al zouden
twee beenbreuken
aan het einde van het seizoen nog heel wat roet in het eten gooien.
Overigens wist Wil Hartog met zijn gloednieuwe fabrieks-Suzuki de race
in Hockenheim op fantastische wijze te winnen voor wereldkampioen Kenny
Roberts (USA) en Virginio Ferrari (It). Het was de tweede Grand Prix
overwinning van Hartog en er zouden er in zijn loopbaan nog drie volgen en
diverse andere podiumplaatsen.
Hier
een link naar volledig verslag van Hockenheim
|

|
 |
 |
|
© foto's
Arthur Thill GP Duitsland |
Had
Wil Hartog op de Salzburgring al laten zien dat hij goed was voor een
derde plaats, afgelopen weekend demonstreerde hij net zo'n staaltje als
in Venezuela, maar nu foutloos. Direct na de start pakte hij de leiding
en in een gave vlekkeloze stijl liep hij binnen enkele ronden negen
seconden weg van zijn belagers. Ook Jack Middelburg reed bij de eerste
tien tussen dit sterke veld, waarin Henk de Vries zich voor zijn eerste
Grand Prix keurig had weten te kwalificeren. Een grote teleurstelling voor Barry
Sheene halverwege de race, die door een defecte krukas
zijn teamgenoot Tom Herron gezelschap mocht houden, nadat die met
hetzelfde euvel was stilgevallen en Kawasaki later letterlijk ten val
kwam. Bij het lappen van de achterblijvers ondervond Hartog meer hinder
dan Roberts, waardoor de wereldkampioen opeens een stuk naderbij kwam,
Ferrari van zich afschudde, maar toch niet te gevaarlijk dicht bij de
Nederlander kwam, omdat Wil er in de laatste twee ronden, na een
pitsignaal, nog een schepje bovenop gooide en niet meer te achterhalen
was. Hartog straalde, Van Dulmen treurde letterlijk (uitgevallen) en Middelburg was tevreden,
want hij nam bezit van een zeer mooie zevende plaats achter Fau, Coulon
en Uncini, maar voor de nog niet geheel fitte Sarron op een
fabrieks-Yamaha,
Parrish en Baldwin, terwijl Henk de Vries zijn GP-debuut keurig afsloot
met een dertiende plaats. In de kampioensstand is Hartog, wiens
zelfvertrouwen nu weer optimaal moet zijn, drie punten dichter naar
Roberts gekropen en bedraagt de achterstand op Ferrari nog maar negen
punten. De Italiaan moet echter in Imola, volgende week, een
thuiswedstrijd rijden en de gemoederen kunnen heet zijn in die
contreien! Hartog verkeert in topvorm, Sheene is gebrand op de zege (hij
mag niet verder achterop raken) en Roberts was volgens zijn zeggen nog
niet helemaal de oude, hoewel hij toegaf dat Hartog (die zeer sympathiek
zijn krans aan Boet's pas geboren dochtertje schonk) anders ook niet te
houden was geweest.

|
De
uitslag van de 500cc in Duitsland |


|
|
Pos |
Rijder |
Machine |
Ronden |
Tijd/verschil |
Grid |
Trainingstijd |
|
1 |
Wil Hartog |
Suzuki |
19 |
42:33.9 |
4e |
2.16.70 |
|
2 |
Kenny Roberts |
Yamaha |
19 |
3.6 |
5e |
2.17.00 |
|
3 |
Virginio Ferrari |
Suzuki |
19 |
12.5 |
3e |
2.16.60 |
|
4 |
Bernard Fau |
Suzuki |
19 |
25.9 |
18e |
2.19.70 |
|
5 |
Philippe Coulon |
Suzuki |
19 |
27.9 |
11e |
2.18.20 |
|
6 |
Franco Uncini |
Suzuki |
19 |
47.4 |
2e |
2.16.30 |
|
7 |
Jack Middelburg |
Suzuki |
19 |
48.8 |
9e |
2.18.00 |
|
8 |
Christian Sarron |
Yamaha |
19 |
1:05.1 |
8e |
2.17.90 |
|
9 |
Steve Parrish |
Suzuki |
19 |
1:06.2 |
21e |
2.21.50 |
|
10 |
Mike Baldwin |
Suzuki |
19 |
1:27.2 |
22e |
2.21.80 |
|
11 |
Dennis Ireland |
Suzuki |
18 |
1 Ronde |
23e |
2.23.30 |
|
12 |
Elmar Renner |
Suzuki |
18 |
1 Ronde |
26e |
2.24.20 |
|
13 |
Henk de Vries |
Suzuki |
18 |
1 Ronde |
29e |
2.25.60 |
|
14 |
Gerhard Vogt |
Suzuki |
18 |
1 Ronde |
25e |
2.24.00 |
|
15 |
Hans-Otto Butenuth |
Suzuki |
18 |
1 Ronde |
30e |
2.27.33 |
|
16 |
Max Nöthiger |
Suzuki |
18 |
1 Ronde |
32e |
2.28.50 |
|
17 |
Herbert Schieferecke |
Suzuki |
18 |
1 Ronde |
35e |
2.30.00 |
|
18 |
Bo Granath |
Yamaha |
17 |
2 Ronden |
38e |
2.33.60 |
|
19 |
King Wong Kwong |
Suzuki |
17 |
2 Ronden |
39e |
2.38.20 |
|
20 |
Michael Schmid |
Suzuki |
17 |
2 Ronden |
31e |
2.27.40 |
|
21 |
Stefano Bonetti |
Suzuki |
15 |
Engine |
40e |
2.39.30 |
|
- |
Max Wiener |
Suzuki |
14 |
Engine |
17e |
2.19.50 |
|
- |
Barry Sheene |
Suzuki |
13 |
Engine |
1e |
2.16.10 |
|
- |
Boet van Dulmen |
Suzuki |
12 |
Engine |
7e |
2.17.40 |
|
- |
Graziano Rossi |
Morbidelli |
10 |
Remmen |
13e |
2.18.30 |
|
- |
Giovanni Pelletier |
Suzuki |
8 |
Waterpomp |
15e |
2.19.20 |
|
- |
Tom Herron |
Suzuki |
6 |
Engine |
10e |
2.18.00 |
|
- |
Marco Lucchinelli |
Suzuki |
4 |
Wiel |
19e |
2.20.50 |
|
- |
Max Steiner |
Suzuki |
4 |
Engine |
36e |
2.30.50 |
|
- |
Børge Nielsen |
Suzuki |
2 |
Engine |
27e |
2.25.30 |
|
- |
Carlo Perugini |
Suzuki |
-- |
Uitgevallen |
16e |
2.19.50 |
|
- |
Gianni Rolando |
Suzuki |
-- |
Uitgevallen |
14e |
2.18.70 |
|
- |
Carlo Prati |
Suzuki |
-- |
Uitgevallen |
42e |
2.44.30 |
|
- |
Seppo Ojala |
Suzuki |
-- |
Uitgevallen |
41e |
2.40.00 |
|
- |
Alex George |
Suzuki |
-- |
Uitgevallen |
6e |
2.17.20 |
|
- |
Peter Sjöström |
Suzuki |
-- |
Niet gestart |
28e |
2.25.60 |
|
- |
Gustav Reiner |
Suzuki |
-- |
Uitgevallen |
24e |
2.23.40 |
|
- |
Sandro Moro |
Suzuki |
-- |
Uitgevallen |
33e |
2.29.30 |
|
- |
Michel Rougerie |
Suzuki |
-- |
Uitgevallen |
34e |
2.29.80 |
|
- |
Hiroyuki Kawasaki |
Suzuki |
-- |
Valpartij |
12e |
2.18.20 |
|
- |
Mick Grant |
Suzuki |
-- |
Uitgevallen |
20e |
2.20.50 |
|
- |
Hans Schöfer |
Yamaha |
-- |
Uitgevallen |
37e |
2.32.20 |
|
- |
Egid Schwemmer |
Yamaha |
-- |
Niet gekwalificeerd |
43e |
2.54.90 |
| "
Jack over
Jack" GP
Duitsland, Hockenheim |
|
In Hockenheim begint de victorie. Jack Middelburg, de
kassenbouwer uit Naaldwijk, behaalt 4 punten in het
wereldkampioenschap. Als ik een dagboek zou bijhouden, zou ik
met gepaste trots deze woorden
schrijven boven het relaas, dat ik over deze bewuste dag zou
schrijven.
Het weer hier in Hockenheim was tijdens de trainingen even bar en boos als in Oostenrijk. Zouden de
plaatsen waar GP's verreden worden, klimatologisch contact
hebben? Vast staat echter, dat ik me tijdens de training van een
negende startplaats verzekerde. Ik mocht echt tevreden zijn.
Tijdens de wedstrijd op zondag, kwam ik na een goede start, in
de eerste ronde als zesde door. Achter mij zat een zekere Barry
Sheene en die ging net iets te rap voor deze jongen en
aangezien ik me voorgenomen had ook deze course uit te rijden,
liet ik hem lekker gaan. Halverwege de race werd ik
teruggedrongen naar de tiende plaats omdat Franco Uncini,
Hiroyuki Kawasaki, Philippe Coulon en Bernard Fau zonodig naar
voren moesten. Ik bleef constant meedraaien en op een gegeven
ogenblik sloeg het noodlot toe. Boet, die ook in de voorste
gelederen meetolde en Barry Sheene kregen pech aan hun machine en moesten aan de kant. Toen ging Kawasaki onderuit, werd hierdoor kansloos en ik, ik
schoof op naar de zevende plaats en veroverde de zo begeerde 4
punten voor het WK! Ik realiseerde echt wel, dat het seizoen nog
lang is en dat er nog van alles kan gebeuren. Maar ik realiseer
me tevens, dat het rijden met verstand ook vruchtbaar kan zijn. |
|

|

|

|
|
©
foto's Toon Kannekens GP Duitsland |
13-05-1979
Grand Prix Italië, Imola

|
|
Start 500cc GP Italië: onder naar boven: Sheene, Ferrari,
Roberts, Baldwin, Hartog. |
 |
|
GP
Italië: Wil Hartog voor Tom Herron en Kenny Roberts |
Ook de 4e race
om het
wereldkampioenschap op Imola deed Jack "lekker mee". Hij vocht
de hele race bloedstollende gevechten uit met de Zwitser
Philippe Coulon en de Fransman Bernard Fau. De eerste wist hij achter zich te houden,
maar Fau eindigde voor Jack als zesde. Maar onze vriend was erg blij met
zijn 7e plaats, vooral omdat er nogal wat gebeurd was tijdens de race.
In de eerste ronde werd hij vol van achteren aangereden en in een bocht kwam
zijn been klem te zitten tussen de motor en het wegdek. Van de
teflonslijtvlakken op zijn Damen-overall was niets meer over. Ook het
leer en zijn vel op de knie waren voor een groot deel verdwenen! Tevens
bleek achteraf nog dat het deksel van zijn remreservoir verdwenen was,
dit was waarschijnlijk eraf gereden toen hij van achteren werd
"geramd". Alle remvloeistof was ook weg en Jack begreep toen
ook waarom zijn achterrem het de laatste ronden niet meer gedaan had! Al
met al een prima Grand Prix die weer gewonnen werd door Roberts voor
Ferrari, Herron, Sheene en de Amerikaan Mike Baldwin.
|
11/12
mei 1979, Grand Prix Italië, circuit Imola |
 |
|
Trainingstijden
500cc klasse Imola, de tijden zijn de snelste in de
betreffende trainingssessie. |
|
Positie |
Rijder |
1e
trainingssessie |
2e
trainingssessie |
3e
trainingssessie |
4e
trainingssessie |
|
1. |
Barry Sheene |
2.01.1 |
1.58.3 |
1.57.7 |
1.56.1 |
|
2. |
Kenny Roberts
|
2.00.6 |
1.56.2 |
1.56.1 |
1.57.5 |
|
3. |
Virginio Ferrari |
2.00.8 |
1.56.8 |
1.57.1 |
1.56.2 |
|
4. |
Mike Baldwin |
2.01.8 |
1.57.5 |
1.57.9 |
1.56.9 |
|
5. |
Wil Hartog |
2.02.4 |
1.57.0 |
1.57.9 |
1.56.9 |
|
6. |
Bernard Fau |
2.00.5 |
2.01.7 |
1.58.6 |
1.57.0 |
|
7. |
Tom Herron |
2.02.6 |
1.59.6 |
1.59.4 |
1.57.0 |
|
8. |
Marco Lucchinelli |
2.01.8 |
1.57.5 |
1.58.6 |
1.57.2 |
|
9. |
Franco Uncini |
2.00.0 |
1.57.7 |
2.06.6 |
1.57.3 |
|
10. |
Jack
Middelburg |
2.03.0 |
2.00.2 |
1.57.9 |
1.57.6 |
|
11. |
Michel Rougerie |
2.03.2 |
1.59.6 |
2.01.7 |
1.57.9 |
|
12. |
Boet van Dulmen |
2.00.4 |
1.58.5 |
1.59.7 |
2.20.9 |
|
13. |
Carlo Perugini |
1.59.8 |
1.58.7 |
1.58.6 |
1.58.6 |
|
14. |
Christian Sarron |
2.01.8 |
2.00.3 |
1.58.6 |
1.59.6 |
|
15. |
Philippe Coulon |
2.08.7 |
2.01.6 |
1.59.1 |
1.58.7 |
|
16. |
Giovanni Pelletier |
2.03.2 |
1.58.8 |
2.00.8 |
1.59.6 |
|
17. |
Max Wiener |
2.02.4 |
2.01.2 |
2.02.9 |
1.59.5 |
|
18. |
Mick Grant |
2.02.3 |
2.01.6 |
2.00.2 |
1.59.5 |
|
19. |
Graziano Rossi |
2.00.4 |
2.01.0 |
2.00.4 |
-- |
|
20. |
Steve Parrish |
2.05.9 |
2.01.9 |
2.01.4 |
2.00.5 |
|
21. |
Hiroyuki Kawasaki |
2.09.5 |
2.05.5 |
2.06.5 |
2.00.7 |
|
22. |
Alex George |
2.05.3 |
2.02.3 |
2.01.7 |
2.01.1 |
|
23. |
Gianni Rolando |
2.02.8 |
2.01.1 |
2.12.4 |
-- |
| 24. |
Seppo Rossi |
-- |
2.11.3 |
2.03.7 |
2.01.7 |
| 25. |
Leandro Beccheroni |
2.15.4 |
2.03.9 |
2.02.5 |
2.02.9 |
| 26. |
Lorenzo Ghiselli |
2.03.3 |
2.03.9 |
2.02.6 |
-- |
| 27. |
Germano Paganini |
2.05.3 |
2.05.1 |
2.05.7 |
2.04.2 |
| 28. |
Rafaelle
Pasqual |
-- |
2.12.2 |
2.05.4 |
2.04.2 |
| 29. |
Sergio Pellandini |
2.12.7 |
2.06.0 |
2.04.3 |
2.07.5 |
| 30. |
Dennis Ireland |
2.09.0 |
2.05.9 |
2.04.4 |
2.04.9 |
| 31. |
Werner Nenning |
2.13.9 |
2.12.6 |
2.04.5 |
2.05.2 |
| 32. |
Gregorio Mariani |
2.06.6 |
2.05.7 |
2.04.6 |
2.04.9 |
| 33. |
Peter Sjöström |
-- |
2.11.6 |
2.05.0 |
2.05.1 |
| 34. |
Jűrgen Steiner |
-- |
2.08.3 |
2.05.2 |
2.05.1 |
| 35. |
Sandro Moro |
2.16.7 |
2.07.8 |
2.06.5 |
2.05.6 |
| 36. |
Corrado Tuzii |
2.10.0 |
2.06.2 |
-- |
-- |
| 37. |
Mario Pratticchizzo |
2.15.8 |
2.14.6 |
2.06.3 |
2.08.7 |
| 38. |
Carlo Prati |
-- |
2.13.2 |
2.13.7 |
2.08.3 |
| 39. |
Stefano Bonetti |
2.19.1 |
2.12.2 |
2.08.4 |
2.09.0 |
|
40. |
Giovanni Pretto |
-- |
2.10.1 |
2.10.0 |
2.10.3 |
 |
|
Imola:
topprestatie Jack |
 |
|
© MOTOR Magazine |
De training voor de 500 cc had op vrijdag en zaterdag reeds de nodige opwinding veroorzaakt. Het karakter van het circuit van Imola betekende in
combinatie met het warme weer een zware belasting voor de banden van de 500 cc machines. Vooral de fabrieks-Suzuki's hadden
bandenproblemen, want terwijl Kenny Roberts op zijn Goodyearsloffen prima
uit de voeten scheen te kunnen, stapte Barry Sheene van zijn geloof en liet hij voor het eerst sinds jaren
Dunlops in plaats van Michelins monteren.
Barry wist daarmee weliswaar de snelste trainingstijd te realiseren (vijfhonderdste
seconde sneller dan Roberts), maar helemaal gelukkig was Barry toch niet met de Britse banden.
Wil Hartog was met de Michelinproducten al evenmin in zijn sas, maar hij besloot het er toch
maar
mee te doen.
Ferrari daarentegen probeerde zaterdagmiddag een nieuwe Michelinslick met een hardere compound die minder snel heet werd. Minder snel in elk geval dan Virginio gedacht had, want
in het derde trainingsrondje gleed het achterwiel bij een snelheid van 240 km/uur weg.
Aanvankelijk werd meegedeeld dat de snelle Italiaan een hersenschudding had opgelopen, maar
zondagmiddag, twee uur voor de aanvang van de 500 cc race, ondertekenden
niet minder dan drie (Italiaanse) artsen een attest, waarin ze verklaarden dat Ferrari fit genoeg was om te rijden.
De leden van de FIM-jury staken
nog even de hoofden bij elkaar, maar ze konden als leken op medisch gebied weinig tegen de drievoudige doktersverklaring inbrengen zodat Virginio
inderdaad aan de start verscheen. Ferrari was evenwel niet de enige 500 cc-coureur die er zaterdag stevig was afgestapt; tijdens
de training kreeg Hiroyuki Kawasaki, de Japanse Suzuki-fabrieksrijder, het op een
gegeven moment in zijn hoofd om de
pits in te sturen. Nu is dat in Imola een hachelijke onderneming want dat betekent dat je in de chicane rechtdoor moet rijden.
Dat deed Hiroyuki dan ook op volle snelheld, juist toen Jürgen Steiner
vlak voor hem zijn machine plat in de bocht gooide. Bij de daarop volgende ontmoeting
vloog de fiets van Steiner over drie (!) vanghekken heen en plofte neer op een plaats die enkele
seconden tevoren verlaten was door een groep fotografen. De plaats des onheils werd door de
organisator prompt tot verboden gebied verklaard.
|
Het
begin van de halveliterrace in Imola met Jack (#62) geheel links. |
 |
 |
|
Imola:
winnaar Roberts |
 |
|
Tweede
Virginio Ferrari |
|

|
|
 |
Bij de start van de 500 cc race was het niemand minder dan de Witte Reus die als eerste
weg spoot, gevolgd door Ferrari en Roberts. Hartog kwam ook als eerste terug uit de
openingsronde met Herron en Roberts op zijn hielen. Daarachter volgde een groep waarin keihard om elke meter werd geknokt door Van
Dulmen, Ferrari, Sheene, Middelburg en Parrish.
Wil wist ook in de tweede ronde de kop te behouden, maar in de derde ronde nam de
feestvreugde op de tribunes enigszins af, want Roberts had Hartog van de eerste plaats
verdrongen. Tom Herron was derde en Ferrari en Sheene vochten om de vierde plaats. Boet bezette
achter Mike Baldwin de zesde positie en Bernard Fau, Jack Middelburg en
Philippe Coulon wilden allemaal tegelijk op de achtste plaats rijden. In de twaalfde ronde kwam voor de Nederlanders de grote klap. Eerst werd Boet getroffen door
een krukaslager-defekt, en aan het eind van dezelfde ronde gaf Hartog bij het uitkomen van de
chicane iets teveel gas. Het achterwiel gleed naast de baan en Wil en de Suzuki kwamen in een wolk van stof tot stilstand.
De machine bleef nog
even liggen pruttelen en Wil probeerde verwoed de fiets weer overeind te tillen.
Dat lukte echter niet direct en bovendien was de schade wel zo ernstig dat er toch niet meer verder gereden had kunnen worden.
Over de reden van de crash vertelde Wil naderhand: "Ja, ik heb gewoon te veel gas gegeven onder de gegeven
omstandigheden. We hadden niet de goede achterband voor dit circuit, waar
door het vele accelereren de bandentemperatuur veel hoger oploopt dan op een stuurcircuit.
Dat bleek al in de tweede ronde. Ik ging glijdend door een snelle bocht, toen Kenny Roberts me buitenom voorbij kwam.
Daarna besloot ik het kalm aan te doen en op een tweede plaats te mikken. Maar ja.... Achteraf
hoorde ik dat Ferrari een speciale band van Michelin had gekregen, die specifiek voor dit soort circuits is ontwikkeld. Die
hadden ze mij ook moeten geven.... Ferrari profiteerde volop van diezelfde band die hem in de training zo hard ten val had
gebracht, en ook van zijn blessures scheen hij hoegenaamd geen hinder te ondervinden.
Hij
schudde
eerst Sheene af en passeerde vervolgens Herron in zijn jacht op kopman Roberts.
King Kenny was echter niet te achterhalen en won onbedreigd. Sheene en Baldwin finishten achter Herron in vierde en
vijfde positie en Jack Middelburg, die Coulon had kunnen afschudden,
eindigde na zijn langdurige gevecht met Bernard Fau achter Fau op een
fraaie zevende plaats. Giovanni Rossi bracht de nieuwe Morbidelli viercilinder achter Coulon als negende binnen, terwijl de
top tien werd volgemaakt door de Italiaan Giovanni Pelletier. Jack had zijn vier WK-punten echter niet cadeau
gekregen. Hij vertelde na afloop: "In de eerste ronde werd ik van achteren
geramd en op een
gegeven moment kreeg ik in een lange rechterbocht mijn poot onder de
fiets.
Dat voelt niet zo lekker".
Het resultaat van die "poot" was
dan ook duidelijk zichtbaar. Jack had zijn knie niet kunnen optrekken, maar moest
desondanks de machine plat leggen, waarbij zijn rechterbeen in de knel kwam tussen fiets en
asfalt. Van de Teflonslijtstukken die door Ad Damen op de knieën van
Jack's overall waren gestikt, was het rechter exemplaar volkomen
doorgesleten. Ook het leer van de overall en het vel van Jacks knie waren verdwenen....
Er was nog meer verdwenen: toen we Jacks machine bekeken, misten we het deksel van het
achterremreservoir. Ook de remvloeistof was nergens meer te bekennen.
"Verrek", reageerde Jack toen we hem hierop opmerkzaam maakten, "dus daarom
deed
die achterrem het tegen het eind niet meer!"
"Normaal zet ik zulke dingen nog extra vast met tape", verklaarde Middelburgs monteur Adri
v.d. Broeke. "Maar het goeie soort tape was op. Enfin, we weten nu dat het zo
niet
kan".
|
Uitslag
500cc Imola (29
ronden) |
|
 
|
| 1. |
Kenny Roberts |
USA |
Yamaha |
56.49.7 |
|
| 2. |
Virginio Ferrari |
I |
Suzuki |
57.00.6 |
| 3. |
Tom Herron |
N-Ier |
Suzuki |
57.07.1 |
| 4. |
Barry
Sheene |
GB |
Suzuki |
57.21.6 |
| 5. |
Mike Baldwin |
USA |
Suzuki |
57.30.3 |
| 6. |
Benard Fau |
F |
Suzuki |
57.40.7 |
| 7. |
Jack
Middelburg |
NL |
Suzuki |
57.44.7 |
| 8. |
Philippe Coulon |
CH |
Suzuki |
57.50.7 |
| 9. |
Graziano Rossi |
I |
Morbidelli |
58.29.4 |
| 10. |
Giovanni Pelletier |
I |
Suzuki |
1 ronde |
| 11. |
Steve Parrish |
GB |
Suzuki |
1
ronde |
| 12. |
Max Wiener |
A |
Suzuki |
1
ronde |
| 13. |
Alex George |
GB |
Yamaha |
1
ronde |
| 14. |
Werner Nenning |
A |
Suzuki |
1
ronde |
| 15. |
Seppo Rossi |
SF |
Suzuki |
1
ronde |
| 16. |
Rafaelle
Pasqual |
I |
Suzuki |
1
ronde |
| 17. |
Sergio Pellandini |
CH |
Suzuki |
2
ronden |
|
- |
Christian Sarron |
F |
Yamaha |
Machine |
|
- |
Franco Uncini |
I |
Suzuki |
Machine |
|
- |
Leandro Beccheroni |
I |
Yamaha |
Machine |
|
- |
Boet
van Dulmen |
NL |
Suzuki |
Machine |
|
- |
Wil Hartog |
NL |
Suzuki |
Valpartij |
|
- |
Carlo Perugini |
I |
Suzuki |
Valpartij |
|
- |
Lorenzo Ghiselli |
I |
Suzuki |
Machine |
|
- |
Dennis Ireland |
Nzl |
Suzuki |
Machine |
|
- |
Marco Lucchinelli |
I |
Suzuki |
Machine |
|
- |
Mick Grant |
GB |
Suzuki |
Machine |
|
- |
Michel Rougerie |
F |
Suzuki |
Machine |
|
- |
Gianni Rolando |
I |
Suzuki |
Valpartij |
|
- |
Carlo Paganini |
I |
Suzuki |
Machine |
|
- |
Hiroyuki Kawasaki |
J |
Suzuki |
Niet gestart |
| "
Jack over
Jack" GP
Italië, Imola |
|
In tegenstelling tot de twee vorige GP’s was het hier in
Italië prachtig weer. Je voelt je dan
gelijk een heel ander mens, hoewel de verandering van
weersgesteldheid toch op velerlei manieren aanpassing vergt,
zowel wat mens als machine betreft.
Bij de training ging het even fout met de RG4, maar
de moeilijkheden waren gauw verholpen en ik was in no time weer
op de baan met mijn fiets. Er werd een tiende starttijd voor mij
afgedrukt; precies zoals ik het had voorgesteld. Tijdens de start voor de
wedstrijd zat ik heel even tegen Kenny Roberts aan, hetgeen een
quick start onmogelijk maakte. Hoofdzaak was echter
dat mijn machine niets mankeerde. Bij doorkomst in de tweede ronde zat ik op een negende plaats. Zoals ik bij de aanvang al schreef was het goed heet, zo een graad of 35.
Hierdoor begon mijn motor iets te glijden en omdat ik me ook
nu weer voorgenomen had deze course uit te rijden, nam ik zo min
mogelijk risico. Beste mensen, denk nu niet,
dat Jack bang is geworden. Geen sprake van. De praktijk heeft
echter uitgewezen, dat het principe "alles uit de
kast" meestal een fatale afloop
heeft. Geen van de coureurs kan vooruit zeggen, dat hij de
finish haalt. Daarvoor zijn er teveel onberekenbare factoren in
deze sport. Maar er bestaat wel een principieel verschil tussen
risico nemen en risico nemen. Mijn laatste twee GP's hebben aangetoond dat ik mijn lesje uit het verleden geleerd heb. Maar terug naar de wedstrijd. Wil
Hartog,
die bij het begin van de race in de
voorste gelederen streed, kwam op een gegeven ogenblik te vallen en ik reed dus
(weer) op een zevende plaats. Tot aan de finish heb ik die kunnen
behouden, hetgeen mij weer 4 punten voor het WK opleverde.
Na enig rekenwerk
kom ik tot de conclusie, dat ik momenteel op de tiende
plaats sta voor het wereldkampioenschap! Uiteraard ben ik daar
blij mee, vooral
voor mijn sponsor en natuurlijk voor
mijn
fans. Maar later we niet te vroeg juichen. Het seizoen is nog
jong en er kan nog van alles gebeuren. De volgende GP in Spanje
b.v. zal niet makkelijk voor me zijn. Ik ken dat circuit
helemaal niet. We blijven echter optimistisch en hopen, dat ik
ook daar weer bij de eerste vijftien zit. Ik heb nu wel een heel
brok belevenissen over mezelf
geschreven. Niet onvermeld mag blijven het gebuffel van Adri,
die er telkens weer voor zorgt, dat ik met een optimaal
draaiende machine aan de start kom. Zelfs al moet hij af en toe
een nachtje "doorschoffelen" om de zaak voor 100% rond
te krijgen. Ook dat is een prestatie,
die
op zijn juiste waarde geschat dient te worden.
|
 |
Gezin
Middelburg, Jack sr., Petra en Jacky jr., mei 1979.
Telegraaf
18-05-1979
&
Algemeen
Dagblad 19-05-1979 |
 |
 |
20-05-1979
Grand Prix Spanje, Jarama

|
Deelnemers
500cc Jarama 1979 |
| 1. |
Kenny
Roberts (USA) |
15. |
Seppo Rossi (SF) |
24. |
Jürgen
Steiner (D) |
33. |
Jack
Middelburg |
| 3. |
Wil Hartog |
16. |
Graziano
Rossi (I) |
25. |
Henk
de Vries |
34. |
Kevin
stowe (GB) |
| 4. |
Johnny
Cecotto (Ven) |
17. |
Mick Grant (GB) |
26. |
Tom Herron (Ier) |
35. |
Carlo Perugini (I) |
| 5. |
Takazumi
Katayama (J) |
18. |
John Newbold (GB) |
27. |
Peter
Sjöström (S) |
36. |
José Matias (P) |
| 6. |
Steve Parrish (GB) |
19. |
Sergio Pellandini (I) |
28. |
Dennis
Ireland (Nzl) |
37. |
Carlos
Morante (ES) |
|
7. |
Barry
Sheene (GB) |
20. |
Christian Sarron (F) |
29. |
Hiroyuki
Kawasaki (J) |
38. |
Gerhard
Vogt (D) |
|
11. |
Virginio
Ferrari (I) |
21. |
Philippe
Coulon (CH) |
30. |
Lorenzo
Ghiselli (I) |
44. |
Antonio Garcia (ES) |
|
12. |
Max Wiener (A) |
22. |
Franco
Uncini (I) |
31. |
Lennart
Bäckström (S) |
45. |
Carlos San Antonio
(ES) |
| 14. |
Boet
van Dulmen |
23. |
Max
Nöthiger (D) |
32. |
Gustav
Reiner (D) |
? |
Seppo Ojala (SF) |
|
18/19
mei 1979, Grand Prix Spanje, circuit Jarama |
|
Trainingstijden
500cc klasse Imola, de tijden zijn de snelste in de
betreffende trainingssessie. |
|
Positie |
Rijder |
1e
trainingssessie |
2e
trainingssessie |
3e
trainingssessie |
4e
trainingssessie |
|
1. |
Mike Baldwin |
1.37.8 |
1.35.5 |
1.36.6 |
1.34.4 |
|
2. |
Kenny Roberts
|
1.37.0 |
1.36.4 |
1.34.9 |
1.35.9 |
|
3. |
Virginio Ferrari |
1.43.4 |
1.38.6 |
1.36.4 |
1.35.4 |
|
4. |
Bernard Fau |
1.49.2 |
1.36.5 |
1.35.5 |
-- |
|
5. |
Boet van Dulmen |
1.36.8 |
1.36.7 |
1.35.5 |
1.36.1 |
|
6. |
Franco Uncini |
1.39.6 |
1.35.7 |
1.36.2 |
1.35.6 |
|
7. |
Wil Hartog |
1.40.0 |
1.38.1 |
1.36.5 |
1.35.7 |
|
8. |
Barry Sheene |
1.38.9 |
1.36.2 |
1.36.3 |
1.36.5 |
|
9. |
Michel Rougerie |
1.38.6 |
1.36.9 |
1.38.2 |
1.36.3 |
|
10. |
Tom Herron |
1.40.4 |
1.36.5 |
1.36.6 |
1.36.7 |
|
11. |
Jack
Middelburg |
1.39.7 |
1.36.7 |
1.37.3 |
1.36.5 |
|
12. |
Philippe Coulon |
2.00.3 |
1.39.2 |
1.36.6 |
1.36.9 |
|
13. |
Marco Lucchinelli |
1.41.5 |
1.36.9 |
1.36.7 |
1.37.2 |
|
14. |
Graziano Rossi |
1.42.8 |
1.38.6 |
1.36.9 |
1.39.0 |
|
15. |
Steve Parrish |
1.41.9 |
1.39.4 |
1.39.2 |
1.38.8 |
|
16. |
Giovanni Pelletier |
1.46.5 |
1.42.5 |
1.38.9 |
-- |
|
17. |
Seppo Rossi |
1.43.0 |
1.39.0 |
1.40.0 |
1.41.1 |
|
18. |
Hiroyuki Kawasaki |
1.44.9 |
1.41.2 |
1.41.5 |
1.39.1 |
|
19. |
Lennart Bäckström |
1.44.1 |
1.39.6 |
1.41.2 |
1.39.9 |
|
20. |
Gustav Reiner |
1.46.0 |
1.43.9 |
1.40.2 |
1.41.1 |
|
21. |
Lorenzo Ghiselli |
1.53.1 |
1.43.0 |
1.40.2 |
1.41.1 |
|
22. |
Sergio Pellandini |
1.50.4 |
1.40.5 |
1.42.3 |
1.43.1 |
|
23. |
Kevin Stowe |
1.47.6 |
1.41.6 |
1.40.6 |
1.41.1 |
| 24. |
Peter Sjöström |
1.44.8 |
1.41.7 |
1.40.9 |
1.40.7 |
| 25. |
Max Nöthiger |
1.47.3 |
1.43.8 |
1.43.9 |
1.41.9 |
| 26. |
Henk de Vries |
1.48.6 |
1.43.4 |
1.42.9 |
1.42.4 |
| 27. |
Gerhard Vogt |
1.54.3 |
1.43.3 |
1.42.9 |
1.44.2 |
| 28. |
Antonio Garcia |
-- |
1.45.7 |
1.44.9 |
1.46.2 |
Spanje (Jarama)
bracht ook weer een zevende plaats, nu na een race lang "gevochten"
te hebben met de Zwitser Philippe Coulon
en de Fransman (twee hele goeie coureurs in de jaren 70/80) Michel
Rougerie (†) (kwam
om het leven tijdens de GP van Joegoslavië in 1981). Tezamen met Marco
Lucchineli vocht dit kwartet om de 7e plaats, die uiteindelijk dus
door 'de Briet' opgeëist werd. Jack reed een hele slimme race. Hij
bleef heel lang aan het wiel van de zeer ervaren Rougerie zitten, op
korte afstand gevolgd door Philippe Coulon en Marco Lucchinelli. Pas in
de slotfase gooide Jack er een schepje bovenop en gaf hij Rougerie en de
rest het nakijken. Voor de derde achtereenvolgende keer was
Kenny Ro
| |